Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Ministerieel Besluit van 19/02/2000
← Terug naar "Ministerieel besluit tot vaststelling van de schema's met de voorwaarden waaraan teeltmateriaal van siergewassen en siergewassen moeten voldoen, van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot het toezicht op en de controle van leveranciers van deze materialen, van hun bedrijven en van de laboratoria, van de erkenning van de laboratoria en van aanvullende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de door leveranciers bij te houden lijsten van bovenvermelde gewassen "
Ministerieel besluit tot vaststelling van de schema's met de voorwaarden waaraan teeltmateriaal van siergewassen en siergewassen moeten voldoen, van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot het toezicht op en de controle van leveranciers van deze materialen, van hun bedrijven en van de laboratoria, van de erkenning van de laboratoria en van aanvullende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de door leveranciers bij te houden lijsten van bovenvermelde gewassen Ministerieel besluit tot vaststelling van de schema's met de voorwaarden waaraan teeltmateriaal van siergewassen en siergewassen moeten voldoen, van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot het toezicht op en de controle van leveranciers van deze materialen, van hun bedrijven en van de laboratoria, van de erkenning van de laboratoria en van aanvullende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de door leveranciers bij te houden lijsten van bovenvermelde gewassen
MINISTERIE VAN MIDDENSTAND EN LANDBOUW MINISTERIE VAN MIDDENSTAND EN LANDBOUW
19 FEBRUARI 2000. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de 19 FEBRUARI 2000. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de
schema's met de voorwaarden waaraan teeltmateriaal van siergewassen en schema's met de voorwaarden waaraan teeltmateriaal van siergewassen en
siergewassen moeten voldoen, van de uitvoeringsbepalingen met siergewassen moeten voldoen, van de uitvoeringsbepalingen met
betrekking tot het toezicht op en de controle van leveranciers van betrekking tot het toezicht op en de controle van leveranciers van
deze materialen, van hun bedrijven en van de laboratoria, van de deze materialen, van hun bedrijven en van de laboratoria, van de
erkenning van de laboratoria en van aanvullende uitvoeringsbepalingen erkenning van de laboratoria en van aanvullende uitvoeringsbepalingen
met betrekking tot de door leveranciers bij te houden lijsten van met betrekking tot de door leveranciers bij te houden lijsten van
bovenvermelde gewassen bovenvermelde gewassen
De Minister van Landbouw en Middenstand, De Minister van Landbouw en Middenstand,
Gelet op de wet van 11 juli 1969 betreffende de bestrijdingsmiddelen Gelet op de wet van 11 juli 1969 betreffende de bestrijdingsmiddelen
en de grondstoffen voor de landbouw, tuinbouw, bosbouw en veeteelt, en de grondstoffen voor de landbouw, tuinbouw, bosbouw en veeteelt,
gewijzigd door de wet van 5 februari 1999; gewijzigd door de wet van 5 februari 1999;
Gelet op de wet van 2 april 1971 betreffende de bestrijding van voor Gelet op de wet van 2 april 1971 betreffende de bestrijding van voor
planten en plantaardige producten schadelijke organismen, gewijzigd planten en plantaardige producten schadelijke organismen, gewijzigd
door de wet van 5 februari 1999; door de wet van 5 februari 1999;
Gelet op de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in landbouw-, Gelet op de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in landbouw-,
tuinbouw- en zeevisserijproducten, gewijzigd bij de wetten van 11 tuinbouw- en zeevisserijproducten, gewijzigd bij de wetten van 11
april 1983, van 29 december 1990 en van 5 februari 1999; april 1983, van 29 december 1990 en van 5 februari 1999;
Gelet op het koninklijk besluit van 3 mei 1994 betreffende de Gelet op het koninklijk besluit van 3 mei 1994 betreffende de
bestrijding van voor planten en plantaardige producten schadelijke bestrijding van voor planten en plantaardige producten schadelijke
organismen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 10 april 1995; organismen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 10 april 1995;
Gelet op het koninklijk besluit van 15 mei 1995 betreffende het in de Gelet op het koninklijk besluit van 15 mei 1995 betreffende het in de
handel brengen van fruitgewassen die voor de fruitteelt worden handel brengen van fruitgewassen die voor de fruitteelt worden
gebruikt, van siergewassen, van groentegewassen en van teeltmateriaal gebruikt, van siergewassen, van groentegewassen en van teeltmateriaal
van deze gewassen met uitzondering van groentezaad, inzonderheid op van deze gewassen met uitzondering van groentezaad, inzonderheid op
artikel 4, § 2, artikel 6, § 2, artikel 6, § 4 en artikel 9, § 6 van artikel 4, § 2, artikel 6, § 2, artikel 6, § 4 en artikel 9, § 6 van
dit koninklijk besluit; dit koninklijk besluit;
Gelet op Richtlijn 93/49/EEG van de Commissie van 23 juni 1993 tot Gelet op Richtlijn 93/49/EEG van de Commissie van 23 juni 1993 tot
vaststelling van het schema met de voorwaarden waaraan siergewassen en vaststelling van het schema met de voorwaarden waaraan siergewassen en
teeltmateriaal daarvan overeenkomstig artikel 4 van Richtlijn teeltmateriaal daarvan overeenkomstig artikel 4 van Richtlijn
91/682/EEG van de Raad moeten voldoen; 91/682/EEG van de Raad moeten voldoen;
Gelet op Richtlijn 93/63/EEG van de Commissie van 5 juli 1993 tot Gelet op Richtlijn 93/63/EEG van de Commissie van 5 juli 1993 tot
vaststelling van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot het vaststelling van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot het
toezicht op en de controle van leveranciers en bedrijven toezicht op en de controle van leveranciers en bedrijven
overeenkomstig Richtlijn 91/682/EEG van de Raad betreffende het in de overeenkomstig Richtlijn 91/682/EEG van de Raad betreffende het in de
handel brengen van teeltmateriaal van siergewassen, alsmede van handel brengen van teeltmateriaal van siergewassen, alsmede van
siergewassen; siergewassen;
Gelet op Richtlijn 93/78/EEG van de Commissie van 21 september 1993 Gelet op Richtlijn 93/78/EEG van de Commissie van 21 september 1993
tot vaststelling van aanvullende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot vaststelling van aanvullende uitvoeringsbepalingen met betrekking
tot de door leveranciers op grond van Richtlijn 91/682/EEG van de Raad tot de door leveranciers op grond van Richtlijn 91/682/EEG van de Raad
bij te houden lijsten van siergewassen en teeltmateriaal daarvan; bij te houden lijsten van siergewassen en teeltmateriaal daarvan;
Gelet op het overleg met de Gewestregeringen; Gelet op het overleg met de Gewestregeringen;
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli
1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996; 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;
Gelet op de hoogdringendheid; Gelet op de hoogdringendheid;
Overwegende, enerzijds dat het noodzakelijk is de reglementering aan Overwegende, enerzijds dat het noodzakelijk is de reglementering aan
te vullen en overzichtelijker te maken, anderzijds de betrokken te vullen en overzichtelijker te maken, anderzijds de betrokken
operatoren ervan in te lichten vóór het begin van het nieuw operatoren ervan in te lichten vóór het begin van het nieuw
teeltseizoen, teeltseizoen,
Besluit : Besluit :
HOOFDSTUK I. - Definities en schema's met de voorwaarden waaraan HOOFDSTUK I. - Definities en schema's met de voorwaarden waaraan
materiaal van siergewassen moet voldoen materiaal van siergewassen moet voldoen
Definities Definities

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder :

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder :

a) het koninklijk besluit : het koninklijk besluit van 15 mei 1995 a) het koninklijk besluit : het koninklijk besluit van 15 mei 1995
betreffende het in de handel brengen van fruitgewassen die voor de betreffende het in de handel brengen van fruitgewassen die voor de
fruitteelt worden gebruikt, van siergewassen, van groentegewassen en fruitteelt worden gebruikt, van siergewassen, van groentegewassen en
van teeltmateriaal van deze gewassen met uitzondering van groentezaad; van teeltmateriaal van deze gewassen met uitzondering van groentezaad;
b) het Ministerie : het Ministerie van Middenstand en Landbouw, b) het Ministerie : het Ministerie van Middenstand en Landbouw,
Bestuur van de kwaliteit van de grondstoffen en van de plantaardige Bestuur van de kwaliteit van de grondstoffen en van de plantaardige
sektor (DG4), Bestuur aangewezen als verantwoordelijke officiële sektor (DG4), Bestuur aangewezen als verantwoordelijke officiële
instantie; instantie;
c) de Minister : de Minister die de landbouw onder zijn bevoegdheid c) de Minister : de Minister die de landbouw onder zijn bevoegdheid
heeft; heeft;
d) de Dienst : één van de diensten ressorterend onder de d) de Dienst : één van de diensten ressorterend onder de
Inspectie-generaal Planten en Plantaardige Producten (IG42) van Inspectie-generaal Planten en Plantaardige Producten (IG42) van
voormeld Bestuur DG4; voormeld Bestuur DG4;
e) referentielaboratoria : de laboratoria die afhangen van de e) referentielaboratoria : de laboratoria die afhangen van de
Wetenschappelijke Instellingen bij het Bestuur voor Onderzoek en Wetenschappelijke Instellingen bij het Bestuur voor Onderzoek en
Ontwikkeling (DG6) van het Ministerie van Middenstand en Landbouw, Ontwikkeling (DG6) van het Ministerie van Middenstand en Landbouw,
vermeld in bijlage III van dit besluit; vermeld in bijlage III van dit besluit;
f) erkend laboratorium : elk op basis van hoofdstuk III van huidig f) erkend laboratorium : elk op basis van hoofdstuk III van huidig
besluit erkend laboratorium; besluit erkend laboratorium;
g) schadelijke organismen : zijn organismen vermeld in bijlage I van g) schadelijke organismen : zijn organismen vermeld in bijlage I van
huidig besluit; huidig besluit;
h) EG-kwaliteit : de categorie van teeltmateriaal en plantgoed van h) EG-kwaliteit : de categorie van teeltmateriaal en plantgoed van
groentengewassen, met uitzondering van zaad, die voldoet aan de groentengewassen, met uitzondering van zaad, die voldoet aan de
minimumeisen opgesteld op basis van de in dit besluit behandelde minimumeisen opgesteld op basis van de in dit besluit behandelde
schema's en voorschriften; schema's en voorschriften;

Art. 2.§ 1. In dit hoofdstuk worden de in artikel 4, § 2 van het

Art. 2.§ 1. In dit hoofdstuk worden de in artikel 4, § 2 van het

koninklijk besluit bedoelde schema's vastgesteld, met inbegrip van de koninklijk besluit bedoelde schema's vastgesteld, met inbegrip van de
in artikel 11, § 3 van dat besluit bedoelde voorschriften inzake in artikel 11, § 3 van dat besluit bedoelde voorschriften inzake
etikettering en/of plombering en verpakking. Deze schema's zijn in etikettering en/of plombering en verpakking. Deze schema's zijn in
bijlage I van huidig besluit voorgesteld. bijlage I van huidig besluit voorgesteld.
§ 2. De schema's hebben betrekking op teeltmateriaal, onderstammen § 2. De schema's hebben betrekking op teeltmateriaal, onderstammen
inbegrepen, al dan niet in het stadium van staand gewas en op daarvan inbegrepen, al dan niet in het stadium van staand gewas en op daarvan
afgeleide siergewassen van alle in bijlage II van het koninklijk afgeleide siergewassen van alle in bijlage II van het koninklijk
besluit vermelde geslachten en soorten alsmede op de in artikel 4, § besluit vermelde geslachten en soorten alsmede op de in artikel 4, §
2, 2° van ditzelfde koninklijk besluit bedoelde onderstammen van 2, 2° van ditzelfde koninklijk besluit bedoelde onderstammen van
andere geslachten en soorten ongeacht het toegepaste andere geslachten en soorten ongeacht het toegepaste
vermeerderingssysteem, hierna "het materiaal van EG-kwaliteit" of het vermeerderingssysteem, hierna "het materiaal van EG-kwaliteit" of het
materiaal » genoemd. materiaal » genoemd.

Art. 3.Het materiaal moet in voorkomend geval voldoen aan de

Art. 3.Het materiaal moet in voorkomend geval voldoen aan de

relevante fytosanitaire eisen vastgesteld bij het koninklijk besluit relevante fytosanitaire eisen vastgesteld bij het koninklijk besluit
van 3 mei 1994 betreffende de bestrijding van voor planten en van 3 mei 1994 betreffende de bestrijding van voor planten en
plantaardige producten schadelijke organismen. plantaardige producten schadelijke organismen.

Art. 4.§ 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 3 van huidig besluit

Art. 4.§ 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 3 van huidig besluit

moet het materiaal vrij zijn van, althans met het blote oog moet het materiaal vrij zijn van, althans met het blote oog
waarneembare, schadelijke organismen en ziekten die de kwaliteit van waarneembare, schadelijke organismen en ziekten die de kwaliteit van
het materiaal aantasten, en van tekenen of symptomen van die het materiaal aantasten, en van tekenen of symptomen van die
schadelijke organismen of ziekten die de gebruikswaarde van het schadelijke organismen of ziekten die de gebruikswaarde van het
teeltmateriaal of de siergewassen schaden, en vooral van deze die in teeltmateriaal of de siergewassen schaden, en vooral van deze die in
bijlage I van huidig besluit voor de betrokken soorten of geslachten bijlage I van huidig besluit voor de betrokken soorten of geslachten
worden vermeld. worden vermeld.
§ 2. Alle materiaal met, in het stadium van staand gewas, zichtbare § 2. Alle materiaal met, in het stadium van staand gewas, zichtbare
tekenen of symptomen van de in § 1 van huidig artikel bedoelde tekenen of symptomen van de in § 1 van huidig artikel bedoelde
schadelijke organismen of ziekten moet, zodra deze tekenen of schadelijke organismen of ziekten moet, zodra deze tekenen of
symptomen optreden, op adequate wijze worden behandeld of, zo nodig, symptomen optreden, op adequate wijze worden behandeld of, zo nodig,
worden verwijderd. worden verwijderd.
§ 3. Voor materiaal van citrusgewassen moet bovendien aan de volgende § 3. Voor materiaal van citrusgewassen moet bovendien aan de volgende
bepalingen worden voldaan : bepalingen worden voldaan :
1° het materiaal moet afkomstig zijn van uitgangsmateriaal dat bij 1° het materiaal moet afkomstig zijn van uitgangsmateriaal dat bij
controle vrij is bevonden van symptomen van de voor dat materiaal in controle vrij is bevonden van symptomen van de voor dat materiaal in
de bijlage I van huidig besluit vermelde virussen, virusachtige de bijlage I van huidig besluit vermelde virussen, virusachtige
organismen of ziekten; organismen of ziekten;
2° het moet sedert het begin van de laatste vegetatiecyclus bij 2° het moet sedert het begin van de laatste vegetatiecyclus bij
controle nagenoeg vrij bevonden zijn van dergelijke virussen, controle nagenoeg vrij bevonden zijn van dergelijke virussen,
virusachtige organismen of ziekten; virusachtige organismen of ziekten;
3° indien het entmateriaal betreft moet het materiaal geënt zijn op 3° indien het entmateriaal betreft moet het materiaal geënt zijn op
onderstammen die niet gevoelig zijn voor viroïden. onderstammen die niet gevoelig zijn voor viroïden.
§ 4. Voor bloembollen moet bovendien aan de volgende bepalingen worden § 4. Voor bloembollen moet bovendien aan de volgende bepalingen worden
voldaan : het teeltmateriaal moet rechtstreeks afkomstig zijn van voldaan : het teeltmateriaal moet rechtstreeks afkomstig zijn van
materiaal dat in het stadium van staand gewas gecontroleerd is en materiaal dat in het stadium van staand gewas gecontroleerd is en
nagenoeg vrij bevonden is van de in § 1 van huidig artikel bedoelde nagenoeg vrij bevonden is van de in § 1 van huidig artikel bedoelde
schadelijke organismen en ziekten, dan wel tekenen of symptomen schadelijke organismen en ziekten, dan wel tekenen of symptomen
daarvan, en meer bepaald vrij van die welke in bijlage I van huidig daarvan, en meer bepaald vrij van die welke in bijlage I van huidig
besluit zijn vermeld. besluit zijn vermeld.

Art. 5.§ 1. Het materiaal moet de gepaste identiteit hebben en

Art. 5.§ 1. Het materiaal moet de gepaste identiteit hebben en

voldoende zuiver zijn wat geslacht of soort of, in voorkomend geval, voldoende zuiver zijn wat geslacht of soort of, in voorkomend geval,
plantengroep betreft en, wanneer het met verwijzing naar het ras plantengroep betreft en, wanneer het met verwijzing naar het ras
overeenkomstig artikel 9, § 1, 1° van het koninklijk besluit in de overeenkomstig artikel 9, § 1, 1° van het koninklijk besluit in de
handel wordt gebracht of daartoe bestemd is, ook de gepaste identiteit handel wordt gebracht of daartoe bestemd is, ook de gepaste identiteit
hebben en voldoende zuiver zijn wat het ras betreft. hebben en voldoende zuiver zijn wat het ras betreft.
§ 2. Voor algemeen bekende rassen, als bedoeld in artikel 9, § 2, 1° § 2. Voor algemeen bekende rassen, als bedoeld in artikel 9, § 2, 1°
van het koninklijk besluit dient de leverancier de officiële benaming van het koninklijk besluit dient de leverancier de officiële benaming
van het ras te gebruiken. van het ras te gebruiken.
§ 3. Voor rassen waarover reeds een aanvraag voor kwekersrechten of § 3. Voor rassen waarover reeds een aanvraag voor kwekersrechten of
officiële registratie als bedoeld in artikel 9, § 2, 1° van het officiële registratie als bedoeld in artikel 9, § 2, 1° van het
koninklijk besluit is ingediend moet in afwachting dat de machtiging koninklijk besluit is ingediend moet in afwachting dat de machtiging
wordt afgeleverd de referentie van het kweekproduct of de voorgestelde wordt afgeleverd de referentie van het kweekproduct of de voorgestelde
benaming worden gebruikt. benaming worden gebruikt.
§ 4. Voor rassen die op de lijsten van leveranciers voorkomen § 4. Voor rassen die op de lijsten van leveranciers voorkomen
overeenkomstig artikel 9, § 2, 2° van het koninklijk besluit, moet overeenkomstig artikel 9, § 2, 2° van het koninklijk besluit, moet
voor de in § 1 van huidig artikel bedoelde vereisten ten aanzien van voor de in § 1 van huidig artikel bedoelde vereisten ten aanzien van
het ras van de gedetailleerde beschrijving in de lijsten van de het ras van de gedetailleerde beschrijving in de lijsten van de
leveranciers worden uitgegaan. leveranciers worden uitgegaan.

Art. 6.§ 1. Het materiaal moet vrij zijn van alle mogelijke gebreken

Art. 6.§ 1. Het materiaal moet vrij zijn van alle mogelijke gebreken

die de kwaliteit van het teeltmateriaal of plantgoed verminderen. die de kwaliteit van het teeltmateriaal of plantgoed verminderen.
§ 2. Het materiaal moet de nodige groeikracht hebben en voldoende § 2. Het materiaal moet de nodige groeikracht hebben en voldoende
groot zijn om als siergewas of teeltmateriaal te kunnen worden groot zijn om als siergewas of teeltmateriaal te kunnen worden
gebruikt. Wortels, stammen en bladeren moeten bovendien de geëigende gebruikt. Wortels, stammen en bladeren moeten bovendien de geëigende
afmetingen en verhoudingen hebben. afmetingen en verhoudingen hebben.
§ 3. Zaad moet, naast de in § 1 vermelde voorwaarden, ook voldoende § 3. Zaad moet, naast de in § 1 vermelde voorwaarden, ook voldoende
kiemkracht hebben. kiemkracht hebben.

Art. 7.§ 1. Het in artikel 11, § 2 van het koninklijk besluit

Art. 7.§ 1. Het in artikel 11, § 2 van het koninklijk besluit

bedoelde document van de leverancier dat het materiaal dient te bedoelde document van de leverancier dat het materiaal dient te
vergezellen moet vervaardigd zijn van een daartoe geschikt materiaal vergezellen moet vervaardigd zijn van een daartoe geschikt materiaal
dat nog niet eerder is gebruikt en in ten minste één van de officiële dat nog niet eerder is gebruikt en in ten minste één van de officiële
talen van de Gemeenschap zijn gedrukt. Het dient de volgende gegevens talen van de Gemeenschap zijn gedrukt. Het dient de volgende gegevens
te bevatten : te bevatten :
1° de vermelding "EG-kwaliteit"; 1° de vermelding "EG-kwaliteit";
2° de aanduiding van de code van België : (BE); 2° de aanduiding van de code van België : (BE);
3° de vermelding "Ministerie van Landbouw, Bestuur voor de kwaliteit 3° de vermelding "Ministerie van Landbouw, Bestuur voor de kwaliteit
van de grondstoffen en de plantaardige sector » of de code van dit van de grondstoffen en de plantaardige sector » of de code van dit
Bestuur : (DG 4); Bestuur : (DG 4);
4° het inschrijvings- of erkennings-nummer; 4° het inschrijvings- of erkennings-nummer;
5° de naam van de leverancier; 5° de naam van de leverancier;
6° het individueel volgnummer, weeknummer of serienummer; 6° het individueel volgnummer, weeknummer of serienummer;
7° de datum waarop het document van de leverancier is afgegeven; 7° de datum waarop het document van de leverancier is afgegeven;
8° de botanische benaming; 8° de botanische benaming;
9° eventueel, de benaming van het ras. Voor onderstammen : benaming of 9° eventueel, de benaming van het ras. Voor onderstammen : benaming of
aanduiding van het ras; aanduiding van het ras;
10° eventueel, de benaming van de plantengroep; 10° eventueel, de benaming van de plantengroep;
11° de hoeveelheid; 11° de hoeveelheid;
12° bij de invoer uit een derde land op grond van artikel 16 van het 12° bij de invoer uit een derde land op grond van artikel 16 van het
koninklijk besluit de naam van het land waar het materiaal werd koninklijk besluit de naam van het land waar het materiaal werd
geoogst. geoogst.
§ 2. Wanneer het materiaal is vergezeld van een plantenpaspoort § 2. Wanneer het materiaal is vergezeld van een plantenpaspoort
overeenkomstig het voornoemd koninklijk besluit van 3 mei 1994 kan het overeenkomstig het voornoemd koninklijk besluit van 3 mei 1994 kan het
plantenpaspoort als het in § 1 van huidig artikel bedoelde document plantenpaspoort als het in § 1 van huidig artikel bedoelde document
van de leverancier gelden, mits daarop de vermelding "EG-kwaliteit" en van de leverancier gelden, mits daarop de vermelding "EG-kwaliteit" en
de naam of de code van het Bestuur voor de kwaliteit van de de naam of de code van het Bestuur voor de kwaliteit van de
grondstoffen en de plantaardige sector zijn aangebracht alsmede de grondstoffen en de plantaardige sector zijn aangebracht alsmede de
benaming van het ras, de onderstam of de plantengroep. Deze gegevens benaming van het ras, de onderstam of de plantengroep. Deze gegevens
mogen op het plantenpaspoort zelf vermeld worden maar dienen duidelijk mogen op het plantenpaspoort zelf vermeld worden maar dienen duidelijk
van de overige tekst gescheiden te worden. van de overige tekst gescheiden te worden.
HOOFDSTUK II. - Toezicht op en controle van leveranciers en hun HOOFDSTUK II. - Toezicht op en controle van leveranciers en hun
bedrijven bedrijven

Art. 8.In dit hoofdstuk worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld

Art. 8.In dit hoofdstuk worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld

bedoeld in artikel 6, § 4 van het koninklijk besluit met betrekking bedoeld in artikel 6, § 4 van het koninklijk besluit met betrekking
tot het toezicht op en de controle van de leveranciers, met tot het toezicht op en de controle van de leveranciers, met
uitzondering van die waarvan de werkzaamheden zich beperken tot het in uitzondering van die waarvan de werkzaamheden zich beperken tot het in
de handel brengen van teeltmateriaal van siergewassen en van de handel brengen van teeltmateriaal van siergewassen en van
siergewassen, en van hun bedrijven. Deze maatregelen zijn van siergewassen, en van hun bedrijven. Deze maatregelen zijn van
toepassing wanneer de controles bedoeld in artikel 5, § 2 van het toepassing wanneer de controles bedoeld in artikel 5, § 2 van het
koninklijk besluit worden uitgevoerd door de leveranciers zelf of door koninklijk besluit worden uitgevoerd door de leveranciers zelf of door
leveranciers die door het Ministerie erkend zijn. leveranciers die door het Ministerie erkend zijn.

Art. 9.Het Ministerie oefent regelmatig en ten minste eenmaal per

Art. 9.Het Ministerie oefent regelmatig en ten minste eenmaal per

jaar op een daartoe geschikt tijdstip, toezicht en controle uit bij de jaar op een daartoe geschikt tijdstip, toezicht en controle uit bij de
leveranciers en bedrijven om na te gaan of ze voldoen aan de bij het leveranciers en bedrijven om na te gaan of ze voldoen aan de bij het
koninklijk besluit vastgestelde eisen en inzonderheid aan de in koninklijk besluit vastgestelde eisen en inzonderheid aan de in
artikel 5, § 2 van dat besluit bepaalde principes, waarbij met de artikel 5, § 2 van dat besluit bepaalde principes, waarbij met de
bijzondere aard van de activiteit, respectievelijk activiteiten van de bijzondere aard van de activiteit, respectievelijk activiteiten van de
leveranciers rekening wordt gehouden. leveranciers rekening wordt gehouden.

Art. 10.In verband met de identificatie van de critische punten in

Art. 10.In verband met de identificatie van de critische punten in

het productieproces zoals bedoeld in artikel 5, § 2, eerste streepje het productieproces zoals bedoeld in artikel 5, § 2, eerste streepje
van het koninklijk besluit en de registratie van gegevens zoals van het koninklijk besluit en de registratie van gegevens zoals
bedoeld in artikel 5, § 2, vierde streepje van ditzelfde koninklijk bedoeld in artikel 5, § 2, vierde streepje van ditzelfde koninklijk
besluit, oefent het Ministerie toezicht en controle uit op de besluit, oefent het Ministerie toezicht en controle uit op de
leverancier om ervoor te zorgen dat deze : leverancier om ervoor te zorgen dat deze :
1° de nodige aandacht blijft besteden aan de volgende kritische punten 1° de nodige aandacht blijft besteden aan de volgende kritische punten
naar gelang van het geval : naar gelang van het geval :
- de kwaliteit van siergewassen en van teeltmateriaal daarvan die - de kwaliteit van siergewassen en van teeltmateriaal daarvan die
worden gebruikt om het productieproces op gang te brengen, worden gebruikt om het productieproces op gang te brengen,
- het uitzaaien, het uitplanten, het stekken en het aanplanten van - het uitzaaien, het uitplanten, het stekken en het aanplanten van
siergewassen en teeltmateriaal daarvan, siergewassen en teeltmateriaal daarvan,
- de naleving van de eisen vastgesteld in de artikelen 9, 10 en 11 van - de naleving van de eisen vastgesteld in de artikelen 9, 10 en 11 van
het koninklijk besluit van 3 mei 1994 betreffende de bestrijding van het koninklijk besluit van 3 mei 1994 betreffende de bestrijding van
voor planten en plantaardige producten schadelijke organismen, voor planten en plantaardige producten schadelijke organismen,
- het teeltplan en de teeltmethode, - het teeltplan en de teeltmethode,
- de algemene gewasverzorging, - de algemene gewasverzorging,
- de vermeerdering, - de vermeerdering,
- de oogst, - de oogst,
- de hygiëne, - de hygiëne,
- de behandelingen, - de behandelingen,
- de verpakking, - de verpakking,
- de opslag, - de opslag,
- het vervoer, - het vervoer,
- het beheer, - het beheer,
2° gegevens registreert om een volledige informatie ter beschikking 2° gegevens registreert om een volledige informatie ter beschikking
van het Ministerie te houden over : van het Ministerie te houden over :
a) de planten of andere voorwerpen, a) de planten of andere voorwerpen,
- die zijn aangekocht om op het bedrijf te worden opgeslagen of - die zijn aangekocht om op het bedrijf te worden opgeslagen of
geplant geplant
- die in productie zijn, of - die in productie zijn, of
- die aan derden worden verzonden, en - die aan derden worden verzonden, en
b) elke chemische behandeling die op de planten is toegepast, en de b) elke chemische behandeling die op de planten is toegepast, en de
desbetreffende documenten gedurende ten minste een jaar bewaart; desbetreffende documenten gedurende ten minste een jaar bewaart;
3° persoonlijk beschikbaar is voor het Ministerie of daartoe een 3° persoonlijk beschikbaar is voor het Ministerie of daartoe een
andere persoon aanwijst met voldoende technische ervaring inzake de andere persoon aanwijst met voldoende technische ervaring inzake de
productie van planten en de daarmee verband houdende fytosanitaire productie van planten en de daarmee verband houdende fytosanitaire
aangelegenheden; aangelegenheden;
4° voor zover nodig en op passende tijdstippen op een voor het 4° voor zover nodig en op passende tijdstippen op een voor het
Ministerie aanvaardbare wijze de nodige visuele inspecties verricht; Ministerie aanvaardbare wijze de nodige visuele inspecties verricht;
5° tot zijn bedrijf toegang verleent aan personen gemachtigd om voor 5° tot zijn bedrijf toegang verleent aan personen gemachtigd om voor
het Ministerie op te treden, in het bijzonder voor controle en/of het Ministerie op te treden, in het bijzonder voor controle en/of
bemonstering, en inzage geeft in de onder 2° van huidig artikel bemonstering, en inzage geeft in de onder 2° van huidig artikel
bedoelde registers en daarmee verband houdende documenten; bedoelde registers en daarmee verband houdende documenten;
6° voor het overige met het Ministerie samenwerkt. 6° voor het overige met het Ministerie samenwerkt.

Art. 11.In verband met de uitwerking en toepassing van methoden voor

Art. 11.In verband met de uitwerking en toepassing van methoden voor

toezicht op en controle van de kritische punten als bedoeld in artikel toezicht op en controle van de kritische punten als bedoeld in artikel
5, § 2, tweede streepje van het koninklijk besluit, wordt door het 5, § 2, tweede streepje van het koninklijk besluit, wordt door het
Ministerie toezicht en controle op de leverancier uitgeoefend om Ministerie toezicht en controle op de leverancier uitgeoefend om
ervoor te zorgen dat hij, in voorkomend geval, de bovengenoemde ervoor te zorgen dat hij, in voorkomend geval, de bovengenoemde
methoden blijft toepassen, met als bijzondere aandachtspunten : methoden blijft toepassen, met als bijzondere aandachtspunten :
1° de beschikbaarheid en het daadwerkelijke gebruik van methoden om 1° de beschikbaarheid en het daadwerkelijke gebruik van methoden om
elk van de in artikel 10 van huidig besluit genoemde kritische punten elk van de in artikel 10 van huidig besluit genoemde kritische punten
te controleren; te controleren;
2° de betrouwbaarheid van die methoden; 2° de betrouwbaarheid van die methoden;
3° de bruikbaarheid van deze methoden voor de evaluatie van de 3° de bruikbaarheid van deze methoden voor de evaluatie van de
productie en afzetregelingen, de administratieve aspecten inbegrepen; productie en afzetregelingen, de administratieve aspecten inbegrepen;
4° de bekwaamheid van het personeel van de leverancier om de controles 4° de bekwaamheid van het personeel van de leverancier om de controles
uit te voeren. uit te voeren.

Art. 12.Wat het nemen van monsters voor analyse in een erkend

Art. 12.Wat het nemen van monsters voor analyse in een erkend

laboratorium als bedoeld in artikel 5, § 2, derde streepje van het laboratorium als bedoeld in artikel 5, § 2, derde streepje van het
koninklijk besluit betreft, wordt door het Ministerie toezicht en koninklijk besluit betreft, wordt door het Ministerie toezicht en
controle op de leverancier uitgeoefend om ervoor te zorgen dat, in controle op de leverancier uitgeoefend om ervoor te zorgen dat, in
voorkomend geval : voorkomend geval :
1° in de verschillende stadia van het productieproces en met de 1° in de verschillende stadia van het productieproces en met de
vereiste frequentie monsters worden genomen overeenkomstig hetgeen aan vereiste frequentie monsters worden genomen overeenkomstig hetgeen aan
het Ministerie, op het tijdstip waarop de productiemethoden met het het Ministerie, op het tijdstip waarop de productiemethoden met het
oog op de verlening van de erkenning werden gecontroleerd, is oog op de verlening van de erkenning werden gecontroleerd, is
medegedeeld; medegedeeld;
2° de monsters uit een technisch oogpunt op een juiste manier worden 2° de monsters uit een technisch oogpunt op een juiste manier worden
genomen en bij de monsterneming een statistisch betrouwbaar opzet genomen en bij de monsterneming een statistisch betrouwbaar opzet
wordt gevolgd waarbij met de te verrichten analyse rekening wordt wordt gevolgd waarbij met de te verrichten analyse rekening wordt
gehouden; gehouden;
3° de personen die de monsters nemen de daartoe nodige kwalificaties 3° de personen die de monsters nemen de daartoe nodige kwalificaties
bezitten; bezitten;
4° de monsters worden geanalyseerd door een laboratorium dat daartoe 4° de monsters worden geanalyseerd door een laboratorium dat daartoe
overeenkomstig artikel 14 van dit besluit is erkend. overeenkomstig artikel 14 van dit besluit is erkend.
HOOFDSTUK III. - Erkenning en controle van laboratoria HOOFDSTUK III. - Erkenning en controle van laboratoria

Art. 13.De referentielaboratoria (bijlage III) bepalen, in

Art. 13.De referentielaboratoria (bijlage III) bepalen, in

overeenkomst met de Dienst, de opsporingsmethoden en de methoden van overeenkomst met de Dienst, de opsporingsmethoden en de methoden van
monstername die door de erkende laboratoria moeten gevolgd worden, elk monstername die door de erkende laboratoria moeten gevolgd worden, elk
voor wat hun onderzoeksdomein betreft. Zij voeren, op aanvraag van de voor wat hun onderzoeksdomein betreft. Zij voeren, op aanvraag van de
Dienst, vergelijkende ontledingen uit om zich van de gelijkvormigheid Dienst, vergelijkende ontledingen uit om zich van de gelijkvormigheid
van de uitslagen van de erkende laboratoria te verzekeren. Bij de van de uitslagen van de erkende laboratoria te verzekeren. Bij de
eerste aanvraag om erkenning en bij de hernieuwing van een erkenning eerste aanvraag om erkenning en bij de hernieuwing van een erkenning
van een laboratorium geeft het referentielaboratorium een advies aan van een laboratorium geeft het referentielaboratorium een advies aan
de Dienst wat betreft de naleving van de hierna vermelde voorwaarden. de Dienst wat betreft de naleving van de hierna vermelde voorwaarden.

Art. 14.De Dienst kan laboratoria erkennen om sommige opsporingen van

Art. 14.De Dienst kan laboratoria erkennen om sommige opsporingen van

schadelijke organismen uit te voeren of de rasechtheid te controleren. schadelijke organismen uit te voeren of de rasechtheid te controleren.
Om erkend te kunnen worden en te blijven moet een laboratorium bij de Om erkend te kunnen worden en te blijven moet een laboratorium bij de
Dienst een aanvraag tot erkenning indienen en aan de volgende Dienst een aanvraag tot erkenning indienen en aan de volgende
voorwaarden voldoen : voorwaarden voldoen :
1° elke objectiviteit en onpartijdigheid waarborgen, 1° elke objectiviteit en onpartijdigheid waarborgen,
2° bestuurd worden door een verantwoordelijke die bewijs kan leveren 2° bestuurd worden door een verantwoordelijke die bewijs kan leveren
van voldoende praktijkervaring voor het betrokken onderzoeksdomein, van voldoende praktijkervaring voor het betrokken onderzoeksdomein,
3° over het personeel, de inrichtingen en de uitrusting beschikken die 3° over het personeel, de inrichtingen en de uitrusting beschikken die
nodig geacht worden voor de uitvoering van de ontledingen en de nodig geacht worden voor de uitvoering van de ontledingen en de
bepalingen waarvoor de erkenning is aangevraagd, bepalingen waarvoor de erkenning is aangevraagd,
4° de verbintenis aangaan : 4° de verbintenis aangaan :
a) een officiële analyse methode te volgen of bij gebrek daaraan een a) een officiële analyse methode te volgen of bij gebrek daaraan een
methode voorgesteld door het referentielaboratorium, methode voorgesteld door het referentielaboratorium,
b) elke wijziging van de gegevens die in de erkenning zijn opgenomen, b) elke wijziging van de gegevens die in de erkenning zijn opgenomen,
aan de Dienst mede te delen, aan de Dienst mede te delen,
c) aan de leveranciers de eventuele kosten voor de ontledingen van de c) aan de leveranciers de eventuele kosten voor de ontledingen van de
monsters aan te rekenen, monsters aan te rekenen,
d) een registerboek bij te houden waarin voor elk monster inzake de d) een registerboek bij te houden waarin voor elk monster inzake de
opsporing van de schadelijke organismen volgende gegevens worden opsporing van de schadelijke organismen volgende gegevens worden
ingeschreven : ingeschreven :
- het staalnummer, - het staalnummer,
- de aard en omschrijving van het materiaal - de aard en omschrijving van het materiaal
- de datum van de ontleding, - de datum van de ontleding,
- de gevolgde methode, - de gevolgde methode,
- de uitslag van de ontleding, - de uitslag van de ontleding,
- de validering van voormelde gegevens door de verantwoordelijke. - de validering van voormelde gegevens door de verantwoordelijke.

Art. 15.De erkende laboratoria zijn onderworpen aan het toezicht van

Art. 15.De erkende laboratoria zijn onderworpen aan het toezicht van

de Dienst. Dit omvat onder meer de juistheid na te gaan van de aan de de Dienst. Dit omvat onder meer de juistheid na te gaan van de aan de
leveranciers verstrekte ontledingsuitslagen en te allen tijde het leveranciers verstrekte ontledingsuitslagen en te allen tijde het
onder artikel 14 vernoemde register te mogen raadplegen. onder artikel 14 vernoemde register te mogen raadplegen.

Art. 16.De erkenning wordt afgeleverd door de Dienst voor een periode

Art. 16.De erkenning wordt afgeleverd door de Dienst voor een periode

van maximum 2 jaar. De aanvraag voor hernieuwing moet ingediend worden van maximum 2 jaar. De aanvraag voor hernieuwing moet ingediend worden
bij de Dienst tenminste drie maanden voor het verstrijken van de bij de Dienst tenminste drie maanden voor het verstrijken van de
erkenning. De Dienst kan volledig of gedeeltelijk de erkenning erkenning. De Dienst kan volledig of gedeeltelijk de erkenning
herroepen in geval van het niet-respecteren van de in artikel 14 herroepen in geval van het niet-respecteren van de in artikel 14
genoemde voorwaarden, zonder dat het erkend laboratorium uit dien genoemde voorwaarden, zonder dat het erkend laboratorium uit dien
hoofde enige vergoeding ten laste van de Staat kan eisen. hoofde enige vergoeding ten laste van de Staat kan eisen.

Art. 17.De bestaande laboratoria beschikken over een termijn van 3

Art. 17.De bestaande laboratoria beschikken over een termijn van 3

maanden vanaf de datum van de publicatie van dit besluit in het maanden vanaf de datum van de publicatie van dit besluit in het
Belgisch Staatsblad om hun aanvraag tot erkenning in te dienen. Belgisch Staatsblad om hun aanvraag tot erkenning in te dienen.
HOOFDSTUK IV. - Door de leveranciers bij te houden lijsten van rassen HOOFDSTUK IV. - Door de leveranciers bij te houden lijsten van rassen
van siergewassen van siergewassen

Art. 18.In dit hoofdstuk worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld

Art. 18.In dit hoofdstuk worden de uitvoeringsbepalingen vastgesteld

met betrekking tot de lijsten van rassen van siergewassen en met betrekking tot de lijsten van rassen van siergewassen en
teeltmateriaal daarvan die krachtens artikel 9, § 2, 2° van het teeltmateriaal daarvan die krachtens artikel 9, § 2, 2° van het
koninklijk besluit moeten worden bijgehouden. koninklijk besluit moeten worden bijgehouden.

Art. 19.§ 1. In de door de leveranciers bij te houden lijsten worden

Art. 19.§ 1. In de door de leveranciers bij te houden lijsten worden

vermeld : vermeld :
a) de naam van het ras en, in voorkomend geval, de algemeen bekende a) de naam van het ras en, in voorkomend geval, de algemeen bekende
synoniemen; synoniemen;
b) gegevens over de instandhouding van het ras en het toegepaste b) gegevens over de instandhouding van het ras en het toegepaste
vermeerderingssysteem; vermeerderingssysteem;
c) een beschrijving van het ras, tenminste aan de hand van de c) een beschrijving van het ras, tenminste aan de hand van de
kenmerken en de uitingsvormen zoals gespecifieerd in bijlage II van kenmerken en de uitingsvormen zoals gespecifieerd in bijlage II van
huidig besluit; huidig besluit;
d) voor zover mogelijk, gegevens over de verschillen van het ras ten d) voor zover mogelijk, gegevens over de verschillen van het ras ten
opzichte van rassen die er het sterkst op gelijken. opzichte van rassen die er het sterkst op gelijken.
§ 2. Punten b) en d) van § 1 van huidig artikel zijn niet van § 2. Punten b) en d) van § 1 van huidig artikel zijn niet van
toepassing op leveranciers van wie de werkzaamheden zich beperken tot toepassing op leveranciers van wie de werkzaamheden zich beperken tot
het in de handel brengen van siergewassen en teeltmateriaal van het in de handel brengen van siergewassen en teeltmateriaal van
siergewassen. siergewassen.

Art. 20.In bijlage II van dit besluit zijn de kenmerken van de rassen

Art. 20.In bijlage II van dit besluit zijn de kenmerken van de rassen

en de uitingsvormen daarvan opgenomen met als doel de leveranciers bij en de uitingsvormen daarvan opgenomen met als doel de leveranciers bij
te staan bij het beschrijven van de rassen die zij in de handel wensen te staan bij het beschrijven van de rassen die zij in de handel wensen
te brengen. te brengen.
HOOFDSTUK V. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK V. - Algemene bepalingen

Art. 21.Voor het teeltmateriaal van siergewassen, alsmede van

Art. 21.Voor het teeltmateriaal van siergewassen, alsmede van

siergewassen stelt de Dienst technische reglementen betreffende de siergewassen stelt de Dienst technische reglementen betreffende de
kwaliteitscontrole op en houdt toezicht op de naleving ervan. kwaliteitscontrole op en houdt toezicht op de naleving ervan.
Inbreuken Inbreuken

Art. 22.De inbreuken op de bepalingen van dit besluit worden

Art. 22.De inbreuken op de bepalingen van dit besluit worden

opgespoord, vastgesteld, vervolgd en bestraft in overeenstemming met opgespoord, vastgesteld, vervolgd en bestraft in overeenstemming met
hetgeen is bepaald in de wet van 11 juli 1969 betreffende de hetgeen is bepaald in de wet van 11 juli 1969 betreffende de
bestrijdingsmiddelen en de grondstoffen voor de landbouw, tuinbouw, bestrijdingsmiddelen en de grondstoffen voor de landbouw, tuinbouw,
bosbouw en veeteelt. bosbouw en veeteelt.

Art. 23.De volgende ministeriële besluiten worden opgeheven :

Art. 23.De volgende ministeriële besluiten worden opgeheven :

1° Ministerieel besluit van 9 augustus 1995 tot vaststelling van de 1° Ministerieel besluit van 9 augustus 1995 tot vaststelling van de
schema's met de eisen waaraan siergewassen en teeltmateriaal van schema's met de eisen waaraan siergewassen en teeltmateriaal van
siergewassen moeten voldoen. siergewassen moeten voldoen.
2° Ministerieel besluit van 6 oktober 1995 tot vaststelling van 2° Ministerieel besluit van 6 oktober 1995 tot vaststelling van
aanvullende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de door aanvullende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de door
leveranciers op grond van het koninklijk besluit van 15 mei 1995 bij leveranciers op grond van het koninklijk besluit van 15 mei 1995 bij
te houden lijsten van siergewassen en teeltmateriaal daarvan. te houden lijsten van siergewassen en teeltmateriaal daarvan.
3° Ministerieel besluit van 31 juli 1996 tot vaststelling van de 3° Ministerieel besluit van 31 juli 1996 tot vaststelling van de
uitvoeringsbepalingen met betrekking tot het toezicht op en de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot het toezicht op en de
controle van leveranciers en bedrijven van teeltmateriaal van controle van leveranciers en bedrijven van teeltmateriaal van
siergewassen, alsmede van siergewassen overeenkomstig het koninklijk siergewassen, alsmede van siergewassen overeenkomstig het koninklijk
besluit van 15 mei 1995 betreffende het in de handel brengen van besluit van 15 mei 1995 betreffende het in de handel brengen van
fruitgewassen die voor de fruitteelt worden gebruikt, van fruitgewassen die voor de fruitteelt worden gebruikt, van
siergewassen, van groentegewassen en van teeltmateriaal van deze siergewassen, van groentegewassen en van teeltmateriaal van deze
gewassen met uitzondering van groentezaad. gewassen met uitzondering van groentezaad.
Brussel, 19 februari 2000. Brussel, 19 februari 2000.
J. GABRIELS J. GABRIELS
Bijlage I Bijlage I
Lijst van de kwaliteit aantastende schadelijke organismen en ziekten, Lijst van de kwaliteit aantastende schadelijke organismen en ziekten,
specifiek volgens geslacht en soort specifiek volgens geslacht en soort
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld
Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 19 Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 19
februari 2000. februari 2000.
De Minister van Landbouw en Middenstand, De Minister van Landbouw en Middenstand,
J. GABRIELS J. GABRIELS
^