Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 23 december 2019 houdende tijdelijke aanvullende maatregelen voor het jaar 2020 tot het behoud van de visbestanden in zee | Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 23 december 2019 houdende tijdelijke aanvullende maatregelen voor het jaar 2020 tot het behoud van de visbestanden in zee |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
Landbouw en Visserij | Landbouw en Visserij |
18 MAART 2020. - Ministerieel besluit tot wijziging van het | 18 MAART 2020. - Ministerieel besluit tot wijziging van het |
ministerieel besluit van 23 december 2019 houdende tijdelijke | ministerieel besluit van 23 december 2019 houdende tijdelijke |
aanvullende maatregelen voor het jaar 2020 tot het behoud van de | aanvullende maatregelen voor het jaar 2020 tot het behoud van de |
visbestanden in zee | visbestanden in zee |
Rechtsgronden | Rechtsgronden |
Dit besluit is gebaseerd op: | Dit besluit is gebaseerd op: |
- Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad | - Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad |
van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot | van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot |
wijziging van verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 | wijziging van verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 |
van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en | van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en |
(EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad, | (EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad, |
artikel 15; | artikel 15; |
- Verordening (EU) nr. 2020/123 van de Raad van 27 januari 2020 tot | - Verordening (EU) nr. 2020/123 van de Raad van 27 januari 2020 tot |
vaststelling, voor 2020, van de vangstmogelijkheden voor sommige | vaststelling, voor 2020, van de vangstmogelijkheden voor sommige |
visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de Unie | visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de Unie |
en, voor vaartuigen van de Unie in bepaalde wateren buiten de Unie van | en, voor vaartuigen van de Unie in bepaalde wateren buiten de Unie van |
toepassing zijn; | toepassing zijn; |
- gedelegeerde verordening (EU) nr. 2019/2239 van de Commissie van 1 | - gedelegeerde verordening (EU) nr. 2019/2239 van de Commissie van 1 |
oktober 2019 tot vaststelling van een teruggooiplan voor bepaalde | oktober 2019 tot vaststelling van een teruggooiplan voor bepaalde |
demersale visserijen in de noordwestelijke wateren voor de periode | demersale visserijen in de noordwestelijke wateren voor de periode |
2020-2021; | 2020-2021; |
- gedelegeerde verordening (EU) nr. 2019/2237 van de Commissie van 1 | - gedelegeerde verordening (EU) nr. 2019/2237 van de Commissie van 1 |
oktober 2019 tot vaststelling van een teruggooiplan voor bepaalde | oktober 2019 tot vaststelling van een teruggooiplan voor bepaalde |
demersale visserijen in de zuidwestelijke wateren voor de periode | demersale visserijen in de zuidwestelijke wateren voor de periode |
2020-2021; | 2020-2021; |
- gedelegeerde verordening (EU) nr. 2019/2238 van de Commissie van 1 | - gedelegeerde verordening (EU) nr. 2019/2238 van de Commissie van 1 |
oktober 2019 tot vaststelling van nadere bepalingen ter uitvoering van | oktober 2019 tot vaststelling van nadere bepalingen ter uitvoering van |
de aanlandingsverplichting voor bepaalde demersale visserijen in de | de aanlandingsverplichting voor bepaalde demersale visserijen in de |
Noordzee voor de periode 2020-2021; | Noordzee voor de periode 2020-2021; |
- het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en | - het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en |
visserijbeleid, artikel 24; | visserijbeleid, artikel 24; |
- het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005 tot de | - het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005 tot de |
instelling van een visvergunning en houdende tijdelijke maatregelen | instelling van een visvergunning en houdende tijdelijke maatregelen |
voor de uitvoering van de communautaire regeling inzake de | voor de uitvoering van de communautaire regeling inzake de |
instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden, | instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden, |
gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 22 juli 2011, | gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 22 juli 2011, |
artikel 18. | artikel 18. |
Vormvereiste | Vormvereiste |
Er is geen advies gevraagd aan de Raad van State, met toepassing van | Er is geen advies gevraagd aan de Raad van State, met toepassing van |
artikel 3, § 1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op | artikel 3, § 1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op |
12 januari 1973. | 12 januari 1973. |
Er is een dringende noodzakelijkheid omdat dit ministerieel besluit op | Er is een dringende noodzakelijkheid omdat dit ministerieel besluit op |
1 april 2020 in werking moet treden gelet op de verplichtingen die | 1 april 2020 in werking moet treden gelet op de verplichtingen die |
door de Europese en internationale regelgeving op het gebied van de | door de Europese en internationale regelgeving op het gebied van de |
zeevisserij worden opgelegd, in concreto met betrekking tot het beheer | zeevisserij worden opgelegd, in concreto met betrekking tot het beheer |
van de visquota. | van de visquota. |
Motivering | Motivering |
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven: | Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven: |
De quotacommissie heeft op haar zitting van 2 maart 2020 een voorstel | De quotacommissie heeft op haar zitting van 2 maart 2020 een voorstel |
van advies tot aanpassing van het Visplan 2020 geformuleerd. De opname | van advies tot aanpassing van het Visplan 2020 geformuleerd. De opname |
van het effectief quotum tongschar en witje is momenteel minimaal. In | van het effectief quotum tongschar en witje is momenteel minimaal. In |
het begin van het jaar geldt een bijvangstregeling per dag op zee in | het begin van het jaar geldt een bijvangstregeling per dag op zee in |
het gebied van 200 kg voor het klein vlootsegment (KVS) en 400 kg voor | het gebied van 200 kg voor het klein vlootsegment (KVS) en 400 kg voor |
het groot vlootsegment (GVS). Normaliter wordt vanaf april/mei een | het groot vlootsegment (GVS). Normaliter wordt vanaf april/mei een |
versoepeling tot 500 kg en 1000 kg voor respectievelijk het KVS en het | versoepeling tot 500 kg en 1000 kg voor respectievelijk het KVS en het |
GVS toegestaan. | GVS toegestaan. |
Er is geen enkele reden om deze versoepeling langer uit te stellen. | Er is geen enkele reden om deze versoepeling langer uit te stellen. |
Voor kabeljauw in de Noordzee moeten er vangsthoeveelheden worden | Voor kabeljauw in de Noordzee moeten er vangsthoeveelheden worden |
vastgesteld die geldig zijn vanaf 1 april 2020. Voor de periode van 1 | vastgesteld die geldig zijn vanaf 1 april 2020. Voor de periode van 1 |
april 2020 tot 30 juni 2020 heeft de quotacommissie beslist om de | april 2020 tot 30 juni 2020 heeft de quotacommissie beslist om de |
hoeveelheden kabeljauw per zeereis voor zeeschepen beperkt te | hoeveelheden kabeljauw per zeereis voor zeeschepen beperkt te |
verhogen. In 2020 is er initieel een quotum van 682 ton kabeljauw | verhogen. In 2020 is er initieel een quotum van 682 ton kabeljauw |
beschikbaar. Er moet wel rekening gehouden worden met het feit dat de | beschikbaar. Er moet wel rekening gehouden worden met het feit dat de |
jaarflexibiliteit uit hoofde van artikel 15, lid 9, van Verordening | jaarflexibiliteit uit hoofde van artikel 15, lid 9, van Verordening |
(EU) nr. 1380/2013 in dit geval niet mag worden toegepast omdat | (EU) nr. 1380/2013 in dit geval niet mag worden toegepast omdat |
daardoor de verwezenlijking van de doelstellingen van het | daardoor de verwezenlijking van de doelstellingen van het |
Gemeenschappelijk Visserijbeleid (GVB) zou worden ondermijnd. Het | Gemeenschappelijk Visserijbeleid (GVB) zou worden ondermijnd. Het |
kabeljauwbestand doet het immers niet zo goed en heeft met name een | kabeljauwbestand doet het immers niet zo goed en heeft met name een |
paaibiomassa onder Blim. Daarom wordt het dagplafond enkel voor | paaibiomassa onder Blim. Daarom wordt het dagplafond enkel voor |
vaartuigen met specifieke vistuigen verhoogd. | vaartuigen met specifieke vistuigen verhoogd. |
Tenslotte worden ook de bepalingen voor de visvergunningen `Golf van | Tenslotte worden ook de bepalingen voor de visvergunningen `Golf van |
Gascogne 2020' tussen 1 juni en 30 september 2020 vastgesteld. | Gascogne 2020' tussen 1 juni en 30 september 2020 vastgesteld. |
DE VLAAMSE MINISTER VAN ECONOMIE, INNOVATIE, WERK, SOCIALE ECONOMIE EN | DE VLAAMSE MINISTER VAN ECONOMIE, INNOVATIE, WERK, SOCIALE ECONOMIE EN |
LANDBOUW, BESLUIT : | LANDBOUW, BESLUIT : |
Artikel 1.In artikel 8, laatste lid, van het ministerieel besluit van |
Artikel 1.In artikel 8, laatste lid, van het ministerieel besluit van |
23 december 2019 houdende tijdelijke aanvullende maatregelen voor het | 23 december 2019 houdende tijdelijke aanvullende maatregelen voor het |
jaar 2020 tot het behoud van de visbestanden in zee, gewijzigd bij het | jaar 2020 tot het behoud van de visbestanden in zee, gewijzigd bij het |
ministerieel besluit van 22 januari 2020, wordt de zinsnede "artikel | ministerieel besluit van 22 januari 2020, wordt de zinsnede "artikel |
14, 16, 18, 22, 27 § 9" vervangen door de zinsnede "artikel 14, 16, | 14, 16, 18, 22, 27 § 9" vervangen door de zinsnede "artikel 14, 16, |
18, 21, 22, 27 § 9". | 18, 21, 22, 27 § 9". |
Art. 2.Aan artikel 21 van hetzelfde besluit, worden paragrafen 2 tot |
Art. 2.Aan artikel 21 van hetzelfde besluit, worden paragrafen 2 tot |
en met 8 toegevoegd, die luiden als volgt: | en met 8 toegevoegd, die luiden als volgt: |
" § 2. In afwijking van paragraaf 1 is het vanaf 1 juni 2020 om 00.00 | " § 2. In afwijking van paragraaf 1 is het vanaf 1 juni 2020 om 00.00 |
uur, alleen voor de vissersvaartuigen die op de lijst "Visvergunningen | uur, alleen voor de vissersvaartuigen die op de lijst "Visvergunningen |
Golf van Gascogne 2020" vermeld worden, toegestaan om in de | Golf van Gascogne 2020" vermeld worden, toegestaan om in de |
ICES-gebieden VIIIa en b aanwezig te zijn. | ICES-gebieden VIIIa en b aanwezig te zijn. |
Om aan de lijst, vermeld in het eerste lid, toegevoegd te kunnen | Om aan de lijst, vermeld in het eerste lid, toegevoegd te kunnen |
worden, moeten de eigenaars van vissersvaartuigen vóór 10 april 2020 | worden, moeten de eigenaars van vissersvaartuigen vóór 10 april 2020 |
via een aangetekende brief of per e-mail een aanvraag tot de dienst | via een aangetekende brief of per e-mail een aanvraag tot de dienst |
richten. | richten. |
Ingeval de vangstrechten van de ingeschreven vaartuigen 18.000 kW in | Ingeval de vangstrechten van de ingeschreven vaartuigen 18.000 kW in |
significante mate overtreft, zal er een loting plaatsvinden waarbij | significante mate overtreft, zal er een loting plaatsvinden waarbij |
rekening wordt gehouden met ervaring in de Golf van Gascogne. | rekening wordt gehouden met ervaring in de Golf van Gascogne. |
§ 3. Vanaf 1 juni 2020 tot en met 30 september 2020 is het verboden | § 3. Vanaf 1 juni 2020 tot en met 30 september 2020 is het verboden |
dat in de ICES-gebieden VIIIa en b de tongvangst van een | dat in de ICES-gebieden VIIIa en b de tongvangst van een |
vissersvaartuig, dat voorkomt op de lijst vermeld in § 2, een | vissersvaartuig, dat voorkomt op de lijst vermeld in § 2, een |
hoeveelheid overschrijdt die gelijk is aan 15 kg, vermenigvuldigd met | hoeveelheid overschrijdt die gelijk is aan 15 kg, vermenigvuldigd met |
het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW. | het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW. |
De hoeveelheid vermeld in vorig lid kan door de dienst Visserij van | De hoeveelheid vermeld in vorig lid kan door de dienst Visserij van |
het Departement Landbouw en Visserij worden herzien. Als uitgangspunt | het Departement Landbouw en Visserij worden herzien. Als uitgangspunt |
daarbij wordt de situatie van het motorvermogen van de deelnemende | daarbij wordt de situatie van het motorvermogen van de deelnemende |
vaartuigen op 10 april 2020 genomen. | vaartuigen op 10 april 2020 genomen. |
§ 4. Ingeval de hoeveelheden tong, vermeld in § 3, worden | § 4. Ingeval de hoeveelheden tong, vermeld in § 3, worden |
overschreden, worden de door dat vissersvaartuig overschreden | overschreden, worden de door dat vissersvaartuig overschreden |
hoeveelheden tong in tweevoud in mindering gebracht op de hoeveelheid | hoeveelheden tong in tweevoud in mindering gebracht op de hoeveelheid |
tong die aan het vissersvaartuig wordt toegekend voor 2021. | tong die aan het vissersvaartuig wordt toegekend voor 2021. |
§ 5. De vissersvaartuigen die op de lijst "Visvergunningen Golf van | § 5. De vissersvaartuigen die op de lijst "Visvergunningen Golf van |
Gascogne 2020" vermeld worden, krijgen voor de periode 1 juli 2020 tot | Gascogne 2020" vermeld worden, krijgen voor de periode 1 juli 2020 tot |
31 oktober 2020 geen toegang tot de zone VIIa. Voor de zone VIIf, g | 31 oktober 2020 geen toegang tot de zone VIIa. Voor de zone VIIf, g |
wordt voor deze vaartuigen een hoeveelheid tong van 5 kg/kW voorzien. | wordt voor deze vaartuigen een hoeveelheid tong van 5 kg/kW voorzien. |
Tijdens eenzelfde visreis in de Golf van Gascogne mag slechts één | Tijdens eenzelfde visreis in de Golf van Gascogne mag slechts één |
soort vistuig aan boord worden gehouden. | soort vistuig aan boord worden gehouden. |
§ 6. Het is verboden gemengde visreizen te maken waarbij tijdens | § 6. Het is verboden gemengde visreizen te maken waarbij tijdens |
dezelfde visreis naast ICES-gebieden VIIIa en b, ook gevist wordt in | dezelfde visreis naast ICES-gebieden VIIIa en b, ook gevist wordt in |
andere ICES-gebieden. | andere ICES-gebieden. |
§ 7. Voor de vissersvaartuigen die de bepalingen van § 1 of § 2 niet | § 7. Voor de vissersvaartuigen die de bepalingen van § 1 of § 2 niet |
naleven, wordt het aantal dagen, vermeld in artikel 12, verminderd met | naleven, wordt het aantal dagen, vermeld in artikel 12, verminderd met |
10. | 10. |
Bovendien zullen de vissersvaartuigen in kwestie niet aanwezig mogen | Bovendien zullen de vissersvaartuigen in kwestie niet aanwezig mogen |
zijn in de ICES-gebieden VIIIa en b gedurende het jaar 2021. | zijn in de ICES-gebieden VIIIa en b gedurende het jaar 2021. |
§ 8. Het de-minimisquotum voor tong in de ICES-gebieden VIIIa en b | § 8. Het de-minimisquotum voor tong in de ICES-gebieden VIIIa en b |
wordt vastgelegd op 16.000 kg tong. De drempelwaarde bedoeld in | wordt vastgelegd op 16.000 kg tong. De drempelwaarde bedoeld in |
artikel 8 wordt voor de tongvisserij in de ICES-gebieden VIIIa en b | artikel 8 wordt voor de tongvisserij in de ICES-gebieden VIIIa en b |
vastgelegd op maximaal 8% van de reeds in de visreis gerealiseerde | vastgelegd op maximaal 8% van de reeds in de visreis gerealiseerde |
tongvangst in het gebied in kwestie.". | tongvangst in het gebied in kwestie.". |
Art. 3.In artikel 25 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 3.In artikel 25 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
ministerieel besluit van 22 januari 2020, worden de volgende | ministerieel besluit van 22 januari 2020, worden de volgende |
wijzigingen aangebracht: | wijzigingen aangebracht: |
1° in § 1 wordt de zinsnede "31 maart" vervangen door de zinsnede "30 | 1° in § 1 wordt de zinsnede "31 maart" vervangen door de zinsnede "30 |
juni"; | juni"; |
2° in § 2 wordt de zinsnede "31 maart" vervangen door de zinsnede "30 | 2° in § 2 wordt de zinsnede "31 maart" vervangen door de zinsnede "30 |
juni"; | juni"; |
3° in § 3 wordt de zinsnede "31 maart" vervangen door de zinsnede "30 | 3° in § 3 wordt de zinsnede "31 maart" vervangen door de zinsnede "30 |
juni"; | juni"; |
4° aan § 6 wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: | 4° aan § 6 wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"De hoeveelheden, vermeld in de paragrafen een tot en met drie, worden | "De hoeveelheden, vermeld in de paragrafen een tot en met drie, worden |
van 1 april 2020 tot en met 30 juni 2020 tot 300 kg per vaartdag | van 1 april 2020 tot en met 30 juni 2020 tot 300 kg per vaartdag |
verhoogd, als het vaartuig in kwestie gedurende de gehele visreis | verhoogd, als het vaartuig in kwestie gedurende de gehele visreis |
actief was met een TR1- of BT1-vistuig.". | actief was met een TR1- of BT1-vistuig.". |
Art. 4.In artikel 27 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij |
Art. 4.In artikel 27 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij |
ministeriële besluiten van 22 januari 2020 en 7 februari 2020, worden | ministeriële besluiten van 22 januari 2020 en 7 februari 2020, worden |
de volgende wijzigingen aangebracht: | de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° in § 4, eerste lid, wordt de zinsnede "200 kg" vervangen door de | 1° in § 4, eerste lid, wordt de zinsnede "200 kg" vervangen door de |
zinsnede "500 kg"; | zinsnede "500 kg"; |
2° in § 4, tweede lid, wordt de zinsnede "400 kg" vervangen door de | 2° in § 4, tweede lid, wordt de zinsnede "400 kg" vervangen door de |
zinsnede "1000 kg". | zinsnede "1000 kg". |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 april 2020. Het besluit |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 april 2020. Het besluit |
houdt op van kracht te zijn op 1 januari 2021. | houdt op van kracht te zijn op 1 januari 2021. |
Brussel, 18 maart 2020. | Brussel, 18 maart 2020. |
De Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en | De Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en |
Landbouw, | Landbouw, |
H. CREVITS | H. CREVITS |