Ministerieel besluit houdende delegatie van bevoegdheid en ondertekening aan de directeur van het Centrum voor Cybersecurity België | Ministerieel besluit houdende delegatie van bevoegdheid en ondertekening aan de directeur van het Centrum voor Cybersecurity België |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST KANSELARIJ VAN DE EERSTE MINISTER | FEDERALE OVERHEIDSDIENST KANSELARIJ VAN DE EERSTE MINISTER |
13 APRIL 2021. - Ministerieel besluit houdende delegatie van | 13 APRIL 2021. - Ministerieel besluit houdende delegatie van |
bevoegdheid en ondertekening aan de directeur van het Centrum voor | bevoegdheid en ondertekening aan de directeur van het Centrum voor |
Cybersecurity België | Cybersecurity België |
De Eerste Minister, | De Eerste Minister, |
Gelet op de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van | Gelet op de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van |
bestuur, artikel 6, gewijzigd bij de wetten van 4 februari 2010 en 5 | bestuur, artikel 6, gewijzigd bij de wetten van 4 februari 2010 en 5 |
augustus 2006; | augustus 2006; |
Gelet op de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten; | Gelet op de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten; |
Gelet op de wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor | Gelet op de wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor |
de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang | de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang |
voor de openbare veiligheid; | voor de openbare veiligheid; |
Gelet op het koninklijk besluit van 3 april 2013 betreffende de | Gelet op het koninklijk besluit van 3 april 2013 betreffende de |
tussenkomst van de Ministerraad, de overdracht van bevoegdheid en de | tussenkomst van de Ministerraad, de overdracht van bevoegdheid en de |
machtigingen inzake de plaatsing en de uitvoering van | machtigingen inzake de plaatsing en de uitvoering van |
overheidsopdrachten, ontwerpenwedstrijden en concessies voor openbare | overheidsopdrachten, ontwerpenwedstrijden en concessies voor openbare |
werken op federaal niveau; | werken op federaal niveau; |
Gelet op het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van | Gelet op het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van |
de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten; | de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten; |
Gelet op het koninklijk besluit van 10 oktober 2014 tot oprichting van | Gelet op het koninklijk besluit van 10 oktober 2014 tot oprichting van |
het Centrum voor Cybersecurity België; | het Centrum voor Cybersecurity België; |
Gelet op het koninklijk besluit plaatsing overheidsopdrachten in de | Gelet op het koninklijk besluit plaatsing overheidsopdrachten in de |
klassieke sectoren van 18 april 2017; | klassieke sectoren van 18 april 2017; |
Gelet op het koninklijk besluit van 12 juli 2019 tot uitvoering van de | Gelet op het koninklijk besluit van 12 juli 2019 tot uitvoering van de |
wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor de | wet van 7 april 2019 tot vaststelling van een kader voor de |
beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang | beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van algemeen belang |
voor de openbare veiligheid, en van de wet van 1 juli 2011 betreffende | voor de openbare veiligheid, en van de wet van 1 juli 2011 betreffende |
de beveiliging en de bescherming van de kritieke infrastructuren, | de beveiliging en de bescherming van de kritieke infrastructuren, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK 1 - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK 1 - Algemene bepalingen |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op het Centrum voor |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op het Centrum voor |
Cybersecurity België. | Cybersecurity België. |
Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder: |
Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder: |
1° "CCB": het Centrum voor Cybersecurity België; | 1° "CCB": het Centrum voor Cybersecurity België; |
2° "uitdrukkelijk": de delegatie wordt schriftelijk vastgesteld en | 2° "uitdrukkelijk": de delegatie wordt schriftelijk vastgesteld en |
bewaard door het CCB en in voorkomend geval wordt eveneens een kopie | bewaard door het CCB en in voorkomend geval wordt eveneens een kopie |
van dit document bezorgd aan de bevoegde diensten van de Federale | van dit document bezorgd aan de bevoegde diensten van de Federale |
Overheidsdienst Kanselarij van de Eerste Minister; | Overheidsdienst Kanselarij van de Eerste Minister; |
3° "directeur": de directeur van het Centrum voor Cybersecurity | 3° "directeur": de directeur van het Centrum voor Cybersecurity |
België; | België; |
4° "koninklijk besluit van 3 april 2013": koninklijk besluit van 3 | 4° "koninklijk besluit van 3 april 2013": koninklijk besluit van 3 |
april 2013 betreffende de tussenkomst van de Ministerraad, de | april 2013 betreffende de tussenkomst van de Ministerraad, de |
overdracht van bevoegdheid en de machtigingen inzake de plaatsing en | overdracht van bevoegdheid en de machtigingen inzake de plaatsing en |
de uitvoering van overheidsopdrachten, ontwerpenwedstrijden en | de uitvoering van overheidsopdrachten, ontwerpenwedstrijden en |
concessies voor openbare werken op federaal niveau, gewijzigd bij het | concessies voor openbare werken op federaal niveau, gewijzigd bij het |
koninklijk besluit van 7 februari 2014. | koninklijk besluit van 7 februari 2014. |
Art. 3.Eenieder die in het kader van dit besluit een bevoegdheid |
Art. 3.Eenieder die in het kader van dit besluit een bevoegdheid |
krijgt, is ten aanzien van de Eerste Minister verantwoordelijk voor | krijgt, is ten aanzien van de Eerste Minister verantwoordelijk voor |
het gebruik van de verleende delegaties. Deze verantwoordelijkheid | het gebruik van de verleende delegaties. Deze verantwoordelijkheid |
betreft eveneens de aangelegenheden waarvoor de betrokkenen hun | betreft eveneens de aangelegenheden waarvoor de betrokkenen hun |
beslissingsbevoegdheid uitdrukkelijk delegeren aan andere | beslissingsbevoegdheid uitdrukkelijk delegeren aan andere |
personeelsleden op basis van dit besluit. | personeelsleden op basis van dit besluit. |
Art. 4.Bij langdurige afwezigheid of verhindering van de directeur |
Art. 4.Bij langdurige afwezigheid of verhindering van de directeur |
worden zijn bevoegdheden uitgeoefend door de adjunct-directeur van het | worden zijn bevoegdheden uitgeoefend door de adjunct-directeur van het |
CCB. | CCB. |
Art. 5.Elk bedrag vermeld in dit besluit is een bedrag zonder |
Art. 5.Elk bedrag vermeld in dit besluit is een bedrag zonder |
belasting over de toegevoegde waarde. | belasting over de toegevoegde waarde. |
HOOFDSTUK 2 - Algemene delegatie | HOOFDSTUK 2 - Algemene delegatie |
Art. 6.Onverminderd de delegaties bedoeld in dit besluit wordt een |
Art. 6.Onverminderd de delegaties bedoeld in dit besluit wordt een |
algemene delegatie verleend aan de directeur wat betreft de | algemene delegatie verleend aan de directeur wat betreft de |
aangelegenheden die het Centrum voor Cybersecurity België behandelt. | aangelegenheden die het Centrum voor Cybersecurity België behandelt. |
Art. 7.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om de |
Art. 7.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om de |
wettelijke opdrachten en verplichtingen van het CCB uit te voeren die | wettelijke opdrachten en verplichtingen van het CCB uit te voeren die |
met name voortvloeien uit de wet van 7 april 2019 tot vaststelling van | met name voortvloeien uit de wet van 7 april 2019 tot vaststelling van |
een kader voor de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van | een kader voor de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van |
algemeen belang voor de openbare veiligheid en het koninklijk | algemeen belang voor de openbare veiligheid en het koninklijk |
uitvoeringsbesluit ervan van 12 juli 2019. | uitvoeringsbesluit ervan van 12 juli 2019. |
Voor de uitvoering van deze wettelijke opdrachten en verplichtingen | Voor de uitvoering van deze wettelijke opdrachten en verplichtingen |
doet het CCB een beroep op de administratieve en logistieke | doet het CCB een beroep op de administratieve en logistieke |
ondersteuning van de Federale Overheidsdienst Kanselarij van de Eerste | ondersteuning van de Federale Overheidsdienst Kanselarij van de Eerste |
Minister. | Minister. |
HOOFDSTUK 3 - Overheidsopdrachten | HOOFDSTUK 3 - Overheidsopdrachten |
Art. 8.Aan de directeur wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de |
Art. 8.Aan de directeur wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de |
gunningswijze te kiezen, de opdrachtdocumenten goed te keuren en de | gunningswijze te kiezen, de opdrachtdocumenten goed te keuren en de |
procedure op te starten overeenkomstig artikel 8, § 1, van het | procedure op te starten overeenkomstig artikel 8, § 1, van het |
koninklijk besluit van 3 april 2013. | koninklijk besluit van 3 april 2013. |
Art. 9.Aan de directeur wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de |
Art. 9.Aan de directeur wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de |
kandidaten te selecteren overeenkomstig artikel 9 van het koninklijk | kandidaten te selecteren overeenkomstig artikel 9 van het koninklijk |
besluit van 3 april 2013 voor zover de waarde van de opdracht niet | besluit van 3 april 2013 voor zover de waarde van de opdracht niet |
hoger is dan de drempel voor de Europese bekendmaking bepaald in | hoger is dan de drempel voor de Europese bekendmaking bepaald in |
artikel 11, 2°, van het koninklijk besluit van 18 april 2017. | artikel 11, 2°, van het koninklijk besluit van 18 april 2017. |
Art. 10.Aan de directeur wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de |
Art. 10.Aan de directeur wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de |
opdracht te gunnen en te sluiten - met inbegrip van het ondertekenen | opdracht te gunnen en te sluiten - met inbegrip van het ondertekenen |
van de bestelbon - wanneer de waarde ervan niet hoger is dan de | van de bestelbon - wanneer de waarde ervan niet hoger is dan de |
drempel voor de Europese bekendmaking bepaald in artikel 11, 2°, van | drempel voor de Europese bekendmaking bepaald in artikel 11, 2°, van |
het koninklijk besluit van 18 april 2017. | het koninklijk besluit van 18 april 2017. |
Deze bepaling heeft ook betrekking op opdrachten gebaseerd op een | Deze bepaling heeft ook betrekking op opdrachten gebaseerd op een |
raamovereenkomst. | raamovereenkomst. |
De in het eerste lid vermelde bevoegdheid geldt voor de beslissing om | De in het eerste lid vermelde bevoegdheid geldt voor de beslissing om |
de opdracht niet te gunnen en de kennisgeving ervan. | de opdracht niet te gunnen en de kennisgeving ervan. |
Art. 11.De directeur is bevoegd om alle beslissingen te nemen die |
Art. 11.De directeur is bevoegd om alle beslissingen te nemen die |
nodig zijn voor de uitvoering van de overheidsopdrachten van het CCB | nodig zijn voor de uitvoering van de overheidsopdrachten van het CCB |
overeenkomstig het koninklijk besluit van 14 januari 2013. Deze | overeenkomstig het koninklijk besluit van 14 januari 2013. Deze |
bevoegdheid omvat: | bevoegdheid omvat: |
1° de ondertekening van bestelbonnen waarvan de waarde hoger is dan de | 1° de ondertekening van bestelbonnen waarvan de waarde hoger is dan de |
drempel bepaald in artikel 10 van dit besluit, wanneer de Eerste | drempel bepaald in artikel 10 van dit besluit, wanneer de Eerste |
Minister al een delegatie heeft verleend aan de directeur in de | Minister al een delegatie heeft verleend aan de directeur in de |
beslissing betreffende de gunning van de opdracht; | beslissing betreffende de gunning van de opdracht; |
2° de wijzigingen van de opdracht vermeld in de artikelen 38 en | 2° de wijzigingen van de opdracht vermeld in de artikelen 38 en |
volgende van voornoemd koninklijk besluit tot maximaal de drempel | volgende van voornoemd koninklijk besluit tot maximaal de drempel |
bedoeld in artikel 10 van dit ministerieel besluit; | bedoeld in artikel 10 van dit ministerieel besluit; |
3° de regeling van schadevergoedingen verschuldigd door de aanbesteder | 3° de regeling van schadevergoedingen verschuldigd door de aanbesteder |
tot maximaal de drempel bedoeld in artikel 10 van dit ministerieel | tot maximaal de drempel bedoeld in artikel 10 van dit ministerieel |
besluit; | besluit; |
4° alle andere uitvoeringshandelingen waarin de wetgeving voorziet en | 4° alle andere uitvoeringshandelingen waarin de wetgeving voorziet en |
die geen nieuwe budgettaire vastlegging vereisen, met name deze | die geen nieuwe budgettaire vastlegging vereisen, met name deze |
betreffende het verstrekken of vrijgeven van financiële garanties, de | betreffende het verstrekken of vrijgeven van financiële garanties, de |
controle van en het toezicht op de opdracht, de uitvoering van | controle van en het toezicht op de opdracht, de uitvoering van |
sancties, bijzondere straffen en vertragingsboetes, de uitvoering van | sancties, bijzondere straffen en vertragingsboetes, de uitvoering van |
ambtshalve maatregelen, het verbreken van de opdracht, enz. | ambtshalve maatregelen, het verbreken van de opdracht, enz. |
HOOFDSTUK 4 - Begroting | HOOFDSTUK 4 - Begroting |
Art. 12.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om |
Art. 12.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om |
bestelbrieven en -bonnen, staten van reis-, verblijfs- of | bestelbrieven en -bonnen, staten van reis-, verblijfs- of |
opleidingskosten of van kosten voor de deelname aan conferenties die | opleidingskosten of van kosten voor de deelname aan conferenties die |
zijn opgesteld volgens de geldende reglementen, alsook uitgavenstaten | zijn opgesteld volgens de geldende reglementen, alsook uitgavenstaten |
voor zendingen in het buitenland, goed te keuren en te ondertekenen | voor zendingen in het buitenland, goed te keuren en te ondertekenen |
tot de in artikel 10 vermelde drempel. | tot de in artikel 10 vermelde drempel. |
HOOFDSTUK 5 - Delegatie inzake personeel en organisatie | HOOFDSTUK 5 - Delegatie inzake personeel en organisatie |
Art. 13.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om de eed af |
Art. 13.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om de eed af |
te nemen van de personeelsleden van het CCB. | te nemen van de personeelsleden van het CCB. |
Art. 14.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om iedere |
Art. 14.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om iedere |
uitvoeringshandeling inzake personeelsbeheer van het CCB goed te | uitvoeringshandeling inzake personeelsbeheer van het CCB goed te |
keuren. | keuren. |
HOOFDSTUK 6 - Interne werking | HOOFDSTUK 6 - Interne werking |
Art. 15.Wat het CCB betreft, wordt aan de directeur de bevoegdheid |
Art. 15.Wat het CCB betreft, wordt aan de directeur de bevoegdheid |
verleend om: | verleend om: |
1° de werkzaamheden en het goede verloop ervan te organiseren; | 1° de werkzaamheden en het goede verloop ervan te organiseren; |
2° afschriften en uittreksels die in het archief worden bewaard, voor | 2° afschriften en uittreksels die in het archief worden bewaard, voor |
eensluidend te verklaren; | eensluidend te verklaren; |
3° briefwisseling en officiële bestuursdocumenten, zoals met name | 3° briefwisseling en officiële bestuursdocumenten, zoals met name |
verzoeken om inlichtingen, herinneringsbrieven, gemotiveerde | verzoeken om inlichtingen, herinneringsbrieven, gemotiveerde |
gunningsbeslissingen, processen-verbaal van gebrekkige uitvoering van | gunningsbeslissingen, processen-verbaal van gebrekkige uitvoering van |
een opdracht, instructies of begeleidende brieven te ondertekenen; | een opdracht, instructies of begeleidende brieven te ondertekenen; |
4° vragen om inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een | 4° vragen om inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een |
bestuursdocument af te wijzen; | bestuursdocument af te wijzen; |
5° toelating te geven voor zendingen, opleidingen of deelname aan | 5° toelating te geven voor zendingen, opleidingen of deelname aan |
conferenties. | conferenties. |
Art. 16.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om |
Art. 16.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om |
uitdrukkelijk bepaalde uitvoeringstaken te delegeren aan | uitdrukkelijk bepaalde uitvoeringstaken te delegeren aan |
personeelsleden van zijn administratie. | personeelsleden van zijn administratie. |
Art. 17.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om, in het |
Art. 17.Aan de directeur wordt de bevoegdheid verleend om, in het |
kader van de opdrachten van het CCB, akkoorden voor operationele | kader van de opdrachten van het CCB, akkoorden voor operationele |
samenwerking, partnerschappen tussen overheden en partnerschappen | samenwerking, partnerschappen tussen overheden en partnerschappen |
tussen overheden en particuliere instanties, met inbegrip van de | tussen overheden en particuliere instanties, met inbegrip van de |
samenwerking en uitwisseling van nationale en internationale | samenwerking en uitwisseling van nationale en internationale |
inlichtingen, te ondertekenen en goed te keuren. | inlichtingen, te ondertekenen en goed te keuren. |
Brussel, 13 april 2021. | Brussel, 13 april 2021. |
De Eerste Minister, | De Eerste Minister, |
A. DE CROO | A. DE CROO |