Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Ministerieel Besluit van 03/10/2001
← Terug naar "Ministerieel besluit houdende delegatie aan bepaalde ambtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen "
Ministerieel besluit houdende delegatie aan bepaalde ambtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen Ministerieel besluit houdende delegatie aan bepaalde ambtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen
MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
3 OKTOBER 2001. - Ministerieel besluit houdende delegatie aan bepaalde 3 OKTOBER 2001. - Ministerieel besluit houdende delegatie aan bepaalde
ambtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen ambtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen
De Minister-Voorzitter, bevoegd voor Plaatselijke Besturen, De Minister-Voorzitter, bevoegd voor Plaatselijke Besturen,
Ruimtelijke Ordening Monumenten en Landschappen, Stadsvernieuwing en Ruimtelijke Ordening Monumenten en Landschappen, Stadsvernieuwing en
Wetenschappelijk Onderzoek, Wetenschappelijk Onderzoek,
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 het hervorming der Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 het hervorming der
instelllingen, inzonderheid op artikel 69, gewijzigd bij de wet van 16 instelllingen, inzonderheid op artikel 69, gewijzigd bij de wet van 16
juli 1993; juli 1993;
Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 betreffende de Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 betreffende de
Brusselse instellingen, inzonderheid op artikel 48, gewijzigd bij de Brusselse instellingen, inzonderheid op artikel 48, gewijzigd bij de
wet van 16 juli 1993; wet van 16 juli 1993;
Gelet op de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het Gelet op de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het
administratief toegezicht op de gemeenten van het Brussels administratief toegezicht op de gemeenten van het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid op de artikelen 11 en 12; Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid op de artikelen 11 en 12;
Gelet op het besluit van de Minister bevoegd voor Plaatselijke Gelet op het besluit van de Minister bevoegd voor Plaatselijke
Bestuuren van 24 augustus 1998 houdende delegatie aan bepaalde Bestuuren van 24 augustus 1998 houdende delegatie aan bepaalde
amtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen; amtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen;
Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18
juli 2000 tot regeling van de ondertekening van de akten van de juli 2000 tot regeling van de ondertekening van de akten van de
Regering, inzonderheid op artikel 5, f), Regering, inzonderheid op artikel 5, f),
Besluit : Besluit :

Artikel 1.De ambtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen met

Artikel 1.De ambtenaren van het Bestuur der Plaatselijke Besturen met

de rang A2 of hoger, zijn bevoegd om de akten op te vragen bedoeld in de rang A2 of hoger, zijn bevoegd om de akten op te vragen bedoeld in
artikel 7 van de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het artikel 7 van de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het
administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest. Hoofdstedelijk Gewest.

Art. 2.De in artikel 1 vermelde ambtenaren zijn tevens bevoegd om de

Art. 2.De in artikel 1 vermelde ambtenaren zijn tevens bevoegd om de

afschriften van de besluiten van de toezichthoudende overheid afschriften van de besluiten van de toezichthoudende overheid
eensluidend te verklaren. eensluidend te verklaren.

Art. 3.Benevens de Minister bevoegd voor Plaatselijke besturen, kan

Art. 3.Benevens de Minister bevoegd voor Plaatselijke besturen, kan

de directeur-generaal van het Bestuur der Plaatselijke Besturen de directeur-generaal van het Bestuur der Plaatselijke Besturen
beslissen dat de gunningen van de opdrachten van aanneming van werken, beslissen dat de gunningen van de opdrachten van aanneming van werken,
leveringen en diensten, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de leveringen en diensten, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de
ordonnantie van 14 mei 1998, houdende regeling van het administratief ordonnantie van 14 mei 1998, houdende regeling van het administratief
toezicht op de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, toezicht op de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,
onmiddellijk mogen uitgevoerd worden, voor zover de totale waarde van onmiddellijk mogen uitgevoerd worden, voor zover de totale waarde van
de opdracht lager of gelijk is aan 30 254 925 frank (750.000 euro), de opdracht lager of gelijk is aan 30 254 925 frank (750.000 euro),
exclusief belasting over de toegevoegde waarde. exclusief belasting over de toegevoegde waarde.
Deze beslissing wordt dadelijk aan de gemeente ter kennis gebracht. Deze beslissing wordt dadelijk aan de gemeente ter kennis gebracht.
Bij afwezigheid van de directeur-generaal van het Bestuur der Bij afwezigheid van de directeur-generaal van het Bestuur der
Plaatselijke Besturen wordt de bevoegdheid bedoeld in het eerste lid Plaatselijke Besturen wordt de bevoegdheid bedoeld in het eerste lid
uitgeoefend door de ambtenaar die hem vervangt. uitgeoefend door de ambtenaar die hem vervangt.

Art. 4.Benevens de Minister bevoegd voor Plaatselijke Besturen kan de

Art. 4.Benevens de Minister bevoegd voor Plaatselijke Besturen kan de

directeur-generaal of de ambtenaar die hem vervangt een gemeente ter directeur-generaal of de ambtenaar die hem vervangt een gemeente ter
kennis brengen dat een beraadslaging geen aanleiding tot bezwaar kennis brengen dat een beraadslaging geen aanleiding tot bezwaar
geeft. geeft.

Art. 5.Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 24

Art. 5.Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 24

augustus 1998 houdende delegatie aan bepaalde ambtenaren van het augustus 1998 houdende delegatie aan bepaalde ambtenaren van het
Bestuur der Plaatselijke Besturen wordt opgeheven. Bestuur der Plaatselijke Besturen wordt opgeheven.

Art. 6.Dit besluit treedt in werking op 1 oktober 2001.

Art. 6.Dit besluit treedt in werking op 1 oktober 2001.

Brussel, 3 oktober 2001. Brussel, 3 oktober 2001.
F.-X. de DONNEA F.-X. de DONNEA
^