← Terug naar "Ministerieel besluit tot wijziging, wat betreft de hybride gerstzaden verkregen door cytoplasmatische mannelijke steriliteit, van bijlagen I en II bij het besluit van de Waalse Regering van 9 februari 2006 betreffende de productie en het in de handel brengen van zaaigranen "
Ministerieel besluit tot wijziging, wat betreft de hybride gerstzaden verkregen door cytoplasmatische mannelijke steriliteit, van bijlagen I en II bij het besluit van de Waalse Regering van 9 februari 2006 betreffende de productie en het in de handel brengen van zaaigranen | Ministerieel besluit tot wijziging, wat betreft de hybride gerstzaden verkregen door cytoplasmatische mannelijke steriliteit, van bijlagen I en II bij het besluit van de Waalse Regering van 9 februari 2006 betreffende de productie en het in de handel brengen van zaaigranen |
---|---|
WAALSE OVERHEIDSDIENST | WAALSE OVERHEIDSDIENST |
2 JUNI 2016. - Ministerieel besluit tot wijziging, wat betreft de | 2 JUNI 2016. - Ministerieel besluit tot wijziging, wat betreft de |
hybride gerstzaden verkregen door cytoplasmatische mannelijke | hybride gerstzaden verkregen door cytoplasmatische mannelijke |
steriliteit, van bijlagen I en II bij het besluit van de Waalse | steriliteit, van bijlagen I en II bij het besluit van de Waalse |
Regering van 9 februari 2006 betreffende de productie en het in de | Regering van 9 februari 2006 betreffende de productie en het in de |
handel brengen van zaaigranen | handel brengen van zaaigranen |
De Minister van Landbouw, Natuur, Landelijke Aangelegenheden, Toerisme | De Minister van Landbouw, Natuur, Landelijke Aangelegenheden, Toerisme |
en Luchthavens, afgevaardigde voor de Vertegenwoordiging bij de Grote | en Luchthavens, afgevaardigde voor de Vertegenwoordiging bij de Grote |
Regio, | Regio, |
Gelet op het Waals Landbouwwetboek, artikel D.4 en artikel D.134, 2°; | Gelet op het Waals Landbouwwetboek, artikel D.4 en artikel D.134, 2°; |
Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 9 februari 2006 | Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 9 februari 2006 |
betreffende de productie en het in de handel brengen van zaaigranen, | betreffende de productie en het in de handel brengen van zaaigranen, |
inzonderheid op artikel 20; | inzonderheid op artikel 20; |
Gelet op het overleg gepleegd op 19 november 2015 tussen de | Gelet op het overleg gepleegd op 19 november 2015 tussen de |
Gewestregeringen en de federale overheid, goedgekeurd op 17 december | Gewestregeringen en de federale overheid, goedgekeurd op 17 december |
2015; | 2015; |
Gelet op advies 58.896/4 van de Raad van State, gegeven op 29 februari | Gelet op advies 58.896/4 van de Raad van State, gegeven op 29 februari |
2016, overeenkomstig artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op | 2016, overeenkomstig artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op |
de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Besluit: | Besluit: |
Artikel 1.Bij dit besluit wordt Richtlijn (EU) 2015/1955 van de |
Artikel 1.Bij dit besluit wordt Richtlijn (EU) 2015/1955 van de |
Commissie van 29 oktober 2015 tot wijziging van bijlagen I en II bij | Commissie van 29 oktober 2015 tot wijziging van bijlagen I en II bij |
Richtlijn 66/402/EEG van de Raad betreffende het in de handel brengen | Richtlijn 66/402/EEG van de Raad betreffende het in de handel brengen |
van zaaigranen omgezet. | van zaaigranen omgezet. |
Art. 2.Bijlage I bij het besluit van de Waalse Regering van 9 |
Art. 2.Bijlage I bij het besluit van de Waalse Regering van 9 |
februari 2006 betreffende de productie en het in de handel brengen van | februari 2006 betreffende de productie en het in de handel brengen van |
zaaigranen word, zoals vervangen door het ministerieel besluit van 16 | zaaigranen word, zoals vervangen door het ministerieel besluit van 16 |
april 2010 en gewijzigd bij het ministerieel besluit van 7 juni 2012, | april 2010 en gewijzigd bij het ministerieel besluit van 7 juni 2012, |
gewijzigd als volgt : | gewijzigd als volgt : |
1° onder punt 5) wordt de eerste volzin vervangen door volgende tekst | 1° onder punt 5) wordt de eerste volzin vervangen door volgende tekst |
: | : |
5) Gewassen voor de productie van gecertificeerd zaad van hybriden van | 5) Gewassen voor de productie van gecertificeerd zaad van hybriden van |
Avena nuda, Avena sativa, Avena strigosa, Oryza sativa, Triticum | Avena nuda, Avena sativa, Avena strigosa, Oryza sativa, Triticum |
aestivum, Triticum durum, Triticum spelta en zelfbestuivende | aestivum, Triticum durum, Triticum spelta en zelfbestuivende |
xTriticosecale en gewassen bestemd voor de productie van | xTriticosecale en gewassen bestemd voor de productie van |
gecertificeerd zaad van hybriden van Hordeum vulgare via een andere | gecertificeerd zaad van hybriden van Hordeum vulgare via een andere |
techniek dan de cytoplasmatische mannelijke steriliteit (CMS)"; | techniek dan de cytoplasmatische mannelijke steriliteit (CMS)"; |
2° na punt 5) wordt de tekst vervangen door volgende tekst: | 2° na punt 5) wordt de tekst vervangen door volgende tekst: |
« 5/1) Gewassen voor de productie van basiszaad of gecertificeerd | « 5/1) Gewassen voor de productie van basiszaad of gecertificeerd |
hybride zaad Hordeum vulgare via de CMS-techniek : | hybride zaad Hordeum vulgare via de CMS-techniek : |
a) het gewas moet voldoen aan de onderstaande normen betreffende de | a) het gewas moet voldoen aan de onderstaande normen betreffende de |
afstand tot dicht in de buurt gelegen bestuivingsbronnen die tot | afstand tot dicht in de buurt gelegen bestuivingsbronnen die tot |
ongewenste vreemdbestuiving kunnen leiden: | ongewenste vreemdbestuiving kunnen leiden: |
Gewas | Gewas |
Minimumafstand | Minimumafstand |
Voor de productie van basiszaad | Voor de productie van basiszaad |
100 m | 100 m |
Voor de productie van gecertificeerd zaad | Voor de productie van gecertificeerd zaad |
50 m | 50 m |
b) Het gewas moet voldoende rasecht en raszuiver zijn wat de kenmerken | b) Het gewas moet voldoende rasecht en raszuiver zijn wat de kenmerken |
van de kruisingspartners betreft. | van de kruisingspartners betreft. |
Ze voldoet met name aan volgende normen : | Ze voldoet met name aan volgende normen : |
i) het percentage aan aantal planten die duidelijk niet type-conform | i) het percentage aan aantal planten die duidelijk niet type-conform |
zijn is niet hoger dan : | zijn is niet hoger dan : |
- voor de gewassen bestemd voor de productie van basiszaad, 0,1 % voor | - voor de gewassen bestemd voor de productie van basiszaad, 0,1 % voor |
de instandhoudende lijn en de herstellende lijn en 0,2 % voor de | de instandhoudende lijn en de herstellende lijn en 0,2 % voor de |
vrouwelijke CMS-kruisingspartner; | vrouwelijke CMS-kruisingspartner; |
- voor de gewassen bestemd voor de productie van gecertificeerd zaad, | - voor de gewassen bestemd voor de productie van gecertificeerd zaad, |
0,3 % voor de herstellende lijn en 0,5 % in de gevallen waarin voor de | 0,3 % voor de herstellende lijn en 0,5 % in de gevallen waarin voor de |
vrouwelijke CMS-kruisingspartner een enkelvoudige hybride is; | vrouwelijke CMS-kruisingspartner een enkelvoudige hybride is; |
ii) het mannelijk steriliteitspercentage van de vrouwelijke | ii) het mannelijk steriliteitspercentage van de vrouwelijke |
kruisingspartner is minstens gelijk aan : | kruisingspartner is minstens gelijk aan : |
- 99,7 % voor de gewassen gebruikt voor de productie van basiszaad; | - 99,7 % voor de gewassen gebruikt voor de productie van basiszaad; |
- 99,5 % voor de gewassen gebruikt voor de productie van | - 99,5 % voor de gewassen gebruikt voor de productie van |
gecertificeerd zaad; | gecertificeerd zaad; |
iii) de eisen verwoord in de punten i) en ii) worden in het kader van | iii) de eisen verwoord in de punten i) en ii) worden in het kader van |
een officiële nacontrole geëvalueerd; | een officiële nacontrole geëvalueerd; |
c) het gecertificeerd zaad kan worden geproduceerd in gemengde teelt | c) het gecertificeerd zaad kan worden geproduceerd in gemengde teelt |
van een vrouwelijke, mannelijke steriele kruisingspartner met een | van een vrouwelijke, mannelijke steriele kruisingspartner met een |
mannelijke kruisingspartner die de mannelijke fertiliteit herstelt. ». | mannelijke kruisingspartner die de mannelijke fertiliteit herstelt. ». |
Art. 3.Bijlage II bij hetzelfde besluit zoals gewijzigd bij het |
Art. 3.Bijlage II bij hetzelfde besluit zoals gewijzigd bij het |
ministerieel besluit van 16 april 2010 wordt gewijzigd als volgt : | ministerieel besluit van 16 april 2010 wordt gewijzigd als volgt : |
1° punt 1), C., wordt vervangen door volgende tekst: | 1° punt 1), C., wordt vervangen door volgende tekst: |
« C. Hybriden van Avena nuda, Avena sativa, Avena strigosa, Hordeum | « C. Hybriden van Avena nuda, Avena sativa, Avena strigosa, Hordeum |
vulgare, Oryza sativa, Triticum aestivum, Triticum durum, Triticum | vulgare, Oryza sativa, Triticum aestivum, Triticum durum, Triticum |
spelta en zelfbestuivende xTriticosecale. | spelta en zelfbestuivende xTriticosecale. |
De minimale raszuiverheid van zaad van de categorie "gecertificeerd | De minimale raszuiverheid van zaad van de categorie "gecertificeerd |
zaad" moet 90 % bedragen. | zaad" moet 90 % bedragen. |
In het geval van Hordeum vulgare, geproduceerd met CSM, bedraagt ze 85 | In het geval van Hordeum vulgare, geproduceerd met CSM, bedraagt ze 85 |
% . De andere onzuiverheden dan de hersteller mogen 2 % niet | % . De andere onzuiverheden dan de hersteller mogen 2 % niet |
overschrijden. | overschrijden. |
De minimale raszuiverheid wordt gecontroleerd via officiële | De minimale raszuiverheid wordt gecontroleerd via officiële |
nacontroles op een adequaat gedeelte van de zaadmonsters. »; | nacontroles op een adequaat gedeelte van de zaadmonsters. »; |
2° in punt 1), E., wordt de titel vervangen als volgt : | 2° in punt 1), E., wordt de titel vervangen als volgt : |
« E. Hybriden van Secale cereale en hybriden van Hordeum vulgare | « E. Hybriden van Secale cereale en hybriden van Hordeum vulgare |
geproduceerd via CMS ». | geproduceerd via CMS ». |
Art. 4.Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2016. |
Art. 4.Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2016. |
Namen, 2 juni 2016. | Namen, 2 juni 2016. |
R. COLLIN | R. COLLIN |