Besluit van de Waalse Regering waarbij door het Gewest een tegemoetkoming wordt verleend aan rechtspersonen met het oog op de oprichting van transitwoningen | Besluit van de Waalse Regering waarbij door het Gewest een tegemoetkoming wordt verleend aan rechtspersonen met het oog op de oprichting van transitwoningen |
---|---|
MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST | MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST |
11 FEBRUARI 1999. - Besluit van de Waalse Regering waarbij door het | 11 FEBRUARI 1999. - Besluit van de Waalse Regering waarbij door het |
Gewest een tegemoetkoming wordt verleend aan rechtspersonen met het | Gewest een tegemoetkoming wordt verleend aan rechtspersonen met het |
oog op de oprichting van transitwoningen | oog op de oprichting van transitwoningen |
De Waalse Regering, | De Waalse Regering, |
Gelet op de Waalse Huisvestingscode, inzonderheid op de artikelen 31, | Gelet op de Waalse Huisvestingscode, inzonderheid op de artikelen 31, |
35 tot en met 43 en 79; | 35 tot en met 43 en 79; |
Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en | Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en |
Patrimonium, inzonderheid op de artikelen 173 en 182; | Patrimonium, inzonderheid op de artikelen 173 en 182; |
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën; | Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën; |
Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting; | Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wetten van 4 | 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wetten van 4 |
juli 1989 en 4 augustus 1996; | juli 1989 en 4 augustus 1996; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid, gegrond op de inwerkingtreding | Gelet op de dringende noodzakelijkheid, gegrond op de inwerkingtreding |
van de Waalse Huisvestingscode op 1 maart 1999, waarbij de | van de Waalse Huisvestingscode op 1 maart 1999, waarbij de |
uitvoeringsbesluiten van de voormalige Huisvestingscode vóór deze | uitvoeringsbesluiten van de voormalige Huisvestingscode vóór deze |
datum verplicht aangepast moeten worden aan de nieuwe decretale | datum verplicht aangepast moeten worden aan de nieuwe decretale |
bepalingen; | bepalingen; |
Overwegende dat de aanpassing van de verschillende informatiesystemen | Overwegende dat de aanpassing van de verschillende informatiesystemen |
per 1 maart 1999 doorgevoerd moet zijn; | per 1 maart 1999 doorgevoerd moet zijn; |
Overwegende dat daarmee bedoeld worden de informatica- en | Overwegende dat daarmee bedoeld worden de informatica- en |
bestuursprocedures, maar ook de bij de uitvoeringsbesluiten van de | bestuursprocedures, maar ook de bij de uitvoeringsbesluiten van de |
Code opgelegde administratieve documenten, alsmede de voorlichting van | Code opgelegde administratieve documenten, alsmede de voorlichting van |
de personeelsleden; | de personeelsleden; |
Overwegende dat de bepalingen van de Code omwille van de | Overwegende dat de bepalingen van de Code omwille van de |
rechtszekerheid en de continuïteit van de diensten bijgevolg dringend | rechtszekerheid en de continuïteit van de diensten bijgevolg dringend |
aangenomen moeten worden; | aangenomen moeten worden; |
Op de voordracht van de Minister van Sociale Actie, Huisvesting en | Op de voordracht van de Minister van Sociale Actie, Huisvesting en |
Gezondheid, | Gezondheid, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : |
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : |
1° de Minister : de Minister van Huisvesting; | 1° de Minister : de Minister van Huisvesting; |
2° het bestuur : de Afdeling Huisvesting van het Directoraat-generaal | 2° het bestuur : de Afdeling Huisvesting van het Directoraat-generaal |
Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie | Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie |
van het Waals Gewest; | van het Waals Gewest; |
3° de aanvrager : een plaatselijk bestuur of een sociale instelling; | 3° de aanvrager : een plaatselijk bestuur of een sociale instelling; |
4° kostprijs van de woning : het bedrag van de uitgaven die als | 4° kostprijs van de woning : het bedrag van de uitgaven die als |
dusdanig in rekening zijn gebracht door de aanvrager met het oog op de | dusdanig in rekening zijn gebracht door de aanvrager met het oog op de |
aankoop, de renovatie van een verbeterbare woning of de | aankoop, de renovatie van een verbeterbare woning of de |
herstructurering van een gebouw, alle kosten inbegrepen, de waarde van | herstructurering van een gebouw, alle kosten inbegrepen, de waarde van |
de bouwgrond en de kostprijs voor het aanleggen van de directe | de bouwgrond en de kostprijs voor het aanleggen van de directe |
omgeving uitgesloten. | omgeving uitgesloten. |
Art. 2.De Minister kan een subsidie aan de aanvrager toekennen voor |
Art. 2.De Minister kan een subsidie aan de aanvrager toekennen voor |
de renovatie van een verbeterbare woning of de herstructurering van | de renovatie van een verbeterbare woning of de herstructurering van |
een gebouw om er transitwoningen van te maken, voor zover de kosten | een gebouw om er transitwoningen van te maken, voor zover de kosten |
voor de werken bedoeld in artikel 3 niet gedragen worden door de | voor de werken bedoeld in artikel 3 niet gedragen worden door de |
overheid krachtens andere wettelijke of regelgevende bepalingen. | overheid krachtens andere wettelijke of regelgevende bepalingen. |
Art. 3.§ 1. De subsidie wordt bepaald op 90 % van de kostprijs van de |
Art. 3.§ 1. De subsidie wordt bepaald op 90 % van de kostprijs van de |
renovatie van een verbeterbare woning of de herstructurering van een | renovatie van een verbeterbare woning of de herstructurering van een |
gebouw. | gebouw. |
De subsidie bedraagt volle 100 % van de bovenvermelde kosten voor | De subsidie bedraagt volle 100 % van de bovenvermelde kosten voor |
gebouwen die in een specifieke wijk gelegen zijn. | gebouwen die in een specifieke wijk gelegen zijn. |
In de zin van dit besluit wordt verstaan onder specifieke wijk : | In de zin van dit besluit wordt verstaan onder specifieke wijk : |
1° een gebied bedoeld in artikel 79, § 2, 2°, 3° en 4°, van de Waalse | 1° een gebied bedoeld in artikel 79, § 2, 2°, 3° en 4°, van de Waalse |
Huisvestingscode; | Huisvestingscode; |
2° een prioritaire actiezone bedoeld in artikel 4 van het besluit van | 2° een prioritaire actiezone bedoeld in artikel 4 van het besluit van |
de Waalse Regering van 6 maart 1997 tot uitvoering van het decreet van | de Waalse Regering van 6 maart 1997 tot uitvoering van het decreet van |
4 juli 1996 betreffende de integratie van vreemdelingen of van | 4 juli 1996 betreffende de integratie van vreemdelingen of van |
personen van buitenlandse herkomst; | personen van buitenlandse herkomst; |
3° een krachtens artikel 173 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke | 3° een krachtens artikel 173 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke |
Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende stadsvernieuwingsomtrek; | Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende stadsvernieuwingsomtrek; |
4° een krachtens artikel 167 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke | 4° een krachtens artikel 167 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke |
Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende afgedankte bedrijfsruimte. | Ordening, Stedenbouw en Patrimonium erkende afgedankte bedrijfsruimte. |
§ 2. Als een verbeterbaar gebouw gedeeltelijk gesloopt moet worden, | § 2. Als een verbeterbaar gebouw gedeeltelijk gesloopt moet worden, |
omvatten de betreffende werken bedoeld in artikel 1, 13°, van de | omvatten de betreffende werken bedoeld in artikel 1, 13°, van de |
Waalse Huisvestingscode de sloping en de heropbouw van een | Waalse Huisvestingscode de sloping en de heropbouw van een |
gebouwvolume dat overeenstemt met het gesloopte gedeelte. | gebouwvolume dat overeenstemt met het gesloopte gedeelte. |
§ 3. De aanvrager kan het gebouw gedeeltelijk een andere bestemming | § 3. De aanvrager kan het gebouw gedeeltelijk een andere bestemming |
geven dan de bewoning. | geven dan de bewoning. |
In dat geval wordt de subsidie toegekend in verhouding tot de | In dat geval wordt de subsidie toegekend in verhouding tot de |
oppervlakte die voor huisvesting wordt gebruikt. | oppervlakte die voor huisvesting wordt gebruikt. |
§ 4. De volgende werken komen niet in aanmerking voor de berekening | § 4. De volgende werken komen niet in aanmerking voor de berekening |
van de toelage : | van de toelage : |
1° de werken ter verfraaiing van de huisgevels die niet om redenen van | 1° de werken ter verfraaiing van de huisgevels die niet om redenen van |
ongezondheid van de woning worden uitgevoerd; | ongezondheid van de woning worden uitgevoerd; |
2° de afwerking, met uitzondering van de afwerking van de | 2° de afwerking, met uitzondering van de afwerking van de |
gemeenschappelijke ruimten van de gebouwen; | gemeenschappelijke ruimten van de gebouwen; |
3° de werken voor het aanleggen van de directe omgeving. | 3° de werken voor het aanleggen van de directe omgeving. |
Art. 4.§ 1. De subsidie wordt toegekend mits naleving van de |
Art. 4.§ 1. De subsidie wordt toegekend mits naleving van de |
voorwaarden bedoeld in de §§ 2 tot en met 6. | voorwaarden bedoeld in de §§ 2 tot en met 6. |
§ 2. De kostprijs van de woning mag niet meer bedragen dan BEF 1 600 | § 2. De kostprijs van de woning mag niet meer bedragen dan BEF 1 600 |
000 voor een huis of BEF 1 400 000 voor een appartement of BEF 800 000 | 000 voor een huis of BEF 1 400 000 voor een appartement of BEF 800 000 |
voor een collectieve woning. De kostprijs van de werken per vierkante | voor een collectieve woning. De kostprijs van de werken per vierkante |
meter nuttige woonoppervlakte mag, BTW niet inbegrepen, het bedrag van | meter nuttige woonoppervlakte mag, BTW niet inbegrepen, het bedrag van |
BEF 20 000 niet overschrijden. | BEF 20 000 niet overschrijden. |
Wat betreft flatgebouwen en collectieve woningen zijn de kosten van de | Wat betreft flatgebouwen en collectieve woningen zijn de kosten van de |
gemeenschappelijke ruimten inbegrepen in de kostprijs van de woningen. | gemeenschappelijke ruimten inbegrepen in de kostprijs van de woningen. |
Na een met redenen omkleed voorstel dat hem door het bestuur wordt | Na een met redenen omkleed voorstel dat hem door het bestuur wordt |
voorgelegd, mag de Minister toestaan dat van die bedragen wordt | voorgelegd, mag de Minister toestaan dat van die bedragen wordt |
afgeweken indien het gebouw op het vlak van monumentenzorg waardevol | afgeweken indien het gebouw op het vlak van monumentenzorg waardevol |
is of indien de meerkost toe te schrijven is aan een welbepaald werk. | is of indien de meerkost toe te schrijven is aan een welbepaald werk. |
§ 3. De opdracht tot het aanvatten van de werken moet gegeven worden | § 3. De opdracht tot het aanvatten van de werken moet gegeven worden |
binnen een termijn van twee jaar vanaf de kennisgeving van de | binnen een termijn van twee jaar vanaf de kennisgeving van de |
toekenning van de subsidie. | toekenning van de subsidie. |
De werken moeten beëindigd worden binnen een termijn van drie jaar | De werken moeten beëindigd worden binnen een termijn van drie jaar |
vanaf dezelfde kennisgeving. | vanaf dezelfde kennisgeving. |
Na een met redenen omkleed voorstel dat hem door het bestuur wordt | Na een met redenen omkleed voorstel dat hem door het bestuur wordt |
voorgelegd, mag de Minister toestaan dat de termijn met één jaar wordt | voorgelegd, mag de Minister toestaan dat de termijn met één jaar wordt |
verlengd. | verlengd. |
§ 4. De woning is conform de criteria die bepaald zijn in het besluit | § 4. De woning is conform de criteria die bepaald zijn in het besluit |
van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij de | van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij de |
gezondheidsnormen, de verbeterbaarheid van de woningen, alsmede de | gezondheidsnormen, de verbeterbaarheid van de woningen, alsmede de |
minimumnormen voor de toekenning van subsidies worden bepaald. | minimumnormen voor de toekenning van subsidies worden bepaald. |
§ 5. De aanvrager verbindt zich ertoe alle bewarende maatregelen te | § 5. De aanvrager verbindt zich ertoe alle bewarende maatregelen te |
treffen met betrekking tot het gebouw. | treffen met betrekking tot het gebouw. |
Art. 5.De aanvrager dient zijn subsidieaanvraag in bij het bestuur |
Art. 5.De aanvrager dient zijn subsidieaanvraag in bij het bestuur |
volgens de door de Minister bepaalde voorwaarden. | volgens de door de Minister bepaalde voorwaarden. |
Art. 6.De subsidie wordt in voorkomend geval pas verleend nadat een |
Art. 6.De subsidie wordt in voorkomend geval pas verleend nadat een |
stedenbouwkundige vergunning of attest is afgeleverd. | stedenbouwkundige vergunning of attest is afgeleverd. |
Het voorlopige bedrag van de overheidsbijdrage wordt bepaald op grond | Het voorlopige bedrag van de overheidsbijdrage wordt bepaald op grond |
van de raming van de vooropgestelde werken. | van de raming van de vooropgestelde werken. |
Het definitieve bedrag wordt bepaald op grond van de aanbesteding van | Het definitieve bedrag wordt bepaald op grond van de aanbesteding van |
de werken. | de werken. |
Die bedragen worden met 10 % vermeerderd als overheidsbijdrage tot de | Die bedragen worden met 10 % vermeerderd als overheidsbijdrage tot de |
algemene kosten. | algemene kosten. |
Het definitieve bedrag van de subsidie kan pas worden aangepast indien | Het definitieve bedrag van de subsidie kan pas worden aangepast indien |
tijdens de werken blijkt dat onverwachts moeilijkheden opduiken, wat | tijdens de werken blijkt dat onverwachts moeilijkheden opduiken, wat |
door overlegging van bewijsstukken moet worden gestaafd. | door overlegging van bewijsstukken moet worden gestaafd. |
Met uitzondering van de werken ter beveiliging van het gebouw mogen de | Met uitzondering van de werken ter beveiliging van het gebouw mogen de |
werken niet worden aangevat vóór de kennisgeving van de belofte dat er | werken niet worden aangevat vóór de kennisgeving van de belofte dat er |
een overheidsbijdrage wordt verleend. | een overheidsbijdrage wordt verleend. |
Art. 7.De subsidie wordt op de volgende wijze uitbetaald : |
Art. 7.De subsidie wordt op de volgende wijze uitbetaald : |
1° een eerste schijf van 40 % van het bedrag na overlegging van het | 1° een eerste schijf van 40 % van het bedrag na overlegging van het |
bevel tot aanvatten van de werken; | bevel tot aanvatten van de werken; |
2° een tweede schijf van 30 % op grond van stukken ter staving van de | 2° een tweede schijf van 30 % op grond van stukken ter staving van de |
aanwending van de eerste schijf; | aanwending van de eerste schijf; |
3° het resterend bedrag op basis van de eindrekening van de werken en | 3° het resterend bedrag op basis van de eindrekening van de werken en |
nadat het bestuur zich ter plaatse van hun verwezenlijking is komen | nadat het bestuur zich ter plaatse van hun verwezenlijking is komen |
vergewissen. | vergewissen. |
Art. 8.§ 1. Recht op bewoning van dergelijke woningen hebben gezinnen |
Art. 8.§ 1. Recht op bewoning van dergelijke woningen hebben gezinnen |
die in een precaire toestand verkeren of door overmacht hun woning | die in een precaire toestand verkeren of door overmacht hun woning |
verloren hebben. | verloren hebben. |
Het maandbedrag van het inkomen van het gezin bedoeld in artikel 1, | Het maandbedrag van het inkomen van het gezin bedoeld in artikel 1, |
29°, c van de Waalse Huisvestingscode en dat begeleid wordt door een | 29°, c van de Waalse Huisvestingscode en dat begeleid wordt door een |
dienst voor schuldbemiddeling mag niet meer bedragen dan 120 % van het | dienst voor schuldbemiddeling mag niet meer bedragen dan 120 % van het |
minimumbedrag van de bestaansmiddelen die overeenstemmen met de | minimumbedrag van de bestaansmiddelen die overeenstemmen met de |
samenstelling van het gezin. | samenstelling van het gezin. |
§ 2. Het gezin kan hoogstens zes maanden worden ondergebracht in een | § 2. Het gezin kan hoogstens zes maanden worden ondergebracht in een |
transitwoning. Na afloop van die termijn kan de aanvrager die termijn | transitwoning. Na afloop van die termijn kan de aanvrager die termijn |
met hoogstens zes maanden verlengen, indien het gezin nog steeds door | met hoogstens zes maanden verlengen, indien het gezin nog steeds door |
overmacht zonder woning is of in een precaire toestand verkeert. | overmacht zonder woning is of in een precaire toestand verkeert. |
Art. 9.De maandelijkse vergoeding voor het betrekken van een |
Art. 9.De maandelijkse vergoeding voor het betrekken van een |
transitwoning mag niet meer bedragen dan 20 % van : | transitwoning mag niet meer bedragen dan 20 % van : |
1° het maandinkomen van het gezin bedoeld in artikel 1, 29°, a of b, | 1° het maandinkomen van het gezin bedoeld in artikel 1, 29°, a of b, |
van de Waalse Huisvestingscode; | van de Waalse Huisvestingscode; |
2° de maandelijkse bestaansmiddelen van het gezin bedoeld in artikel | 2° de maandelijkse bestaansmiddelen van het gezin bedoeld in artikel |
1, 29°, c, van de Waalse Huisvestingscode. | 1, 29°, c, van de Waalse Huisvestingscode. |
In dat bedrag zitten alle lasten vervat, behalve die voor water, gas, | In dat bedrag zitten alle lasten vervat, behalve die voor water, gas, |
elektriciteit, verwarming, kabelverdeling en telefoon. | elektriciteit, verwarming, kabelverdeling en telefoon. |
De verhouding tussen aanvrager en bewoner wordt geregeld door een | De verhouding tussen aanvrager en bewoner wordt geregeld door een |
overeenkomst voor precaire bewoning. | overeenkomst voor precaire bewoning. |
Art. 10.Door de aanvrager wordt aan het gezin gewaarborgd dat het |
Art. 10.Door de aanvrager wordt aan het gezin gewaarborgd dat het |
tijdens het bewonen van de transitwoning sociaal begeleid wordt met | tijdens het bewonen van de transitwoning sociaal begeleid wordt met |
het oog op diens overplaatsing naar een vaste woning. | het oog op diens overplaatsing naar een vaste woning. |
Door die begeleiding moet voorzien worden in het actieve zoeken naar | Door die begeleiding moet voorzien worden in het actieve zoeken naar |
een andere woning binnen een termijn die verenigbaar is met de | een andere woning binnen een termijn die verenigbaar is met de |
toestand van het gezin, met het rechttrekken van diens administratieve | toestand van het gezin, met het rechttrekken van diens administratieve |
en maatschappelijke toestand, met het bijeensparen van het geld nodig | en maatschappelijke toestand, met het bijeensparen van het geld nodig |
voor de huurwaarborg en de geregelde betaling van de vergoeding voor | voor de huurwaarborg en de geregelde betaling van de vergoeding voor |
het betrekken van een transitwoning. | het betrekken van een transitwoning. |
Indien nodig wordt door de begeleiding ervoor gezorgd dat het treffen | Indien nodig wordt door de begeleiding ervoor gezorgd dat het treffen |
van de nodige beslissingen, de responsabilisering van de betrokkenen, | van de nodige beslissingen, de responsabilisering van de betrokkenen, |
het adequate gebruik van de woning en het respect voor buurt en | het adequate gebruik van de woning en het respect voor buurt en |
omgeving worden bijgebracht. | omgeving worden bijgebracht. |
Art. 11.Jaarlijks legt de aanvrager ten laatste per 1 maart, en dit |
Art. 11.Jaarlijks legt de aanvrager ten laatste per 1 maart, en dit |
tijdens de eerste negen jaar waarin de woning betrokken wordt, een | tijdens de eerste negen jaar waarin de woning betrokken wordt, een |
verslag over aan het bestuur waarin alle stappen van bedoeld proces | verslag over aan het bestuur waarin alle stappen van bedoeld proces |
uiteen worden gezet. | uiteen worden gezet. |
Dat verslag wordt opgesteld overeenkomstig een model dat door het | Dat verslag wordt opgesteld overeenkomstig een model dat door het |
bestuur ter beschikking wordt gesteld. In dat verslag wordt melding | bestuur ter beschikking wordt gesteld. In dat verslag wordt melding |
gemaakt van de maatschappelijke toestand van het gezin, van de | gemaakt van de maatschappelijke toestand van het gezin, van de |
bedragen die betaald werden voor het betrekken van de toegewezen | bedragen die betaald werden voor het betrekken van de toegewezen |
woning en van de wijze waarop ze sociaal worden begeleid. | woning en van de wijze waarop ze sociaal worden begeleid. |
Art. 12.Het bedrag dat de tegemoetkomingsgerechtigde moet |
Art. 12.Het bedrag dat de tegemoetkomingsgerechtigde moet |
terugbetalen in geval van niet-naleving van de voorwaarden betreffende | terugbetalen in geval van niet-naleving van de voorwaarden betreffende |
de toekenning van de subsidie, wordt vastgesteld als volgt : R = | de toekenning van de subsidie, wordt vastgesteld als volgt : R = |
(1-(D/30)2) x M, | (1-(D/30)2) x M, |
waarbij : | waarbij : |
R staat voor het bedrag dat terugbetaald moet worden; | R staat voor het bedrag dat terugbetaald moet worden; |
D, voor de in jaren uitgedrukte duur van de periode waarin de | D, voor de in jaren uitgedrukte duur van de periode waarin de |
voorwaarden werden nageleefd; | voorwaarden werden nageleefd; |
M, voor het bedrag van de subsidie. | M, voor het bedrag van de subsidie. |
Art. 13.Dit besluit treedt in werking op 1 maart 1999. |
Art. 13.Dit besluit treedt in werking op 1 maart 1999. |
Art. 14.De Minister van Huisvesting is belast met de uitvoering van |
Art. 14.De Minister van Huisvesting is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Namen, 11 februari 1999. | Namen, 11 februari 1999. |
De Minister-President van de Waalse Regering, | De Minister-President van de Waalse Regering, |
belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en | belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en |
Patrimonium, | Patrimonium, |
R. COLLIGNON | R. COLLIGNON |
De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid, | De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid, |
W. TAMINIAUX | W. TAMINIAUX |