Besluit van de Vlaamse Regering over de uitvoering van het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst | Besluit van de Vlaamse Regering over de uitvoering van het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
31 MAART 2023. - Besluit van de Vlaamse Regering over de uitvoering | 31 MAART 2023. - Besluit van de Vlaamse Regering over de uitvoering |
van het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst | van het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst |
Rechtsgronden | Rechtsgronden |
Dit besluit is gebaseerd op: | Dit besluit is gebaseerd op: |
- de bijzondere wet tot hervorming der instellingen van 8 augustus | - de bijzondere wet tot hervorming der instellingen van 8 augustus |
1980, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993; | 1980, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993; |
- het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst, artikel | - het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteinsdienst, artikel |
8, tweede lid, artikel 10, § 1, eerste lid, gewijzigd bij het decreet | 8, tweede lid, artikel 10, § 1, eerste lid, gewijzigd bij het decreet |
van 21 januari 2022, en § 2, artikel 11, artikel 12, tweede lid, | van 21 januari 2022, en § 2, artikel 11, artikel 12, tweede lid, |
gewijzigd bij het decreet van 21 januari 2022, en zesde lid, artikel | gewijzigd bij het decreet van 21 januari 2022, en zesde lid, artikel |
13, § 2, gewijzigd bij het decreet van 21 januari 2022, artikel 14, | 13, § 2, gewijzigd bij het decreet van 21 januari 2022, artikel 14, |
artikel 17, § 1, en § 2, vervangen bij het decreet van 21 januari | artikel 17, § 1, en § 2, vervangen bij het decreet van 21 januari |
2022, en § 7, § 8 en § 11, ingevoegd bij het decreet van 21 januari | 2022, en § 7, § 8 en § 11, ingevoegd bij het decreet van 21 januari |
2022. | 2022. |
Vormvereisten | Vormvereisten |
De volgende vormvereisten zijn vervuld: | De volgende vormvereisten zijn vervuld: |
- De inspectie van Financiën heeft een gunstig advies gegeven op 5 | - De inspectie van Financiën heeft een gunstig advies gegeven op 5 |
december 2022. | december 2022. |
- De Raad van State heeft advies nr. 72.779/3 gegeven op 23 januari | - De Raad van State heeft advies nr. 72.779/3 gegeven op 23 januari |
2023, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | 2023, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. |
- De onderhandelingen met de representatieve vakorganisaties hebben | - De onderhandelingen met de representatieve vakorganisaties hebben |
plaatsgevonden. | plaatsgevonden. |
Initiatiefnemer | Initiatiefnemer |
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Mobiliteit | Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Mobiliteit |
en Openbare Werken. | en Openbare Werken. |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: | DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: |
HOOFDSTUK 1. - Definities | HOOFDSTUK 1. - Definities |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
1° decreet van 3 mei 2019: het decreet van 3 mei 2019 houdende de | 1° decreet van 3 mei 2019: het decreet van 3 mei 2019 houdende de |
havenkapiteinsdienst; | havenkapiteinsdienst; |
2° voorstel tot betaling: | 2° voorstel tot betaling: |
a) het voorstel van een onmiddellijke inning als vermeld in artikel | a) het voorstel van een onmiddellijke inning als vermeld in artikel |
17, § 1, van het decreet van 3 mei 2019; | 17, § 1, van het decreet van 3 mei 2019; |
b) het voorstel van een minnelijke schikking als vermeld in artikel | b) het voorstel van een minnelijke schikking als vermeld in artikel |
17, § 2, van het decreet van 3 mei 2019. | 17, § 2, van het decreet van 3 mei 2019. |
HOOFDSTUK 2. - Processen-verbaal | HOOFDSTUK 2. - Processen-verbaal |
Art. 2.§ 1. Als met toepassing van artikel 10 tot en met 14 van het |
Art. 2.§ 1. Als met toepassing van artikel 10 tot en met 14 van het |
decreet van 3 mei 2019 bij de vaststelling van een inbreuk een | decreet van 3 mei 2019 bij de vaststelling van een inbreuk een |
proces-verbaal wordt opgesteld, vermeldt dat proces-verbaal de | proces-verbaal wordt opgesteld, vermeldt dat proces-verbaal de |
volgende informatie: | volgende informatie: |
1° de datum waarop het proces-verbaal wordt opgesteld; | 1° de datum waarop het proces-verbaal wordt opgesteld; |
2° het unieke volgnummer van het proces-verbaal; | 2° het unieke volgnummer van het proces-verbaal; |
3° de identiteit van de overtreder of de veronderstelde overtreder, | 3° de identiteit van de overtreder of de veronderstelde overtreder, |
als die bekend is, en van de vaststeller; | als die bekend is, en van de vaststeller; |
4° de plaats, de datum en het tijdstip van de vastgestelde inbreuken; | 4° de plaats, de datum en het tijdstip van de vastgestelde inbreuken; |
5° de omschrijving van de vaststellingen, waaronder desgevallend de | 5° de omschrijving van de vaststellingen, waaronder desgevallend de |
opmerkingen van de overtreder; | opmerkingen van de overtreder; |
6° in voorkomend geval, de havenpolitieverordening of de | 6° in voorkomend geval, de havenpolitieverordening of de |
havenverkeersverordening waarop de inbreuken zijn gepleegd; | havenverkeersverordening waarop de inbreuken zijn gepleegd; |
7° in voorkomend geval, de artikelnummers van de verordeningen in | 7° in voorkomend geval, de artikelnummers van de verordeningen in |
kwestie of van alle andere wetten en reglementen waarop de inbreuken | kwestie of van alle andere wetten en reglementen waarop de inbreuken |
binnen het havengebied zijn gepleegd; | binnen het havengebied zijn gepleegd; |
8° in voorkomend geval, de informatie dat de inbreuken zijn | 8° in voorkomend geval, de informatie dat de inbreuken zijn |
vastgesteld door middel van beeldmateriaal van vaste of mobiele | vastgesteld door middel van beeldmateriaal van vaste of mobiele |
camera's. | camera's. |
Als gelijktijdige verschillende inbreuken ten laste van dezelfde | Als gelijktijdige verschillende inbreuken ten laste van dezelfde |
overtreder worden vastgesteld, worden de voormelde inbreuken vermeld | overtreder worden vastgesteld, worden de voormelde inbreuken vermeld |
in hetzelfde proces-verbaal. | in hetzelfde proces-verbaal. |
§ 2. Een afschrift van het proces-verbaal wordt aan de overtreder of, | § 2. Een afschrift van het proces-verbaal wordt aan de overtreder of, |
in de gevallen, vermeld in artikel 17, § 7 of § 8, van het decreet van | in de gevallen, vermeld in artikel 17, § 7 of § 8, van het decreet van |
3 mei 2019, aan de veronderstelde overtreder bezorgd uiterlijk dertig | 3 mei 2019, aan de veronderstelde overtreder bezorgd uiterlijk dertig |
dagen nadat de inbreuken zijn vastgesteld. | dagen nadat de inbreuken zijn vastgesteld. |
HOOFDSTUK 3. - Mededeling van de identiteit van de gezagvoerder of de | HOOFDSTUK 3. - Mededeling van de identiteit van de gezagvoerder of de |
bestuurder | bestuurder |
Art. 3.Met toepassing van artikel 17, § 7, tweede lid, of § 8, tweede |
Art. 3.Met toepassing van artikel 17, § 7, tweede lid, of § 8, tweede |
lid, van het decreet van 3 mei 2019, kan de veronderstelde overtreder | lid, van het decreet van 3 mei 2019, kan de veronderstelde overtreder |
de identiteit van de gezagvoerder van het vaartuig of de bestuurder | de identiteit van de gezagvoerder van het vaartuig of de bestuurder |
van het voertuig of havenvoertuig op het ogenblik van de inbreuk, en | van het voertuig of havenvoertuig op het ogenblik van de inbreuk, en |
het bewijs daarvan, meedelen aan de havenkapiteinsdienst binnen | het bewijs daarvan, meedelen aan de havenkapiteinsdienst binnen |
vijftien dagen vanaf de datum waarop het afschrift van het | vijftien dagen vanaf de datum waarop het afschrift van het |
proces-verbaal aan de veronderstelde overtreder is toegezonden. | proces-verbaal aan de veronderstelde overtreder is toegezonden. |
Als de veronderstelde overtreder heeft gehandeld conform artikel 17, § | Als de veronderstelde overtreder heeft gehandeld conform artikel 17, § |
7, tweede lid, of § 8, tweede lid, van het decreet van 3 mei 2019, | 7, tweede lid, of § 8, tweede lid, van het decreet van 3 mei 2019, |
wordt een afschrift van het proces-verbaal aan de aangeduide | wordt een afschrift van het proces-verbaal aan de aangeduide |
overtreder toegezonden uiterlijk dertig dagen na de mededeling, | overtreder toegezonden uiterlijk dertig dagen na de mededeling, |
vermeld in het eerste lid. | vermeld in het eerste lid. |
HOOFDSTUK 4. - Onmiddellijke inning en minnelijke schikking | HOOFDSTUK 4. - Onmiddellijke inning en minnelijke schikking |
Afdeling 1. - Tijdstip van het voorstel tot betaling | Afdeling 1. - Tijdstip van het voorstel tot betaling |
Art. 4.Vanaf het ogenblik dat een inbreuk op een |
Art. 4.Vanaf het ogenblik dat een inbreuk op een |
havenpolitieverordening of een havenverkeersverordening is vastgesteld | havenpolitieverordening of een havenverkeersverordening is vastgesteld |
en uiterlijk als het afschrift van het proces-verbaal, vermeld in | en uiterlijk als het afschrift van het proces-verbaal, vermeld in |
artikel 2, § 2, wordt verzonden, kan een voorstel tot betaling worden | artikel 2, § 2, wordt verzonden, kan een voorstel tot betaling worden |
gedaan. | gedaan. |
Afdeling 2. - Bedrag van de geldboete bij onmiddellijke inning | Afdeling 2. - Bedrag van de geldboete bij onmiddellijke inning |
Art. 5.Als een onmiddellijke inning wordt voorgesteld als vermeld in |
Art. 5.Als een onmiddellijke inning wordt voorgesteld als vermeld in |
artikel 17, § 1, van het decreet van 3 mei 2019, worden de bedragen | artikel 17, § 1, van het decreet van 3 mei 2019, worden de bedragen |
toegepast die zijn opgenomen in bijlage 1 en 2, die bij dit besluit | toegepast die zijn opgenomen in bijlage 1 en 2, die bij dit besluit |
zijn gevoegd. In voorkomend geval worden de voormelde bedragen | zijn gevoegd. In voorkomend geval worden de voormelde bedragen |
verhoogd conform de bepalingen van de voormelde bijlagen. | verhoogd conform de bepalingen van de voormelde bijlagen. |
Art. 6.Het bedrag dat wordt voorgesteld voor onmiddellijke inning van |
Art. 6.Het bedrag dat wordt voorgesteld voor onmiddellijke inning van |
de geldboete in geval van de eendaadse of meerdaadse samenloop van | de geldboete in geval van de eendaadse of meerdaadse samenloop van |
inbreuken, bedraagt maximaal 2000 euro. | inbreuken, bedraagt maximaal 2000 euro. |
Afdeling 3. - Betaling van de geldboete bij onmiddellijke inning of | Afdeling 3. - Betaling van de geldboete bij onmiddellijke inning of |
minnelijke schikking | minnelijke schikking |
Art. 7.De betaling, vermeld in artikel 17, § 1 of § 2, van het |
Art. 7.De betaling, vermeld in artikel 17, § 1 of § 2, van het |
decreet van 3 mei 2019, kan alleen op de volgende manieren gebeuren: | decreet van 3 mei 2019, kan alleen op de volgende manieren gebeuren: |
1° onmiddellijke betaling via een mobiele betaalterminal; | 1° onmiddellijke betaling via een mobiele betaalterminal; |
2° betaling via overschrijving. | 2° betaling via overschrijving. |
De betaling, vermeld in artikel 17, § 1 of § 2, van het decreet van 3 | De betaling, vermeld in artikel 17, § 1 of § 2, van het decreet van 3 |
mei 2019, kan niet in contant geld gebeuren. | mei 2019, kan niet in contant geld gebeuren. |
Het totale bedrag van de geldboete wordt met één enkele betaling | Het totale bedrag van de geldboete wordt met één enkele betaling |
voldaan. | voldaan. |
Art. 8.Als een voorstel van betaling onmiddellijk wordt betaald via |
Art. 8.Als een voorstel van betaling onmiddellijk wordt betaald via |
een betaalterminal, ontvangt de overtreder daarvan het | een betaalterminal, ontvangt de overtreder daarvan het |
betalingsbewijs. | betalingsbewijs. |
Art. 9.Als een voorstel van betaling niet onmiddellijk wordt betaald |
Art. 9.Als een voorstel van betaling niet onmiddellijk wordt betaald |
via een betaalterminal, ontvangt de overtreder, als dat mogelijk is, | via een betaalterminal, ontvangt de overtreder, als dat mogelijk is, |
dadelijk een document met richtlijnen om de geldboete via | dadelijk een document met richtlijnen om de geldboete via |
overschrijving te betalen. | overschrijving te betalen. |
Als een voorstel tot betaling wordt gedaan, wordt in elk geval samen | Als een voorstel tot betaling wordt gedaan, wordt in elk geval samen |
met het afschrift van het proces-verbaal, vermeld in artikel 2, § 2, | met het afschrift van het proces-verbaal, vermeld in artikel 2, § 2, |
en in voorkomend geval samen met het afschrift van het proces-verbaal, | en in voorkomend geval samen met het afschrift van het proces-verbaal, |
vermeld in artikel 3, tweede lid, een document verzonden met de | vermeld in artikel 3, tweede lid, een document verzonden met de |
richtlijnen om de geldboete via overschrijving te betalen. | richtlijnen om de geldboete via overschrijving te betalen. |
De geldboete wordt betaald binnen dertig dagen vanaf de datum waarop | De geldboete wordt betaald binnen dertig dagen vanaf de datum waarop |
het document, vermeld in het tweede lid, is verzonden. De datum van | het document, vermeld in het tweede lid, is verzonden. De datum van |
debitering van de rekening van de schuldenaar bij diens bankinstelling | debitering van de rekening van de schuldenaar bij diens bankinstelling |
geldt als bewijs van de datum van betaling. | geldt als bewijs van de datum van betaling. |
HOOFDSTUK 5. - Aansprakelijkheid van personeelsleden van de | HOOFDSTUK 5. - Aansprakelijkheid van personeelsleden van de |
havenkapiteinsdienst | havenkapiteinsdienst |
Art. 10.De maximale vergoeding die verschuldigd is door een |
Art. 10.De maximale vergoeding die verschuldigd is door een |
personeelslid van de havenkapiteinsdienst, in de omstandigheden, | personeelslid van de havenkapiteinsdienst, in de omstandigheden, |
vermeld in artikel 8, eerste lid, van het decreet van 3 mei 2019, | vermeld in artikel 8, eerste lid, van het decreet van 3 mei 2019, |
bedraagt per schadeverwekkende gebeurtenis: | bedraagt per schadeverwekkende gebeurtenis: |
1° voor de havenkapitein: 5000 euro; | 1° voor de havenkapitein: 5000 euro; |
2° voor de haveninspecteur: 2000 euro; | 2° voor de haveninspecteur: 2000 euro; |
3° voor de havenagent en havenluitenant: 1000 euro. | 3° voor de havenagent en havenluitenant: 1000 euro. |
HOOFDSTUK 6. - Slotbepaling | HOOFDSTUK 6. - Slotbepaling |
Art. 11.De Vlaamse minister, bevoegd voor de waterinfrastructuur en |
Art. 11.De Vlaamse minister, bevoegd voor de waterinfrastructuur en |
het waterbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit. | het waterbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 31 maart 2023. | Brussel, 31 maart 2023. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
J. JAMBON | J. JAMBON |
De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, | De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, |
L. PEETERS | L. PEETERS |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |