Besluit van de Vlaamse regering betreffende de subsidiëring van beheerders van openbare en privé-bossen | Besluit van de Vlaamse regering betreffende de subsidiëring van beheerders van openbare en privé-bossen |
---|---|
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP |
27 JUNI 2003. - Besluit van de Vlaamse regering betreffende de | 27 JUNI 2003. - Besluit van de Vlaamse regering betreffende de |
subsidiëring van beheerders van openbare en privé-bossen | subsidiëring van beheerders van openbare en privé-bossen |
De Vlaamse regering, | De Vlaamse regering, |
Gelet op het Bosdecreet van 13 juni 1990, inzonderheid op artikel 7, | Gelet op het Bosdecreet van 13 juni 1990, inzonderheid op artikel 7, |
vervangen bij het decreet van 18 mei 1999, en op artikel 13, gewijzigd | vervangen bij het decreet van 18 mei 1999, en op artikel 13, gewijzigd |
bij de decreten van 23 januari 1991 en 18 mei 1999, en op artikel | bij de decreten van 23 januari 1991 en 18 mei 1999, en op artikel |
19bis , ingevoegd bij het decreet van 21 oktober 1997 en vervangen bij | 19bis , ingevoegd bij het decreet van 21 oktober 1997 en vervangen bij |
het decreet van 19 juli 2002 en op artikel 85, gewijzigd bij het | het decreet van 19 juli 2002 en op artikel 85, gewijzigd bij het |
decreet van 18 mei 1999, en op artikel 87, gewijzigd bij de decreten | decreet van 18 mei 1999, en op artikel 87, gewijzigd bij de decreten |
van 23 januari 1991 en 22 oktober 1996; | van 23 januari 1991 en 22 oktober 1996; |
Gelet op het koninklijk besluit van 23 juli 1981 betreffende de | Gelet op het koninklijk besluit van 23 juli 1981 betreffende de |
subsidiëring van bepaalde werken, leveringen en diensten die in het | subsidiëring van bepaalde werken, leveringen en diensten die in het |
Vlaams Gewest door of op initiatief van ondergeschikte besturen of | Vlaams Gewest door of op initiatief van ondergeschikte besturen of |
ermee gelijkgestelde rechtspersonen worden uitgevoerd, inzonderheid op | ermee gelijkgestelde rechtspersonen worden uitgevoerd, inzonderheid op |
artikel 4, 16° en 18°; | artikel 4, 16° en 18°; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1991 | Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1991 |
betreffende de subsidiëring van de eigenaars van privé-bossen en de | betreffende de subsidiëring van de eigenaars van privé-bossen en de |
erkenning van bosgroeperingen van privé-boseigenaars, gewijzigd bij | erkenning van bosgroeperingen van privé-boseigenaars, gewijzigd bij |
het besluit van de Vlaamse regering van 26 november 1999; | het besluit van de Vlaamse regering van 26 november 1999; |
Gelet op het advies van de Vlaamse Hoge Bosraad, gegeven op 29 juni | Gelet op het advies van de Vlaamse Hoge Bosraad, gegeven op 29 juni |
2001; | 2001; |
Gelet op het advies van de Vlaamse Hoge Raad voor het Natuurbehoud, | Gelet op het advies van de Vlaamse Hoge Raad voor het Natuurbehoud, |
gegeven op 9 september 2001; | gegeven op 9 september 2001; |
Gelet op het verslag betreffende de vergadering van 6 maart 2002 van | Gelet op het verslag betreffende de vergadering van 6 maart 2002 van |
de Interministeriële conferentie voor het Leefmilieu, ter inachtneming | de Interministeriële conferentie voor het Leefmilieu, ter inachtneming |
van het voorschrift van artikel 6, § 2, 1° van de bijzondere wet van 8 | van het voorschrift van artikel 6, § 2, 1° van de bijzondere wet van 8 |
augustus 1980 tot hervorming van de instellingen; | augustus 1980 tot hervorming van de instellingen; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
begroting, gegeven op 26 juni 2002; | begroting, gegeven op 26 juni 2002; |
Gelet op advies 33.799/3 van de Raad van State, gegeven op 4 februari | Gelet op advies 33.799/3 van de Raad van State, gegeven op 4 februari |
2003, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de | 2003, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de |
gecoördineerde wetten op de Raad van State; | gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking; | Ontwikkelingssamenwerking; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder : |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder : |
1° aanbevolen herkomst : herkomst van een boom- of struiksoort die | 1° aanbevolen herkomst : herkomst van een boom- of struiksoort die |
door het Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer aanbevolen wordt voor | door het Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer aanbevolen wordt voor |
gebruik in Vlaanderen; | gebruik in Vlaanderen; |
2° bezaaiing : het bebossen of herbebossen van een terrein door middel | 2° bezaaiing : het bebossen of herbebossen van een terrein door middel |
van inzaaiing van zaden van bomen of struiken; | van inzaaiing van zaden van bomen of struiken; |
3° natuurlijke verjonging : bebossings- of herbebossingstechniek | 3° natuurlijke verjonging : bebossings- of herbebossingstechniek |
waarbij zich, op spontane wijze of na kunstmatige | waarbij zich, op spontane wijze of na kunstmatige |
terreinvoorbereiding, een nieuwe generatie van bomen en/of struiken | terreinvoorbereiding, een nieuwe generatie van bomen en/of struiken |
vestigt. Door de mens wordt hierbij niet geplant of gezaaid; | vestigt. Door de mens wordt hierbij niet geplant of gezaaid; |
4° grondvlak : som van de gezamenlijke oppervlakte van de | 4° grondvlak : som van de gezamenlijke oppervlakte van de |
stamdoorsneden van de bomen die aanwezig zijn op een bosperceel, | stamdoorsneden van de bomen die aanwezig zijn op een bosperceel, |
gemeten op 1,5 meter hoogte en uitgedrukt in m2 per ha; | gemeten op 1,5 meter hoogte en uitgedrukt in m2 per ha; |
5° het decreet : het Bosdecreet van 13 juni 1990. | 5° het decreet : het Bosdecreet van 13 juni 1990. |
6° vogelrichtlijngebied : | 6° vogelrichtlijngebied : |
a) elk gebied dat door de Vlaamse regering definitief is vastgesteld | a) elk gebied dat door de Vlaamse regering definitief is vastgesteld |
in de zin van artikel 36bis , § 6, van het Decreet Natuurbehoud en | in de zin van artikel 36bis , § 6, van het Decreet Natuurbehoud en |
waarvan het definitief vaststellingsbesluit krachtens artikel 36bis , | waarvan het definitief vaststellingsbesluit krachtens artikel 36bis , |
§ 7, laatste lid, van hetzelfde decreet tevens het aanwijzingsbesluit | § 7, laatste lid, van hetzelfde decreet tevens het aanwijzingsbesluit |
vormt zoals bedoeld in artikel 36bis , § 9, van dat decreet; | vormt zoals bedoeld in artikel 36bis , § 9, van dat decreet; |
b) elke in artikel 36bis , § 13, van het Decreet Natuurbehoud bedoelde | b) elke in artikel 36bis , § 13, van het Decreet Natuurbehoud bedoelde |
zone, of elk daarin bedoeld onderdeel van een zone, van het besluit | zone, of elk daarin bedoeld onderdeel van een zone, van het besluit |
van de Vlaamse regering van 17 oktober 1988 tot aanwijzing van | van de Vlaamse regering van 17 oktober 1988 tot aanwijzing van |
speciale beschermingszones in de zin van artikel 4 van de | speciale beschermingszones in de zin van artikel 4 van de |
Vogelrichtlijn; | Vogelrichtlijn; |
c) elk in artikel 75 van het Decreet Natuurbehoud bedoeld gedeelte van | c) elk in artikel 75 van het Decreet Natuurbehoud bedoeld gedeelte van |
een in artikel 1, § 3, van het besluit van de Vlaamse regering van 17 | een in artikel 1, § 3, van het besluit van de Vlaamse regering van 17 |
oktober 1988 bedoelde zone; | oktober 1988 bedoelde zone; |
7° habitatrichtlijngebied : | 7° habitatrichtlijngebied : |
a) elk gebied dat door de Vlaamse regering in uitvoering van artikel | a) elk gebied dat door de Vlaamse regering in uitvoering van artikel |
36bis , § 9, van het Decreet Natuurbehoud is aangewezen als speciale | 36bis , § 9, van het Decreet Natuurbehoud is aangewezen als speciale |
beschermingszone nadat de Europese Commissie het van communautair | beschermingszone nadat de Europese Commissie het van communautair |
belang heeft verklaard; | belang heeft verklaard; |
b) elk gebied dat in aanmerking komt als speciale beschermingszone en | b) elk gebied dat in aanmerking komt als speciale beschermingszone en |
door de Vlaamse regering definitief is vastgesteld in de zin van | door de Vlaamse regering definitief is vastgesteld in de zin van |
artikel 36bis , § 6 of § 12, van het Decreet Natuurbehoud; ». | artikel 36bis , § 6 of § 12, van het Decreet Natuurbehoud; ». |
Art. 2.§ 1. Binnen de perken van de begrotingskredieten verleent de |
Art. 2.§ 1. Binnen de perken van de begrotingskredieten verleent de |
minister subsidies aan bosbeheerders voor herbebossing, openstelling, | minister subsidies aan bosbeheerders voor herbebossing, openstelling, |
voor de bevordering van de ecologische functie of voor het opstellen | voor de bevordering van de ecologische functie of voor het opstellen |
van een beheerplan dat voldoet aan de criteria voor duurzaam bosbeheer | van een beheerplan dat voldoet aan de criteria voor duurzaam bosbeheer |
of aan natuurlijke personen of rechtspersonen die een bebossing willen | of aan natuurlijke personen of rechtspersonen die een bebossing willen |
uitvoeren. | uitvoeren. |
§ 2. De subsidies worden toegekend aan de aanvrager volgens de | § 2. De subsidies worden toegekend aan de aanvrager volgens de |
volgorde van registratie door het Bosbeheer. | volgorde van registratie door het Bosbeheer. |
Art. 3.Een subsidie wordt alleen toegekend op voorwaarde dat : |
Art. 3.Een subsidie wordt alleen toegekend op voorwaarde dat : |
1° aan de verplichtingen van artikel 43 van het decreet met betrekking | 1° aan de verplichtingen van artikel 43 van het decreet met betrekking |
tot het opstellen van een bosbeheerplan voldaan werd. Voor de | tot het opstellen van een bosbeheerplan voldaan werd. Voor de |
subsidies, vastgesteld in hoofdstuk II volstaat het wanneer op het | subsidies, vastgesteld in hoofdstuk II volstaat het wanneer op het |
ogenblik van de definitieve aanvaarding van de werken voldaan is aan | ogenblik van de definitieve aanvaarding van de werken voldaan is aan |
deze verplichtingen; | deze verplichtingen; |
2° de werkzaamheden en diensten waarvoor een subsidie wordt | 2° de werkzaamheden en diensten waarvoor een subsidie wordt |
aangevraagd niet in strijd zijn met de bepalingen van een goedgekeurd | aangevraagd niet in strijd zijn met de bepalingen van een goedgekeurd |
beheerplan; | beheerplan; |
3° de aanvrager voor het onroerend goed in kwestie of voor andere | 3° de aanvrager voor het onroerend goed in kwestie of voor andere |
onroerende goederen die onder toepassing van het decreet vallen, de | onroerende goederen die onder toepassing van het decreet vallen, de |
laatste drie jaar niet in overtreding is geweest met de bepalingen van | laatste drie jaar niet in overtreding is geweest met de bepalingen van |
dit decreet en zijn uitvoeringsbesluiten; | dit decreet en zijn uitvoeringsbesluiten; |
4° de werkzaamheden en diensten waarvoor subsidie wordt aangevraagd | 4° de werkzaamheden en diensten waarvoor subsidie wordt aangevraagd |
niet in strijd zijn met de bepalingen van een goedgekeurd | niet in strijd zijn met de bepalingen van een goedgekeurd |
natuurrichtplan ter uitvoering van artikel 48 van het decreet | natuurrichtplan ter uitvoering van artikel 48 van het decreet |
natuurbehoud; | natuurbehoud; |
5° als het onroerend goed gelegen is in een vogelrichtlijngebied of | 5° als het onroerend goed gelegen is in een vogelrichtlijngebied of |
een habitatrichtlijngebied, de werkzaamheden en diensten waarvoor | een habitatrichtlijngebied, de werkzaamheden en diensten waarvoor |
subsidie wordt aangevraagd, niet in strijd zijn met de bepalingen van | subsidie wordt aangevraagd, niet in strijd zijn met de bepalingen van |
artikel 36ter van het Decreet Natuurbehoud. | artikel 36ter van het Decreet Natuurbehoud. |
HOOFDSTUK II. - Subsidie voor bebossing en herbebossing | HOOFDSTUK II. - Subsidie voor bebossing en herbebossing |
Art. 4.§ 1. Aan elke bosbeheerder kan een subsidie worden verleend |
Art. 4.§ 1. Aan elke bosbeheerder kan een subsidie worden verleend |
voor de beplanting of bezaaiing met houtachtige gewassen waarvan de | voor de beplanting of bezaaiing met houtachtige gewassen waarvan de |
lijst is opgenomen in bijlage I, gevoegd bij dit besluit. De totale | lijst is opgenomen in bijlage I, gevoegd bij dit besluit. De totale |
oppervlakte moet ten minste 0,5 hectare beslaan. Bij de beplanting | oppervlakte moet ten minste 0,5 hectare beslaan. Bij de beplanting |
moeten de minimale stamtallen per hectare, zoals vermeld in bijlage II | moeten de minimale stamtallen per hectare, zoals vermeld in bijlage II |
bij dit besluit gerespecteerd worden. Bij een bezaaiing moeten | bij dit besluit gerespecteerd worden. Bij een bezaaiing moeten |
minstens 2500 planten per hectare aanwezig zijn op het ogenblik van de | minstens 2500 planten per hectare aanwezig zijn op het ogenblik van de |
eerste controle. | eerste controle. |
De subsidie wordt niet verleend voor de herbebossing met grove den van | De subsidie wordt niet verleend voor de herbebossing met grove den van |
percelen die voorheen met inheems loofhout begroeid waren. | percelen die voorheen met inheems loofhout begroeid waren. |
§ 2. Een subsidie voor bosverjonging door natuurlijke verjonging kan | § 2. Een subsidie voor bosverjonging door natuurlijke verjonging kan |
worden toegekend wanneer er voldoende individuen van boomsoorten, | worden toegekend wanneer er voldoende individuen van boomsoorten, |
vermeld in bijlage I bij dit besluit, aanwezig zijn op een | vermeld in bijlage I bij dit besluit, aanwezig zijn op een |
gezamenlijke oppervlakte van minstens 0,5 hectare. Het aantal | gezamenlijke oppervlakte van minstens 0,5 hectare. Het aantal |
individuen moet minstens 2500 planten per hectare, regelmatig | individuen moet minstens 2500 planten per hectare, regelmatig |
verspreid over de volledige oppervlakte van het perceel, bedragen. De | verspreid over de volledige oppervlakte van het perceel, bedragen. De |
natuurlijke verjonging moet voor minstens 90 procent van het grondvlak | natuurlijke verjonging moet voor minstens 90 procent van het grondvlak |
uit bomen of struiken van minder dan 10 jaar oud bestaan. De | uit bomen of struiken van minder dan 10 jaar oud bestaan. De |
natuurlijke verjonging kan gecombineerd worden met beplanting of | natuurlijke verjonging kan gecombineerd worden met beplanting of |
bezaaiing. | bezaaiing. |
§ 3. Een extra subsidie van 500 euro per hectare wordt toegekend | § 3. Een extra subsidie van 500 euro per hectare wordt toegekend |
wanneer 10 tot 25 procent van het stamtal van de aan te planten | wanneer 10 tot 25 procent van het stamtal van de aan te planten |
hoofdboomsoort stams- of groepsgewijs gemengd wordt met andere boom- | hoofdboomsoort stams- of groepsgewijs gemengd wordt met andere boom- |
of struiksoorten uit bijlage I en/of bijlage III. De extra subsidie | of struiksoorten uit bijlage I en/of bijlage III. De extra subsidie |
wordt alleen verleend als het vereiste advies van het Instituut voor | wordt alleen verleend als het vereiste advies van het Instituut voor |
Bosbouw en Wildbeheer voor de in bijlage III opgesomde soorten gunstig | Bosbouw en Wildbeheer voor de in bijlage III opgesomde soorten gunstig |
is. | is. |
Onder voorbehoud van de toepassing van het eerste lid, mag minder dan | Onder voorbehoud van de toepassing van het eerste lid, mag minder dan |
10 %van het stamtal van de aan te planten hoofdboomsoort vervangen | 10 %van het stamtal van de aan te planten hoofdboomsoort vervangen |
worden door andere boom- of struiksoorten van de klassen I, II, III en | worden door andere boom- of struiksoorten van de klassen I, II, III en |
IV van bijlage I en/of bijlage III, zonder dat het subsidiebedrag per | IV van bijlage I en/of bijlage III, zonder dat het subsidiebedrag per |
klasse en per hectare, overeenkomstig de bepalingen van het eerste | klasse en per hectare, overeenkomstig de bepalingen van het eerste |
lid, gewijzigd wordt. | lid, gewijzigd wordt. |
§ 4. De in § 1 en § 2 vermelde oppervlakten kunnen uit ruimtelijk | § 4. De in § 1 en § 2 vermelde oppervlakten kunnen uit ruimtelijk |
gescheiden deeloppervlaktes van minstens 10 are bestaan, op voorwaarde | gescheiden deeloppervlaktes van minstens 10 are bestaan, op voorwaarde |
dat die maximaal 1 kilometer in vogelvlucht van elkaar liggen | dat die maximaal 1 kilometer in vogelvlucht van elkaar liggen |
verwijderd. | verwijderd. |
§ 5. Een extra subsidie van 250,00 euro per hectare wordt toegekend | § 5. Een extra subsidie van 250,00 euro per hectare wordt toegekend |
wanneer de beplanting met aanbevolen herkomsten uitgevoerd wordt. | wanneer de beplanting met aanbevolen herkomsten uitgevoerd wordt. |
§ 6. Het bedrag van de subsidie wordt berekend pro rata van de | § 6. Het bedrag van de subsidie wordt berekend pro rata van de |
boomsoortensamenstelling, afgerond tot een oppervlakte-eenheid van 1 | boomsoortensamenstelling, afgerond tot een oppervlakte-eenheid van 1 |
are, op basis van de in bijlage I vastgestelde bedragen. | are, op basis van de in bijlage I vastgestelde bedragen. |
§ 7. Voor beplantingen die als maatregel tot herstel door de rechtbank | § 7. Voor beplantingen die als maatregel tot herstel door de rechtbank |
worden bevolen of voor compenserende bebossingen met toepassing van | worden bevolen of voor compenserende bebossingen met toepassing van |
artikel 90bis van het decreet, kunnen geen subsidies worden toegekend. | artikel 90bis van het decreet, kunnen geen subsidies worden toegekend. |
Art. 5.§ 1. Om een subsidie voor bebossing en herbebossing te |
Art. 5.§ 1. Om een subsidie voor bebossing en herbebossing te |
verkrijgen dient de aanvrager een aanvraagformulier in, vermeld in | verkrijgen dient de aanvrager een aanvraagformulier in, vermeld in |
bijlage IV bij dit besluit, bij de provinciale zetel van het Bosbeheer | bijlage IV bij dit besluit, bij de provinciale zetel van het Bosbeheer |
in de provincie waar het onroerend goed in kwestie gelegen is, | in de provincie waar het onroerend goed in kwestie gelegen is, |
uiterlijk drie maanden vóór de aanvang van de werkzaamheden. In het | uiterlijk drie maanden vóór de aanvang van de werkzaamheden. In het |
geval van natuurlijke verjonging kan de aanvraag op elk moment | geval van natuurlijke verjonging kan de aanvraag op elk moment |
ingediend worden zolang over 90 % van het grondvlak de bomen of | ingediend worden zolang over 90 % van het grondvlak de bomen of |
struiken minder dan 10 jaar oud zijn. | struiken minder dan 10 jaar oud zijn. |
De aanvraag kan ingediend worden door de bosbeheerder of door de | De aanvraag kan ingediend worden door de bosbeheerder of door de |
erkende bosgroep voor zijn leden. | erkende bosgroep voor zijn leden. |
§ 2. De aanvraag bevat : | § 2. De aanvraag bevat : |
1° de identiteit van de bosbeheerder; | 1° de identiteit van de bosbeheerder; |
2° als de aanvraag ingediend wordt door een gevolmachtigde : de | 2° als de aanvraag ingediend wordt door een gevolmachtigde : de |
identiteit en hoedanigheid van de aanvrager en een verklaring dat de | identiteit en hoedanigheid van de aanvrager en een verklaring dat de |
aanvrager gevolmachtigd is om de subsidie aan te vragen; | aanvrager gevolmachtigd is om de subsidie aan te vragen; |
3° een volledige beschrijving van de werkzaamheden, met opgave van de | 3° een volledige beschrijving van de werkzaamheden, met opgave van de |
oppervlakteverdeling per boomsoort, stamtallen, plantverbanden, | oppervlakteverdeling per boomsoort, stamtallen, plantverbanden, |
leeftijd en grootte van de planten. Wanneer planten uit eigen kweek | leeftijd en grootte van de planten. Wanneer planten uit eigen kweek |
gebruikt worden, moet dat gemeld worden; | gebruikt worden, moet dat gemeld worden; |
4° een gedagtekende verbintenis om het bos noch kaal te slaan, noch te | 4° een gedagtekende verbintenis om het bos noch kaal te slaan, noch te |
rooien, noch te ontbossen binnen een periode van twintig jaar na de | rooien, noch te ontbossen binnen een periode van twintig jaar na de |
toekenning van de subsidie; | toekenning van de subsidie; |
5° een verklaring dat voor de percelen in kwestie geen andere | 5° een verklaring dat voor de percelen in kwestie geen andere |
subsidies werden verkregen of zullen worden gevraagd voor de onder 3° | subsidies werden verkregen of zullen worden gevraagd voor de onder 3° |
bedoelde werkzaamheden; | bedoelde werkzaamheden; |
6° een duidelijk liggingsplan [schaal 1/10.000 tot 1/25.000] met | 6° een duidelijk liggingsplan [schaal 1/10.000 tot 1/25.000] met |
aanduiding van de beplantingen; | aanduiding van de beplantingen; |
7° eventuele wettelijk vereiste vergunningen, toestemmingen en | 7° eventuele wettelijk vereiste vergunningen, toestemmingen en |
machtigingen en adviezen voor de bebossing of een verwijzing naar het | machtigingen en adviezen voor de bebossing of een verwijzing naar het |
registratienummer van de kapmachtiging of het goedgekeurde | registratienummer van de kapmachtiging of het goedgekeurde |
bosbeheerplan waaruit blijkt dat de eventuele kapping, voorafgaand aan | bosbeheerplan waaruit blijkt dat de eventuele kapping, voorafgaand aan |
de herbebossing, conform de bepalingen van het decreet gebeurd is. | de herbebossing, conform de bepalingen van het decreet gebeurd is. |
§ 3. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag | § 3. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag |
volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het | volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het |
registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van | registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van |
eventuele ontbrekende gegevens of een met reden omklede beslissing van | eventuele ontbrekende gegevens of een met reden omklede beslissing van |
de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende gegevens | de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende gegevens |
aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer | aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer |
meegedeeld. In geval van natuurlijke verjonging wordt het | meegedeeld. In geval van natuurlijke verjonging wordt het |
registratienummer pas meegedeeld na plaatsbezoek van het Bosbeheer. | registratienummer pas meegedeeld na plaatsbezoek van het Bosbeheer. |
§ 4. Elke aanvraag wordt binnen drie maanden na de mededeling van het | § 4. Elke aanvraag wordt binnen drie maanden na de mededeling van het |
registratienummer afgehandeld. | registratienummer afgehandeld. |
Art. 6.De geregistreerde aanvraag wordt met het advies van het |
Art. 6.De geregistreerde aanvraag wordt met het advies van het |
Bosbeheer en, in voorkomend geval, de adviezen die vermeld zijn in | Bosbeheer en, in voorkomend geval, de adviezen die vermeld zijn in |
artikel 87 van het decreet, ter beslissing aan de minister voorgelegd. | artikel 87 van het decreet, ter beslissing aan de minister voorgelegd. |
Het Bosbeheer stelt de aanvrager op de hoogte van deze toekenning of | Het Bosbeheer stelt de aanvrager op de hoogte van deze toekenning of |
weigering. | weigering. |
Art. 7.Wanneer planten uit eigen kweek gebruikt worden, moeten die |
Art. 7.Wanneer planten uit eigen kweek gebruikt worden, moeten die |
planten minstens twee maanden voor de aanvang van de werkzaamheden | planten minstens twee maanden voor de aanvang van de werkzaamheden |
door het Bosbeheer gecontroleerd worden op herkomst en kwaliteit. De | door het Bosbeheer gecontroleerd worden op herkomst en kwaliteit. De |
aanvrager moet alle informatie met betrekking tot de herkomst van | aanvrager moet alle informatie met betrekking tot de herkomst van |
zaadgoed of stekken ter beschikking stellen van het Bosbeheer. De | zaadgoed of stekken ter beschikking stellen van het Bosbeheer. De |
controle gebeurt binnen een maand na ontvangst van de aanvraag. Zonder | controle gebeurt binnen een maand na ontvangst van de aanvraag. Zonder |
goedkeuring door het Bosbeheer van het zelf gekweekte plantsoen kan de | goedkeuring door het Bosbeheer van het zelf gekweekte plantsoen kan de |
uitbetaling van de subsidie geweigerd worden. | uitbetaling van de subsidie geweigerd worden. |
Op de beplanting en de werkzaamheden ter voorbereiding hiervan, kan | Op de beplanting en de werkzaamheden ter voorbereiding hiervan, kan |
toezicht uitgeoefend worden door het Bosbeheer. | toezicht uitgeoefend worden door het Bosbeheer. |
Art. 8.§ 1. Na het beëindigen van de werkzaamheden stuurt de |
Art. 8.§ 1. Na het beëindigen van de werkzaamheden stuurt de |
aanvrager een betalingsformulier, dat door het Bosbeheer ter | aanvrager een betalingsformulier, dat door het Bosbeheer ter |
beschikking gesteld wordt, ter uitbetaling van een eerste schijf van | beschikking gesteld wordt, ter uitbetaling van een eerste schijf van |
60 % van de subsidie naar de provinciale zetel van het Bosbeheer. | 60 % van de subsidie naar de provinciale zetel van het Bosbeheer. |
Na de ontvangst van deze aanvraag, wordt door het Bosbeheer een | Na de ontvangst van deze aanvraag, wordt door het Bosbeheer een |
controle uitgevoerd voor 31 oktober van hetzelfde jaar. Voor de | controle uitgevoerd voor 31 oktober van hetzelfde jaar. Voor de |
aanvragen, ingediend tussen 30 september en 31 oktober, wordt de | aanvragen, ingediend tussen 30 september en 31 oktober, wordt de |
controle voor 31 oktober van het jaar daarna uitgevoerd. Bij | controle voor 31 oktober van het jaar daarna uitgevoerd. Bij |
ontstentenis hiervan worden de werkzaamheden als aanvaard beschouwd. | ontstentenis hiervan worden de werkzaamheden als aanvaard beschouwd. |
Bij bosaanleg door beplanting of bezaaiing moet als bijlage van het | Bij bosaanleg door beplanting of bezaaiing moet als bijlage van het |
betalingsformulier een attest van herkomst van het plantsoen geleverd | betalingsformulier een attest van herkomst van het plantsoen geleverd |
worden voor de boomsoorten waarvoor deze attesten wettelijk vereist | worden voor de boomsoorten waarvoor deze attesten wettelijk vereist |
zijn en voor zover het geen planten uit eigen kweek zijn. | zijn en voor zover het geen planten uit eigen kweek zijn. |
Als het Bosbeheer na de controle beslist dat de werkzaamheden | Als het Bosbeheer na de controle beslist dat de werkzaamheden |
voorlopig aanvaard worden, wordt de eerste schijf van 60 % uitbetaald. | voorlopig aanvaard worden, wordt de eerste schijf van 60 % uitbetaald. |
Zo niet, krijgt de aanvrager een brief met vermelding van de redenen | Zo niet, krijgt de aanvrager een brief met vermelding van de redenen |
waarom de werkzaamheden voorlopig niet aanvaard kunnen worden. De | waarom de werkzaamheden voorlopig niet aanvaard kunnen worden. De |
aanvrager moet zelf binnen het jaar na de eerste controle een nieuwe | aanvrager moet zelf binnen het jaar na de eerste controle een nieuwe |
controle aanvragen bij het Bosbeheer. | controle aanvragen bij het Bosbeheer. |
§ 2. Als het Bosbeheer het betalingsformulier niet binnen drie jaar na | § 2. Als het Bosbeheer het betalingsformulier niet binnen drie jaar na |
de toekenning van de subsidie ontvangen heeft, stuurt het Bosbeheer | de toekenning van de subsidie ontvangen heeft, stuurt het Bosbeheer |
een herinnering naar de aanvrager. Als 6 maand na het versturen van | een herinnering naar de aanvrager. Als 6 maand na het versturen van |
deze herinnering nog steeds geen betalingsformulier ontvangen werd, | deze herinnering nog steeds geen betalingsformulier ontvangen werd, |
vervalt de subsidie. | vervalt de subsidie. |
Art. 9.§ 1. De resterende 40 % van de subsidie wordt zonder |
Art. 9.§ 1. De resterende 40 % van de subsidie wordt zonder |
betalingsaanvraag van de aanvrager uitbetaald na de definitieve | betalingsaanvraag van de aanvrager uitbetaald na de definitieve |
aanvaarding van de werkzaamheden. De aanvrager wordt per brief op de | aanvaarding van de werkzaamheden. De aanvrager wordt per brief op de |
hoogte gebracht van de definitieve aanvaarding van de werkzaamheden. | hoogte gebracht van de definitieve aanvaarding van de werkzaamheden. |
Dat gebeurt na een 2e controle die ambtshalve wordt uitgevoerd door | Dat gebeurt na een 2e controle die ambtshalve wordt uitgevoerd door |
het Bosbeheer op zijn vroegst drie jaar en uiterlijk 4 jaar na | het Bosbeheer op zijn vroegst drie jaar en uiterlijk 4 jaar na |
uitbetaling van de eerste subsidieschijf. Bij ontstentenis hiervan | uitbetaling van de eerste subsidieschijf. Bij ontstentenis hiervan |
worden de werkzaamheden als aanvaard beschouwd. | worden de werkzaamheden als aanvaard beschouwd. |
§ 2. Als uit deze tweede controle blijkt dat de bosaanleg geheel of | § 2. Als uit deze tweede controle blijkt dat de bosaanleg geheel of |
gedeeltelijk mislukt is, is het bedrag van de tweede schijf gelijk aan | gedeeltelijk mislukt is, is het bedrag van de tweede schijf gelijk aan |
het verschil tussen enerzijds het volledige subsidiebedrag dat bij een | het verschil tussen enerzijds het volledige subsidiebedrag dat bij een |
geheel geslaagde bosaanleg uitbetaald zou worden, maar verminderd tot | geheel geslaagde bosaanleg uitbetaald zou worden, maar verminderd tot |
het niveau dat overeenstemt met het percentage van de geslaagde | het niveau dat overeenstemt met het percentage van de geslaagde |
oppervlakte, en anderzijds het bedrag dat werd uitbetaald na de | oppervlakte, en anderzijds het bedrag dat werd uitbetaald na de |
voorlopige aanvaarding van de werkzaamheden. | voorlopige aanvaarding van de werkzaamheden. |
§ 3. Als in voorgaand geval uit de controle blijkt dat de geslaagde | § 3. Als in voorgaand geval uit de controle blijkt dat de geslaagde |
oppervlakte minder dan 60 % van de geplande oppervlakte bedraagt, moet | oppervlakte minder dan 60 % van de geplande oppervlakte bedraagt, moet |
het gedeelte van de reeds uitgekeerde subsidie dat te veel betaald is | het gedeelte van de reeds uitgekeerde subsidie dat te veel betaald is |
in verhouding tot de geslaagde oppervlakte, vermeerderd met de | in verhouding tot de geslaagde oppervlakte, vermeerderd met de |
wettelijke intresten, gestort worden op een door het Bosbeheer aan te | wettelijke intresten, gestort worden op een door het Bosbeheer aan te |
wijzen rekening van het Vlaamse Gewest, binnen een maand nadat de | wijzen rekening van het Vlaamse Gewest, binnen een maand nadat de |
aanvrager per aangetekende brief in gebreke werd gesteld. | aanvrager per aangetekende brief in gebreke werd gesteld. |
Art. 10.De subsidie wordt teruggevorderd, vermeerderd met de |
Art. 10.De subsidie wordt teruggevorderd, vermeerderd met de |
wettelijke intresten, als de voorwaarden voor toekenning van de | wettelijke intresten, als de voorwaarden voor toekenning van de |
subsidies niet nageleefd worden. | subsidies niet nageleefd worden. |
De teruggevorderde bedragen moeten gestort worden op een door het | De teruggevorderde bedragen moeten gestort worden op een door het |
Bosbeheer aan te wijzen rekening van het Vlaamse Gewest, binnen een | Bosbeheer aan te wijzen rekening van het Vlaamse Gewest, binnen een |
maand nadat de aanvrager per aangetekende brief in gebreke werd | maand nadat de aanvrager per aangetekende brief in gebreke werd |
gesteld. | gesteld. |
HOOFDSTUK III. - Subsidie voor openstelling | HOOFDSTUK III. - Subsidie voor openstelling |
Art. 11.Een jaarlijkse subsidie kan worden toegekend aan |
Art. 11.Een jaarlijkse subsidie kan worden toegekend aan |
bosbeheerders van privé-bossen die het hele jaar geheel of | bosbeheerders van privé-bossen die het hele jaar geheel of |
gedeeltelijk opengesteld worden voor het publiek, als tegemoetkoming | gedeeltelijk opengesteld worden voor het publiek, als tegemoetkoming |
voor extra onderhoudskosten. | voor extra onderhoudskosten. |
Om ecologische redenen kan een bos tijdelijk afgesloten worden voor | Om ecologische redenen kan een bos tijdelijk afgesloten worden voor |
een periode van maximaal vijf maanden, met behoud van de subsidie en | een periode van maximaal vijf maanden, met behoud van de subsidie en |
dit op voorstel van de bosbeheerder en op voorwaarde dat het Bosbeheer | dit op voorstel van de bosbeheerder en op voorwaarde dat het Bosbeheer |
akkoord gaat of als voorwaarde opgelegd door het Bosbeheer naar | akkoord gaat of als voorwaarde opgelegd door het Bosbeheer naar |
aanleiding van de subsidieverlening. | aanleiding van de subsidieverlening. |
Om jachtredenen kan een privé-bos tijdelijk afgesloten worden voor | Om jachtredenen kan een privé-bos tijdelijk afgesloten worden voor |
maximaal dertig dagen, met behoud van de subsidie. Op zondagen en | maximaal dertig dagen, met behoud van de subsidie. Op zondagen en |
feestdagen moet de bostoegankelijkheid verzekerd blijven. De dagen | feestdagen moet de bostoegankelijkheid verzekerd blijven. De dagen |
waarin het bos om jachtredenen niet toegankelijk is, moeten minstens | waarin het bos om jachtredenen niet toegankelijk is, moeten minstens |
een week vooraf worden aangekondigd aan de hoofdingangen van het bos | een week vooraf worden aangekondigd aan de hoofdingangen van het bos |
en moeten gemeld zijn aan de provinciale zetel van het Bosbeheer. | en moeten gemeld zijn aan de provinciale zetel van het Bosbeheer. |
De subsidie wordt toegekend per kalenderjaar. | De subsidie wordt toegekend per kalenderjaar. |
Art. 12.§ 1. Om een subsidie voor openstelling te verkrijgen dient de |
Art. 12.§ 1. Om een subsidie voor openstelling te verkrijgen dient de |
bosbeheerder of de erkende bosgroep voor zijn leden vóór 1 oktober van | bosbeheerder of de erkende bosgroep voor zijn leden vóór 1 oktober van |
het voorafgaand jaar een aanvraag in bij de provinciale zetel van het | het voorafgaand jaar een aanvraag in bij de provinciale zetel van het |
Bosbeheer in de provincie waar het goed in kwestie gelegen is. De | Bosbeheer in de provincie waar het goed in kwestie gelegen is. De |
aanvraag gebeurt op een formulier zoals bepaald in bijlage V bij dit | aanvraag gebeurt op een formulier zoals bepaald in bijlage V bij dit |
besluit. | besluit. |
De aanvraag bevat : | De aanvraag bevat : |
1° de identiteit van de bosbeheerder; | 1° de identiteit van de bosbeheerder; |
2° als de aanvraag ingediend wordt door een gevolmachtigde : de | 2° als de aanvraag ingediend wordt door een gevolmachtigde : de |
identiteit en hoedanigheid van de aanvrager en een verklaring dat de | identiteit en hoedanigheid van de aanvrager en een verklaring dat de |
aanvrager gevolmachtigd is om de subsidie aan te vragen; | aanvrager gevolmachtigd is om de subsidie aan te vragen; |
3° een liggingsplan [schaal 1/25.000] met aanduiding van het volledige | 3° een liggingsplan [schaal 1/25.000] met aanduiding van het volledige |
bos en van het deel dat opengesteld wordt; | bos en van het deel dat opengesteld wordt; |
4° een bosplan [schaal 1/10.000] met de volledige opgave van de | 4° een bosplan [schaal 1/10.000] met de volledige opgave van de |
opengestelde wegen en speelzones; | opengestelde wegen en speelzones; |
5° een verklaring dat voor het bos in kwestie geen andere subsidies | 5° een verklaring dat voor het bos in kwestie geen andere subsidies |
werden verkregen of zullen worden gevraagd voor de onder artikel 11 | werden verkregen of zullen worden gevraagd voor de onder artikel 11 |
bedoelde diensten; | bedoelde diensten; |
6° een opgave van de vaste periodes waarin het bos niet toegankelijk | 6° een opgave van de vaste periodes waarin het bos niet toegankelijk |
is; | is; |
7° een verklaring of er in het bos, dat voor het publiek zal worden | 7° een verklaring of er in het bos, dat voor het publiek zal worden |
opengesteld, al dan niet van het jachtrecht gebruik zal worden | opengesteld, al dan niet van het jachtrecht gebruik zal worden |
gemaakt; | gemaakt; |
8° een verklaring dat tijdens de periode van openstelling met subsidie | 8° een verklaring dat tijdens de periode van openstelling met subsidie |
geen wijzigingen aan de opengestelde boswegen of aan de termijn van | geen wijzigingen aan de opengestelde boswegen of aan de termijn van |
openstelling zullen gebeuren, behoudens met instemming van het | openstelling zullen gebeuren, behoudens met instemming van het |
Bosbeheer. | Bosbeheer. |
§ 2. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag | § 2. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag |
volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het | volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het |
registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van | registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van |
eventuele ontbrekende gegevens of een met reden omklede beslissing van | eventuele ontbrekende gegevens of een met reden omklede beslissing van |
de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende gegevens | de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende gegevens |
aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer | aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer |
meegedeeld. | meegedeeld. |
Art. 13.De aanvragen worden met het advies van het Bosbeheer ter |
Art. 13.De aanvragen worden met het advies van het Bosbeheer ter |
beslissing aan de minister voorgelegd. De minister beslist vóór 31 | beslissing aan de minister voorgelegd. De minister beslist vóór 31 |
december over toekenning of weigering van de subsidie. Het Bosbeheer | december over toekenning of weigering van de subsidie. Het Bosbeheer |
stelt de aanvrager op de hoogte van deze beslissing. | stelt de aanvrager op de hoogte van deze beslissing. |
Art. 14.Het bedrag van de totale jaarlijkse subsidie wordt |
Art. 14.Het bedrag van de totale jaarlijkse subsidie wordt |
vastgesteld op 2,00 euro per meter opengestelde bosweg. De maximale | vastgesteld op 2,00 euro per meter opengestelde bosweg. De maximale |
subsidie, berekend voor het volledige bos, bedraagt 50 euro per | subsidie, berekend voor het volledige bos, bedraagt 50 euro per |
hectare opengesteld bos per jaar. | hectare opengesteld bos per jaar. |
Voor speelzone kan een extra subsidie toegekend worden van 100,00 euro | Voor speelzone kan een extra subsidie toegekend worden van 100,00 euro |
per hectare, mits gunstig advies van het Bosbeheer. | per hectare, mits gunstig advies van het Bosbeheer. |
De subsidie wordt zonder betalingsaanvraag van de aanvrager uitbetaald | De subsidie wordt zonder betalingsaanvraag van de aanvrager uitbetaald |
tijdens het eerste half jaar van het kalenderjaar. | tijdens het eerste half jaar van het kalenderjaar. |
Art. 15.Uiterlijk drie maanden vóór het einde van de periode van |
Art. 15.Uiterlijk drie maanden vóór het einde van de periode van |
openstelling waarvoor de subsidie werd verleend, meldt de bosbeheerder | openstelling waarvoor de subsidie werd verleend, meldt de bosbeheerder |
op een formulier van het Bosbeheer, de verlenging van de openstelling. | op een formulier van het Bosbeheer, de verlenging van de openstelling. |
Dat formulier geldt tevens als aanvraag voor de verdere uitbetaling | Dat formulier geldt tevens als aanvraag voor de verdere uitbetaling |
van de subsidie. Bij wijziging van de bestaande toestand moet dat | van de subsidie. Bij wijziging van de bestaande toestand moet dat |
duidelijk op het formulier vermeld worden. Deze aanvraag wordt verder | duidelijk op het formulier vermeld worden. Deze aanvraag wordt verder |
behandeld zoals bepaald in artikel 13 en 14. | behandeld zoals bepaald in artikel 13 en 14. |
Art. 16.De subsidie voor het lopende jaar wordt niet uitbetaald, noch |
Art. 16.De subsidie voor het lopende jaar wordt niet uitbetaald, noch |
wordt er een verlenging van de subsidie toegestaan, als de voorwaarden | wordt er een verlenging van de subsidie toegestaan, als de voorwaarden |
voor toekenning van de subsidie niet nageleefd worden. Als de subsidie | voor toekenning van de subsidie niet nageleefd worden. Als de subsidie |
voor het lopende jaar reeds uitbetaald is, wordt die teruggevorderd, | voor het lopende jaar reeds uitbetaald is, wordt die teruggevorderd, |
vermeerderd met de wettelijke intresten. De teruggevorderde bedragen | vermeerderd met de wettelijke intresten. De teruggevorderde bedragen |
moeten gestort worden op een door het Bosbeheer aan te wijzen rekening | moeten gestort worden op een door het Bosbeheer aan te wijzen rekening |
van het Vlaamse Gewest, binnen een maand nadat de aanvrager per | van het Vlaamse Gewest, binnen een maand nadat de aanvrager per |
aangetekende brief in gebreke werd gesteld. | aangetekende brief in gebreke werd gesteld. |
HOOFDSTUK IV. - Subsidie voor de bevordering van de ecologische | HOOFDSTUK IV. - Subsidie voor de bevordering van de ecologische |
bosfunctie | bosfunctie |
Art. 17.§ 1. Een jaarlijkse subsidie kan toegekend worden aan iedere |
Art. 17.§ 1. Een jaarlijkse subsidie kan toegekend worden aan iedere |
bosbeheerder die beschikt over een beheerplan dat voldoet aan de | bosbeheerder die beschikt over een beheerplan dat voldoet aan de |
criteria voor duurzaam bosbeheer, vastgesteld ter uitvoering van | criteria voor duurzaam bosbeheer, vastgesteld ter uitvoering van |
artikel 41, tweede lid van het decreet. De subsidie wordt enkel | artikel 41, tweede lid van het decreet. De subsidie wordt enkel |
toegekend als de in het goedgekeurde beheerplan bepaalde | toegekend als de in het goedgekeurde beheerplan bepaalde |
beheerwerkzaamheden en beheerrichtlijnen uitgevoerd of nageleefd | beheerwerkzaamheden en beheerrichtlijnen uitgevoerd of nageleefd |
worden voor zover die van belang zijn om de in het beheerplan | worden voor zover die van belang zijn om de in het beheerplan |
vooropgestelde beheerdoelstellingen te halen. | vooropgestelde beheerdoelstellingen te halen. |
§ 2. Het bedrag van deze subsidie bedraagt 50,00 euro per hectare voor | § 2. Het bedrag van deze subsidie bedraagt 50,00 euro per hectare voor |
bestanden bedoeld in artikel 18, § 1, 3° en 4°. Voor natuurbeheer | bestanden bedoeld in artikel 18, § 1, 3° en 4°. Voor natuurbeheer |
zoals bepaald in artikel 18, § 1, 1° en 2°, is dit bedrag 125,00 euro. | zoals bepaald in artikel 18, § 1, 1° en 2°, is dit bedrag 125,00 euro. |
§ 3. De subsidie wordt per kalenderjaar toegekend. | § 3. De subsidie wordt per kalenderjaar toegekend. |
Art. 18.§ 1. De in artikel 17 vermelde subsidie wordt toegekend voor |
Art. 18.§ 1. De in artikel 17 vermelde subsidie wordt toegekend voor |
elk in het beheerplan vermeld bestand dat aan ten minste één van de | elk in het beheerplan vermeld bestand dat aan ten minste één van de |
volgende voorwaarden voldoet, en dat ten minste tot het einde van de | volgende voorwaarden voldoet, en dat ten minste tot het einde van de |
looptijd van het goedgekeurde bosbeheerplan. De subsidie wordt | looptijd van het goedgekeurde bosbeheerplan. De subsidie wordt |
toegekend vanaf het eerste volledige kalenderjaar waarin het bestand | toegekend vanaf het eerste volledige kalenderjaar waarin het bestand |
aan één van de volgende voorwaarden voldoet : | aan één van de volgende voorwaarden voldoet : |
1° natuurbeheer, zoals bepaald in artikel 2, 13°, van het decreet | 1° natuurbeheer, zoals bepaald in artikel 2, 13°, van het decreet |
natuurbehoud, van bestanden die als bestendig bosvrije bosoppervlakten | natuurbehoud, van bestanden die als bestendig bosvrije bosoppervlakten |
conform artikel 3, § 2, van het decreet beschouwd worden; | conform artikel 3, § 2, van het decreet beschouwd worden; |
2° beheer van bestanden op basis van een bosnatuurdoeltype in | 2° beheer van bestanden op basis van een bosnatuurdoeltype in |
overeenstemming met de bepalingen van het natuurrichtplan conform | overeenstemming met de bepalingen van het natuurrichtplan conform |
artikel 48 van het decreet natuurbehoud. Minstens 90 procent van het | artikel 48 van het decreet natuurbehoud. Minstens 90 procent van het |
grondvlak van deze bestanden moet ingenomen worden door boomsoorten | grondvlak van deze bestanden moet ingenomen worden door boomsoorten |
uit bijlage I, uitgezonderd de grove den. De subsidie wordt toegekend | uit bijlage I, uitgezonderd de grove den. De subsidie wordt toegekend |
vanaf het eerste volledige kalenderjaar waarin het bestand voldoet aan | vanaf het eerste volledige kalenderjaar waarin het bestand voldoet aan |
de bepalingen van het natuurdoeltype zoals vastgesteld in het | de bepalingen van het natuurdoeltype zoals vastgesteld in het |
natuurrichtplan; | natuurrichtplan; |
3° door boomsoorten uit bijlage I, gevoegd bij dit besluit, | 3° door boomsoorten uit bijlage I, gevoegd bij dit besluit, |
gedomineerde bestanden met een oppervlakte van minstens 50 are. Deze | gedomineerde bestanden met een oppervlakte van minstens 50 are. Deze |
boomsoorten moeten minstens 90 procent van het grondvlak van het | boomsoorten moeten minstens 90 procent van het grondvlak van het |
bestand innemen. Voor de grove den wordt de subsidie pas toegekend | bestand innemen. Voor de grove den wordt de subsidie pas toegekend |
vanaf een bestandsleeftijd van 70 jaar. Het aantal oude dennen moet | vanaf een bestandsleeftijd van 70 jaar. Het aantal oude dennen moet |
minstens 30 per hectare bedragen; | minstens 30 per hectare bedragen; |
4° bestanden die, ter uitvoering van artikel 42 van het decreet, | 4° bestanden die, ter uitvoering van artikel 42 van het decreet, |
erkend werden als zaadbron of zaadbestand van inheemse bomen en | erkend werden als zaadbron of zaadbestand van inheemse bomen en |
struiken en waar effectief zaad geoogst wordt. Deze bestanden moeten | struiken en waar effectief zaad geoogst wordt. Deze bestanden moeten |
dusdanig beheerd worden dat de oogst van de zaden effectief mogelijk | dusdanig beheerd worden dat de oogst van de zaden effectief mogelijk |
is. | is. |
§ 2. In de in § 1 genoemde bestanden mogen, gedurende de duur van het | § 2. In de in § 1 genoemde bestanden mogen, gedurende de duur van het |
beheerplan, geen klonen of niet-inheemse boomsoorten aangeplant | beheerplan, geen klonen of niet-inheemse boomsoorten aangeplant |
worden. De subsidie wordt pas toegekend als minimaal 75 procent van | worden. De subsidie wordt pas toegekend als minimaal 75 procent van |
het grondvlak van de bomen en struiken in de neven- en onderetage door | het grondvlak van de bomen en struiken in de neven- en onderetage door |
inheemse soorten ingenomen wordt. | inheemse soorten ingenomen wordt. |
§ 3. Bestanden die een onderdeel uitmaken van in het beheerplan | § 3. Bestanden die een onderdeel uitmaken van in het beheerplan |
opgenomen kaalslagen van meer dan 1 hectare oppervlakte komen niet in | opgenomen kaalslagen van meer dan 1 hectare oppervlakte komen niet in |
aanmerking voor deze subsidie. De aanvrager verbindt er zich toe tot | aanmerking voor deze subsidie. De aanvrager verbindt er zich toe tot |
10 jaar na het jaar van de laatste toekenning van de subsidie voor het | 10 jaar na het jaar van de laatste toekenning van de subsidie voor het |
bestand in kwestie geen kaalslag met een oppervlakte groter dan 1 | bestand in kwestie geen kaalslag met een oppervlakte groter dan 1 |
hectare uit te voeren. | hectare uit te voeren. |
Art. 19.§ 1. De subsidie wordt aangevraagd door de bosbeheerder of |
Art. 19.§ 1. De subsidie wordt aangevraagd door de bosbeheerder of |
door de erkende bosgroep voor zijn leden. | door de erkende bosgroep voor zijn leden. |
§ 2. Vóór 1 oktober voorafgaand aan elk kalenderjaar stuurt de | § 2. Vóór 1 oktober voorafgaand aan elk kalenderjaar stuurt de |
aanvrager een door het Bosbeheer ter beschikking gesteld en in bijlage | aanvrager een door het Bosbeheer ter beschikking gesteld en in bijlage |
VI vermeld aanvraagformulier aan de provinciale zetel van het | VI vermeld aanvraagformulier aan de provinciale zetel van het |
Bosbeheer in de provincie waar het onroerend goed in kwestie gelegen | Bosbeheer in de provincie waar het onroerend goed in kwestie gelegen |
is. | is. |
Dit formulier bevat, per beheerplan dat aan de criteria voor duurzaam | Dit formulier bevat, per beheerplan dat aan de criteria voor duurzaam |
bosbeheer voldoet, een overzicht van de bestanden die in aanmerking | bosbeheer voldoet, een overzicht van de bestanden die in aanmerking |
komen voor de subsidiëring. | komen voor de subsidiëring. |
§ 3. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag | § 3. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag |
volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het | volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het |
registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van | registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van |
eventuele ontbrekende gegevens of een met reden omklede beslissing van | eventuele ontbrekende gegevens of een met reden omklede beslissing van |
de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende gegevens | de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende gegevens |
aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer | aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer |
meegedeeld. | meegedeeld. |
§ 4. Binnen vijf maanden na de mededeling van het registratienummer | § 4. Binnen vijf maanden na de mededeling van het registratienummer |
voert het Bosbeheer een controle uit. | voert het Bosbeheer een controle uit. |
Vóór 1 april van het kalenderjaar legt het Bosbeheer de voorgestelde | Vóór 1 april van het kalenderjaar legt het Bosbeheer de voorgestelde |
subsidie ter beslissing voor aan de minister. Het Bosbeheer stelt de | subsidie ter beslissing voor aan de minister. Het Bosbeheer stelt de |
aanvrager op de hoogte van deze beslissing. | aanvrager op de hoogte van deze beslissing. |
De subsidie wordt zonder betalingsaanvraag uitbetaald na de | De subsidie wordt zonder betalingsaanvraag uitbetaald na de |
toekenning. | toekenning. |
Art. 20.De subsidie voor het lopende jaar wordt niet uitbetaald, noch |
Art. 20.De subsidie voor het lopende jaar wordt niet uitbetaald, noch |
wordt er een verlenging van de subsidie toegestaan, als de voorwaarden | wordt er een verlenging van de subsidie toegestaan, als de voorwaarden |
voor toekenning van de subsidie niet nageleefd worden. Als de subsidie | voor toekenning van de subsidie niet nageleefd worden. Als de subsidie |
voor het lopende jaar reeds uitbetaald is, wordtdie teruggevorderd, | voor het lopende jaar reeds uitbetaald is, wordtdie teruggevorderd, |
vermeerderd met de wettelijke intresten. De teruggevorderde bedragen | vermeerderd met de wettelijke intresten. De teruggevorderde bedragen |
moeten gestort worden op een door het Bosbeheer aan te wijzen rekening | moeten gestort worden op een door het Bosbeheer aan te wijzen rekening |
van het Vlaamse Gewest, binnen een maand nadat de aanvrager per | van het Vlaamse Gewest, binnen een maand nadat de aanvrager per |
aangetekende brief in gebreke werd gesteld. | aangetekende brief in gebreke werd gesteld. |
HOOFDSTUK V. - Subsidie voor het opstellen van een beheerplan dat | HOOFDSTUK V. - Subsidie voor het opstellen van een beheerplan dat |
voldoet aan de criteria voor duurzaam bosheer | voldoet aan de criteria voor duurzaam bosheer |
Art. 21.§ 1. Aan elke bosbeheerder kan een subsidie verleend worden |
Art. 21.§ 1. Aan elke bosbeheerder kan een subsidie verleend worden |
voor het opstellen van een beheerplan dat voldoet aan de criteria voor | voor het opstellen van een beheerplan dat voldoet aan de criteria voor |
duurzaam bosbeheer, vastgesteld ter uitvoering van artikel 41, tweede | duurzaam bosbeheer, vastgesteld ter uitvoering van artikel 41, tweede |
lid, van het decreet. | lid, van het decreet. |
§ 2. De subsidie kan per bosbestand slechts eenmaal om de twintig jaar | § 2. De subsidie kan per bosbestand slechts eenmaal om de twintig jaar |
toegekend worden. Bij wijziging van een bestaand beheerplan komen | toegekend worden. Bij wijziging van een bestaand beheerplan komen |
enkel toegevoegde bosbestanden voor deze subsidie in aanmerking. De | enkel toegevoegde bosbestanden voor deze subsidie in aanmerking. De |
gezamenlijke bosoppervlakte, opgenomen in het beheerplan, is minstens | gezamenlijke bosoppervlakte, opgenomen in het beheerplan, is minstens |
5 hectare. | 5 hectare. |
§ 3. Het basisbedrag van deze subsidie wordt vastgesteld op 200,00 | § 3. Het basisbedrag van deze subsidie wordt vastgesteld op 200,00 |
euro per hectare, voor beheerplannen van één boseigendom apart of voor | euro per hectare, voor beheerplannen van één boseigendom apart of voor |
een gezamenlijk beheerplan voor twee boseigendommen. Dit bedrag wordt | een gezamenlijk beheerplan voor twee boseigendommen. Dit bedrag wordt |
vermeerderd met 20,00 euro per hectare voor gezamenlijke beheerplannen | vermeerderd met 20,00 euro per hectare voor gezamenlijke beheerplannen |
met 3 tot 10 boseigendommen en met 50,00 euro per hectare voor | met 3 tot 10 boseigendommen en met 50,00 euro per hectare voor |
gezamenlijke beheerplannen met meer dan 10 boseigendommen. | gezamenlijke beheerplannen met meer dan 10 boseigendommen. |
Art. 22.§ 1. De aanvraag voor het verkrijgen van deze subsidie wordt |
Art. 22.§ 1. De aanvraag voor het verkrijgen van deze subsidie wordt |
ingediend door de bosbeheerder of door de erkende bosgroep voor zijn | ingediend door de bosbeheerder of door de erkende bosgroep voor zijn |
leden via het formulier als bijlage VII. | leden via het formulier als bijlage VII. |
De aanvraag bevat : | De aanvraag bevat : |
1° de identiteit van de bosbeheerders; | 1° de identiteit van de bosbeheerders; |
2° als de aanvraag ingediend wordt door een gevolmachtigde : de | 2° als de aanvraag ingediend wordt door een gevolmachtigde : de |
identiteit en hoedanigheid van de aanvrager en een verklaring dat de | identiteit en hoedanigheid van de aanvrager en een verklaring dat de |
aanvrager gevolmachtigd is om de subsidie aan te vragen; | aanvrager gevolmachtigd is om de subsidie aan te vragen; |
3° een liggingsplan [schaal 1/25.000] met aanduiding van alle | 3° een liggingsplan [schaal 1/25.000] met aanduiding van alle |
bospercelen die in het beheerplan opgenomen zijn. | bospercelen die in het beheerplan opgenomen zijn. |
4° een verklaring dat voor het bos in kwestie geen andere subsidies | 4° een verklaring dat voor het bos in kwestie geen andere subsidies |
werden verkregen of zullen worden gevraagd voor het opstellen van een | werden verkregen of zullen worden gevraagd voor het opstellen van een |
beheerplan dat voldoet aan de criteria voor duurzaam bosbeheer. | beheerplan dat voldoet aan de criteria voor duurzaam bosbeheer. |
§ 2. De aanvraag wordt uiterlijk drie maanden na de goedkeuring van | § 2. De aanvraag wordt uiterlijk drie maanden na de goedkeuring van |
het beheerplan ingediend bij de provinciale zetel van het Bosbeheer. | het beheerplan ingediend bij de provinciale zetel van het Bosbeheer. |
In afwijking van artikel 3, 1°, van dit besluit kan de subsidie | In afwijking van artikel 3, 1°, van dit besluit kan de subsidie |
toegekend worden nog voor de goedkeuring van een beheerplan. Als de | toegekend worden nog voor de goedkeuring van een beheerplan. Als de |
aanvraag ingediend wordt vóór de goedkeuring van het beheerplan, moet | aanvraag ingediend wordt vóór de goedkeuring van het beheerplan, moet |
het beheerplan uiterlijk 3 jaar na de toekenning van de subsidie | het beheerplan uiterlijk 3 jaar na de toekenning van de subsidie |
goedgekeurd zijn, zo niet vervalt de subsidie. | goedgekeurd zijn, zo niet vervalt de subsidie. |
§ 3. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag | § 3. De aanvrager krijgt een ontvangstmelding. Als de aanvraag |
volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het | volledig is en voor verdere behandeling aanvaard wordt, wordt ook het |
registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van | registratienummer meegedeeld. Zo niet wordt opgave gedaan van |
eventuele ontbrekende gegevens of een met redenen omklede beslissing | eventuele ontbrekende gegevens of een met redenen omklede beslissing |
van de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende | van de onontvankelijkheid van de aanvraag. Zodra de ontbrekende |
gegevens aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer | gegevens aan het Bosbeheer bezorgd zijn, wordt het registratienummer |
meegedeeld. | meegedeeld. |
Art. 23.De geregistreerde aanvraag wordt met het advies van het |
Art. 23.De geregistreerde aanvraag wordt met het advies van het |
Bosbeheer ter beslissing aan de minister voorgelegd. De minister | Bosbeheer ter beslissing aan de minister voorgelegd. De minister |
beslist over de toekenning of de weigering van de subsidie binnen drie | beslist over de toekenning of de weigering van de subsidie binnen drie |
maanden na de mededeling van het registratienummer. Het Bosbeheer | maanden na de mededeling van het registratienummer. Het Bosbeheer |
stelt de aanvrager op de hoogte van deze beslissing. | stelt de aanvrager op de hoogte van deze beslissing. |
Art. 24.Zodra het beheerplan is goedgekeurd, stuurt de provinciale |
Art. 24.Zodra het beheerplan is goedgekeurd, stuurt de provinciale |
zetel van het Bosbeheer een bericht van deze goedkeuring, met | zetel van het Bosbeheer een bericht van deze goedkeuring, met |
vermelding van de datum van goedkeuring en het registratienummer van | vermelding van de datum van goedkeuring en het registratienummer van |
het beheerplan naar de hoofdzetel. Zonder betalingsaanvraag wordt de | het beheerplan naar de hoofdzetel. Zonder betalingsaanvraag wordt de |
subsidie dan uitbetaald. | subsidie dan uitbetaald. |
HOOFDSTUK VI. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK VI. - Slotbepalingen |
Art. 25.Enkel de subsidies, bepaald in hoofdstuk II en III van dit |
Art. 25.Enkel de subsidies, bepaald in hoofdstuk II en III van dit |
besluit zijn te cumuleren met de jaarlijkse vergoeding voor de | besluit zijn te cumuleren met de jaarlijkse vergoeding voor de |
erkenning als bosreservaat zoals vastgesteld ter uitvoering van | erkenning als bosreservaat zoals vastgesteld ter uitvoering van |
artikel 24 van het decreet. | artikel 24 van het decreet. |
Art. 26.In artikel 4, van het koninklijk besluit van 23 juli 1981 |
Art. 26.In artikel 4, van het koninklijk besluit van 23 juli 1981 |
betreffende de subsidiëring van bepaalde werken, leveringen en | betreffende de subsidiëring van bepaalde werken, leveringen en |
diensten die in het Vlaamse Gewest door of op initiatief van | diensten die in het Vlaamse Gewest door of op initiatief van |
ondergeschikte besturen of ermee gelijkgestelde rechtspersonen worden | ondergeschikte besturen of ermee gelijkgestelde rechtspersonen worden |
uitgevoerd, worden 16° en 18° opgeheven. | uitgevoerd, worden 16° en 18° opgeheven. |
Art. 27.Het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1991 |
Art. 27.Het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1991 |
betreffende de subsidiëring van de eigenaars van privé-bossen en de | betreffende de subsidiëring van de eigenaars van privé-bossen en de |
erkenning van bosgroeperingen van privé-boseigenaars wordt opgeheven. | erkenning van bosgroeperingen van privé-boseigenaars wordt opgeheven. |
Art. 28.De subsidieaanvragen, ingediend onder gelding van het besluit |
Art. 28.De subsidieaanvragen, ingediend onder gelding van het besluit |
van de Vlaamse regering van 29 april 1991 betreffende de subsidiëring | van de Vlaamse regering van 29 april 1991 betreffende de subsidiëring |
van de eigenaars van privé-bossen en de erkenning van bosgroeperingen | van de eigenaars van privé-bossen en de erkenning van bosgroeperingen |
van privé-eigenaars, die een registratienummer ontvingen voor de | van privé-eigenaars, die een registratienummer ontvingen voor de |
inwerkingtreding van dit besluit, worden afgehandeld volgens de | inwerkingtreding van dit besluit, worden afgehandeld volgens de |
procedure vastgesteld door het voornoemde besluit van 29 april 1991. | procedure vastgesteld door het voornoemde besluit van 29 april 1991. |
Bosgroeperingen die erkend werden in toepassing van het voornoemde | Bosgroeperingen die erkend werden in toepassing van het voornoemde |
besluit van 29 april 1991, kunnen nog tot het einde van de looptijd | besluit van 29 april 1991, kunnen nog tot het einde van de looptijd |
van het gezamenlijk bosbeheerplan subsidies aanvragen en toegekend | van het gezamenlijk bosbeheerplan subsidies aanvragen en toegekend |
krijgen voor beheerswerken zoals bedoeld in artikel 23, 2° van dat | krijgen voor beheerswerken zoals bedoeld in artikel 23, 2° van dat |
besluit. | besluit. |
Art. 29.De minister kan bijlage II tot VII aanpassen. |
Art. 29.De minister kan bijlage II tot VII aanpassen. |
Art. 30.De Vlaamse minister, bevoegd voor het natuurbehoud, is belast |
Art. 30.De Vlaamse minister, bevoegd voor het natuurbehoud, is belast |
met de uitvoering van dit besluit. | met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |
Bijlage I | Bijlage I |
Klasse I. subsidiebedrag 3200,00 euro/ha | Klasse I. subsidiebedrag 3200,00 euro/ha |
zomereik (Quercus robur) | zomereik (Quercus robur) |
wintereik (Quercus petraea) | wintereik (Quercus petraea) |
Klasse II. subsidiebedrag 2500,00 euro/ha | Klasse II. subsidiebedrag 2500,00 euro/ha |
es (Fraxinus excelsior) | es (Fraxinus excelsior) |
beuk (Fagus sylvatica) | beuk (Fagus sylvatica) |
Klasse III. subsidiebedrag 2000,00 euro/ha | Klasse III. subsidiebedrag 2000,00 euro/ha |
zoete kers (Prunus avium) | zoete kers (Prunus avium) |
haagbeuk (Carpinus betulus) | haagbeuk (Carpinus betulus) |
linde (Tilia cordata, Tilia platyphyllos) | linde (Tilia cordata, Tilia platyphyllos) |
zwarte els (Alnus glutinosa) | zwarte els (Alnus glutinosa) |
berk (Betula pendula en Betula pubescens) | berk (Betula pendula en Betula pubescens) |
Klasse IV. subsidiebedrag 1500,00 euro/ha | Klasse IV. subsidiebedrag 1500,00 euro/ha |
olm (Ulmus glabra (syn. U. scabra), Ulmus minor | olm (Ulmus glabra (syn. U. scabra), Ulmus minor |
(syn. U.campestris)) (*) | (syn. U.campestris)) (*) |
gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus) | gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus) |
wilg (Salix alba, Salix fragilis en Salix x rubens) (*) | wilg (Salix alba, Salix fragilis en Salix x rubens) (*) |
ratelpopulier (Populus tremula) | ratelpopulier (Populus tremula) |
grauwe abeel (Populus canescens) | grauwe abeel (Populus canescens) |
grove den (Pinus sylvestris) | grove den (Pinus sylvestris) |
(*) Deze soorten komen alleen in aanmerking voor subsidie op | (*) Deze soorten komen alleen in aanmerking voor subsidie op |
voorwaarde dat het Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer | voorwaarde dat het Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer |
voorafgaandelijk een gunstig advies verleent. | voorafgaandelijk een gunstig advies verleent. |
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering | Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering |
van 27 juni 2003. | van 27 juni 2003. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |
Bijlage II | Bijlage II |
Minimale stamtallen per hectare voor het verkrijgen van een subsidie | Minimale stamtallen per hectare voor het verkrijgen van een subsidie |
voor bebossing of herbebossing | voor bebossing of herbebossing |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
* behoudens andersluidend advies van het Instituut voor Bosbouw en | * behoudens andersluidend advies van het Instituut voor Bosbouw en |
Wildbeheer | Wildbeheer |
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering | Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering |
van 27 juni 2003. | van 27 juni 2003. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |
Bijlage III | Bijlage III |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering | Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering |
van 27 juni 2003. | van 27 juni 2003. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |
Bijlage IV | Bijlage IV |
Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor bebossing of | Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor bebossing of |
herbebossing | herbebossing |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld ezien om gevoegd te worden | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld ezien om gevoegd te worden |
bij het besluit van de Vlaamse regering van 27 juni 2003. | bij het besluit van de Vlaamse regering van 27 juni 2003. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |
Bijlage V | Bijlage V |
Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor openstelling | Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor openstelling |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering | Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse regering |
van 27 juni 2003. | van 27 juni 2003. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |
Bijlage VI | Bijlage VI |
Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor de ecologische | Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor de ecologische |
bosfunctie | bosfunctie |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Gezien om gevoegd te worden bij het Besluit van de Vlaamse regering | Gezien om gevoegd te worden bij het Besluit van de Vlaamse regering |
van 27 juni 2003. | van 27 juni 2003. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |
Bijlage VII | Bijlage VII |
Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor het opstellen van | Formulier voor het aanvragen van een subsidie voor het opstellen van |
een beheerplan dat voldoet aan de criteria voor duurzaam bosbeheer | een beheerplan dat voldoet aan de criteria voor duurzaam bosbeheer |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Gezien om gevoegd te worden bij het Besluit van de Vlaamse regering | Gezien om gevoegd te worden bij het Besluit van de Vlaamse regering |
van 27 juni 2003. | van 27 juni 2003. |
Brussel, 27 juni 2003. | Brussel, 27 juni 2003. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
B. SOMERS | B. SOMERS |
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en | De Vlaamse minister van Leefmilieu, Landbouw en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
L. SANNEN | L. SANNEN |