Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, wat betreft de harmonisering van de arbeidsvoorwaarden | Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, wat betreft de harmonisering van de arbeidsvoorwaarden |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
26 APRIL 2019. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het | 26 APRIL 2019. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het |
Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, wat betreft de | Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, wat betreft de |
harmonisering van de arbeidsvoorwaarden | harmonisering van de arbeidsvoorwaarden |
DE VLAAMSE REGERING, | DE VLAAMSE REGERING, |
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der | Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der |
instellingen, artikel 87, § 1, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 | instellingen, artikel 87, § 1, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 |
juli 1993, en § 3, eerste lid, vervangen bij de wet van 8 augustus | juli 1993, en § 3, eerste lid, vervangen bij de wet van 8 augustus |
1988 en gewijzigd bij de bijzondere wet van 6 januari 2014; | 1988 en gewijzigd bij de bijzondere wet van 6 januari 2014; |
Gelet op het bijzonder decreet van 14 juli 1998 betreffende het | Gelet op het bijzonder decreet van 14 juli 1998 betreffende het |
gemeenschapsonderwijs, artikel 67, § 2; | gemeenschapsonderwijs, artikel 67, § 2; |
Gelet op het bestuursdecreet van 7 december 2018, artikel III.23; | Gelet op het bestuursdecreet van 7 december 2018, artikel III.23; |
Gelet op het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006; | Gelet op het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
begroting, gegeven op 4 mei 2018; | begroting, gegeven op 4 mei 2018; |
Gelet op protocol nr. 380.1215 van het Sectorcomité XVIII Vlaamse | Gelet op protocol nr. 380.1215 van het Sectorcomité XVIII Vlaamse |
Gemeenschap - Vlaams Gewest van 1 maart 2019; | Gemeenschap - Vlaams Gewest van 1 maart 2019; |
Gelet op advies 65.668/3 van de Raad van State, gegeven op 5 april | Gelet op advies 65.668/3 van de Raad van State, gegeven op 5 april |
2019, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | 2019, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, | Op voorstel van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, |
Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding; | Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.Aan artikel I 4, § 5, van het Vlaams personeelsstatuut van |
Artikel 1.Aan artikel I 4, § 5, van het Vlaams personeelsstatuut van |
13 januari 2006, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van | 13 januari 2006, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van |
29 mei 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht: | 29 mei 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° in punt 1° wordt de zinsnede ",hetzij voor in de tijd beperkte | 1° in punt 1° wordt de zinsnede ",hetzij voor in de tijd beperkte |
acties, hetzij voor een buitengewone toename van het werk" opgeheven; | acties, hetzij voor een buitengewone toename van het werk" opgeheven; |
2° punt 2° wordt vervangen door wat volgt: | 2° punt 2° wordt vervangen door wat volgt: |
"2° personeelsleden die afwezig zijn te vervangen;" | "2° personeelsleden die afwezig zijn te vervangen;" |
3° aan punt 4° worden twee zinnen toegevoegd, die luiden als volgt: | 3° aan punt 4° worden twee zinnen toegevoegd, die luiden als volgt: |
"Betrekkingen met een salarisschaal of beginsalarisschaal die | "Betrekkingen met een salarisschaal of beginsalarisschaal die |
overeenstemt met rang A2 of hoger kunnen als een hooggekwalificeerde | overeenstemt met rang A2 of hoger kunnen als een hooggekwalificeerde |
betrekking contractueel worden ingevuld. | betrekking contractueel worden ingevuld. |
De invulling van het top- en middenkader gebeurt overeenkomstig deel | De invulling van het top- en middenkader gebeurt overeenkomstig deel |
V;" | V;" |
4° er worden een punt 5°, 6° en 7° toegevoegd, die luiden als volgt: | 4° er worden een punt 5°, 6° en 7° toegevoegd, die luiden als volgt: |
"5° te voorzien in de personeelsbehoefte voor activiteiten die worden | "5° te voorzien in de personeelsbehoefte voor activiteiten die worden |
gefinancierd door een andere publieke of private instantie; | gefinancierd door een andere publieke of private instantie; |
6° te voorzien in de personeelsbehoefte voor activiteiten die | 6° te voorzien in de personeelsbehoefte voor activiteiten die |
hoofdzakelijk verricht worden in mededinging met andere | hoofdzakelijk verricht worden in mededinging met andere |
marktdeelnemers; | marktdeelnemers; |
7° knelpuntfuncties in te vullen die voorkomen op de lijst van | 7° knelpuntfuncties in te vullen die voorkomen op de lijst van |
knelpuntfuncties vastgesteld door de Vlaamse minister, bevoegd voor de | knelpuntfuncties vastgesteld door de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
bestuurszaken."; | bestuurszaken."; |
5° er wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: | 5° er wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"De Vlaamse minister, bevoegd voor de bestuurszaken, stelt in overleg | "De Vlaamse minister, bevoegd voor de bestuurszaken, stelt in overleg |
met de functioneel bevoegde ministers, na mededeling aan de Vlaamse | met de functioneel bevoegde ministers, na mededeling aan de Vlaamse |
Regering, de lijst vast van de contractuele functies die ressorteren | Regering, de lijst vast van de contractuele functies die ressorteren |
onder punt 6°. ". | onder punt 6°. ". |
Art. 2.In artikel I 9, § 2, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 2.In artikel I 9, § 2, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 15 december 2017, wordt het vierde | besluit van de Vlaamse Regering van 15 december 2017, wordt het vierde |
streepje opgeheven. | streepje opgeheven. |
Art. 3.Aan artikel III 2, 2°, eerste streepje, van hetzelfde besluit |
Art. 3.Aan artikel III 2, 2°, eerste streepje, van hetzelfde besluit |
worden de woorden "die minder dan één jaar duren" toegevoegd. | worden de woorden "die minder dan één jaar duren" toegevoegd. |
Art. 4.Aan artikel III 16 van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
Art. 4.Aan artikel III 16 van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en gewijzigd bij de | besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en gewijzigd bij de |
besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en 29 mei 2009, | besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en 29 mei 2009, |
worden de volgende wijzigingen aangebracht: | worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° de eerste zin van paragraaf vier wordt vervangen door wat volgt: | 1° de eerste zin van paragraaf vier wordt vervangen door wat volgt: |
"De negatieve eindevaluatie van de proefperiode heeft het ontslag van | "De negatieve eindevaluatie van de proefperiode heeft het ontslag van |
de ambtenaar op proef tot gevolg."; | de ambtenaar op proef tot gevolg."; |
2° paragraaf 8 en paragraaf 9 worden opgeheven. | 2° paragraaf 8 en paragraaf 9 worden opgeheven. |
Art. 5.In artikel III 19, eerste lid, van hetzelfde besluit, |
Art. 5.In artikel III 19, eerste lid, van hetzelfde besluit, |
vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en | vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en |
gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009, | gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009, |
worden de woorden "het verstrijken van de termijn voor het instellen | worden de woorden "het verstrijken van de termijn voor het instellen |
van een beroep of op" opgeheven. | van een beroep of op" opgeheven. |
Art. 6.Aan deel III, hoofdstuk 5, van hetzelfde besluit, het laatst |
Art. 6.Aan deel III, hoofdstuk 5, van hetzelfde besluit, het laatst |
gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april 2018, | gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april 2018, |
wordt een artikel III 33 toegevoegd, dat luidt als volgt: | wordt een artikel III 33 toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"Art. III 33. De bepalingen inzake de raad van beroep die golden voor | "Art. III 33. De bepalingen inzake de raad van beroep die golden voor |
1 juni 2019 blijven van toepassing op de statutaire proeftijden die | 1 juni 2019 blijven van toepassing op de statutaire proeftijden die |
zijn aangevat voor 1 juni 2019.". | zijn aangevat voor 1 juni 2019.". |
Art. 7.Aan artikel IV 1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 7.Aan artikel IV 1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009, wordt een paragraaf 4 | besluit van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009, wordt een paragraaf 4 |
toegevoegd, die luidt als volgt: | toegevoegd, die luidt als volgt: |
" § 4. Het personeelslid kan na de zesde maand die volgt op de | " § 4. Het personeelslid kan na de zesde maand die volgt op de |
kennisgeving van het evaluatieverslag aan het personeelslid worden | kennisgeving van het evaluatieverslag aan het personeelslid worden |
geëvalueerd met betrekking tot de prestaties en de wijze waarop de | geëvalueerd met betrekking tot de prestaties en de wijze waarop de |
prestaties werden geleverd, op voorwaarde dat: | prestaties werden geleverd, op voorwaarde dat: |
1° het evaluatieverslag dat betrekking had op de vorige evaluatie de | 1° het evaluatieverslag dat betrekking had op de vorige evaluatie de |
einduitspraak onvoldoende bevatte; | einduitspraak onvoldoende bevatte; |
2° het personeelslid tijdens de periode die het voorwerp is van de | 2° het personeelslid tijdens de periode die het voorwerp is van de |
evaluatie gedurende minimaal drie maanden prestaties heeft geleverd. | evaluatie gedurende minimaal drie maanden prestaties heeft geleverd. |
Verloven die zich tijdens deze periode voordoen, schorten deze periode | Verloven die zich tijdens deze periode voordoen, schorten deze periode |
op zolang het personeelslid nog geen drie maanden effectief heeft | op zolang het personeelslid nog geen drie maanden effectief heeft |
gepresteerd; | gepresteerd; |
3° de evaluatoren die gebruik willen maken van de | 3° de evaluatoren die gebruik willen maken van de |
evaluatiemogelijkheid vermeld in het eerste lid, dit naar aanleiding | evaluatiemogelijkheid vermeld in het eerste lid, dit naar aanleiding |
van de kennisgeving van het evaluatieverslag aan het personeelslid | van de kennisgeving van het evaluatieverslag aan het personeelslid |
meedelen. | meedelen. |
Als de evaluatie na zes maanden niet werd besloten met een | Als de evaluatie na zes maanden niet werd besloten met een |
onvoldoende, dan worden de prestaties van het personeelslid en de | onvoldoende, dan worden de prestaties van het personeelslid en de |
wijze waarop deze werden geleverd de eerstvolgende keer geëvalueerd | wijze waarop deze werden geleverd de eerstvolgende keer geëvalueerd |
bij het begin van het volgende kalenderjaar." | bij het begin van het volgende kalenderjaar." |
Art. 8.In artikel V 12, § 4, van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
Art. 8.In artikel V 12, § 4, van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 2011, worden tussen de | besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 2011, worden tussen de |
zinsnede "paragraaf 2" en de woorden "voor zover" de woorden "en heeft | zinsnede "paragraaf 2" en de woorden "voor zover" de woorden "en heeft |
recht op het mobiliteitskrediet vermeld in het artikel V 12bis" | recht op het mobiliteitskrediet vermeld in het artikel V 12bis" |
ingevoegd. | ingevoegd. |
Art. 9.In artikel V 39, § 2, van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
Art. 9.In artikel V 39, § 2, van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 21 februari 2014, worden het | besluit van de Vlaamse Regering van 21 februari 2014, worden het |
zevende, achtste en negende lid opgeheven. | zevende, achtste en negende lid opgeheven. |
Art. 10.Aan deel V, titel 5, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit, het |
Art. 10.Aan deel V, titel 5, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit, het |
laatste gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april | laatste gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april |
2018, wordt een artikel V 56novies toegevoegd, dat luidt als volgt: | 2018, wordt een artikel V 56novies toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"Art. V 56novies. De bepalingen inzake de raad van beroep die golden | "Art. V 56novies. De bepalingen inzake de raad van beroep die golden |
voor 1 juni 2019 blijven van toepassing op de statutaire proeftijden | voor 1 juni 2019 blijven van toepassing op de statutaire proeftijden |
die zijn aangevat voor 1 juni 2019." | die zijn aangevat voor 1 juni 2019." |
Art. 11.In deel VII, titel 1, hoofdstuk 1, van hetzelfde besluit, het |
Art. 11.In deel VII, titel 1, hoofdstuk 1, van hetzelfde besluit, het |
laatste gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april | laatste gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april |
2019, wordt een artikel VII 5bis ingevoegd, dat luidt als volgt: | 2019, wordt een artikel VII 5bis ingevoegd, dat luidt als volgt: |
"Art. VII 5bis. Voor de berekening van de verbrekingsvergoeding | "Art. VII 5bis. Voor de berekening van de verbrekingsvergoeding |
vermeld in artikel XI 6 en XI 8bis, wordt het bruto weeksalaris | vermeld in artikel XI 6 en XI 8bis, wordt het bruto weeksalaris |
bekomen door het bruto maandsalaris te delen door dertien en te | bekomen door het bruto maandsalaris te delen door dertien en te |
vermenigvuldigen met drie.". | vermenigvuldigen met drie.". |
Art. 12.Aan artikel VII 8 van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
Art. 12.Aan artikel VII 8 van hetzelfde besluit, vervangen bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en gewijzigd bij de | besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en gewijzigd bij de |
besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008, 29 mei 2009 en 27 | besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008, 29 mei 2009 en 27 |
januari 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: | januari 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° het derde lid wordt opgeheven; | 1° het derde lid wordt opgeheven; |
2° in het vierde lid wordt tussen het woord "feestdagen" en het woord | 2° in het vierde lid wordt tussen het woord "feestdagen" en het woord |
"die" de woorden "en vervangende vakantiedagen vermeld in artikel X | "die" de woorden "en vervangende vakantiedagen vermeld in artikel X |
11, § 2, eerste lid" ingevoegd. | 11, § 2, eerste lid" ingevoegd. |
Art. 13.Artikel VII 109 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het |
Art. 13.Artikel VII 109 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en vervangen bij het | besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007 en vervangen bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 3 oktober 2014, wordt vervangen | besluit van de Vlaamse Regering van 3 oktober 2014, wordt vervangen |
door wat volgt: | door wat volgt: |
"Art. VII 109. § 1. In geval van plaats- en tijdsonafhankelijk werken | "Art. VII 109. § 1. In geval van plaats- en tijdsonafhankelijk werken |
stelt de lijnmanager middelen ter beschikking van het personeelslid. | stelt de lijnmanager middelen ter beschikking van het personeelslid. |
De lijnmanager bepaalt, afhankelijk van de functie en de behoeften, | De lijnmanager bepaalt, afhankelijk van de functie en de behoeften, |
welke middelen ten laste worden genomen. | welke middelen ten laste worden genomen. |
Het personeelslid mag die middelen aanwenden voor persoonlijk gebruik. | Het personeelslid mag die middelen aanwenden voor persoonlijk gebruik. |
De lijnmanager kan een van de volgende beslissingen nemen: | De lijnmanager kan een van de volgende beslissingen nemen: |
1° de kostprijs van de internetaansluiting en het internetabonnement | 1° de kostprijs van de internetaansluiting en het internetabonnement |
ten laste nemen via het derde-betalersysteem; | ten laste nemen via het derde-betalersysteem; |
2° een forfaitaire vergoeding van 20 euro per maand toekennen voor het | 2° een forfaitaire vergoeding van 20 euro per maand toekennen voor het |
professionele gebruik van de eigen internetverbinding van het | professionele gebruik van de eigen internetverbinding van het |
personeelslid. | personeelslid. |
§ 2. De lijnmanager kan een forfaitaire vergoeding van 20 euro per | § 2. De lijnmanager kan een forfaitaire vergoeding van 20 euro per |
maand toekennen voor het professionele gebruik van de eigen | maand toekennen voor het professionele gebruik van de eigen |
ICT-toestellen tijdens plaats- en tijdsonafhankelijk werken als de | ICT-toestellen tijdens plaats- en tijdsonafhankelijk werken als de |
volgende voorwaarden voldaan zijn: | volgende voorwaarden voldaan zijn: |
1° het professionele gebruik van een eigen ICT-toestel tijdens plaats- | 1° het professionele gebruik van een eigen ICT-toestel tijdens plaats- |
of tijdsonafhankelijk werken past binnen het veiligheidsbeleid van een | of tijdsonafhankelijk werken past binnen het veiligheidsbeleid van een |
entiteit, raad of instelling; | entiteit, raad of instelling; |
2° het personeelslid beschikt niet over een door de werkgever ter | 2° het personeelslid beschikt niet over een door de werkgever ter |
beschikking gesteld ICT-toestel dat hij in het kader van plaats- en | beschikking gesteld ICT-toestel dat hij in het kader van plaats- en |
tijdsonafhankelijk werken kan gebruiken. | tijdsonafhankelijk werken kan gebruiken. |
§ 3. In het kader van plaats- en tijdonafhankelijk werken heeft het | § 3. In het kader van plaats- en tijdonafhankelijk werken heeft het |
personeelslid geen recht op andere vergoedingen of de terugbetaling | personeelslid geen recht op andere vergoedingen of de terugbetaling |
van andere kosten dan die vermeld in dit artikel.". | van andere kosten dan die vermeld in dit artikel.". |
Art. 14.Aan artikel X 9, § 1, van hetzelfde besluit, het laatst |
Art. 14.Aan artikel X 9, § 1, van hetzelfde besluit, het laatst |
gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 december | gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 december |
2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: | 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° tussen het vijfde en zesde lid worden twee leden ingevoegd, die | 1° tussen het vijfde en zesde lid worden twee leden ingevoegd, die |
luiden als volgt: | luiden als volgt: |
"Een personeelslid dat door ziekteverlof niet in staat was om tijdens | "Een personeelslid dat door ziekteverlof niet in staat was om tijdens |
het lopende kalenderjaar al zijn jaarlijkse vakantiedagen op te nemen, | het lopende kalenderjaar al zijn jaarlijkse vakantiedagen op te nemen, |
kan bovenop de elf dagen vermeld in het vierde lid of de vijf dagen | kan bovenop de elf dagen vermeld in het vierde lid of de vijf dagen |
vermeld in het vijfde lid maximaal dertien bijkomende dagen jaarlijkse | vermeld in het vijfde lid maximaal dertien bijkomende dagen jaarlijkse |
vakantiedagen overdragen naar het volgende kalenderjaar. De jaarlijkse | vakantiedagen overdragen naar het volgende kalenderjaar. De jaarlijkse |
vakantiedagen die op grond van dit lid werden overgedragen, tellen | vakantiedagen die op grond van dit lid werden overgedragen, tellen |
niet mee voor de berekening van het maximum van 150 werkdagen vermeld | niet mee voor de berekening van het maximum van 150 werkdagen vermeld |
in het vierde lid en moeten binnen de twee jaar die volgen op de | in het vierde lid en moeten binnen de twee jaar die volgen op de |
overdracht van van de jaarlijkse vakantiedagen worden opgenomen. Bij | overdracht van van de jaarlijkse vakantiedagen worden opgenomen. Bij |
niet-opname binnen de twee jaar na overdracht gaan de overgedragen | niet-opname binnen de twee jaar na overdracht gaan de overgedragen |
dagen verloren. | dagen verloren. |
In afwijking van het zesde lid kan een personeelslid dat door | In afwijking van het zesde lid kan een personeelslid dat door |
ziekteverlof niet in staat was om tijdens het lopende kalenderjaar al | ziekteverlof niet in staat was om tijdens het lopende kalenderjaar al |
zijn jaarlijkse vakantiedagen op te nemen en dat door het bereiken van | zijn jaarlijkse vakantiedagen op te nemen en dat door het bereiken van |
de grens van 150 werkdagen vermeld in het vierde lid de elf dagen | de grens van 150 werkdagen vermeld in het vierde lid de elf dagen |
vermeld in het vierde lid of de vijf dagen vermeld in het vijfde lid | vermeld in het vierde lid of de vijf dagen vermeld in het vijfde lid |
niet of niet volledig kon overdragen bijkomend respectievelijk | niet of niet volledig kon overdragen bijkomend respectievelijk |
maximaal elf of vijf dagen jaarlijkse vakantiedagen overdragen naar | maximaal elf of vijf dagen jaarlijkse vakantiedagen overdragen naar |
het volgende jaar die binnen de twee jaar na de overdracht moeten | het volgende jaar die binnen de twee jaar na de overdracht moeten |
worden opgenomen. Bij niet-opname binnen de twee jaar na overdracht | worden opgenomen. Bij niet-opname binnen de twee jaar na overdracht |
gaan de overgedragen dagen verloren.". | gaan de overgedragen dagen verloren.". |
2° aan het zesde lid, dat het achtste lid wordt, wordt een zin | 2° aan het zesde lid, dat het achtste lid wordt, wordt een zin |
toegevoegd die luidt als volgt: | toegevoegd die luidt als volgt: |
"Deze regeling is overeenkomstig van toepassing op het verlof dat met | "Deze regeling is overeenkomstig van toepassing op het verlof dat met |
toepassing van het zesde en zevende lid werd overgedragen.". | toepassing van het zesde en zevende lid werd overgedragen.". |
Art. 15.Aan artikel X 12 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 15.Aan artikel X 12 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007, worden de volgende | besluit van de Vlaamse Regering van 16 maart 2007, worden de volgende |
wijzigingen aangebracht: | wijzigingen aangebracht: |
1° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt: | 1° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt: |
"Een personeelslid dat voorafgaand aan zijn jaarlijks verlof ziek | "Een personeelslid dat voorafgaand aan zijn jaarlijks verlof ziek |
wordt, kan het jaarlijks verlof intrekken."; | wordt, kan het jaarlijks verlof intrekken."; |
2° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: | 2° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"Een personeelslid dat tijdens zijn jaarlijkse vakantie ziek wordt of | "Een personeelslid dat tijdens zijn jaarlijkse vakantie ziek wordt of |
een ongeval heeft, kan de periode van jaarlijkse vakantie die | een ongeval heeft, kan de periode van jaarlijkse vakantie die |
overeenstemt met de periode gedurende welke men door de ziekte of | overeenstemt met de periode gedurende welke men door de ziekte of |
ongeval arbeidsongeschikt was, omzetten naar ziekteverlof. Opdat de | ongeval arbeidsongeschikt was, omzetten naar ziekteverlof. Opdat de |
jaarlijkse vakantiedagen naar ziekteverlof kunnen worden omgezet, | jaarlijkse vakantiedagen naar ziekteverlof kunnen worden omgezet, |
moet: | moet: |
1° het personeelslid een getuigschrift van zijn behandelend arts | 1° het personeelslid een getuigschrift van zijn behandelend arts |
indienen waaruit de startdatum en duur van de arbeidsongeschiktheid | indienen waaruit de startdatum en duur van de arbeidsongeschiktheid |
blijkt; | blijkt; |
2° de arbeidsongeschiktheid melden overeenkomstig de regeling die is | 2° de arbeidsongeschiktheid melden overeenkomstig de regeling die is |
opgenomen in het arbeidsreglement.". | opgenomen in het arbeidsreglement.". |
Art. 16.Aan artikel X 20 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 16.Aan artikel X 20 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden de | besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden de |
volgende wijzigingen aangebracht: | volgende wijzigingen aangebracht: |
1° het tweede lid wordt opgeheven; | 1° het tweede lid wordt opgeheven; |
2° er wordt een lid toegevoegd dat luidt als volgt: | 2° er wordt een lid toegevoegd dat luidt als volgt: |
"Indien de federale medische dienst bevoegd voor de definitieve | "Indien de federale medische dienst bevoegd voor de definitieve |
ongeschiktverklaring van de ambtenaar meedeelt dat een ambtenaar een | ongeschiktverklaring van de ambtenaar meedeelt dat een ambtenaar een |
onderzoek in het kader van de vroegtijdige oppensioenstelling wegens | onderzoek in het kader van de vroegtijdige oppensioenstelling wegens |
gezondheidsredenen heeft belemmerd of geweigerd, dan vraagt de | gezondheidsredenen heeft belemmerd of geweigerd, dan vraagt de |
lijnmanager aan de ambtenaar om de redenen hiervan mee te delen binnen | lijnmanager aan de ambtenaar om de redenen hiervan mee te delen binnen |
de veertien dagen. Indien de ambtenaar geen gevolg geeft aan deze | de veertien dagen. Indien de ambtenaar geen gevolg geeft aan deze |
vraag om toelichting te geven of geen geldige reden aantoont, wordt | vraag om toelichting te geven of geen geldige reden aantoont, wordt |
hij in non-activiteit gezet vanaf de dag waarop hij het onderzoek | hij in non-activiteit gezet vanaf de dag waarop hij het onderzoek |
heeft belemmerd of geweigerd tot de dag van herneming van het werk.". | heeft belemmerd of geweigerd tot de dag van herneming van het werk.". |
Art. 17.Artikel X 22 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit |
Art. 17.Artikel X 22 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit |
van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, wordt vervangen door wat | van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, wordt vervangen door wat |
volgt: | volgt: |
"Art. X 22. § 1. Een ambtenaar die afwezig is wegens ziekte of ongeval | "Art. X 22. § 1. Een ambtenaar die afwezig is wegens ziekte of ongeval |
van gemeen recht kan in het kader van de re-integratie in een voltijds | van gemeen recht kan in het kader van de re-integratie in een voltijds |
arbeidsregime de arbeid deeltijds hervatten onder de vorm van | arbeidsregime de arbeid deeltijds hervatten onder de vorm van |
deeltijdse prestaties wegens ziekte. | deeltijdse prestaties wegens ziekte. |
De deeltijdse prestaties wegens ziekte worden toegekend door het | De deeltijdse prestaties wegens ziekte worden toegekend door het |
geneeskundig controleorgaan, dat eveneens de duurtijd van deeltijdse | geneeskundig controleorgaan, dat eveneens de duurtijd van deeltijdse |
prestaties wegens ziekte, als het prestatieregime tijdens de | prestaties wegens ziekte, als het prestatieregime tijdens de |
deeltijdse prestaties wegens ziekte bepaalt. | deeltijdse prestaties wegens ziekte bepaalt. |
De duurtijd vermeld in het tweede lid, bedraagt maximaal drie maanden | De duurtijd vermeld in het tweede lid, bedraagt maximaal drie maanden |
en kan voor zover de deeltijdse prestaties wegens ziekte blijven | en kan voor zover de deeltijdse prestaties wegens ziekte blijven |
bijdragen tot de voltijdse hervatting van de arbeid meermaals worden | bijdragen tot de voltijdse hervatting van de arbeid meermaals worden |
verlengd met een periode van maximaal drie maanden. | verlengd met een periode van maximaal drie maanden. |
Het prestatieregime vermeld in het tweede lid bedraagt minimaal 50% | Het prestatieregime vermeld in het tweede lid bedraagt minimaal 50% |
van een voltijdse arbeidsduur. | van een voltijdse arbeidsduur. |
§ 2. De deeltijdse prestaties vermeld in § 1 zijn gedurende de eerste | § 2. De deeltijdse prestaties vermeld in § 1 zijn gedurende de eerste |
zes maanden van het re-integratietraject een recht. | zes maanden van het re-integratietraject een recht. |
Vanaf de zevende maand kunnen de deeltijdse prestaties wegens ziekte, | Vanaf de zevende maand kunnen de deeltijdse prestaties wegens ziekte, |
na advies van het geneeskundig controleorgaan, worden toegestaan als | na advies van het geneeskundig controleorgaan, worden toegestaan als |
ze blijven bijdragen tot de voltijdse re-integratie van de ambtenaar | ze blijven bijdragen tot de voltijdse re-integratie van de ambtenaar |
en de lijnmanager instemt met de verderzetting van de deeltijdse | en de lijnmanager instemt met de verderzetting van de deeltijdse |
prestaties wegens ziekte. | prestaties wegens ziekte. |
Van het minimum prestatieregime vermeld in § 1, vierde lid, kan worden | Van het minimum prestatieregime vermeld in § 1, vierde lid, kan worden |
afgeweken als de lijnmanager hiermee instemt. | afgeweken als de lijnmanager hiermee instemt. |
§ 3. De afwezigheid van de ambtenaar tijdens de periode van deeltijdse | § 3. De afwezigheid van de ambtenaar tijdens de periode van deeltijdse |
prestaties wegens ziekte wordt beschouwd als ziekteverlof en met | prestaties wegens ziekte wordt beschouwd als ziekteverlof en met |
dienstactiviteit gelijkgesteld. De aanrekening op het aantal dagen | dienstactiviteit gelijkgesteld. De aanrekening op het aantal dagen |
vermeld in artikel X 20 gebeurt pro rata. | vermeld in artikel X 20 gebeurt pro rata. |
§ 4. Aan het contractuele personeelslid wordt de gedeeltelijke | § 4. Aan het contractuele personeelslid wordt de gedeeltelijke |
werkhervatting toegekend overeenkomstig de regels die zijn opgenomen | werkhervatting toegekend overeenkomstig de regels die zijn opgenomen |
in de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten en de | in de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten en de |
ZIV-wetgeving. | ZIV-wetgeving. |
De gedeeltelijke werkhervatting is gedurende de eerste zes maanden een | De gedeeltelijke werkhervatting is gedurende de eerste zes maanden een |
recht. Vanaf de zevende maand kan de gedeeltelijke werkhervatting, na | recht. Vanaf de zevende maand kan de gedeeltelijke werkhervatting, na |
advies van de adviserend geneesheer van de mutualiteit, verder worden | advies van de adviserend geneesheer van de mutualiteit, verder worden |
toegekend als de lijnmanager hiermee instemt. | toegekend als de lijnmanager hiermee instemt. |
Een contractueel personeelslid kan het werk gedeeltelijk hervatten met | Een contractueel personeelslid kan het werk gedeeltelijk hervatten met |
een arbeidsregime dat minder dan 50% van een voltijdse arbeidsduur | een arbeidsregime dat minder dan 50% van een voltijdse arbeidsduur |
bedraagt als de lijnmanager hiermee instemt.". | bedraagt als de lijnmanager hiermee instemt.". |
Art. 18.Aan artikel X 23, § 1, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij |
Art. 18.Aan artikel X 23, § 1, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij |
het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden de | het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden de |
volgende wijzigingen aangebracht: | volgende wijzigingen aangebracht: |
1° punt 5° wordt opgeheven; | 1° punt 5° wordt opgeheven; |
2° in het derde lid wordt de zinsnede ",4° en 5° " vervangen door de | 2° in het derde lid wordt de zinsnede ",4° en 5° " vervangen door de |
zinsnede " en 4° ". | zinsnede " en 4° ". |
Art. 19.Aan artikel X 65, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de |
Art. 19.Aan artikel X 65, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de |
besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en 29 mei 2009, | besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en 29 mei 2009, |
worden de volgende wijzigingen aangebracht: | worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° in punt 1° worden tussen de zinsnede 'uitgezonderd,' en de zinsnede | 1° in punt 1° worden tussen de zinsnede 'uitgezonderd,' en de zinsnede |
'of lid van de districtsraad van een district,' de zinsnede " of lid | 'of lid van de districtsraad van een district,' de zinsnede " of lid |
van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat geen | van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat geen |
gemeenteraadslid of lid van een raad voor maatschappelijk welzijn van | gemeenteraadslid of lid van een raad voor maatschappelijk welzijn van |
een gemeente is," ingevoegd en worden de woorden "de voorzitter van | een gemeente is," ingevoegd en worden de woorden "de voorzitter van |
het districtscollege" vervangen door de woorden "de | het districtscollege" vervangen door de woorden "de |
districtsburgemeester"; | districtsburgemeester"; |
2° in punt 2° worden de woorden "lid is van de deputatie" vervangen | 2° in punt 2° worden de woorden "lid is van de deputatie" vervangen |
door de woorden "gedeputeerde is". | door de woorden "gedeputeerde is". |
Art. 20.Aan artikel X 66 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de |
Art. 20.Aan artikel X 66 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de |
besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en 29 mei 2009, | besluiten van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en 29 mei 2009, |
worden de volgende wijzigingen aangebracht: | worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° in punt 1° worden tussen de zinsnede 'uitgezonderd,' en de zinsnede | 1° in punt 1° worden tussen de zinsnede 'uitgezonderd,' en de zinsnede |
'of lid van de districtsraad van een district,' de zinsnede " of lid | 'of lid van de districtsraad van een district,' de zinsnede " of lid |
van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat geen | van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat geen |
gemeenteraadslid of lid van een raad voor maatschappelijk welzijn van | gemeenteraadslid of lid van een raad voor maatschappelijk welzijn van |
een gemeente is," ingevoegd en worden de woorden "de voorzitter van | een gemeente is," ingevoegd en worden de woorden "de voorzitter van |
het districtscollege en de leden van het districtscollege" vervangen | het districtscollege en de leden van het districtscollege" vervangen |
door de woorden "de districtsburgemeester en de districtsschepenen"; | door de woorden "de districtsburgemeester en de districtsschepenen"; |
2° in punt 2° worden de woorden "van het districtscollege van een | 2° in punt 2° worden de woorden "van het districtscollege van een |
district" vervangen door het woord "districtsburgemeester"; | district" vervangen door het woord "districtsburgemeester"; |
3° in punt 3° worden de woorden "van het districtscollege van een | 3° in punt 3° worden de woorden "van het districtscollege van een |
district" vervangen door het woord "districtsschepen"; | district" vervangen door het woord "districtsschepen"; |
4° in punt 5° worden de woorden "lid is van de deputatie" vervangen | 4° in punt 5° worden de woorden "lid is van de deputatie" vervangen |
door de woorden "gedeputeerde is". | door de woorden "gedeputeerde is". |
Art. 21.Aan artikel X 67 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 21.Aan artikel X 67 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en het besluit van de | besluit van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008 en het besluit van de |
Vlaamse Regering van 29 mei 2009, worden de volgende wijzigingen | Vlaamse Regering van 29 mei 2009, worden de volgende wijzigingen |
aangebracht: | aangebracht: |
1° in punt 1° worden de woorden "voorzitters van het districtscollege | 1° in punt 1° worden de woorden "voorzitters van het districtscollege |
van een district" vervangen door het woord "districtsburgemeesters"; | van een district" vervangen door het woord "districtsburgemeesters"; |
2° in punt 2° worden de woorden "leden van het bureau van het | 2° in punt 2° worden de woorden "leden van het bureau van het |
districtscollege van een district" vervangen door het woord | districtscollege van een district" vervangen door het woord |
"districtsschepenen"; | "districtsschepenen"; |
3° in punt 3° worden de woorden "lid van de deputatie van een | 3° in punt 3° worden de woorden "lid van de deputatie van een |
provincieraad" vervangen door de woorden "de gedeputeerde"; | provincieraad" vervangen door de woorden "de gedeputeerde"; |
4° in punt 9° worden de woorden "gewestelijk staatssecretaris van het | 4° in punt 9° worden de woorden "gewestelijk staatssecretaris van het |
Brussels Hoofdstedelijk Gewest" vervangen door de woorden | Brussels Hoofdstedelijk Gewest" vervangen door de woorden |
"staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest". | "staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest". |
Art. 22.In artikel X 69 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 22.In artikel X 69 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008, worden de woorden | besluit van de Vlaamse Regering van 23 mei 2008, worden de woorden |
"van het districtscollege van een district" vervangen door de woorden | "van het districtscollege van een district" vervangen door de woorden |
"een districtsburgemeester". | "een districtsburgemeester". |
Art. 23.Aan artikel X 80 van hetzelfde besluit wordt een paragraaf 3 |
Art. 23.Aan artikel X 80 van hetzelfde besluit wordt een paragraaf 3 |
toegevoegd, die luidt als volgt: | toegevoegd, die luidt als volgt: |
" § 3. De ambtenaar die op grond van artikel 42 van de arbeidswet van | " § 3. De ambtenaar die op grond van artikel 42 van de arbeidswet van |
16 maart 1971 vrijgesteld werd van arbeid krijgt dienstvrijstelling. | 16 maart 1971 vrijgesteld werd van arbeid krijgt dienstvrijstelling. |
Voor het contractueel personeelslid wordt deze afwezigheid geregeld op | Voor het contractueel personeelslid wordt deze afwezigheid geregeld op |
grond van de arbeidswet en gelijkgesteld met dienstactiviteit zonder | grond van de arbeidswet en gelijkgesteld met dienstactiviteit zonder |
doorbetaling van het salaris.". | doorbetaling van het salaris.". |
Art. 24.Aan deel X, titel 14, van hetzelfde besluit, het laatst |
Art. 24.Aan deel X, titel 14, van hetzelfde besluit, het laatst |
gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 december | gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 december |
2017, wordt een artikel X 96 toegevoegd, dat luidt als volgt: | 2017, wordt een artikel X 96 toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"Art. X 96. De deeltijdse prestaties wegens ziekte die door het | "Art. X 96. De deeltijdse prestaties wegens ziekte die door het |
controleorgaan werden toegekend voor 1 juni 2019 en die een einddatum | controleorgaan werden toegekend voor 1 juni 2019 en die een einddatum |
hebben na 31 mei 2019 blijven doorlopen tot en met de voorziene | hebben na 31 mei 2019 blijven doorlopen tot en met de voorziene |
einddatum en dit overeenkomstig de regeling die gold bij toekenning. | einddatum en dit overeenkomstig de regeling die gold bij toekenning. |
Een verlenging gebeurt overeenkomstig de regeling die geldt vanaf 1 | Een verlenging gebeurt overeenkomstig de regeling die geldt vanaf 1 |
juni 2019." | juni 2019." |
De deeltijdse prestaties wegens ziekte die werden opgenomen | De deeltijdse prestaties wegens ziekte die werden opgenomen |
overeenkomstig de regeling die gold voor 1 juli 2019 worden niet | overeenkomstig de regeling die gold voor 1 juli 2019 worden niet |
aangerekend op de zes maanden vermeld in artikel X 22, § 2. " | aangerekend op de zes maanden vermeld in artikel X 22, § 2. " |
Art. 25.In artikel XI 4, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit |
Art. 25.In artikel XI 4, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit |
worden de woorden "overeenstemt met drie maanden loon voor elke | worden de woorden "overeenstemt met drie maanden loon voor elke |
volledige of ingegane schijf van vijf jaar tewerkstelling bij de | volledige of ingegane schijf van vijf jaar tewerkstelling bij de |
diensten van de Vlaamse overheid" vervangen door de woorden "berekend | diensten van de Vlaamse overheid" vervangen door de woorden "berekend |
wordt overeenkomstig artikel XI 8bis". | wordt overeenkomstig artikel XI 8bis". |
Art. 26.In artikel XI 5 van hetzelfde besluit wordt punt 3° vervangen |
Art. 26.In artikel XI 5 van hetzelfde besluit wordt punt 3° vervangen |
door wat volgt: | door wat volgt: |
"3° het ontslag na twee onvoldoendes, zoals bepaald in artikel XI 8.". | "3° het ontslag na twee onvoldoendes, zoals bepaald in artikel XI 8.". |
Art. 27.Artikel XI 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit |
Art. 27.Artikel XI 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit |
van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009, wordt vervangen door wat | van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009, wordt vervangen door wat |
volgt: | volgt: |
"Art. XI 6. § 1. Een ambtenaar die vrijwillig ontslag neemt, bezorgt | "Art. XI 6. § 1. Een ambtenaar die vrijwillig ontslag neemt, bezorgt |
zijn beslissing schriftelijk aan de benoemende overheid. | zijn beslissing schriftelijk aan de benoemende overheid. |
Naast de beslissing tot vrijwillig ontslag omvat de schriftelijke | Naast de beslissing tot vrijwillig ontslag omvat de schriftelijke |
melding vermeld in het eerste lid de begindatum en de duur van de door | melding vermeld in het eerste lid de begindatum en de duur van de door |
de ambtenaar te respecteren opzeggingstermijn. | de ambtenaar te respecteren opzeggingstermijn. |
Het vrijwillig ontslag als ambtenaar treedt in werking na het | Het vrijwillig ontslag als ambtenaar treedt in werking na het |
verstrijken van een opzeggingstermijn, onverminderd § 2. | verstrijken van een opzeggingstermijn, onverminderd § 2. |
De opzeggingstermijn start op de maandag die volgt op de week waarin | De opzeggingstermijn start op de maandag die volgt op de week waarin |
het vrijwillig ontslag schriftelijk ter kennis aan de benoemende | het vrijwillig ontslag schriftelijk ter kennis aan de benoemende |
overheid werd gebracht. | overheid werd gebracht. |
De door de ambtenaar te respecteren opzeggingstermijn wordt als volgt | De door de ambtenaar te respecteren opzeggingstermijn wordt als volgt |
vastgesteld: | vastgesteld: |
Anciënniteit bij de diensten van de Vlaamse overheid | Anciënniteit bij de diensten van de Vlaamse overheid |
opzeggingstermijn | opzeggingstermijn |
Van 0 tot minder dan drie maanden | Van 0 tot minder dan drie maanden |
1 week | 1 week |
Van drie maanden tot minder dan zes maanden | Van drie maanden tot minder dan zes maanden |
2 weken | 2 weken |
Van zes maanden tot minder dan twaalf maanden | Van zes maanden tot minder dan twaalf maanden |
3 weken | 3 weken |
Van twaalf maanden tot minder dan 18 maanden | Van twaalf maanden tot minder dan 18 maanden |
4 weken | 4 weken |
Van 18 maanden tot minder dan 24 maanden | Van 18 maanden tot minder dan 24 maanden |
5 weken | 5 weken |
Van 2 jaar tot minder dan 4 jaar | Van 2 jaar tot minder dan 4 jaar |
6 weken | 6 weken |
Van 4 jaar tot minder dan 5 jaar | Van 4 jaar tot minder dan 5 jaar |
7 weken | 7 weken |
Van 5 jaar tot minder dan 6 jaar | Van 5 jaar tot minder dan 6 jaar |
9 weken | 9 weken |
Van 6 jaar tot minder dan 7 jaar | Van 6 jaar tot minder dan 7 jaar |
10 weken | 10 weken |
Van 7 jaar tot minder dan 8 jaar | Van 7 jaar tot minder dan 8 jaar |
12 weken | 12 weken |
Vanaf 8 jaar | Vanaf 8 jaar |
13 weken | 13 weken |
Voor de bepaling van de anciënniteit in het kader van de vaststelling | Voor de bepaling van de anciënniteit in het kader van de vaststelling |
van de opzeggingstermijn wordt rekening gehouden met de periodes van | van de opzeggingstermijn wordt rekening gehouden met de periodes van |
ononderbroken tewerkstelling als personeelslid bij de diensten van de | ononderbroken tewerkstelling als personeelslid bij de diensten van de |
Vlaamse overheid. Periodes gedurende welke de ambtenaar met een verlof | Vlaamse overheid. Periodes gedurende welke de ambtenaar met een verlof |
was, tellen mee voor de berekening van de anciënniteit vermeld in dit | was, tellen mee voor de berekening van de anciënniteit vermeld in dit |
lid. | lid. |
Onverminderd het zesde lid wordt eveneens de tewerkstelling als | Onverminderd het zesde lid wordt eveneens de tewerkstelling als |
personeelslid meegerekend die werd gepresteerd bij de federale | personeelslid meegerekend die werd gepresteerd bij de federale |
overheid of bij een provincie door de ambtenaar die krachtens de | overheid of bij een provincie door de ambtenaar die krachtens de |
staatshervorming of in het kader van de afslanking van de provincies | staatshervorming of in het kader van de afslanking van de provincies |
van de federale overheid of een provincie naar de diensten van de | van de federale overheid of een provincie naar de diensten van de |
Vlaamse overheid werd overgeheveld | Vlaamse overheid werd overgeheveld |
In onderling akkoord tussen de benoemende overheid en de ambtenaar kan | In onderling akkoord tussen de benoemende overheid en de ambtenaar kan |
worden overeengekomen dat er geen opzeggingstermijn moet worden | worden overeengekomen dat er geen opzeggingstermijn moet worden |
gepresteerd of dat de te presteren opzeggingstermijn afwijkt van de | gepresteerd of dat de te presteren opzeggingstermijn afwijkt van de |
termijn vastgesteld op grond van dit artikel. | termijn vastgesteld op grond van dit artikel. |
§ 2. In afwijking van paragraaf 1, derde lid, gaat het vrijwillig | § 2. In afwijking van paragraaf 1, derde lid, gaat het vrijwillig |
ontslag als ambtenaar onmiddellijk in mits de ambtenaar een | ontslag als ambtenaar onmiddellijk in mits de ambtenaar een |
verbrekingsvergoeding betaalt. | verbrekingsvergoeding betaalt. |
De hoogte van de verbrekingsvergoeding vermeld in het eerste lid is | De hoogte van de verbrekingsvergoeding vermeld in het eerste lid is |
gelijk aan het salaris dat tijdens de opzeggingstermijn, die | gelijk aan het salaris dat tijdens de opzeggingstermijn, die |
overeenkomstig artikel XI 6, § 1, had moeten worden gepresteerd, moest | overeenkomstig artikel XI 6, § 1, had moeten worden gepresteerd, moest |
worden uitbetaald. Bij de berekening van de verbrekingsvergoeding | worden uitbetaald. Bij de berekening van de verbrekingsvergoeding |
wordt ook rekening gehouden met de voordelen die de ambtenaar op basis | wordt ook rekening gehouden met de voordelen die de ambtenaar op basis |
van het statuut verwierf. | van het statuut verwierf. |
De verbrekingsvergoeding wordt pro rata verminderd als de ambtenaar op | De verbrekingsvergoeding wordt pro rata verminderd als de ambtenaar op |
het moment van het ontslag als gevolg van de opname van verlof voor | het moment van het ontslag als gevolg van de opname van verlof voor |
deeltijdse prestaties, deeltijdse prestaties wegens een chronische | deeltijdse prestaties, deeltijdse prestaties wegens een chronische |
ziekte of een handicap, een vermindering in het kader van zorgkrediet | ziekte of een handicap, een vermindering in het kader van zorgkrediet |
of een vermindering in het kader van een medisch bijstandsverlof niet | of een vermindering in het kader van een medisch bijstandsverlof niet |
voltijds werkt. | voltijds werkt. |
In afwijking van het derde lid wordt de vergoeding niet pro rata | In afwijking van het derde lid wordt de vergoeding niet pro rata |
verminderd als een ambtenaar op het moment van het ontslag niet | verminderd als een ambtenaar op het moment van het ontslag niet |
voltijds werkt als gevolg van deeltijdse prestaties wegens ziekte of | voltijds werkt als gevolg van deeltijdse prestaties wegens ziekte of |
een vermindering in het kader van een ouderschapsverlof of palliatief | een vermindering in het kader van een ouderschapsverlof of palliatief |
verlof. | verlof. |
§ 3. Een benoeming bij een andere overheid die definitief geworden is, | § 3. Een benoeming bij een andere overheid die definitief geworden is, |
wordt gelijkgesteld met vrijwillig ontslag. Het vrijwillig ontslag | wordt gelijkgesteld met vrijwillig ontslag. Het vrijwillig ontslag |
gaat in, zonder opzeggingstermijn, op de dag waarop de ambtenaar | gaat in, zonder opzeggingstermijn, op de dag waarop de ambtenaar |
benoemd wordt bij de andere overheid. | benoemd wordt bij de andere overheid. |
In afwijking van het vorige lid wordt een tijdelijke benoeming bij een | In afwijking van het vorige lid wordt een tijdelijke benoeming bij een |
administratief rechtscollege van de Vlaamse overheid niet | administratief rechtscollege van de Vlaamse overheid niet |
gelijkgesteld met vrijwillig ontslag.". | gelijkgesteld met vrijwillig ontslag.". |
Art. 28.Aan artikel XI 7 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
Art. 28.Aan artikel XI 7 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden de | besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden de |
volgende wijzigingen aangebracht: | volgende wijzigingen aangebracht: |
1° in het eerste lid wordt het cijfer "62" vervangen door het cijfer | 1° in het eerste lid wordt het cijfer "62" vervangen door het cijfer |
"63" en wordt het woord "tweeënzestigste" vervangen door het woord | "63" en wordt het woord "tweeënzestigste" vervangen door het woord |
"drieënzestigste"; | "drieënzestigste"; |
2° het tweede lid wordt opgeheven. | 2° het tweede lid wordt opgeheven. |
Art. 29.Artikel XI 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de |
Art. 29.Artikel XI 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de |
besluiten van de Vlaamse Regering van 21 februari 2014 en 27 januari | besluiten van de Vlaamse Regering van 21 februari 2014 en 27 januari |
2017, wordt vervangen door wat volgt: | 2017, wordt vervangen door wat volgt: |
"Art. XI 8. § 1. Een ambtenaar kan ontslagen worden als hij na een | "Art. XI 8. § 1. Een ambtenaar kan ontslagen worden als hij na een |
eerste evaluatie onvoldoende naar aanleiding van één van de tien | eerste evaluatie onvoldoende naar aanleiding van één van de tien |
eerstvolgende evaluaties een tweede evaluatie onvoldoende krijgt. | eerstvolgende evaluaties een tweede evaluatie onvoldoende krijgt. |
De benoemende overheid neemt de beslissing tot ontslag van de | De benoemende overheid neemt de beslissing tot ontslag van de |
ambtenaar binnen de 30 kalenderdagen die volgen op de datum waarop de | ambtenaar binnen de 30 kalenderdagen die volgen op de datum waarop de |
onvoldoende definitief is geworden. Indien de benoemende overheid deze | onvoldoende definitief is geworden. Indien de benoemende overheid deze |
beslissing niet binnen de voormelde 30 kalenderdagen neemt, dan wordt | beslissing niet binnen de voormelde 30 kalenderdagen neemt, dan wordt |
de ambtenaar geacht niet te zijn ontslagen. | de ambtenaar geacht niet te zijn ontslagen. |
Indien de benoemende overheid beslist om de ambtenaar vermeld in het | Indien de benoemende overheid beslist om de ambtenaar vermeld in het |
eerste lid niet te ontslaan of als de termijn vermeld in het tweede | eerste lid niet te ontslaan of als de termijn vermeld in het tweede |
lid verstreken is, dan kan de benoemende overheid pas naar aanleiding | lid verstreken is, dan kan de benoemende overheid pas naar aanleiding |
van een volgende evaluatie die met een onvoldoende werd afgesloten, | van een volgende evaluatie die met een onvoldoende werd afgesloten, |
beslissen om de ambtenaar vermeld in het eerste lid te ontslaan. | beslissen om de ambtenaar vermeld in het eerste lid te ontslaan. |
§ 2. Als de benoemende overheid beslist om de ambtenaar te ontslaan, | § 2. Als de benoemende overheid beslist om de ambtenaar te ontslaan, |
dan bezorgt hij deze beslissing schriftelijk per beveiligde zending | dan bezorgt hij deze beslissing schriftelijk per beveiligde zending |
aan de ambtenaar. | aan de ambtenaar. |
Het ontslag als ambtenaar treedt in werking na het verstrijken van een | Het ontslag als ambtenaar treedt in werking na het verstrijken van een |
opzeggingstermijn, onverminderd artikel XI 8bis. | opzeggingstermijn, onverminderd artikel XI 8bis. |
De startdatum en duur van de opzeggingstermijn worden in het geschrift | De startdatum en duur van de opzeggingstermijn worden in het geschrift |
vermeld in het eerste lid aan de ambtenaar meegedeeld. | vermeld in het eerste lid aan de ambtenaar meegedeeld. |
§ 3. De opzeggingstermijn start op de maandag die volgt op de week | § 3. De opzeggingstermijn start op de maandag die volgt op de week |
waarin de beveiligde zending uitwerking heeft. | waarin de beveiligde zending uitwerking heeft. |
§ 4. De door de benoemende overheid te respecteren opzeggingstermijn | § 4. De door de benoemende overheid te respecteren opzeggingstermijn |
wordt als volgt vastgesteld: | wordt als volgt vastgesteld: |
Anciënniteit bij de diensten van de Vlaamse overheid | Anciënniteit bij de diensten van de Vlaamse overheid |
Opzeggingstermijn | Opzeggingstermijn |
0 jaar tot minder dan 1 jaar | 0 jaar tot minder dan 1 jaar |
7 weken | 7 weken |
1 tot minder dan 2 jaar | 1 tot minder dan 2 jaar |
11 weken | 11 weken |
2 tot minder dan 3 jaar | 2 tot minder dan 3 jaar |
12 weken | 12 weken |
3 tot minder dan 4 jaar | 3 tot minder dan 4 jaar |
13 weken | 13 weken |
4 jaar tot minder dan 5 jaar | 4 jaar tot minder dan 5 jaar |
15 weken | 15 weken |
5 jaar tot minder dan 6 jaar | 5 jaar tot minder dan 6 jaar |
18 weken | 18 weken |
6 jaar tot minder dan 7 jaar | 6 jaar tot minder dan 7 jaar |
21 weken | 21 weken |
7 jaar tot minder dan 8 jaar | 7 jaar tot minder dan 8 jaar |
24 weken | 24 weken |
8 jaar tot minder dan 9 jaar | 8 jaar tot minder dan 9 jaar |
27 weken | 27 weken |
9 jaar tot minder dan 10 jaar | 9 jaar tot minder dan 10 jaar |
30 weken | 30 weken |
10 jaar tot minder dan 11 jaar | 10 jaar tot minder dan 11 jaar |
33 weken | 33 weken |
11 jaar tot minder dan 12 jaar | 11 jaar tot minder dan 12 jaar |
36 weken | 36 weken |
12 jaar tot minder dan 13 jaar | 12 jaar tot minder dan 13 jaar |
39 weken | 39 weken |
13 jaar tot minder dan 14 jaar | 13 jaar tot minder dan 14 jaar |
42 weken | 42 weken |
14 jaar tot minder dan 15 jaar | 14 jaar tot minder dan 15 jaar |
45 weken | 45 weken |
15 jaar tot minder dan 16 jaar | 15 jaar tot minder dan 16 jaar |
48 weken | 48 weken |
16 jaar tot minder dan 17 jaar | 16 jaar tot minder dan 17 jaar |
51 weken | 51 weken |
17 jaar tot minder dan 18 jaar | 17 jaar tot minder dan 18 jaar |
54 weken | 54 weken |
18 jaar tot minder dan 19 jaar | 18 jaar tot minder dan 19 jaar |
57 weken | 57 weken |
19 jaar tot minder dan 20 jaar | 19 jaar tot minder dan 20 jaar |
60 weken | 60 weken |
20 jaar tot minder dan 21 jaar | 20 jaar tot minder dan 21 jaar |
62 weken | 62 weken |
21 jaar tot minder dan 22 jaar | 21 jaar tot minder dan 22 jaar |
63 weken | 63 weken |
22 jaar tot minder dan 23 jaar | 22 jaar tot minder dan 23 jaar |
64 weken | 64 weken |
23 jaar tot minder dan 24 jaar | 23 jaar tot minder dan 24 jaar |
65 weken | 65 weken |
24 jaar tot minder dan 25 jaar | 24 jaar tot minder dan 25 jaar |
66 weken | 66 weken |
25 jaar tot minder dan 26 jaar | 25 jaar tot minder dan 26 jaar |
67 weken | 67 weken |
26 jaar tot minder dan 27 jaar | 26 jaar tot minder dan 27 jaar |
68 weken | 68 weken |
27 jaar tot minder dan 28 jaar | 27 jaar tot minder dan 28 jaar |
69 weken | 69 weken |
28 jaar tot minder dan 29 jaar | 28 jaar tot minder dan 29 jaar |
70 weken | 70 weken |
29 jaar tot minder dan 30 jaar | 29 jaar tot minder dan 30 jaar |
71 weken | 71 weken |
30 jaar tot minder dan 31 jaar | 30 jaar tot minder dan 31 jaar |
72 weken | 72 weken |
31 jaar tot minder dan 32 jaar | 31 jaar tot minder dan 32 jaar |
73 weken | 73 weken |
32 jaar tot minder dan 33 jaar | 32 jaar tot minder dan 33 jaar |
74 weken | 74 weken |
33 jaar tot minder dan 34 jaar | 33 jaar tot minder dan 34 jaar |
75 weken | 75 weken |
34 jaar tot minder dan 35 jaar | 34 jaar tot minder dan 35 jaar |
76 weken | 76 weken |
35 jaar tot minder dan 36 jaar | 35 jaar tot minder dan 36 jaar |
77 weken | 77 weken |
36 jaar tot minder dan 37 jaar | 36 jaar tot minder dan 37 jaar |
78 weken | 78 weken |
37 jaar tot minder dan 38 jaar | 37 jaar tot minder dan 38 jaar |
79 weken | 79 weken |
38 jaar tot minder dan 39 jaar | 38 jaar tot minder dan 39 jaar |
80 weken | 80 weken |
39 jaar tot minder dan 40 jaar | 39 jaar tot minder dan 40 jaar |
81 weken | 81 weken |
40 jaar tot minder dan 41 jaar | 40 jaar tot minder dan 41 jaar |
82 weken | 82 weken |
In onderling akkoord tussen de benoemende overheid en de ambtenaar kan | In onderling akkoord tussen de benoemende overheid en de ambtenaar kan |
een opzeggingstermijn worden vastgesteld die korter is dan de termijn | een opzeggingstermijn worden vastgesteld die korter is dan de termijn |
vermeld in het eerste lid. | vermeld in het eerste lid. |
§ 5. Voor de bepaling van de anciënniteit in het kader van de | § 5. Voor de bepaling van de anciënniteit in het kader van de |
vaststelling van de opzeggingstermijn wordt rekening gehouden met de | vaststelling van de opzeggingstermijn wordt rekening gehouden met de |
periodes van ononderbroken tewerkstelling als personeelslid bij de | periodes van ononderbroken tewerkstelling als personeelslid bij de |
diensten van de Vlaamse overheid. Periodes gedurende welke de | diensten van de Vlaamse overheid. Periodes gedurende welke de |
ambtenaar met een verlof was, tellen mee voor de berekening van de | ambtenaar met een verlof was, tellen mee voor de berekening van de |
anciënniteit vermeld in dit lid. | anciënniteit vermeld in dit lid. |
Onverminderd het eerste lid wordt eveneens de tewerkstelling als | Onverminderd het eerste lid wordt eveneens de tewerkstelling als |
personeelslid meegerekend die werd gepresteerd bij de federale | personeelslid meegerekend die werd gepresteerd bij de federale |
overheid of bij een provincie door de ambtenaar die krachtens de | overheid of bij een provincie door de ambtenaar die krachtens de |
staatshervorming of in het kader van de afslanking van de provincies | staatshervorming of in het kader van de afslanking van de provincies |
van de federale overheid of een provincie naar de diensten van de | van de federale overheid of een provincie naar de diensten van de |
Vlaamse overheid werd overgeheveld.". | Vlaamse overheid werd overgeheveld.". |
Art. 30.In deel XI, hoofdstuk 1, van hetzelfde besluit, het laatst |
Art. 30.In deel XI, hoofdstuk 1, van hetzelfde besluit, het laatst |
gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, | gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, |
worden de artikelen XI 8bis, XI 8ter, XI 8quater en XI 8quinques | worden de artikelen XI 8bis, XI 8ter, XI 8quater en XI 8quinques |
ingevoegd, die luiden als volgt: | ingevoegd, die luiden als volgt: |
"Art. XI 8bis. § 1. In afwijking van artikel XI 8, § 2, tweede lid, | "Art. XI 8bis. § 1. In afwijking van artikel XI 8, § 2, tweede lid, |
kan de benoemende overheid beslissen dat het ontslag als ambtenaar | kan de benoemende overheid beslissen dat het ontslag als ambtenaar |
onmiddellijk ingaat, mits aan de ambtenaar een verbrekingsvergoeding | onmiddellijk ingaat, mits aan de ambtenaar een verbrekingsvergoeding |
wordt uitbetaald. | wordt uitbetaald. |
De hoogte van de verbrekingsvergoeding vermeld in het eerste lid is | De hoogte van de verbrekingsvergoeding vermeld in het eerste lid is |
gelijk aan het salaris dat tijdens de opzeggingstermijn, die | gelijk aan het salaris dat tijdens de opzeggingstermijn, die |
overeenkomstig artikel XI 8, § 4, had moeten worden gepresteerd, moest | overeenkomstig artikel XI 8, § 4, had moeten worden gepresteerd, moest |
worden uitbetaald. Bij de berekening van de verbrekingsvergoeding | worden uitbetaald. Bij de berekening van de verbrekingsvergoeding |
wordt ook rekening gehouden met de voordelen die de ambtenaar op basis | wordt ook rekening gehouden met de voordelen die de ambtenaar op basis |
van het statuut verwierf. | van het statuut verwierf. |
De verbrekingsvergoeding wordt pro rata verminderd als de ambtenaar op | De verbrekingsvergoeding wordt pro rata verminderd als de ambtenaar op |
het moment van het ontslag als gevolg van de opname van een verlof | het moment van het ontslag als gevolg van de opname van een verlof |
voor deeltijdse prestaties, deeltijdse prestaties wegens een | voor deeltijdse prestaties, deeltijdse prestaties wegens een |
chronische ziekte of een handicap, een vermindering in het kader van | chronische ziekte of een handicap, een vermindering in het kader van |
zorgkrediet of een vermindering in het kader van een medisch | zorgkrediet of een vermindering in het kader van een medisch |
bijstandsverlof niet voltijds werkt. | bijstandsverlof niet voltijds werkt. |
In afwijking van het derde lid wordt de vergoeding niet pro rata | In afwijking van het derde lid wordt de vergoeding niet pro rata |
verminderd als een ambtenaar op het moment van het ontslag niet | verminderd als een ambtenaar op het moment van het ontslag niet |
voltijds werkt als gevolg van een deeltijdse prestaties wegens ziekte | voltijds werkt als gevolg van een deeltijdse prestaties wegens ziekte |
of een vermindering in het kader van een ouderschapsverlof of | of een vermindering in het kader van een ouderschapsverlof of |
palliatief verlof. | palliatief verlof. |
Als de ambtenaar op het moment van het ontslag voltijds afwezig is als | Als de ambtenaar op het moment van het ontslag voltijds afwezig is als |
gevolg van één van de volgende verloven, dan wordt er rekening | gevolg van één van de volgende verloven, dan wordt er rekening |
gehouden met het salaris dat de ambtenaar zou hebben genoten, mocht | gehouden met het salaris dat de ambtenaar zou hebben genoten, mocht |
hij niet met verlof zijn geweest: | hij niet met verlof zijn geweest: |
1° zorgkrediet; | 1° zorgkrediet; |
2° federaal zorgverlof; | 2° federaal zorgverlof; |
3° onbetaald verlof; | 3° onbetaald verlof; |
4° politiek verlof; | 4° politiek verlof; |
5° gestandaardiseerd gunstverlof; | 5° gestandaardiseerd gunstverlof; |
6° een verlof in het kader van een tewerkstelling voor een externe | 6° een verlof in het kader van een tewerkstelling voor een externe |
werkgever gedurende welke het loon niet wordt doorbetaald. | werkgever gedurende welke het loon niet wordt doorbetaald. |
§ 2. In het geschrift waarmee de beslissing tot ontslag wordt | § 2. In het geschrift waarmee de beslissing tot ontslag wordt |
meegedeeld, wordt in afwijking van artikel XI 8, § 2, derde lid, ook | meegedeeld, wordt in afwijking van artikel XI 8, § 2, derde lid, ook |
de waarde van de verbrekingsvergoeding die zal worden uitbetaald | de waarde van de verbrekingsvergoeding die zal worden uitbetaald |
meegedeeld. | meegedeeld. |
§ 3. Tijdens een lopende opzeggingstermijn kan de benoemende overheid | § 3. Tijdens een lopende opzeggingstermijn kan de benoemende overheid |
beslissen om het ontslag als ambtenaar alsnog onmiddellijk te laten | beslissen om het ontslag als ambtenaar alsnog onmiddellijk te laten |
ingaan, mits betaling van een verbrekingsvergoeding. | ingaan, mits betaling van een verbrekingsvergoeding. |
De hoogte van de verbrekingsvergoeding vermeld in het eerste lid is | De hoogte van de verbrekingsvergoeding vermeld in het eerste lid is |
gelijk aan het salaris dat tijdens de nog resterende opzeggingstermijn | gelijk aan het salaris dat tijdens de nog resterende opzeggingstermijn |
moest worden uitbetaald. Artikel XI 8bis, § 1, tweede tot vijfde lid | moest worden uitbetaald. Artikel XI 8bis, § 1, tweede tot vijfde lid |
zijn overeenkomstig van toepassing. | zijn overeenkomstig van toepassing. |
Art. XI 8ter. Met het oog op de onderbrenging van de ambtenaar onder | Art. XI 8ter. Met het oog op de onderbrenging van de ambtenaar onder |
de werkloosheidsverzekering, de ziekteverzekering, sector uitkeringen, | de werkloosheidsverzekering, de ziekteverzekering, sector uitkeringen, |
en de moederschapsverzekering worden tijdens de opzeggingstermijn of | en de moederschapsverzekering worden tijdens de opzeggingstermijn of |
op de verbrekingsvergoeding de desbetreffende werknemersbijdragen | op de verbrekingsvergoeding de desbetreffende werknemersbijdragen |
ingehouden en samen met de werkgeversbijdrage gestort. Indien deze | ingehouden en samen met de werkgeversbijdrage gestort. Indien deze |
niet volstaan, betaalt de werkgever de nog benodigde werkgevers- en | niet volstaan, betaalt de werkgever de nog benodigde werkgevers- en |
werknemersbijdragen. | werknemersbijdragen. |
Art. XI 8quater. § 1. Een ambtenaar die overeenkomstig artikel XI 8, § | Art. XI 8quater. § 1. Een ambtenaar die overeenkomstig artikel XI 8, § |
1, ontslagen wordt, heeft recht op outplacementbegeleiding op | 1, ontslagen wordt, heeft recht op outplacementbegeleiding op |
voorwaarde dat hij recht heeft op ofwel: | voorwaarde dat hij recht heeft op ofwel: |
1° een opzeggingstermijn van minstens dertig weken; | 1° een opzeggingstermijn van minstens dertig weken; |
2° een verbrekingsvergoeding die een opzeggingstermijn van minstens | 2° een verbrekingsvergoeding die een opzeggingstermijn van minstens |
dertig weken vervangt. | dertig weken vervangt. |
§ 2. In geval van een ontslag met een opzeggingstermijn heeft de | § 2. In geval van een ontslag met een opzeggingstermijn heeft de |
ambtenaar recht op een outplacementbegeleiding van zestig uren die | ambtenaar recht op een outplacementbegeleiding van zestig uren die |
worden opgenomen tijdens het sollicitatieverlof vermeld in artikel XI | worden opgenomen tijdens het sollicitatieverlof vermeld in artikel XI |
8quinques. | 8quinques. |
§ 3. In geval van een ontslag met een verbrekingsvergoeding heeft de | § 3. In geval van een ontslag met een verbrekingsvergoeding heeft de |
ambtenaar recht op een outplacementbegeleiding van zestig uren waarvan | ambtenaar recht op een outplacementbegeleiding van zestig uren waarvan |
de waarde gelijk is aan een twaalfde van het bruto jaarsalaris van het | de waarde gelijk is aan een twaalfde van het bruto jaarsalaris van het |
kalenderjaar dat het ontslag voorafgaat met een minimumwaarde van | kalenderjaar dat het ontslag voorafgaat met een minimumwaarde van |
1800 en een maximumwaarde van 5500. Deze waardes worden pro rata | 1800 en een maximumwaarde van 5500. Deze waardes worden pro rata |
verminderd in geval de ambtenaar op het moment van het ontslag | verminderd in geval de ambtenaar op het moment van het ontslag |
verminderd werkt. | verminderd werkt. |
De opzeggingstermijn op grond waarvan de vergoeding vermeld in artikel | De opzeggingstermijn op grond waarvan de vergoeding vermeld in artikel |
XI 8bis berekend wordt, wordt in geval de ambtenaar recht heeft op | XI 8bis berekend wordt, wordt in geval de ambtenaar recht heeft op |
outplacementbegeleiding met vier weken verminderd. | outplacementbegeleiding met vier weken verminderd. |
Het tweede lid is niet van toepassing als de ambtenaar binnen de zeven | Het tweede lid is niet van toepassing als de ambtenaar binnen de zeven |
kalenderdagen na kennisname van het ontslag door middel van een | kalenderdagen na kennisname van het ontslag door middel van een |
geneeskundig getuigschrift aantoont dat hij medisch ongeschikt is om | geneeskundig getuigschrift aantoont dat hij medisch ongeschikt is om |
een outplacementbegeleiding te volgen. | een outplacementbegeleiding te volgen. |
Art. XI 8quinques. Een ambtenaar die overeenkomstig artikel XI 8, § 1, | Art. XI 8quinques. Een ambtenaar die overeenkomstig artikel XI 8, § 1, |
ontslagen wordt, heeft tijdens de opzeggingstermijn onder de volgende | ontslagen wordt, heeft tijdens de opzeggingstermijn onder de volgende |
voorwaarden recht op sollicitatieverlof: | voorwaarden recht op sollicitatieverlof: |
1° de ambtenaar heeft recht op de outplacementbegeleiding vermeld in | 1° de ambtenaar heeft recht op de outplacementbegeleiding vermeld in |
artikel XI 8quater: één dag per week, op te nemen met een volle of | artikel XI 8quater: één dag per week, op te nemen met een volle of |
halve dag; | halve dag; |
2° de ambtenaar heeft geen recht op outplacementbegeleiding vermeld in | 2° de ambtenaar heeft geen recht op outplacementbegeleiding vermeld in |
artikel X 8quater: | artikel X 8quater: |
? gedurende de weken die de laatste zesentwintig weken van de | ? gedurende de weken die de laatste zesentwintig weken van de |
opzeggingstermijn voorafgaan: een halve dag per week; | opzeggingstermijn voorafgaan: een halve dag per week; |
? gedurende de laatste zesentwintig weken van de opzeggingstermijn: | ? gedurende de laatste zesentwintig weken van de opzeggingstermijn: |
één dag per week op te nemen met een volle of halve dag. | één dag per week op te nemen met een volle of halve dag. |
Het sollicitatieverlof wordt met dienstactiviteit gelijkgesteld. Het | Het sollicitatieverlof wordt met dienstactiviteit gelijkgesteld. Het |
niet-opgenomen verlof kan niet naar de volgende week worden | niet-opgenomen verlof kan niet naar de volgende week worden |
overgedragen." | overgedragen." |
Art. 31.Aan deel XI, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit, ingevoegd |
Art. 31.Aan deel XI, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit, ingevoegd |
bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden | bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 januari 2017, worden |
een artikel XI 14, XI 15 en XI 16 toegevoegd, die luiden als volgt: | een artikel XI 14, XI 15 en XI 16 toegevoegd, die luiden als volgt: |
"Art. XI 14. Op het vrijwillig ontslag dat door de ambtenaar bij de | "Art. XI 14. Op het vrijwillig ontslag dat door de ambtenaar bij de |
benoemende overheid is ingediend voor 1 juni 2019 blijven de regels | benoemende overheid is ingediend voor 1 juni 2019 blijven de regels |
van toepassing die golden op het moment dat het vrijwillig ontslag | van toepassing die golden op het moment dat het vrijwillig ontslag |
werd ingediend. | werd ingediend. |
Art. XI 15. Op de opzeggingstermijnen die lopen op 31 mei 2019 blijven | Art. XI 15. Op de opzeggingstermijnen die lopen op 31 mei 2019 blijven |
de regels van toepassing die golden bij de start van de | de regels van toepassing die golden bij de start van de |
opzeggingstermijn. | opzeggingstermijn. |
Art. XI 16. Voor de ambtenaar die op 31 mei 2019 vast benoemd is, | Art. XI 16. Voor de ambtenaar die op 31 mei 2019 vast benoemd is, |
wordt de opzeggingstermijn vermeld in artikel XI 8, § 2, tweede lid, | wordt de opzeggingstermijn vermeld in artikel XI 8, § 2, tweede lid, |
berekend door de uitkomst van punt 1° en 2° bij elkaar op te tellen: | berekend door de uitkomst van punt 1° en 2° bij elkaar op te tellen: |
1° op grond van de anciënniteit opgebouwd tot en met 31 mei 2019 heeft | 1° op grond van de anciënniteit opgebouwd tot en met 31 mei 2019 heeft |
de ambtenaar recht op een opzeggingstermijn van dertien weken per | de ambtenaar recht op een opzeggingstermijn van dertien weken per |
begonnen periode van vijf jaar anciënniteit; | begonnen periode van vijf jaar anciënniteit; |
2° op grond van de anciënniteit opgebouwd vanaf 1 juni 2019 wordt de | 2° op grond van de anciënniteit opgebouwd vanaf 1 juni 2019 wordt de |
opzeggingstermijn berekend overeenkomstig artikel XI 8, § 4.". | opzeggingstermijn berekend overeenkomstig artikel XI 8, § 4.". |
Art. 32.Dit besluit treedt in werking op 1 juni 2019, met |
Art. 32.Dit besluit treedt in werking op 1 juni 2019, met |
uitzondering van: | uitzondering van: |
1° artikel 8 dat uitwerking heeft met ingang van 1 april 2018; | 1° artikel 8 dat uitwerking heeft met ingang van 1 april 2018; |
2° artikelen 19, 20, 21 en 22 die uitwerking hebben met ingang van 1 | 2° artikelen 19, 20, 21 en 22 die uitwerking hebben met ingang van 1 |
januari 2019; | januari 2019; |
3° artikel 13, wat de forfaitaire vergoeding voor het gebruik van | 3° artikel 13, wat de forfaitaire vergoeding voor het gebruik van |
eigen ICT-middelen tijdens PTOW betreft, dat in werking treedt op 1 | eigen ICT-middelen tijdens PTOW betreft, dat in werking treedt op 1 |
oktober 2019. | oktober 2019. |
Art. 33.De Vlaamse minister, bevoegd voor het algemeen beleid inzake |
Art. 33.De Vlaamse minister, bevoegd voor het algemeen beleid inzake |
personeel en organisatieontwikkeling in de Vlaamse administratie, is | personeel en organisatieontwikkeling in de Vlaamse administratie, is |
belast met de uitvoering van dit besluit. | belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 26 april 2019. | Brussel, 26 april 2019. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
G. BOURGEOIS | G. BOURGEOIS |
De Vlaams minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, | De Vlaams minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, |
Gelijke Kansen en Armoedebestrijding, | Gelijke Kansen en Armoedebestrijding, |
L. HOMANS | L. HOMANS |