Besluit van de Vlaamse Regering houdende vrijstelling van bepaalde werknemersbijdragen voor ondernemingen die behoren tot de koopvaardijsector en tot wijziging van artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2015 houdende vrijstelling van bepaalde werkgeversbijdragen voor ondernemingen die behoren tot de koopvaardijsector en de zeesleepvaartsector en tot wijziging van artikel 14bis, eerste lid, van het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 , betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen | Besluit van de Vlaamse Regering houdende vrijstelling van bepaalde werknemersbijdragen voor ondernemingen die behoren tot de koopvaardijsector en tot wijziging van artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2015 houdende vrijstelling van bepaalde werkgeversbijdragen voor ondernemingen die behoren tot de koopvaardijsector en de zeesleepvaartsector en tot wijziging van artikel 14bis, eerste lid, van het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 , betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
23 SEPTEMBER 2016. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende | 23 SEPTEMBER 2016. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende |
vrijstelling van bepaalde werknemersbijdragen voor ondernemingen die | vrijstelling van bepaalde werknemersbijdragen voor ondernemingen die |
behoren tot de koopvaardijsector en tot wijziging van artikel 1 van | behoren tot de koopvaardijsector en tot wijziging van artikel 1 van |
het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2015 houdende | het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2015 houdende |
vrijstelling van bepaalde werkgeversbijdragen voor ondernemingen die | vrijstelling van bepaalde werkgeversbijdragen voor ondernemingen die |
behoren tot de koopvaardijsector en de zeesleepvaartsector en tot | behoren tot de koopvaardijsector en de zeesleepvaartsector en tot |
wijziging van artikel 14bis, eerste lid, van het koninklijk besluit | wijziging van artikel 14bis, eerste lid, van het koninklijk besluit |
van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de | van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de |
programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en | programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en |
vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale | vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale |
zekerheidsbijdragen | zekerheidsbijdragen |
DE VLAAMSE REGERING, | DE VLAAMSE REGERING, |
Gelet op de besluitwet van 7 februari 1945 betreffende de | Gelet op de besluitwet van 7 februari 1945 betreffende de |
maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter koopvaardij, artikel | maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter koopvaardij, artikel |
3, § 1, vervangen bij de wet van 12 augustus 2000; | 3, § 1, vervangen bij de wet van 12 augustus 2000; |
Gelet op de programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de | Gelet op de programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de |
harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake | harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake |
verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen; | verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen; |
Gelet op het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het | Gelet op het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het |
Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I), | Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I), |
betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen | betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen |
inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen; | inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2015 | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2015 |
houdende vrijstelling van bepaalde werkgeversbijdragen voor | houdende vrijstelling van bepaalde werkgeversbijdragen voor |
ondernemingen die behoren tot de koopvaardijsector en de | ondernemingen die behoren tot de koopvaardijsector en de |
zeesleepvaartsector; | zeesleepvaartsector; |
Gelet op het akkoord van de Europese Commissie, gegeven op 14 | Gelet op het akkoord van de Europese Commissie, gegeven op 14 |
september 2015; | september 2015; |
Gelet op het advies van het beheerscomité van de Hulp- en Voorzorgskas | Gelet op het advies van het beheerscomité van de Hulp- en Voorzorgskas |
voor Zeevarenden, gegeven op 1 juni 2016; | voor Zeevarenden, gegeven op 1 juni 2016; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
begroting, gegeven op 5 juli 2016; | begroting, gegeven op 5 juli 2016; |
Gelet op het advies van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen, | Gelet op het advies van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen, |
gegeven op 25 juli 2016; | gegeven op 25 juli 2016; |
Gelet op advies 60.015/1 van de Raad van State, gegeven op 6 september | Gelet op advies 60.015/1 van de Raad van State, gegeven op 6 september |
2016, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | 2016, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Overwegende dat de vrijstelling van de werknemersbijdragen voor de | Overwegende dat de vrijstelling van de werknemersbijdragen voor de |
koopvaardijsector sinds 1 juli 2014 behoort tot de bevoegdheid van de | koopvaardijsector sinds 1 juli 2014 behoort tot de bevoegdheid van de |
gewesten; | gewesten; |
Overwegende dat dit besluit van de Vlaamse Regering tot doel heeft het | Overwegende dat dit besluit van de Vlaamse Regering tot doel heeft het |
stelsel van de toekenning van een vrijstelling van werkgeversbijdragen | stelsel van de toekenning van een vrijstelling van werkgeversbijdragen |
in overeenstemming met Richtsnoer nr. C 2004/43 van 17 januari 2004 | in overeenstemming met Richtsnoer nr. C 2004/43 van 17 januari 2004 |
van de Europese Commissie betreffende staatssteun voor het zeevervoer | van de Europese Commissie betreffende staatssteun voor het zeevervoer |
te behouden om te voorkomen dat de sector verlies lijdt; | te behouden om te voorkomen dat de sector verlies lijdt; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Werk, Economie, Innovatie en | Op voorstel van de Vlaamse minister van Werk, Economie, Innovatie en |
Sport; | Sport; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK 1. - Vrijstellingen van bepaalde werknemersbijdragen | HOOFDSTUK 1. - Vrijstellingen van bepaalde werknemersbijdragen |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op communautaire zeelieden |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op communautaire zeelieden |
die door reders met een exploitatiezetel op het grondgebied van het | die door reders met een exploitatiezetel op het grondgebied van het |
Vlaamse Gewest worden tewerkgesteld op zeeschepen die geregistreerd | Vlaamse Gewest worden tewerkgesteld op zeeschepen die geregistreerd |
zijn in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte. | zijn in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte. |
In het eerste lid wordt verstaan onder communautaire zeelieden: | In het eerste lid wordt verstaan onder communautaire zeelieden: |
1° burgers van de Europese Unie of van de Europese Economische Ruimte | 1° burgers van de Europese Unie of van de Europese Economische Ruimte |
als het zeelieden betreft die werken aan boord van schepen, met | als het zeelieden betreft die werken aan boord van schepen, met |
inbegrip van roroveerboten, die geregelde passagiersdiensten tussen | inbegrip van roroveerboten, die geregelde passagiersdiensten tussen |
havens van de Europese Unie verzorgen; | havens van de Europese Unie verzorgen; |
2° in alle andere gevallen dan de gevallen vermeld in punt 1°, alle | 2° in alle andere gevallen dan de gevallen vermeld in punt 1°, alle |
zeelieden die in een lidstaat van de Europese Unie belastingen en/of | zeelieden die in een lidstaat van de Europese Unie belastingen en/of |
sociale zekerheidsbijdragen moeten betalen. | sociale zekerheidsbijdragen moeten betalen. |
Art. 2.De reders, vermeld in artikel 2, § 1, 2°, van de besluitwet |
Art. 2.De reders, vermeld in artikel 2, § 1, 2°, van de besluitwet |
van 7 februari 1945 betreffende de maatschappelijke veiligheid van de | van 7 februari 1945 betreffende de maatschappelijke veiligheid van de |
zeelieden ter koopvaardij, worden toegelaten de zeeliedenbijdragen, | zeelieden ter koopvaardij, worden toegelaten de zeeliedenbijdragen, |
berekend op basis van een maandloon van een twaalfde van het bedrag, | berekend op basis van een maandloon van een twaalfde van het bedrag, |
vermeld in artikel 7, derde lid, van het koninklijk besluit nr. 50 van | vermeld in artikel 7, derde lid, van het koninklijk besluit nr. 50 van |
24 oktober 1967 betreffende het rust en overlevingspensioen voor | 24 oktober 1967 betreffende het rust en overlevingspensioen voor |
werknemers, van toepassing gedurende het kalenderjaar dat voorafgaat | werknemers, van toepassing gedurende het kalenderjaar dat voorafgaat |
aan het lopende jaar, te betalen aan de Hulp- en Voorzorgskas voor | aan het lopende jaar, te betalen aan de Hulp- en Voorzorgskas voor |
Zeevarenden, en het bedrag dat overeenstemt met de persoonlijke | Zeevarenden, en het bedrag dat overeenstemt met de persoonlijke |
bijdragen, berekend op het verschil tussen het begrensde loon en het | bijdragen, berekend op het verschil tussen het begrensde loon en het |
maandelijkse loon, te behouden. | maandelijkse loon, te behouden. |
Art. 3.§ 1. De reders waarborgen minimaal zestig arbeidsplaatsen voor |
Art. 3.§ 1. De reders waarborgen minimaal zestig arbeidsplaatsen voor |
de zeelieden en shoregangers die ingeschreven zijn op de Poollijst van | de zeelieden en shoregangers die ingeschreven zijn op de Poollijst van |
de Zeelieden ter Koopvaardij, en 256 arbeidsplaatsen voor de | de Zeelieden ter Koopvaardij, en 256 arbeidsplaatsen voor de |
officieren die ingeschreven zijn op de Poollijst van de Zeelieden ter | officieren die ingeschreven zijn op de Poollijst van de Zeelieden ter |
Koopvaardij. | Koopvaardij. |
In het eerste lid wordt verstaan onder arbeidsplaats: een vacante | In het eerste lid wordt verstaan onder arbeidsplaats: een vacante |
plaats gedurende 365 dagen per jaar voor een varend | plaats gedurende 365 dagen per jaar voor een varend |
koopvaardijpersoneelslid. Dat betekent 60 x 1,7 = 102 tewerkstellingen | koopvaardijpersoneelslid. Dat betekent 60 x 1,7 = 102 tewerkstellingen |
voor zeelieden en shoregangers, en 256 x 1,7 = 435 tewerkstellingen | voor zeelieden en shoregangers, en 256 x 1,7 = 435 tewerkstellingen |
voor officieren. | voor officieren. |
§ 2. Bij de evaluatie van de naleving van de tewerkstellingsnorm, | § 2. Bij de evaluatie van de naleving van de tewerkstellingsnorm, |
vermeld in paragraaf 1, wordt geen rekening gehouden met de varende | vermeld in paragraaf 1, wordt geen rekening gehouden met de varende |
werknemers, vermeld in artikel 2quater van de besluitwet van 7 | werknemers, vermeld in artikel 2quater van de besluitwet van 7 |
februari 1945 betreffende de maatschappelijke veiligheid van de | februari 1945 betreffende de maatschappelijke veiligheid van de |
zeelieden ter koopvaardij. | zeelieden ter koopvaardij. |
§ 3. Het Paritair Comité van de Koopvaardij onderzoekt jaarlijks of | § 3. Het Paritair Comité van de Koopvaardij onderzoekt jaarlijks of |
voldaan is aan de tewerkstellingsnorm, vermeld in paragraaf 1. De | voldaan is aan de tewerkstellingsnorm, vermeld in paragraaf 1. De |
voorzitter van het bevoegde paritair comité bezorgt het jaarlijkse | voorzitter van het bevoegde paritair comité bezorgt het jaarlijkse |
evaluatierapport voor 30 april aan de Vlaamse minister, bevoegd voor | evaluatierapport voor 30 april aan de Vlaamse minister, bevoegd voor |
het tewerkstellingsbeleid. | het tewerkstellingsbeleid. |
§ 4. Als de reders overmacht inroepen, kan van de naleving van de | § 4. Als de reders overmacht inroepen, kan van de naleving van de |
tewerkstellingsnorm, vermeld in paragraaf 1, worden afgeweken. In dat | tewerkstellingsnorm, vermeld in paragraaf 1, worden afgeweken. In dat |
geval bevat het verslag van het paritair comité de gronden voor | geval bevat het verslag van het paritair comité de gronden voor |
overmacht. | overmacht. |
§ 5. De Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, | § 5. De Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, |
beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen om zich uit te | beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen om zich uit te |
spreken over het respecteren van de tewerkstellingsnorm, vermeld in | spreken over het respecteren van de tewerkstellingsnorm, vermeld in |
paragraaf 1, en over de eventuele gehele of gedeeltelijke invordering | paragraaf 1, en over de eventuele gehele of gedeeltelijke invordering |
van de vrijgestelde bijdragen voor het afgelopen jaar in kwestie. Die | van de vrijgestelde bijdragen voor het afgelopen jaar in kwestie. Die |
termijn begint te lopen de dag nadat de voorzitter van het bevoegde | termijn begint te lopen de dag nadat de voorzitter van het bevoegde |
paritair comité het jaarlijkse evaluatierapport heeft bezorgd, en op | paritair comité het jaarlijkse evaluatierapport heeft bezorgd, en op |
30 april als de voorzitter van het bevoegde comité het jaarlijkse | 30 april als de voorzitter van het bevoegde comité het jaarlijkse |
evaluatierapport niet of niet tijdig heeft bezorgd. Als de Vlaamse | evaluatierapport niet of niet tijdig heeft bezorgd. Als de Vlaamse |
minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, binnen die termijn | minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, binnen die termijn |
geen beslissing neemt, wordt de beslissing geacht positief te zijn. | geen beslissing neemt, wordt de beslissing geacht positief te zijn. |
Art. 4.De reder deelt aan de Hulp- en Voorzorgskas voor Zeevarenden |
Art. 4.De reder deelt aan de Hulp- en Voorzorgskas voor Zeevarenden |
de volgende gegevens mee: | de volgende gegevens mee: |
1° het aantal dagen waarvoor de socialezekerheidsbijdragen | 1° het aantal dagen waarvoor de socialezekerheidsbijdragen |
verschuldigd zijn, namelijk: | verschuldigd zijn, namelijk: |
a) elke vaart- en bijwerkdag voor de zeevarenden; | a) elke vaart- en bijwerkdag voor de zeevarenden; |
b) elke arbeidsdag voor de shoregangers; | b) elke arbeidsdag voor de shoregangers; |
c) elke dag waarvoor de opzeggingsvergoeding door de reder | c) elke dag waarvoor de opzeggingsvergoeding door de reder |
verschuldigd is; | verschuldigd is; |
2° het maand per maand betaalde brutoloon met betrekking tot de | 2° het maand per maand betaalde brutoloon met betrekking tot de |
voormelde dagen, waarop de zeeman ingevolge zijn dienstbetrekking | voormelde dagen, waarop de zeeman ingevolge zijn dienstbetrekking |
recht heeft. | recht heeft. |
In het eerste lid, 2°, wordt verstaan onder brutoloon van de zeeman: | In het eerste lid, 2°, wordt verstaan onder brutoloon van de zeeman: |
de standaardgage, vermeerderd met de overuren en alle vergoedingen, | de standaardgage, vermeerderd met de overuren en alle vergoedingen, |
opzeggingsvergoedingen inbegrepen. | opzeggingsvergoedingen inbegrepen. |
Art. 5.Aan artikel 1, § 1, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse |
Art. 5.Aan artikel 1, § 1, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse |
Regering van 13 november 2015 houdende vrijstelling van bepaalde | Regering van 13 november 2015 houdende vrijstelling van bepaalde |
werkgeversbijdragen voor ondernemingen die behoren tot de | werkgeversbijdragen voor ondernemingen die behoren tot de |
koopvaardijsector en de zeesleepvaartsector worden de woorden "die | koopvaardijsector en de zeesleepvaartsector worden de woorden "die |
geregistreerd zijn in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte" | geregistreerd zijn in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte" |
toegevoegd. | toegevoegd. |
HOOFDSTUK 2. - Doelgroepverminderingen | HOOFDSTUK 2. - Doelgroepverminderingen |
Art. 6.In artikel 14bis, eerste lid, van het koninklijk besluit van |
Art. 6.In artikel 14bis, eerste lid, van het koninklijk besluit van |
16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de | 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de |
programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en | programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en |
vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale | vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale |
zekerheidsbijdragen, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 21 | zekerheidsbijdragen, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 21 |
januari 2004 en gewijzigd bij het koninklijk 28 maart 2007 en het | januari 2004 en gewijzigd bij het koninklijk 28 maart 2007 en het |
besluit van de Vlaamse regering van 10 juni 2016, wordt de zinsnede | besluit van de Vlaamse regering van 10 juni 2016, wordt de zinsnede |
"artikel 9bis" vervangen door de zinsnede "artikelen 9 en 9bis". | "artikel 9bis" vervangen door de zinsnede "artikelen 9 en 9bis". |
Art. 7.In artikel 14bis, eerste lid van hetzelfde besluit, ingevoegd |
Art. 7.In artikel 14bis, eerste lid van hetzelfde besluit, ingevoegd |
bij het koninklijk besluit van 21 januari 2004 en gewijzigd bij het | bij het koninklijk besluit van 21 januari 2004 en gewijzigd bij het |
koninklijk van 28 maart 2007, en het besluit van de Vlaamse regering | koninklijk van 28 maart 2007, en het besluit van de Vlaamse regering |
van 10 juni 2016, en 23 september 2016, wordt de zinsnede "artikelen 9 | van 10 juni 2016, en 23 september 2016, wordt de zinsnede "artikelen 9 |
en 9bis" vervangen door de zinsnede "artikel 9bis". | en 9bis" vervangen door de zinsnede "artikel 9bis". |
HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen |
Art. 8.Hoofdstuk 1 van dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 |
Art. 8.Hoofdstuk 1 van dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 |
juli 2015 en treedt buiten werking op 31 december 2022. | juli 2015 en treedt buiten werking op 31 december 2022. |
Hoofdstuk 2 van dit besluit treedt inwerking op 1 januari 2019, met | Hoofdstuk 2 van dit besluit treedt inwerking op 1 januari 2019, met |
uitzondering van artikel 6 dat uitwerking heeft op 2 juli 2016. | uitzondering van artikel 6 dat uitwerking heeft op 2 juli 2016. |
Art. 9.De Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, |
Art. 9.De Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, |
is belast met de uitvoering van dit besluit. | is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 23 september 2016 | Brussel, 23 september 2016 |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
Geert BOURGEOIS | Geert BOURGEOIS |
De Vlaamse minister van Werk, Economie, Innovatie en Sport, | De Vlaamse minister van Werk, Economie, Innovatie en Sport, |
Philippe MUYTERS | Philippe MUYTERS |