Besluit van de Vlaamse Regering houdende toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang | Besluit van de Vlaamse Regering houdende toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
23 FEBRUARI 2018. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende | 23 FEBRUARI 2018. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende |
toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang | toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang |
DE VLAAMSE REGERING, | DE VLAAMSE REGERING, |
Gelet op het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern | Gelet op het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern |
verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin, | verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin, |
artikel 6, artikel 8, § 2, artikel 12 en artikel 13, § 4; | artikel 6, artikel 8, § 2, artikel 12 en artikel 13, § 4; |
Gelet op het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van | Gelet op het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van |
kinderopvang van baby's en peuters, artikel 6, § 1, 3°, c), artikel 6, | kinderopvang van baby's en peuters, artikel 6, § 1, 3°, c), artikel 6, |
§ 2 en artikel 6, § 5; | § 2 en artikel 6, § 5; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 6 maart 2009 houdende | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 6 maart 2009 houdende |
de toekenning van een subsidie ter ondersteuning van de zelfstandige | de toekenning van een subsidie ter ondersteuning van de zelfstandige |
kinderopvangvoorzieningen; | kinderopvangvoorzieningen; |
Gelet op het Vergunningsbesluit van 22 november 2013; | Gelet op het Vergunningsbesluit van 22 november 2013; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december 2013 | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december 2013 |
houdende de regels voor de toekenning van een projectsubsidie aan | houdende de regels voor de toekenning van een projectsubsidie aan |
pedagogische en taalondersteunende organisaties voor de pedagogische | pedagogische en taalondersteunende organisaties voor de pedagogische |
en taalondersteuning van kinderdagopvangvoorzieningen; | en taalondersteuning van kinderdagopvangvoorzieningen; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 |
betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor | betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor |
Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een | Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een |
gewezen gescostatuut; | gewezen gescostatuut; |
Gelet op het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 | Gelet op het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 |
houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige | houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige |
kinderopvang op vlak van ondernemen; | kinderopvang op vlak van ondernemen; |
Gelet op het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 | Gelet op het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 |
houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige | houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige |
kinderopvang op vlak van organiseren en kwaliteitszorg; | kinderopvang op vlak van organiseren en kwaliteitszorg; |
Gelet op het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 | Gelet op het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 |
houdende de toewijzing van een subsidie voor de uitbouw van een uniek | houdende de toewijzing van een subsidie voor de uitbouw van een uniek |
ondersteuningsloket voor de zelfstandige kinderopvang; | ondersteuningsloket voor de zelfstandige kinderopvang; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
begroting, gegeven op 12 december 2017; | begroting, gegeven op 12 december 2017; |
Gelet op advies 62.776/1 van de Raad van State, gegeven op 9 februari | Gelet op advies 62.776/1 van de Raad van State, gegeven op 9 februari |
2018 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten | 2018 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten |
op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en | Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en |
Gezin; | Gezin; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder : |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder : |
1° Kind en Gezin : het intern verzelfstandigd agentschap, opgericht | 1° Kind en Gezin : het intern verzelfstandigd agentschap, opgericht |
bij het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern | bij het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern |
verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin; | verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin; |
2° organisatoren : organisatoren of kandidaat-organisatoren van | 2° organisatoren : organisatoren of kandidaat-organisatoren van |
kinderopvang. | kinderopvang. |
Art. 2.Kind en Gezin kent een subsidie toe aan het |
Art. 2.Kind en Gezin kent een subsidie toe aan het |
ondersteuningsnetwerk kinderopvang, dat de vorm aanneemt van een | ondersteuningsnetwerk kinderopvang, dat de vorm aanneemt van een |
rechtspersoon zonder winstoogmerk, en als uitsluitende opdracht heeft | rechtspersoon zonder winstoogmerk, en als uitsluitende opdracht heeft |
de opdrachten, vermeld in artikel 3, 4 en 5, te realiseren. | de opdrachten, vermeld in artikel 3, 4 en 5, te realiseren. |
HOOFDSTUK 2. - Opdrachten | HOOFDSTUK 2. - Opdrachten |
Art. 3.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang biedt, rekening houdend |
Art. 3.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang biedt, rekening houdend |
met de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 5, vraaggestuurd | met de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 5, vraaggestuurd |
ondersteuning aan organisatoren, en leidt organisatoren toe naar | ondersteuning aan organisatoren, en leidt organisatoren toe naar |
relevante partners die de ondersteuning kunnen opnemen. | relevante partners die de ondersteuning kunnen opnemen. |
Het doel van de ondersteuning is : | Het doel van de ondersteuning is : |
1° de organisatoren versterken in hun zelfredzaamheid en | 1° de organisatoren versterken in hun zelfredzaamheid en |
initiatiefkracht, met het oog op een kwaliteitsvolle en duurzame | initiatiefkracht, met het oog op een kwaliteitsvolle en duurzame |
sector en dienstverlening; | sector en dienstverlening; |
2° de organisatoren bijstaan gedurende alle fases van kinderopvang : | 2° de organisatoren bijstaan gedurende alle fases van kinderopvang : |
de informatiefase, de prestart, de start, de werking en de stopzetting | de informatiefase, de prestart, de start, de werking en de stopzetting |
of overname; | of overname; |
3° de organisatoren geïntegreerd ondersteunen op de volgende onderling | 3° de organisatoren geïntegreerd ondersteunen op de volgende onderling |
samenhangende thema's : | samenhangende thema's : |
a) infrastructuur; | a) infrastructuur; |
b) veiligheid en gezondheid; | b) veiligheid en gezondheid; |
c) omgang met kinderen en gezinnen; | c) omgang met kinderen en gezinnen; |
d) medewerkers; | d) medewerkers; |
e) organisatorisch management; | e) organisatorisch management; |
f) samenwerking met Kind en Gezin, het lokaal bestuur, het lokaal | f) samenwerking met Kind en Gezin, het lokaal bestuur, het lokaal |
loket kinderopvang en andere lokale partners; | loket kinderopvang en andere lokale partners; |
g) opnamebeleid, met bijzondere aandacht voor kwetsbare gezinnen; | g) opnamebeleid, met bijzondere aandacht voor kwetsbare gezinnen; |
h) inclusieve opvang van kinderen met een specifieke zorgbehoefte; | h) inclusieve opvang van kinderen met een specifieke zorgbehoefte; |
i) flexibele opvang. | i) flexibele opvang. |
Art. 4.De ondersteuning, vermeld in artikel 3, wordt gegeven in de |
Art. 4.De ondersteuning, vermeld in artikel 3, wordt gegeven in de |
vorm van : | vorm van : |
1° het vraaggestuurd ondersteunen op maat van de kinderopvanglocatie; | 1° het vraaggestuurd ondersteunen op maat van de kinderopvanglocatie; |
2° het organiseren van en het toeleiden naar netwerken; | 2° het organiseren van en het toeleiden naar netwerken; |
3° het adviseren over de manier waarop werk wordt gemaakt van de | 3° het adviseren over de manier waarop werk wordt gemaakt van de |
thema's, vermeld in artikel 3, tweede lid, 3°. | thema's, vermeld in artikel 3, tweede lid, 3°. |
Art. 5.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang sluit een |
Art. 5.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang sluit een |
samenwerkingsovereenkomst met Kind en Gezin. Die overeenkomst bevat de | samenwerkingsovereenkomst met Kind en Gezin. Die overeenkomst bevat de |
volgende elementen : | volgende elementen : |
1° de prioriteiten voor de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4, op | 1° de prioriteiten voor de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4, op |
het vlak van inhoud, budget en doelgroep; | het vlak van inhoud, budget en doelgroep; |
2° de inhoudelijke planning, de budgettaire planning en de evaluatie | 2° de inhoudelijke planning, de budgettaire planning en de evaluatie |
van de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4; | van de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4; |
3° de mogelijke prijs die aan de organisatoren gevraagd kan worden | 3° de mogelijke prijs die aan de organisatoren gevraagd kan worden |
voor de ondersteuning; | voor de ondersteuning; |
4° de modaliteiten van de actualisering, minstens jaarlijks, van de in | 4° de modaliteiten van de actualisering, minstens jaarlijks, van de in |
1° tot en met 3° vermelde elementen. | 1° tot en met 3° vermelde elementen. |
Bij de bepaling van de prioriteiten, vermeld in het eerste lid, 1°, | Bij de bepaling van de prioriteiten, vermeld in het eerste lid, 1°, |
geldt dat voor de ondersteuning, vermeld in artikel 4, 1°, voorrang | geldt dat voor de ondersteuning, vermeld in artikel 4, 1°, voorrang |
wordt gegeven aan kleinschalige kinderopvanglocaties en aan | wordt gegeven aan kleinschalige kinderopvanglocaties en aan |
kinderopvanglocaties waarvoor de organisatoren geen of een beperkte | kinderopvanglocaties waarvoor de organisatoren geen of een beperkte |
subsidie krijgen. | subsidie krijgen. |
De budgettaire planning en de evaluatie, vermeld in het eerste lid, | De budgettaire planning en de evaluatie, vermeld in het eerste lid, |
2°, bevat een begroting met een overzicht van de voorzienbare | 2°, bevat een begroting met een overzicht van de voorzienbare |
inkomsten en de geraamde uitgaven, en een boekhouding die de inkomsten | inkomsten en de geraamde uitgaven, en een boekhouding die de inkomsten |
en de uitgaven transparant afzondert. | en de uitgaven transparant afzondert. |
Bij de bepaling van de mogelijke prijs, vermeld in het eerste lid, 3°, | Bij de bepaling van de mogelijke prijs, vermeld in het eerste lid, 3°, |
geldt voor kleinschalige kinderopvanglocaties en voor | geldt voor kleinschalige kinderopvanglocaties en voor |
kinderopvanglocaties waarvoor de organisatoren geen of een beperkte | kinderopvanglocaties waarvoor de organisatoren geen of een beperkte |
subsidie krijgen dat de ondersteuning kosteloos wordt aangeboden. | subsidie krijgen dat de ondersteuning kosteloos wordt aangeboden. |
HOOFDSTUK 3. - Subsidie | HOOFDSTUK 3. - Subsidie |
Art. 6.De subsidie bedraagt 3.187.315 euro op jaarbasis. |
Art. 6.De subsidie bedraagt 3.187.315 euro op jaarbasis. |
Art. 7.De subsidie wordt toegekend met inachtneming van het besluit |
Art. 7.De subsidie wordt toegekend met inachtneming van het besluit |
2012/21/EU van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de | 2012/21/EU van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de |
toepassing van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de | toepassing van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de |
werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie | werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie |
voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van | voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van |
diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen. | diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen. |
Art. 8.Zolang het ondersteuningsnetwerk kinderopvang voldoet aan de |
Art. 8.Zolang het ondersteuningsnetwerk kinderopvang voldoet aan de |
voorwaarden voor de realisatie van de opdrachten, vermeld in artikel | voorwaarden voor de realisatie van de opdrachten, vermeld in artikel |
3, 4 en 5, geldt de subsidie voor een duur van drie jaar. | 3, 4 en 5, geldt de subsidie voor een duur van drie jaar. |
Als Kind en Gezin de werking positief evalueert, wordt de subsidie | Als Kind en Gezin de werking positief evalueert, wordt de subsidie |
telkens automatisch verlengd door Kind en Gezin voor drie jaar. | telkens automatisch verlengd door Kind en Gezin voor drie jaar. |
Kind en Gezin betrekt de organisatoren of hun vertegenwoordigers bij | Kind en Gezin betrekt de organisatoren of hun vertegenwoordigers bij |
de evaluatie, vermeld in het tweede lid. | de evaluatie, vermeld in het tweede lid. |
Art. 9.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang kan op de volgende |
Art. 9.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang kan op de volgende |
wijze reserves opbouwen met de subsidies, vermeld in dit besluit : | wijze reserves opbouwen met de subsidies, vermeld in dit besluit : |
1° de reserves worden aangewend om de opdrachten, vermeld in artikel | 1° de reserves worden aangewend om de opdrachten, vermeld in artikel |
3, 4 en 5, te realiseren; | 3, 4 en 5, te realiseren; |
2° maximaal 20% van het subsidiebedrag kan als reserve overgedragen | 2° maximaal 20% van het subsidiebedrag kan als reserve overgedragen |
worden naar het volgende kalenderjaar; | worden naar het volgende kalenderjaar; |
3° de gecumuleerde reserve, opgebouwd uit de jaarlijkse | 3° de gecumuleerde reserve, opgebouwd uit de jaarlijkse |
subsidiebedragen, vermeld in punt 2°, is maximaal 50% van de | subsidiebedragen, vermeld in punt 2°, is maximaal 50% van de |
jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2° ; | jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2° ; |
4° als het maximum, vermeld in punt 2° en 3°, overschreden wordt, | 4° als het maximum, vermeld in punt 2° en 3°, overschreden wordt, |
wordt het overschreden bedrag teruggestort aan Kind en Gezin, tenzij | wordt het overschreden bedrag teruggestort aan Kind en Gezin, tenzij |
het ondersteuningsnetwerk kinderopvang een aanwendingsplan of | het ondersteuningsnetwerk kinderopvang een aanwendingsplan of |
aanzuiveringsplan heeft dat voldoet aan een aantal criteria, waaronder | aanzuiveringsplan heeft dat voldoet aan een aantal criteria, waaronder |
de goedkeuring van de Inspectie van Financiën van de Vlaamse overheid. | de goedkeuring van de Inspectie van Financiën van de Vlaamse overheid. |
Art. 10.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang stelt een |
Art. 10.Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang stelt een |
commissaris-revisor aan die, aanvullend op zijn wettelijke taak en | commissaris-revisor aan die, aanvullend op zijn wettelijke taak en |
opdracht, jaarlijks attesteert dat de subsidie, vermeld in artikel 6, | opdracht, jaarlijks attesteert dat de subsidie, vermeld in artikel 6, |
alleen aangewend wordt voor de opdrachten, vermeld in artikel 3, 4 en | alleen aangewend wordt voor de opdrachten, vermeld in artikel 3, 4 en |
5. | 5. |
Art. 11.Het bedrag van de subsidie, vermeld in artikel 6, wordt |
Art. 11.Het bedrag van de subsidie, vermeld in artikel 6, wordt |
aangepast aan de afgevlakte gezondheidsindex. | aangepast aan de afgevlakte gezondheidsindex. |
Overeenkomstig artikel 89, eerste lid, 28° en 58°, van het decreet van | Overeenkomstig artikel 89, eerste lid, 28° en 58°, van het decreet van |
18 december 2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting | 18 december 2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting |
2016 wordt verstaan onder afgevlakte gezondheidsindex: het | 2016 wordt verstaan onder afgevlakte gezondheidsindex: het |
prijsindexcijfer, vermeld in artikel 2, § 2, van het koninklijk | prijsindexcijfer, vermeld in artikel 2, § 2, van het koninklijk |
besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari | besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari |
1989 tot vrijwaring van `s lands concurrentievermogen, dat wordt | 1989 tot vrijwaring van `s lands concurrentievermogen, dat wordt |
berekend en toegepast conform artikel 2 tot en met 2quater van het | berekend en toegepast conform artikel 2 tot en met 2quater van het |
voormelde besluit. | voormelde besluit. |
De toepassing van het eerste lid mag niet leiden tot een nominale | De toepassing van het eerste lid mag niet leiden tot een nominale |
vermindering van de subsidie. | vermindering van de subsidie. |
Deze aanpassing gebeurt telkens twee maanden nadat de afgevlakte | Deze aanpassing gebeurt telkens twee maanden nadat de afgevlakte |
gezondheidsindex een bepaalde drempelwaarde overschrijdt. | gezondheidsindex een bepaalde drempelwaarde overschrijdt. |
Art. 12.De subsidie wordt betaald met voorschotten per kwartaal en |
Art. 12.De subsidie wordt betaald met voorschotten per kwartaal en |
een saldoafrekening. | een saldoafrekening. |
De voorschotten bedragen telkens 20% van het bedrag, vermeld in | De voorschotten bedragen telkens 20% van het bedrag, vermeld in |
artikel 6, en worden de eerste maand van elk kwartaal betaald. Het | artikel 6, en worden de eerste maand van elk kwartaal betaald. Het |
saldo wordt betaald uiterlijk op 1 april van het jaar dat volgt op het | saldo wordt betaald uiterlijk op 1 april van het jaar dat volgt op het |
betreffende kalenderjaar. | betreffende kalenderjaar. |
In afwijking van het eerste en het tweede lid kan Kind en Gezin, bij | In afwijking van het eerste en het tweede lid kan Kind en Gezin, bij |
ernstige problemen bij het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, en | ernstige problemen bij het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, en |
minstens als er een risico is op plotse stopzetting van de opdrachten, | minstens als er een risico is op plotse stopzetting van de opdrachten, |
vermeld in artikel 3, 4 en 5, of bij vermoeden van fraude door het | vermeld in artikel 3, 4 en 5, of bij vermoeden van fraude door het |
ondersteuningsnetwerk kinderopvang, beslissen om specifieke | ondersteuningsnetwerk kinderopvang, beslissen om specifieke |
maatregelen te nemen voor de betaling van de voorschotten en de | maatregelen te nemen voor de betaling van de voorschotten en de |
saldoafrekening, zoals het niet betalen of het verminderen van het | saldoafrekening, zoals het niet betalen of het verminderen van het |
bedrag van een voorschot. | bedrag van een voorschot. |
Art. 13.De subsidie wordt aangerekend op de begroting van Kind en |
Art. 13.De subsidie wordt aangerekend op de begroting van Kind en |
Gezin. | Gezin. |
De subsidie kan alleen toegekend worden binnen de perken van de | De subsidie kan alleen toegekend worden binnen de perken van de |
algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse overheid. | algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse overheid. |
HOOFDSTUK 4. - Toezicht en handhaving | HOOFDSTUK 4. - Toezicht en handhaving |
Art. 14.Kind en Gezin ziet toe op de naleving van de bepalingen van |
Art. 14.Kind en Gezin ziet toe op de naleving van de bepalingen van |
dit besluit. | dit besluit. |
Kind en Gezin beslist tot terugvordering van de subsidie conform | Kind en Gezin beslist tot terugvordering van de subsidie conform |
artikel 57 van het Rekendecreet, artikel 13 van de wet van 16 mei 2003 | artikel 57 van het Rekendecreet, artikel 13 van de wet van 16 mei 2003 |
tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de | tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de |
begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de | begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de |
gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de | gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de |
controle door het Rekenhof, en artikel 18 van het besluit van de | controle door het Rekenhof, en artikel 18 van het besluit van de |
Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de algemene regels | Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de algemene regels |
inzake subsidiëring. | inzake subsidiëring. |
HOOFDSTUK 5. - Wijzigingsbepalingen | HOOFDSTUK 5. - Wijzigingsbepalingen |
Art. 15.In artikel 2, tweede lid, van het Vergunningsbesluit van 22 |
Art. 15.In artikel 2, tweede lid, van het Vergunningsbesluit van 22 |
november 2013, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 | november 2013, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 |
april 2014, wordt punt 2° opgeheven. | april 2014, wordt punt 2° opgeheven. |
Art. 16.Artikel 12 van hetzelfde besluit wordt opgeheven. |
Art. 16.Artikel 12 van hetzelfde besluit wordt opgeheven. |
Art. 17.Artikel 32 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat |
Art. 17.Artikel 32 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat |
volgt: | volgt: |
" Art. 32.De organisator zorgt voor pedagogische ondersteuning bij het |
" Art. 32.De organisator zorgt voor pedagogische ondersteuning bij het |
pedagogisch beleid, vermeld in artikel 31, en toont de volgende | pedagogisch beleid, vermeld in artikel 31, en toont de volgende |
elementen aan : | elementen aan : |
1° de keuze om die ondersteuning intern dan wel extern te organiseren; | 1° de keuze om die ondersteuning intern dan wel extern te organiseren; |
2° de manier waarop die ondersteuning de organisator versterkt binnen | 2° de manier waarop die ondersteuning de organisator versterkt binnen |
een competent systeem, is afgestemd op de noden van de | een competent systeem, is afgestemd op de noden van de |
kinderopvanglocatie en deel uitmaakt van een geïntegreerde | kinderopvanglocatie en deel uitmaakt van een geïntegreerde |
ondersteuning op een of meer van de volgende onderling samenhangende | ondersteuning op een of meer van de volgende onderling samenhangende |
thema's : | thema's : |
a) infrastructuur; | a) infrastructuur; |
b) veiligheid en gezondheid; | b) veiligheid en gezondheid; |
c) omgang met kinderen en gezinnen; | c) omgang met kinderen en gezinnen; |
d) medewerkers; | d) medewerkers; |
e) organisatorisch management; | e) organisatorisch management; |
f) samenwerking met Kind en Gezin, het lokaal bestuur, het lokaal | f) samenwerking met Kind en Gezin, het lokaal bestuur, het lokaal |
loket kinderopvang en andere lokale partners; | loket kinderopvang en andere lokale partners; |
g) opnamebeleid, met bijzondere aandacht voor kwetsbare gezinnen; | g) opnamebeleid, met bijzondere aandacht voor kwetsbare gezinnen; |
h) inclusieve opvang van kinderen met een specifieke zorgbehoefte; | h) inclusieve opvang van kinderen met een specifieke zorgbehoefte; |
i) flexibele opvang. | i) flexibele opvang. |
Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, c), | Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, c), |
wordt rekening gehouden met het pedagogische raamwerk, ontwikkeld in | wordt rekening gehouden met het pedagogische raamwerk, ontwikkeld in |
september 2014 door de vakgroep sociale agogiek van de universiteit | september 2014 door de vakgroep sociale agogiek van de universiteit |
Gent en het expertisecentrum ervaringsgericht onderwijs van de | Gent en het expertisecentrum ervaringsgericht onderwijs van de |
Katholieke Universiteit Leuven, in opdracht van Kind en Gezin. | Katholieke Universiteit Leuven, in opdracht van Kind en Gezin. |
Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, d), | Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, d), |
wordt rekening gehouden met het opvolgen van de draagkracht van | wordt rekening gehouden met het opvolgen van de draagkracht van |
medewerkers. | medewerkers. |
Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, e), | Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, e), |
wordt rekening gehouden met het ondernemen in de kinderopvang en de | wordt rekening gehouden met het ondernemen in de kinderopvang en de |
financiële werking. | financiële werking. |
De organisator kan aantonen dat hij voldoet aan de voorwaarde, vermeld | De organisator kan aantonen dat hij voldoet aan de voorwaarde, vermeld |
in het eerste lid, door middel van de zelfevaluatie, vermeld in | in het eerste lid, door middel van de zelfevaluatie, vermeld in |
artikel 51, eerste lid, of het kwaliteitshandboek, vermeld in artikel | artikel 51, eerste lid, of het kwaliteitshandboek, vermeld in artikel |
57.". | 57.". |
Art. 18.In artikel 23/1 van het besluit van de Vlaamse Regering van |
Art. 18.In artikel 23/1 van het besluit van de Vlaamse Regering van |
13 december 2013 houdende de regels voor de toekenning van een | 13 december 2013 houdende de regels voor de toekenning van een |
projectsubsidie aan pedagogische en taalondersteunende organisaties | projectsubsidie aan pedagogische en taalondersteunende organisaties |
voor de pedagogische en taalondersteuning van | voor de pedagogische en taalondersteuning van |
kinderdagopvangvoorzieningen, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse | kinderdagopvangvoorzieningen, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse |
Regering van 16 december 2016, worden de volgende wijzigingen | Regering van 16 december 2016, worden de volgende wijzigingen |
aangebracht : | aangebracht : |
1° in het eerste lid wordt de datum "31 december 2017" vervangen door | 1° in het eerste lid wordt de datum "31 december 2017" vervangen door |
de datum "31 december 2018"; | de datum "31 december 2018"; |
2° aan het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd : | 2° aan het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd : |
"De melding gebeurt uiterlijk op 31 januari 2018.". | "De melding gebeurt uiterlijk op 31 januari 2018.". |
Art. 19.In artikel 23/5 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het |
Art. 19.In artikel 23/5 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016, wordt tussen het | besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016, wordt tussen het |
eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt : | eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt : |
"In afwijking van het eerste lid gebeurt de saldoafrekening van de | "In afwijking van het eerste lid gebeurt de saldoafrekening van de |
projectsubsidie voor de periode van 1 januari 2018 tot en met 31 | projectsubsidie voor de periode van 1 januari 2018 tot en met 31 |
december 2018, uiterlijk op 1 maart 2019.". | december 2018, uiterlijk op 1 maart 2019.". |
Art. 20.In artikel 1, 4°, van het besluit van de Vlaamse Regering van |
Art. 20.In artikel 1, 4°, van het besluit van de Vlaamse Regering van |
15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het | 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het |
vroegere Fonds voor Collectieve Uitrusting en Diensten en voor | vroegere Fonds voor Collectieve Uitrusting en Diensten en voor |
personeelsleden met een gewezen gescostatuut worden de woorden | personeelsleden met een gewezen gescostatuut worden de woorden |
"buitenschoolse opvang of" opgeheven. | "buitenschoolse opvang of" opgeheven. |
Art. 21.Artikel 2, derde lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen |
Art. 21.Artikel 2, derde lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen |
door wat volgt : | door wat volgt : |
"Voor een project FCUD dat als enige activiteit regionale coördinatie | "Voor een project FCUD dat als enige activiteit regionale coördinatie |
van buitenschoolse opvang heeft, stopt de subsidie met ingang van 1 | van buitenschoolse opvang heeft, stopt de subsidie met ingang van 1 |
januari 2019. Voor een project FCUD dat niet als enige activiteit | januari 2019. Voor een project FCUD dat niet als enige activiteit |
regionale coördinatie van buitenschoolse opvang heeft, wordt de | regionale coördinatie van buitenschoolse opvang heeft, wordt de |
subsidie voor die regionale coördinatie van buitenschoolse opvang | subsidie voor die regionale coördinatie van buitenschoolse opvang |
stopgezet met ingang van 1 januari 2019.". | stopgezet met ingang van 1 januari 2019.". |
Art. 22.In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal |
Art. 22.In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal |
van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie | van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie |
voor de ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van ondernemen | voor de ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van ondernemen |
worden de woorden "twee bijkomende werkjaren" vervangen door de | worden de woorden "twee bijkomende werkjaren" vervangen door de |
zinsnede "2,5 werkjaren" en wordt de datum "30 juni 2018" vervangen | zinsnede "2,5 werkjaren" en wordt de datum "30 juni 2018" vervangen |
door de datum "31 december 2018". | door de datum "31 december 2018". |
Art. 23.In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal |
Art. 23.In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal |
van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie | van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie |
voor de ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van organiseren | voor de ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van organiseren |
en kwaliteitszorg worden de woorden "twee bijkomende werkjaren" | en kwaliteitszorg worden de woorden "twee bijkomende werkjaren" |
vervangen door de zinsnede "2,5 werkjaren" en wordt de datum "30 juni | vervangen door de zinsnede "2,5 werkjaren" en wordt de datum "30 juni |
2018" vervangen door de datum "31 december 2018". | 2018" vervangen door de datum "31 december 2018". |
Art. 24.In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal |
Art. 24.In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal |
van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie | van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie |
voor de uitbouw van een uniek ondersteuningsloket worden de woorden | voor de uitbouw van een uniek ondersteuningsloket worden de woorden |
"twee bijkomende werkjaren" vervangen door de zinsnede "2,5 werkjaren" | "twee bijkomende werkjaren" vervangen door de zinsnede "2,5 werkjaren" |
en wordt de datum "30 juni 2018" vervangen door de datum "31 december | en wordt de datum "30 juni 2018" vervangen door de datum "31 december |
2018". | 2018". |
HOOFDSTUK 6. - Overgangsbepalingen | HOOFDSTUK 6. - Overgangsbepalingen |
Art. 25.De rechtspersoon, vermeld in artikel 2, wordt opgericht |
Art. 25.De rechtspersoon, vermeld in artikel 2, wordt opgericht |
uiterlijk 31 december 2018 door een meerderheid van de organisaties | uiterlijk 31 december 2018 door een meerderheid van de organisaties |
die op 31 december 2017 een subsidie voor ondersteuning krijgen op | die op 31 december 2017 een subsidie voor ondersteuning krijgen op |
basis van een van de besluiten, vermeld in artikel 20 of 27. | basis van een van de besluiten, vermeld in artikel 20 of 27. |
De organisaties, vermeld in het eerste lid : | De organisaties, vermeld in het eerste lid : |
1° bereiken overeenstemming met de vzw Vereniging van Vlaamse Steden | 1° bereiken overeenstemming met de vzw Vereniging van Vlaamse Steden |
en Gemeenten met betrekking tot haar inbreng en deelneming bij de | en Gemeenten met betrekking tot haar inbreng en deelneming bij de |
oprichting van de rechtspersoon in functie van het geïntegreerd | oprichting van de rechtspersoon in functie van het geïntegreerd |
ondersteunen van organisatoren op het lokale niveau; | ondersteunen van organisatoren op het lokale niveau; |
2° betrekken belangenbehartigende vertegenwoordigers van organisatoren | 2° betrekken belangenbehartigende vertegenwoordigers van organisatoren |
met ervaring in geïntegreerd ondersteunen van organisatoren bij de | met ervaring in geïntegreerd ondersteunen van organisatoren bij de |
oprichting van de rechtspersoon. | oprichting van de rechtspersoon. |
Art. 26.In de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 5, wordt |
Art. 26.In de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 5, wordt |
bepaald hoe de middelen van het voormalige project `Ondersteuning van | bepaald hoe de middelen van het voormalige project `Ondersteuning van |
de kwaliteitszorg in de kinderopvang' van de provincie Limburg aan de | de kwaliteitszorg in de kinderopvang' van de provincie Limburg aan de |
vzw Limburgs Steunpunt Kinderopvang, meer bepaald 100.000 euro van het | vzw Limburgs Steunpunt Kinderopvang, meer bepaald 100.000 euro van het |
bedrag, vermeld in artikel 6, worden ingezet, gedurende een | bedrag, vermeld in artikel 6, worden ingezet, gedurende een |
overgangstermijn van drie jaar. | overgangstermijn van drie jaar. |
HOOFDSTUK 7. - Opheffingsbepaling | HOOFDSTUK 7. - Opheffingsbepaling |
Art. 27.De volgende regelingen worden opgeheven : |
Art. 27.De volgende regelingen worden opgeheven : |
1° het besluit van de Vlaamse Regering van 6 maart 2009 houdende de | 1° het besluit van de Vlaamse Regering van 6 maart 2009 houdende de |
toekenning van een subsidie ter ondersteuning van de zelfstandige | toekenning van een subsidie ter ondersteuning van de zelfstandige |
kinderopvangvoorzieningen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse | kinderopvangvoorzieningen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse |
Regering van 24 september 2010 en 30 januari 2015; | Regering van 24 september 2010 en 30 januari 2015; |
2° het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december 2013 houdende | 2° het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december 2013 houdende |
de regels voor de toekenning van een projectsubsidie aan pedagogische | de regels voor de toekenning van een projectsubsidie aan pedagogische |
en taalondersteunende organisaties voor de pedagogische en | en taalondersteunende organisaties voor de pedagogische en |
taalondersteuning van kinderopvangvoorzieningen, gewijzigd bij het | taalondersteuning van kinderopvangvoorzieningen, gewijzigd bij het |
besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016; | besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016; |
3° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 | 3° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 |
houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige | houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige |
kinderopvang op vlak van ondernemen, gewijzigd bij het besluit van de | kinderopvang op vlak van ondernemen, gewijzigd bij het besluit van de |
administrateur-generaal van 28 juni 2016; | administrateur-generaal van 28 juni 2016; |
4° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 | 4° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 |
houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige | houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige |
kinderopvang op vlak van organiseren en kwaliteitszorg, gewijzigd bij | kinderopvang op vlak van organiseren en kwaliteitszorg, gewijzigd bij |
het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016; | het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016; |
5° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 | 5° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 |
houdende de toewijzing van een subsidie voor de uitbouw van een uniek | houdende de toewijzing van een subsidie voor de uitbouw van een uniek |
ondersteuningsloket voor de zelfstandige kinderopvang, gewijzigd bij | ondersteuningsloket voor de zelfstandige kinderopvang, gewijzigd bij |
het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016. | het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016. |
HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding | HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding |
Art. 28.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2019. |
Art. 28.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2019. |
In afwijking van het eerste lid treden artikel 15, 16, 18, 19, 21, 22, | In afwijking van het eerste lid treden artikel 15, 16, 18, 19, 21, 22, |
23, 24 en 25 in werking op 1 januari 2018. | 23, 24 en 25 in werking op 1 januari 2018. |
Art. 29.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, |
Art. 29.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, |
is belast met de uitvoering van dit besluit. | is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 23 februari 2018. | Brussel, 23 februari 2018. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
G. BOURGEOIS | G. BOURGEOIS |
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, | De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, |
J. VANDEURZEN | J. VANDEURZEN |