← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen "
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen | Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
22 OKTOBER 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van | 22 OKTOBER 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van |
het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement | het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement |
op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun | op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun |
onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen | onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen |
Rechtsgrond | Rechtsgrond |
Dit besluit is gebaseerd op: | Dit besluit is gebaseerd op: |
- de wet van 21 juni 1985 betreffende de technische eisen waaraan elk | - de wet van 21 juni 1985 betreffende de technische eisen waaraan elk |
voertuig voor vervoer te land, de onderdelen ervan, evenals het | voertuig voor vervoer te land, de onderdelen ervan, evenals het |
veiligheidstoebehoren moeten voldoen, artikel 1, het laatst gewijzigd | veiligheidstoebehoren moeten voldoen, artikel 1, het laatst gewijzigd |
bij het decreet van 9 oktober 2020. | bij het decreet van 9 oktober 2020. |
Vormvereisten | Vormvereisten |
De volgende vormvereisten zijn vervuld: | De volgende vormvereisten zijn vervuld: |
- De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 10 mei 2021. | - De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 10 mei 2021. |
- De Mobiliteitsraad Vlaanderen (MORA) heeft advies gegeven op 25 juni | - De Mobiliteitsraad Vlaanderen (MORA) heeft advies gegeven op 25 juni |
2021. | 2021. |
- De commissie administratie-nijverheid heeft advies gegeven op 26 | - De commissie administratie-nijverheid heeft advies gegeven op 26 |
juni 2021. | juni 2021. |
- De Raad van State heeft advies 70.197/3 gegeven op 8 oktober 2021, | - De Raad van State heeft advies 70.197/3 gegeven op 8 oktober 2021, |
met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op | met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op |
de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. | de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. |
Initiatiefnemer | Initiatiefnemer |
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Mobiliteit | Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Mobiliteit |
en Openbare Werken. | en Openbare Werken. |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: | DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: |
Artikel 1.Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke uitvoering van |
Artikel 1.Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke uitvoering van |
Verordening (EU) 2019/1242 Van het Europees Parlement en de Raad van | Verordening (EU) 2019/1242 Van het Europees Parlement en de Raad van |
20 juni 2019 tot vaststelling van CO2-emissienormen voor nieuwe zware | 20 juni 2019 tot vaststelling van CO2-emissienormen voor nieuwe zware |
bedrijfsvoertuigen en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. | bedrijfsvoertuigen en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. |
595/2009 en (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad en | 595/2009 en (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad en |
Richtlijn 96/53/EG van de Raad. | Richtlijn 96/53/EG van de Raad. |
Art. 2.In artikel 32bis van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 |
Art. 2.In artikel 32bis van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 |
houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, | houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, |
hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten | hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten |
voldoen, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering | voldoen, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering |
van 26 oktober 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht: | van 26 oktober 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht: |
1° in punt 1.0 wordt een punt 2/1° ingevoegd, dat luidt als volgt: | 1° in punt 1.0 wordt een punt 2/1° ingevoegd, dat luidt als volgt: |
"2/1° emissievrij voertuig: een emissievrij zwaar bedrijfsvoertuig als | "2/1° emissievrij voertuig: een emissievrij zwaar bedrijfsvoertuig als |
vermeld in artikel 3, 11), van verordening (EU) 2019/1242 van het | vermeld in artikel 3, 11), van verordening (EU) 2019/1242 van het |
Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot vaststelling van | Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot vaststelling van |
CO2-emissienormen voor nieuwe zware bedrijfsvoertuigen en tot | CO2-emissienormen voor nieuwe zware bedrijfsvoertuigen en tot |
wijziging van Verordeningen (EG) nr. 595/2009 en (EU) 2018/956 van het | wijziging van Verordeningen (EG) nr. 595/2009 en (EU) 2018/956 van het |
Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 96/53/EG van de Raad;"; | Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 96/53/EG van de Raad;"; |
2° er worden een punt 1.4.2.7 tot en met 1.4.2.11 ingevoegd, die | 2° er worden een punt 1.4.2.7 tot en met 1.4.2.11 ingevoegd, die |
luiden als volgt: | luiden als volgt: |
"1.4.2.7. De maximaal toegelaten massa van emissievrije voertuigen met | "1.4.2.7. De maximaal toegelaten massa van emissievrije voertuigen met |
twee assen, met uitzondering van autobussen, kan worden verhoogd met | twee assen, met uitzondering van autobussen, kan worden verhoogd met |
de extra massa die vereist is voor de emissievrije technologie, met | de extra massa die vereist is voor de emissievrije technologie, met |
een maximum van 2000 kg. | een maximum van 2000 kg. |
1.4.2.8 De maximaal toegelaten massa van emissievrije autobussen met | 1.4.2.8 De maximaal toegelaten massa van emissievrije autobussen met |
twee assen kan worden verhoogd met de extra massa die vereist is voor | twee assen kan worden verhoogd met de extra massa die vereist is voor |
de emissievrije technologie, met een maximum van 500 kg. | de emissievrije technologie, met een maximum van 500 kg. |
1.4.2.9. De maximaal toegelaten massa van emissievrije voertuigen met | 1.4.2.9. De maximaal toegelaten massa van emissievrije voertuigen met |
drie assen kan worden verhoogd met de extra massa die vereist is voor | drie assen kan worden verhoogd met de extra massa die vereist is voor |
de emissievrije technologie, met een maximum van 1000 kg of met een | de emissievrije technologie, met een maximum van 1000 kg of met een |
maximum van 2000 kg als voldaan is aan een van de volgende | maximum van 2000 kg als voldaan is aan een van de volgende |
voorwaarden: | voorwaarden: |
1° elke aangedreven as is uitgerust met dubbele banden en luchtvering | 1° elke aangedreven as is uitgerust met dubbele banden en luchtvering |
of een veringssysteem dat als gelijkwaardig aan luchtvering wordt | of een veringssysteem dat als gelijkwaardig aan luchtvering wordt |
erkend; | erkend; |
2° elke aangedreven as is uitgerust met dubbele banden en de | 2° elke aangedreven as is uitgerust met dubbele banden en de |
maximumdruk van elke as bedraagt niet meer dan 9,5 ton. | maximumdruk van elke as bedraagt niet meer dan 9,5 ton. |
1.4.2.10. De maximaal toegelaten massa van emissievrije gelede | 1.4.2.10. De maximaal toegelaten massa van emissievrije gelede |
autobussen met drie assen kan worden verhoogd met de extra massa die | autobussen met drie assen kan worden verhoogd met de extra massa die |
vereist is voor de emissievrije technologie, met een maximum van 2000 | vereist is voor de emissievrije technologie, met een maximum van 2000 |
kg.1.4.2.11. De bijkomende massa die voor de emissievrije technologie | kg.1.4.2.11. De bijkomende massa die voor de emissievrije technologie |
nodig is, wordt bepaald op basis van de documentatie die de fabrikant | nodig is, wordt bepaald op basis van de documentatie die de fabrikant |
bij de goedkeuring van het voertuig in kwestie verstrekt. De | bij de goedkeuring van het voertuig in kwestie verstrekt. De |
bijkomende massa wordt vermeld op de officiële documenten."; | bijkomende massa wordt vermeld op de officiële documenten."; |
3° er worden een punt 3.2.5.1, 3.2.5.2 en 3.2.6 ingevoegd, die luiden | 3° er worden een punt 3.2.5.1, 3.2.5.2 en 3.2.6 ingevoegd, die luiden |
als volgt: | als volgt: |
"3.2.5.1. In afwijking van punt 3.2.3 en 3.2.4 bedraagt de maximaal | "3.2.5.1. In afwijking van punt 3.2.3 en 3.2.4 bedraagt de maximaal |
toegelaten massa van een sleep bestaande uit een trekkend voertuig met | toegelaten massa van een sleep bestaande uit een trekkend voertuig met |
drie assen en een oplegger of aanhangwagen met drie assen, 48.000 kg | drie assen en een oplegger of aanhangwagen met drie assen, 48.000 kg |
als aan al de volgende voorwaarden voldaan is: | als aan al de volgende voorwaarden voldaan is: |
1° alle assen van het trekkend en het getrokken voertuig zijn | 1° alle assen van het trekkend en het getrokken voertuig zijn |
uitgerust met luchtvering of een veringssysteem dat als gelijkwaardig | uitgerust met luchtvering of een veringssysteem dat als gelijkwaardig |
aan luchtvering wordt erkend; | aan luchtvering wordt erkend; |
2° de afstand tussen het midden van twee achter elkaar geplaatste | 2° de afstand tussen het midden van twee achter elkaar geplaatste |
assen binnen hetzelfde voertuig of dezelfde combinatie bedraagt | assen binnen hetzelfde voertuig of dezelfde combinatie bedraagt |
minstens 1,3 m; | minstens 1,3 m; |
3° er wordt geen gebruik gemaakt van een aanhangwagen met stijve | 3° er wordt geen gebruik gemaakt van een aanhangwagen met stijve |
dissel of een middenasaanhangwagen; | dissel of een middenasaanhangwagen; |
4° het trekkend en het getrokken voertuig zijn uitgerust met een | 4° het trekkend en het getrokken voertuig zijn uitgerust met een |
sensorvoorziening die de bestuurder toelaat de totale massa van elk | sensorvoorziening die de bestuurder toelaat de totale massa van elk |
voertuig, evenals de sleep en de massa onder elk van de assen af te | voertuig, evenals de sleep en de massa onder elk van de assen af te |
lezen; | lezen; |
5° het trekkend voertuig is uitgerust met Adaptive Cruise Control | 5° het trekkend voertuig is uitgerust met Adaptive Cruise Control |
(ACC); | (ACC); |
6° de datum van eerste indienststelling van het trekkend en getrokken | 6° de datum van eerste indienststelling van het trekkend en getrokken |
voertuig is maximaal acht jaar oud. In afwijking daarvan mag de datum | voertuig is maximaal acht jaar oud. In afwijking daarvan mag de datum |
van eerste indienststelling van niet-emissievrije trekkende voertuigen | van eerste indienststelling van niet-emissievrije trekkende voertuigen |
maximaal vijf jaar oud zijn. | maximaal vijf jaar oud zijn. |
Vanaf 1 januari 2031 geldt de afwijking, vermeld in het eerste lid, | Vanaf 1 januari 2031 geldt de afwijking, vermeld in het eerste lid, |
alleen voor emissievrije voertuigen en voor door alternatieve | alleen voor emissievrije voertuigen en voor door alternatieve |
brandstoffen aangedreven voertuigen waarvan de datum van eerste | brandstoffen aangedreven voertuigen waarvan de datum van eerste |
indienststelling zich bevindt tussen 31 december 2025 en 31 december | indienststelling zich bevindt tussen 31 december 2025 en 31 december |
2030. | 2030. |
3.2.5.2. Als de massa in beladen toestand van een sleep, vermeld in | 3.2.5.2. Als de massa in beladen toestand van een sleep, vermeld in |
punt 3.2.5.1, meer bedraagt dan 44.000 kg, moet naast de voorwaarden, | punt 3.2.5.1, meer bedraagt dan 44.000 kg, moet naast de voorwaarden, |
vermeld in punt 3.2.5.1, ook aan al de volgende voorwaarde voldaan | vermeld in punt 3.2.5.1, ook aan al de volgende voorwaarde voldaan |
worden om zich met het voertuig op de openbare weg te begeven: | worden om zich met het voertuig op de openbare weg te begeven: |
1° de som van de massa's onder de assen van een oplegger mag in | 1° de som van de massa's onder de assen van een oplegger mag in |
beladen toestand niet meer bedragen dan 25.000 kg; | beladen toestand niet meer bedragen dan 25.000 kg; |
2° de massa in beladen toestand van de sleep mag niet meer bedragen | 2° de massa in beladen toestand van de sleep mag niet meer bedragen |
dan de volgende waarde in kilogram: 13.500 + 2.700 x de afstand, | dan de volgende waarde in kilogram: 13.500 + 2.700 x de afstand, |
uitgedrukt in meters, tussen het middenpunt van de eerste as van het | uitgedrukt in meters, tussen het middenpunt van de eerste as van het |
trekkend voertuig en het middenpunt van de achteras van het getrokken | trekkend voertuig en het middenpunt van de achteras van het getrokken |
voertuig; | voertuig; |
3° de bestuurder van een sleep als vermeld in punt 3.2.5.1, houdt, ten | 3° de bestuurder van een sleep als vermeld in punt 3.2.5.1, houdt, ten |
alle tijde, een minimale afstand van 15 m van andere voertuigen met | alle tijde, een minimale afstand van 15 m van andere voertuigen met |
een maximaal toegelaten massa van meer dan 3,5 ton. | een maximaal toegelaten massa van meer dan 3,5 ton. |
3.2.6. Met behoud van toepassing van punt 3.2.5.1 en 3.2.5.2, wordt de | 3.2.6. Met behoud van toepassing van punt 3.2.5.1 en 3.2.5.2, wordt de |
maximaal toegelaten massa van een sleep, vermeld in punt 3.2.5.1 en | maximaal toegelaten massa van een sleep, vermeld in punt 3.2.5.1 en |
3.2.5.2, verhoogd met de volgende waarden, tot maximaal 50.000 kg: | 3.2.5.2, verhoogd met de volgende waarden, tot maximaal 50.000 kg: |
1° als het trekkend voertuig door alternatieve brandstoffen wordt | 1° als het trekkend voertuig door alternatieve brandstoffen wordt |
aangedreven als vermeld in punt 1.4.2.4: met de extra massa die | aangedreven als vermeld in punt 1.4.2.4: met de extra massa die |
vereist is voor de alternatieve brandstoftechnologie, zoals bepaald | vereist is voor de alternatieve brandstoftechnologie, zoals bepaald |
tijdens de goedkeuring van het voertuig en vermeld op de officiële | tijdens de goedkeuring van het voertuig en vermeld op de officiële |
documenten; | documenten; |
2° als het trekkend voertuig een emissievrij voertuig als vermeld in | 2° als het trekkend voertuig een emissievrij voertuig als vermeld in |
punt 1.4.2.9, is: met de extra massa die vereist is voor de | punt 1.4.2.9, is: met de extra massa die vereist is voor de |
emissievrije technologie, zoals bepaald tijdens de goedkeuring van het | emissievrije technologie, zoals bepaald tijdens de goedkeuring van het |
voertuig en vermeld op de officiële documenten; | voertuig en vermeld op de officiële documenten; |
3° als het trekkend voertuig uitgerust is met een vertrager als | 3° als het trekkend voertuig uitgerust is met een vertrager als |
vermeld in punt 1.4.2.1: met de massa van die vertrager, zoals bepaald | vermeld in punt 1.4.2.1: met de massa van die vertrager, zoals bepaald |
tijdens de goedkeuring van het voertuig of achteraf; | tijdens de goedkeuring van het voertuig of achteraf; |
4° als het getrokken voertuig uitgerust is met speciale aanpassingen | 4° als het getrokken voertuig uitgerust is met speciale aanpassingen |
of met een versterkt chassis voor het gecombineerd vervoer weg-spoor | of met een versterkt chassis voor het gecombineerd vervoer weg-spoor |
als vermeld in punt 1.4.2.2: met de bijkomende massa's die het gevolg | als vermeld in punt 1.4.2.2: met de bijkomende massa's die het gevolg |
zijn van speciale aanpassingen of van een versterkt chassis, zoals | zijn van speciale aanpassingen of van een versterkt chassis, zoals |
bepaald tijdens de goedkeuring van het voertuig, of achteraf.". | bepaald tijdens de goedkeuring van het voertuig, of achteraf.". |
Art. 3.De Vlaamse minister, bevoegd voor de weginfrastructuur en het |
Art. 3.De Vlaamse minister, bevoegd voor de weginfrastructuur en het |
wegenbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit. | wegenbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 22 oktober 2021. | Brussel, 22 oktober 2021. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
J. JAMBON | J. JAMBON |
De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, | De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, |
L. PEETERS | L. PEETERS |