Besluit van de Vlaamse Regering tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie of verbetering van een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning | Besluit van de Vlaamse Regering tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie of verbetering van een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
21 DECEMBER 2018. - Besluit van de Vlaamse Regering tot instelling van | 21 DECEMBER 2018. - Besluit van de Vlaamse Regering tot instelling van |
een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie of verbetering van | een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie of verbetering van |
een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning | een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning |
DE VLAAMSE REGERING, | DE VLAAMSE REGERING, |
Gelet op het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode, | Gelet op het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode, |
artikel 81, gewijzigd bij het decreet van 8 december 2000 en artikel | artikel 81, gewijzigd bij het decreet van 8 december 2000 en artikel |
83; | 83; |
Gelet op het decreet van 8 juli 2011 houdende regeling van de | Gelet op het decreet van 8 juli 2011 houdende regeling van de |
begroting, de boekhouding, de toekenning van subsidies en de controle | begroting, de boekhouding, de toekenning van subsidies en de controle |
op de aanwending ervan, en de controle door het Rekenhof, artikel 57; | op de aanwending ervan, en de controle door het Rekenhof, artikel 57; |
Gelet op besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende | Gelet op besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende |
instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor | instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor |
woningen; | woningen; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot |
instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van | instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van |
een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning; | een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning; |
Gelet op het ministerieel besluit van 27 september 2007 tot uitvoering | Gelet op het ministerieel besluit van 27 september 2007 tot uitvoering |
van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende | van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende |
instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor | instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor |
woningen; | woningen; |
Gelet op het ministerieel besluit van 1 december 2015 tot uitvoering | Gelet op het ministerieel besluit van 1 december 2015 tot uitvoering |
van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot | van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot |
instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van | instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van |
een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning; | een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning; |
Gelet op het advies 2018-19 van de Vlaamse Woonraad, gegeven op 5 | Gelet op het advies 2018-19 van de Vlaamse Woonraad, gegeven op 5 |
september 2018; | september 2018; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
begroting, gegeven op 13 juli 2018; | begroting, gegeven op 13 juli 2018; |
Gelet op advies 64.338/3 van de Raad van State, gegeven op 30 oktober | Gelet op advies 64.338/3 van de Raad van State, gegeven op 30 oktober |
2018, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | 2018, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, | Op voorstel van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, |
Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding; | Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
1° agentschap : het agentschap Wonen-Vlaanderen, opgericht bij besluit | 1° agentschap : het agentschap Wonen-Vlaanderen, opgericht bij besluit |
van de Vlaamse Regering van 16 december 2005; | van de Vlaamse Regering van 16 december 2005; |
2° aanvraagdatum : de datum van het bewijs van afgifte van het | 2° aanvraagdatum : de datum van het bewijs van afgifte van het |
aanvraagformulier, vermeld in artikel 6, § 1, op een dienst van het | aanvraagformulier, vermeld in artikel 6, § 1, op een dienst van het |
agentschap, de postdatum bij verzending van het aanvraagformulier met | agentschap, de postdatum bij verzending van het aanvraagformulier met |
de post of de datum van de digitale indiening van het | de post of de datum van de digitale indiening van het |
aanvraagformulier; | aanvraagformulier; |
3° premiewoning : het onroerend goed, of het zelfstandig deel ervan, | 3° premiewoning : het onroerend goed, of het zelfstandig deel ervan, |
dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of een | dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of een |
alleenstaande, waarop de aanvraag betrekking heeft, met uitsluiting | alleenstaande, waarop de aanvraag betrekking heeft, met uitsluiting |
van de kamer, vermeld in artikel 2, § 1, eerste lid, 10° bis, van de | van de kamer, vermeld in artikel 2, § 1, eerste lid, 10° bis, van de |
Vlaamse Wooncode; | Vlaamse Wooncode; |
4° bewoner : de meerderjarige particulieren die de premiewoning op de | 4° bewoner : de meerderjarige particulieren die de premiewoning op de |
aanvraagdatum als hoofdverblijfplaats bewonen, op grond van een | aanvraagdatum als hoofdverblijfplaats bewonen, op grond van een |
zakelijk recht; | zakelijk recht; |
5° verhuurder : de meerderjarige particulier die de premiewoning op de | 5° verhuurder : de meerderjarige particulier die de premiewoning op de |
aanvraagdatum voor de duur van minstens negen jaar verhuurt aan een | aanvraagdatum voor de duur van minstens negen jaar verhuurt aan een |
SVK met het oog op de onderverhuring ervan; | SVK met het oog op de onderverhuring ervan; |
6° aanvrager : | 6° aanvrager : |
a) de bewoner; | a) de bewoner; |
b) de verhuurder; | b) de verhuurder; |
7° SVK : een sociaal verhuurkantoor dat erkend is conform artikel 56 | 7° SVK : een sociaal verhuurkantoor dat erkend is conform artikel 56 |
van de Vlaamse Wooncode; | van de Vlaamse Wooncode; |
8° inkomen : de som van de volgende inkomsten, ontvangen in het tweede | 8° inkomen : de som van de volgende inkomsten, ontvangen in het tweede |
kalenderjaar dat voorafgaat aan de aanvraagdatum : | kalenderjaar dat voorafgaat aan de aanvraagdatum : |
a) het gezamenlijk belastbaar inkomen en de afzonderlijke belastbare | a) het gezamenlijk belastbaar inkomen en de afzonderlijke belastbare |
inkomsten; | inkomsten; |
b) het leefloon; | b) het leefloon; |
c) de inkomensvervangende tegemoetkoming aan de personen met een | c) de inkomensvervangende tegemoetkoming aan de personen met een |
handicap; | handicap; |
d) de van belasting vrijgestelde beroepsinkomsten uit het buitenland | d) de van belasting vrijgestelde beroepsinkomsten uit het buitenland |
of verworven bij een Europese of internationale instelling; | of verworven bij een Europese of internationale instelling; |
9° persoon ten laste : | 9° persoon ten laste : |
a) het kind dat bij de bewoner gedomicilieerd is en dat minderjarig is | a) het kind dat bij de bewoner gedomicilieerd is en dat minderjarig is |
of voor wie kinderbijslag of wezenbijslag wordt uitbetaald; | of voor wie kinderbijslag of wezenbijslag wordt uitbetaald; |
b) het kind van de bewoner dat niet gedomicilieerd is bij hem, maar op | b) het kind van de bewoner dat niet gedomicilieerd is bij hem, maar op |
regelmatige basis bij hem verblijft en dat minderjarig is of voor wie | regelmatige basis bij hem verblijft en dat minderjarig is of voor wie |
kinderbijslag uitbetaald wordt; | kinderbijslag uitbetaald wordt; |
c) de persoon die beschouwd wordt als ernstig gehandicapt, of die op | c) de persoon die beschouwd wordt als ernstig gehandicapt, of die op |
het ogenblik waarop hij met pensioen ging, beschouwd werd als ernstig | het ogenblik waarop hij met pensioen ging, beschouwd werd als ernstig |
gehandicapt; | gehandicapt; |
10° Vlaamse Wooncode : het decreet van 15 juli 1997 houdende de | 10° Vlaamse Wooncode : het decreet van 15 juli 1997 houdende de |
Vlaamse Wooncode; | Vlaamse Wooncode; |
11° nieuwe premiewoning : een premiewoning die wordt gerealiseerd door | 11° nieuwe premiewoning : een premiewoning die wordt gerealiseerd door |
werkzaamheden uit te voeren in een deel van een opgesplitste bestaande | werkzaamheden uit te voeren in een deel van een opgesplitste bestaande |
woning, of in een bestaand gebouw. | woning, of in een bestaand gebouw. |
Voor de bepaling van het gezamenlijk belastbaar inkomen, vermeld in | Voor de bepaling van het gezamenlijk belastbaar inkomen, vermeld in |
het eerste lid, 8°, wordt rekening gehouden met de reële eigen | het eerste lid, 8°, wordt rekening gehouden met de reële eigen |
beroepsinkomsten. | beroepsinkomsten. |
Om als persoon ten laste als vermeld in het eerste lid, 9°, c), te | Om als persoon ten laste als vermeld in het eerste lid, 9°, c), te |
worden beschouwd, gelden dezelfde voorwaarden als die bepaald zijn ter | worden beschouwd, gelden dezelfde voorwaarden als die bepaald zijn ter |
uitvoering van artikel 1, eerste lid, 22°, c), van het besluit van de | uitvoering van artikel 1, eerste lid, 22°, c), van het besluit van de |
Vlaamse Regering van 12 oktober 2007 tot reglementering van het | Vlaamse Regering van 12 oktober 2007 tot reglementering van het |
sociaal huurstelsel ter uitvoering van titel VII van de Vlaamse | sociaal huurstelsel ter uitvoering van titel VII van de Vlaamse |
Wooncode. | Wooncode. |
Als een persoon zowel beantwoordt aan de definitie van persoon ten | Als een persoon zowel beantwoordt aan de definitie van persoon ten |
laste als gedefinieerd in het eerste lid, 9°, a) of b), als aan de | laste als gedefinieerd in het eerste lid, 9°, a) of b), als aan de |
definitie van persoon ten laste als gedefinieerd in het eerste lid, | definitie van persoon ten laste als gedefinieerd in het eerste lid, |
9°, c), telt die persoon voor twee personen ten laste. | 9°, c), telt die persoon voor twee personen ten laste. |
Art. 2.Binnen de kredieten die daarvoor zijn ingeschreven op de |
Art. 2.Binnen de kredieten die daarvoor zijn ingeschreven op de |
begroting van het Vlaamse Gewest, en onder de voorwaarden, vermeld in | begroting van het Vlaamse Gewest, en onder de voorwaarden, vermeld in |
dit besluit, wordt aan de bewoner of de verhuurder die daarvoor een | dit besluit, wordt aan de bewoner of de verhuurder die daarvoor een |
aanvraag indient, een tegemoetkoming verleend in de kosten voor hetzij | aanvraag indient, een tegemoetkoming verleend in de kosten voor hetzij |
de renovatie van zijn bestaande premiewoning, hetzij de realisatie van | de renovatie van zijn bestaande premiewoning, hetzij de realisatie van |
een nieuwe premiewoning. De gerenoveerde of nieuwe premiewoning ligt | een nieuwe premiewoning. De gerenoveerde of nieuwe premiewoning ligt |
in het Vlaamse Gewest. | in het Vlaamse Gewest. |
De Vlaamse minister, bevoegd voor de huisvesting, bepaalt welke | De Vlaamse minister, bevoegd voor de huisvesting, bepaalt welke |
renovatie- en verbeteringswerkzaamheden voor de tegemoetkoming in | renovatie- en verbeteringswerkzaamheden voor de tegemoetkoming in |
aanmerking worden genomen met toepassing van artikel 5, § 1. Hij kan | aanmerking worden genomen met toepassing van artikel 5, § 1. Hij kan |
de voorwaarden, vermeld in dit besluit, nader preciseren met | de voorwaarden, vermeld in dit besluit, nader preciseren met |
detailmaatregelen en met uitvoeringsmaatregelen van bijkomende aard. | detailmaatregelen en met uitvoeringsmaatregelen van bijkomende aard. |
HOOFDSTUK 2. - Inkomens- en eigendomsvoorwaarden | HOOFDSTUK 2. - Inkomens- en eigendomsvoorwaarden |
Art. 3.Voor de bepaling van het inkomen wordt rekening gehouden met |
Art. 3.Voor de bepaling van het inkomen wordt rekening gehouden met |
het inkomen van de bewoner vermeerderd met het inkomen van de | het inkomen van de bewoner vermeerderd met het inkomen van de |
meerderjarige persoon of personen met wie hij samenwoont. Het inkomen | meerderjarige persoon of personen met wie hij samenwoont. Het inkomen |
van de personen ten laste en de ascendenten en descendenten in rechte | van de personen ten laste en de ascendenten en descendenten in rechte |
lijn van de bewoner of van de meerderjarige persoon of personen met | lijn van de bewoner of van de meerderjarige persoon of personen met |
wie de bewoner samenwoont, wordt niet meegerekend. | wie de bewoner samenwoont, wordt niet meegerekend. |
Het inkomen mag niet meer bedragen dan : | Het inkomen mag niet meer bedragen dan : |
1° 35.000 euro voor een alleenstaande; | 1° 35.000 euro voor een alleenstaande; |
2° 50.000 euro voor een alleenstaande met één persoon ten laste, te | 2° 50.000 euro voor een alleenstaande met één persoon ten laste, te |
verhogen met 2800 euro per persoon ten laste vanaf de tweede persoon | verhogen met 2800 euro per persoon ten laste vanaf de tweede persoon |
ten laste. | ten laste. |
3° 50.000 euro voor andere personen, te verhogen met 2800 euro per | 3° 50.000 euro voor andere personen, te verhogen met 2800 euro per |
persoon ten laste. | persoon ten laste. |
De bewoner dient de eerste en eventueel de tweede aanvraag in volgens | De bewoner dient de eerste en eventueel de tweede aanvraag in volgens |
de modaliteiten vermeld in artikel 6, § 2, als het inkomen bij de | de modaliteiten vermeld in artikel 6, § 2, als het inkomen bij de |
eerste aanvraag niet meer bedraagt dan : | eerste aanvraag niet meer bedraagt dan : |
1° 25.000 euro voor een alleenstaande; | 1° 25.000 euro voor een alleenstaande; |
2° 35.000 euro voor een alleenstaande met één persoon ten laste, te | 2° 35.000 euro voor een alleenstaande met één persoon ten laste, te |
verhogen met 2.800 euro per persoon ten laste vanaf de tweede persoon | verhogen met 2.800 euro per persoon ten laste vanaf de tweede persoon |
ten laste; | ten laste; |
2° 35.000 euro voor andere personen, te verhogen met 2.800 euro per | 2° 35.000 euro voor andere personen, te verhogen met 2.800 euro per |
persoon ten laste. | persoon ten laste. |
Als het inkomen bij de eerste aanvraag hoger ligt dan de | Als het inkomen bij de eerste aanvraag hoger ligt dan de |
inkomensgrenzen vermeld in het derde lid, maar wel voldoet aan de | inkomensgrenzen vermeld in het derde lid, maar wel voldoet aan de |
inkomensvoorwaarden vermeld in het tweede lid, dient de bewoner de | inkomensvoorwaarden vermeld in het tweede lid, dient de bewoner de |
eerste en eventueel de tweede aanvraag in volgens de modaliteiten van | eerste en eventueel de tweede aanvraag in volgens de modaliteiten van |
artikel 6, § 3. | artikel 6, § 3. |
De bedragen, vermeld in het tweede en derde lid en in artikel 8, § 1, | De bedragen, vermeld in het tweede en derde lid en in artikel 8, § 1, |
tweede lid, worden gekoppeld aan het gezondheidsindexcijfer 104,32 van | tweede lid, worden gekoppeld aan het gezondheidsindexcijfer 104,32 van |
oktober 2006. Ze worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan het | oktober 2006. Ze worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan het |
gezondheidsindexcijfer van de maand oktober die voorafgaat aan de | gezondheidsindexcijfer van de maand oktober die voorafgaat aan de |
aanpassing, en afgerond op het hogere tiental. | aanpassing, en afgerond op het hogere tiental. |
In het vijfde lid wordt verstaan onder gezondheidsindexcijfer: het | In het vijfde lid wordt verstaan onder gezondheidsindexcijfer: het |
prijsindexcijfer dat berekend wordt voor de toepassing van artikel 2 | prijsindexcijfer dat berekend wordt voor de toepassing van artikel 2 |
van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de | van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de |
wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands | wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands |
concurrentievermogen, bekrachtigd bij de wet van 30 maart 1994 | concurrentievermogen, bekrachtigd bij de wet van 30 maart 1994 |
houdende sociale bepalingen. | houdende sociale bepalingen. |
Art. 4.De bewoner, en in voorkomend geval de meerderjarige persoon of |
Art. 4.De bewoner, en in voorkomend geval de meerderjarige persoon of |
personen met wie hij samenwoont, mogen op de aanvraagdatum naast de | personen met wie hij samenwoont, mogen op de aanvraagdatum naast de |
premiewoning geen andere woning volledig in volle eigendom hebben, | premiewoning geen andere woning volledig in volle eigendom hebben, |
tenzij het gaat om een ongeschikte woning die door hen werd bewoond. | tenzij het gaat om een ongeschikte woning die door hen werd bewoond. |
In afwijking van hetgeen vermeld in het eerste lid, mogen de personen | In afwijking van hetgeen vermeld in het eerste lid, mogen de personen |
ten laste en de ascendenten en descendenten in rechte lijn van de | ten laste en de ascendenten en descendenten in rechte lijn van de |
bewoner of van de meerderjarige personen met wie de bewoner | bewoner of van de meerderjarige personen met wie de bewoner |
samenwoont, op de aanvraagdatum een andere woning volledig in volle | samenwoont, op de aanvraagdatum een andere woning volledig in volle |
eigendom hebben. | eigendom hebben. |
HOOFDSTUK 3. - Voorwaarden voor de premiewoning en de in aanmerking te | HOOFDSTUK 3. - Voorwaarden voor de premiewoning en de in aanmerking te |
nemen werkzaamheden | nemen werkzaamheden |
Art. 5.§ 1. De premiewoning of het gebouw dat geheel of gedeeltelijk |
Art. 5.§ 1. De premiewoning of het gebouw dat geheel of gedeeltelijk |
wordt herbestemd tot nieuwe premiewoning, moet minstens 30 jaar oud | wordt herbestemd tot nieuwe premiewoning, moet minstens 30 jaar oud |
zijn op de aanvraagdatum. | zijn op de aanvraagdatum. |
De werkzaamheden moeten erop gericht zijn de premiewoning minstens te | De werkzaamheden moeten erop gericht zijn de premiewoning minstens te |
doen beantwoorden aan de normen, vastgesteld met toepassing van | doen beantwoorden aan de normen, vastgesteld met toepassing van |
artikel 5 van de Vlaamse Wooncode. Ze moeten betrekking hebben op een | artikel 5 van de Vlaamse Wooncode. Ze moeten betrekking hebben op een |
of meer van de volgende categorieën : | of meer van de volgende categorieën : |
1° de ruwbouw van de woning die zich beperkt tot de funderingen, | 1° de ruwbouw van de woning die zich beperkt tot de funderingen, |
muren, draagvloeren en trappen; | muren, draagvloeren en trappen; |
2° het dak; | 2° het dak; |
3° het buitenschrijnwerk; | 3° het buitenschrijnwerk; |
4° de technische installaties. | 4° de technische installaties. |
De categorie, vermeld in het tweede lid, 4°, wordt opgedeeld in de | De categorie, vermeld in het tweede lid, 4°, wordt opgedeeld in de |
volgende drie deelcategorieën. De deelcategorieën worden vermeld met | volgende drie deelcategorieën. De deelcategorieën worden vermeld met |
het maximum in aanmerking te nemen investeringsbedrag, exclusief btw, | het maximum in aanmerking te nemen investeringsbedrag, exclusief btw, |
per deelcategorie : | per deelcategorie : |
1° de elektriciteit tot 3.750 euro; | 1° de elektriciteit tot 3.750 euro; |
2° het sanitair tot 3.750 euro; | 2° het sanitair tot 3.750 euro; |
3° de centrale verwarming tot 7.500 euro. | 3° de centrale verwarming tot 7.500 euro. |
§ 2. De werkzaamheden moeten worden uitgevoerd conform de bepalingen | § 2. De werkzaamheden moeten worden uitgevoerd conform de bepalingen |
van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en het | van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en het |
Energiedecreet van 8 mei 2009. Het agentschap kan een onderzoek ter | Energiedecreet van 8 mei 2009. Het agentschap kan een onderzoek ter |
plaatse instellen om na te gaan of de werken voldoen aan de | plaatse instellen om na te gaan of de werken voldoen aan de |
voorwaarden en effectief zijn uitgevoerd. | voorwaarden en effectief zijn uitgevoerd. |
§ 3. Het in aanmerking te nemen investeringsbedrag moet minstens 2.500 | § 3. Het in aanmerking te nemen investeringsbedrag moet minstens 2.500 |
euro, exclusief btw, bedragen, per categorie van werkzaamheden, | euro, exclusief btw, bedragen, per categorie van werkzaamheden, |
vermeld in paragraaf 1, tweede lid. | vermeld in paragraaf 1, tweede lid. |
HOOFDSTUK 4. - Procedure en berekening van de tegemoetkoming | HOOFDSTUK 4. - Procedure en berekening van de tegemoetkoming |
Art. 6.§ 1. De aanvraag van de tegemoetkoming wordt ingediend na de |
Art. 6.§ 1. De aanvraag van de tegemoetkoming wordt ingediend na de |
uitvoering van de werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede | uitvoering van de werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede |
lid. De tegemoetkoming wordt aangevraagd met een modelformulier dat | lid. De tegemoetkoming wordt aangevraagd met een modelformulier dat |
het agentschap op papier en via elektronische weg ter beschikking | het agentschap op papier en via elektronische weg ter beschikking |
stelt. De minister bepaalt de vorm en de inhoud van het | stelt. De minister bepaalt de vorm en de inhoud van het |
modelformulier. | modelformulier. |
§ 2. Als het inkomen voldoet aan de inkomensgrenzen, vermeld in | § 2. Als het inkomen voldoet aan de inkomensgrenzen, vermeld in |
artikel 3, derde lid, kan de bewoner maximaal twee aanvragen indienen | artikel 3, derde lid, kan de bewoner maximaal twee aanvragen indienen |
in een periode van tien jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste | in een periode van tien jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste |
toegekende aanvraag. Per aanvraag kunnen alle categorieën, vermeld in | toegekende aanvraag. Per aanvraag kunnen alle categorieën, vermeld in |
artikel 5, § 1, tweede lid, worden aangevraagd. Elke categorie van | artikel 5, § 1, tweede lid, worden aangevraagd. Elke categorie van |
werken, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, kan slechts eenmaal | werken, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, kan slechts eenmaal |
worden aangevraagd in de voormelde periode van tien jaar. | worden aangevraagd in de voormelde periode van tien jaar. |
§ 3. Als het inkomen voldoet aan de inkomensgrenzen, vermeld in | § 3. Als het inkomen voldoet aan de inkomensgrenzen, vermeld in |
artikel 3, tweede lid, maar niet aan de inkomensgrenzen, vermeld in | artikel 3, tweede lid, maar niet aan de inkomensgrenzen, vermeld in |
artikel 3, derde lid, kan de bewoner maximaal twee aanvragen indienen | artikel 3, derde lid, kan de bewoner maximaal twee aanvragen indienen |
in een periode van tien jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste | in een periode van tien jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste |
toegekende aanvraag. De tweede aanvraag kan op zijn vroegst na één | toegekende aanvraag. De tweede aanvraag kan op zijn vroegst na één |
jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste toegekende aanvraag worden | jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste toegekende aanvraag worden |
ingediend en moet uiterlijk twee jaar na de aanvraagdatum van de | ingediend en moet uiterlijk twee jaar na de aanvraagdatum van de |
eerste toegekende aanvraag worden ingediend. Per aanvraag kunnen | eerste toegekende aanvraag worden ingediend. Per aanvraag kunnen |
maximaal twee categorieën van werken, vermeld in artikel 5, § 1, | maximaal twee categorieën van werken, vermeld in artikel 5, § 1, |
tweede lid, worden aangevraagd. Elke categorie van werken, vermeld in | tweede lid, worden aangevraagd. Elke categorie van werken, vermeld in |
artikel 5, § 1, tweede lid, kan slechts eenmaal worden aangevraagd in | artikel 5, § 1, tweede lid, kan slechts eenmaal worden aangevraagd in |
de voormelde periode van tien jaar. | de voormelde periode van tien jaar. |
§ 4. De verhuurder kan maximaal twee aanvragen indienen per | § 4. De verhuurder kan maximaal twee aanvragen indienen per |
premiewoning in een periode van tien jaar vanaf de aanvraagdatum van | premiewoning in een periode van tien jaar vanaf de aanvraagdatum van |
de eerste toegekende aanvraag. Per aanvraag kunnen alle categorieën, | de eerste toegekende aanvraag. Per aanvraag kunnen alle categorieën, |
vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, worden aangevraagd. Elke | vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, worden aangevraagd. Elke |
categorie van werken, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, kan | categorie van werken, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, kan |
slechts eenmaal worden aangevraagd in de voormelde periode van tien | slechts eenmaal worden aangevraagd in de voormelde periode van tien |
jaar per premiewoning. De verhuurder kan de aanvraag niet indienen in | jaar per premiewoning. De verhuurder kan de aanvraag niet indienen in |
de laatste drie jaar van zijn lopende huurovereenkomst met het SVK. | de laatste drie jaar van zijn lopende huurovereenkomst met het SVK. |
§ 5. De aanvraag wordt ingediend door afgifte bij het agentschap, door | § 5. De aanvraag wordt ingediend door afgifte bij het agentschap, door |
verzending per brief of via elektronische weg met digitale | verzending per brief of via elektronische weg met digitale |
handtekening. Ze bevat : | handtekening. Ze bevat : |
1° het ondertekende en volledig ingevulde aanvraagformulier; | 1° het ondertekende en volledig ingevulde aanvraagformulier; |
2° een opsomming van de uitgevoerde werkzaamheden; | 2° een opsomming van de uitgevoerde werkzaamheden; |
3° een afschrift van de facturen voor de werkzaamheden die conform | 3° een afschrift van de facturen voor de werkzaamheden die conform |
artikel 5, § 1, tweede lid, in aanmerking komen; | artikel 5, § 1, tweede lid, in aanmerking komen; |
4° als de bewoner de aanvraag indient, de verklaring waaruit blijkt | 4° als de bewoner de aanvraag indient, de verklaring waaruit blijkt |
dat voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4; | dat voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4; |
5° als de verhuurder de aanvraag indient, het huurcontract met het | 5° als de verhuurder de aanvraag indient, het huurcontract met het |
SVK. | SVK. |
Door de aanvraag in te dienen, geven de aanvrager en in voorkomend | Door de aanvraag in te dienen, geven de aanvrager en in voorkomend |
geval de meerderjarige persoon of personen met wie hij samenwoont, met | geval de meerderjarige persoon of personen met wie hij samenwoont, met |
uitzondering van de personen ten laste en de ascendenten en | uitzondering van de personen ten laste en de ascendenten en |
descendenten, in rechte lijn van de bewoner en de meerderjarige | descendenten, in rechte lijn van de bewoner en de meerderjarige |
persoon of personen met wie hij samenwoont, toestemming aan het | persoon of personen met wie hij samenwoont, toestemming aan het |
agentschap om bij de bevoegde diensten van de Federale Overheidsdienst | agentschap om bij de bevoegde diensten van de Federale Overheidsdienst |
Financiën, bij het Rijksregister, bij de Kruispuntbank van de Sociale | Financiën, bij het Rijksregister, bij de Kruispuntbank van de Sociale |
Zekerheid, bij de lokale besturen, bij het Vlaams Energieagentschap en | Zekerheid, bij de lokale besturen, bij het Vlaams Energieagentschap en |
het departement Omgeving digitaal de noodzakelijke gegevens te | het departement Omgeving digitaal de noodzakelijke gegevens te |
verkrijgen over het inkomen, de gezinssamenstelling, de patrimoniale | verkrijgen over het inkomen, de gezinssamenstelling, de patrimoniale |
voorwaarde, de naleving van de energieprestatieregelgeving en een | voorwaarde, de naleving van de energieprestatieregelgeving en een |
conforme uitvoering van de werkzaamheden, vermeld in de artikelen 3, 4 | conforme uitvoering van de werkzaamheden, vermeld in de artikelen 3, 4 |
en 5. De aanvrager is verplicht op eenvoudig verzoek van het | en 5. De aanvrager is verplicht op eenvoudig verzoek van het |
agentschap, een kopie van de goedgekeurde plannen en de | agentschap, een kopie van de goedgekeurde plannen en de |
stedenbouwkundige vergunning voor te leggen aan het agentschap, die | stedenbouwkundige vergunning voor te leggen aan het agentschap, die |
dateren van voor de aanvang van de werkzaamheden. | dateren van voor de aanvang van de werkzaamheden. |
§ 6. Het agentschap bezorgt de aanvrager binnen een maand na de | § 6. Het agentschap bezorgt de aanvrager binnen een maand na de |
ontvangst van de aanvraag een ontvangstmelding met een brief of met | ontvangst van de aanvraag een ontvangstmelding met een brief of met |
een elektronisch bericht met vermelding van het verdere verloop van de | een elektronisch bericht met vermelding van het verdere verloop van de |
procedure. | procedure. |
Art. 7.Binnen acht maanden na de aanvraagdatum bezorgt het agentschap |
Art. 7.Binnen acht maanden na de aanvraagdatum bezorgt het agentschap |
aan de aanvrager het overzicht van de facturen die in aanmerking | aan de aanvrager het overzicht van de facturen die in aanmerking |
worden genomen, en van de overige elementen die nuttig zijn voor de | worden genomen, en van de overige elementen die nuttig zijn voor de |
berekening van de tegemoetkoming of de beslissing tot weigering van de | berekening van de tegemoetkoming of de beslissing tot weigering van de |
tegemoetkoming. | tegemoetkoming. |
Als de aanvrager het niet eens is met het overzicht, vermeld in het | Als de aanvrager het niet eens is met het overzicht, vermeld in het |
eerste lid, kan hij binnen een maand na de ontvangst ervan met een | eerste lid, kan hij binnen een maand na de ontvangst ervan met een |
aangetekende brief beroep instellen bij de administrateur-generaal van | aangetekende brief beroep instellen bij de administrateur-generaal van |
het agentschap, die binnen drie maanden een beslissing neemt. De | het agentschap, die binnen drie maanden een beslissing neemt. De |
beslissing bevat een verwijzing naar de bevoegde instantie bij | beslissing bevat een verwijzing naar de bevoegde instantie bij |
betwisting. | betwisting. |
De aanvrager kan een beslissing tot weigering van de tegemoetkoming | De aanvrager kan een beslissing tot weigering van de tegemoetkoming |
betwisten door binnen een maand na de ontvangst ervan met een | betwisten door binnen een maand na de ontvangst ervan met een |
aangetekende brief beroep in te stellen bij de administrateur-generaal | aangetekende brief beroep in te stellen bij de administrateur-generaal |
van het agentschap, die binnen drie maanden, de weigering bevestigt, | van het agentschap, die binnen drie maanden, de weigering bevestigt, |
of de berekeningselementen voor de tegemoetkoming aan de aanvrager | of de berekeningselementen voor de tegemoetkoming aan de aanvrager |
bezorgt. De beslissing bevat een verwijzing naar de bevoegde instantie | bezorgt. De beslissing bevat een verwijzing naar de bevoegde instantie |
bij betwisting. | bij betwisting. |
Als de aanvrager binnen acht maanden na de aanvraagdatum noch een | Als de aanvrager binnen acht maanden na de aanvraagdatum noch een |
beslissing tot weigering, noch het overzicht, vermeld in het eerste | beslissing tot weigering, noch het overzicht, vermeld in het eerste |
lid, heeft ontvangen kan de aanvrager binnen een maand met een | lid, heeft ontvangen kan de aanvrager binnen een maand met een |
aangetekende brief beroep aantekenen bij de administrateur-generaal | aangetekende brief beroep aantekenen bij de administrateur-generaal |
tegen het stilzitten van de administratie, die binnen drie maanden de | tegen het stilzitten van de administratie, die binnen drie maanden de |
aanvraag weigert, of de berekeningselementen voor de tegemoetkoming | aanvraag weigert, of de berekeningselementen voor de tegemoetkoming |
aan de aanvrager bezorgt. De beslissing bevat een verwijzing naar de | aan de aanvrager bezorgt. De beslissing bevat een verwijzing naar de |
bevoegde instantie bij betwisting. | bevoegde instantie bij betwisting. |
Met behoud van de toepassing van artikel 2, eerste lid, en na de | Met behoud van de toepassing van artikel 2, eerste lid, en na de |
vastlegging van het benodigde krediet, bezorgt het agentschap de | vastlegging van het benodigde krediet, bezorgt het agentschap de |
definitieve beslissing tot het verlenen van de tegemoetkoming en | definitieve beslissing tot het verlenen van de tegemoetkoming en |
betaalt de tegemoetkoming uit binnen twaalf maanden na de | betaalt de tegemoetkoming uit binnen twaalf maanden na de |
aanvraagdatum. De tegemoetkoming wordt uitbetaald aan de aanvrager. | aanvraagdatum. De tegemoetkoming wordt uitbetaald aan de aanvrager. |
Art. 8.§ 1. Naargelang het geval, vermeld in het tweede lid, wordt |
Art. 8.§ 1. Naargelang het geval, vermeld in het tweede lid, wordt |
het bedrag van de tegemoetkoming vastgesteld op 30% of 20% van de | het bedrag van de tegemoetkoming vastgesteld op 30% of 20% van de |
kostprijs, exclusief btw, van de in aanmerking genomen werkzaamheden | kostprijs, exclusief btw, van de in aanmerking genomen werkzaamheden |
als vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, van dit besluit. Het wordt | als vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, van dit besluit. Het wordt |
berekend op basis van de facturen die daarvoor voorgelegd zijn op naam | berekend op basis van de facturen die daarvoor voorgelegd zijn op naam |
van de aanvrager of de meerderjarige persoon of personen met wie hij | van de aanvrager of de meerderjarige persoon of personen met wie hij |
samenwoont, of het SVK, en die : | samenwoont, of het SVK, en die : |
1° betrekking hebben op werkzaamheden die uitgevoerd zijn door een | 1° betrekking hebben op werkzaamheden die uitgevoerd zijn door een |
aannemer die daarvoor facturen op naam van de aanvrager afgeeft | aannemer die daarvoor facturen op naam van de aanvrager afgeeft |
volgens het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met | volgens het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met |
betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting op de | betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting op de |
toegevoegde waarde of op werkzaamheden uitgevoerd door een dienst die | toegevoegde waarde of op werkzaamheden uitgevoerd door een dienst die |
erkend is voor de lokale diensteneconomie conform artikel 4 van het | erkend is voor de lokale diensteneconomie conform artikel 4 van het |
decreet van 22 december 2006 houdende de lokale diensteneconomie; | decreet van 22 december 2006 houdende de lokale diensteneconomie; |
2° betrekking hebben op de aankoop van materialen of | 2° betrekking hebben op de aankoop van materialen of |
uitrustingsgoederen die door de aanvrager zelf zijn verwerkt of | uitrustingsgoederen die door de aanvrager zelf zijn verwerkt of |
geplaatst en die passen binnen de in aanmerking genomen werkzaamheden; | geplaatst en die passen binnen de in aanmerking genomen werkzaamheden; |
3° niet dateren van voor de verkrijging van een zakelijk recht op de | 3° niet dateren van voor de verkrijging van een zakelijk recht op de |
premiewoning, noch van meer dan twee jaar voor de aanvraagdatum, noch | premiewoning, noch van meer dan twee jaar voor de aanvraagdatum, noch |
van na de aanvraagdatum. | van na de aanvraagdatum. |
Het percentage, vermeld in het eerste lid, bedraagt : | Het percentage, vermeld in het eerste lid, bedraagt : |
1° 30% voor de verhuurder; | 1° 30% voor de verhuurder; |
2° 30% voor de bewoner als het inkomen zoals bepaald, conform artikel | 2° 30% voor de bewoner als het inkomen zoals bepaald, conform artikel |
3, eerste lid voldoet aan de inkomensgrenzen vermeld in artikel 3, | 3, eerste lid voldoet aan de inkomensgrenzen vermeld in artikel 3, |
derde lid; | derde lid; |
3° 20% in alle andere gevallen. | 3° 20% in alle andere gevallen. |
De tegemoetkoming wordt afgerond op het hogere tiental. De | De tegemoetkoming wordt afgerond op het hogere tiental. De |
tegemoetkoming bedraagt maximaal 2.500 euro per categorie van | tegemoetkoming bedraagt maximaal 2.500 euro per categorie van |
werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, als het | werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, als het |
percentage van 20%, vermeld in het tweede lid, wordt toegepast. De | percentage van 20%, vermeld in het tweede lid, wordt toegepast. De |
tegemoetkoming bedraagt maximaal 3333 euro per categorie van | tegemoetkoming bedraagt maximaal 3333 euro per categorie van |
werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, als het | werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, als het |
percentage van 30%, vermeld in het tweede lid, wordt toegepast. Voor | percentage van 30%, vermeld in het tweede lid, wordt toegepast. Voor |
de bewoner bedraagt de tegemoetkoming minimaal 1250 euro per categorie | de bewoner bedraagt de tegemoetkoming minimaal 1250 euro per categorie |
van werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, als het | van werkzaamheden, vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, als het |
percentage van 30%, vermeld in het tweede lid, wordt toegepast. De | percentage van 30%, vermeld in het tweede lid, wordt toegepast. De |
totale tegemoetkoming die uitbetaald wordt aan de aanvrager gedurende | totale tegemoetkoming die uitbetaald wordt aan de aanvrager gedurende |
tien jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste aanvraag, kan nooit | tien jaar vanaf de aanvraagdatum van de eerste aanvraag, kan nooit |
meer bedragen dan 10.000 euro. | meer bedragen dan 10.000 euro. |
§ 2. Als de aanvrager een of meer verbeteringspremies heeft verkregen | § 2. Als de aanvrager een of meer verbeteringspremies heeft verkregen |
voor dezelfde premiewoning, met toepassing van hoofdstuk III van het | voor dezelfde premiewoning, met toepassing van hoofdstuk III van het |
besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende | besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende |
instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor | instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor |
woningen, wordt het bedrag van de tegemoetkoming, dat berekend is | woningen, wordt het bedrag van de tegemoetkoming, dat berekend is |
conform paragraaf 1 van dit artikel, verminderd met de som van de | conform paragraaf 1 van dit artikel, verminderd met de som van de |
verbeteringspremies die zijn aangevraagd binnen een termijn van tien | verbeteringspremies die zijn aangevraagd binnen een termijn van tien |
jaar voor de aanvraagdatum van de tegemoetkoming, vermeld in paragraaf | jaar voor de aanvraagdatum van de tegemoetkoming, vermeld in paragraaf |
1 van dit artikel, als de verbeteringspremie is verkregen voor een | 1 van dit artikel, als de verbeteringspremie is verkregen voor een |
onderdeel dat overeenstemt met de aangevraagde categorie van werken, | onderdeel dat overeenstemt met de aangevraagde categorie van werken, |
vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, van dit besluit. De minister | vermeld in artikel 5, § 1, tweede lid, van dit besluit. De minister |
stelt de voorwaarden daarvoor vast. | stelt de voorwaarden daarvoor vast. |
HOOFDSTUK 5. - Cumulatiebeperking, controle en sancties | HOOFDSTUK 5. - Cumulatiebeperking, controle en sancties |
Art. 9.Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de aanvraag die |
Art. 9.Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de aanvraag die |
geleid heeft tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend | geleid heeft tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend |
met toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 2 maart | met toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 2 maart |
2007 tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de | 2007 tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de |
renovatie van een bestaande woning of bij het realiseren van een | renovatie van een bestaande woning of bij het realiseren van een |
nieuwe woning, aan de bewoner voor de woning die hij bewoonde op grond | nieuwe woning, aan de bewoner voor de woning die hij bewoonde op grond |
van een zakelijk recht op die aanvraagdatum, kan door dezelfde bewoner | van een zakelijk recht op die aanvraagdatum, kan door dezelfde bewoner |
geen aanvraag van een tegemoetkoming als vermeld in dit besluit, | geen aanvraag van een tegemoetkoming als vermeld in dit besluit, |
ingediend worden. | ingediend worden. |
Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de eerste aanvraag die geleid | Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de eerste aanvraag die geleid |
heeft tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend met | heeft tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend met |
toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 | toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 |
tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie | tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie |
van een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning, | van een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning, |
aan de bewoner voor de woning die hij bewoonde op grond van een | aan de bewoner voor de woning die hij bewoonde op grond van een |
zakelijk recht op die aanvraagdatum, kan door dezelfde bewoner geen | zakelijk recht op die aanvraagdatum, kan door dezelfde bewoner geen |
aanvraag van een tegemoetkoming als vermeld in dit besluit, ingediend | aanvraag van een tegemoetkoming als vermeld in dit besluit, ingediend |
worden. | worden. |
Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de aanvraag die geleid heeft | Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de aanvraag die geleid heeft |
tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend met | tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend met |
toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 2 maart 2007 | toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 2 maart 2007 |
tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie | tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie |
van een bestaande woning of bij het realiseren van een nieuwe woning, | van een bestaande woning of bij het realiseren van een nieuwe woning, |
aan de verhuurder voor een premiewoning, kan door dezelfde verhuurder | aan de verhuurder voor een premiewoning, kan door dezelfde verhuurder |
voor dezelfde premiewoning geen aanvraag van een tegemoetkoming als | voor dezelfde premiewoning geen aanvraag van een tegemoetkoming als |
vermeld in dit besluit, ingediend worden. | vermeld in dit besluit, ingediend worden. |
Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de eerste aanvraag die geleid | Binnen tien jaar na de aanvraagdatum van de eerste aanvraag die geleid |
heeft tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend met | heeft tot uitbetaling van een tegemoetkoming, die is toegekend met |
toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 | toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 |
tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie | tot instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie |
van een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning, | van een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning, |
aan de verhuurder voor een premiewoning, kan door dezelfde verhuurder | aan de verhuurder voor een premiewoning, kan door dezelfde verhuurder |
voor dezelfde premiewoning geen aanvraag van een tegemoetkoming als | voor dezelfde premiewoning geen aanvraag van een tegemoetkoming als |
vermeld in dit besluit, ingediend worden. | vermeld in dit besluit, ingediend worden. |
Facturen, of het gedeelte van facturen, die in aanmerking genomen zijn | Facturen, of het gedeelte van facturen, die in aanmerking genomen zijn |
voor de berekening van een aanpassingspremie volgens het besluit van | voor de berekening van een aanpassingspremie volgens het besluit van |
de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende instelling van een | de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende instelling van een |
aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor woningen of het | aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor woningen of het |
besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2018 tot instelling | besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2018 tot instelling |
van een aanpassingspremie voor woningen, komen niet in aanmerking voor | van een aanpassingspremie voor woningen, komen niet in aanmerking voor |
een tegemoetkoming volgens dit besluit. | een tegemoetkoming volgens dit besluit. |
Art. 10.Het agentschap is belast met de controle op de voorwaarden, |
Art. 10.Het agentschap is belast met de controle op de voorwaarden, |
vermeld in dit besluit, en vordert onterecht uitbetaalde | vermeld in dit besluit, en vordert onterecht uitbetaalde |
tegemoetkomingen terug. | tegemoetkomingen terug. |
De teruggevorderde bedragen worden met toepassing van artikel 59 van | De teruggevorderde bedragen worden met toepassing van artikel 59 van |
de Vlaamse Wooncode toegewezen aan het Fonds voor de Huisvesting. Als | de Vlaamse Wooncode toegewezen aan het Fonds voor de Huisvesting. Als |
de begunstigde het bedrag van de tegemoetkoming niet vrijwillig | de begunstigde het bedrag van de tegemoetkoming niet vrijwillig |
terugbetaalt, wordt de invordering toevertrouwd aan de afdeling | terugbetaalt, wordt de invordering toevertrouwd aan de afdeling |
Toezicht van het agentschap. | Toezicht van het agentschap. |
De aanvrager is verplicht de betalingsbewijzen gedurende twee jaar na | De aanvrager is verplicht de betalingsbewijzen gedurende twee jaar na |
de uitbetaling van de tegemoetkomingen ter beschikking te houden van | de uitbetaling van de tegemoetkomingen ter beschikking te houden van |
het agentschap en ze onmiddellijk voor te leggen op eenvoudig verzoek | het agentschap en ze onmiddellijk voor te leggen op eenvoudig verzoek |
van het agentschap. | van het agentschap. |
HOOFDSTUK. 6 - Opheffingsbepalingen | HOOFDSTUK. 6 - Opheffingsbepalingen |
Art. 11.De volgende regelingen worden opgeheven : |
Art. 11.De volgende regelingen worden opgeheven : |
1° het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende | 1° het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende |
instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor | instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor |
woningen, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering | woningen, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering |
van 24 februari 2017; | van 24 februari 2017; |
2° het ministerieel besluit van 27 september 2007 tot uitvoering van | 2° het ministerieel besluit van 27 september 2007 tot uitvoering van |
het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende | het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 1992 houdende |
instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor | instelling van een aanpassingspremie en een verbeteringspremie voor |
woningen, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 22 december 2008; | woningen, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 22 december 2008; |
3° het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot | 3° het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot |
instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van | instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van |
een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning. | een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning. |
4° het ministerieel besluit van 1 december 2015 tot uitvoering van het | 4° het ministerieel besluit van 1 december 2015 tot uitvoering van het |
besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot instelling van | besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot instelling van |
een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van een bestaande | een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van een bestaande |
woning of bij de realisatie van een nieuwe woning. | woning of bij de realisatie van een nieuwe woning. |
HOOFDSTUK 7. - Overgangsbepalingen | HOOFDSTUK 7. - Overgangsbepalingen |
Art. 12.Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot |
Art. 12.Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot |
instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van | instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van |
een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning, | een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning, |
blijft gelden zoals het van kracht was voor 1 februari 2019 voor de | blijft gelden zoals het van kracht was voor 1 februari 2019 voor de |
tweede aanvragen van aanvragers die al een eerste aanvraag hebben | tweede aanvragen van aanvragers die al een eerste aanvraag hebben |
gedaan overeenkomstig het voormelde besluit van 30 oktober 2015 voor | gedaan overeenkomstig het voormelde besluit van 30 oktober 2015 voor |
de datum van inwerkingtreding van deze bepaling. | de datum van inwerkingtreding van deze bepaling. |
Art. 13.Het ministerieel besluit van 1 december 2015 tot uitvoering |
Art. 13.Het ministerieel besluit van 1 december 2015 tot uitvoering |
van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot | van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot |
instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van | instelling van een tegemoetkoming in de kosten bij de renovatie van |
een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning blijft | een bestaande woning of bij de realisatie van een nieuwe woning blijft |
gelden zoals het van kracht was voor 1 februari 2019 voor de tweede | gelden zoals het van kracht was voor 1 februari 2019 voor de tweede |
aanvragen van aanvragers die al een eerste aanvraag hebben gedaan | aanvragen van aanvragers die al een eerste aanvraag hebben gedaan |
overeenkomstig het voormelde besluit van 30 oktober 2015 voor 1 | overeenkomstig het voormelde besluit van 30 oktober 2015 voor 1 |
februari 2019. | februari 2019. |
Art. 14.De termijn van acht maanden, vermeld in artikel 7, eerste en |
Art. 14.De termijn van acht maanden, vermeld in artikel 7, eerste en |
vierde lid, en de termijn van twaalf maanden, vermeld in artikel 7, | vierde lid, en de termijn van twaalf maanden, vermeld in artikel 7, |
vijfde lid, worden respectievelijk verlengd tot twaalf maanden en | vijfde lid, worden respectievelijk verlengd tot twaalf maanden en |
zestien maanden, voor de aanvragen die worden ingediend van 1 februari | zestien maanden, voor de aanvragen die worden ingediend van 1 februari |
2019 tot en met 31 december 2019. | 2019 tot en met 31 december 2019. |
HOOFDSTUK 8. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK 8. - Slotbepalingen |
Art. 15.Dit besluit treedt in werking op 1 februari 2019, met |
Art. 15.Dit besluit treedt in werking op 1 februari 2019, met |
uitzondering van artikel 11, punt 1° en 2° dat in werking treedt op 1 | uitzondering van artikel 11, punt 1° en 2° dat in werking treedt op 1 |
juni 2019. | juni 2019. |
Art. 16.De Vlaamse minister, bevoegd voor de huisvesting, is belast |
Art. 16.De Vlaamse minister, bevoegd voor de huisvesting, is belast |
met de uitvoering van dit besluit. | met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 21 december 2018. | Brussel, 21 december 2018. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
G. BOURGEOIS | G. BOURGEOIS |
De Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, | De Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, |
Gelijke Kansen en Armoedebestrijding | Gelijke Kansen en Armoedebestrijding |
L. HOMANS | L. HOMANS |