Besluit van de Vlaamse Regering tot tijdelijke versoepeling van sommige voorwaarden voor de toekenning van Vlaams opleidingsverlof | Besluit van de Vlaamse Regering tot tijdelijke versoepeling van sommige voorwaarden voor de toekenning van Vlaams opleidingsverlof |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
17 JULI 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot tijdelijke | 17 JULI 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot tijdelijke |
versoepeling van sommige voorwaarden voor de toekenning van Vlaams | versoepeling van sommige voorwaarden voor de toekenning van Vlaams |
opleidingsverlof | opleidingsverlof |
Rechtsgronden | Rechtsgronden |
Dit besluit is gebaseerd op: | Dit besluit is gebaseerd op: |
- de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der | - de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der |
instellingen, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli | instellingen, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli |
1993; | 1993; |
- de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen, | - de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen, |
artikel 109, § 2, § 3, § 4, § 5, artikel 111, § 1, § 2 en § 3, artikel | artikel 109, § 2, § 3, § 4, § 5, artikel 111, § 1, § 2 en § 3, artikel |
116, § 1, § 2, § 3 en § 4, en artikel 137bis, § 1, gewijzigd bij het | 116, § 1, § 2, § 3 en § 4, en artikel 137bis, § 1, gewijzigd bij het |
decreet van 12 oktober 2018 houdende het Vlaams opleidingsverlof en | decreet van 12 oktober 2018 houdende het Vlaams opleidingsverlof en |
houdende diverse bepalingen betreffende het beleidsdomein Werk en | houdende diverse bepalingen betreffende het beleidsdomein Werk en |
Sociale Economie en artikel 120, gewijzigd bij het decreet van 23 | Sociale Economie en artikel 120, gewijzigd bij het decreet van 23 |
december 2016 houdende de implementatie van de zesde staatshervorming | december 2016 houdende de implementatie van de zesde staatshervorming |
en houdende diverse bepalingen met betrekking tot het beleidsdomein | en houdende diverse bepalingen met betrekking tot het beleidsdomein |
Werk en Sociale Economie ; | Werk en Sociale Economie ; |
Vormvereisten | Vormvereisten |
De volgende vormvereisten zijn vervuld: | De volgende vormvereisten zijn vervuld: |
- De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord | - De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord |
gegeven op 16 juli 2020. | gegeven op 16 juli 2020. |
- Er is geen advies gevraagd aan de Raad van State, met toepassing van | - Er is geen advies gevraagd aan de Raad van State, met toepassing van |
artikel 3, § 1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op | artikel 3, § 1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op |
12 januari 1973. Er is een dringende noodzakelijkheid omdat de sociale | 12 januari 1973. Er is een dringende noodzakelijkheid omdat de sociale |
en economische gevolgen van de federale coronamaatregelen die de | en economische gevolgen van de federale coronamaatregelen die de |
Nationale Veiligheidsraad genomen heeft, zo snel mogelijk moeten | Nationale Veiligheidsraad genomen heeft, zo snel mogelijk moeten |
worden ondervangen. Om de arbeidsmarktpositie van de werknemers te | worden ondervangen. Om de arbeidsmarktpositie van de werknemers te |
versterken, is het nodig om dringend maatregelen te nemen op het vlak | versterken, is het nodig om dringend maatregelen te nemen op het vlak |
van het Vlaams opleidingsverlof die ingaan bij de aanvang van het | van het Vlaams opleidingsverlof die ingaan bij de aanvang van het |
schooljaar 2020-2021. | schooljaar 2020-2021. |
Motivering | Motivering |
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven: | Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven: |
- Door het coronavirus COVID-19 is het noodzakelijk maatregelen te | - Door het coronavirus COVID-19 is het noodzakelijk maatregelen te |
nemen op de arbeidsmarkt om de ernstige sociale en economische impact | nemen op de arbeidsmarkt om de ernstige sociale en economische impact |
van de pandemie te ondervangen. Dit besluit bevat maatregelen om voor | van de pandemie te ondervangen. Dit besluit bevat maatregelen om voor |
het schooljaar 2020-2021 meer digitale leervormen toe te laten in het | het schooljaar 2020-2021 meer digitale leervormen toe te laten in het |
kader van het Vlaams opleidingsverlof. Zo kunnen opleidingen | kader van het Vlaams opleidingsverlof. Zo kunnen opleidingen |
gecontinueerd worden, ook wanneer de regels inzake social distancing | gecontinueerd worden, ook wanneer de regels inzake social distancing |
opnieuw zouden verscherpt worden. Op die manier kan de positie van | opnieuw zouden verscherpt worden. Op die manier kan de positie van |
werknemers op de arbeidsmarkt blijvend versterkt worden. | werknemers op de arbeidsmarkt blijvend versterkt worden. |
Juridisch kader | Juridisch kader |
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving: | Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving: |
- het besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2018 tot | - het besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2018 tot |
uitvoering van afdeling 6 - toekenning van betaald educatief verlof in | uitvoering van afdeling 6 - toekenning van betaald educatief verlof in |
het kader van voortdurende vorming van de werknemers - van hoofdstuk | het kader van voortdurende vorming van de werknemers - van hoofdstuk |
IV van de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen | IV van de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen |
en tot wijziging van artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering | en tot wijziging van artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering |
van 17 mei 2013 betreffende de loopbaanbegeleiding; | van 17 mei 2013 betreffende de loopbaanbegeleiding; |
Initiatiefnemer | Initiatiefnemer |
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Economie, | Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Economie, |
Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw. | Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw. |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: | DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
1° besluit van 21 december 2018: het besluit van de Vlaamse Regering | 1° besluit van 21 december 2018: het besluit van de Vlaamse Regering |
van 21 december 2018 tot uitvoering van afdeling 6 - toekenning van | van 21 december 2018 tot uitvoering van afdeling 6 - toekenning van |
betaald educatief verlof in het kader van voortdurende vorming van de | betaald educatief verlof in het kader van voortdurende vorming van de |
werknemers - van hoofdstuk IV van de herstelwet van 22 januari 1985 | werknemers - van hoofdstuk IV van de herstelwet van 22 januari 1985 |
houdende sociale bepalingen en tot wijziging van artikel 4 van het | houdende sociale bepalingen en tot wijziging van artikel 4 van het |
besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2013 betreffende de | besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2013 betreffende de |
loopbaanbegeleiding; | loopbaanbegeleiding; |
2° opleiding via blended leren: een opleiding die gegeven wordt in een | 2° opleiding via blended leren: een opleiding die gegeven wordt in een |
weloverwogen combinatie van een face-to-face-aanbod en een | weloverwogen combinatie van een face-to-face-aanbod en een |
onlinecomponent, waarvoor de opleidingsverstrekker gebruikmaakt van | onlinecomponent, waarvoor de opleidingsverstrekker gebruikmaakt van |
een learning management systeem om het leerproces te ondersteunen en | een learning management systeem om het leerproces te ondersteunen en |
de leerevolutie op te volgen; | de leerevolutie op te volgen; |
3° decreet van 29 maart 2019: het decreet van 29 maart 2019 | 3° decreet van 29 maart 2019: het decreet van 29 maart 2019 |
betreffende het kwaliteits- en registratiemodel van dienstverleners in | betreffende het kwaliteits- en registratiemodel van dienstverleners in |
het beleidsdomein Werk en Sociale Economie; | het beleidsdomein Werk en Sociale Economie; |
4° departement: het Departement Werk en Sociale Economie, vermeld in | 4° departement: het Departement Werk en Sociale Economie, vermeld in |
artikel 25, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni | artikel 25, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni |
2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie; | 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie; |
5° wet van 22 januari 1985: de herstelwet van 22 januari 1985 houdende | 5° wet van 22 januari 1985: de herstelwet van 22 januari 1985 houdende |
sociale bepalingen. | sociale bepalingen. |
Art. 2.In afwijking van artikel 2, § 1, eerste lid, van het besluit |
Art. 2.In afwijking van artikel 2, § 1, eerste lid, van het besluit |
van 21 december 2018 geeft een arbeidsmarktgerichte opleiding als | van 21 december 2018 geeft een arbeidsmarktgerichte opleiding als |
vermeld in artikel 109, § 1, 1°, a), b) en e), 2°, 3°, 4°, van de wet | vermeld in artikel 109, § 1, 1°, a), b) en e), 2°, 3°, 4°, van de wet |
van 22 januari 1985, recht op Vlaams opleidingsverlof als ze aan al de | van 22 januari 1985, recht op Vlaams opleidingsverlof als ze aan al de |
volgende voorwaarden voldoet: | volgende voorwaarden voldoet: |
1° ze leidt tot het verwerven van ten minste een van de volgende | 1° ze leidt tot het verwerven van ten minste een van de volgende |
groepen van competenties: | groepen van competenties: |
a) basiscompetenties; | a) basiscompetenties; |
b) beroepsspecifieke competenties; | b) beroepsspecifieke competenties; |
c) algemene arbeidsmarktcompetenties; | c) algemene arbeidsmarktcompetenties; |
2° ze omvat per jaar minstens 32 contacturen of minstens 3 | 2° ze omvat per jaar minstens 32 contacturen of minstens 3 |
studiepunten, met uitzondering van examencontracten, of minstens 32 | studiepunten, met uitzondering van examencontracten, of minstens 32 |
lestijden in het volwassenenonderwijs of minstens 32 uur | lestijden in het volwassenenonderwijs of minstens 32 uur |
opleidingstijd voor een opleiding via blended leren; | opleidingstijd voor een opleiding via blended leren; |
3° ze wordt gegeven door een dienstverlener die geregistreerd is als | 3° ze wordt gegeven door een dienstverlener die geregistreerd is als |
opleidingsverstrekker conform artikel 4 van het decreet van 29 maart | opleidingsverstrekker conform artikel 4 van het decreet van 29 maart |
2019; | 2019; |
4° ze is geregistreerd bij het departement volgens de procedure, | 4° ze is geregistreerd bij het departement volgens de procedure, |
vermeld in afdeling 3 van het besluit van 21 december 2018; | vermeld in afdeling 3 van het besluit van 21 december 2018; |
5° in geval van blended leren heeft de opleidingsverstrekker bij de | 5° in geval van blended leren heeft de opleidingsverstrekker bij de |
indiening van de aanvraag tot registratie meegedeeld welk learning | indiening van de aanvraag tot registratie meegedeeld welk learning |
management systeem hij voor de opleiding hanteert en hoe hij het | management systeem hij voor de opleiding hanteert en hoe hij het |
doorlopen van het leerproces en het behalen van de vooropgezette | doorlopen van het leerproces en het behalen van de vooropgezette |
leerdoelstellingen zal opvolgen. | leerdoelstellingen zal opvolgen. |
In het eerste lid, 2°, wordt verstaan onder contacturen: de | In het eerste lid, 2°, wordt verstaan onder contacturen: de |
opleidingsuren in een rechtstreeks contact tussen de instructeur of | opleidingsuren in een rechtstreeks contact tussen de instructeur of |
begeleider van een opleidingsactiviteit en de cursist, die gebonden | begeleider van een opleidingsactiviteit en de cursist, die gebonden |
zijn aan een bepaald tijdstip en een bepaalde plaats van opleiding. | zijn aan een bepaald tijdstip en een bepaalde plaats van opleiding. |
Dat rechtstreekse contact kan fysiek of digitaal zijn. Het kan ook | Dat rechtstreekse contact kan fysiek of digitaal zijn. Het kan ook |
werkplekleren betreffen. De instructeur of begeleider van een | werkplekleren betreffen. De instructeur of begeleider van een |
opleidingsactiviteit werkt voor een geregistreerde | opleidingsactiviteit werkt voor een geregistreerde |
opleidingsverstrekker. | opleidingsverstrekker. |
In afwijking van het eerste lid gelden voor een mentoropleiding | In afwijking van het eerste lid gelden voor een mentoropleiding |
uitsluitend de voorwaarden in het eerste lid, 1°, 3°, 4° en 5°. | uitsluitend de voorwaarden in het eerste lid, 1°, 3°, 4° en 5°. |
Art. 3.In afwijking van artikel 23, § 3 van het besluit van 21 |
Art. 3.In afwijking van artikel 23, § 3 van het besluit van 21 |
december 2018 heeft de werknemer voor opleidingen via blended leren | december 2018 heeft de werknemer voor opleidingen via blended leren |
het recht om op het werk afwezig te zijn gedurende de voorziene | het recht om op het werk afwezig te zijn gedurende de voorziene |
opleidingstijd. | opleidingstijd. |
Art. 4.In afwijking van artikel 27 van het besluit van 21 december |
Art. 4.In afwijking van artikel 27 van het besluit van 21 december |
2018 volgt een werknemer een opleiding via blended leren nauwgezet, | 2018 volgt een werknemer een opleiding via blended leren nauwgezet, |
als vermeld in artikel 116, § 2, van de wet van 22 januari 1985, als | als vermeld in artikel 116, § 2, van de wet van 22 januari 1985, als |
hij beschikt over een attest van de opleidingsverstrekker dat | hij beschikt over een attest van de opleidingsverstrekker dat |
verklaart dat hij het leerproces doorlopen heeft. | verklaart dat hij het leerproces doorlopen heeft. |
Art. 5.In afwijking van artikel 29, § 2, registreert de |
Art. 5.In afwijking van artikel 29, § 2, registreert de |
opleidingsverstrekker in geval van een opleiding via blended leren, | opleidingsverstrekker in geval van een opleiding via blended leren, |
het attest dat verklaart dat de werknemer het leerproces heeft | het attest dat verklaart dat de werknemer het leerproces heeft |
doorlopen en de datum van aflevering van het certificaat. | doorlopen en de datum van aflevering van het certificaat. |
Art. 6.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2020. |
Art. 6.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2020. |
Dit besluit treedt buiten werking op 31 augustus 2021. | Dit besluit treedt buiten werking op 31 augustus 2021. |
Art. 7.De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, is belast met de |
Art. 7.De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, is belast met de |
uitvoering van dit besluit. | uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 17 juli 2020. | Brussel, 17 juli 2020. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
J. JAMBON | J. JAMBON |
De Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en | De Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en |
Landbouw, | Landbouw, |
H. CREVITS | H. CREVITS |