Besluit van de Vlaamse Regering houdende afwijkingen van de bouwtechnische en bouwfysische normen waaraan de infrastructuur van innovatieve pilootprojecten moet voldoen om voor een investeringssubsidie of investeringswaarborg, verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden, in aanmerking te komen | Besluit van de Vlaamse Regering houdende afwijkingen van de bouwtechnische en bouwfysische normen waaraan de infrastructuur van innovatieve pilootprojecten moet voldoen om voor een investeringssubsidie of investeringswaarborg, verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden, in aanmerking te komen |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
16 MEI 2014. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende afwijkingen | 16 MEI 2014. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende afwijkingen |
van de bouwtechnische en bouwfysische normen waaraan de infrastructuur | van de bouwtechnische en bouwfysische normen waaraan de infrastructuur |
van innovatieve pilootprojecten moet voldoen om voor een | van innovatieve pilootprojecten moet voldoen om voor een |
investeringssubsidie of investeringswaarborg, verstrekt door het | investeringssubsidie of investeringswaarborg, verstrekt door het |
Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden, in | Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden, in |
aanmerking te komen | aanmerking te komen |
De Vlaamse Regering, | De Vlaamse Regering, |
Gelet op het decreet van 23 februari 1994 inzake de infrastructuur | Gelet op het decreet van 23 februari 1994 inzake de infrastructuur |
voor persoonsgebonden aangelegenheden, artikel 7bis, ingevoegd bij het | voor persoonsgebonden aangelegenheden, artikel 7bis, ingevoegd bij het |
decreet van 17 maart 2006 en gewijzigd bij de decreten van 12 februari | decreet van 17 maart 2006 en gewijzigd bij de decreten van 12 februari |
2010 en 20 december 2013, artikel 7ter, ingevoegd bij het decreet van | 2010 en 20 december 2013, artikel 7ter, ingevoegd bij het decreet van |
2 juni 2006 en vervangen bij het decreet van 12 februari 2010, en | 2 juni 2006 en vervangen bij het decreet van 12 februari 2010, en |
artikel 10, gewijzigd bij de decreten van 16 maart 1999 en 12 februari | artikel 10, gewijzigd bij de decreten van 16 maart 1999 en 12 februari |
2010; | 2010; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juni 1999 tot | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juni 1999 tot |
vaststelling van de totale investeringssubsidie en de bouwtechnische | vaststelling van de totale investeringssubsidie en de bouwtechnische |
normen voor voorzieningen voor ouderen en voorzieningen in de | normen voor voorzieningen voor ouderen en voorzieningen in de |
thuiszorg; | thuiszorg; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 9 februari 2007 tot | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 9 februari 2007 tot |
regeling van de investeringswaarborg voor woonzorgcentra, verstrekt | regeling van de investeringswaarborg voor woonzorgcentra, verstrekt |
door het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden | door het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden |
Aangelegenheden, en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse | Aangelegenheden, en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse |
Regering van 1 september 2006 tot regeling van de alternatieve | Regering van 1 september 2006 tot regeling van de alternatieve |
investeringswaarborg verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds | investeringswaarborg verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds |
voor Persoonsgebonden Aangelegenheden; | voor Persoonsgebonden Aangelegenheden; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 18 maart 2011 tot | Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 18 maart 2011 tot |
regeling van de alternatieve investeringssubsidies, verstrekt door het | regeling van de alternatieve investeringssubsidies, verstrekt door het |
Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden; | Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
begroting, gegeven op 19 maart 2014; | begroting, gegeven op 19 maart 2014; |
Gelet op advies 56.031/3 van de Raad van State, gegeven op 9 mei 2014, | Gelet op advies 56.031/3 van de Raad van State, gegeven op 9 mei 2014, |
met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op | met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op |
de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en | Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en |
Gezin; | Gezin; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.Aan artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 |
Artikel 1.Aan artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 |
juni 1999 tot vaststelling van de totale investeringssubsidie en de | juni 1999 tot vaststelling van de totale investeringssubsidie en de |
bouwtechnische normen voor voorzieningen voor ouderen en voorzieningen | bouwtechnische normen voor voorzieningen voor ouderen en voorzieningen |
in de thuiszorg, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering | in de thuiszorg, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering |
van 24 juli 2009 en 10 november 2011, wordt een paragraaf 4 | van 24 juli 2009 en 10 november 2011, wordt een paragraaf 4 |
toegevoegd, die luidt als volgt: | toegevoegd, die luidt als volgt: |
" § 4. Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de | " § 4. Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de |
Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, kunnen van | Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, kunnen van |
het Fonds een afwijking krijgen van de specifieke | het Fonds een afwijking krijgen van de specifieke |
erkenningsvoorwaarden, vermeld in paragraaf 2. Afwijkingen worden | erkenningsvoorwaarden, vermeld in paragraaf 2. Afwijkingen worden |
alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de | alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de |
bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De Vlaamse | bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De Vlaamse |
minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, bepaalt daarvoor de | minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, bepaalt daarvoor de |
bijkomende selectiecriteria.". | bijkomende selectiecriteria.". |
Art. 2.Aan artikel 6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 |
Art. 2.Aan artikel 6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 |
februari 2007 tot regeling van de investeringswaarborg voor | februari 2007 tot regeling van de investeringswaarborg voor |
woonzorgcentra, verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds voor | woonzorgcentra, verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds voor |
Persoonsgebonden Aangelegenheden, en tot wijziging van het besluit van | Persoonsgebonden Aangelegenheden, en tot wijziging van het besluit van |
de Vlaamse Regering van 1 september 2006 tot regeling van de | de Vlaamse Regering van 1 september 2006 tot regeling van de |
alternatieve investeringswaarborg verstrekt door het Vlaams | alternatieve investeringswaarborg verstrekt door het Vlaams |
Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden, vervangen | Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden, vervangen |
bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009, wordt een | bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009, wordt een |
tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: | tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de | "Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de |
minister, kunnen van het Fonds een afwijking krijgen van de | minister, kunnen van het Fonds een afwijking krijgen van de |
erkenningsvoorwaarden, vermeld in het eerste lid. Afwijkingen worden | erkenningsvoorwaarden, vermeld in het eerste lid. Afwijkingen worden |
alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de | alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de |
bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De minister | bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De minister |
bepaalt daarvoor de bijkomende selectiecriteria.". | bepaalt daarvoor de bijkomende selectiecriteria.". |
Art. 3.Aan artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 |
Art. 3.Aan artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 |
maart 2011 tot regeling van de alternatieve investeringssubsidies, | maart 2011 tot regeling van de alternatieve investeringssubsidies, |
verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden | verstrekt door het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden |
Aangelegenheden wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: | Aangelegenheden wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de | "Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de |
minister, kunnen van het Fonds een afwijking krijgen van de specifieke | minister, kunnen van het Fonds een afwijking krijgen van de specifieke |
erkenningsvoorwaarden, vermeld in het eerste lid. Afwijkingen worden | erkenningsvoorwaarden, vermeld in het eerste lid. Afwijkingen worden |
alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de | alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de |
bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De minister | bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De minister |
bepaalt daarvoor de bijkomende selectiecriteria.". | bepaalt daarvoor de bijkomende selectiecriteria.". |
Art. 4.Aan artikel 9 van hetzelfde besluit wordt een tweede lid |
Art. 4.Aan artikel 9 van hetzelfde besluit wordt een tweede lid |
toegevoegd, dat luidt als volgt: | toegevoegd, dat luidt als volgt: |
"Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de | "Innovatieve pilootprojecten, geselecteerd na een oproep door de |
minister, kunnen van het Fonds een afwijking krijgen van de specifieke | minister, kunnen van het Fonds een afwijking krijgen van de specifieke |
erkenningsvoorwaarden, vermeld in het eerste lid. Afwijkingen worden | erkenningsvoorwaarden, vermeld in het eerste lid. Afwijkingen worden |
alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de | alleen verleend als ze tot doel hebben de levenskwaliteit van de |
bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De minister | bewoners van de innovatieve pilootprojecten te verhogen. De minister |
bepaalt daarvoor de bijkomende selectiecriteria.". | bepaalt daarvoor de bijkomende selectiecriteria.". |
Art. 5.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is |
Art. 5.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is |
belast met de uitvoering van dit besluit. | belast met de uitvoering van dit besluit. |
Brussel, 16 mei 2014. | Brussel, 16 mei 2014. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, | De minister-president van de Vlaamse Regering, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, | De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, |
J. VANDEURZEN | J. VANDEURZEN |