Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Vlaamse Regering van 14/09/2012
← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de definities, de samenstelling van de commissie Screening, de screeningsvoorwaarden, de werkingsvoorwaarden, de herscreening en de overgangsbepalingen voor de screening, vermeld in artikel 19, § 3, en artikel 26, § 3, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap « Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen » "
Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de definities, de samenstelling van de commissie Screening, de screeningsvoorwaarden, de werkingsvoorwaarden, de herscreening en de overgangsbepalingen voor de screening, vermeld in artikel 19, § 3, en artikel 26, § 3, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap « Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen » Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de definities, de samenstelling van de commissie Screening, de screeningsvoorwaarden, de werkingsvoorwaarden, de herscreening en de overgangsbepalingen voor de screening, vermeld in artikel 19, § 3, en artikel 26, § 3, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap « Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen »
VLAAMSE OVERHEID VLAAMSE OVERHEID
14 SEPTEMBER 2012. - Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van 14 SEPTEMBER 2012. - Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van
de definities, de samenstelling van de commissie Screening, de de definities, de samenstelling van de commissie Screening, de
screeningsvoorwaarden, de werkingsvoorwaarden, de herscreening en de screeningsvoorwaarden, de werkingsvoorwaarden, de herscreening en de
overgangsbepalingen voor de screening, vermeld in artikel 19, § 3, en overgangsbepalingen voor de screening, vermeld in artikel 19, § 3, en
artikel 26, § 3, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het artikel 26, § 3, van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het
publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap « publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap «
Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen » Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen »
De Vlaamse Regering, De Vlaamse Regering,
Gelet op het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het Gelet op het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het
publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap « publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap «
Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen », Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen »,
artikel 19, § 3, tweede lid, en artikel 26, § 3, derde lid, ingevoegd artikel 19, § 3, tweede lid, en artikel 26, § 3, derde lid, ingevoegd
bij het decreet van 20 april 2012; bij het decreet van 20 april 2012;
Gelet op het advies van de raad van bestuur van het Vlaams Agentschap Gelet op het advies van de raad van bestuur van het Vlaams Agentschap
voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen, gegeven op 23 maart 2012; voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen, gegeven op 23 maart 2012;
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de
begroting, gegeven op 12 juli 2012; begroting, gegeven op 12 juli 2012;
Gelet op advies 51.738/1 van de Raad van State, gegeven op 4 september Gelet op advies 51.738/1 van de Raad van State, gegeven op 4 september
2012, met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op 2012, met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op
de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op voorstel van de Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk, Op voorstel van de Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk,
Ruimtelijke Ordening en Sport; Ruimtelijke Ordening en Sport;
Na beraadslaging, Na beraadslaging,
Besluit : Besluit :
HOOFDSTUK 1. - Definities HOOFDSTUK 1. - Definities

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder :

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder :

1° decreet van 7 mei 2004 : het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting 1° decreet van 7 mei 2004 : het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting
van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd
agentschap « Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra agentschap « Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra
Vlaanderen »; Vlaanderen »;
2° gecertificeerde bijscholing : een door Syntra Vlaanderen op 31 2° gecertificeerde bijscholing : een door Syntra Vlaanderen op 31
augustus 2012 erkende bijscholing die na evaluatie recht geeft op een augustus 2012 erkende bijscholing die na evaluatie recht geeft op een
attest; attest;
3° gedelegeerd bestuurder : de gedelegeerd bestuurder van Syntra 3° gedelegeerd bestuurder : de gedelegeerd bestuurder van Syntra
Vlaanderen, vermeld in artikel 20 en 21 van het decreet van 7 mei Vlaanderen, vermeld in artikel 20 en 21 van het decreet van 7 mei
2004; 2004;
4° ondernemersopleiding : een door Syntra Vlaanderen op 31 augustus 4° ondernemersopleiding : een door Syntra Vlaanderen op 31 augustus
2012 erkende basisvorming die voorbereidt op de algemeen technische, 2012 erkende basisvorming die voorbereidt op de algemeen technische,
commerciële, financiële en administratieve uitoefening van een commerciële, financiële en administratieve uitoefening van een
zelfstandig beroep en het beheer van een kleine of middelgrote zelfstandig beroep en het beheer van een kleine of middelgrote
onderneming; onderneming;
5° opportuniteitstoetsing : de opmaak van een onderbouwd dossier door 5° opportuniteitstoetsing : de opmaak van een onderbouwd dossier door
de sectorcommissie en de screening door de commissie Screening; de sectorcommissie en de screening door de commissie Screening;
6° raad van bestuur : de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen, 6° raad van bestuur : de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen,
vermeld in artikel 7 tot en met 12 van het decreet van 7 mei 2004; vermeld in artikel 7 tot en met 12 van het decreet van 7 mei 2004;
7° sectorcommissie : de commissie, ingesteld met toepassing van 7° sectorcommissie : de commissie, ingesteld met toepassing van
artikel 19, § 2, van het decreet van 7 mei 2004; artikel 19, § 2, van het decreet van 7 mei 2004;
8° Syntra Vlaanderen : het publiekrechtelijk vormgegeven extern 8° Syntra Vlaanderen : het publiekrechtelijk vormgegeven extern
verzelfstandigd agentschap Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - verzelfstandigd agentschap Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming -
Syntra Vlaanderen, opgericht bij artikel 3 van het decreet van 7 mei Syntra Vlaanderen, opgericht bij artikel 3 van het decreet van 7 mei
2004. 2004.
HOOFDSTUK 2. - Samenstelling van de commissie Screening HOOFDSTUK 2. - Samenstelling van de commissie Screening

Art. 2.§ 1. De commissie Screening is samengesteld uit :

Art. 2.§ 1. De commissie Screening is samengesteld uit :

1° twee leden van de raad van bestuur, voorgedragen door de 1° twee leden van de raad van bestuur, voorgedragen door de
vertegenwoordigers in de raad van bestuur van de representatieve vertegenwoordigers in de raad van bestuur van de representatieve
organisaties van de werkgevers, de middenstand en de landbouw, die in organisaties van de werkgevers, de middenstand en de landbouw, die in
de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen zitting hebben; de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen zitting hebben;
2° twee leden van de raad van bestuur, voorgedragen door de 2° twee leden van de raad van bestuur, voorgedragen door de
vertegenwoordigers in de raad van bestuur van de representatieve vertegenwoordigers in de raad van bestuur van de representatieve
organisaties van de werknemers die in de Sociaal-Economische Raad van organisaties van de werknemers die in de Sociaal-Economische Raad van
Vlaanderen zitting hebben; Vlaanderen zitting hebben;
3° een vertegenwoordiger van de gedelegeerd bestuurder; 3° een vertegenwoordiger van de gedelegeerd bestuurder;
4° een secretaris, aangesteld door de gedelegeerd bestuurder. 4° een secretaris, aangesteld door de gedelegeerd bestuurder.
Alleen de leden, vermeld in het eerste lid, 1° en 2°, zijn Alleen de leden, vermeld in het eerste lid, 1° en 2°, zijn
stemgerechtigd. stemgerechtigd.
§ 2. De stemgerechtigde leden van de commissie Screening kiezen om het § 2. De stemgerechtigde leden van de commissie Screening kiezen om het
jaar een voorzitter uit hun midden. jaar een voorzitter uit hun midden.
Het voorzitterschap komt om beurten toe aan de vertegenwoordigers van Het voorzitterschap komt om beurten toe aan de vertegenwoordigers van
de representatieve organisaties van de werkgevers, de middenstand en de representatieve organisaties van de werkgevers, de middenstand en
de landbouw, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, en de de landbouw, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1°, en de
vertegenwoordigers van de representatieve organisaties van de vertegenwoordigers van de representatieve organisaties van de
werknemers, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°. werknemers, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 2°.
HOOFDSTUK 3. - Screeningsvoorwaarden HOOFDSTUK 3. - Screeningsvoorwaarden

Art. 3.§ 1. De voorwaarden, vermeld in artikel 26, § 3, tweede lid,

Art. 3.§ 1. De voorwaarden, vermeld in artikel 26, § 3, tweede lid,

van het decreet van 7 mei 2004, worden verduidelijkt op de wijze, van het decreet van 7 mei 2004, worden verduidelijkt op de wijze,
vermeld in paragraaf 2 tot en met 6. vermeld in paragraaf 2 tot en met 6.
§ 2. Met uitzondering van het geval, vermeld in het tweede lid, blijkt § 2. Met uitzondering van het geval, vermeld in het tweede lid, blijkt
de voorwaarde dat het om een traject gaat dat leidt naar zelfstandig de voorwaarde dat het om een traject gaat dat leidt naar zelfstandig
ondernemerschap waarin een uitstroom als kmo-medewerker mogelijk is, ondernemerschap waarin een uitstroom als kmo-medewerker mogelijk is,
uit : uit :
1° de onderbouwing van het zelfstandige karakter van het traject; 1° de onderbouwing van het zelfstandige karakter van het traject;
2° de mogelijkheid tot uitstroom voor de kmo-medewerker op de 2° de mogelijkheid tot uitstroom voor de kmo-medewerker op de
arbeidsmarkt. arbeidsmarkt.
Voor de dienstverlenende intellectuele beroepen, vermeld in artikel Voor de dienstverlenende intellectuele beroepen, vermeld in artikel
31, § 1, tweede lid, van het decreet van 7 mei 2004, blijkt de 31, § 1, tweede lid, van het decreet van 7 mei 2004, blijkt de
voorwaarde dat het om een traject gaat dat leidt naar zelfstandig voorwaarde dat het om een traject gaat dat leidt naar zelfstandig
ondernemerschap waarin een uitstroom als kmo-medewerker mogelijk is, ondernemerschap waarin een uitstroom als kmo-medewerker mogelijk is,
alleen uit de mogelijkheid tot uitstroom voor de kmo-medewerker op de alleen uit de mogelijkheid tot uitstroom voor de kmo-medewerker op de
arbeidsmarkt. arbeidsmarkt.
§ 3. De voorwaarde dat het traject beantwoordt aan een behoefte op de § 3. De voorwaarde dat het traject beantwoordt aan een behoefte op de
markt, kan blijken uit : markt, kan blijken uit :
1° een recent beroepscompetentieprofiel, beroepsprofiel, beroepenfiche 1° een recent beroepscompetentieprofiel, beroepsprofiel, beroepenfiche
of ander kader waarin de behoefte gedocumenteerd wordt; of ander kader waarin de behoefte gedocumenteerd wordt;
2° een dossier waarin de behoefte aangetoond wordt; 2° een dossier waarin de behoefte aangetoond wordt;
3° een onderbouwd standpunt van een sectorale belangenorganisatie of, 3° een onderbouwd standpunt van een sectorale belangenorganisatie of,
bij gebrek daaraan, van experten uit de branche. bij gebrek daaraan, van experten uit de branche.
§ 4. De voorwaarde dat het sectoraal beroepscompetentieprofiel, als § 4. De voorwaarde dat het sectoraal beroepscompetentieprofiel, als
dat aanwezig is, of het innovatieve karakter in het andere geval, het dat aanwezig is, of het innovatieve karakter in het andere geval, het
generieke ondernemersprofiel of de regelgeving wordt onderbouwd, kan generieke ondernemersprofiel of de regelgeving wordt onderbouwd, kan
blijken uit : blijken uit :
1° een nauwe verwantschap van het ondernemerschapstraject met een 1° een nauwe verwantschap van het ondernemerschapstraject met een
(recent) beroepscompetentieprofiel, een beroepenfiche of ander kader; (recent) beroepscompetentieprofiel, een beroepenfiche of ander kader;
2° op het vlak van innovatie, een onderbouwd opportuniteitsdossier dat 2° op het vlak van innovatie, een onderbouwd opportuniteitsdossier dat
het innovatieve karakter of aan te tonen trends op de markt duidelijk het innovatieve karakter of aan te tonen trends op de markt duidelijk
omschrijft; omschrijft;
3° op het vlak van het generieke ondernemersprofiel, de duidelijke 3° op het vlak van het generieke ondernemersprofiel, de duidelijke
verwantschap met de federale reglementering voor basiskennis verwantschap met de federale reglementering voor basiskennis
bedrijfsbeheer; bedrijfsbeheer;
4° op het vlak van regelgeving die uitgaat van de overheden, de 4° op het vlak van regelgeving die uitgaat van de overheden, de
kwaliteitseisen die worden gesteld aan : kwaliteitseisen die worden gesteld aan :
a) erkend personeel dat bepaalde werkzaamheden uitoefent; a) erkend personeel dat bepaalde werkzaamheden uitoefent;
b) erkende ondernemingen of erkend personeel; b) erkende ondernemingen of erkend personeel;
c) erkende ondernemingen of erkend personeel of opgeleid in erkende c) erkende ondernemingen of erkend personeel of opgeleid in erkende
opleidingsinstellingen; opleidingsinstellingen;
5° op het vlak van regelgeving die uitgaat van een sector, de 5° op het vlak van regelgeving die uitgaat van een sector, de
oplijsting van de autoregulering. oplijsting van de autoregulering.
§ 5. De voorwaarde dat de kansen op duurzame tewerkstelling en de § 5. De voorwaarde dat de kansen op duurzame tewerkstelling en de
economische effectiviteit verhoogd worden, kan blijken uit : economische effectiviteit verhoogd worden, kan blijken uit :
1° cijfermateriaal over het (groeiende) aantal bestaande zelfstandigen 1° cijfermateriaal over het (groeiende) aantal bestaande zelfstandigen
of ondernemingen; of ondernemingen;
2° in geval van een nieuw traject, het feit dat een traject bij een 2° in geval van een nieuw traject, het feit dat een traject bij een
vermoedelijk blijvende trend aansluit. vermoedelijk blijvende trend aansluit.
§ 6. De voorwaarde dat andere private marktspelers een dergelijk § 6. De voorwaarde dat andere private marktspelers een dergelijk
traject niet aanbieden of specifieke drempels inbouwen die de toegang traject niet aanbieden of specifieke drempels inbouwen die de toegang
tot de opleiding minstens belemmeren, kan blijken uit : tot de opleiding minstens belemmeren, kan blijken uit :
1° de programma-inhoud en het niveau; 1° de programma-inhoud en het niveau;
2° de gebruikte methodiek en de aangepastheid aan de doelgroep; 2° de gebruikte methodiek en de aangepastheid aan de doelgroep;
3° het aantal uren van de opleiding; 3° het aantal uren van de opleiding;
4° de inschrijvingsprijs voor de cursist; 4° de inschrijvingsprijs voor de cursist;
5° de effecten die door het volgen van de opleiding worden bereikt; 5° de effecten die door het volgen van de opleiding worden bereikt;
6° de toegankelijkheid, het tijdstip, de bereikbaarheid, de frequentie 6° de toegankelijkheid, het tijdstip, de bereikbaarheid, de frequentie
en de spreiding van de opleiding. en de spreiding van de opleiding.

Art. 4.De raad van bestuur legt, na advies van de commissie Screening

Art. 4.De raad van bestuur legt, na advies van de commissie Screening

over de voorwaarde, vermeld in artikel 3, § 6, de vorm vast op basis over de voorwaarde, vermeld in artikel 3, § 6, de vorm vast op basis
waarvan de opportuniteitstoetsing wordt uitgevoerd. waarvan de opportuniteitstoetsing wordt uitgevoerd.
HOOFDSTUK 4. - Werkingsvoorwaarden HOOFDSTUK 4. - Werkingsvoorwaarden

Art. 5.Een verzoek tot opportuniteitstoetsing als vermeld in artikel

Art. 5.Een verzoek tot opportuniteitstoetsing als vermeld in artikel

26, § 3, tweede lid, van het decreet van 7 mei 2004, wordt ingediend 26, § 3, tweede lid, van het decreet van 7 mei 2004, wordt ingediend
bij de gedelegeerd bestuurder, die het verzoek aan de sectorcommissie bij de gedelegeerd bestuurder, die het verzoek aan de sectorcommissie
bezorgt. bezorgt.

Art. 6.Overeenkomstig artikel 26, § 3, derde tot en met zesde lid,

Art. 6.Overeenkomstig artikel 26, § 3, derde tot en met zesde lid,

van het decreet van 7 mei 2004, wordt de opportuniteitstoetsing van van het decreet van 7 mei 2004, wordt de opportuniteitstoetsing van
een ondernemerschapstraject als volgt uitgevoerd : een ondernemerschapstraject als volgt uitgevoerd :
1° de bevoegde sectorcommissie maakt voor de opportuniteitstoetsing 1° de bevoegde sectorcommissie maakt voor de opportuniteitstoetsing
een onderbouwd dossier op over de voorwaarden, vermeld in artikel 26, een onderbouwd dossier op over de voorwaarden, vermeld in artikel 26,
§ 3, tweede lid, a) tot en met d), van het voormelde decreet. De § 3, tweede lid, a) tot en met d), van het voormelde decreet. De
bevoegde sectorcommissie bezorgt dat onderbouwde dossier aan de bevoegde sectorcommissie bezorgt dat onderbouwde dossier aan de
commissie Screening; commissie Screening;
2° de commissie Screening adviseert over de voorwaarde, vermeld in 2° de commissie Screening adviseert over de voorwaarde, vermeld in
artikel 26, tweede lid, e), van het voormelde decreet. De commissie artikel 26, tweede lid, e), van het voormelde decreet. De commissie
Screening bezorgt haar advies samen met het onderbouwde dossier aan de Screening bezorgt haar advies samen met het onderbouwde dossier aan de
gedelegeerd bestuurder; gedelegeerd bestuurder;
3° de gedelegeerd bestuurder legt het onderbouwde dossier samen met 3° de gedelegeerd bestuurder legt het onderbouwde dossier samen met
het advies van de commissie Screening ter bekrachtiging voor aan de het advies van de commissie Screening ter bekrachtiging voor aan de
raad van bestuur; raad van bestuur;
4° als de beslissing tot bekrachtiging door de raad van bestuur niet 4° als de beslissing tot bekrachtiging door de raad van bestuur niet
met eenparigheid van stemmen wordt genomen, voegt de raad van bestuur met eenparigheid van stemmen wordt genomen, voegt de raad van bestuur
de afwijkende standpunten toe aan het opportuniteitsdossier en bezorgt de afwijkende standpunten toe aan het opportuniteitsdossier en bezorgt
hij het opportuniteitsdossier aan de Vlaamse Regering, die een hij het opportuniteitsdossier aan de Vlaamse Regering, die een
definitieve beslissing neemt. definitieve beslissing neemt.
Alleen trajecten die door de raad van bestuur met eenparigheid van Alleen trajecten die door de raad van bestuur met eenparigheid van
stemmen of door de Vlaamse Regering worden bekrachtigd, mogen als stemmen of door de Vlaamse Regering worden bekrachtigd, mogen als
ondernemerschapstrajecten worden benoemd en worden gekwalificeerd als ondernemerschapstrajecten worden benoemd en worden gekwalificeerd als
een niet-economische dienst van algemeen belang. een niet-economische dienst van algemeen belang.
De trajecten, vermeld in het tweede lid, worden binnen een maand na de De trajecten, vermeld in het tweede lid, worden binnen een maand na de
bekrachtiging en voor de hele duur ervan bij wijze van kennisgeving op bekrachtiging en voor de hele duur ervan bij wijze van kennisgeving op
de officiële website van Syntra Vlaanderen gepubliceerd, met de officiële website van Syntra Vlaanderen gepubliceerd, met
vermelding van de naam van het traject. vermelding van de naam van het traject.
HOOFDSTUK 5. - Herscreening HOOFDSTUK 5. - Herscreening

Art. 7.§ 1. De herscreening betreft alleen de voorwaarde, vermeld in

Art. 7.§ 1. De herscreening betreft alleen de voorwaarde, vermeld in

artikel 26, § 3, tweede lid, e), van het decreet van 7 mei 2004. artikel 26, § 3, tweede lid, e), van het decreet van 7 mei 2004.
Overeenkomstig artikel 19, § 3, van het decreet van 7 mei 2004 wordt Overeenkomstig artikel 19, § 3, van het decreet van 7 mei 2004 wordt
bij de herscreening rekening gehouden met de stabiliteit van de centra bij de herscreening rekening gehouden met de stabiliteit van de centra
en de noodzakelijke dynamiek van het opleidingsaanbod. en de noodzakelijke dynamiek van het opleidingsaanbod.
§ 2. De herscreening wordt uitgevoerd tussen 1 september en 30 § 2. De herscreening wordt uitgevoerd tussen 1 september en 30
november van het jaar t-1. november van het jaar t-1.
De raad van bestuur neemt uiterlijk op 31 december van het jaar t-1 De raad van bestuur neemt uiterlijk op 31 december van het jaar t-1
zijn beslissing, na advies van de commissie Screening. zijn beslissing, na advies van de commissie Screening.
In deze paragraaf wordt verstaan onder jaar t-1 : het kalenderjaar In deze paragraaf wordt verstaan onder jaar t-1 : het kalenderjaar
waarin een advies en beslissing wordt genomen dat voorafgaat aan het waarin een advies en beslissing wordt genomen dat voorafgaat aan het
kalenderjaar waarin het cursusjaar aanvangt. kalenderjaar waarin het cursusjaar aanvangt.
§ 3. De voorwaarde, vermeld in artikel 6, eerste lid, 4°, is van § 3. De voorwaarde, vermeld in artikel 6, eerste lid, 4°, is van
toepassing op de herscreening. toepassing op de herscreening.
§ 4. Zolang geen nieuwe beslissing over herscreening wordt genomen, § 4. Zolang geen nieuwe beslissing over herscreening wordt genomen,
blijft de kwalificatie, vermeld in artikel 6, tweede lid, en artikel blijft de kwalificatie, vermeld in artikel 6, tweede lid, en artikel
8, § 1, eerste lid, van toepassing. 8, § 1, eerste lid, van toepassing.
HOOFDSTUK 6. - Overgangsbepalingen HOOFDSTUK 6. - Overgangsbepalingen

Art. 8.§ 1. Overeenkomstig artikel 26, § 4, van het decreet van 7 mei

Art. 8.§ 1. Overeenkomstig artikel 26, § 4, van het decreet van 7 mei

2004 zijn de door de raad van bestuur op 31 augustus 2012 erkende 2004 zijn de door de raad van bestuur op 31 augustus 2012 erkende
ondernemersopleidingen een niet-economische dienst van algemeen belang ondernemersopleidingen een niet-economische dienst van algemeen belang
en worden vrijgesteld van screening. en worden vrijgesteld van screening.
Derden kunnen voor een ondernemerschapstraject dat met toepassing van Derden kunnen voor een ondernemerschapstraject dat met toepassing van
het eerste lid vrijgesteld is van screening, aan de hand van een het eerste lid vrijgesteld is van screening, aan de hand van een
gemotiveerd beroepschrift vragen aan de Vlaamse minister, bevoegd voor gemotiveerd beroepschrift vragen aan de Vlaamse minister, bevoegd voor
de professionele vorming, om dat traject niet te erkennen als de professionele vorming, om dat traject niet te erkennen als
niet-economische dienst van algemeen belang. niet-economische dienst van algemeen belang.
De Vlaamse minister, bevoegd voor de professionele vorming, zal dat De Vlaamse minister, bevoegd voor de professionele vorming, zal dat
beroepschrift dan voor screening aan de commissie Screening bezorgen. beroepschrift dan voor screening aan de commissie Screening bezorgen.
Het advies van de commissie Screening wordt na advies van de raad van Het advies van de commissie Screening wordt na advies van de raad van
bestuur van Syntra Vlaanderen ter beslissing aan de Vlaamse Regering bestuur van Syntra Vlaanderen ter beslissing aan de Vlaamse Regering
voorgelegd. voorgelegd.
§ 2. De trajecten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, worden op 31 § 2. De trajecten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, worden op 31
augustus 2012 bij wijze van kennisgeving op de officiële website van augustus 2012 bij wijze van kennisgeving op de officiële website van
Syntra Vlaanderen gepubliceerd. Syntra Vlaanderen gepubliceerd.

Art. 9.De verzoeken tot screening van de niet-gecertificeerde

Art. 9.De verzoeken tot screening van de niet-gecertificeerde

opleidingen en de gecertificeerde bijscholingen moeten uiterlijk op 30 opleidingen en de gecertificeerde bijscholingen moeten uiterlijk op 30
september 2012 worden ingediend. september 2012 worden ingediend.
De opportuniteitstoetsing van de niet-gecertificeerde opleidingen en De opportuniteitstoetsing van de niet-gecertificeerde opleidingen en
de gecertificeerde bijscholingen moet op 31 december 2012 afgerond de gecertificeerde bijscholingen moet op 31 december 2012 afgerond
zijn. zijn.
In het eerste en tweede lid wordt verstaan onder niet-gecertificeerde In het eerste en tweede lid wordt verstaan onder niet-gecertificeerde
opleiding : een door Syntra Vlaanderen op 31 augustus 2012 erkende opleiding : een door Syntra Vlaanderen op 31 augustus 2012 erkende
vorming die via vervolmaking, niet-gecertificeerde bijscholing of vorming die via vervolmaking, niet-gecertificeerde bijscholing of
taalcursussen aan degenen die de ondernemersopleiding volgen of met taalcursussen aan degenen die de ondernemersopleiding volgen of met
goed gevolg hebben beëindigd, alsook aan de ondernemingshoofden en de goed gevolg hebben beëindigd, alsook aan de ondernemingshoofden en de
leidinggevende en naaste medewerkers in de onderneming de mogelijkheid leidinggevende en naaste medewerkers in de onderneming de mogelijkheid
biedt om hun beroepswaarde te verhogen en om zich aan de technische, biedt om hun beroepswaarde te verhogen en om zich aan de technische,
economische en sociale ontwikkeling aan te passen. economische en sociale ontwikkeling aan te passen.

Art. 10.Zowel bij de screening als bij de herscreening moet bij de

Art. 10.Zowel bij de screening als bij de herscreening moet bij de

toetsing aan de voorwaarde, vermeld in artikel 26, § 3, tweede lid, e) toetsing aan de voorwaarde, vermeld in artikel 26, § 3, tweede lid, e)
van het decreet van 7 mei 2004, rekening worden gehouden met de goede van het decreet van 7 mei 2004, rekening worden gehouden met de goede
administratieve praktijk dat cursisten die een opleiding aanvangen, administratieve praktijk dat cursisten die een opleiding aanvangen,
die ook moeten kunnen voltooien, en met de lopende overeenkomsten die die ook moeten kunnen voltooien, en met de lopende overeenkomsten die
met Syntra Vlaanderen werden afgesloten. met Syntra Vlaanderen werden afgesloten.
Als de raad van bestuur, na advies van de commissie Screening, van de Als de raad van bestuur, na advies van de commissie Screening, van de
bepalingen, vermeld in het eerste lid, wil afwijken, moet hij dat bepalingen, vermeld in het eerste lid, wil afwijken, moet hij dat
schriftelijk motiveren. schriftelijk motiveren.
HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen

Art. 11.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2012.

Art. 11.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2012.

Art. 12.De Vlaamse minister, bevoegd voor de professionele vorming,

Art. 12.De Vlaamse minister, bevoegd voor de professionele vorming,

is belast met de uitvoering van dit besluit. is belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 14 september 2012. Brussel, 14 september 2012.
De minister-president van de Vlaamse Regering, De minister-president van de Vlaamse Regering,
K. PEETERS K. PEETERS
De Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk, Ruimtelijke De Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk, Ruimtelijke
Ordening en Sport, Ordening en Sport,
P. MUYTERS P. MUYTERS
^