Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Vlaamse Regering van 14/07/2004
← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 1985 tot vaststelling van de rechtspleging voor erkenning en sluiting van serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening en rusthuizen "
Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 1985 tot vaststelling van de rechtspleging voor erkenning en sluiting van serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening en rusthuizen Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 1985 tot vaststelling van de rechtspleging voor erkenning en sluiting van serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening en rusthuizen
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP
14 JULI 2004. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het 14 JULI 2004. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het
besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 1985 tot vaststelling van besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 1985 tot vaststelling van
de rechtspleging voor erkenning en sluiting van serviceflatgebouwen, de rechtspleging voor erkenning en sluiting van serviceflatgebouwen,
woningcomplexen met dienstverlening en rusthuizen woningcomplexen met dienstverlening en rusthuizen
De Vlaamse Regering, De Vlaamse Regering,
Gelet op de decreten inzake voorzieningen voor bejaarden, Gelet op de decreten inzake voorzieningen voor bejaarden,
gecoördineerd op 18 december 1991, gewijzigd bij de decreten van 23 gecoördineerd op 18 december 1991, gewijzigd bij de decreten van 23
februari 1994, 15 juli 1997 en 14 juli 1998; februari 1994, 15 juli 1997 en 14 juli 1998;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 1985 tot Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 1985 tot
vaststelling van de rechtspleging voor erkenning en sluiting van vaststelling van de rechtspleging voor erkenning en sluiting van
serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening en serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening en
rusthuizen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 17 rusthuizen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 17
april 1991, 18 december 1998, 28 januari 2000, 7 juni 2002 en 9 april 1991, 18 december 1998, 28 januari 2000, 7 juni 2002 en 9
januari 2004; januari 2004;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 6 mei Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 6 mei
2004; 2004;
Gelet op het verzoek om spoedbehandeling, gemotiveerd door de Gelet op het verzoek om spoedbehandeling, gemotiveerd door de
omstandigheid dat de huidige rechtsregeling omtrent erkenning en omstandigheid dat de huidige rechtsregeling omtrent erkenning en
sluiting van serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening sluiting van serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening
en rusthuizen, geen bepaling bevat rond de uitbating van een en rusthuizen, geen bepaling bevat rond de uitbating van een
dergelijke voorziening na een gerechtelijke beslissing; dat uit de dergelijke voorziening na een gerechtelijke beslissing; dat uit de
feiten gebleken is, onder meer in Oostende met betrekking tot de feiten gebleken is, onder meer in Oostende met betrekking tot de
onmiddellijke ontruiming van het rusthuis Harwich en te Herent wat onmiddellijke ontruiming van het rusthuis Harwich en te Herent wat
betreft de onmiddellijke sluiting van het rusthuis Berkenhof, dat bij betreft de onmiddellijke sluiting van het rusthuis Berkenhof, dat bij
het aanstellen door de rechtbank van een deskundige die het beheer het aanstellen door de rechtbank van een deskundige die het beheer
overneemt, deze persoon autonoom beslissingen kan nemen die het overneemt, deze persoon autonoom beslissingen kan nemen die het
woonrecht van de resident bedreigen zonder daarvoor maatschappelijk woonrecht van de resident bedreigen zonder daarvoor maatschappelijk
verantwoording te moeten afleggen; dat de toezichthoudende overheid verantwoording te moeten afleggen; dat de toezichthoudende overheid
terzake de opdracht heeft de belangen van deze kwetsbare doelgroep te terzake de opdracht heeft de belangen van deze kwetsbare doelgroep te
vrijwaren; dat bijgevolg onverwijld artikel 14 moet worden aangevuld vrijwaren; dat bijgevolg onverwijld artikel 14 moet worden aangevuld
in die zin dat voortaan, als een serviceflatgebouw, een woningcomplex in die zin dat voortaan, als een serviceflatgebouw, een woningcomplex
met dienstverlening of een rusthuis wordt ontruimd ingevolge een met dienstverlening of een rusthuis wordt ontruimd ingevolge een
beslissing van een door de rechtbank aangestelde beheerder, die beslissing van een door de rechtbank aangestelde beheerder, die
beslissing minstens het voorwerp moet uitmaken van een voorafgaand beslissing minstens het voorwerp moet uitmaken van een voorafgaand
overleg tussen de door de rechtbank aangestelde beheerder, de overleg tussen de door de rechtbank aangestelde beheerder, de
burgemeester en de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn burgemeester en de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn
van de gemeente in kwestie, de bevoegde minister en zijn van de gemeente in kwestie, de bevoegde minister en zijn
administratie; administratie;
Gelet op het advies 37.317/3 van de Raad van State, gegeven op 7 juni Gelet op het advies 37.317/3 van de Raad van State, gegeven op 7 juni
2004, met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de 2004, met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de
gecoördineerde wetten op de Raad van State; gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke
Kansen; Kansen;
Na beraadslaging, Na beraadslaging,
Besluit : Besluit :

Artikel 1.In hoofdstuk IX van het besluit van de Vlaamse regering van

Artikel 1.In hoofdstuk IX van het besluit van de Vlaamse regering van

10 juli 1985 tot vaststelling van de rechtspleging voor erkenning en 10 juli 1985 tot vaststelling van de rechtspleging voor erkenning en
sluiting van serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening sluiting van serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening
en rusthuizen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van en rusthuizen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van
18 december 1998, 7 juni 2002 en 9 januari 2004, wordt een artikel 18 december 1998, 7 juni 2002 en 9 januari 2004, wordt een artikel
14bis ingevoegd, dat luidt als volgt : 14bis ingevoegd, dat luidt als volgt :
«

Artikel 14bis.Eenieder die door een gerechtelijke beslissing

«

Artikel 14bis.Eenieder die door een gerechtelijke beslissing

gemachtigd wordt om op te treden als verantwoordelijk beheerder van gemachtigd wordt om op te treden als verantwoordelijk beheerder van
een serviceflatgebouw, een woningcomplex met dienstverlening of een een serviceflatgebouw, een woningcomplex met dienstverlening of een
rusthuis, moet zich onmiddellijk na zijn aanstelling kenbaar maken bij rusthuis, moet zich onmiddellijk na zijn aanstelling kenbaar maken bij
de minister en de administratie Gezin en Maatschappelijk Welzijn. de minister en de administratie Gezin en Maatschappelijk Welzijn.
Elke eventuele beslissing tot spoedige stopzetting van de exploitatie Elke eventuele beslissing tot spoedige stopzetting van de exploitatie
en ontruiming van de voorziening of een deel ervan, moet het voorwerp en ontruiming van de voorziening of een deel ervan, moet het voorwerp
uitmaken van een voorafgaand overleg tussen de door de rechtbank uitmaken van een voorafgaand overleg tussen de door de rechtbank
aangestelde verantwoordelijke, de burgemeester en de voorzitter van de aangestelde verantwoordelijke, de burgemeester en de voorzitter van de
raad voor maatschappelijk welzijn van de gemeente in kwestie, de raad voor maatschappelijk welzijn van de gemeente in kwestie, de
minister en de administratie Gezin en Maatschappelijk Welzijn. » minister en de administratie Gezin en Maatschappelijk Welzijn. »

Art. 2.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is

Art. 2.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is

belast met de uitvoering van dit besluit. belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 14 juli 2004. Brussel, 14 juli 2004.
De minister-president van de Vlaamse Regering, De minister-president van de Vlaamse Regering,
B. SOMERS B. SOMERS
De Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen, De Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen,
A. BYTTEBIER A. BYTTEBIER
^