← Terug naar "Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de terugbetaling van reis- en verblijfkosten aan de vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering in interfederale en internationale commissies "
Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de terugbetaling van reis- en verblijfkosten aan de vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering in interfederale en internationale commissies | Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de terugbetaling van reis- en verblijfkosten aan de vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering in interfederale en internationale commissies |
---|---|
VLAAMSE OVERHEID | VLAAMSE OVERHEID |
13 JANUARI 2017. - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de | 13 JANUARI 2017. - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de |
terugbetaling van reis- en verblijfkosten aan de vertegenwoordigers | terugbetaling van reis- en verblijfkosten aan de vertegenwoordigers |
van de Vlaamse Regering in interfederale en internationale commissies | van de Vlaamse Regering in interfederale en internationale commissies |
DE VLAAMSE REGERING, | DE VLAAMSE REGERING, |
Gelet op het bijzonder decreet van 7 juli 2006 over de Vlaamse | Gelet op het bijzonder decreet van 7 juli 2006 over de Vlaamse |
instellingen, artikel 21; | instellingen, artikel 21; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de |
begroting, gegeven op 25 oktober 2016; | begroting, gegeven op 25 oktober 2016; |
Gelet op het advies 60.504/3 van de Raad van State, gegeven op 20 | Gelet op het advies 60.504/3 van de Raad van State, gegeven op 20 |
december 2016, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van | december 2016, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van |
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op voorstel van de minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams | Op voorstel van de minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams |
minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed; | minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder: |
1° interfederale commissies: alle werkgroepen of expertengroepen, | 1° interfederale commissies: alle werkgroepen of expertengroepen, |
ongeacht de benaming ervan, die georganiseerd worden in het kader van | ongeacht de benaming ervan, die georganiseerd worden in het kader van |
het Overlegcomité, vermeld in artikel 31 van de gewone wet van 9 | het Overlegcomité, vermeld in artikel 31 van de gewone wet van 9 |
augustus 1980 tot hervorming der instellingen, of van een | augustus 1980 tot hervorming der instellingen, of van een |
Interministeriële Conferentie, als vermeld in artikel 31bis van de | Interministeriële Conferentie, als vermeld in artikel 31bis van de |
voormelde wet, of in toepassing van een samenwerkingsakkoord of | voormelde wet, of in toepassing van een samenwerkingsakkoord of |
-protocol; | -protocol; |
2° internationale commissies: alle werkgroepen of expertengroepen, | 2° internationale commissies: alle werkgroepen of expertengroepen, |
ongeacht de benaming ervan, die georganiseerd worden in het kader van | ongeacht de benaming ervan, die georganiseerd worden in het kader van |
bilaterale of multilaterale instellingen of samenwerkingsverbanden. | bilaterale of multilaterale instellingen of samenwerkingsverbanden. |
Art. 2.De personen die de Vlaamse Regering of de Vlaamse minister |
Art. 2.De personen die de Vlaamse Regering of de Vlaamse minister |
heeft aangewezen om namens de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse | heeft aangewezen om namens de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse |
Gewest deel te nemen aan een interfederale of internationale | Gewest deel te nemen aan een interfederale of internationale |
commissies, kunnen aanspraak maken op de terugbetaling van hun reis- | commissies, kunnen aanspraak maken op de terugbetaling van hun reis- |
en verblijfkosten conform de bepalingen die gelden voor de | en verblijfkosten conform de bepalingen die gelden voor de |
personeelsleden van de diensten van de Vlaamse overheid. | personeelsleden van de diensten van de Vlaamse overheid. |
Het eerste lid is alleen van toepassing als de reis- en verblijfkosten | Het eerste lid is alleen van toepassing als de reis- en verblijfkosten |
niet op een andere manier vergoed worden. | niet op een andere manier vergoed worden. |
Art. 3.De minister-president, bevoegd voor het algemeen |
Art. 3.De minister-president, bevoegd voor het algemeen |
regeringsbeleid, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het buitenlands | regeringsbeleid, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het buitenlands |
beleid, zijn ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering | beleid, zijn ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering |
van dit besluit. | van dit besluit. |
Brussel, 13 januari 2017. | Brussel, 13 januari 2017. |
De minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams minister van | De minister-president van de Vlaamse Regering, Vlaams minister van |
Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed, | Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed, |
Geert BOURGEOIS | Geert BOURGEOIS |