Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 27 oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen | Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 27 oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen |
---|---|
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP |
8 JUNI 1999. - Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het | 8 JUNI 1999. - Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het |
besluit van de Vlaamse regering van 27 oktober 1993 houdende | besluit van de Vlaamse regering van 27 oktober 1993 houdende |
uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot | uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot |
opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde | opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde |
contractuelen bij sommige plaatselijke besturen | contractuelen bij sommige plaatselijke besturen |
De Vlaamse regering, | De Vlaamse regering, |
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de | Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de |
instellingen inzonderheid op artikel 6, § 1, IX, 2° gewijzigd bij de | instellingen inzonderheid op artikel 6, § 1, IX, 2° gewijzigd bij de |
wet van 8 augustus 1988 en de bijzondere wet van 16 januari 1989; | wet van 8 augustus 1988 en de bijzondere wet van 16 januari 1989; |
Gelet op het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot | Gelet op het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot |
opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde | opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde |
contractuelen bij sommige plaatselijke besturen; | contractuelen bij sommige plaatselijke besturen; |
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 27 oktober 1993 | Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 27 oktober 1993 |
houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober | houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober |
1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde | 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde |
contractuelen bij sommige plaatselijke besturen, zoals tot op heden | contractuelen bij sommige plaatselijke besturen, zoals tot op heden |
gewijzigd; | gewijzigd; |
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister bevoegd voor begroting, | Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister bevoegd voor begroting, |
gegeven op 7 juni 1999; | gegeven op 7 juni 1999; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wetten van 4 | 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wetten van 4 |
juli 1989 en 4 augustus 1996; | juli 1989 en 4 augustus 1996; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid; | Gelet op de dringende noodzakelijkheid; |
Overwegende dat de regelgeving dringend dient aangepast te worden met | Overwegende dat de regelgeving dringend dient aangepast te worden met |
het oog op een optimale afstemming met het besluit van de Vlaamse | het oog op een optimale afstemming met het besluit van de Vlaamse |
regering van 17 juni 1997 houdende harmonisering van diverse stelsels | regering van 17 juni 1997 houdende harmonisering van diverse stelsels |
werkervaringsprojecten; | werkervaringsprojecten; |
Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling; | Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse regering van 27 |
Artikel 1.In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse regering van 27 |
oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 | oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 |
van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat | van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat |
gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen worden | gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen worden |
17°, 18° en 19° vervangen door wat volgt : | 17°, 18° en 19° vervangen door wat volgt : |
« 17° zeer langdurig werklozen : de werklozen die op de dag voor de | « 17° zeer langdurig werklozen : de werklozen die op de dag voor de |
indiensttreding zonder onderbreking minstens 24 maanden volledig | indiensttreding zonder onderbreking minstens 24 maanden volledig |
vergoede werklozen zijn; | vergoede werklozen zijn; |
18° zeer langdurig werkzoekenden : de niet-werkende werkzoekenden die | 18° zeer langdurig werkzoekenden : de niet-werkende werkzoekenden die |
op de dag voor de indiensttreding minstens : | op de dag voor de indiensttreding minstens : |
- 24 maanden als werkzoekende ingeschreven zijn bij de Vlaamse Dienst | - 24 maanden als werkzoekende ingeschreven zijn bij de Vlaamse Dienst |
voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding; | voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding; |
- gedurende deze periode niet volledig vergoede werklozen waren; | - gedurende deze periode niet volledig vergoede werklozen waren; |
- gedurende deze periode noch in loondienst werkten, noch een | - gedurende deze periode noch in loondienst werkten, noch een |
zelfstandig beroep uitoefenden; | zelfstandig beroep uitoefenden; |
19° begunstigde van de sociale bijstand : de persoon die in het | 19° begunstigde van de sociale bijstand : de persoon die in het |
bevolkingsregister is ingeschreven en die omwille van zijn | bevolkingsregister is ingeschreven en die omwille van zijn |
nationaliteit geen recht heeft op het bestaansminimum;" | nationaliteit geen recht heeft op het bestaansminimum;" |
Art. 2.In artikel 7 van hetzelfde besluit wordt § 3 vervangen door |
Art. 2.In artikel 7 van hetzelfde besluit wordt § 3 vervangen door |
wat volgt : | wat volgt : |
« § 3. Voor de tewerkstelling van personen uit risicogroepen in | « § 3. Voor de tewerkstelling van personen uit risicogroepen in |
werkervaringsprojecten wordt per individuele tewerkstelling het hoger | werkervaringsprojecten wordt per individuele tewerkstelling het hoger |
premiebedrag vastgesteld voor een periode die niet meer bedraagt dan | premiebedrag vastgesteld voor een periode die niet meer bedraagt dan |
12 maanden. Enkel wanneer het bevoegd subregionaal | 12 maanden. Enkel wanneer het bevoegd subregionaal |
tewerkstellingscomité dit toestaat, kan deze individuele | tewerkstellingscomité dit toestaat, kan deze individuele |
tewerkstelling met behoud van het hoger premiebedrag voor onbepaalde | tewerkstelling met behoud van het hoger premiebedrag voor onbepaalde |
duur worden verlengd. » | duur worden verlengd. » |
Art. 3.In artikel 7bis van hetzelfde besluit wordt § 1 vervangen door |
Art. 3.In artikel 7bis van hetzelfde besluit wordt § 1 vervangen door |
wat volgt : | wat volgt : |
« § 1. In toepassing van artikel 94 van de wet en binnen de perken van | « § 1. In toepassing van artikel 94 van de wet en binnen de perken van |
een daartoe bestemd begrotingskrediet kan de minister voor de | een daartoe bestemd begrotingskrediet kan de minister voor de |
aanwerving van zeer langdurig werkzoekenden, bestaansminimumtrekkers | aanwerving van zeer langdurig werkzoekenden, bestaansminimumtrekkers |
die minder dan een jaar van het bestaansminimum genieten en | die minder dan een jaar van het bestaansminimum genieten en |
begunstigden van de sociale bijstand die minder dan een jaar van de | begunstigden van de sociale bijstand die minder dan een jaar van de |
sociale bijstand genieten het jaarbedrag van de premie vaststellen op | sociale bijstand genieten het jaarbedrag van de premie vaststellen op |
maximaal 283 000 frank bij een tewerkstelling waarvan de uurregeling | maximaal 283 000 frank bij een tewerkstelling waarvan de uurregeling |
minstens haIftijds is, op maximaal 453 000 frank bij een | minstens haIftijds is, op maximaal 453 000 frank bij een |
tewerkstelling die minstens vier vijfden bedraagt van de voltijdse | tewerkstelling die minstens vier vijfden bedraagt van de voltijdse |
uurregeling en op 566 000 frank bij een voltijdse tewerkstelling op | uurregeling en op 566 000 frank bij een voltijdse tewerkstelling op |
basis van één arbeidsovereenkomst. » | basis van één arbeidsovereenkomst. » |
Art. 4.In artikel 7bis van hetzelfde besluit wordt § 3 vervangen door |
Art. 4.In artikel 7bis van hetzelfde besluit wordt § 3 vervangen door |
wat volgt : | wat volgt : |
« § 3. De minister kent per toegekende gesubsidieerde contractueel een | « § 3. De minister kent per toegekende gesubsidieerde contractueel een |
omkaderingspremie toe aan de plaatselijke besturen ten belope van | omkaderingspremie toe aan de plaatselijke besturen ten belope van |
maximaal 15 % van 283 000 frank op jaarbasis indien de uurregeling | maximaal 15 % van 283 000 frank op jaarbasis indien de uurregeling |
minstens halftijds is, ten belope van maximaal 15 % van 453 000 frank | minstens halftijds is, ten belope van maximaal 15 % van 453 000 frank |
op jaarbasis indien de tewerkstelling minstens vier vijfden bedraagt | op jaarbasis indien de tewerkstelling minstens vier vijfden bedraagt |
van de voltijdse uurregeling en ten belope van maximaal 15 % van 566 | van de voltijdse uurregeling en ten belope van maximaal 15 % van 566 |
000 frank op jaarbasis bij eens voltijdse tewerkstelling op basis van | 000 frank op jaarbasis bij eens voltijdse tewerkstelling op basis van |
één arbeidsovereenkomst. Zij kan slechts worden verworven in zoverre | één arbeidsovereenkomst. Zij kan slechts worden verworven in zoverre |
het begeleidingsplan werd uitgevoerd. | het begeleidingsplan werd uitgevoerd. |
Enkel de omkaderingsuitgaven in functie van de opleiding en de | Enkel de omkaderingsuitgaven in functie van de opleiding en de |
begeleiding van de gesubsidieerde contractuelen waarvoor een bewijs | begeleiding van de gesubsidieerde contractuelen waarvoor een bewijs |
wordt geleverd en die in hoofde van de werkgever een meerkost | wordt geleverd en die in hoofde van de werkgever een meerkost |
vertegenwoordigen worden aanvaard. | vertegenwoordigen worden aanvaard. |
De werkgever maakt op straffe van terugvordering de bewijzen van de | De werkgever maakt op straffe van terugvordering de bewijzen van de |
omkaderingsuitgaven van ieder kalenderjaar over aan de administratie | omkaderingsuitgaven van ieder kalenderjaar over aan de administratie |
vóór 31 januari van het daaropvolgend kalenderjaar indien het om een | vóór 31 januari van het daaropvolgend kalenderjaar indien het om een |
overeenkomst van onbepaalde duur gaat, en voor de laatste dag van de | overeenkomst van onbepaalde duur gaat, en voor de laatste dag van de |
maand, volgend op de beëindiging van het project, indien het een | maand, volgend op de beëindiging van het project, indien het een |
overeenkomst van bepaalde duur betreft. » | overeenkomst van bepaalde duur betreft. » |
Art. 5.In artikel 7bis van hetzelfde besluit wordt § 4 vervangen door |
Art. 5.In artikel 7bis van hetzelfde besluit wordt § 4 vervangen door |
wat volgt : | wat volgt : |
« § 4. De minister kan een premiebedrag toestaan lager dan 283 000 | « § 4. De minister kan een premiebedrag toestaan lager dan 283 000 |
frank, 453 000 frank of 566 000 frank wanneer de werkgever door middel | frank, 453 000 frank of 566 000 frank wanneer de werkgever door middel |
van de tewerkstelling van gesubsidieerde contractuelen inkomsten kan | van de tewerkstelling van gesubsidieerde contractuelen inkomsten kan |
verwerven. » | verwerven. » |
Art. 6.§ 1. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 1999, met |
Art. 6.§ 1. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 1999, met |
uitzondering van artikel 7bis, § 3 van het besluit van de Vlaamse | uitzondering van artikel 7bis, § 3 van het besluit van de Vlaamse |
regering van 27 oktober houdende uitvoering van het koninklijk besluit | regering van 27 oktober houdende uitvoering van het koninklijk besluit |
nr. 474 van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de | nr. 474 van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de |
Staat gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen | Staat gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen |
dat in werking treedt op 1 januari 2000. | dat in werking treedt op 1 januari 2000. |
§ 2. Artikel 7bis, § 1, tweede lid van het besluit van de Vlaamse | § 2. Artikel 7bis, § 1, tweede lid van het besluit van de Vlaamse |
regering van 27 oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk | regering van 27 oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk |
besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van | besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van |
door de Staat gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke | door de Staat gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke |
besturen blijft echter onverminderd van toepassing op een | besturen blijft echter onverminderd van toepassing op een |
tewerkstelling in het kader van arbeidsovereenkomst die een aanvang | tewerkstelling in het kader van arbeidsovereenkomst die een aanvang |
nam voor l juli 1999 en op vervangingscontracten in geval van | nam voor l juli 1999 en op vervangingscontracten in geval van |
tijdelijke vervanging van een titularis die tewerkgesteld is in het | tijdelijke vervanging van een titularis die tewerkgesteld is in het |
kader van een arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een aanvang | kader van een arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een aanvang |
nam voor 1 juli 1999 en tot zolang deze arbeidsovereenkomsten niet | nam voor 1 juli 1999 en tot zolang deze arbeidsovereenkomsten niet |
worden beëindigd. | worden beëindigd. |
§ 3. Het bedrag voor een voltijdse tewerkstelling, zoals vermeld in | § 3. Het bedrag voor een voltijdse tewerkstelling, zoals vermeld in |
artikel 7bis, § 1 van het besluit van de Vlaamse regering van 27 | artikel 7bis, § 1 van het besluit van de Vlaamse regering van 27 |
oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 | oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 |
van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat | van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat |
gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen is niet | gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen is niet |
van toepassing op een tewerkstelling in het kader van een | van toepassing op een tewerkstelling in het kader van een |
arbeidsovereenkomst die een aanvang nam voor 1 juli 1999 en op | arbeidsovereenkomst die een aanvang nam voor 1 juli 1999 en op |
vervangingscontracten in geval van tijdelijke vervanging van een | vervangingscontracten in geval van tijdelijke vervanging van een |
titularis die tewerkgesteld is in het kader van een | titularis die tewerkgesteld is in het kader van een |
arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een aanvang nam voor 1 juli | arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een aanvang nam voor 1 juli |
1999 en tot zolang deze arbeidsovereenkomsten niet worden beëindigd. | 1999 en tot zolang deze arbeidsovereenkomsten niet worden beëindigd. |
§ 4. Artikel 7bis, § 3 van het besluit van de Vlaamse regering van 27 | § 4. Artikel 7bis, § 3 van het besluit van de Vlaamse regering van 27 |
oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 | oktober 1993 houdende uitvoering van het koninklijk besluit nr. 474 |
van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat | van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat |
gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen blijft | gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen blijft |
echter in ongewijzigde vorm van toepassing op een tewerkstelling in | echter in ongewijzigde vorm van toepassing op een tewerkstelling in |
het kader van een arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een | het kader van een arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een |
aanvang nam voor 1 juli 1999 en op vervangingscontracten in geval van | aanvang nam voor 1 juli 1999 en op vervangingscontracten in geval van |
tijdelijke vervanging van een titularis die tewerkgesteld is in het | tijdelijke vervanging van een titularis die tewerkgesteld is in het |
kader van een arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een aanvang | kader van een arbeidsovereenkomst waarvan de uitvoering een aanvang |
nam voor 1 juli 1999 en tot zolang deze arbeidsovereenkomsten niet | nam voor 1 juli 1999 en tot zolang deze arbeidsovereenkomsten niet |
worden beëindigd. | worden beëindigd. |
Art. 7.De Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling is belast |
Art. 7.De Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling is belast |
met de uitvoering van het besluit. | met de uitvoering van het besluit. |
Brussel, 8 juni 1999. | Brussel, 8 juni 1999. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
L. VAN DEN BRANDE | L. VAN DEN BRANDE |
De Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling, | De Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling, |
Th. KELCHTERMANS | Th. KELCHTERMANS |