Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 22/02/2024
← Terug naar "Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot organisatie van de goedkeuringsprocedure van de gemeentelijke aanvullende parkeerretributiereglementen"
Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot organisatie van de goedkeuringsprocedure van de gemeentelijke aanvullende parkeerretributiereglementen Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot organisatie van de goedkeuringsprocedure van de gemeentelijke aanvullende parkeerretributiereglementen
22 FEBRUARI 2024. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering 22 FEBRUARI 2024. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering
tot organisatie van de goedkeuringsprocedure van de gemeentelijke tot organisatie van de goedkeuringsprocedure van de gemeentelijke
aanvullende parkeerretributiereglementen aanvullende parkeerretributiereglementen
De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
Gelet op artikel 20 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot Gelet op artikel 20 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot
hervorming der instellingen en artikel 8 van de bijzondere wet van 12 hervorming der instellingen en artikel 8 van de bijzondere wet van 12
januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen, januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen,
Gelet op de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het Gelet op de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het
administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest, Hoofdstedelijk Gewest,
Gelet op de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende organisatie van het Gelet op de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende organisatie van het
parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten en beheerswijze van parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten en beheerswijze van
het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, artikel het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, artikel
39, 2° en 41, 39, 2° en 41,
Overwegende het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van Overwegende het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van
18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de 18 juli 2013 betreffende de gereglementeerde parkeerzones en de
vrijstellingskaarten, zoals gewijzigd bij besluit van de Brusselse vrijstellingskaarten, zoals gewijzigd bij besluit van de Brusselse
Hoofdstedelijke Regering van 20 oktober 2022, Hoofdstedelijke Regering van 20 oktober 2022,
Gelet op de gelijkekansentest, uitgevoerd op 06 Februari 2023 Gelet op de gelijkekansentest, uitgevoerd op 06 Februari 2023
overeenkomstig het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering overeenkomstig het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering
van 22 november 2018 tot uitvoering van de ordonnantie van 4 oktober van 22 november 2018 tot uitvoering van de ordonnantie van 4 oktober
2018 tot invoering van de gelijkekansentest, 2018 tot invoering van de gelijkekansentest,
Gelet op het advies nr. 75.133/4 van de Raad van State, gegeven op Gelet op het advies nr. 75.133/4 van de Raad van State, gegeven op
15/01/2024, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2° van de 15/01/2024, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2° van de
gecoördineerde wetten op de Raad van State van 12 januari 1973, gecoördineerde wetten op de Raad van State van 12 januari 1973,
Op voorstel van de Minister van Mobiliteit, Op voorstel van de Minister van Mobiliteit,
Na beraadslaging, Na beraadslaging,
Besluit : Besluit :

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder:

1° Regering: de Brusselse Hoofdstedelijke Regering; 1° Regering: de Brusselse Hoofdstedelijke Regering;
2° Parkeeragentschap: het Brussels gewestelijk parkeeragentschap als 2° Parkeeragentschap: het Brussels gewestelijk parkeeragentschap als
bedoeld in hoofdstuk 7 van de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende bedoeld in hoofdstuk 7 van de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende
organisatie van het parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten organisatie van het parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten
en beheerswijze van het Parkeeragentschap van het Brussels en beheerswijze van het Parkeeragentschap van het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest; Hoofdstedelijk Gewest;
3° Aanvullend retributiereglement: het gemeentelijk aanvullend 3° Aanvullend retributiereglement: het gemeentelijk aanvullend
reglement betreffende kortparkeren, betalend parkeren en parkeren op reglement betreffende kortparkeren, betalend parkeren en parkeren op
voorbehouden plaatsen; voorbehouden plaatsen;
4° Ordonnantie: de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende organisatie 4° Ordonnantie: de ordonnantie van 6 juli 2022 houdende organisatie
van het parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten en van het parkeerbeleid en herdefiniëring van de opdrachten en
beheerswijze van het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk beheerswijze van het Parkeeragentschap van het Brussels Hoofdstedelijk
Gewest. Gewest.

Art. 2.Onderhavig besluit heeft tot doel de procedure vast te leggen

Art. 2.Onderhavig besluit heeft tot doel de procedure vast te leggen

voor de goedkeuring van de aanvullende retributiereglementen. voor de goedkeuring van de aanvullende retributiereglementen.
De in lid 1 bedoelde ontwerpen voor aanvullende retributiereglementen De in lid 1 bedoelde ontwerpen voor aanvullende retributiereglementen
worden voor advies voorgelegd aan het Parkeeragentschap. worden voor advies voorgelegd aan het Parkeeragentschap.

Art. 3.§ 1. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het

Art. 3.§ 1. Het college van burgemeester en schepenen bezorgt het

Parkeeragentschap het ontwerp van aanvullend retributiereglement. Parkeeragentschap het ontwerp van aanvullend retributiereglement.
§ 2. Het Parkeeragentschap onderzoekt de conformiteit van het ontwerp § 2. Het Parkeeragentschap onderzoekt de conformiteit van het ontwerp
van aanvullend retributiereglement en brengt zijn advies uit binnen 30 van aanvullend retributiereglement en brengt zijn advies uit binnen 30
dagen na ontvangst van het ontwerp. Na het verstrijken van deze dagen na ontvangst van het ontwerp. Na het verstrijken van deze
termijn kan worden voorbijgegaan aan het feit dat het agentschap geen termijn kan worden voorbijgegaan aan het feit dat het agentschap geen
advies heeft verstrekt. advies heeft verstrekt.
Dit advies heeft minstens betrekking op: Dit advies heeft minstens betrekking op:
1° de overeenstemming van de bedragen van de parkeerretributies in de 1° de overeenstemming van de bedragen van de parkeerretributies in de
gereglementeerde zones, vastgelegd op uurbasis, met de bedragen die de gereglementeerde zones, vastgelegd op uurbasis, met de bedragen die de
regering heeft vastgelegd krachtens van artikel 14, § 1 van de regering heeft vastgelegd krachtens van artikel 14, § 1 van de
ordonnantie. ordonnantie.
2° de overeenstemming van de bedragen van de forfaitaire 2° de overeenstemming van de bedragen van de forfaitaire
parkeerretributies in de gereglementeerde zones met de bedragen die de parkeerretributies in de gereglementeerde zones met de bedragen die de
regering heeft vastgelegd krachtens artikel 14, § 2 van de regering heeft vastgelegd krachtens artikel 14, § 2 van de
ordonnantie. ordonnantie.
3° de overeenstemming van de soorten vrijstellingskaarten met die 3° de overeenstemming van de soorten vrijstellingskaarten met die
welke de regering heeft gedefinieerd krachtens artikel 18 van de welke de regering heeft gedefinieerd krachtens artikel 18 van de
ordonnantie. ordonnantie.
4° de overeenstemming van de prijzen van de vrijstellingskaarten met 4° de overeenstemming van de prijzen van de vrijstellingskaarten met
die welke de regering heeft vastgelegd krachtens artikel 18 van de die welke de regering heeft vastgelegd krachtens artikel 18 van de
ordonnantie. ordonnantie.

Art. 4.Het college van burgemeester en schepenen neemt akte van het

Art. 4.Het college van burgemeester en schepenen neemt akte van het

advies of het ontbreken van advies van het Parkeeragentschap binnen de advies of het ontbreken van advies van het Parkeeragentschap binnen de
gestelde termijn en gaat desgevallend over tot het in overeenstemming gestelde termijn en gaat desgevallend over tot het in overeenstemming
brengen van de punten vermeld in het in artikel 2 bedoelde advies. brengen van de punten vermeld in het in artikel 2 bedoelde advies.

Art. 5.§ 1. Het advies van het Parkeeragentschap wordt toegevoegd aan

Art. 5.§ 1. Het advies van het Parkeeragentschap wordt toegevoegd aan

de beraadslaging van de gemeenteraad dat het aanvullend de beraadslaging van de gemeenteraad dat het aanvullend
retributiereglement goedkeurt. retributiereglement goedkeurt.
§ 2. De "gunstige" of "ongunstige" aard van het advies van het § 2. De "gunstige" of "ongunstige" aard van het advies van het
Parkeeragentschap en in voorkomend geval de aangebrachte wijzigingen Parkeeragentschap en in voorkomend geval de aangebrachte wijzigingen
die vereist werden door het advies worden in extenso opgenomen in de die vereist werden door het advies worden in extenso opgenomen in de
beraadslaging. beraadslaging.
De vormvereisten bedoeld in de §§ 1 en 2 zijn substantiële De vormvereisten bedoeld in de §§ 1 en 2 zijn substantiële
vormvereisten waarvan de niet- naleving leidt tot de sancties voorzien vormvereisten waarvan de niet- naleving leidt tot de sancties voorzien
in artikels 9 en 10 van de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende in artikels 9 en 10 van de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende
regeling van het administratief toezicht op de gemeenten van het regeling van het administratief toezicht op de gemeenten van het
Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Art. 6.De Minister bevoegd voor Mobiliteit is belast met de

Art. 6.De Minister bevoegd voor Mobiliteit is belast met de

uitvoering van dit besluit. uitvoering van dit besluit.
Brussel, 22 februari 2024. Brussel, 22 februari 2024.
Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
R. VERVOORT R. VERVOORT
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met
Mobiliteit, Openbare Werken en Verkeersveiligheid, Mobiliteit, Openbare Werken en Verkeersveiligheid,
E. VAN DEN BRANDT E. VAN DEN BRANDT
Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Werk en Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Werk en
Beroepsopleiding, Digitalisering, de Plaatselijke Besturen en Beroepsopleiding, Digitalisering, de Plaatselijke Besturen en
Dierenwelzijn, Dierenwelzijn,
B. CLERFAYT B. CLERFAYT
^