Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van emissieplafonds voor bepaalde luchtverontreinigende stoffen | Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van emissieplafonds voor bepaalde luchtverontreinigende stoffen |
---|---|
MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST | MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST |
3 JUNI 2003. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot | 3 JUNI 2003. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot |
vaststelling van emissieplafonds voor bepaalde luchtverontreinigende | vaststelling van emissieplafonds voor bepaalde luchtverontreinigende |
stoffen | stoffen |
De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
Gelet op de ordonnantie van 25 maart 1999 betreffende de beoordeling | Gelet op de ordonnantie van 25 maart 1999 betreffende de beoordeling |
en de verbetering van de luchtkwaliteit, inzonderheid op de artikelen | en de verbetering van de luchtkwaliteit, inzonderheid op de artikelen |
4 en 13; | 4 en 13; |
Gelet op het advies van de Raad voor het Leefmilieu van 26 maart 2003; | Gelet op het advies van de Raad voor het Leefmilieu van 26 maart 2003; |
Gelet op het verzoek om spoedbehandeling, gemotiveerd door de | Gelet op het verzoek om spoedbehandeling, gemotiveerd door de |
omstandigheid dat de Europese Commissie België in gebreke heeft | omstandigheid dat de Europese Commissie België in gebreke heeft |
gesteld omdat ze van oordeel is dat het plan voor structurele | gesteld omdat ze van oordeel is dat het plan voor structurele |
verbetering van de luchtkwaliteit en strijd tegen klimaatopwarming | verbetering van de luchtkwaliteit en strijd tegen klimaatopwarming |
2002-2010 van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de richtlijn niet | 2002-2010 van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de richtlijn niet |
correct en volledig omzet en het Gewest dus te laat is met de | correct en volledig omzet en het Gewest dus te laat is met de |
omzetting; | omzetting; |
Overwegende dat richtlijn 2001/81/EG van het Europees Parlement en de | Overwegende dat richtlijn 2001/81/EG van het Europees Parlement en de |
Raad van 23 oktober 2001 inzake nationale emissieplafonds voor | Raad van 23 oktober 2001 inzake nationale emissieplafonds voor |
bepaalde luchtverontreinigende stoffen, die uiterlijk op 27 november | bepaalde luchtverontreinigende stoffen, die uiterlijk op 27 november |
2002 diende te worden omgezet, onmiddellijk moet worden omgezet; | 2002 diende te worden omgezet, onmiddellijk moet worden omgezet; |
Gelet op advies 35.496/3 van de Raad van State, gegeven op 20 mai | Gelet op advies 35.496/3 van de Raad van State, gegeven op 20 mai |
2003, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 2°, van de | 2003, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 2°, van de |
gecoördineerde wetten op de Raad van State; | gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Op voorstel van de Minister van Leefmilieu, | Op voorstel van de Minister van Leefmilieu, |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.Met dit besluit wordt richtlijn 2001/81/EG van het Europees |
Artikel 1.Met dit besluit wordt richtlijn 2001/81/EG van het Europees |
Parlement en de Raad van 23 oktober 2001 inzake nationale | Parlement en de Raad van 23 oktober 2001 inzake nationale |
emissieplafonds voor bepaalde luchtverontreinigende stoffen omgezet. | emissieplafonds voor bepaalde luchtverontreinigende stoffen omgezet. |
Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit moet worden verstaan onder |
Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit moet worden verstaan onder |
: | : |
1° "AOT 40" : de som van het verschil tussen de uurgemiddelde | 1° "AOT 40" : de som van het verschil tussen de uurgemiddelde |
ozonconcentraties op leefniveau boven 80 g/m3 (= 40 ppb) en 80 g/m3 | ozonconcentraties op leefniveau boven 80 g/m3 (= 40 ppb) en 80 g/m3 |
tijdens uren met daglicht, opgeteld gedurende de maanden mei, juni en | tijdens uren met daglicht, opgeteld gedurende de maanden mei, juni en |
juli van elk jaar; | juli van elk jaar; |
2° "AOT 60" : de som van het verschil tussen de uurgemiddelde | 2° "AOT 60" : de som van het verschil tussen de uurgemiddelde |
ozonconcentraties op leefniveau boven 120 g/m3 (= 60 ppb) en 120 g/m3, | ozonconcentraties op leefniveau boven 120 g/m3 (= 60 ppb) en 120 g/m3, |
opgeteld gedurende het gehele jaar; | opgeteld gedurende het gehele jaar; |
3° "kritische belasting" : de kwantitatieve schatting van een | 3° "kritische belasting" : de kwantitatieve schatting van een |
blootstelling aan een of meer verontreinigende stoffen waaronder | blootstelling aan een of meer verontreinigende stoffen waaronder |
volgens de huidige kennis geen significante schadelijke gevolgen op | volgens de huidige kennis geen significante schadelijke gevolgen op |
nader gespecificeerde kwetsbare milieucomponenten optreden; | nader gespecificeerde kwetsbare milieucomponenten optreden; |
4° "kritisch niveau" : de concentratie van verontreinigende stoffen in | 4° "kritisch niveau" : de concentratie van verontreinigende stoffen in |
de atmosfeer waarboven er volgens de huidige kennis voor receptoren | de atmosfeer waarboven er volgens de huidige kennis voor receptoren |
als mensen, planten, ecosystemen of materialen rechtstreekse | als mensen, planten, ecosystemen of materialen rechtstreekse |
schadelijke gevolgen kunnen zijn; | schadelijke gevolgen kunnen zijn; |
5° "emissie" : het vrijkomen van stoffen uit een puntbron of een | 5° "emissie" : het vrijkomen van stoffen uit een puntbron of een |
diffuse bron in de atmosfeer; | diffuse bron in de atmosfeer; |
6° "landings- en startcyclus" : een cyclus waarvan de onderscheiden | 6° "landings- en startcyclus" : een cyclus waarvan de onderscheiden |
fasen de volgende duur hebben : aanvliegen 4,0 minuten; | fasen de volgende duur hebben : aanvliegen 4,0 minuten; |
taxiën/stationair draaien 26,0 minuten; starten 0,7 minuten; opstijgen | taxiën/stationair draaien 26,0 minuten; starten 0,7 minuten; opstijgen |
2,2 minuten; | 2,2 minuten; |
7° "emissieplafond" : de maximumhoeveelheid van een stof, uitgedrukt | 7° "emissieplafond" : de maximumhoeveelheid van een stof, uitgedrukt |
in kiloton, die in een kalenderjaar mag worden uitgestoten; | in kiloton, die in een kalenderjaar mag worden uitgestoten; |
8° "stikstofoxiden" (NOx) : stikstofmonoxide en stikstofdioxide, | 8° "stikstofoxiden" (NOx) : stikstofmonoxide en stikstofdioxide, |
uitgedrukt als stikstofdioxide; | uitgedrukt als stikstofdioxide; |
9° "ozon op leefniveau" : ozon in het laagste gedeelte van de | 9° "ozon op leefniveau" : ozon in het laagste gedeelte van de |
troposfeer; | troposfeer; |
10° « vluchtige organische stoffen" (VOS) : alle organische stoffen | 10° « vluchtige organische stoffen" (VOS) : alle organische stoffen |
van antropogene aard, met uitzondering van methaan, die onder de | van antropogene aard, met uitzondering van methaan, die onder de |
invloed van zonlicht door reactie met stikstofoxiden fotochemische | invloed van zonlicht door reactie met stikstofoxiden fotochemische |
oxidantia kunnen produceren. | oxidantia kunnen produceren. |
Art. 3.§ 1. Dit besluit heeft tot doel de emissies van verzurende en |
Art. 3.§ 1. Dit besluit heeft tot doel de emissies van verzurende en |
eutrofiërende verontreinigende stoffen en van precursoren van ozon te | eutrofiërende verontreinigende stoffen en van precursoren van ozon te |
beperken om aldus in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de bescherming | beperken om aldus in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de bescherming |
van het milieu en de menselijke gezondheid tegen de risico's van | van het milieu en de menselijke gezondheid tegen de risico's van |
schadelijke gevolgen van verzuring, bodemeutrofiëring en ozon op | schadelijke gevolgen van verzuring, bodemeutrofiëring en ozon op |
leefniveau te verbeteren, en nader tot het einddoel te komen, namelijk | leefniveau te verbeteren, en nader tot het einddoel te komen, namelijk |
dat de kritische niveaus en de kritische belasting niet worden | dat de kritische niveaus en de kritische belasting niet worden |
overschreden en dat eenieder effectief wordt beschermd tegen de | overschreden en dat eenieder effectief wordt beschermd tegen de |
bekende gezondheidsrisico's van luchtverontreiniging door het | bekende gezondheidsrisico's van luchtverontreiniging door het |
opstellen van emissieplafonds, waarbij het jaar 2010 als richtdatum | opstellen van emissieplafonds, waarbij het jaar 2010 als richtdatum |
wordt genomen. | wordt genomen. |
§ 2. De emissieplafonds hebben tot doel dat de Europese Gemeenschap | § 2. De emissieplafonds hebben tot doel dat de Europese Gemeenschap |
als geheel in 2010 in grote lijnen de volgende tussentijdse | als geheel in 2010 in grote lijnen de volgende tussentijdse |
milieudoelstellingen haalt : | milieudoelstellingen haalt : |
1. Verzuring | 1. Verzuring |
Vergeleken met de situatie in 1990 moet het areaal waar de kritische | Vergeleken met de situatie in 1990 moet het areaal waar de kritische |
belasting inzake verzuring wordt overschreden met ten minste 50 % zijn | belasting inzake verzuring wordt overschreden met ten minste 50 % zijn |
teruggebracht. | teruggebracht. |
2. Gezondheidsgerelateerde blootstelling aan ozon op leefniveau | 2. Gezondheidsgerelateerde blootstelling aan ozon op leefniveau |
Ten opzichte van de situatie in 1990 moet daar waar de door ozon op | Ten opzichte van de situatie in 1990 moet daar waar de door ozon op |
leefniveau veroorzaakte belasting hoger is dan het | leefniveau veroorzaakte belasting hoger is dan het |
gezondheids-gerelateerde criterium (AOT 60 = 0), deze met twee derde | gezondheids-gerelateerde criterium (AOT 60 = 0), deze met twee derde |
worden teruggebracht. Bovendien mag de door ozon op leefniveau | worden teruggebracht. Bovendien mag de door ozon op leefniveau |
veroorzaakte belasting de absolute grens van 2,9 ppm.h niet | veroorzaakte belasting de absolute grens van 2,9 ppm.h niet |
overschrijden. | overschrijden. |
3. Vegetatiegerelateerde blootstelling aan ozon op leefniveau | 3. Vegetatiegerelateerde blootstelling aan ozon op leefniveau |
Ten opzichte van de situatie in 1990 moet daar waar de door ozon op | Ten opzichte van de situatie in 1990 moet daar waar de door ozon op |
leefniveau veroorzaakte belasting hoger is dan het kritische niveau | leefniveau veroorzaakte belasting hoger is dan het kritische niveau |
voor landbouwgewassen en halfnatuurlijke vegetatie (AOT 40 = 3 ppm.h), | voor landbouwgewassen en halfnatuurlijke vegetatie (AOT 40 = 3 ppm.h), |
deze met een derde worden teruggebracht. Bovendien mag de door ozon op | deze met een derde worden teruggebracht. Bovendien mag de door ozon op |
leefniveau veroorzaakte belasting de absolute grens van 10 ppm.h, | leefniveau veroorzaakte belasting de absolute grens van 10 ppm.h, |
uitgedrukt als een overschot boven het kritische niveau van 3 ppm.h, | uitgedrukt als een overschot boven het kritische niveau van 3 ppm.h, |
niet overschrijden. | niet overschrijden. |
Art. 4.Dit besluit is van toepassing op de jaarlijkse door menselijke |
Art. 4.Dit besluit is van toepassing op de jaarlijkse door menselijke |
activiteiten veroorzaakte emissies van zwaveldioxide (SO2), | activiteiten veroorzaakte emissies van zwaveldioxide (SO2), |
stikstofoxiden (NOx), vluchtige organische stoffen (VOS) en ammoniak | stikstofoxiden (NOx), vluchtige organische stoffen (VOS) en ammoniak |
(NH3) afkomstig van stationaire bronnen en vervoermiddelen, met | (NH3) afkomstig van stationaire bronnen en vervoermiddelen, met |
uitzondering van emissies van de internationale zeevaart en emissies | uitzondering van emissies van de internationale zeevaart en emissies |
van vliegtuigen buiten de landings- en startcyclus. | van vliegtuigen buiten de landings- en startcyclus. |
Art. 5.Op 31 december 2010, alsook tijdens de volgende jaren, mogen |
Art. 5.Op 31 december 2010, alsook tijdens de volgende jaren, mogen |
de in artikel 4 bedoelde emissies de volgende plafonds niet | de in artikel 4 bedoelde emissies de volgende plafonds niet |
overschrijden wat de stationaire bronnen betreft (in kiloton/jaar) : | overschrijden wat de stationaire bronnen betreft (in kiloton/jaar) : |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Art. 6.Het Brussels Instituut voor Milieubeheer stelt jaarlijks de |
Art. 6.Het Brussels Instituut voor Milieubeheer stelt jaarlijks de |
inventaris van de gewestelijke emissies en de prognoses voor 2010 op | inventaris van de gewestelijke emissies en de prognoses voor 2010 op |
voor de in artikel 4 bedoelde verontreinigende stoffen met de methoden | voor de in artikel 4 bedoelde verontreinigende stoffen met de methoden |
die in het kader van het Verdrag betreffende grensoverschrijdende | die in het kader van het Verdrag betreffende grensoverschrijdende |
luchtverontreiniging over lange afstand zijn overeengekomen. Het maakt | luchtverontreiniging over lange afstand zijn overeengekomen. Het maakt |
daarbij bij voorkeur gebruik van de gemeenschappelijke handleiding van | daarbij bij voorkeur gebruik van de gemeenschappelijke handleiding van |
EMEP/CORINAIR met de titel « Joint EMEP/CORINAIR Atmospheric Emission | EMEP/CORINAIR met de titel « Joint EMEP/CORINAIR Atmospheric Emission |
Inventory Guidebook » van het Europees Milieuagentschap. | Inventory Guidebook » van het Europees Milieuagentschap. |
Art. 7.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het |
Art. 7.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het |
Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. | Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. |
Art. 8.De Minister van Leefmilieu is belast met de uitvoering van dit |
Art. 8.De Minister van Leefmilieu is belast met de uitvoering van dit |
besluit. | besluit. |
Brussel, 3 juni 2003. | Brussel, 3 juni 2003. |
Namens de Brusselse Hoofdstedelijke Regering : | Namens de Brusselse Hoofdstedelijke Regering : |
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en | belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en |
Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek, | Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek, |
F.-X. de DONNEA | F.-X. de DONNEA |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Leefmilieu en Waterbeleid, Natuurbehoud, Openbare Netheid en | Leefmilieu en Waterbeleid, Natuurbehoud, Openbare Netheid en |
Buitenlandse Handel, | Buitenlandse Handel, |
D. GOSUIN | D. GOSUIN |