Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Besluit Van De Regering Van De Franse Gemeenschap van 23/11/1998
← Terug naar "Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap betreffende het schoolbezoek "
Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap betreffende het schoolbezoek Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap betreffende het schoolbezoek
MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP
23 NOVEMBER 1998. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap 23 NOVEMBER 1998. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap
betreffende het schoolbezoek betreffende het schoolbezoek
De Regering van de Franse Gemeenschap, De Regering van de Franse Gemeenschap,
Gelet op het decreet van 3 juli 1991 houdende regeling van het Gelet op het decreet van 3 juli 1991 houdende regeling van het
secundair onderwijs met beperkt leerplan, inzonderheid op artikel 6, § secundair onderwijs met beperkt leerplan, inzonderheid op artikel 6, §
2, lid 2, vervangen door het decreet van 18 maart 1996; 2, lid 2, vervangen door het decreet van 18 maart 1996;
Gelet op het decreet van 29 juli 1992 houdende regeling van het Gelet op het decreet van 29 juli 1992 houdende regeling van het
secundair onderwijs met volledig leerplan, inzonderheid op artikel 22, secundair onderwijs met volledig leerplan, inzonderheid op artikel 22,
§ 3; § 3;
Gelet op het decreet van 30 juni 1998 dat erop gericht is alle Gelet op het decreet van 30 juni 1998 dat erop gericht is alle
leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven,
inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve
discriminatie, inzonderbeid op artikel 32, lid 4; discriminatie, inzonderbeid op artikel 32, lid 4;
Gelet op het koninklijk besluit van 11 december 1987 houdende Gelet op het koninklijk besluit van 11 december 1987 houdende
vaststelling van het organiek reglement voor de vaststelling van het organiek reglement voor de
Rijksonderwijsinrichtingen met volledig leerplan waarvan de Rijksonderwijsinrichtingen met volledig leerplan waarvan de
onderwijstaal het Frans of het Duits is, met uitzondering van de onderwijstaal het Frans of het Duits is, met uitzondering van de
inrichtingen voor hoger onderwijs, gewijzigd bij het besluit van de inrichtingen voor hoger onderwijs, gewijzigd bij het besluit van de
Executieve van 27 april 1993 en bij het besluit van de Regering van 13 Executieve van 27 april 1993 en bij het besluit van de Regering van 13
juni 1997; juni 1997;
Gelet op het advies van de lnspecteur van Financiën, gegeven op 30 Gelet op het advies van de lnspecteur van Financiën, gegeven op 30
juni 1998; juni 1998;
Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 22 juli Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 22 juli
1998; 1998;
Gelet op de beraadelaging van de Regering van de Franse Gemeenschap Gelet op de beraadelaging van de Regering van de Franse Gemeenschap
van 31 augustus 1998 over de aanvraag om advies dat door de Raad van van 31 augustus 1998 over de aanvraag om advies dat door de Raad van
State binnen een maand moet uitgebracht worden; State binnen een maand moet uitgebracht worden;
Gelet op het advies van de Raad van State van 4 november 1998, in Gelet op het advies van de Raad van State van 4 november 1998, in
toepassing van artikel 84, lid 1, 1° van de wetten op de Raad van toepassing van artikel 84, lid 1, 1° van de wetten op de Raad van
State, gecoordineerd op 12 januari 1973; State, gecoordineerd op 12 januari 1973;
Op de voordracht van de Minister-Voorzitter, tot wier bevoegdheid het Op de voordracht van de Minister-Voorzitter, tot wier bevoegdheid het
Onderwijs behoort; Onderwijs behoort;
Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap
van 23 november 1998, van 23 november 1998,
Besluit : Besluit :

Artikel 1.De bepalingen van dit besluit zijn van toepassing op de

Artikel 1.De bepalingen van dit besluit zijn van toepassing op de

inrichtingen voor lager en secundair onderwijs, met inhegrip van het inrichtingen voor lager en secundair onderwijs, met inhegrip van het
aanvullend, gewoon en buitengewoon secundair beroepsonderwijs, met aanvullend, gewoon en buitengewoon secundair beroepsonderwijs, met
volledig leerplan en met beperkt leerplan, georganiseerd of volledig leerplan en met beperkt leerplan, georganiseerd of
gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap. gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap.

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

1° de ouders : de ouders van de minderjarige leerling of de persoon 1° de ouders : de ouders van de minderjarige leerling of de persoon
met ouderlijk gezag bekleed of de persoon die de minderjarige in met ouderlijk gezag bekleed of de persoon die de minderjarige in
rechte en in feite onder zijn hoede heeft; rechte en in feite onder zijn hoede heeft;
2° dagen : de dagen waarop de school open is. 2° dagen : de dagen waarop de school open is.

Art. 3.§ 1. Elke inrichting houdt voor elke klas een register van

Art. 3.§ 1. Elke inrichting houdt voor elke klas een register van

schoolbezoek door de leerlingen bij. schoolbezoek door de leerlingen bij.
§ 2. In het lager onderwijs worden de aanwezigheden en de afwezigheden § 2. In het lager onderwijs worden de aanwezigheden en de afwezigheden
binnen het eerste half uur van de lestijd van elke halve schooldag binnen het eerste half uur van de lestijd van elke halve schooldag
opgeschreven. opgeschreven.
In het secundair onderwijs worden de aanwezigheden en de afwezigheden In het secundair onderwijs worden de aanwezigheden en de afwezigheden
elk lesuur opgeschreven. elk lesuur opgeschreven.
In beide gevallen worden de afwezigheden per halve dag ingeschreven in In beide gevallen worden de afwezigheden per halve dag ingeschreven in
het bij artikel 3 bedoeld register. het bij artikel 3 bedoeld register.

Art. 4.§ 1. Worden als verantwoord beschouwd de gemotiveerde

Art. 4.§ 1. Worden als verantwoord beschouwd de gemotiveerde

afwezigheden te wijten aan : afwezigheden te wijten aan :
1° de onpasselijkheid of de ziekte van de leerling, verantwoord door 1° de onpasselijkheid of de ziekte van de leerling, verantwoord door
een medisch getuigschrift of een attest van een ziekenhuiscentrum, een medisch getuigschrift of een attest van een ziekenhuiscentrum,
2° de oproeping door een overheidsmacht of de verplichting voor de 2° de oproeping door een overheidsmacht of de verplichting voor de
leerling zich bij die overheidsmacht te begeven die hem een attest leerling zich bij die overheidsmacht te begeven die hem een attest
bezorgt, bezorgt,
3° het overlijden van een verwante of aanverwante van de eerste graad 3° het overlijden van een verwante of aanverwante van de eerste graad
van de leerling; de afwezigheid mag niet langer dan 4 dagen duren, van de leerling; de afwezigheid mag niet langer dan 4 dagen duren,
4° het overlijden van een verwante of aanverwante van de leerling van 4° het overlijden van een verwante of aanverwante van de leerling van
onverschillig welke graad die onder hetzelfde dak als de leerling onverschillig welke graad die onder hetzelfde dak als de leerling
woont; de afwezigheid mag niet langer dan 2 dagen duren, woont; de afwezigheid mag niet langer dan 2 dagen duren,
5° het overlijden van een verwante of aanverwante van de leerling van 5° het overlijden van een verwante of aanverwante van de leerling van
de tweede tot de vierde graad, die niet onder hetzelfde dak als de de tweede tot de vierde graad, die niet onder hetzelfde dak als de
leerling woont; de afwezigheid mag niet langer dan 1 dag duren, leerling woont; de afwezigheid mag niet langer dan 1 dag duren,
6° in het secundair onderwijs, de deelneming van de leerlingen die 6° in het secundair onderwijs, de deelneming van de leerlingen die
jonge sportbeoefenaars van hoog niveau of sportbeloften zijn, bedoeld jonge sportbeoefenaars van hoog niveau of sportbeloften zijn, bedoeld
bij artikel 1, lid 2, 2° van het koninklijk besluit van 29 juni 1984 bij artikel 1, lid 2, 2° van het koninklijk besluit van 29 juni 1984
betreffende de organisatie van het secundair onderwijs, aan betreffende de organisatie van het secundair onderwijs, aan
activiteiten ter voorbereiding van de sportbeoefening in de vorm van activiteiten ter voorbereiding van de sportbeoefening in de vorm van
stages of trainingen en aan competitie. Het totaal aantal verantwoorde stages of trainingen en aan competitie. Het totaal aantal verantwoorde
afwezigheden mag niet hoger zijn dan 30 halve dagen per schooljaar, afwezigheden mag niet hoger zijn dan 30 halve dagen per schooljaar,
behoudens afwijking toegestaan door de Minister. In dat geval moet de behoudens afwijking toegestaan door de Minister. In dat geval moet de
duur van de afwezigheid aan het inrichtingshoofd worden medegedeeld duur van de afwezigheid aan het inrichtingshoofd worden medegedeeld
uiterlijk een week voor de stage of de competitie aan de hand van het uiterlijk een week voor de stage of de competitie aan de hand van het
attest van de bevoegde sportfederatie samen met een toelating van de attest van de bevoegde sportfederatie samen met een toelating van de
ouders indien de leerling minderjarig is. ouders indien de leerling minderjarig is.
§ 2. Opdat de motieven als aanvaardbaar zouden beschouwd worden, § 2. Opdat de motieven als aanvaardbaar zouden beschouwd worden,
moeten de hierboven vermelde documenten aan het inrichtingshoofd of moeten de hierboven vermelde documenten aan het inrichtingshoofd of
aan zijn afgevaardigde worden bezorgd uiterlijk de dag die volgt op de aan zijn afgevaardigde worden bezorgd uiterlijk de dag die volgt op de
laatste dag afwezigheid wanneer deze niet langer dan 3 dagen duurt en laatste dag afwezigheid wanneer deze niet langer dan 3 dagen duurt en
uiterlijk de vierde dag van de afwezigheid in de andere gevallen. uiterlijk de vierde dag van de afwezigheid in de andere gevallen.
§ 3. De andere dan de in § 1 bepaalde motieven ter verantwoording van § 3. De andere dan de in § 1 bepaalde motieven ter verantwoording van
de afwezigheid worden aan het oordeel van het inrichtingshoofd de afwezigheid worden aan het oordeel van het inrichtingshoofd
overgelaten voor zover zij te maken hebben met gevallen van overmacht overgelaten voor zover zij te maken hebben met gevallen van overmacht
of buitengewone omstandigheden die verband houden met familiale of buitengewone omstandigheden die verband houden met familiale
problemen, geestes- of lichamelijke gezondheidsproblemen van de problemen, geestes- of lichamelijke gezondheidsproblemen van de
leerling of met vervoerproblemen. De beoordeling moet met redenen leerling of met vervoerproblemen. De beoordeling moet met redenen
omkleed zijn en in de inrichting bewaard blijven. omkleed zijn en in de inrichting bewaard blijven.
In naleving van het voorgaand lid bepalen het inrichtingshoofd voor In naleving van het voorgaand lid bepalen het inrichtingshoofd voor
het onderwijs in de Franse Gemeenschap en de inrichtende macht of haar het onderwijs in de Franse Gemeenschap en de inrichtende macht of haar
afgevaardigde voor het gesubsidieerd onderwijs het aantal halve dagen afgevaardigde voor het gesubsidieerd onderwijs het aantal halve dagen
afwezigheid die door de ouders of door de meerderjarige leerling mogen afwezigheid die door de ouders of door de meerderjarige leerling mogen
verantwoord worden; dit aantal mag niet lager zijn dan 8 noch hoger verantwoord worden; dit aantal mag niet lager zijn dan 8 noch hoger
dan 24 in de loop van een schooljaar. dan 24 in de loop van een schooljaar.
De beslissing wordt opgenomen in het huishoudelijk reglement. De beslissing wordt opgenomen in het huishoudelijk reglement.
§ 4. Elke andere afwezigheid wordt als onverantwoord beschouwd. § 4. Elke andere afwezigheid wordt als onverantwoord beschouwd.

Art. 5.In het secundair onderwijs worden als halve dag onverantwoorde

Art. 5.In het secundair onderwijs worden als halve dag onverantwoorde

afwezigheid beschouwd : afwezigheid beschouwd :
1° de niet verantwoorde afwezigheid tijdens een halve dag les, 1° de niet verantwoorde afwezigheid tijdens een halve dag les,
ongeacht het aantal lestijden dat deze halve dag omvat, ongeacht het aantal lestijden dat deze halve dag omvat,
2° de niet verantwoorde afwezigheid van de leerling gedurende drie al 2° de niet verantwoorde afwezigheid van de leerling gedurende drie al
dan niet opeenvolgende lestijden of meer, in de loop van eenzelfde dan niet opeenvolgende lestijden of meer, in de loop van eenzelfde
halve dag. halve dag.
Het inrichtingshoofd voor het onderwijs in de Franse Gemeenschap en de Het inrichtingshoofd voor het onderwijs in de Franse Gemeenschap en de
inrichtende macht of haar afgevaardigde voor het gesubsidieerd inrichtende macht of haar afgevaardigde voor het gesubsidieerd
onderwijs mogen het aantal in lid 1, 2° bepaalde lestijden tot twee of onderwijs mogen het aantal in lid 1, 2° bepaalde lestijden tot twee of
tot een herleiden. De aldus bepaalde duur moet in het huishoudelijk tot een herleiden. De aldus bepaalde duur moet in het huishoudelijk
reglement worden opgenomen. reglement worden opgenomen.
Elke niet verantwoorde afwezigheid van minder dan de aldus bepaalde Elke niet verantwoorde afwezigheid van minder dan de aldus bepaalde
duur wordt niet als een afwezigheid beschouwd maar als een duur wordt niet als een afwezigheid beschouwd maar als een
telaatkoming en als dusdanig bestraft in toepassing van het telaatkoming en als dusdanig bestraft in toepassing van het
huishoudelijk reglement. huishoudelijk reglement.

Art. 6.Een afwezigheid die niet binnen de bij artikel 4, § 2 bepaalde

Art. 6.Een afwezigheid die niet binnen de bij artikel 4, § 2 bepaalde

termijnen wordt verantwoord, wordt medegedeeld aan de ouders of aan de termijnen wordt verantwoord, wordt medegedeeld aan de ouders of aan de
meerderjarige leerling uiterlijk op het einde van de week tijdens meerderjarige leerling uiterlijk op het einde van de week tijdens
welke zij begonnen is. welke zij begonnen is.

Art. 7.Hoofdstuk IV, waarvan het opschrift luidt « Schoolbezoek »,

Art. 7.Hoofdstuk IV, waarvan het opschrift luidt « Schoolbezoek »,

van het koninklijk besluit van 11 december 1987 houdende vaststelling van het koninklijk besluit van 11 december 1987 houdende vaststelling
van het organiek reglement voor de Rijksonderwijsinrichtingen met van het organiek reglement voor de Rijksonderwijsinrichtingen met
volledig leerplan waarvan de onderwijstaal het Frans of het Duits is, volledig leerplan waarvan de onderwijstaal het Frans of het Duits is,
met uitzondering van de inrichtingen voor het hoger onderwijs, waarin met uitzondering van de inrichtingen voor het hoger onderwijs, waarin
artikel 8 opgenomen is, gewijzigd bij het besluit van de Regering van artikel 8 opgenomen is, gewijzigd bij het besluit van de Regering van
13 juni 1997, wordt opgeheven. 13 juni 1997, wordt opgeheven.

Art. 8.Dit besluit treedt in werking op 1 september 1998.

Art. 8.Dit besluit treedt in werking op 1 september 1998.

Art. 9.De Minister tot wiens bevoegdheid het Onderwijs behoort, is

Art. 9.De Minister tot wiens bevoegdheid het Onderwijs behoort, is

belast met de uitvoering van dit besluit. belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 23 november 1998. Brussel, 23 november 1998.
Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap, Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap,
De Minister-Voorzitter van de Regering van de Franse Gemeenschap, De Minister-Voorzitter van de Regering van de Franse Gemeenschap,
belast met het Onderwijs, belast met het Onderwijs,
Mevr. L. ONKELINX Mevr. L. ONKELINX
^