Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot vaststelling van de nadere regels voor de werking van de Adviescommissies voor het gespecialiseerd onderwijs | Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot vaststelling van de nadere regels voor de werking van de Adviescommissies voor het gespecialiseerd onderwijs |
---|---|
MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP |
2 JUNI 2004. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot | 2 JUNI 2004. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot |
vaststelling van de nadere regels voor de werking van de | vaststelling van de nadere regels voor de werking van de |
Adviescommissies voor het gespecialiseerd onderwijs | Adviescommissies voor het gespecialiseerd onderwijs |
De Regering van de Franse Gemeenschap, | De Regering van de Franse Gemeenschap, |
Gelet op het decreet van 3 maart 2004 houdende organisatie van het | Gelet op het decreet van 3 maart 2004 houdende organisatie van het |
gespecialiseerd onderwijs, inzonderheid op de artikelen 124, § 7, en | gespecialiseerd onderwijs, inzonderheid op de artikelen 124, § 7, en |
125, 6°; | 125, 6°; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 3 mei | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 3 mei |
2004; | 2004; |
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 12 mei | Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 12 mei |
2004; | 2004; |
Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap | Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap |
over de aanvraag aan de Raad van State om advies te verlenen binnen | over de aanvraag aan de Raad van State om advies te verlenen binnen |
een termijn van maximum vijf dagen; | een termijn van maximum vijf dagen; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid voortvloeiend uit het feit dat | Gelet op de dringende noodzakelijkheid voortvloeiend uit het feit dat |
het decreet dat als basis fungeert voor het besluit in werking treedt | het decreet dat als basis fungeert voor het besluit in werking treedt |
op 1 september 2004; | op 1 september 2004; |
Overwegende dat vanaf oktober de Adviescommissies de gevallen van | Overwegende dat vanaf oktober de Adviescommissies de gevallen van |
schorsing van schoolplicht moeten onderzoeken en dat de bepalingen van | schorsing van schoolplicht moeten onderzoeken en dat de bepalingen van |
dit besluit betrekking hebben op de uitvoeringsmaatregelen die | dit besluit betrekking hebben op de uitvoeringsmaatregelen die |
onmisbaar zijn voor de inrichting van het begin van het schooljaar | onmisbaar zijn voor de inrichting van het begin van het schooljaar |
2004-2005; | 2004-2005; |
Dat vanaf september de Adviescommissies tevens hun adviesopdracht | Dat vanaf september de Adviescommissies tevens hun adviesopdracht |
moeten waarnemen wat betreft de gevallen die betrekking hebben op het | moeten waarnemen wat betreft de gevallen die betrekking hebben op het |
gespecialiseerd onderwijs thuis; | gespecialiseerd onderwijs thuis; |
Gelet op het advies nr. 37.214/2 van de Raad van State, uitgebracht op | Gelet op het advies nr. 37.214/2 van de Raad van State, uitgebracht op |
18 mei 2004 met toepassing van artikel 84, § 1, 2°, van de | 18 mei 2004 met toepassing van artikel 84, § 1, 2°, van de |
gecoördineerde wetten op de Raad van State; | gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Op de voordracht van de Minister van Secundair Onderwijs en van | Op de voordracht van de Minister van Secundair Onderwijs en van |
Buitengewoon Onderwijs; | Buitengewoon Onderwijs; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.Er wordt een Adviescommissie voor het gespecialiseerd |
Artikel 1.Er wordt een Adviescommissie voor het gespecialiseerd |
onderwijs opgericht in elk ambtsgebied van de hoofdinspectie van het | onderwijs opgericht in elk ambtsgebied van de hoofdinspectie van het |
gewoon lager onderwijs, hierna "de Commissie". | gewoon lager onderwijs, hierna "de Commissie". |
Art. 2.De Commissies vergaderen op de hoofdplaats van elk ambtsgebied |
Art. 2.De Commissies vergaderen op de hoofdplaats van elk ambtsgebied |
van de hoofdinspectie of op een andere in overleg door de leden | van de hoofdinspectie of op een andere in overleg door de leden |
aangewezen plaats. | aangewezen plaats. |
De voorzitter is verantwoordelijk voor de bewaring van het archief. | De voorzitter is verantwoordelijk voor de bewaring van het archief. |
Art. 3.De voorzitter bepaalt de agenda van de vergaderingen en roept |
Art. 3.De voorzitter bepaalt de agenda van de vergaderingen en roept |
de Commissie bijeen ofwel uit eigen initiatief, ofwel op de aanvraag | de Commissie bijeen ofwel uit eigen initiatief, ofwel op de aanvraag |
van minstens een derde van de leden. | van minstens een derde van de leden. |
Wanneer het om een aanvraag om advies gaat bedoeld bij artikel 125 van | Wanneer het om een aanvraag om advies gaat bedoeld bij artikel 125 van |
het decreet van 3 maart 2004 houdende organisatie van het | het decreet van 3 maart 2004 houdende organisatie van het |
gespecialiseerd onderwijs, moet dit advies verleend worden binnen de | gespecialiseerd onderwijs, moet dit advies verleend worden binnen de |
veertig dagen. | veertig dagen. |
De oproepingen worden aan de leden gestuurd acht dagen voor de datum | De oproepingen worden aan de leden gestuurd acht dagen voor de datum |
van de vergadering. | van de vergadering. |
Art. 4.Ieder werkend lid dat een vergadering niet kan bijwonen, |
Art. 4.Ieder werkend lid dat een vergadering niet kan bijwonen, |
verwittigt er de voorzitter van en nodigt uit eigen initiatief zijn | verwittigt er de voorzitter van en nodigt uit eigen initiatief zijn |
plaatsvervanger alle nodige maatregelen te treffen om aan de | plaatsvervanger alle nodige maatregelen te treffen om aan de |
beraadslagingen deel te nemen. | beraadslagingen deel te nemen. |
Art. 5.Vanaf oktober, onderzoekt de Commissie de gevallen van |
Art. 5.Vanaf oktober, onderzoekt de Commissie de gevallen van |
schorsing van de leerplicht en, deelt, indien nodig, aan de bevoegde | schorsing van de leerplicht en, deelt, indien nodig, aan de bevoegde |
jeugdrechtbank binnen de acht dagen zijn met redenen omkleed advies | jeugdrechtbank binnen de acht dagen zijn met redenen omkleed advies |
mede. | mede. |
Art. 6.De voorzitters van de Adviescommissies voor het |
Art. 6.De voorzitters van de Adviescommissies voor het |
gespecialiseerd onderwijs zenden voor 1 juni hun activiteitsverslag | gespecialiseerd onderwijs zenden voor 1 juni hun activiteitsverslag |
aan de Minister tot wiens bevoegdheid het gespecialiseerd onderwijs | aan de Minister tot wiens bevoegdheid het gespecialiseerd onderwijs |
behoort. | behoort. |
Art. 7.Het secretariaat van de Adviescommissies wordt waargenomen |
Art. 7.Het secretariaat van de Adviescommissies wordt waargenomen |
door een secretaris of door een plaatsvervangend secretaris, allebei | door een secretaris of door een plaatsvervangend secretaris, allebei |
aangewezen door de Minister van het gespecialiseerd onderwijs onder de | aangewezen door de Minister van het gespecialiseerd onderwijs onder de |
leden van de kantoninspectie van het ambtsgebied. De secretaris en de | leden van de kantoninspectie van het ambtsgebied. De secretaris en de |
plaatsvervangend secretaris zijn niet stemgerechtigd. | plaatsvervangend secretaris zijn niet stemgerechtigd. |
Art. 8.De voorzitter, de leden van de Commissie en de secretaris |
Art. 8.De voorzitter, de leden van de Commissie en de secretaris |
hebben recht op de terugbetaling van de reis- en verblijfkosten op | hebben recht op de terugbetaling van de reis- en verblijfkosten op |
dezelfde voorwaarden als de ambtenaren van de Diensten van de Regering | dezelfde voorwaarden als de ambtenaren van de Diensten van de Regering |
van rang 12. | van rang 12. |
Art. 9.Het koninklijk besluit van 16 augustus 1971 tot instelling van |
Art. 9.Het koninklijk besluit van 16 augustus 1971 tot instelling van |
de Commissies van Advies van het buitengewoon onderwijs en tot | de Commissies van Advies van het buitengewoon onderwijs en tot |
vaststelling van hun samenstelling en werkingsvoorwaarden, wordt | vaststelling van hun samenstelling en werkingsvoorwaarden, wordt |
opgeheven. | opgeheven. |
Art. 10.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2004. |
Art. 10.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2004. |
Art. 11.De Minister tot wiens bevoegdheid het Secundair Onderwijs en |
Art. 11.De Minister tot wiens bevoegdheid het Secundair Onderwijs en |
het Buitengewoon Onderwijs behoren, is belast met de uitvoering van | het Buitengewoon Onderwijs behoren, is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Brussel, 2 juni 2004. | Brussel, 2 juni 2004. |
Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap : | Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap : |
De Minister van Secundair Onderwijs en van Buitengewoon Onderwijs, | De Minister van Secundair Onderwijs en van Buitengewoon Onderwijs, |
P. HAZETTE | P. HAZETTE |