Besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie houdende administratieve en bezoldigingsbepalingen betreffende de personeelsleden overgedragen van het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen aan de Franse Gemeenschapscommissie | Besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie houdende administratieve en bezoldigingsbepalingen betreffende de personeelsleden overgedragen van het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen aan de Franse Gemeenschapscommissie |
---|---|
FRANSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST | FRANSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST |
24 JUNI 2007. - Besluit van het College van de Franse | 24 JUNI 2007. - Besluit van het College van de Franse |
Gemeenschapscommissie houdende administratieve en | Gemeenschapscommissie houdende administratieve en |
bezoldigingsbepalingen betreffende de personeelsleden overgedragen van | bezoldigingsbepalingen betreffende de personeelsleden overgedragen van |
het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine | het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine |
en middelgrote ondernemingen aan de Franse Gemeenschapscommissie | en middelgrote ondernemingen aan de Franse Gemeenschapscommissie |
Het College van de Franse Gemeenschapscommissie, | Het College van de Franse Gemeenschapscommissie, |
Gelet op de wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse | Gelet op de wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse |
instellingen, inzonderheid op artikel 79 en artikel 79bis, ingevoegd | instellingen, inzonderheid op artikel 79 en artikel 79bis, ingevoegd |
bij de bijzondere wet van 16 juli 1993; | bij de bijzondere wet van 16 juli 1993; |
Gelet op het decreet II van de Raad van de Franse Gemeenschap van 19 | Gelet op het decreet II van de Raad van de Franse Gemeenschap van 19 |
juli 1993 tot toekenning van de uitoefening van sommige bevoegdheden | juli 1993 tot toekenning van de uitoefening van sommige bevoegdheden |
van de Franse Gemeenschap aan het Waalse Gewest en de Franse | van de Franse Gemeenschap aan het Waalse Gewest en de Franse |
Gemeenschapscommissie, inzonderheid op artikel 4; | Gemeenschapscommissie, inzonderheid op artikel 4; |
Gelet op het decreet III van de Vergadering van de Franse | Gelet op het decreet III van de Vergadering van de Franse |
Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 22 | Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 22 |
juli 1993 tot toekenning van de uitoefening van sommige bevoegdheden | juli 1993 tot toekenning van de uitoefening van sommige bevoegdheden |
van de Franse Gemeenschap aan het Waalse Gewest en de Franse | van de Franse Gemeenschap aan het Waalse Gewest en de Franse |
Gemeenschapscommissie, inzonderheid op artikel 4; | Gemeenschapscommissie, inzonderheid op artikel 4; |
Gelet op het decreet van de Vergadering van de Franse | Gelet op het decreet van de Vergadering van de Franse |
Gemeenschapscommissie van 18 december 1995 houdende instemming met het | Gemeenschapscommissie van 18 december 1995 houdende instemming met het |
samenwerkingsakkoord van 20 februari 1995 gesloten door de Franse | samenwerkingsakkoord van 20 februari 1995 gesloten door de Franse |
Gemeenschapscommissie, de Franse Gemeenschap en het Waalse Gewest | Gemeenschapscommissie, de Franse Gemeenschap en het Waalse Gewest |
i.v.m. de permanente vorming van de middenstand en de kleine en | i.v.m. de permanente vorming van de middenstand en de kleine en |
middelgrote ondernemingen en de voogdij over het Instituut voor | middelgrote ondernemingen en de voogdij over het Instituut voor |
permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote | permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote |
ondernemingen; | ondernemingen; |
Gelet op het decreet van de Vergadering van de Franse | Gelet op het decreet van de Vergadering van de Franse |
Gemeenschapscommissie van 17 juli 2003 houdende instemming met het | Gemeenschapscommissie van 17 juli 2003 houdende instemming met het |
aanhangsel tot wijziging van het samenwerkingsakkoord gesloten op 20 | aanhangsel tot wijziging van het samenwerkingsakkoord gesloten op 20 |
februari 1995 door de Franse Gemeenschapscommissie, de Franse | februari 1995 door de Franse Gemeenschapscommissie, de Franse |
Gemeenschap en het Waalse Gewest i.v.m. de permanente vorming van de | Gemeenschap en het Waalse Gewest i.v.m. de permanente vorming van de |
middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen en de voogdij | middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen en de voogdij |
over het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de | over het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de |
kleine en middelgrote ondernemin-gen; | kleine en middelgrote ondernemin-gen; |
Gelet op het protocol nr 2004/010 van 22 april 2004 van het | Gelet op het protocol nr 2004/010 van 22 april 2004 van het |
Sectorcomité XV, Franse Gemeenschapscommissie; | Sectorcomité XV, Franse Gemeenschapscommissie; |
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 29 | Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 29 |
april 2004; | april 2004; |
Gelet op het akkoord van het Lid van het College belast met Begroting, | Gelet op het akkoord van het Lid van het College belast met Begroting, |
gegeven op 7 mei 2005; | gegeven op 7 mei 2005; |
Gelet op de beraadslaging van het College van de Franse | Gelet op de beraadslaging van het College van de Franse |
Gemeenschapscommissie van 29 april 2004 over de adviesaanvraag te | Gemeenschapscommissie van 29 april 2004 over de adviesaanvraag te |
verstrekken door de Raad van State binnen een termijn die niet meer | verstrekken door de Raad van State binnen een termijn die niet meer |
dan vijf dagen bedraagt; | dan vijf dagen bedraagt; |
Gelet op de dringendheid gemotiveerd door het feit dat de | Gelet op de dringendheid gemotiveerd door het feit dat de |
administratieve en bezoldigingssituatie van deze ambtenaren niet | administratieve en bezoldigingssituatie van deze ambtenaren niet |
langer ongewijzigd kan blijven en omwille van het feit dat deze tekst | langer ongewijzigd kan blijven en omwille van het feit dat deze tekst |
nog zou moeten worden goedgekeurd tijdens de huidige legislatuur; | nog zou moeten worden goedgekeurd tijdens de huidige legislatuur; |
Gelet op het advies nr 37.261/2 van de Raad van State gegeven op 27 | Gelet op het advies nr 37.261/2 van de Raad van State gegeven op 27 |
mei 2004, in toepassing van artikel 84, eerste lid, 2° van de | mei 2004, in toepassing van artikel 84, eerste lid, 2° van de |
gecoördineerde wetten op de Raad van State; | gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Op voordracht van het Lid van het College belast met Beroepsopleiding | Op voordracht van het Lid van het College belast met Beroepsopleiding |
en de Permanente Vorming van de Middenstand en van het Lid van het | en de Permanente Vorming van de Middenstand en van het Lid van het |
College belast met Openbaar Ambt; | College belast met Openbaar Ambt; |
Na beraadslaging, | Na beraadslaging, |
Besluit : | Besluit : |
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen |
Artikel 1.Onderhavig besluit regelt een materie bedoeld in artikel |
Artikel 1.Onderhavig besluit regelt een materie bedoeld in artikel |
128 van de Grondwet, krachtens artikel 138 van de Grondwet; | 128 van de Grondwet, krachtens artikel 138 van de Grondwet; |
Art. 2.Voor de toepassing van onderhavig besluit dient te worden |
Art. 2.Voor de toepassing van onderhavig besluit dient te worden |
verstaan onder : | verstaan onder : |
- College : het College van de Franse Gemeenschapscommissie; | - College : het College van de Franse Gemeenschapscommissie; |
- Diensten van het College : de diensten van het College van de Franse | - Diensten van het College : de diensten van het College van de Franse |
Gemeenschapscommissie; | Gemeenschapscommissie; |
- Instituut : het Instituut voor permanente vorming van de middenstand | - Instituut : het Instituut voor permanente vorming van de middenstand |
en de kleine en middelgrote ondernemingen; | en de kleine en middelgrote ondernemingen; |
- Personeelsleden : de statutaire en contractuele personeelsleden | - Personeelsleden : de statutaire en contractuele personeelsleden |
overgedragen van het Instituut aan de Franse Gemeenschapscommissie; | overgedragen van het Instituut aan de Franse Gemeenschapscommissie; |
- Samenwerkingsakkoord : het samenwerkingsakkoord gesloten op 20 | - Samenwerkingsakkoord : het samenwerkingsakkoord gesloten op 20 |
februari 1995 door de Franse Gemeenschapscommissie, de Franse | februari 1995 door de Franse Gemeenschapscommissie, de Franse |
Gemeenschap en het Waalse Gewest i.v.m. de permanente vorming van de | Gemeenschap en het Waalse Gewest i.v.m. de permanente vorming van de |
middenstand en de kleine en grote ondernemingen en de voogdij over het | middenstand en de kleine en grote ondernemingen en de voogdij over het |
Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine en | Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine en |
middelgrote ondernemingen, gewijzigd bij aanhangsel van 4 juni 2003; | middelgrote ondernemingen, gewijzigd bij aanhangsel van 4 juni 2003; |
Art. 3.De personeelsleden worden overgedragen aan de diensten van het |
Art. 3.De personeelsleden worden overgedragen aan de diensten van het |
College in hun graad of in een gelijkwaardige graad en in hun | College in hun graad of in een gelijkwaardige graad en in hun |
hoedanigheid. | hoedanigheid. |
De naamlijst van de overgedragen personeelsleden en de | De naamlijst van de overgedragen personeelsleden en de |
gelijkwaardigheden van graad, met de overeenkomstige niveaus en | gelijkwaardigheden van graad, met de overeenkomstige niveaus en |
rangen, worden vermeld in de als bijlage toegevoegde tabel. | rangen, worden vermeld in de als bijlage toegevoegde tabel. |
Art. 4.§ 1. Onverminderd de bepalingen van onderhavig besluit en van |
Art. 4.§ 1. Onverminderd de bepalingen van onderhavig besluit en van |
artikel 53 van het samenwerkingsakkoord, worden de personeelsleden | artikel 53 van het samenwerkingsakkoord, worden de personeelsleden |
vanaf hun overdracht onderworpen aan het geheel van de bepalingen van | vanaf hun overdracht onderworpen aan het geheel van de bepalingen van |
het bezoldigingsstatuut van de personeelsleden van de diensten van het | het bezoldigingsstatuut van de personeelsleden van de diensten van het |
College. | College. |
§ 2. In dat opzicht hebben zij met name recht op de weddeschalen die | § 2. In dat opzicht hebben zij met name recht op de weddeschalen die |
in voege zijn voor het personeel van de diensten van het College. | in voege zijn voor het personeel van de diensten van het College. |
§ 3. De gelijkwaardigheid van de weddeschalen, die overeenstemmen met | § 3. De gelijkwaardigheid van de weddeschalen, die overeenstemmen met |
de graden van de personeelsleden, met de weddeschalen die | de graden van de personeelsleden, met de weddeschalen die |
overeenstemmen met de graden en rangen van het personeel van de | overeenstemmen met de graden en rangen van het personeel van de |
diensten van het College is bepaald overeenkomstig de tabel in | diensten van het College is bepaald overeenkomstig de tabel in |
bijlage. | bijlage. |
Art. 5.De personeelsleden hebben vanaf hun overdracht recht op het |
Art. 5.De personeelsleden hebben vanaf hun overdracht recht op het |
M.I.V.B.- abonnement en op de maaltijdchèques tegen dezelfde | M.I.V.B.- abonnement en op de maaltijdchèques tegen dezelfde |
voorwaarden als de andere personeelsleden van de diensten van het | voorwaarden als de andere personeelsleden van de diensten van het |
College. | College. |
Vanaf hun overdracht genieten zij eveneens de voordelen en de | Vanaf hun overdracht genieten zij eveneens de voordelen en de |
tussenkomsten van de sociale dienst van het personeel van de diensten | tussenkomsten van de sociale dienst van het personeel van de diensten |
van het College. | van het College. |
Art. 6.Onverminderd de bepalingen van onderhavig besluit en van |
Art. 6.Onverminderd de bepalingen van onderhavig besluit en van |
artikel 53 van het samenwerkingsakkoord, behouden de personeelsleden | artikel 53 van het samenwerkingsakkoord, behouden de personeelsleden |
niet de toela-gen, vergoedingen, premies en andere voordelen die zij | niet de toela-gen, vergoedingen, premies en andere voordelen die zij |
genoten of waarop zijn aanspraak konden maken bij het Instituut. | genoten of waarop zijn aanspraak konden maken bij het Instituut. |
HOOFDSTUK II. - Bepalingen betreffende de leden van het statutair | HOOFDSTUK II. - Bepalingen betreffende de leden van het statutair |
personeel | personeel |
Art. 7.De overdrachten vormen geen nieuwe benoemingen. |
Art. 7.De overdrachten vormen geen nieuwe benoemingen. |
Art. 8.Onverminderd de bepalingen van onderhavig besluit en het |
Art. 8.Onverminderd de bepalingen van onderhavig besluit en het |
samenwerkingsakkoord, zijn de statutaire personeelsleden vanaf hun | samenwerkingsakkoord, zijn de statutaire personeelsleden vanaf hun |
overdracht onderworpen aan het statuut van de ambtenaren van de | overdracht onderworpen aan het statuut van de ambtenaren van de |
diensten van het College, evenals aan het geheel van de reglementaire | diensten van het College, evenals aan het geheel van de reglementaire |
bepalingen die van toepassing zijn op de ambtenaren van de diensten | bepalingen die van toepassing zijn op de ambtenaren van de diensten |
van het College. | van het College. |
Art. 9.De aan een signalement of evaluatie onderworpen statutaire |
Art. 9.De aan een signalement of evaluatie onderworpen statutaire |
personeelsleden behouden na hun overdracht hun laatste signalement of | personeelsleden behouden na hun overdracht hun laatste signalement of |
de laatste evaluatie die hen werd toegekend, en dit tot aan de | de laatste evaluatie die hen werd toegekend, en dit tot aan de |
toekenning van een nieuwe evaluatie. | toekenning van een nieuwe evaluatie. |
Art. 10.Het pensioenstelsel van de leden van het statutair personeel |
Art. 10.Het pensioenstelsel van de leden van het statutair personeel |
wordt geregeld door artikel 41bis van het samenwerkingsakkoord en de | wordt geregeld door artikel 41bis van het samenwerkingsakkoord en de |
overeenkomst gesloten tussen de Belgische Staat, de NV FORTIS A.G., | overeenkomst gesloten tussen de Belgische Staat, de NV FORTIS A.G., |
het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie. | het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie. |
HOOFDSTUK III. - Bepalingen betreffende de leden van het contractueel | HOOFDSTUK III. - Bepalingen betreffende de leden van het contractueel |
personeel | personeel |
Art. 11.De overdrachten vormen geen nieuwe contracten. |
Art. 11.De overdrachten vormen geen nieuwe contracten. |
De prestaties verricht op het Instituut worden geacht te zijn verricht | De prestaties verricht op het Instituut worden geacht te zijn verricht |
bij de diensten van het College. | bij de diensten van het College. |
Art. 12.Het College sluit met elk contractueel personeelslid een |
Art. 12.Het College sluit met elk contractueel personeelslid een |
aanhangsel bij zijn arbeidscontract, overeenkomstig de bepalingen van | aanhangsel bij zijn arbeidscontract, overeenkomstig de bepalingen van |
onderhavig besluit en het samenwerkingsakkoord, waarin de wijzigingen | onderhavig besluit en het samenwerkingsakkoord, waarin de wijzigingen |
worden vermeld die zijn opgetreden wat betreft de uitvoering van de | worden vermeld die zijn opgetreden wat betreft de uitvoering van de |
overeenkomst. Hierin worden met name de statutaire bepalingen | overeenkomst. Hierin worden met name de statutaire bepalingen |
gepreciseerd die van toepassing zijn op het contractueel personeel van | gepreciseerd die van toepassing zijn op het contractueel personeel van |
de diensten van het College, evenals de standplaats. | de diensten van het College, evenals de standplaats. |
HOOFDSTUK IV. - Toewijzing | HOOFDSTUK IV. - Toewijzing |
Art. 13.De leden van het personeel worden toegewezen binnen de |
Art. 13.De leden van het personeel worden toegewezen binnen de |
diensten van het College aan de dienst Opleiding KMO. | diensten van het College aan de dienst Opleiding KMO. |
HOOFDSTUK V. - Terbeschikkingstelling van het Instituut | HOOFDSTUK V. - Terbeschikkingstelling van het Instituut |
Art. 14.Het College kan met een individueel besluit, en middels het |
Art. 14.Het College kan met een individueel besluit, en middels het |
akkoord van het betrokken personeelslid, leden van het personeel ter | akkoord van het betrokken personeelslid, leden van het personeel ter |
beschikking stellen van het Instituut. | beschikking stellen van het Instituut. |
In afwijking van het vorige lid kan het College gedurende een periode | In afwijking van het vorige lid kan het College gedurende een periode |
van een jaar, die ingaat op de datum van inwerkingtreding van | van een jaar, die ingaat op de datum van inwerkingtreding van |
onderhavig besluit, personeelsleden ambtshalve ter beschikking stellen | onderhavig besluit, personeelsleden ambtshalve ter beschikking stellen |
van het Instituut. | van het Instituut. |
Art. 15.De terbeschikkingstelling van het Instituut geschiedt voor |
Art. 15.De terbeschikkingstelling van het Instituut geschiedt voor |
een periode van minstens 1 jaar en maximum 5 jaar. Deze periode kan | een periode van minstens 1 jaar en maximum 5 jaar. Deze periode kan |
worden verlengd met nieuwe periodes van minimum 1 en maximum 5 jaar, | worden verlengd met nieuwe periodes van minimum 1 en maximum 5 jaar, |
na advies van het Instituut en middels het akkoord van het | na advies van het Instituut en middels het akkoord van het |
personeelslid. | personeelslid. |
Art. 16.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Art. 16.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Instituut mag de betrekking die is verlaten door het personeelslid | Instituut mag de betrekking die is verlaten door het personeelslid |
niet op om het even welke wijze worden toegewezen. | niet op om het even welke wijze worden toegewezen. |
Art. 17.§ 1. Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Art. 17.§ 1. Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Instituut blijft het personeelslid onderworpen aan de statutaire en | Instituut blijft het personeelslid onderworpen aan de statutaire en |
bezoldigingsbepalingen die van toepassing zijn op het personeel van de | bezoldigingsbepalingen die van toepassing zijn op het personeel van de |
diensten van het College. | diensten van het College. |
§ 2. Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het | § 2. Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Instituut blijft het personeelslid met name onderworpen aan de regels | Instituut blijft het personeelslid met name onderworpen aan de regels |
betreffende de evaluatie en het tuchtstelsel die op hem van toepassing | betreffende de evaluatie en het tuchtstelsel die op hem van toepassing |
zijn bij de diensten van het College. | zijn bij de diensten van het College. |
De hiërarchische overste van de dienst Opleiding KMO wint hiertoe alle | De hiërarchische overste van de dienst Opleiding KMO wint hiertoe alle |
nuttige inlichtingen in bij de leidende ambtenaar van het Instituut. | nuttige inlichtingen in bij de leidende ambtenaar van het Instituut. |
Art. 18.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Art. 18.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Instituut is het personeelslid onderworpen aan het hiërarchisch | Instituut is het personeelslid onderworpen aan het hiërarchisch |
toezicht zoals dit functioneel wordt uitgeoefend bij het Instituut. | toezicht zoals dit functioneel wordt uitgeoefend bij het Instituut. |
Art. 19.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Art. 19.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Instituut oefent het personeelslid er functies uit die in verhouding | Instituut oefent het personeelslid er functies uit die in verhouding |
staan tot zijn graad, in het kader van de functionele organisatie | staan tot zijn graad, in het kader van de functionele organisatie |
zoals bepaald door het organigram van het Instituut. | zoals bepaald door het organigram van het Instituut. |
Art. 20.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Art. 20.Tijdens de periode van de terbeschikkingstelling van het |
Instituut blijven de diensten van het College de bezoldiging van het | Instituut blijven de diensten van het College de bezoldiging van het |
personeelslid uitkeren en betalen, met inbegrip van de eventuele | personeelslid uitkeren en betalen, met inbegrip van de eventuele |
toelagen en vergoedingen. | toelagen en vergoedingen. |
Het Instituut bezorgt aan de diensten van het College alle nuttige | Het Instituut bezorgt aan de diensten van het College alle nuttige |
inlichtingen, zowel inzake de actualisering van het individueel | inlichtingen, zowel inzake de actualisering van het individueel |
dossier als wat betreft het weddebeheer en het beheer van de | dossier als wat betreft het weddebeheer en het beheer van de |
maaltijdchèques. | maaltijdchèques. |
Art. 21.Het Instituut staat in voor alle uitgaven die verbonden zijn |
Art. 21.Het Instituut staat in voor alle uitgaven die verbonden zijn |
met de tewerkstelling van het personeelslid dat ter beschikking is | met de tewerkstelling van het personeelslid dat ter beschikking is |
gesteld. | gesteld. |
Het neemt eveneens alle reiskosten op zich en kosten voor missies die | Het neemt eveneens alle reiskosten op zich en kosten voor missies die |
hem worden toegekend en terugbetaald of voorgeschoten aan het | hem worden toegekend en terugbetaald of voorgeschoten aan het |
personeelslid, overeenkomstig de geldende reglementaire bepalingen bij | personeelslid, overeenkomstig de geldende reglementaire bepalingen bij |
de diensten van het College. | de diensten van het College. |
Art. 22.De terbeschikkingstelling van het Instituut neemt een einde : |
Art. 22.De terbeschikkingstelling van het Instituut neemt een einde : |
1° door een beslissing van het College die ingaat 30 dagen na de | 1° door een beslissing van het College die ingaat 30 dagen na de |
betekening ervan aan het personeelslid en aan het Instituut; | betekening ervan aan het personeelslid en aan het Instituut; |
2° van rechtswege aan het einde van de periode waarvoor deze werd | 2° van rechtswege aan het einde van de periode waarvoor deze werd |
beslist en indien deze periode niet werd verlengd; | beslist en indien deze periode niet werd verlengd; |
3° op verzoek van de betrokkene, en gaat in 30 dagen na de betekening | 3° op verzoek van de betrokkene, en gaat in 30 dagen na de betekening |
ervan aan de leidende ambtenaar van de diensten van het College en aan | ervan aan de leidende ambtenaar van de diensten van het College en aan |
het Instituut, behalve in het in artikel 14, lid 2 bedoeld geval; | het Instituut, behalve in het in artikel 14, lid 2 bedoeld geval; |
4° van rechtswege indien de betrokkene een nieuwe bestemming krijgt of | 4° van rechtswege indien de betrokkene een nieuwe bestemming krijgt of |
wordt gemuteerd binnen de diensten van het College, naar een andere | wordt gemuteerd binnen de diensten van het College, naar een andere |
dienst dan de dienst Opleiding KMO, of binnen deze laatste een andere | dienst dan de dienst Opleiding KMO, of binnen deze laatste een andere |
betrekking krijgt door promotie, door bevordering van graad of door | betrekking krijgt door promotie, door bevordering van graad of door |
toegang tot het hoger niveau. | toegang tot het hoger niveau. |
5° indien de betrokkene een voltijds verlof bekomt van een duur van | 5° indien de betrokkene een voltijds verlof bekomt van een duur van |
minimum 3 maanden, of wanneer hij zich in een administratieve situatie | minimum 3 maanden, of wanneer hij zich in een administratieve situatie |
van nonactiviteit of disponibiliteit bevindt; | van nonactiviteit of disponibiliteit bevindt; |
6° in het in artikel 23 § 2 bedoeld geval. | 6° in het in artikel 23 § 2 bedoeld geval. |
Art. 23.§ 1. De moeilijkheden, die zouden kunnen optreden ingevolge |
Art. 23.§ 1. De moeilijkheden, die zouden kunnen optreden ingevolge |
de terbeschikkingstelling van een personeelslid bij het Instituut, | de terbeschikkingstelling van een personeelslid bij het Instituut, |
worden ter kennis gebracht van de Directieraad van de diensten van het | worden ter kennis gebracht van de Directieraad van de diensten van het |
College, ofwel door de leidende ambtenaar van de diensten van het | College, ofwel door de leidende ambtenaar van de diensten van het |
College of van het Instituut, ofwel door de administratief directeur | College of van het Instituut, ofwel door de administratief directeur |
waaronder de dienst Opleidingen KMO ressorteert, ofwel door het (de) | waaronder de dienst Opleidingen KMO ressorteert, ofwel door het (de) |
betrokken personeelslid (personeelsleden). | betrokken personeelslid (personeelsleden). |
De Directieraad onderzoekt het dossier. Hij hoort met name het | De Directieraad onderzoekt het dossier. Hij hoort met name het |
betrokken | betrokken |
personeelslid, vergezeld van de persoon van zijn keuze. | personeelslid, vergezeld van de persoon van zijn keuze. |
Tegen zijn beslissingen is geen beroep mogelijk en deze zijn | Tegen zijn beslissingen is geen beroep mogelijk en deze zijn |
onmiddellijk van toepassing. | onmiddellijk van toepassing. |
Zij worden betekend aan de betrokken partijen. | Zij worden betekend aan de betrokken partijen. |
§ 2. In de gevallen waarin de beslissing van de Directieraad een | § 2. In de gevallen waarin de beslissing van de Directieraad een |
staking meebrengt van de terbeschikkingstelling aan het Instituut, | staking meebrengt van de terbeschikkingstelling aan het Instituut, |
wordt deze beslissing speciaal gemotiveerd. Zij wordt betekend aan het | wordt deze beslissing speciaal gemotiveerd. Zij wordt betekend aan het |
College dat beschikt over een termijn van 30 dagen om een beslissing | College dat beschikt over een termijn van 30 dagen om een beslissing |
te treffen. | te treffen. |
Bij afwezigheid van een beslissing van het College binnen deze | Bij afwezigheid van een beslissing van het College binnen deze |
termijn, is de beslissing van de Directieraad uitvoerbaar. | termijn, is de beslissing van de Directieraad uitvoerbaar. |
§ 3. De toepassing van onderhavig artikel mag in geen geval inbreuk | § 3. De toepassing van onderhavig artikel mag in geen geval inbreuk |
maken op de statutaire bepalingen inzake evaluatie en tuchtstelsel. | maken op de statutaire bepalingen inzake evaluatie en tuchtstelsel. |
Art. 24.De in onderhavig hoofdstuk bedoelde terbeschikkingstelling |
Art. 24.De in onderhavig hoofdstuk bedoelde terbeschikkingstelling |
wordt gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit. | wordt gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit. |
HOOFDSTUK VI. - Overgangs- en slotbepalingen | HOOFDSTUK VI. - Overgangs- en slotbepalingen |
Art. 25.§ 1. Het vakantiegeld verschuldigd voor het referentiejaar |
Art. 25.§ 1. Het vakantiegeld verschuldigd voor het referentiejaar |
2003 zal voor de periode van 1 januari 2003 tot 31 augustus 2003 | 2003 zal voor de periode van 1 januari 2003 tot 31 augustus 2003 |
worden berekend op basis van de reglementaire bepalingen die gelden | worden berekend op basis van de reglementaire bepalingen die gelden |
voor het Instituut, en rekening houdend met de wedde verschuldigd voor | voor het Instituut, en rekening houdend met de wedde verschuldigd voor |
de maand augustus 2003. | de maand augustus 2003. |
Voor de periode van 1 september 2003 tot 31 december 2003 wordt het | Voor de periode van 1 september 2003 tot 31 december 2003 wordt het |
vakantiegeld geregeld door de bepalingen van Afdeling VIII, | vakantiegeld geregeld door de bepalingen van Afdeling VIII, |
onderafdeling 1 van het besluit van het College van de Franse | onderafdeling 1 van het besluit van het College van de Franse |
Gemeenschapscommissie van 13 april 1995 tot vaststelling van de | Gemeenschapscommissie van 13 april 1995 tot vaststelling van de |
bezoldigingsregeling van het personeel van de diensten van het College | bezoldigingsregeling van het personeel van de diensten van het College |
van de Franse Gemeenschapscommissie. | van de Franse Gemeenschapscommissie. |
Het vakantiegeld voor 2003 wordt in één keer uitgekeerd en volledig | Het vakantiegeld voor 2003 wordt in één keer uitgekeerd en volledig |
betaald door de diensten van het College in de loop van de maand mei | betaald door de diensten van het College in de loop van de maand mei |
2004. | 2004. |
§ 2. Voor de periode van 1 januari 2003 tot 31 augustus 2003 wordt de | § 2. Voor de periode van 1 januari 2003 tot 31 augustus 2003 wordt de |
eindejaarspremie berekend op basis van de wedde van de maand oktober | eindejaarspremie berekend op basis van de wedde van de maand oktober |
2003, zoals dit het geval had moeten zijn indien het personeelslid | 2003, zoals dit het geval had moeten zijn indien het personeelslid |
verder zijn functie had uitgeoefend bij het Instituut. | verder zijn functie had uitgeoefend bij het Instituut. |
De eindejaarspremie voor 2003 wordt in één keer uitgekeerd en volledig | De eindejaarspremie voor 2003 wordt in één keer uitgekeerd en volledig |
betaald door de diensten van het College in de loop van de maand | betaald door de diensten van het College in de loop van de maand |
december 2003. | december 2003. |
Art. 26.Onderhavig besluit treedt in werking op 1 september 2003. |
Art. 26.Onderhavig besluit treedt in werking op 1 september 2003. |
Art. 27.Het Lid van het College bevoegd voor Beroepsopleiding en de |
Art. 27.Het Lid van het College bevoegd voor Beroepsopleiding en de |
Permanente Vorming van de Middenstand en het Lid van het College | Permanente Vorming van de Middenstand en het Lid van het College |
bevoegd voor Openbaar Ambt zijn belast met de uitvoering van | bevoegd voor Openbaar Ambt zijn belast met de uitvoering van |
onderhavig besluit. | onderhavig besluit. |
Brussel, 24 juni 2004. | Brussel, 24 juni 2004. |
Door het College : | Door het College : |
Lid van het College belast met Openbaar Ambt : | Lid van het College belast met Openbaar Ambt : |
J. SIMONET | J. SIMONET |
Lid van het College belast met Beroepsopleiding en de Permanente | Lid van het College belast met Beroepsopleiding en de Permanente |
Vorming van de Middenstand, | Vorming van de Middenstand, |
W. DRAPS | W. DRAPS |
Lid van het College belast met Begroting, | Lid van het College belast met Begroting, |
A. HUTCHINSON | A. HUTCHINSON |
Voorzitter van het College, | Voorzitter van het College, |
E. TOMAS | E. TOMAS |
BIJLAGE | BIJLAGE |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Gezien om te worden gevoegd bij het besluit 2003/693 van het College | Gezien om te worden gevoegd bij het besluit 2003/693 van het College |
van de Franse Gemeenschapscommissie houdende administratieve en | van de Franse Gemeenschapscommissie houdende administratieve en |
bezoldigingsbepalingen betreffende de personeelsleden overgedragen van | bezoldigingsbepalingen betreffende de personeelsleden overgedragen van |
het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine | het Instituut voor permanente vorming van de middenstand en de kleine |
en middelgrote ondernemingen aan de Franse Gemeenschapscommissie. | en middelgrote ondernemingen aan de Franse Gemeenschapscommissie. |
Brussel, 24 juni 2004. | Brussel, 24 juni 2004. |
Door het College : | Door het College : |
Lid van het College belast met Openbaar Ambt : | Lid van het College belast met Openbaar Ambt : |
J. SIMONET | J. SIMONET |
Lid van het College belast met Beroepsopleiding en de Permanente | Lid van het College belast met Beroepsopleiding en de Permanente |
Vorming van de Middenstand, | Vorming van de Middenstand, |
W. DRAPS | W. DRAPS |
Lid van het College belast met Begroting, | Lid van het College belast met Begroting, |
A. HUTCHINSON | A. HUTCHINSON |
Voorzitter van het College, | Voorzitter van het College, |
E. TOMAS | E. TOMAS |