Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 152/2020 van 19 november 2020 Rolnummer 7253 In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 36 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 1 maart 2019 « tot wijziging van de regelgeving betreffende het toezich Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters L. Lavrysen en F. Daoût, de rechters J.-(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 152/2020 van 19 november 2020 Rolnummer 7253 In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 36 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 1 maart 2019 « tot wijziging van de regelgeving betreffende het toezich Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters L. Lavrysen en F. Daoût, de rechters J.-(...) Uittreksel uit arrest nr. 152/2020 van 19 november 2020 Rolnummer 7253 In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 36 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 1 maart 2019 « tot wijziging van de regelgeving betreffende het toezich Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters L. Lavrysen en F. Daoût, de rechters J.-(...)
GRONDWETTELIJK HOF GRONDWETTELIJK HOF
Uittreksel uit arrest nr. 152/2020 van 19 november 2020 Uittreksel uit arrest nr. 152/2020 van 19 november 2020
Rolnummer 7253 Rolnummer 7253
In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 36 van het decreet In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 36 van het decreet
van de Vlaamse Gemeenschap van 1 maart 2019 « tot wijziging van de van de Vlaamse Gemeenschap van 1 maart 2019 « tot wijziging van de
regelgeving betreffende het toezicht op en bepaalde organisatorische regelgeving betreffende het toezicht op en bepaalde organisatorische
aspecten van het hoger onderwijs » (invoeging van een artikel II.395 aspecten van het hoger onderwijs » (invoeging van een artikel II.395
in de Vlaamse Codex Hoger Onderwijs), ingesteld door de Artesis in de Vlaamse Codex Hoger Onderwijs), ingesteld door de Artesis
Plantijn Hogeschool Antwerpen. Plantijn Hogeschool Antwerpen.
Het Grondwettelijk Hof, Het Grondwettelijk Hof,
samengesteld uit de voorzitters L. Lavrysen en F. Daoût, de rechters samengesteld uit de voorzitters L. Lavrysen en F. Daoût, de rechters
J.-P. Moerman, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, T. Giet, R. Leysen, J. J.-P. Moerman, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, T. Giet, R. Leysen, J.
Moerman, M. Pâques, Y. Kherbache en T. Detienne, en, overeenkomstig Moerman, M. Pâques, Y. Kherbache en T. Detienne, en, overeenkomstig
artikel 60bis van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het artikel 60bis van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het
Grondwettelijk Hof, emeritus voorzitter A. Alen, bijgestaan door de Grondwettelijk Hof, emeritus voorzitter A. Alen, bijgestaan door de
griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van emeritus griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van emeritus
voorzitter A. Alen, voorzitter A. Alen,
wijst na beraad het volgende arrest : wijst na beraad het volgende arrest :
I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging
Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 20 september Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 20 september
2019 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 24 2019 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 24
september 2019, heeft de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen, september 2019, heeft de Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen,
bijgestaan en vertegenwoordigd door Mr. F. Judo en Mr. T. Souverijns, bijgestaan en vertegenwoordigd door Mr. F. Judo en Mr. T. Souverijns,
advocaten bij de balie te Brussel, beroep tot vernietiging ingesteld advocaten bij de balie te Brussel, beroep tot vernietiging ingesteld
van artikel 36 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 1 maart van artikel 36 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 1 maart
2019 « tot wijziging van de regelgeving betreffende het toezicht op en 2019 « tot wijziging van de regelgeving betreffende het toezicht op en
bepaalde organisatorische aspecten van het hoger onderwijs », bepaalde organisatorische aspecten van het hoger onderwijs »,
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 28 maart 2019 (invoeging bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 28 maart 2019 (invoeging
van een artikel II.395 in de Vlaamse Codex Hoger Onderwijs). van een artikel II.395 in de Vlaamse Codex Hoger Onderwijs).
(...) (...)
II. In rechte II. In rechte
(...) (...)
Ten aanzien van de afstand door een tussenkomende partij Ten aanzien van de afstand door een tussenkomende partij
B.1. Bij op 8 oktober 2020 ter post aangetekende brief heeft de vzw « B.1. Bij op 8 oktober 2020 ter post aangetekende brief heeft de vzw «
Thomas More Mechelen-Antwerpen », tussenkomende partij, het Hof laten Thomas More Mechelen-Antwerpen », tussenkomende partij, het Hof laten
weten dat zij afstand wenst te doen van haar tussenkomst in de weten dat zij afstand wenst te doen van haar tussenkomst in de
onderhavige zaak. onderhavige zaak.
Aangezien te dezen niets zich ertegen verzet, wijst het Hof de afstand Aangezien te dezen niets zich ertegen verzet, wijst het Hof de afstand
toe. toe.
Ten aanzien van de bestreden bepaling Ten aanzien van de bestreden bepaling
B.2. De verzoekende partij vordert de vernietiging van artikel 36 van B.2. De verzoekende partij vordert de vernietiging van artikel 36 van
het decreet van 1 maart 2019 « tot wijziging van de regelgeving het decreet van 1 maart 2019 « tot wijziging van de regelgeving
betreffende het toezicht op en bepaalde organisatorische aspecten van betreffende het toezicht op en bepaalde organisatorische aspecten van
het hoger onderwijs » (hierna : het decreet van 1 maart 2019) in het hoger onderwijs » (hierna : het decreet van 1 maart 2019) in
zoverre het een artikel II.395, § 2, van de Codex Hoger Onderwijs zoverre het een artikel II.395, § 2, van de Codex Hoger Onderwijs
invoegt. Het bestreden artikel verleent, met terugwerkende kracht invoegt. Het bestreden artikel verleent, met terugwerkende kracht
vanaf 1 januari 2019, aan de vzw « Karel de Grote Hogeschool, vanaf 1 januari 2019, aan de vzw « Karel de Grote Hogeschool,
Katholieke Hogeschool Antwerpen » (hierna : de Karel de Grote Katholieke Hogeschool Antwerpen » (hierna : de Karel de Grote
Hogeschool) de mogelijkheid om vanaf het academiejaar 2019-2020 een Hogeschool) de mogelijkheid om vanaf het academiejaar 2019-2020 een
aanbod van graduaatsopleidingen op te starten. aanbod van graduaatsopleidingen op te starten.
B.3.1. Ingevolge de aanbeveling van 8 juli 2010 van het Vlaams B.3.1. Ingevolge de aanbeveling van 8 juli 2010 van het Vlaams
Parlement diende de eindverantwoordelijkheid voor de hogere Parlement diende de eindverantwoordelijkheid voor de hogere
beroepsopleidingen (hierna : hbo5-opleidingen) die door de centra voor beroepsopleidingen (hierna : hbo5-opleidingen) die door de centra voor
volwassenenonderwijs (hierna : de CVO's) werden aangeboden, volwassenenonderwijs (hierna : de CVO's) werden aangeboden,
uitsluitend bij de hogescholen te liggen. Die doelstelling is uitsluitend bij de hogescholen te liggen. Die doelstelling is
geleidelijk gerealiseerd door eerst samenwerkingsverbanden te sluiten geleidelijk gerealiseerd door eerst samenwerkingsverbanden te sluiten
tussen CVO's en hogescholen (decreet van 12 juli 2013 « betreffende de tussen CVO's en hogescholen (decreet van 12 juli 2013 « betreffende de
versterking van het hoger beroepsonderwijs in Vlaanderen ») en tegen versterking van het hoger beroepsonderwijs in Vlaanderen ») en tegen
het academiejaar 2019-2020 hbo5-opleidingen als graduaatsopleidingen het academiejaar 2019-2020 hbo5-opleidingen als graduaatsopleidingen
op een structurele wijze te integreren in de hogescholen. op een structurele wijze te integreren in de hogescholen.
Het decreet van 4 mei 2018 « betreffende de uitbouw van de Het decreet van 4 mei 2018 « betreffende de uitbouw van de
graduaatsopleidingen binnen de hogescholen en de versterking van de graduaatsopleidingen binnen de hogescholen en de versterking van de
lerarenopleidingen binnen de hogescholen en universiteiten » (hierna : lerarenopleidingen binnen de hogescholen en universiteiten » (hierna :
het decreet van 4 mei 2018) heeft die structurele inbedding decretaal het decreet van 4 mei 2018) heeft die structurele inbedding decretaal
gerealiseerd. Naar aanleiding van de overdracht van hbo5-opleidingen gerealiseerd. Naar aanleiding van de overdracht van hbo5-opleidingen
moeten de hogeschool en het CVO een overeenkomst sluiten waarin op moeten de hogeschool en het CVO een overeenkomst sluiten waarin op
zijn minst afspraken worden gemaakt over de overdracht, de zijn minst afspraken worden gemaakt over de overdracht, de
terbeschikkingstelling en het gebruik van infrastructuur en onroerende terbeschikkingstelling en het gebruik van infrastructuur en onroerende
goederen en over financiële aangelegenheden. Hogescholen die goederen en over financiële aangelegenheden. Hogescholen die
hbo5-opleidingen wensen aan te bieden, moeten intentieverklaringen en hbo5-opleidingen wensen aan te bieden, moeten intentieverklaringen en
integratieovereenkomsten met één of meer CVO's afsluiten; zij moeten integratieovereenkomsten met één of meer CVO's afsluiten; zij moeten
ook alle opleidingen van het betrokken CVO overnemen. De overdracht ook alle opleidingen van het betrokken CVO overnemen. De overdracht
betekent niet alleen een overname van de onderwijsbevoegdheid van het betekent niet alleen een overname van de onderwijsbevoegdheid van het
betrokken CVO, maar ook van diens financiën en diens personeel. De betrokken CVO, maar ook van diens financiën en diens personeel. De
verplichting om de onderwijsbevoegdheid van een CVO over te nemen, verplichting om de onderwijsbevoegdheid van een CVO over te nemen,
indien een hogeschool een hbo5-opleiding wenst aan te bieden, geldt indien een hogeschool een hbo5-opleiding wenst aan te bieden, geldt
voor elke hogeschool. voor elke hogeschool.
Het decreet van 4 mei 2018 steunt op een duidelijke filosofie. Om een Het decreet van 4 mei 2018 steunt op een duidelijke filosofie. Om een
vlotte overgang te verzekeren van CVO's naar hogescholen, werd beslist vlotte overgang te verzekeren van CVO's naar hogescholen, werd beslist
dat in het eerste jaar die opleidingen die door de hogescholen worden dat in het eerste jaar die opleidingen die door de hogescholen worden
georganiseerd (academiejaar 2019-2020) alleen de van een CVO georganiseerd (academiejaar 2019-2020) alleen de van een CVO
overgenomen graduaatsopleidingen konden zijn. Vanaf het academiejaar overgenomen graduaatsopleidingen konden zijn. Vanaf het academiejaar
2020-2021 mogen ook andere, niet-overgenomen opleidingen worden 2020-2021 mogen ook andere, niet-overgenomen opleidingen worden
aangeboden. aangeboden.
B.3.2. Tijdens de implementatie van de regeling tot overname van de B.3.2. Tijdens de implementatie van de regeling tot overname van de
hbo5-opleidingen door de hogescholen zijn een aantal moeilijkheden hbo5-opleidingen door de hogescholen zijn een aantal moeilijkheden
gerezen die de decreetgever ertoe hebben aangezet het beleid bij te gerezen die de decreetgever ertoe hebben aangezet het beleid bij te
sturen door middel van het decreet van 1 maart 2019, waarvan het sturen door middel van het decreet van 1 maart 2019, waarvan het
bestreden artikel 36 deel uitmaakt. bestreden artikel 36 deel uitmaakt.
Het bestreden artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019 creëert voor Het bestreden artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019 creëert voor
de Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid om, zonder de de Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid om, zonder de
verplichting om een bestaande hbo5-opleiding over te nemen, vanaf het verplichting om een bestaande hbo5-opleiding over te nemen, vanaf het
academiejaar 2019-2020, eveneens een aanbod van graduaatsopleidingen academiejaar 2019-2020, eveneens een aanbod van graduaatsopleidingen
op te starten. Zij kan uit de lijst van bestaande hbo5-opleidingen in op te starten. Zij kan uit de lijst van bestaande hbo5-opleidingen in
totaal maximaal vier aanvragen indienen voor een « toets nieuwe totaal maximaal vier aanvragen indienen voor een « toets nieuwe
opleiding » bij de accreditatieorganisatie voor een opleiding » bij de accreditatieorganisatie voor een
graduaatsopleiding, zijnde de Nederlands-Vlaamse graduaatsopleiding, zijnde de Nederlands-Vlaamse
Accreditatieorganisatie (hierna : de NVAO). Accreditatieorganisatie (hierna : de NVAO).
De decreetgever komt daarmee terug op zijn standpunt dat bestaande De decreetgever komt daarmee terug op zijn standpunt dat bestaande
hbo5-opleidingen die niet worden geactualiseerd of omgevormd, pas als hbo5-opleidingen die niet worden geactualiseerd of omgevormd, pas als
graduaatsopleiding door de hogescholen kunnen worden aangeboden vanaf graduaatsopleiding door de hogescholen kunnen worden aangeboden vanaf
het academiejaar 2020-2021. Die afwijkende regeling houdt voor de het academiejaar 2020-2021. Die afwijkende regeling houdt voor de
Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid in om reeds vanaf het Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid in om reeds vanaf het
academiejaar 2019-2020 graduaatsopleidingen aan te bieden, terwijl de academiejaar 2019-2020 graduaatsopleidingen aan te bieden, terwijl de
andere hogescholen die graduaatsopleidingen willen aanbieden de andere hogescholen die graduaatsopleidingen willen aanbieden de
bestaande hbo5-opleidingen van een CVO hebben moeten overnemen door bestaande hbo5-opleidingen van een CVO hebben moeten overnemen door
het sluiten van intentieverklaringen en integratieovereenkomsten met het sluiten van intentieverklaringen en integratieovereenkomsten met
één of meer CVO's. één of meer CVO's.
Het bestreden decreet werd op 1 maart 2019 afgekondigd en op 28 maart Het bestreden decreet werd op 1 maart 2019 afgekondigd en op 28 maart
2019 bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. Artikel 36 is met 2019 bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. Artikel 36 is met
terugwerkende kracht in werking getreden op 1 januari 2019, waardoor terugwerkende kracht in werking getreden op 1 januari 2019, waardoor
aan de Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid is gegeven om nog aan de Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid is gegeven om nog
vóór het academiejaar 2019-2020 een aanvraag voor een vóór het academiejaar 2019-2020 een aanvraag voor een
graduaatsopleiding in te dienen, hetgeen zij ook heeft gedaan. graduaatsopleiding in te dienen, hetgeen zij ook heeft gedaan.
B.3.3. Artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019, dat een artikel B.3.3. Artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019, dat een artikel
II.395, § 2, in de Codex Hoger Onderwijs invoegt, bepaalt : II.395, § 2, in de Codex Hoger Onderwijs invoegt, bepaalt :
« § 2. De Karel de Grote Hogeschool, Katholieke Hogeschool Antwerpen, « § 2. De Karel de Grote Hogeschool, Katholieke Hogeschool Antwerpen,
kan uit de lijst van bestaande hbo5-opleidingen op de data vermeld in kan uit de lijst van bestaande hbo5-opleidingen op de data vermeld in
de eerste paragraaf in totaal maximaal 4 aanvragen indienen voor een de eerste paragraaf in totaal maximaal 4 aanvragen indienen voor een
toets nieuwe opleiding bij de accreditatieorganisatie voor een toets nieuwe opleiding bij de accreditatieorganisatie voor een
graduaatsopleiding zonder de verplichting om een bestaande graduaatsopleiding zonder de verplichting om een bestaande
hbo5-opleiding om te vormen, maar met de verplichting om een aanvraag hbo5-opleiding om te vormen, maar met de verplichting om een aanvraag
macrodoelmatigheidstoets bij de Commissie Hoger onderwijs in te macrodoelmatigheidstoets bij de Commissie Hoger onderwijs in te
dienen. dienen.
In deze vier gevallen bevat het aanvraagdossier voor de In deze vier gevallen bevat het aanvraagdossier voor de
macrodoelmatigheidstoets de volgende informatie en documenten : macrodoelmatigheidstoets de volgende informatie en documenten :
1° de informatie, vermeld in artikel II.152, tweede lid, 1°, a) tot en 1° de informatie, vermeld in artikel II.152, tweede lid, 1°, a) tot en
met m); met m);
2° een dossier dat de Commissie Hoger Onderwijs in staat stelt de 2° een dossier dat de Commissie Hoger Onderwijs in staat stelt de
toetsing aan de criteria, vermeld in artikel II.153, § 3, eerste lid, toetsing aan de criteria, vermeld in artikel II.153, § 3, eerste lid,
uit te voeren. uit te voeren.
De Karel de Grote Hogeschool, Katholieke Hogeschool Antwerpen bezorgt De Karel de Grote Hogeschool, Katholieke Hogeschool Antwerpen bezorgt
voor elke van de in het eerste lid bedoelde aanvragen het voor elke van de in het eerste lid bedoelde aanvragen het
aanvraagdossier voor de macrodoelmatigheidstoets tevens aan de VLHORA. aanvraagdossier voor de macrodoelmatigheidstoets tevens aan de VLHORA.
De VLHORA stelt voor iedere aanvraag een advies als vermeld in artikel De VLHORA stelt voor iedere aanvraag een advies als vermeld in artikel
II.152, tweede lid, 2°, op. Ze bezorgt het advies aan de Commissie II.152, tweede lid, 2°, op. Ze bezorgt het advies aan de Commissie
Hoger Onderwijs uiterlijk : Hoger Onderwijs uiterlijk :
1° op 31 januari voor de aanvragen die uiterlijk op 30 november bij de 1° op 31 januari voor de aanvragen die uiterlijk op 30 november bij de
accreditatieorganisatie zijn ingediend; accreditatieorganisatie zijn ingediend;
2° op 15 juli voor de aanvragen die uiterlijk op 31 mei bij de 2° op 15 juli voor de aanvragen die uiterlijk op 31 mei bij de
accreditatieorganisatie zijn ingediend; accreditatieorganisatie zijn ingediend;
3° 30 dagen na de indiening van de aanvraag voor de aanvragen die 3° 30 dagen na de indiening van de aanvraag voor de aanvragen die
uiterlijk op 15 februari 2019 bij de accreditatieorganisatie zijn uiterlijk op 15 februari 2019 bij de accreditatieorganisatie zijn
ingediend. ingediend.
De Commissie Hoger Onderwijs brengt over de in het eerste lid bedoelde De Commissie Hoger Onderwijs brengt over de in het eerste lid bedoelde
aanvragen een oordeel uit over de macrodoelmatigheid overeenkomstig aanvragen een oordeel uit over de macrodoelmatigheid overeenkomstig
artikel 153, § 3, eerste, tweede en vierde lid. Indien het advies van artikel 153, § 3, eerste, tweede en vierde lid. Indien het advies van
de VLHORA niet tijdig wordt verstrekt, dan brengt de Commissie Hoger de VLHORA niet tijdig wordt verstrekt, dan brengt de Commissie Hoger
Onderwijs een oordeel over de macrodoelmatigheid uit op basis van de Onderwijs een oordeel over de macrodoelmatigheid uit op basis van de
criteria, vermeld in artikel II.153, § 3, 1° tot en met 5°. criteria, vermeld in artikel II.153, § 3, 1° tot en met 5°.
De Commissie Hoger Onderwijs brengt haar oordeel over de in het eerste De Commissie Hoger Onderwijs brengt haar oordeel over de in het eerste
lid bedoelde aanvragen uit uiterlijk : lid bedoelde aanvragen uit uiterlijk :
1° op 28 februari voor de aanvragen die uiterlijk op 30 november bij 1° op 28 februari voor de aanvragen die uiterlijk op 30 november bij
de accreditatieorganisatie zijn ingediend; de accreditatieorganisatie zijn ingediend;
2° op 1 september voor de aanvragen die uiterlijk op 31 mei bij de 2° op 1 september voor de aanvragen die uiterlijk op 31 mei bij de
accreditatieorganisatie zijn ingediend; accreditatieorganisatie zijn ingediend;
3° binnen de 60 dagen na de indiening van de aanvraag voor de 3° binnen de 60 dagen na de indiening van de aanvraag voor de
aanvragen die uiterlijk op 15 februari 2019 zijn ingediend. aanvragen die uiterlijk op 15 februari 2019 zijn ingediend.
Als het oordeel van de Commissie Hoger Onderwijs over de Als het oordeel van de Commissie Hoger Onderwijs over de
macrodoelmatigheid van een in het eerste lid bedoelde aanvraag macrodoelmatigheid van een in het eerste lid bedoelde aanvraag
negatief is of niet tijdig wordt verstrekt, kan de beroepsprocedure, negatief is of niet tijdig wordt verstrekt, kan de beroepsprocedure,
vermeld in artikel II.153, § 4 en § 5, gevolgd worden. vermeld in artikel II.153, § 4 en § 5, gevolgd worden.
Als het oordeel van de Commissie Hoger Onderwijs over de Als het oordeel van de Commissie Hoger Onderwijs over de
macrodoelmatigheid van een in het eerste lid bedoelde aanvraag of de macrodoelmatigheid van een in het eerste lid bedoelde aanvraag of de
beslissing van de Vlaamse Regering na het beroep, vermeld in het zesde beslissing van de Vlaamse Regering na het beroep, vermeld in het zesde
lid, positief is, evenals het toetsingsbesluit van de lid, positief is, evenals het toetsingsbesluit van de
accreditatieorganisatie, dan neemt de Vlaamse Regering het besluit accreditatieorganisatie, dan neemt de Vlaamse Regering het besluit
houdende erkenning van deze nieuwe opleiding binnen een ordetermijn houdende erkenning van deze nieuwe opleiding binnen een ordetermijn
van 30 dagen, die ingaat de dag na de dag van de ontvangst van het van 30 dagen, die ingaat de dag na de dag van de ontvangst van het
positief toetsingsbesluit en het onderliggende beoordelingsrapport van positief toetsingsbesluit en het onderliggende beoordelingsrapport van
de accreditatieorganisatie ». de accreditatieorganisatie ».
Ten gronde Ten gronde
B.4. De verzoekende partij leidt een enig middel af uit de schending, B.4. De verzoekende partij leidt een enig middel af uit de schending,
door artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019, van de artikelen 10, door artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019, van de artikelen 10,
11 en 24, § 1 en § 4, van de Grondwet, in samenhang gelezen met het 11 en 24, § 1 en § 4, van de Grondwet, in samenhang gelezen met het
vertrouwensbeginsel, doordat het de Karel de Grote Hogeschool toelaat vertrouwensbeginsel, doordat het de Karel de Grote Hogeschool toelaat
uit de lijst van de bestaande hbo5-opleidingen vier aanvragen in te uit de lijst van de bestaande hbo5-opleidingen vier aanvragen in te
dienen om die opleidingen vanaf het academiejaar 2019-2020 te dienen om die opleidingen vanaf het academiejaar 2019-2020 te
organiseren, terwijl de verzoekende partij slechts bestaande organiseren, terwijl de verzoekende partij slechts bestaande
hbo5-opleidingen vanaf het academiejaar 2019-2020 kan organiseren en hbo5-opleidingen vanaf het academiejaar 2019-2020 kan organiseren en
dit nadat zij de onderwijsbevoegdheid van een CVO heeft overgenomen. dit nadat zij de onderwijsbevoegdheid van een CVO heeft overgenomen.
Het enige middel bestaat uit drie onderdelen. Het eerste onderdeel is Het enige middel bestaat uit drie onderdelen. Het eerste onderdeel is
afgeleid uit de schending van artikel 24, § 4, van de Grondwet, dat de afgeleid uit de schending van artikel 24, § 4, van de Grondwet, dat de
gelijkheid tussen de onderwijsinstellingen waarborgt. Het tweede gelijkheid tussen de onderwijsinstellingen waarborgt. Het tweede
onderdeel is afgeleid uit de schending van artikel 24, § 1, van de onderdeel is afgeleid uit de schending van artikel 24, § 1, van de
Grondwet, volgens hetwelk het onderwijs vrij is. In het derde Grondwet, volgens hetwelk het onderwijs vrij is. In het derde
onderdeel wordt de schending van het vertrouwensbeginsel, in samenhang onderdeel wordt de schending van het vertrouwensbeginsel, in samenhang
gelezen met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, aangevoerd omdat de gelezen met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, aangevoerd omdat de
decreetgever niet zonder dwingende redenen van algemeen belang de decreetgever niet zonder dwingende redenen van algemeen belang de
rechtmatige verwachtingen van een onderwijsinstelling mag miskennen. rechtmatige verwachtingen van een onderwijsinstelling mag miskennen.
Wat betreft de schending van het gelijkheidsbeginsel (artikel 24, § 4, Wat betreft de schending van het gelijkheidsbeginsel (artikel 24, § 4,
van de Grondwet) van de Grondwet)
B.5. Artikel 24, § 4, van de Grondwet bepaalt : B.5. Artikel 24, § 4, van de Grondwet bepaalt :
« Alle leerlingen of studenten, ouders, personeelsleden en « Alle leerlingen of studenten, ouders, personeelsleden en
onderwijsinstellingen zijn gelijk voor de wet of het decreet. De wet onderwijsinstellingen zijn gelijk voor de wet of het decreet. De wet
of het decreet houden rekening met objectieve verschillen, waaronder of het decreet houden rekening met objectieve verschillen, waaronder
de eigen karakteristieken van iedere inrichtende macht, die een de eigen karakteristieken van iedere inrichtende macht, die een
aangepaste behandeling verantwoorden ». aangepaste behandeling verantwoorden ».
Artikel 24, § 4, eerste zin, van de Grondwet herbevestigt, op het vlak Artikel 24, § 4, eerste zin, van de Grondwet herbevestigt, op het vlak
van het onderwijs, het beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie. van het onderwijs, het beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie.
Artikel 24, § 4, tweede zin, van de Grondwet, legt, inzake onderwijs, Artikel 24, § 4, tweede zin, van de Grondwet, legt, inzake onderwijs,
de gemeenschapswetgever de verplichting op rekening te houden met de de gemeenschapswetgever de verplichting op rekening te houden met de
eigen karakteristieken van iedere inrichtende macht, die een eigen karakteristieken van iedere inrichtende macht, die een
aangepaste behandeling verantwoorden. aangepaste behandeling verantwoorden.
B.6. De verzoekende partij voert aan dat een verschil in behandeling B.6. De verzoekende partij voert aan dat een verschil in behandeling
tussen onderscheiden onderwijsinstellingen, overeenkomstig artikel 24, tussen onderscheiden onderwijsinstellingen, overeenkomstig artikel 24,
§ 4, van de Grondwet, enkel dan toegelaten is wanneer dat verschil is § 4, van de Grondwet, enkel dan toegelaten is wanneer dat verschil is
gegrond op « de eigen karakteristieken van iedere inrichtende macht ». gegrond op « de eigen karakteristieken van iedere inrichtende macht ».
Het verschil in behandeling zou evenwel niet pertinent, noch evenredig Het verschil in behandeling zou evenwel niet pertinent, noch evenredig
zijn, waardoor het bestreden artikel zou moeten worden vernietigd. zijn, waardoor het bestreden artikel zou moeten worden vernietigd.
B.7.1. De overdracht van de onderwijsbevoegdheid voor de B.7.1. De overdracht van de onderwijsbevoegdheid voor de
graduaatsopleidingen van de CVO's aan de hogescholen is geregeld in graduaatsopleidingen van de CVO's aan de hogescholen is geregeld in
hoofdstuk 9 van titel 8 van de Codex Hoger Onderwijs, zoals toegevoegd hoofdstuk 9 van titel 8 van de Codex Hoger Onderwijs, zoals toegevoegd
door de artikelen 152 tot 158 van het decreet van 4 mei 2018. Het door de artikelen 152 tot 158 van het decreet van 4 mei 2018. Het
nieuwe artikel II.394 bepaalt in paragraaf 1 dat, met ingang van het nieuwe artikel II.394 bepaalt in paragraaf 1 dat, met ingang van het
academiejaar 2019-2020, de CVO's hun bevoegdheid voor het aanbieden academiejaar 2019-2020, de CVO's hun bevoegdheid voor het aanbieden
van opleidingen van het hoger beroepsonderwijs en het verlenen van de van opleidingen van het hoger beroepsonderwijs en het verlenen van de
overeenstemmende studiebekrachtiging overdragen aan de hogescholen. overeenstemmende studiebekrachtiging overdragen aan de hogescholen.
Het nieuwe artikel II.394, § 2, eerste lid, van de Codex Hoger Het nieuwe artikel II.394, § 2, eerste lid, van de Codex Hoger
Onderwijs bepaalt dat de hogeschool, na de overdracht van de Onderwijs bepaalt dat de hogeschool, na de overdracht van de
onderwijsbevoegdheid, voor de overgedragen bevoegdheden in de rechten onderwijsbevoegdheid, voor de overgedragen bevoegdheden in de rechten
en verplichtingen treedt van het CVO dat zijn bevoegdheden heeft en verplichtingen treedt van het CVO dat zijn bevoegdheden heeft
overgedragen aan de hogeschool. overgedragen aan de hogeschool.
Die overdracht was bedoeld om het hoger beroepsonderwijs verder uit te Die overdracht was bedoeld om het hoger beroepsonderwijs verder uit te
bouwen, rekening houdend met volgende principes : « een duidelijke bouwen, rekening houdend met volgende principes : « een duidelijke
positionering en erkenning, transparantie, een duidelijk regelgevend positionering en erkenning, transparantie, een duidelijk regelgevend
kader, stabiliteit, financiële haalbaarheid en rechtszekerheid. Dit kader, stabiliteit, financiële haalbaarheid en rechtszekerheid. Dit
trachten we te realiseren door de inbedding van deze opleidingen in de trachten we te realiseren door de inbedding van deze opleidingen in de
hogescholen. De onderwijsbevoegdheid en verantwoordelijkheid zal aan hogescholen. De onderwijsbevoegdheid en verantwoordelijkheid zal aan
de hogescholen worden toevertrouwd in plaats van aan de de hogescholen worden toevertrouwd in plaats van aan de
samenwerkingsverbanden » (Parl. St., Vlaams Parlement, 2017-2018, nr. samenwerkingsverbanden » (Parl. St., Vlaams Parlement, 2017-2018, nr.
1508/1, p. 4). 1508/1, p. 4).
B.7.2. In afwijking van het voormelde decreet van 4 mei 2018 maakt het B.7.2. In afwijking van het voormelde decreet van 4 mei 2018 maakt het
bestreden artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019 het mogelijk bestreden artikel 36 van het decreet van 1 maart 2019 het mogelijk
voor de Karel de Grote Hogeschool, die geen hbo5-opleiding overneemt, voor de Karel de Grote Hogeschool, die geen hbo5-opleiding overneemt,
om toch « maximaal vijf [in de loop van de parlementaire voorbereiding om toch « maximaal vijf [in de loop van de parlementaire voorbereiding
gereduceerd tot vier] aanvragen [in te dienen] om eveneens een aanbod gereduceerd tot vier] aanvragen [in te dienen] om eveneens een aanbod
van graduaatsopleidingen op te starten. Onder ' de lijst bestaande van graduaatsopleidingen op te starten. Onder ' de lijst bestaande
hbo5-opleidingen ' verstaat men de opleidingen die vandaag worden hbo5-opleidingen ' verstaat men de opleidingen die vandaag worden
aangeboden in CVO. Alvorens deze opleidingen erkend kunnen worden door aangeboden in CVO. Alvorens deze opleidingen erkend kunnen worden door
de Vlaamse Regering moeten zij een toets nieuwe opleiding doorlopen de Vlaamse Regering moeten zij een toets nieuwe opleiding doorlopen
bij de accreditatieorganisatie en een macro-doelmatigheidstoets bij de bij de accreditatieorganisatie en een macro-doelmatigheidstoets bij de
Commissie Hoger Onderwijs. Voor deze aanvragen wordt, gezien de krappe Commissie Hoger Onderwijs. Voor deze aanvragen wordt, gezien de krappe
timing, een kortere procedure voorzien » (Parl. St., Vlaams Parlement, timing, een kortere procedure voorzien » (Parl. St., Vlaams Parlement,
2018-2019, nr. 1770/1, p. 14). 2018-2019, nr. 1770/1, p. 14).
De minister van Onderwijs benadrukte dat « de procedure bij de NVAO en De minister van Onderwijs benadrukte dat « de procedure bij de NVAO en
het toepasselijke beoordelingskader voor de omvormingsdossiers van het toepasselijke beoordelingskader voor de omvormingsdossiers van
hogescholen die hbo5-opleidingen van een CVO ontvangen enerzijds, en hogescholen die hbo5-opleidingen van een CVO ontvangen enerzijds, en
de dossiers toets nieuwe opleiding die de Karel de Grote Hogeschool de dossiers toets nieuwe opleiding die de Karel de Grote Hogeschool
zal indienen ter erkenning van deze nieuwe graduaats-opleidingen zal indienen ter erkenning van deze nieuwe graduaats-opleidingen
anderzijds, dezelfde zijn » (Parl. St., Vlaams Parlement, 2018-2019, anderzijds, dezelfde zijn » (Parl. St., Vlaams Parlement, 2018-2019,
nr. 1770/4, p. 5). nr. 1770/4, p. 5).
B.7.3. Die afwijking wordt als volgt door de gemachtigde van de B.7.3. Die afwijking wordt als volgt door de gemachtigde van de
Vlaamse Regering verantwoord : Vlaamse Regering verantwoord :
« Als Vlaamse Regering hechten we veel belang aan de uitbouw van deze « Als Vlaamse Regering hechten we veel belang aan de uitbouw van deze
derde toegangspoort. De graduaatsopleidingen zijn de derde derde toegangspoort. De graduaatsopleidingen zijn de derde
toegangspoort van het hoger onderwijs. Via samenwerkingsverbanden toegangspoort van het hoger onderwijs. Via samenwerkingsverbanden
tussen CVO's en hogescholen zullen de huidige HBO5-opleidingen aan de tussen CVO's en hogescholen zullen de huidige HBO5-opleidingen aan de
CVO's op 1 september 2019 integreren in de betreffende hogescholen. CVO's op 1 september 2019 integreren in de betreffende hogescholen.
Deze bestaande CVO-opleidingen worden omgevormd tot Deze bestaande CVO-opleidingen worden omgevormd tot
graduaatsopleidingen. Daartoe worden omvormingsdossiers ingediend bij graduaatsopleidingen. Daartoe worden omvormingsdossiers ingediend bij
de NVAO. De meeste hogescholen hebben een samenwerking met één of de NVAO. De meeste hogescholen hebben een samenwerking met één of
meerdere CVO's en zullen dus opleidingen ontvangen. De Vlaamse meerdere CVO's en zullen dus opleidingen ontvangen. De Vlaamse
Regering oordeelde op 20 juli 2018 dat de Karel de Grote-hogeschool, Regering oordeelde op 20 juli 2018 dat de Karel de Grote-hogeschool,
die als enige hogeschool met een breed opleidingsaanbod, geen die als enige hogeschool met een breed opleidingsaanbod, geen
overeenkomst heeft met een CVO en dus geen opleidingen ontvangt, ook overeenkomst heeft met een CVO en dus geen opleidingen ontvangt, ook
de mogelijkheid dient te hebben om van bij de start van de integratie de mogelijkheid dient te hebben om van bij de start van de integratie
een opleidingsaanbod uit te bouwen en aan te bieden. In deze zin een opleidingsaanbod uit te bouwen en aan te bieden. In deze zin
betreft dit een overgangsbepaling. De Vlaamse Regering is tevens van betreft dit een overgangsbepaling. De Vlaamse Regering is tevens van
oordeel dat de Karel de Grote-Hogeschool dit aanbod regionaal dient af oordeel dat de Karel de Grote-Hogeschool dit aanbod regionaal dient af
te stemmen met de andere hogescholen die dezelfde vestigingsplaats te stemmen met de andere hogescholen die dezelfde vestigingsplaats
hebben. Parallel met de omvormingsdossiers die hogescholen die hebben. Parallel met de omvormingsdossiers die hogescholen die
opleidingen van een CVO ontvangen dienen in te dienen bij de NVAO, zal opleidingen van een CVO ontvangen dienen in te dienen bij de NVAO, zal
de Karel de Grote-Hogeschool voor dit aanbod dossiers Toetsen nieuwe de Karel de Grote-Hogeschool voor dit aanbod dossiers Toetsen nieuwe
opleidingen indienen bij de NVAO » (Parl. St., Vlaams Parlement, opleidingen indienen bij de NVAO » (Parl. St., Vlaams Parlement,
2018-2019, nr. 1770/1, p. 144). 2018-2019, nr. 1770/1, p. 144).
B.8. De uitzonderingsregeling in het bestreden artikel 36 geldt enkel B.8. De uitzonderingsregeling in het bestreden artikel 36 geldt enkel
voor de Karel de Grote Hogeschool. Het betreft één hogeschool, die een voor de Karel de Grote Hogeschool. Het betreft één hogeschool, die een
breed onderwijsaanbod heeft maar die door omstandigheden geen of geen breed onderwijsaanbod heeft maar die door omstandigheden geen of geen
uitgebreid aanbod aan graduaatsopleidingen kan verzekeren bij gebrek uitgebreid aanbod aan graduaatsopleidingen kan verzekeren bij gebrek
aan een overeenkomst met een CVO betreffende de overdracht van de aan een overeenkomst met een CVO betreffende de overdracht van de
onderwijsbevoegdheid. onderwijsbevoegdheid.
B.9. Het Hof dient na te gaan of het redelijk verantwoord is dat enkel B.9. Het Hof dient na te gaan of het redelijk verantwoord is dat enkel
aan de Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid wordt geboden om aan de Karel de Grote Hogeschool de mogelijkheid wordt geboden om
vanaf het academiejaar 2019-2020 graduaatsopleidingen aan te bieden, vanaf het academiejaar 2019-2020 graduaatsopleidingen aan te bieden,
zonder verplichting om een bestaande hbo5-opleiding over te nemen en zonder verplichting om een bestaande hbo5-opleiding over te nemen en
om te vormen. om te vormen.
De uitzonderingsregeling beoogt de toegankelijkheid tot het hoger De uitzonderingsregeling beoogt de toegankelijkheid tot het hoger
beroepsonderwijs in Antwerpen te maximaliseren, waardoor jongeren die beroepsonderwijs in Antwerpen te maximaliseren, waardoor jongeren die
een beroepsopleiding volgen meer kans maken om de overstap naar het een beroepsopleiding volgen meer kans maken om de overstap naar het
graduaat te maken. graduaat te maken.
Het beperken van de mogelijkheid om nieuwe graduaatsopleidingen aan te Het beperken van de mogelijkheid om nieuwe graduaatsopleidingen aan te
bieden tot één welbepaalde hogeschool, is niet pertinent om het door bieden tot één welbepaalde hogeschool, is niet pertinent om het door
de decreetgever beoogde doel, het opleidingsaanbod in de betrokken de decreetgever beoogde doel, het opleidingsaanbod in de betrokken
regio verhogen, te bereiken. regio verhogen, te bereiken.
Bovendien is de omstandigheid dat de Karel de Grote Hogeschool slechts Bovendien is de omstandigheid dat de Karel de Grote Hogeschool slechts
vier aanvragen mocht indienen, niet van die aard dat de bestreden vier aanvragen mocht indienen, niet van die aard dat de bestreden
regeling in redelijkheid kan worden verantwoord. Andere hogescholen regeling in redelijkheid kan worden verantwoord. Andere hogescholen
die slechts vier of minder hbo5-opleidingen aanbieden, blijven die slechts vier of minder hbo5-opleidingen aanbieden, blijven
onderworpen aan de overnameverplichting. Ten slotte is enkel het onderworpen aan de overnameverplichting. Ten slotte is enkel het
aantal aanvragen beperkt, maar is de Karel de Grote Hogeschool vrij in aantal aanvragen beperkt, maar is de Karel de Grote Hogeschool vrij in
haar keuze welke hbo5-opleidingen zij aanbiedt. Andere hogescholen haar keuze welke hbo5-opleidingen zij aanbiedt. Andere hogescholen
zijn wel in hun keuze beperkt, namelijk tot de hbo5-opleidingen die zijn wel in hun keuze beperkt, namelijk tot de hbo5-opleidingen die
zij overnemen van het CVO. zij overnemen van het CVO.
De toets nieuwe opleiding door de Nederlands-Vlaamse De toets nieuwe opleiding door de Nederlands-Vlaamse
Accreditatieorganisatie en de macrodoelmatigheidstoets door de Accreditatieorganisatie en de macrodoelmatigheidstoets door de
Commissie Hoger Onderwijs zijn evenmin afdoende om de bestreden Commissie Hoger Onderwijs zijn evenmin afdoende om de bestreden
regeling in redelijkheid te verantwoorden. De toets nieuwe opleiding regeling in redelijkheid te verantwoorden. De toets nieuwe opleiding
door de NVAO geldt ook voor andere hogescholen die een hbo5-opleiding door de NVAO geldt ook voor andere hogescholen die een hbo5-opleiding
overnemen van een CVO en de macrodoelmatigheidstoets geldt ook voor overnemen van een CVO en de macrodoelmatigheidstoets geldt ook voor
andere hogescholen wanneer zij een nieuwe graduaatsopleiding willen andere hogescholen wanneer zij een nieuwe graduaatsopleiding willen
organiseren. Daarnaast wordt in een verkorte procedure voorzien voor organiseren. Daarnaast wordt in een verkorte procedure voorzien voor
de macrodoelmatigheidstoets en wijkt ook de aanvraagprocedure op de macrodoelmatigheidstoets en wijkt ook de aanvraagprocedure op
andere punten af van de standaardprocedure waaraan de andere andere punten af van de standaardprocedure waaraan de andere
hogescholen voor de aanvraag zijn onderworpen. hogescholen voor de aanvraag zijn onderworpen.
B.10. Het eerste onderdeel van het enige middel is gegrond. B.10. Het eerste onderdeel van het enige middel is gegrond.
B.11. De andere onderdelen, die niet tot een ruimere vernietiging B.11. De andere onderdelen, die niet tot een ruimere vernietiging
zouden kunnen leiden, dienen niet te worden onderzocht. zouden kunnen leiden, dienen niet te worden onderzocht.
Wat betreft de handhaving van de gevolgen van de vernietigde bepaling Wat betreft de handhaving van de gevolgen van de vernietigde bepaling
B.12. De Vlaamse Regering en de Karel de Grote Hogeschool vragen om de B.12. De Vlaamse Regering en de Karel de Grote Hogeschool vragen om de
gevolgen van de bestreden bepaling, in geval van vernietiging, te gevolgen van de bestreden bepaling, in geval van vernietiging, te
handhaven. De bestreden bepaling vormt de decretale basis voor de handhaven. De bestreden bepaling vormt de decretale basis voor de
graduaatsopleiding « Internet of Things » aan de Karel de Grote graduaatsopleiding « Internet of Things » aan de Karel de Grote
Hogeschool waardoor de rechtsbasis van die opleiding zou wegvallen. Hogeschool waardoor de rechtsbasis van die opleiding zou wegvallen.
Bovendien hebben de studenten die zich voor het academiejaar 2019-2020 Bovendien hebben de studenten die zich voor het academiejaar 2019-2020
hebben ingeschreven in de graduaatsopleiding « Internet of Things » hebben ingeschreven in de graduaatsopleiding « Internet of Things »
van de Karel de Grote Hogeschool de legitieme verwachting om hun van de Karel de Grote Hogeschool de legitieme verwachting om hun
opleiding af te ronden en hun diploma te behalen. Door de vernietiging opleiding af te ronden en hun diploma te behalen. Door de vernietiging
van de bestreden bepaling zou hun rechtpositie worden ondergraven en van de bestreden bepaling zou hun rechtpositie worden ondergraven en
zouden zij genoodzaakt zijn hun opleiding stop te zetten. zouden zij genoodzaakt zijn hun opleiding stop te zetten.
B.13. Om te vermijden dat rechtsonzekerheid wordt gecreëerd voor die B.13. Om te vermijden dat rechtsonzekerheid wordt gecreëerd voor die
studenten die in het academiejaar 2019-2020 de graduaatsopleiding « studenten die in het academiejaar 2019-2020 de graduaatsopleiding «
Internet of Things » hebben gestart, en de legitieme verwachting Internet of Things » hebben gestart, en de legitieme verwachting
hadden hun opleiding die zij gestart waren, af te ronden en hun hadden hun opleiding die zij gestart waren, af te ronden en hun
diploma te behalen, en rekening houdend met de belangen van onder meer diploma te behalen, en rekening houdend met de belangen van onder meer
het bij die opleiding betrokken personeel, dienen de gevolgen van het het bij die opleiding betrokken personeel, dienen de gevolgen van het
vernietigde artikel 36 te worden gehandhaafd, zoals aangegeven in het vernietigde artikel 36 te worden gehandhaafd, zoals aangegeven in het
dictum. dictum.
Om die redenen, Om die redenen,
het Hof het Hof
- vernietigt artikel 36 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van - vernietigt artikel 36 van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van
1 maart 2019 « tot wijziging van de regelgeving betreffende het 1 maart 2019 « tot wijziging van de regelgeving betreffende het
toezicht op en bepaalde organisatorische aspecten van het hoger toezicht op en bepaalde organisatorische aspecten van het hoger
onderwijs », in zoverre het een artikel II.395, § 2, invoegt in de onderwijs », in zoverre het een artikel II.395, § 2, invoegt in de
Vlaamse Codex Hoger Onderwijs van 11 oktober 2013; Vlaamse Codex Hoger Onderwijs van 11 oktober 2013;
- handhaaft de gevolgen van die bepaling voor het academiejaar - handhaaft de gevolgen van die bepaling voor het academiejaar
2019-2020 en het academiejaar 2020-2021. 2019-2020 en het academiejaar 2020-2021.
Aldus gewezen in het Nederlands, het Frans en het Duits, Aldus gewezen in het Nederlands, het Frans en het Duits,
overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op
het Grondwettelijk Hof, op 19 november 2020. het Grondwettelijk Hof, op 19 november 2020.
De griffier, De griffier,
P.-Y. Dutilleux P.-Y. Dutilleux
De voorzitter, De voorzitter,
A. Alen A. Alen
^