← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 32/2019 van 28 februari 2019 Rolnummer 6658 In zake : het
beroep tot vernietiging van de artikelen 2, 3 en 4 van het decreet van het Waalse Gewest van 20 oktober
2016 « houdende wijziging van het decreet van 10 juli Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en
de rechters L. L(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 32/2019 van 28 februari 2019 Rolnummer 6658 In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 2, 3 en 4 van het decreet van het Waalse Gewest van 20 oktober 2016 « houdende wijziging van het decreet van 10 juli Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en de rechters L. L(...) | Uittreksel uit arrest nr. 32/2019 van 28 februari 2019 Rolnummer 6658 In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 2, 3 en 4 van het decreet van het Waalse Gewest van 20 oktober 2016 « houdende wijziging van het decreet van 10 juli Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en de rechters L. L(...) |
---|---|
GRONDWETTELIJK HOF | GRONDWETTELIJK HOF |
Uittreksel uit arrest nr. 32/2019 van 28 februari 2019 | Uittreksel uit arrest nr. 32/2019 van 28 februari 2019 |
Rolnummer 6658 | Rolnummer 6658 |
In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 2, 3 en 4 van | In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 2, 3 en 4 van |
het decreet van het Waalse Gewest van 20 oktober 2016 « houdende | het decreet van het Waalse Gewest van 20 oktober 2016 « houdende |
wijziging van het decreet van 10 juli 2013 tot invoering van een kader | wijziging van het decreet van 10 juli 2013 tot invoering van een kader |
om te komen tot een pesticidengebruik dat verenigbaar is met duurzame | om te komen tot een pesticidengebruik dat verenigbaar is met duurzame |
ontwikkeling en tot wijziging van Boek I van het Milieuwetboek, Boek | ontwikkeling en tot wijziging van Boek I van het Milieuwetboek, Boek |
II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, de wet van 28 | II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, de wet van 28 |
december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen en het decreet | december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen en het decreet |
van 12 juli 2001 betreffende de beroepsopleiding in de landbouw », | van 12 juli 2001 betreffende de beroepsopleiding in de landbouw », |
ingesteld door de vzw « Belgische vereniging van de industrie van | ingesteld door de vzw « Belgische vereniging van de industrie van |
plantenbeschermingsmiddelen ». | plantenbeschermingsmiddelen ». |
Het Grondwettelijk Hof, | Het Grondwettelijk Hof, |
samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en de rechters L. | samengesteld uit de voorzitters F. Daoût en A. Alen, en de rechters L. |
Lavrysen, J.-P. Snappe, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, T. | Lavrysen, J.-P. Snappe, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, T. |
Giet, R. Leysen en M. Pâques, bijgestaan door de griffier F. | Giet, R. Leysen en M. Pâques, bijgestaan door de griffier F. |
Meersschaut, onder voorzitterschap van voorzitter F. Daoût, | Meersschaut, onder voorzitterschap van voorzitter F. Daoût, |
wijst na beraad het volgende arrest : | wijst na beraad het volgende arrest : |
I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging | I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging |
Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 9 mei 2017 | Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 9 mei 2017 |
ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 10 mei | ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 10 mei |
2017, heeft de vzw « Belgische vereniging van de industrie van | 2017, heeft de vzw « Belgische vereniging van de industrie van |
plantenbeschermingsmiddelen », bijgestaan en vertegenwoordigd door Mr. | plantenbeschermingsmiddelen », bijgestaan en vertegenwoordigd door Mr. |
B. Deltour, advocaat bij de balie te Brussel, beroep tot vernietiging | B. Deltour, advocaat bij de balie te Brussel, beroep tot vernietiging |
ingesteld van de artikelen 2, 3 en 4 van het decreet van het Waalse | ingesteld van de artikelen 2, 3 en 4 van het decreet van het Waalse |
Gewest van 20 oktober 2016 « houdende wijziging van het decreet van 10 | Gewest van 20 oktober 2016 « houdende wijziging van het decreet van 10 |
juli 2013 tot invoering van een kader om te komen tot een | juli 2013 tot invoering van een kader om te komen tot een |
pesticidengebruik dat verenigbaar is met duurzame ontwikkeling en tot | pesticidengebruik dat verenigbaar is met duurzame ontwikkeling en tot |
wijziging van Boek I van het Milieuwetboek, Boek II van het | wijziging van Boek I van het Milieuwetboek, Boek II van het |
Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, de wet van 28 december | Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, de wet van 28 december |
1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen en het decreet van 12 juli | 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen en het decreet van 12 juli |
2001 betreffende de beroepsopleiding in de landbouw » (bekendgemaakt | 2001 betreffende de beroepsopleiding in de landbouw » (bekendgemaakt |
in het Belgisch Staatsblad van 10 november 2016, tweede editie). | in het Belgisch Staatsblad van 10 november 2016, tweede editie). |
(...) | (...) |
II. In rechte | II. In rechte |
(...) | (...) |
Ten aanzien van de bestreden bepalingen | Ten aanzien van de bestreden bepalingen |
B.1. De verzoekende partij vordert de vernietiging van de artikelen 2 | B.1. De verzoekende partij vordert de vernietiging van de artikelen 2 |
tot 4 van het decreet van het Waalse Gewest van 20 oktober 2016 « | tot 4 van het decreet van het Waalse Gewest van 20 oktober 2016 « |
houdende wijziging van het decreet van 10 juli 2013 tot invoering van | houdende wijziging van het decreet van 10 juli 2013 tot invoering van |
een kader om te komen tot een pesticidengebruik dat verenigbaar is met | een kader om te komen tot een pesticidengebruik dat verenigbaar is met |
duurzame ontwikkeling en tot wijziging van Boek I van het | duurzame ontwikkeling en tot wijziging van Boek I van het |
Milieuwetboek, Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek | Milieuwetboek, Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek |
inhoudt, de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare | inhoudt, de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare |
waterlopen en het decreet van 12 juli 2001 betreffende de | waterlopen en het decreet van 12 juli 2001 betreffende de |
beroepsopleiding in de landbouw » (hierna : het decreet van 20 oktober | beroepsopleiding in de landbouw » (hierna : het decreet van 20 oktober |
2016). | 2016). |
De bestreden bepalingen voeren een artikel 4/1 en een artikel 4/2 in | De bestreden bepalingen voeren een artikel 4/1 en een artikel 4/2 in |
het voormelde decreet van 10 juli 2013 in en wijzigen artikel 9 van | het voormelde decreet van 10 juli 2013 in en wijzigen artikel 9 van |
datzelfde decreet. | datzelfde decreet. |
B.2. Artikel 3 van het decreet van 10 juli 2013, dat titel II met als | B.2. Artikel 3 van het decreet van 10 juli 2013, dat titel II met als |
opschrift « Toepassingsvoorwaarden voor de pesticiden in de openbare | opschrift « Toepassingsvoorwaarden voor de pesticiden in de openbare |
ruimten » vormt, bepaalt : | ruimten » vormt, bepaalt : |
« § 1. De toepassing van gewasbeschermingsmiddelen in de openbare | « § 1. De toepassing van gewasbeschermingsmiddelen in de openbare |
ruimten is vanaf 1 juni 2014 verboden. | ruimten is vanaf 1 juni 2014 verboden. |
§ 2. In afwijking van paragraaf 1 kan de Regering de voorwaarden | § 2. In afwijking van paragraaf 1 kan de Regering de voorwaarden |
bepalen waarin de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen tot 31 mei | bepalen waarin de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen tot 31 mei |
2019 wordt toegelaten. | 2019 wordt toegelaten. |
Die voorwaarden bestaan met name in : | Die voorwaarden bestaan met name in : |
1° de verplichting om een plan op te maken en uit te voeren dat | 1° de verplichting om een plan op te maken en uit te voeren dat |
betrekking heeft op de beperking van de toepassing van de | betrekking heeft op de beperking van de toepassing van de |
gewasbeschermingsmiddelen in de openbare ruimten; | gewasbeschermingsmiddelen in de openbare ruimten; |
2° kwalificaties van het personeel belast met de aankoop, de opslag en | 2° kwalificaties van het personeel belast met de aankoop, de opslag en |
de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen; | de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen; |
3° beperkingen van de vergunningen betreffende met name de gebruikte | 3° beperkingen van de vergunningen betreffende met name de gebruikte |
gewasbeschermingsmiddelen tot de aard en de kenmerken van de ruimten | gewasbeschermingsmiddelen tot de aard en de kenmerken van de ruimten |
waarop die producten toegepast moeten worden; | waarop die producten toegepast moeten worden; |
4° voorwaarden m.b.t. de soorten gebruikte gewasbeschermingsmiddelen. | 4° voorwaarden m.b.t. de soorten gebruikte gewasbeschermingsmiddelen. |
De Regering kan ook de voorwaarden bepalen waarin de toepassing van | De Regering kan ook de voorwaarden bepalen waarin de toepassing van |
pesticiden toegelaten of verboden is wegens redenen van openbare | pesticiden toegelaten of verboden is wegens redenen van openbare |
gezondheid, hygiëne, veiligheid van de personen, natuurbehoud en | gezondheid, hygiëne, veiligheid van de personen, natuurbehoud en |
behoud van het plantenerfgoed met inachtneming van het principe van de | behoud van het plantenerfgoed met inachtneming van het principe van de |
gewasbescherming. | gewasbescherming. |
De Regering bepaalt wat onder ' openbare ruimten ' moet worden | De Regering bepaalt wat onder ' openbare ruimten ' moet worden |
verstaan ». | verstaan ». |
Artikel 4 van hetzelfde decreet, dat titel III met als opschrift « | Artikel 4 van hetzelfde decreet, dat titel III met als opschrift « |
Toepassingsvoorwaarden voor de pesticiden in de door het publiek of | Toepassingsvoorwaarden voor de pesticiden in de door het publiek of |
kwetsbare groepen bezochte ruimten » vormt, bepaalt : | kwetsbare groepen bezochte ruimten » vormt, bepaalt : |
« De Regering kan de toepassing van pesticiden in de door het publiek | « De Regering kan de toepassing van pesticiden in de door het publiek |
of kwetsbare groepen bezochte ruimten reglementeren en, indien nodig, | of kwetsbare groepen bezochte ruimten reglementeren en, indien nodig, |
verbieden. | verbieden. |
Ze kan ook de voorzorgsmaatregelen m.b.t. de toepassing van pesticiden | Ze kan ook de voorzorgsmaatregelen m.b.t. de toepassing van pesticiden |
in de nabijheid van die plaatsen bepalen. | in de nabijheid van die plaatsen bepalen. |
Ze kan de toegang tot het gedeelte van de door het publiek bezochte | Ze kan de toegang tot het gedeelte van de door het publiek bezochte |
ruimten dat het voorwerp uitmaakt van een behandeling door een | ruimten dat het voorwerp uitmaakt van een behandeling door een |
gewasbeschermingsmiddel reglementeren of verbieden en de aanplakkings- | gewasbeschermingsmiddel reglementeren of verbieden en de aanplakkings- |
en bebakeningsvoorwaarden van de behandelde gebieden bepalen. | en bebakeningsvoorwaarden van de behandelde gebieden bepalen. |
De Regering bepaalt wat onder ' door het publiek bezochte ruimten ' | De Regering bepaalt wat onder ' door het publiek bezochte ruimten ' |
moet worden verstaan ». | moet worden verstaan ». |
B.3.1. Artikel 2 van het decreet van 20 oktober 2016 voert in het | B.3.1. Artikel 2 van het decreet van 20 oktober 2016 voert in het |
decreet van 10 juli 2013, onder een nieuwe titel III/1 met als | decreet van 10 juli 2013, onder een nieuwe titel III/1 met als |
opschrift « Toepassingsvoorwaarden voor bepaalde pesticiden op iedere | opschrift « Toepassingsvoorwaarden voor bepaalde pesticiden op iedere |
plaats », een nieuw artikel 4/1 in, dat bepaalt : | plaats », een nieuw artikel 4/1 in, dat bepaalt : |
« § 1. De Regering kan de toepassing van pesticiden op iedere plaats | « § 1. De Regering kan de toepassing van pesticiden op iedere plaats |
reglementeren en, indien nodig, tijdelijk of voor een onbepaalde duur | reglementeren en, indien nodig, tijdelijk of voor een onbepaalde duur |
verbieden, als deze pesticiden werkzame stoffen bevatten die een | verbieden, als deze pesticiden werkzame stoffen bevatten die een |
risico vormen voor de bescherming van het leefmilieu, voor de | risico vormen voor de bescherming van het leefmilieu, voor de |
menselijke gezondheid of voor het natuurbehoud. | menselijke gezondheid of voor het natuurbehoud. |
Naar gelang van de omstandigheden, bepaalt de Regering of het verbod | Naar gelang van de omstandigheden, bepaalt de Regering of het verbod |
of de reglementering bedoeld in het eerste lid toepasselijk is op het | of de reglementering bedoeld in het eerste lid toepasselijk is op het |
geheel of een gedeelte van het gebied van het Waalse Gewest. | geheel of een gedeelte van het gebied van het Waalse Gewest. |
Als enkel een gedeelte van het gebied van het Waalse Gewest betrokken | Als enkel een gedeelte van het gebied van het Waalse Gewest betrokken |
is overeenkomstig het tweede lid, kan de Regering de | is overeenkomstig het tweede lid, kan de Regering de |
voorzorgsmaatregelen m.b.t. de toepassing van pesticiden in de | voorzorgsmaatregelen m.b.t. de toepassing van pesticiden in de |
nabijheid van bedoeld gebied bepalen. | nabijheid van bedoeld gebied bepalen. |
In voorkomend geval, kan de Regering de toegang tot het gedeelte van | In voorkomend geval, kan de Regering de toegang tot het gedeelte van |
de door het publiek bezochte plaatsen, dat het voorwerp uitmaakt van | de door het publiek bezochte plaatsen, dat het voorwerp uitmaakt van |
een behandeling door pesticiden, reglementeren of verbieden, en de | een behandeling door pesticiden, reglementeren of verbieden, en de |
aanplakkings- en bebakeningsvoorwaarden van de behandelde gebieden | aanplakkings- en bebakeningsvoorwaarden van de behandelde gebieden |
bepalen. | bepalen. |
§ 2. In afwijking van paragraaf 1, kan de Regering, bij gebrek aan | § 2. In afwijking van paragraaf 1, kan de Regering, bij gebrek aan |
alternatieven, in uitzonderingen voorzien voor professionele | alternatieven, in uitzonderingen voorzien voor professionele |
gebruikers, voor zover ze ervoor zorgt dat ze in kennis worden gesteld | gebruikers, voor zover ze ervoor zorgt dat ze in kennis worden gesteld |
van het risico van bedoelde werkzame stoffen voor de bescherming van | van het risico van bedoelde werkzame stoffen voor de bescherming van |
het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor het | het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor het |
natuurbehoud. | natuurbehoud. |
De Regering bepaalt wat onder ' professionele gebruikers ' moet worden | De Regering bepaalt wat onder ' professionele gebruikers ' moet worden |
verstaan ». | verstaan ». |
B.3.2. Volgens de parlementaire voorbereiding heeft die nieuwe | B.3.2. Volgens de parlementaire voorbereiding heeft die nieuwe |
bepaling : | bepaling : |
« [...] tot doel de Regering ertoe te machtigen maatregelen te nemen | « [...] tot doel de Regering ertoe te machtigen maatregelen te nemen |
die de toepassing beperken of verbieden van sommige pesticiden die | die de toepassing beperken of verbieden van sommige pesticiden die |
werkzame stoffen bevatten die een risico vormen voor de bescherming | werkzame stoffen bevatten die een risico vormen voor de bescherming |
van het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor het | van het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor het |
natuurbehoud. | natuurbehoud. |
De bepaling beoogt de werkzame stoffen die een risico vormen voor de | De bepaling beoogt de werkzame stoffen die een risico vormen voor de |
bescherming van het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor | bescherming van het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor |
het natuurbehoud. Het door de werkzame stof veroorzaakte risico moet | het natuurbehoud. Het door de werkzame stof veroorzaakte risico moet |
worden aangetoond door de Regering in het kader van de motivering van | worden aangetoond door de Regering in het kader van de motivering van |
de aangenomen beperking of het aangenomen verbod. Die motivering zal | de aangenomen beperking of het aangenomen verbod. Die motivering zal |
kunnen verwijzen naar het voorzorgsbeginsel bedoeld in artikel 23 van | kunnen verwijzen naar het voorzorgsbeginsel bedoeld in artikel 23 van |
de Grondwet. In dat opzicht dient te worden herinnerd aan het beginsel | de Grondwet. In dat opzicht dient te worden herinnerd aan het beginsel |
15 van de Verklaring van Rio van 1992, waarin dat voorzorgsbeginsel in | 15 van de Verklaring van Rio van 1992, waarin dat voorzorgsbeginsel in |
de volgende bewoordingen wordt gedefinieerd : ' Daar waar ernstige of | de volgende bewoordingen wordt gedefinieerd : ' Daar waar ernstige of |
onomkeerbare schade dreigt, mag het ontbreken van volledige | onomkeerbare schade dreigt, mag het ontbreken van volledige |
wetenschappelijke zekerheid niet als voorwendsel worden gebruikt voor | wetenschappelijke zekerheid niet als voorwendsel worden gebruikt voor |
het uitstellen van effectieve maatregelen om schade aan het milieu te | het uitstellen van effectieve maatregelen om schade aan het milieu te |
voorkomen '. | voorkomen '. |
Die beperkingen of verbodsbepalingen zullen betrekking kunnen hebben | Die beperkingen of verbodsbepalingen zullen betrekking kunnen hebben |
op een of meer pesticiden, en zullen kunnen worden genomen voor | op een of meer pesticiden, en zullen kunnen worden genomen voor |
bepaalde of onbepaalde duur. Zij zullen eveneens betrekking kunnen | bepaalde of onbepaalde duur. Zij zullen eveneens betrekking kunnen |
hebben op het volledige of een deel van het Waalse grondgebied. | hebben op het volledige of een deel van het Waalse grondgebied. |
Hierdoor zullen zij betrekking kunnen hebben op het gebruik, door de | Hierdoor zullen zij betrekking kunnen hebben op het gebruik, door de |
particulieren, van stoffen op hun privégronden. | particulieren, van stoffen op hun privégronden. |
De bepaling strekt eveneens ertoe de Regering toe te laten maatregelen | De bepaling strekt eveneens ertoe de Regering toe te laten maatregelen |
te nemen tot bescherming van bepaalde plaatsen en van de directe | te nemen tot bescherming van bepaalde plaatsen en van de directe |
omgeving daarvan wanneer de reglementering of het verbod beperkt is | omgeving daarvan wanneer de reglementering of het verbod beperkt is |
tot een deel van het grondgebied. In het bijzonder worden de | tot een deel van het grondgebied. In het bijzonder worden de |
bufferzones beoogd, reeds ingesteld bij het besluit van de Waalse | bufferzones beoogd, reeds ingesteld bij het besluit van de Waalse |
Regering van 11 juli 2013 betreffende een pesticidengebruik dat | Regering van 11 juli 2013 betreffende een pesticidengebruik dat |
verenigbaar is met de duurzame ontwikkeling en tot wijziging van het | verenigbaar is met de duurzame ontwikkeling en tot wijziging van het |
Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, en het | Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, en het |
besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 5 oktober 1978 betreffende | besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 5 oktober 1978 betreffende |
het opmaken van een verslag over de toestand van het Waalse | het opmaken van een verslag over de toestand van het Waalse |
leefmilieu. | leefmilieu. |
Paragraaf 2 maakt het de Regering mogelijk de uitzonderingen op de | Paragraaf 2 maakt het de Regering mogelijk de uitzonderingen op de |
reglementeringen en/of op de verbodsmaatregelen voor de professionele | reglementeringen en/of op de verbodsmaatregelen voor de professionele |
gebruikers te definiëren. Die uitzonderingen kunnen evenwel alleen | gebruikers te definiëren. Die uitzonderingen kunnen evenwel alleen |
worden toegekend voor zover hiervoor geen alternatief bestaat en op | worden toegekend voor zover hiervoor geen alternatief bestaat en op |
voorwaarde dat die professionele gebruikers beschikken over de | voorwaarde dat die professionele gebruikers beschikken over de |
vereiste informatie in verband met het zorgwekkende karakter van de | vereiste informatie in verband met het zorgwekkende karakter van de |
beoogde pesticiden. In dat kader zal de Regering, wanneer zij een | beoogde pesticiden. In dat kader zal de Regering, wanneer zij een |
reglementering zal aannemen waarbij een afwijking wordt toegekend aan | reglementering zal aannemen waarbij een afwijking wordt toegekend aan |
de professionele gebruikers, begeleidende maatregelen moeten nemen om | de professionele gebruikers, begeleidende maatregelen moeten nemen om |
zich ervan te vergewissen dat die gebruikers worden ingelicht over het | zich ervan te vergewissen dat die gebruikers worden ingelicht over het |
risico dat de beoogde werkzame stoffen inhouden voor de bescherming | risico dat de beoogde werkzame stoffen inhouden voor de bescherming |
van het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor het | van het leefmilieu, voor de menselijke gezondheid of voor het |
natuurbehoud. Die maatregelen van informatieverstrekking moeten worden | natuurbehoud. Die maatregelen van informatieverstrekking moeten worden |
aangenomen door de Regering in het kader van haar machtiging. Die | aangenomen door de Regering in het kader van haar machtiging. Die |
bepaling is precies bedoeld om in het decreet de voorwaarden te | bepaling is precies bedoeld om in het decreet de voorwaarden te |
bepalen waaronder de Regering, wanneer zij gebruikmaakt van de | bepalen waaronder de Regering, wanneer zij gebruikmaakt van de |
reglementaire bevoegdheid met toepassing van het ontworpen artikel | reglementaire bevoegdheid met toepassing van het ontworpen artikel |
4/1, § 1, de professionele gebruikers kan ontslaan van de verplichting | 4/1, § 1, de professionele gebruikers kan ontslaan van de verplichting |
om de regels in acht te nemen die bij die gelegenheid zijn aangenomen | om de regels in acht te nemen die bij die gelegenheid zijn aangenomen |
» (Parl. St., Waals Parlement, 2015-2016, nr. 556/1, pp. 6-7). | » (Parl. St., Waals Parlement, 2015-2016, nr. 556/1, pp. 6-7). |
B.4. Artikel 3 van het decreet van 20 oktober 2016 voert in het | B.4. Artikel 3 van het decreet van 20 oktober 2016 voert in het |
decreet van 10 juli 2013 een nieuw artikel 4/2 in, dat bepaalt : | decreet van 10 juli 2013 een nieuw artikel 4/2 in, dat bepaalt : |
« De Regering kan verplichtingen vastleggen ten laste van het | « De Regering kan verplichtingen vastleggen ten laste van het |
personeel belast met het verkoop van de pesticiden bedoeld in artikel | personeel belast met het verkoop van de pesticiden bedoeld in artikel |
4/1 voor wat betreft de te verstrekken informatie inzake de te nemen | 4/1 voor wat betreft de te verstrekken informatie inzake de te nemen |
voorzorgsmaatregelen m.b.t. de toepassing ervan en inzake het risico | voorzorgsmaatregelen m.b.t. de toepassing ervan en inzake het risico |
van bedoelde werkzame stoffen voor de bescherming van het leefmilieu, | van bedoelde werkzame stoffen voor de bescherming van het leefmilieu, |
voor de menselijke gezondheid of voor het natuurbehoud. | voor de menselijke gezondheid of voor het natuurbehoud. |
De Regering neemt alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de | De Regering neemt alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de |
verstrekte informatie krachtens het eerste lid wel degelijk wordt | verstrekte informatie krachtens het eerste lid wel degelijk wordt |
meegedeeld aan de gebruikers ». | meegedeeld aan de gebruikers ». |
B.5. Artikel 4 van het decreet van 20 oktober 2016 vervangt in artikel | B.5. Artikel 4 van het decreet van 20 oktober 2016 vervangt in artikel |
9, eerste lid, van het decreet van 10 juli 2013 de woorden « de | 9, eerste lid, van het decreet van 10 juli 2013 de woorden « de |
artikelen 3, 4 en 6 » door de woorden « de artikelen 3, 4, 4/1, 4/2 en | artikelen 3, 4 en 6 » door de woorden « de artikelen 3, 4, 4/1, 4/2 en |
6 », zodat artikel 9 van het decreet van 10 juli 2013 bepaalt : | 6 », zodat artikel 9 van het decreet van 10 juli 2013 bepaalt : |
« Er wordt een overtreding van derde categorie in de zin van deel VIII | « Er wordt een overtreding van derde categorie in de zin van deel VIII |
van het decretaal gedeelte van Boek I van het Milieuwetboek begaan | van het decretaal gedeelte van Boek I van het Milieuwetboek begaan |
door degene die pesticiden in overtreding met de artikelen 3, 4, 4/1, | door degene die pesticiden in overtreding met de artikelen 3, 4, 4/1, |
4/2 en 6 van dit decreet, alsook met hun uitvoeringsbesluiten toepast, | 4/2 en 6 van dit decreet, alsook met hun uitvoeringsbesluiten toepast, |
gebruikt of hanteert. | gebruikt of hanteert. |
Er wordt een overtreding van derde categorie in de zin van deel VIII | Er wordt een overtreding van derde categorie in de zin van deel VIII |
van hetzelfde Wetboek begaan door de overtreder van de algemene | van hetzelfde Wetboek begaan door de overtreder van de algemene |
beginselen inzake geïntegreerde gewasbescherming zoals bepaald door de | beginselen inzake geïntegreerde gewasbescherming zoals bepaald door de |
Regering overeenkomstig artikel 5, § 1 ». | Regering overeenkomstig artikel 5, § 1 ». |
B.6.1. De bestreden bepalingen breiden het toepassingsgebied van het | B.6.1. De bestreden bepalingen breiden het toepassingsgebied van het |
decreet van 10 juli 2013 uit. Zij maken het de Waalse Regering | decreet van 10 juli 2013 uit. Zij maken het de Waalse Regering |
mogelijk om « op iedere plaats » en « op het geheel of een gedeelte | mogelijk om « op iedere plaats » en « op het geheel of een gedeelte |
van het gebied van het Waalse Gewest » het gebruik van pesticiden te | van het gebied van het Waalse Gewest » het gebruik van pesticiden te |
reglementeren of te verbieden wanneer die pesticiden werkzame stoffen | reglementeren of te verbieden wanneer die pesticiden werkzame stoffen |
bevatten die een risico vormen voor de bescherming van het leefmilieu, | bevatten die een risico vormen voor de bescherming van het leefmilieu, |
voor de menselijke gezondheid of voor het natuurbehoud (nieuw artikel | voor de menselijke gezondheid of voor het natuurbehoud (nieuw artikel |
4/1, § 1, van het decreet van 10 juli 2013) en, bij gebrek aan | 4/1, § 1, van het decreet van 10 juli 2013) en, bij gebrek aan |
alternatieven, te voorzien in uitzonderingen op die beperkingen of | alternatieven, te voorzien in uitzonderingen op die beperkingen of |
verbodsmaatregelen voor de professionele gebruikers (nieuw artikel | verbodsmaatregelen voor de professionele gebruikers (nieuw artikel |
4/1, § 2, van hetzelfde decreet). Daarnaast laten zij de Regering toe | 4/1, § 2, van hetzelfde decreet). Daarnaast laten zij de Regering toe |
verplichtingen vast te stellen ten aanzien van het personeel dat | verplichtingen vast te stellen ten aanzien van het personeel dat |
belast is met de verkoop van de pesticiden wat betreft de aan de | belast is met de verkoop van de pesticiden wat betreft de aan de |
gebruikers te verstrekken informatie (nieuw artikel 4/2 van hetzelfde | gebruikers te verstrekken informatie (nieuw artikel 4/2 van hetzelfde |
decreet). | decreet). |
B.6.2. Op grond van die machtigingen heeft de Waalse Regering het | B.6.2. Op grond van die machtigingen heeft de Waalse Regering het |
gebruik verboden van de gewasbeschermingsmiddelen op basis van de | gebruik verboden van de gewasbeschermingsmiddelen op basis van de |
werkzame stof glyfosaat op het volledige grondgebied van het Waalse | werkzame stof glyfosaat op het volledige grondgebied van het Waalse |
Gewest, gedurende een periode van achttien maanden, behalve voor de | Gewest, gedurende een periode van achttien maanden, behalve voor de |
professionele gebruikers die houder zijn van een fytolicentie P1, P2 | professionele gebruikers die houder zijn van een fytolicentie P1, P2 |
of P3, die die producten mogen gebruiken onder de voorwaarden bepaald | of P3, die die producten mogen gebruiken onder de voorwaarden bepaald |
in artikel 2, § 1, tweede en derde lid, van het besluit van de Waalse | in artikel 2, § 1, tweede en derde lid, van het besluit van de Waalse |
Regering van 30 maart 2017 houdende een verbod op het gebruik van | Regering van 30 maart 2017 houdende een verbod op het gebruik van |
glyfosaat in gewasbeschermingsmiddelen. | glyfosaat in gewasbeschermingsmiddelen. |
B.6.3. Bij het besluit van de Waalse Regering van 22 maart 2018 | B.6.3. Bij het besluit van de Waalse Regering van 22 maart 2018 |
houdende een verbod op het gebruik van neonicotinoïden in pesticiden | houdende een verbod op het gebruik van neonicotinoïden in pesticiden |
heeft de Waalse Regering eveneens het gebruik verboden van pesticiden | heeft de Waalse Regering eveneens het gebruik verboden van pesticiden |
die neonicotinoïden bevatten, behalve voor de professionele gebruikers | die neonicotinoïden bevatten, behalve voor de professionele gebruikers |
die houder zijn van een fytolicentie P1, P2 of P3, die de pesticiden | die houder zijn van een fytolicentie P1, P2 of P3, die de pesticiden |
die neonicotinoïden bevatten, mogen gebruiken onder de voorwaarden | die neonicotinoïden bevatten, mogen gebruiken onder de voorwaarden |
bepaald in artikel 2, tweede lid en volgende, van dat besluit. | bepaald in artikel 2, tweede lid en volgende, van dat besluit. |
B.7. Luidens artikel 1 ervan, voorziet het decreet van 10 juli 2013 in | B.7. Luidens artikel 1 ervan, voorziet het decreet van 10 juli 2013 in |
de gedeeltelijke omzetting van de richtlijn 2009/128/EG van het | de gedeeltelijke omzetting van de richtlijn 2009/128/EG van het |
Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 « tot vaststelling | Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 « tot vaststelling |
van een kader voor communautaire actie ter verwezenlijking van een | van een kader voor communautaire actie ter verwezenlijking van een |
duurzaam gebruik van pesticiden ». Die richtlijn heeft blijkens | duurzaam gebruik van pesticiden ». Die richtlijn heeft blijkens |
artikel 1 ervan als doel « de totstandbrenging van een duurzaam | artikel 1 ervan als doel « de totstandbrenging van een duurzaam |
gebruik van pesticiden door vermindering van de risico's en de | gebruik van pesticiden door vermindering van de risico's en de |
effecten van pesticidengebruik op de menselijke gezondheid en het | effecten van pesticidengebruik op de menselijke gezondheid en het |
milieu en door bevordering van het gebruik van geïntegreerde | milieu en door bevordering van het gebruik van geïntegreerde |
plaagbestrijding en alternatieve benaderingswijzen of technieken, | plaagbestrijding en alternatieve benaderingswijzen of technieken, |
zoals niet-chemische alternatieven voor pesticiden ». | zoals niet-chemische alternatieven voor pesticiden ». |
Artikel 12 van die richtlijn vereist van de lidstaten dat « met | Artikel 12 van die richtlijn vereist van de lidstaten dat « met |
inachtneming van de eisen inzake hygiëne, volksgezondheid en | inachtneming van de eisen inzake hygiëne, volksgezondheid en |
biodiversiteit, of van de resultaten van desbetreffende | biodiversiteit, of van de resultaten van desbetreffende |
risicobeoordelingen, het gebruik van pesticiden in bepaalde specifieke | risicobeoordelingen, het gebruik van pesticiden in bepaalde specifieke |
gebieden wordt geminimaliseerd of verboden ». De in die bepaling | gebieden wordt geminimaliseerd of verboden ». De in die bepaling |
bedoelde specifieke gebieden zijn : | bedoelde specifieke gebieden zijn : |
« a) gebieden die door het brede publiek of door kwetsbare groepen, | « a) gebieden die door het brede publiek of door kwetsbare groepen, |
zoals omschreven in artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1107/2009, | zoals omschreven in artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1107/2009, |
worden gebruikt, zoals parken, openbare tuinen, sport- en | worden gebruikt, zoals parken, openbare tuinen, sport- en |
recreatieterreinen, schoolterreinen en speelplaatsen, en gebieden in | recreatieterreinen, schoolterreinen en speelplaatsen, en gebieden in |
de nabijheid van zorginstellingen; | de nabijheid van zorginstellingen; |
b) beschermde gebieden als omschreven in Richtlijn 2000/60/EG en | b) beschermde gebieden als omschreven in Richtlijn 2000/60/EG en |
andere gebieden die ten behoeve van de uitvoering van de noodzakelijke | andere gebieden die ten behoeve van de uitvoering van de noodzakelijke |
natuurbehoudsmaatregelen zijn aangewezen overeenkomstig de bepalingen | natuurbehoudsmaatregelen zijn aangewezen overeenkomstig de bepalingen |
van Richtlijn 79/409/EEG en Richtlijn 92/43/EEG; | van Richtlijn 79/409/EEG en Richtlijn 92/43/EEG; |
c) recentelijk behandelde gebieden die door werknemers in de landbouw | c) recentelijk behandelde gebieden die door werknemers in de landbouw |
worden gebruikt of voor hen toegankelijk zijn ». | worden gebruikt of voor hen toegankelijk zijn ». |
Artikel 2, lid 3, van die richtlijn voorziet erin dat de bepalingen | Artikel 2, lid 3, van die richtlijn voorziet erin dat de bepalingen |
ervan « voor de lidstaten geen beletsel [vormen] om het | ervan « voor de lidstaten geen beletsel [vormen] om het |
voorzorgsbeginsel toe te passen bij het beperken of [het] verbieden | voorzorgsbeginsel toe te passen bij het beperken of [het] verbieden |
van het gebruik van pesticiden onder bepaalde omstandigheden of in | van het gebruik van pesticiden onder bepaalde omstandigheden of in |
bepaalde gebieden ». | bepaalde gebieden ». |
Ten aanzien van de ontvankelijkheid | Ten aanzien van de ontvankelijkheid |
B.8.1. De Waalse Regering betwist het belang van de verzoekende | B.8.1. De Waalse Regering betwist het belang van de verzoekende |
partij, omdat de aangevoerde schendingen niet zouden voortvloeien uit | partij, omdat de aangevoerde schendingen niet zouden voortvloeien uit |
de bestreden bepalingen, maar uitsluitend uit de wijze waarop de | de bestreden bepalingen, maar uitsluitend uit de wijze waarop de |
Waalse Regering zou gebruikmaken van de daarbij verleende | Waalse Regering zou gebruikmaken van de daarbij verleende |
machtigingen. | machtigingen. |
B.8.2. Aangezien de exceptie van niet-ontvankelijkheid verband houdt | B.8.2. Aangezien de exceptie van niet-ontvankelijkheid verband houdt |
met de draagwijdte van de bestreden bepalingen, valt het onderzoek | met de draagwijdte van de bestreden bepalingen, valt het onderzoek |
ervan samen met dat van de grond van de zaak. | ervan samen met dat van de grond van de zaak. |
B.9. Het Hof beperkt zijn onderzoek tot de bestreden bepalingen | B.9. Het Hof beperkt zijn onderzoek tot de bestreden bepalingen |
waartegen daadwerkelijk grieven zijn gericht. | waartegen daadwerkelijk grieven zijn gericht. |
Geen enkele grief heeft betrekking op de artikelen 3 en 4 van het | Geen enkele grief heeft betrekking op de artikelen 3 en 4 van het |
decreet van 20 oktober 2016. | decreet van 20 oktober 2016. |
Het Hof onderzoekt het beroep uitsluitend in zoverre het artikel 2 van | Het Hof onderzoekt het beroep uitsluitend in zoverre het artikel 2 van |
dat bestreden decreet beoogt. | dat bestreden decreet beoogt. |
B.10. Het Hof is niet bevoegd om te oordelen over een beroep dat is | B.10. Het Hof is niet bevoegd om te oordelen over een beroep dat is |
gericht tegen een besluit van de Waalse Regering, dat geen | gericht tegen een besluit van de Waalse Regering, dat geen |
wetskrachtige norm is. Het staat aan de bevoegde rechter om na te gaan | wetskrachtige norm is. Het staat aan de bevoegde rechter om na te gaan |
of het voormelde besluit van de Waalse Regering van 30 maart 2017 | of het voormelde besluit van de Waalse Regering van 30 maart 2017 |
bestaanbaar is met de hogere rechtsnormen. | bestaanbaar is met de hogere rechtsnormen. |
Het beroep is derhalve niet ontvankelijk, in zoverre het betrekking | Het beroep is derhalve niet ontvankelijk, in zoverre het betrekking |
heeft op het besluit van de Waalse Regering van 30 maart 2017. | heeft op het besluit van de Waalse Regering van 30 maart 2017. |
B.11.1. Om te voldoen aan de vereisten van artikel 6 van de bijzondere | B.11.1. Om te voldoen aan de vereisten van artikel 6 van de bijzondere |
wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, moeten de middelen | wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, moeten de middelen |
van het verzoekschrift te kennen geven welke van de regels waarvan het | van het verzoekschrift te kennen geven welke van de regels waarvan het |
Hof de naleving waarborgt, zouden geschonden zijn, alsook welke de | Hof de naleving waarborgt, zouden geschonden zijn, alsook welke de |
bepalingen zijn die deze regels zouden schenden, en uiteenzetten in | bepalingen zijn die deze regels zouden schenden, en uiteenzetten in |
welk opzicht die regels door de bedoelde bepalingen zouden zijn | welk opzicht die regels door de bedoelde bepalingen zouden zijn |
geschonden. | geschonden. |
B.11.2. De verzoekende partij zet, in het kader van het enige middel, | B.11.2. De verzoekende partij zet, in het kader van het enige middel, |
niet uiteen op welke manier de bestreden bepalingen de artikelen 7bis, | niet uiteen op welke manier de bestreden bepalingen de artikelen 7bis, |
23 en 35 van de Grondwet, artikel 6, § 1, V, tweede lid, 1°, van de | 23 en 35 van de Grondwet, artikel 6, § 1, V, tweede lid, 1°, van de |
bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, de | bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, de |
verordening (EG) nr. 1107/2009, de richtlijn 2009/128/EG, of het | verordening (EG) nr. 1107/2009, de richtlijn 2009/128/EG, of het |
redelijkheidsbeginsel zouden schenden. | redelijkheidsbeginsel zouden schenden. |
In de mate waarin het middel is afgeleid uit een schending van die | In de mate waarin het middel is afgeleid uit een schending van die |
bepalingen, is het niet ontvankelijk. | bepalingen, is het niet ontvankelijk. |
B.12. Wetskrachtige normen, behoudens wanneer zij bepalingen bevatten | B.12. Wetskrachtige normen, behoudens wanneer zij bepalingen bevatten |
die de bevoegdheid tussen de Staat, de gemeenschappen en de gewesten | die de bevoegdheid tussen de Staat, de gemeenschappen en de gewesten |
verdelen, behoren niet tot de normen waaraan het Hof een andere | verdelen, behoren niet tot de normen waaraan het Hof een andere |
wetskrachtige norm vermag te toetsen. In beginsel staat immers niets | wetskrachtige norm vermag te toetsen. In beginsel staat immers niets |
eraan in de weg dat een bepaling van wetgevende aard afwijkt van een | eraan in de weg dat een bepaling van wetgevende aard afwijkt van een |
andere bepaling van dezelfde aard. | andere bepaling van dezelfde aard. |
Koninklijke besluiten behoren, onder hetzelfde voorbehoud, evenmin tot | Koninklijke besluiten behoren, onder hetzelfde voorbehoud, evenmin tot |
de normen waaraan het Hof een wetskrachtige norm vermag te toetsen. | de normen waaraan het Hof een wetskrachtige norm vermag te toetsen. |
In de mate waarin het middel is afgeleid uit de schending van de wet | In de mate waarin het middel is afgeleid uit de schending van de wet |
van 21 december 1998 « betreffende de productnormen ter bevordering | van 21 december 1998 « betreffende de productnormen ter bevordering |
van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van | van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van |
het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers », van het | het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers », van het |
koninklijk besluit van 28 februari 1994 « betreffende het bewaren, het | koninklijk besluit van 28 februari 1994 « betreffende het bewaren, het |
op de markt brengen en het gebruiken van bestrijdingsmiddelen voor | op de markt brengen en het gebruiken van bestrijdingsmiddelen voor |
landbouwkundig gebruik » en van het koninklijk besluit van 19 maart | landbouwkundig gebruik » en van het koninklijk besluit van 19 maart |
2013 « ter verwezenlijking van een duurzaam gebruik van | 2013 « ter verwezenlijking van een duurzaam gebruik van |
gewasbeschermingsmiddelen en toevoegingsstoffen », is het niet | gewasbeschermingsmiddelen en toevoegingsstoffen », is het niet |
ontvankelijk. | ontvankelijk. |
B.13. In zoverre de verzoekende partij in haar memorie van antwoord | B.13. In zoverre de verzoekende partij in haar memorie van antwoord |
aanvoert dat de machtigingen waarin de bestreden bepalingen voorzien, | aanvoert dat de machtigingen waarin de bestreden bepalingen voorzien, |
de artikelen 69 tot 71 van de verordening (EG) nr. 1107/2009 schenden, | de artikelen 69 tot 71 van de verordening (EG) nr. 1107/2009 schenden, |
voert zij een nieuw middel aan dat bijgevolg niet ontvankelijk is. | voert zij een nieuw middel aan dat bijgevolg niet ontvankelijk is. |
Ten gronde | Ten gronde |
B.14.1. Het enige middel is afgeleid uit de schending, door de | B.14.1. Het enige middel is afgeleid uit de schending, door de |
bestreden bepalingen, van de artikelen 10, 11, 39, 134 en 143, § 1, | bestreden bepalingen, van de artikelen 10, 11, 39, 134 en 143, § 1, |
van de Grondwet, en van artikel 6, § 1, II, tweede lid, 1°, en VI, | van de Grondwet, en van artikel 6, § 1, II, tweede lid, 1°, en VI, |
derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming | derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming |
der instellingen, al dan niet in samenhang gelezen met het | der instellingen, al dan niet in samenhang gelezen met het |
evenredigheidsbeginsel. | evenredigheidsbeginsel. |
De verzoekende partij voert in essentie aan dat de bestreden | De verzoekende partij voert in essentie aan dat de bestreden |
bepalingen afbreuk doen aan de federale bevoegdheid inzake het | bepalingen afbreuk doen aan de federale bevoegdheid inzake het |
vaststellen van productnormen of dat zij minstens de uitoefening van | vaststellen van productnormen of dat zij minstens de uitoefening van |
die federale bevoegdheid onmogelijk of overdreven moeilijk maken. | die federale bevoegdheid onmogelijk of overdreven moeilijk maken. |
Aldus zouden zij tevens het beginsel van de economische en de | Aldus zouden zij tevens het beginsel van de economische en de |
monetaire unie schenden. | monetaire unie schenden. |
B.14.2. Het onderzoek van de overeenstemming van een wetskrachtige | B.14.2. Het onderzoek van de overeenstemming van een wetskrachtige |
bepaling met de bevoegdheidverdelende regels moet in de regel dat van | bepaling met de bevoegdheidverdelende regels moet in de regel dat van |
de bestaanbaarheid ervan met de bepalingen van titel II en met de | de bestaanbaarheid ervan met de bepalingen van titel II en met de |
artikelen 170, 172 en 191 van de Grondwet voorafgaan. | artikelen 170, 172 en 191 van de Grondwet voorafgaan. |
B.15.1. Artikel 39 van de Grondwet bepaalt : | B.15.1. Artikel 39 van de Grondwet bepaalt : |
« De wet draagt aan de gewestelijke organen welke zij opricht en welke | « De wet draagt aan de gewestelijke organen welke zij opricht en welke |
samengesteld zijn uit verkozen mandatarissen de bevoegdheid op om de | samengesteld zijn uit verkozen mandatarissen de bevoegdheid op om de |
aangelegenheden te regelen welke zij aanduidt met uitsluiting van die | aangelegenheden te regelen welke zij aanduidt met uitsluiting van die |
bedoeld in de artikelen 30 en 127 tot 129 en dit binnen het gebied en | bedoeld in de artikelen 30 en 127 tot 129 en dit binnen het gebied en |
op de wijze die zij bepaalt. Deze wet moet worden aangenomen met de | op de wijze die zij bepaalt. Deze wet moet worden aangenomen met de |
meerderheid bepaald in artikel 4, laatste lid ». | meerderheid bepaald in artikel 4, laatste lid ». |
Artikel 134 van de Grondwet bepaalt : | Artikel 134 van de Grondwet bepaalt : |
« De wetten ter uitvoering van artikel 39 bepalen de rechtskracht van | « De wetten ter uitvoering van artikel 39 bepalen de rechtskracht van |
de regelen die de organen, welke zij oprichten, uitvaardigen in de | de regelen die de organen, welke zij oprichten, uitvaardigen in de |
aangelegenheden, welke zij aanduiden. | aangelegenheden, welke zij aanduiden. |
Zij kunnen aan deze organen de bevoegdheid toekennen om decreten met | Zij kunnen aan deze organen de bevoegdheid toekennen om decreten met |
kracht van wet uit te vaardigen op het gebied en op de wijze die zij | kracht van wet uit te vaardigen op het gebied en op de wijze die zij |
bepalen ». | bepalen ». |
B.15.2. Artikel 6, § 1, II, eerste lid, 1°, en tweede lid, 1°, en VI, | B.15.2. Artikel 6, § 1, II, eerste lid, 1°, en tweede lid, 1°, en VI, |
derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming | derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming |
der instellingen bepaalt : | der instellingen bepaalt : |
« De aangelegenheden bedoeld in artikel 39 van de Grondwet zijn : | « De aangelegenheden bedoeld in artikel 39 van de Grondwet zijn : |
[...] | [...] |
II. Wat het leefmilieu en het waterbeleid betreft : | II. Wat het leefmilieu en het waterbeleid betreft : |
1° De bescherming van het leefmilieu, onder meer die van de bodem, de | 1° De bescherming van het leefmilieu, onder meer die van de bodem, de |
ondergrond, het water en de lucht tegen verontreiniging en aantasting, | ondergrond, het water en de lucht tegen verontreiniging en aantasting, |
alsmede de strijd tegen de geluidshinder; | alsmede de strijd tegen de geluidshinder; |
[...] | [...] |
De federale overheid is echter bevoegd voor : | De federale overheid is echter bevoegd voor : |
1° Het vaststellen van de productnormen; | 1° Het vaststellen van de productnormen; |
[...] | [...] |
VI. Wat de economie betreft : | VI. Wat de economie betreft : |
[...] | [...] |
In economische aangelegenheden oefenen de Gewesten hun bevoegdheden | In economische aangelegenheden oefenen de Gewesten hun bevoegdheden |
uit met inachtneming van de beginselen van het vrije verkeer van | uit met inachtneming van de beginselen van het vrije verkeer van |
personen, goederen, diensten en kapitalen en van de vrijheid van | personen, goederen, diensten en kapitalen en van de vrijheid van |
handel en nijverheid, alsook met inachtneming van het algemeen | handel en nijverheid, alsook met inachtneming van het algemeen |
normatief kader van de economische unie en de monetaire eenheid, zoals | normatief kader van de economische unie en de monetaire eenheid, zoals |
vastgesteld door of krachtens de wet, en door of krachtens de | vastgesteld door of krachtens de wet, en door of krachtens de |
internationale verdragen ». | internationale verdragen ». |
B.16. Voor zover zij er niet anders over hebben beschikt, hebben de | B.16. Voor zover zij er niet anders over hebben beschikt, hebben de |
Grondwetgever en de bijzondere wetgever aan de gemeenschappen en de | Grondwetgever en de bijzondere wetgever aan de gemeenschappen en de |
gewesten de volledige bevoegdheid toegekend tot het uitvaardigen van | gewesten de volledige bevoegdheid toegekend tot het uitvaardigen van |
regels die eigen zijn aan de hun toegewezen aangelegenheden. | regels die eigen zijn aan de hun toegewezen aangelegenheden. |
Op grond van het voormelde artikel 6, § 1, II, zijn de gewesten | Op grond van het voormelde artikel 6, § 1, II, zijn de gewesten |
bevoegd voor de voorkoming en bestrijding van de verschillende vormen | bevoegd voor de voorkoming en bestrijding van de verschillende vormen |
van milieuverontreiniging. De gewestwetgever vindt in het eerste lid, | van milieuverontreiniging. De gewestwetgever vindt in het eerste lid, |
1°, van die bepaling de algemene bevoegdheid die hem in staat stelt | 1°, van die bepaling de algemene bevoegdheid die hem in staat stelt |
hetgeen betrekking heeft op de bescherming van het leefmilieu te | hetgeen betrekking heeft op de bescherming van het leefmilieu te |
regelen, onder meer die bescherming van de bodem, de ondergrond, het | regelen, onder meer die bescherming van de bodem, de ondergrond, het |
water en de lucht tegen verontreiniging en aantasting van het | water en de lucht tegen verontreiniging en aantasting van het |
leefmilieu. | leefmilieu. |
Die bevoegdheid omvat de bevoegdheid om maatregelen te nemen ter | Die bevoegdheid omvat de bevoegdheid om maatregelen te nemen ter |
voorkoming en beperking van de risico's verbonden aan pesticiden, met | voorkoming en beperking van de risico's verbonden aan pesticiden, met |
inbegrip van de beperking van de blootstelling van de mens aan het | inbegrip van de beperking van de blootstelling van de mens aan het |
risico van dergelijke pesticiden die zich doorheen het leefmilieu | risico van dergelijke pesticiden die zich doorheen het leefmilieu |
verspreiden. | verspreiden. |
B.17.1. Door de bijzondere wet van 16 juli 1993 ter vervollediging van | B.17.1. Door de bijzondere wet van 16 juli 1993 ter vervollediging van |
de federale staatsstructuur kreeg artikel 6, § 1, II, eerste lid, 1°, | de federale staatsstructuur kreeg artikel 6, § 1, II, eerste lid, 1°, |
van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der | van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der |
instellingen, met ingang van 30 juli 1993, zijn huidige redactie. | instellingen, met ingang van 30 juli 1993, zijn huidige redactie. |
Daardoor verviel de bevoegdheid van de federale wetgever om nog normen | Daardoor verviel de bevoegdheid van de federale wetgever om nog normen |
ter bescherming van het leefmilieu vast te stellen. Die bevoegdheid | ter bescherming van het leefmilieu vast te stellen. Die bevoegdheid |
komt voortaan toe aan de gewesten. | komt voortaan toe aan de gewesten. |
Op grond van artikel 6, § 1, II, tweede lid, 1°, van de bijzondere wet | Op grond van artikel 6, § 1, II, tweede lid, 1°, van de bijzondere wet |
van 8 augustus 1980 blijft de federale overheid evenwel bevoegd om | van 8 augustus 1980 blijft de federale overheid evenwel bevoegd om |
dienaangaande productnormen vast te stellen, mits de gewestregeringen | dienaangaande productnormen vast te stellen, mits de gewestregeringen |
bij de vaststelling van die normen worden betrokken (artikel 6, § 4, | bij de vaststelling van die normen worden betrokken (artikel 6, § 4, |
1°, van diezelfde bijzondere wet). | 1°, van diezelfde bijzondere wet). |
Productnormen zijn regels die op dwingende wijze bepalen aan welke | Productnormen zijn regels die op dwingende wijze bepalen aan welke |
eisen een product moet voldoen bij het op de markt brengen, onder meer | eisen een product moet voldoen bij het op de markt brengen, onder meer |
ter bescherming van het milieu. Zij bepalen met name welk niveau van | ter bescherming van het milieu. Zij bepalen met name welk niveau van |
verontreiniging of hinder niet mag worden overschreden in de | verontreiniging of hinder niet mag worden overschreden in de |
samenstelling of bij de emissies van een product, en kunnen | samenstelling of bij de emissies van een product, en kunnen |
specificaties bevatten over de eigenschappen, de beproevingsmethoden, | specificaties bevatten over de eigenschappen, de beproevingsmethoden, |
het verpakken, het merken en het etiketteren van producten. | het verpakken, het merken en het etiketteren van producten. |
B.17.2. In de parlementaire voorbereiding (Parl. St., Senaat, | B.17.2. In de parlementaire voorbereiding (Parl. St., Senaat, |
1992-1993, nr. 558/1, p. 20; Parl. St., Kamer, 1992-1993, nr. 1063/7, | 1992-1993, nr. 558/1, p. 20; Parl. St., Kamer, 1992-1993, nr. 1063/7, |
pp. 37, 38, 39, 42, 43 en 44) is bij herhaling erop gewezen dat als « | pp. 37, 38, 39, 42, 43 en 44) is bij herhaling erop gewezen dat als « |
productnormen » waarvan het vaststellen aan de federale overheid wordt | productnormen » waarvan het vaststellen aan de federale overheid wordt |
voorbehouden, alleen moeten worden beschouwd voorschriften waaraan | voorbehouden, alleen moeten worden beschouwd voorschriften waaraan |
producten vanuit milieuoogpunt moeten beantwoorden « bij het op de | producten vanuit milieuoogpunt moeten beantwoorden « bij het op de |
markt brengen ». Het voorbehouden van de bevoegdheid inzake | markt brengen ». Het voorbehouden van de bevoegdheid inzake |
productnormen aan de federale overheid is immers precies verantwoord | productnormen aan de federale overheid is immers precies verantwoord |
door de noodzaak om de Belgische economische en monetaire unie te | door de noodzaak om de Belgische economische en monetaire unie te |
vrijwaren (Parl. St., Senaat, 1992-1993, nr. 558/1, p. 20; Parl. St., | vrijwaren (Parl. St., Senaat, 1992-1993, nr. 558/1, p. 20; Parl. St., |
Kamer, 1992-1993, nr. 1063/7, p. 37) en om obstakels voor het vrije | Kamer, 1992-1993, nr. 1063/7, p. 37) en om obstakels voor het vrije |
verkeer van goederen tussen de gewesten uit de weg te ruimen (Parl. | verkeer van goederen tussen de gewesten uit de weg te ruimen (Parl. |
St., Senaat, 1992-1993, nr. 558/5, p. 67). | St., Senaat, 1992-1993, nr. 558/5, p. 67). |
B.18. De bestreden bepalingen bepalen niet de eisen waaraan de door de | B.18. De bestreden bepalingen bepalen niet de eisen waaraan de door de |
Waalse Regering aangeduide pesticiden moeten voldoen bij het op de | Waalse Regering aangeduide pesticiden moeten voldoen bij het op de |
markt brengen. Zij beogen slechts een regeling van het gebruik van | markt brengen. Zij beogen slechts een regeling van het gebruik van |
pesticiden. Aldus houden de bestreden bepalingen geen productnorm in | pesticiden. Aldus houden de bestreden bepalingen geen productnorm in |
en vallen zij onder de bevoegdheid van de decreetgever inzake de | en vallen zij onder de bevoegdheid van de decreetgever inzake de |
bescherming van het leefmilieu. | bescherming van het leefmilieu. |
B.19.1. Niettemin dient de decreetgever bij het uitoefenen van zijn | B.19.1. Niettemin dient de decreetgever bij het uitoefenen van zijn |
bevoegdheden de federale loyauteit in acht te nemen. | bevoegdheden de federale loyauteit in acht te nemen. |
B.19.2. Artikel 143, § 1, van de Grondwet bepaalt : | B.19.2. Artikel 143, § 1, van de Grondwet bepaalt : |
« Met het oog op het vermijden van de belangenconflicten nemen de | « Met het oog op het vermijden van de belangenconflicten nemen de |
federale Staat, de gemeenschappen, de gewesten en de | federale Staat, de gemeenschappen, de gewesten en de |
Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, in de uitoefening van hun | Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, in de uitoefening van hun |
respectieve bevoegdheden, de federale loyauteit in acht ». | respectieve bevoegdheden, de federale loyauteit in acht ». |
De inachtneming van de federale loyauteit veronderstelt dat, wanneer | De inachtneming van de federale loyauteit veronderstelt dat, wanneer |
zij hun bevoegdheden uitoefenen, de federale overheid en de | zij hun bevoegdheden uitoefenen, de federale overheid en de |
deelentiteiten het evenwicht van de federale constructie in haar | deelentiteiten het evenwicht van de federale constructie in haar |
geheel niet verstoren. De federale loyauteit betreft meer dan de | geheel niet verstoren. De federale loyauteit betreft meer dan de |
loutere uitoefening van bevoegdheden : zij geeft aan in welke geest | loutere uitoefening van bevoegdheden : zij geeft aan in welke geest |
dat moet geschieden. | dat moet geschieden. |
Het beginsel van de federale loyauteit verplicht elke wetgever erover | Het beginsel van de federale loyauteit verplicht elke wetgever erover |
te waken dat de uitoefening van zijn eigen bevoegdheid de uitoefening, | te waken dat de uitoefening van zijn eigen bevoegdheid de uitoefening, |
door de andere wetgevers, van hun bevoegdheden niet onmogelijk of | door de andere wetgevers, van hun bevoegdheden niet onmogelijk of |
overdreven moeilijk maakt. | overdreven moeilijk maakt. |
B.20.1. Op zich houdt artikel 4/1 van het decreet van 10 juli 2013, | B.20.1. Op zich houdt artikel 4/1 van het decreet van 10 juli 2013, |
ingevoegd bij artikel 2 van het decreet van 20 oktober 2016, geen | ingevoegd bij artikel 2 van het decreet van 20 oktober 2016, geen |
enkel verbod op het gebruik van pesticiden in. Zoals is vermeld in | enkel verbod op het gebruik van pesticiden in. Zoals is vermeld in |
B.6.1, beperkt de bestreden bepaling zich ertoe de Waalse Regering | B.6.1, beperkt de bestreden bepaling zich ertoe de Waalse Regering |
ertoe te machtigen, enerzijds, het gebruik van sommige pesticiden « op | ertoe te machtigen, enerzijds, het gebruik van sommige pesticiden « op |
iedere plaats » en « op het geheel of een gedeelte van het gebied van | iedere plaats » en « op het geheel of een gedeelte van het gebied van |
het Waalse Gewest » te reglementeren of te verbieden wegens de | het Waalse Gewest » te reglementeren of te verbieden wegens de |
risico's verbonden aan de werkzame stoffen die zij bevatten en, | risico's verbonden aan de werkzame stoffen die zij bevatten en, |
anderzijds, bij gebrek aan alternatieven, te voorzien in | anderzijds, bij gebrek aan alternatieven, te voorzien in |
uitzonderingen op die beperkingen of verbodsmaatregelen voor de | uitzonderingen op die beperkingen of verbodsmaatregelen voor de |
professionele gebruikers. | professionele gebruikers. |
B.20.2. In verband met de aan de Waalse Regering toegekende machtiging | B.20.2. In verband met de aan de Waalse Regering toegekende machtiging |
heeft de minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening, Mobiliteit, | heeft de minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening, Mobiliteit, |
Vervoer en Dierenwelzijn erop gewezen : | Vervoer en Dierenwelzijn erop gewezen : |
« In de commissie waren sommige parlementsleden van mening dat die | « In de commissie waren sommige parlementsleden van mening dat die |
machtiging die bij dat decreet aan de Regering wordt verleend, te ruim | machtiging die bij dat decreet aan de Regering wordt verleend, te ruim |
was. Niettemin is het niet redelijkerwijs mogelijk om, op het niveau | was. Niettemin is het niet redelijkerwijs mogelijk om, op het niveau |
van een decreet, te voorzien in alle in acht te nemen regels, in de | van een decreet, te voorzien in alle in acht te nemen regels, in de |
eventuele verbodsmaatregelen en in mogelijke afwijkingen, stof per | eventuele verbodsmaatregelen en in mogelijke afwijkingen, stof per |
stof. U vraagt mij [...] te komen met een decreet waarin de stof wordt | stof. U vraagt mij [...] te komen met een decreet waarin de stof wordt |
geïdentificeerd, alsook het geval waarin die verboden is, en dat de | geïdentificeerd, alsook het geval waarin die verboden is, en dat de |
beperkte dosering, de beperkte perimeters en het gebruik of | beperkte dosering, de beperkte perimeters en het gebruik of |
gebruiksverbod worden vastgesteld. In een decreet zou dit onleesbaar | gebruiksverbod worden vastgesteld. In een decreet zou dit onleesbaar |
zijn. Een machtiging is noodzakelijk om een en ander te doen via een | zijn. Een machtiging is noodzakelijk om een en ander te doen via een |
besluit, stof per stof. | besluit, stof per stof. |
Een dergelijke uitvoering moet formeel gebeuren op het niveau van een | Een dergelijke uitvoering moet formeel gebeuren op het niveau van een |
uitvoeringsbesluit. | uitvoeringsbesluit. |
In die context strekt de machtiging ertoe dat de Regering bevoegd zou | In die context strekt de machtiging ertoe dat de Regering bevoegd zou |
zijn om voor elke stof op basis van de ontwikkeling van de kennis de | zijn om voor elke stof op basis van de ontwikkeling van de kennis de |
vereiste maatregelen te nemen. | vereiste maatregelen te nemen. |
Die machtiging is vergelijkbaar met die welke reeds in de andere | Die machtiging is vergelijkbaar met die welke reeds in de andere |
gewesten is verleend en is niet betwist door de Raad van State » | gewesten is verleend en is niet betwist door de Raad van State » |
(C.R.I., Waals Parlement, 2016-2017, nr. 5, pp. 32-33). | (C.R.I., Waals Parlement, 2016-2017, nr. 5, pp. 32-33). |
B.20.3. Een algemeen gebruiksverbod voor bepaalde pesticiden op het | B.20.3. Een algemeen gebruiksverbod voor bepaalde pesticiden op het |
ganse grondgebied van het Waalse Gewest zou voor de betrokken | ganse grondgebied van het Waalse Gewest zou voor de betrokken |
pesticiden een marktuitsluitend effect sorteren, hetgeen de | pesticiden een marktuitsluitend effect sorteren, hetgeen de |
uitoefening van de bevoegdheid inzake productnormen door de federale | uitoefening van de bevoegdheid inzake productnormen door de federale |
wetgever, in de praktijk, onmogelijk zou maken. | wetgever, in de praktijk, onmogelijk zou maken. |
B.21. Om verenigbaar te zijn met het beginsel van de federale | B.21. Om verenigbaar te zijn met het beginsel van de federale |
loyauteit kan artikel 4/1 van het decreet van 10 juli 2013, ingevoegd | loyauteit kan artikel 4/1 van het decreet van 10 juli 2013, ingevoegd |
bij artikel 2 van het decreet van 20 oktober 2016, niet in die zin | bij artikel 2 van het decreet van 20 oktober 2016, niet in die zin |
worden geïnterpreteerd dat de Waalse Regering ertoe gemachtigd zou | worden geïnterpreteerd dat de Waalse Regering ertoe gemachtigd zou |
zijn om een algemeen gebruiksverbod voor bepaalde pesticiden op het | zijn om een algemeen gebruiksverbod voor bepaalde pesticiden op het |
ganse grondgebied van het Waalse Gewest uit te vaardigen, wat voor de | ganse grondgebied van het Waalse Gewest uit te vaardigen, wat voor de |
betrokken pesticiden een marktuitsluitend effect zou sorteren. | betrokken pesticiden een marktuitsluitend effect zou sorteren. |
B.22. Onder voorbehoud van de in B.21 vermelde interpretatie is het | B.22. Onder voorbehoud van de in B.21 vermelde interpretatie is het |
middel niet gegrond. | middel niet gegrond. |
B.23. Ten aanzien van de vermeende schending van de artikelen 10 en 11 | B.23. Ten aanzien van de vermeende schending van de artikelen 10 en 11 |
van de Grondwet voert de verzoekende partij aan dat de marktdeelnemers | van de Grondwet voert de verzoekende partij aan dat de marktdeelnemers |
die hun activiteiten in het Waalse Gewest uitoefenen, anders worden | die hun activiteiten in het Waalse Gewest uitoefenen, anders worden |
behandeld dan de marktdeelnemers die hun activiteiten elders in België | behandeld dan de marktdeelnemers die hun activiteiten elders in België |
en in de Europese Unie uitoefenen, daar in het Waalse Gewest het | en in de Europese Unie uitoefenen, daar in het Waalse Gewest het |
privégebruik en het in de handel brengen van sommige pesticiden kunnen | privégebruik en het in de handel brengen van sommige pesticiden kunnen |
worden verboden. Dat verschil in behandeling, dat ertoe zou strekken | worden verboden. Dat verschil in behandeling, dat ertoe zou strekken |
de op federaal en op Europees niveau verleende erkenningen tot het op | de op federaal en op Europees niveau verleende erkenningen tot het op |
de markt brengen van die producten in het geding te brengen, zou niet | de markt brengen van die producten in het geding te brengen, zou niet |
redelijk verantwoord zijn. | redelijk verantwoord zijn. |
B.24. In tegenstelling tot wat de verzoekende partij beweert, houdt | B.24. In tegenstelling tot wat de verzoekende partij beweert, houdt |
artikel 4/1 van het decreet van 10 juli 2013, ingevoegd bij artikel 2 | artikel 4/1 van het decreet van 10 juli 2013, ingevoegd bij artikel 2 |
van het decreet van 20 oktober 2016, geen verbod in tot het in de | van het decreet van 20 oktober 2016, geen verbod in tot het in de |
handel brengen van pesticiden. Die bepaling houdt op zich evenmin een | handel brengen van pesticiden. Die bepaling houdt op zich evenmin een |
algemeen verbod op het gebruik ervan in. Uit de parlementaire | algemeen verbod op het gebruik ervan in. Uit de parlementaire |
voorbereiding van het bestreden decreet blijkt overigens dat de | voorbereiding van het bestreden decreet blijkt overigens dat de |
decreetgever de erkenningen tot het op de markt brengen van pesticiden | decreetgever de erkenningen tot het op de markt brengen van pesticiden |
niet in het geding heeft willen brengen, maar alleen heeft getracht | niet in het geding heeft willen brengen, maar alleen heeft getracht |
het gebruik van pesticiden te reglementeren nadat zij op de markt zijn | het gebruik van pesticiden te reglementeren nadat zij op de markt zijn |
gebracht (Parl. St., Waals Parlement, 2015-2016, nr. 556/1, pp. 4-5). | gebracht (Parl. St., Waals Parlement, 2015-2016, nr. 556/1, pp. 4-5). |
B.25. Een verschil in behandeling in aangelegenheden waarin de | B.25. Een verschil in behandeling in aangelegenheden waarin de |
gemeenschappen en de gewesten over eigen bevoegdheden beschikken, is | gemeenschappen en de gewesten over eigen bevoegdheden beschikken, is |
het mogelijke gevolg van een onderscheiden beleid, dat is toegelaten | het mogelijke gevolg van een onderscheiden beleid, dat is toegelaten |
door de autonomie die hun door of krachtens de Grondwet is toegekend. | door de autonomie die hun door of krachtens de Grondwet is toegekend. |
Een zodanig verschil kan op zich niet geacht worden strijdig te zijn | Een zodanig verschil kan op zich niet geacht worden strijdig te zijn |
met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. Die autonomie zou geen | met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. Die autonomie zou geen |
betekenis hebben, mocht een verschil in behandeling tussen adressaten | betekenis hebben, mocht een verschil in behandeling tussen adressaten |
van regels die in eenzelfde aangelegenheid in de verschillende | van regels die in eenzelfde aangelegenheid in de verschillende |
gemeenschappen en gewesten toepasselijk zijn, als zodanig geacht | gemeenschappen en gewesten toepasselijk zijn, als zodanig geacht |
worden strijdig te zijn met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. | worden strijdig te zijn met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. |
In zoverre een verschil in behandeling inzake de regelementering van | In zoverre een verschil in behandeling inzake de regelementering van |
het gebruik van pesticiden wordt aangeklaagd tussen de marktdeelnemers | het gebruik van pesticiden wordt aangeklaagd tussen de marktdeelnemers |
die hun activiteiten in het Waalse Gewest uitoefenen en de | die hun activiteiten in het Waalse Gewest uitoefenen en de |
marktdeelnemers die hun activiteiten in het Vlaamse Gewest of in het | marktdeelnemers die hun activiteiten in het Vlaamse Gewest of in het |
het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest uitoefenen, is het enige middel | het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest uitoefenen, is het enige middel |
niet gegrond. | niet gegrond. |
B.26. De artikelen 10 en 11 van de Grondwet strekken overigens | B.26. De artikelen 10 en 11 van de Grondwet strekken overigens |
uitsluitend ertoe te verzekeren dat normen die in de Belgische | uitsluitend ertoe te verzekeren dat normen die in de Belgische |
rechtsorde van toepassing zijn het beginsel van gelijkheid en | rechtsorde van toepassing zijn het beginsel van gelijkheid en |
niet-discriminatie in acht nemen. Vergelijkingen met rechtsnormen van | niet-discriminatie in acht nemen. Vergelijkingen met rechtsnormen van |
en situaties in een niet-Belgische rechtsorde zijn daarbij niet | en situaties in een niet-Belgische rechtsorde zijn daarbij niet |
dienstig. Voorts zet de verzoekende partij niet uiteen in welke zin de | dienstig. Voorts zet de verzoekende partij niet uiteen in welke zin de |
regels inzake het gebruik van pesticiden die van toepassing zijn in | regels inzake het gebruik van pesticiden die van toepassing zijn in |
het Waalse Gewest, zouden verschillen van de regels die van toepassing | het Waalse Gewest, zouden verschillen van de regels die van toepassing |
zijn in de andere lidstaten van de Europese Unie. | zijn in de andere lidstaten van de Europese Unie. |
B.27. In zoverre het is afgeleid uit de schending van de artikelen 10 | B.27. In zoverre het is afgeleid uit de schending van de artikelen 10 |
en 11 van de Grondwet, is het enige middel niet gegrond. | en 11 van de Grondwet, is het enige middel niet gegrond. |
Om die redenen, | Om die redenen, |
het Hof | het Hof |
onder voorbehoud van de in B.21 vermelde interpretatie, verwerpt het | onder voorbehoud van de in B.21 vermelde interpretatie, verwerpt het |
beroep. | beroep. |
Aldus gewezen in het Frans, het Nederlands en het Duits, | Aldus gewezen in het Frans, het Nederlands en het Duits, |
overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op | overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op |
het Grondwettelijk Hof, op 28 februari 2019. | het Grondwettelijk Hof, op 28 februari 2019. |
De griffier, | De griffier, |
F. Meersschaut | F. Meersschaut |
De voorzitter, | De voorzitter, |
F. Daoût | F. Daoût |