← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 169/2016 van 22 december 2016 Rolnummer 6518 In zake : het
beroep tot vernietiging van artikel 216, in samenhang gelezen met artikel 655, van de wet van 13 maart
2016 op het statuut van en het toezicht op de verzeker Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer, samengesteld uit voorzitter
E. De Groot en de rechters-v(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 169/2016 van 22 december 2016 Rolnummer 6518 In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 216, in samenhang gelezen met artikel 655, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzeker Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer, samengesteld uit voorzitter E. De Groot en de rechters-v(...) | Uittreksel uit arrest nr. 169/2016 van 22 december 2016 Rolnummer 6518 In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 216, in samenhang gelezen met artikel 655, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzeker Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer, samengesteld uit voorzitter E. De Groot en de rechters-v(...) |
---|---|
GRONDWETTELIJK HOF | GRONDWETTELIJK HOF |
Uittreksel uit arrest nr. 169/2016 van 22 december 2016 | Uittreksel uit arrest nr. 169/2016 van 22 december 2016 |
Rolnummer 6518 | Rolnummer 6518 |
In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 216, in samenhang | In zake : het beroep tot vernietiging van artikel 216, in samenhang |
gelezen met artikel 655, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut | gelezen met artikel 655, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut |
van en het toezicht op de verzekerings- of | van en het toezicht op de verzekerings- of |
herverzekeringsondernemingen, ingesteld door Didier Verschaeve. | herverzekeringsondernemingen, ingesteld door Didier Verschaeve. |
Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer, | Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer, |
samengesteld uit voorzitter E. De Groot en de rechters-verslaggevers | samengesteld uit voorzitter E. De Groot en de rechters-verslaggevers |
R. Leysen en T. Giet, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, | R. Leysen en T. Giet, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, |
wijst na beraad het volgende arrest : | wijst na beraad het volgende arrest : |
I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging | I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging |
Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 26 september | Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 26 september |
2016 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 28 | 2016 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 28 |
september 2016, heeft Didier Verschaeve, bijgestaan en | september 2016, heeft Didier Verschaeve, bijgestaan en |
vertegenwoordigd door Mr. K. Roelandt, advocaat bij de balie te Gent, | vertegenwoordigd door Mr. K. Roelandt, advocaat bij de balie te Gent, |
beroep tot vernietiging ingesteld van artikel 216, in samenhang | beroep tot vernietiging ingesteld van artikel 216, in samenhang |
gelezen met artikel 655, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut | gelezen met artikel 655, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut |
van en het toezicht op de verzekerings- of | van en het toezicht op de verzekerings- of |
herverzekeringsondernemingen (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad | herverzekeringsondernemingen (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad |
van 23 maart 2016). | van 23 maart 2016). |
Op 5 oktober 2016 hebben de rechters-verslaggevers R. Leysen en T. | Op 5 oktober 2016 hebben de rechters-verslaggevers R. Leysen en T. |
Giet, met toepassing van artikel 71, eerste lid, van de bijzondere wet | Giet, met toepassing van artikel 71, eerste lid, van de bijzondere wet |
van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, de voorzitter ervan in | van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, de voorzitter ervan in |
kennis gesteld dat zij ertoe zouden kunnen worden gebracht aan het | kennis gesteld dat zij ertoe zouden kunnen worden gebracht aan het |
Hof, zitting houdende in beperkte kamer, voor te stellen een arrest te | Hof, zitting houdende in beperkte kamer, voor te stellen een arrest te |
wijzen waarin wordt vastgesteld dat het beroep tot vernietiging | wijzen waarin wordt vastgesteld dat het beroep tot vernietiging |
klaarblijkelijk onontvankelijk is. | klaarblijkelijk onontvankelijk is. |
(...) | (...) |
II. In rechte | II. In rechte |
(...) | (...) |
B.1. Naar luid van artikel 3, § 1, van de bijzondere wet van 6 januari | B.1. Naar luid van artikel 3, § 1, van de bijzondere wet van 6 januari |
1989 op het Grondwettelijk Hof, zijn de beroepen strekkende tot | 1989 op het Grondwettelijk Hof, zijn de beroepen strekkende tot |
vernietiging van een wettelijke bepaling slechts ontvankelijk indien | vernietiging van een wettelijke bepaling slechts ontvankelijk indien |
zij worden ingesteld binnen een termijn van zes maanden na de | zij worden ingesteld binnen een termijn van zes maanden na de |
bekendmaking van de bestreden bepaling in het Belgisch Staatsblad. | bekendmaking van de bestreden bepaling in het Belgisch Staatsblad. |
Naar luid van artikel 119, eerste en tweede lid, van de voormelde | Naar luid van artikel 119, eerste en tweede lid, van de voormelde |
bijzondere wet wordt de dag van de bekendmaking van de akte die het | bijzondere wet wordt de dag van de bekendmaking van de akte die het |
uitgangspunt is van een termijn, niet in de berekening van die termijn | uitgangspunt is van een termijn, niet in de berekening van die termijn |
begrepen, terwijl de vervaldag wel is inbegrepen. | begrepen, terwijl de vervaldag wel is inbegrepen. |
De wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de | De wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de |
verzekerings- of herverzekeringsondernemingen werd bekendgemaakt in | verzekerings- of herverzekeringsondernemingen werd bekendgemaakt in |
het Belgisch Staatsblad van 23 maart 2016. De termijn om een beroep in | het Belgisch Staatsblad van 23 maart 2016. De termijn om een beroep in |
te stellen tegen de bestreden bepaling ging derhalve in op 24 maart | te stellen tegen de bestreden bepaling ging derhalve in op 24 maart |
2016. | 2016. |
B.2. Het Hof heeft reeds in een reeks voorafgaande arresten te kennen | B.2. Het Hof heeft reeds in een reeks voorafgaande arresten te kennen |
gegeven dat - bij ontstentenis van een nadere precisering in de | gegeven dat - bij ontstentenis van een nadere precisering in de |
bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof en naar | bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof en naar |
analogie met de regeling van artikel 54 van het Gerechtelijk Wetboek - | analogie met de regeling van artikel 54 van het Gerechtelijk Wetboek - |
voor het bepalen van de termijn voor het instellen van een beroep of | voor het bepalen van de termijn voor het instellen van een beroep of |
van een vordering tot schorsing moet worden gerekend van de zoveelste | van een vordering tot schorsing moet worden gerekend van de zoveelste |
tot de dag vóór de zoveelste (zie arrest nr. 125/2012 van 18 oktober | tot de dag vóór de zoveelste (zie arrest nr. 125/2012 van 18 oktober |
2012, B.2). | 2012, B.2). |
B.3. Derhalve liep de termijn van zes maanden na de bekendmaking van | B.3. Derhalve liep de termijn van zes maanden na de bekendmaking van |
de bestreden bepaling in het Belgisch Staatsblad tot uiterlijk 23 | de bestreden bepaling in het Belgisch Staatsblad tot uiterlijk 23 |
september 2016, zodat artikel 119, derde lid, van de voormelde | september 2016, zodat artikel 119, derde lid, van de voormelde |
bijzondere wet in casu geen toepassing vindt. Hieruit volgt dat het | bijzondere wet in casu geen toepassing vindt. Hieruit volgt dat het |
beroep tot vernietiging, bij een op 26 september 2016 ter post | beroep tot vernietiging, bij een op 26 september 2016 ter post |
afgegeven verzoekschrift, klaarblijkelijk onontvankelijk is. | afgegeven verzoekschrift, klaarblijkelijk onontvankelijk is. |
Om die redenen, | Om die redenen, |
het Hof, beperkte kamer, | het Hof, beperkte kamer, |
met eenparigheid van stemmen uitspraak doende, | met eenparigheid van stemmen uitspraak doende, |
verklaart het beroep niet ontvankelijk. | verklaart het beroep niet ontvankelijk. |
Aldus gewezen in het Nederlands, het Frans en het Duits, | Aldus gewezen in het Nederlands, het Frans en het Duits, |
overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op | overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op |
het Grondwettelijk Hof, op 22 december 2016. | het Grondwettelijk Hof, op 22 december 2016. |
De griffier, | De griffier, |
F. Meersschaut | F. Meersschaut |
De voorzitter, | De voorzitter, |
E. De Groot | E. De Groot |