Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 86/2012 van 28 juni 2012 Rolnummers 5228 en 5256 In zake : de beroepen tot gehele of gedeeltelijke vernietiging van het Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « houdende de organisatie van de lokale en provinciale verkiezi Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en R. Henneuse, en de rechter(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 86/2012 van 28 juni 2012 Rolnummers 5228 en 5256 In zake : de beroepen tot gehele of gedeeltelijke vernietiging van het Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « houdende de organisatie van de lokale en provinciale verkiezi Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en R. Henneuse, en de rechter(...) Uittreksel uit arrest nr. 86/2012 van 28 juni 2012 Rolnummers 5228 en 5256 In zake : de beroepen tot gehele of gedeeltelijke vernietiging van het Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « houdende de organisatie van de lokale en provinciale verkiezi Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en R. Henneuse, en de rechter(...)
GRONDWETTELIJK HOF GRONDWETTELIJK HOF
Uittreksel uit arrest nr. 86/2012 van 28 juni 2012 Uittreksel uit arrest nr. 86/2012 van 28 juni 2012
Rolnummers 5228 en 5256 Rolnummers 5228 en 5256
In zake : de beroepen tot gehele of gedeeltelijke vernietiging van het In zake : de beroepen tot gehele of gedeeltelijke vernietiging van het
Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « houdende de organisatie van de Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « houdende de organisatie van de
lokale en provinciale verkiezingen en houdende wijziging van het lokale en provinciale verkiezingen en houdende wijziging van het
Gemeentedecreet van 15 juli 2005, het Provinciedecreet van 9 december Gemeentedecreet van 15 juli 2005, het Provinciedecreet van 9 december
2005 en het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie 2005 en het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie
van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn », ingesteld door van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn », ingesteld door
Jean Marie de Meester en door de feitelijke vereniging « Groen! » en Jean Marie de Meester en door de feitelijke vereniging « Groen! » en
anderen. anderen.
Het Grondwettelijk Hof, Het Grondwettelijk Hof,
samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en R. Henneuse, en de samengesteld uit de voorzitters M. Bossuyt en R. Henneuse, en de
rechters E. De Groot, L. Lavrysen, A. Alen, J.-P. Snappe, J.-P. rechters E. De Groot, L. Lavrysen, A. Alen, J.-P. Snappe, J.-P.
Moerman, E. Derycke, J. Spreutels, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul en F. Moerman, E. Derycke, J. Spreutels, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul en F.
Daoût, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder Daoût, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder
voorzitterschap van voorzitter M. Bossuyt, voorzitterschap van voorzitter M. Bossuyt,
wijst na beraad het volgende arrest : wijst na beraad het volgende arrest :
I. Onderwerp van de beroepen en rechtspleging I. Onderwerp van de beroepen en rechtspleging
a. Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 27 oktober a. Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 27 oktober
2011 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 28 2011 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 28
oktober 2011, heeft Jean Marie de Meester, wonende te 8020 Oostkamp, oktober 2011, heeft Jean Marie de Meester, wonende te 8020 Oostkamp,
Stationsstraat 212, beroep tot vernietiging ingesteld van de artikelen Stationsstraat 212, beroep tot vernietiging ingesteld van de artikelen
165 tot 169 van het Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « houdende de 165 tot 169 van het Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « houdende de
organisatie van de lokale en provinciale verkiezingen en houdende organisatie van de lokale en provinciale verkiezingen en houdende
wijziging van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, het wijziging van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, het
Provinciedecreet van 9 december 2005 en het decreet van 19 december Provinciedecreet van 9 december 2005 en het decreet van 19 december
2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor
maatschappelijk welzijn » (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad maatschappelijk welzijn » (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad
van 25 augustus 2011). van 25 augustus 2011).
Bij hetzelfde verzoekschrift vorderde de verzoekende partij eveneens Bij hetzelfde verzoekschrift vorderde de verzoekende partij eveneens
de schorsing van dezelfde bepalingen. de schorsing van dezelfde bepalingen.
b. Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 24 b. Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 24
november 2011 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen november 2011 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen
op 25 november 2011, is beroep tot vernietiging ingesteld van het op 25 november 2011, is beroep tot vernietiging ingesteld van het
voormelde Vlaamse decreet van 8 juli 2011 door de feitelijke voormelde Vlaamse decreet van 8 juli 2011 door de feitelijke
vereniging « Groen! », met zetel te 1070 Brussel, Sergeant De vereniging « Groen! », met zetel te 1070 Brussel, Sergeant De
Bruynestraat 78-82, Kathleen Bevernage, wonende te 8900 Ieper, Bruynestraat 78-82, Kathleen Bevernage, wonende te 8900 Ieper,
Capucienenstraat 16, Remi Heylen, wonende te 2260 Westerlo, Olenseweg Capucienenstraat 16, Remi Heylen, wonende te 2260 Westerlo, Olenseweg
261, Stan Scholiers, wonende te 2627 Schelle, Rubensstraat 54, Chris 261, Stan Scholiers, wonende te 2627 Schelle, Rubensstraat 54, Chris
Habraken, wonende te 3900 Overpelt, Heesakkerstraat 143, Jackie Habraken, wonende te 3900 Overpelt, Heesakkerstraat 143, Jackie
Timmers, wonende te 3910 Neerpelt, Geerkensstraat 26, Jaak Billiet, Timmers, wonende te 3910 Neerpelt, Geerkensstraat 26, Jaak Billiet,
wonende te 8700 Tielt, Wingensesteenweg 108, Carlo De Winter, wonende wonende te 8700 Tielt, Wingensesteenweg 108, Carlo De Winter, wonende
te 8560 Wevelgem, Guido Gezellestraat 21, Lut Dornez, wonende te 8700 te 8560 Wevelgem, Guido Gezellestraat 21, Lut Dornez, wonende te 8700
Tielt, Wingensesteenweg 108, en Frank Douchy, wonende te 9620 Tielt, Wingensesteenweg 108, en Frank Douchy, wonende te 9620
Zottegem, Haagkouter 10. Zottegem, Haagkouter 10.
Bij hetzelfde verzoekschrift vorderden de verzoekende partijen Bij hetzelfde verzoekschrift vorderden de verzoekende partijen
eveneens de schorsing van hetzelfde decreet. eveneens de schorsing van hetzelfde decreet.
Die zaken, ingeschreven onder de nummers 5228 en 5256 van de rol van Die zaken, ingeschreven onder de nummers 5228 en 5256 van de rol van
het Hof, werden samengevoegd. het Hof, werden samengevoegd.
(...) (...)
II. In rechte II. In rechte
(...) (...)
Ten aanzien van de ontvankelijkheid Ten aanzien van de ontvankelijkheid
B.1.1. De verzoeker in de zaak nr. 5228 vordert de vernietiging van de B.1.1. De verzoeker in de zaak nr. 5228 vordert de vernietiging van de
artikelen 165 tot 169 van het Vlaamse decreet van 8 juli 2011 « artikelen 165 tot 169 van het Vlaamse decreet van 8 juli 2011 «
houdende de organisatie van de lokale en provinciale verkiezingen en houdende de organisatie van de lokale en provinciale verkiezingen en
houdende wijziging van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, het houdende wijziging van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, het
Provinciedecreet van 9 december 2005 en het decreet van 19 december Provinciedecreet van 9 december 2005 en het decreet van 19 december
2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor
maatschappelijk welzijn » (hierna : het decreet van 8 juli 2011). maatschappelijk welzijn » (hierna : het decreet van 8 juli 2011).
Hij voert aan dat de bestreden bepalingen de artikelen 10 en 11 van de Hij voert aan dat de bestreden bepalingen de artikelen 10 en 11 van de
Grondwet schenden doordat zij voor de komende Grondwet schenden doordat zij voor de komende
gemeenteraadsverkiezingen in het Vlaamse Gewest voorzien in het « gemeenteraadsverkiezingen in het Vlaamse Gewest voorzien in het «
systeem Imperiali » in plaats van het « systeem D'Hondt », dat wordt systeem Imperiali » in plaats van het « systeem D'Hondt », dat wordt
gehanteerd voor de verkiezingen van de provincieraden en van de gehanteerd voor de verkiezingen van de provincieraden en van de
stadsdistrictsraden in het Vlaamse Gewest. stadsdistrictsraden in het Vlaamse Gewest.
Het « systeem Imperiali » wordt verwoord in artikel 166, eerste lid, Het « systeem Imperiali » wordt verwoord in artikel 166, eerste lid,
van het decreet van 8 juli 2011, dat bepaalt : van het decreet van 8 juli 2011, dat bepaalt :
« Het gemeentelijk hoofdbureau deelt het stemcijfer van iedere lijst « Het gemeentelijk hoofdbureau deelt het stemcijfer van iedere lijst
achtereenvolgens door 1; 1 1/2; 2; 2 1/2; 3; 3 1/2; 4; 4 1/2 enzovoort achtereenvolgens door 1; 1 1/2; 2; 2 1/2; 3; 3 1/2; 4; 4 1/2 enzovoort
en rangschikt de quotiënten in de volgorde van belangrijkheid, tot er en rangschikt de quotiënten in de volgorde van belangrijkheid, tot er
voor alle lijsten samen zoveel quotiënten worden bereikt als er leden voor alle lijsten samen zoveel quotiënten worden bereikt als er leden
te kiezen zijn ». te kiezen zijn ».
Voor de eerstkomende provincieraadsverkiezingen bepaalt artikel 181, § Voor de eerstkomende provincieraadsverkiezingen bepaalt artikel 181, §
2, vijfde lid, van het decreet van 8 juli 2011 : 2, vijfde lid, van het decreet van 8 juli 2011 :
« Het provinciaal hoofdbureau deelt de stemcijfers, bedoeld in het « Het provinciaal hoofdbureau deelt de stemcijfers, bedoeld in het
tweede lid achtereenvolgens door 1, 2, 3 enzovoort, indien de lijst tweede lid achtereenvolgens door 1, 2, 3 enzovoort, indien de lijst
nog geen enkele zetel definitief heeft verkregen; door 2, 3, 4 nog geen enkele zetel definitief heeft verkregen; door 2, 3, 4
enzovoort, indien zij slechts één zetel heeft verkregen; door 3, 4, 5 enzovoort, indien zij slechts één zetel heeft verkregen; door 3, 4, 5
enzovoort, indien zij reeds twee zetels heeft verkregen en zo enzovoort, indien zij reeds twee zetels heeft verkregen en zo
vervolgens, zodat bij de eerste deling telkens gedeeld wordt door een vervolgens, zodat bij de eerste deling telkens gedeeld wordt door een
cijfer gelijk aan het totaal van de zetels dat de groep of de lijst cijfer gelijk aan het totaal van de zetels dat de groep of de lijst
zou verkrijgen indien de eerste van de nog beschikbare zetels haar zou verkrijgen indien de eerste van de nog beschikbare zetels haar
toegekend werd ». toegekend werd ».
Het aldus verwoorde « systeem D'Hondt » geldt krachtens artikel 175, Het aldus verwoorde « systeem D'Hondt » geldt krachtens artikel 175,
5°, van het decreet van 8 juli 2011 eveneens voor de verkiezing van de 5°, van het decreet van 8 juli 2011 eveneens voor de verkiezing van de
stadsdistrictsraden. stadsdistrictsraden.
B.1.2. De verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 vorderen de B.1.2. De verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 vorderen de
vernietiging van het gehele decreet van 8 juli 2011. vernietiging van het gehele decreet van 8 juli 2011.
In een eerste middel worden inzonderheid de voormelde artikelen 166, In een eerste middel worden inzonderheid de voormelde artikelen 166,
175, 5°, en 181, § 2, van het decreet van 8 juli 2011 vermeld. 175, 5°, en 181, § 2, van het decreet van 8 juli 2011 vermeld.
Het tweede middel in de zaak nr. 5256 is meer bepaald gericht tegen Het tweede middel in de zaak nr. 5256 is meer bepaald gericht tegen
artikel 7, § 1, tweede lid, van het decreet van 8 juli 2011, dat artikel 7, § 1, tweede lid, van het decreet van 8 juli 2011, dat
verwijst naar de lijst van de provinciekiesdistricten als bijlage bij verwijst naar de lijst van de provinciekiesdistricten als bijlage bij
dat decreet, en tegen artikel 181, § 2, eerste tot derde lid, van dat dat decreet, en tegen artikel 181, § 2, eerste tot derde lid, van dat
decreet, die bepalen : decreet, die bepalen :
« Het provinciaal hoofdbureau stelt het stemcijfer van iedere « Het provinciaal hoofdbureau stelt het stemcijfer van iedere
lijstengroep vast door een optelling van de stemcijfers van de lijsten lijstengroep vast door een optelling van de stemcijfers van de lijsten
die er deel van uitmaken. De andere lijsten behouden hun stemcijfers. die er deel van uitmaken. De andere lijsten behouden hun stemcijfers.
Het provinciaal hoofdbureau bepaalt per provinciaal kiesarrondissement Het provinciaal hoofdbureau bepaalt per provinciaal kiesarrondissement
door samentelling van de eenheden van de ingevolge paragraaf 1 door samentelling van de eenheden van de ingevolge paragraaf 1
vastgestelde quotiënten hoeveel zetels de verschillende lijstengroepen vastgestelde quotiënten hoeveel zetels de verschillende lijstengroepen
en de alleenstaande lijsten voor het gehele provinciaal en de alleenstaande lijsten voor het gehele provinciaal
kiesarrondissement reeds hebben verkregen en hoeveel zetels aanvullend kiesarrondissement reeds hebben verkregen en hoeveel zetels aanvullend
te verdelen zijn. te verdelen zijn.
Tot die aanvullende verdeling laat het provinciaal hoofdbureau alle Tot die aanvullende verdeling laat het provinciaal hoofdbureau alle
lijstengroepen toe, die voldoen aan de volgende voorwaarden : lijstengroepen toe, die voldoen aan de volgende voorwaarden :
- in minstens één provinciedistrict van het provinciaal - in minstens één provinciedistrict van het provinciaal
kiesarrondissement waartoe het provinciedistrict behoort een aantal kiesarrondissement waartoe het provinciedistrict behoort een aantal
stemmen hebben verkregen dat ten minste gelijk is aan 66 percent van stemmen hebben verkregen dat ten minste gelijk is aan 66 percent van
de kiesdeler, vastgesteld overeenkomstig paragraaf 1, eerste lid ». de kiesdeler, vastgesteld overeenkomstig paragraaf 1, eerste lid ».
B.2.1. De Vlaamse Regering voert in een eerste exceptie aan dat de B.2.1. De Vlaamse Regering voert in een eerste exceptie aan dat de
beroepen gedeeltelijk niet-ontvankelijk zijn wegens laattijdigheid, nu beroepen gedeeltelijk niet-ontvankelijk zijn wegens laattijdigheid, nu
de decreetgever met betrekking tot een aantal van de bij de bestreden de decreetgever met betrekking tot een aantal van de bij de bestreden
bepalingen geregelde aangelegenheden geenszins blijk heeft gegeven van bepalingen geregelde aangelegenheden geenszins blijk heeft gegeven van
een nieuwe beslissing. een nieuwe beslissing.
B.2.2.1. Uit de parlementaire voorbereiding blijkt dat de decreetgever B.2.2.1. Uit de parlementaire voorbereiding blijkt dat de decreetgever
diverse doelstellingen voor ogen had. diverse doelstellingen voor ogen had.
Er moest onder meer gevolg worden gegeven aan het arrest van het Hof Er moest onder meer gevolg worden gegeven aan het arrest van het Hof
nr. 149/2007 van 5 december 2007, waarbij de indeling van de nr. 149/2007 van 5 december 2007, waarbij de indeling van de
kiesdistricten voor de provincieraadsverkiezingen, zoals geregeld in kiesdistricten voor de provincieraadsverkiezingen, zoals geregeld in
artikel 2 en de bijlage van het decreet van het Vlaamse Gewest van 2 artikel 2 en de bijlage van het decreet van het Vlaamse Gewest van 2
juni 2006 tot wijziging van het provinciedecreet van 9 december 2005, juni 2006 tot wijziging van het provinciedecreet van 9 december 2005,
werd vernietigd (Parl. St., Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 1084/1, werd vernietigd (Parl. St., Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 1084/1,
pp. 4 en 9, nr. 1084/8, pp. 5-6 en 21-22, en Hand., Vlaams Parlement, pp. 4 en 9, nr. 1084/8, pp. 5-6 en 21-22, en Hand., Vlaams Parlement,
2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 109 en 132). 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 109 en 132).
De decreetgever wilde inzake de lokale en provinciale verkiezingen, De decreetgever wilde inzake de lokale en provinciale verkiezingen,
waarvoor hij ingevolge de vervanging van artikel 6, § 1, VIII, van de waarvoor hij ingevolge de vervanging van artikel 6, § 1, VIII, van de
bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen bij bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen bij
artikel 4 van de bijzondere wet van 13 juli 2001 houdende overdracht artikel 4 van de bijzondere wet van 13 juli 2001 houdende overdracht
van diverse bevoegdheden aan de gewesten en de gemeenschappen bevoegd van diverse bevoegdheden aan de gewesten en de gemeenschappen bevoegd
is geworden, ook komen tot « een geïntegreerde regelgeving voor de is geworden, ook komen tot « een geïntegreerde regelgeving voor de
lokale verkiezingen in één omvattend kiesdecreet, waarin de lokale verkiezingen in één omvattend kiesdecreet, waarin de
regelgeving op een overzichtelijke en samenhangende wijze wordt regelgeving op een overzichtelijke en samenhangende wijze wordt
gebundeld » (ibid., nr. 1084/1, p. 4, en nr. 1084/8, pp. 5 en 21, en gebundeld » (ibid., nr. 1084/1, p. 4, en nr. 1084/8, pp. 5 en 21, en
Hand., Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 108, Hand., Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 108,
110, 122 en 123). 110, 122 en 123).
Bovendien werd beoogd een aantal afspraken over aanpassingen in de Bovendien werd beoogd een aantal afspraken over aanpassingen in de
kieswetgeving in het regeerakkoord te implementeren (ibid., nr. kieswetgeving in het regeerakkoord te implementeren (ibid., nr.
1084/1, p. 4, en nr. 1084/8, pp. 6 en 8, en Hand., Vlaams Parlement, 1084/1, p. 4, en nr. 1084/8, pp. 6 en 8, en Hand., Vlaams Parlement,
2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 109, 111, 113, 114 en 132). 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 109, 111, 113, 114 en 132).
B.2.2.2. Het bestreden decreet beperkt zich derhalve niet tot een B.2.2.2. Het bestreden decreet beperkt zich derhalve niet tot een
loutere bekrachtiging of formele overname van bestaande bepalingen, loutere bekrachtiging of formele overname van bestaande bepalingen,
maar geeft blijk van de wil van de decreetgever om opnieuw in deze maar geeft blijk van de wil van de decreetgever om opnieuw in deze
aangelegenheid te legifereren. aangelegenheid te legifereren.
Overigens, wat inzonderheid het « systeem Imperiali » (artikel 166, Overigens, wat inzonderheid het « systeem Imperiali » (artikel 166,
eerste lid) en het quorum (artikel 181, § 2, derde lid) betreft, eerste lid) en het quorum (artikel 181, § 2, derde lid) betreft,
bestrijden de beroepen precies het behoud van de soortgelijke bestrijden de beroepen precies het behoud van de soortgelijke
bepalingen uit de federale wetgeving, niettegenstaande voorstellen tot bepalingen uit de federale wetgeving, niettegenstaande voorstellen tot
amendering daarvan. amendering daarvan.
Er kan derhalve niet worden aangenomen dat de beroepen tot Er kan derhalve niet worden aangenomen dat de beroepen tot
vernietiging in werkelijkheid zijn gericht tegen bepalingen die meer vernietiging in werkelijkheid zijn gericht tegen bepalingen die meer
dan zes maanden voordien in het Belgisch Staatsblad werden dan zes maanden voordien in het Belgisch Staatsblad werden
bekendgemaakt. bekendgemaakt.
B.2.2.3. De exceptie van niet-ontvankelijkheid ratione temporis wordt B.2.2.3. De exceptie van niet-ontvankelijkheid ratione temporis wordt
verworpen. verworpen.
B.3.1. De Vlaamse Regering voert in een tweede exceptie aan dat de B.3.1. De Vlaamse Regering voert in een tweede exceptie aan dat de
beroepen gedeeltelijk niet ontvankelijk zijn bij gebrek aan grieven. beroepen gedeeltelijk niet ontvankelijk zijn bij gebrek aan grieven.
B.3.2. Het Hof, dat de omvang van de beroepen dient te bepalen aan de B.3.2. Het Hof, dat de omvang van de beroepen dient te bepalen aan de
hand van de inhoud van de verzoekschriften, stelt vast dat de middelen hand van de inhoud van de verzoekschriften, stelt vast dat de middelen
in de zaak nr. 5228 en het eerste middel in zaak nr. 5256 enkel zijn in de zaak nr. 5228 en het eerste middel in zaak nr. 5256 enkel zijn
gericht tegen artikel 166, eerste lid, van het decreet van 8 juli gericht tegen artikel 166, eerste lid, van het decreet van 8 juli
2011, dat het « systeem Imperiali » aanwendt voor de toewijzing van de 2011, dat het « systeem Imperiali » aanwendt voor de toewijzing van de
te verdelen zetels bij de gemeenteraadsverkiezingen. te verdelen zetels bij de gemeenteraadsverkiezingen.
De verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 erkennen dat hun tweede De verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 erkennen dat hun tweede
middel enkel is gericht tegen de artikelen 7, § 1, tweede lid, en 181, middel enkel is gericht tegen de artikelen 7, § 1, tweede lid, en 181,
§ 2, derde lid, van het decreet van 8 juli 2011, in zoverre die § 2, derde lid, van het decreet van 8 juli 2011, in zoverre die
betrekking hebben op de indeling in districten voor de betrekking hebben op de indeling in districten voor de
provincieraadsverkiezingen en op het quorum voor de verbinding tussen provincieraadsverkiezingen en op het quorum voor de verbinding tussen
de lijsten voor die districten. de lijsten voor die districten.
Het Hof beperkt derhalve zijn onderzoek tot die bepalingen. Het Hof beperkt derhalve zijn onderzoek tot die bepalingen.
B.4.1. De Vlaamse Regering voert in een laatste exceptie aan dat de B.4.1. De Vlaamse Regering voert in een laatste exceptie aan dat de
beroepen tot vernietiging niet ontvankelijk zijn bij gebrek aan beroepen tot vernietiging niet ontvankelijk zijn bij gebrek aan
belang. belang.
B.4.2.1. Om zijn belang te staven, beroept de verzoeker in de zaak nr. B.4.2.1. Om zijn belang te staven, beroept de verzoeker in de zaak nr.
5228 zich op zijn hoedanigheid van kandidaat voor de 5228 zich op zijn hoedanigheid van kandidaat voor de
gemeenteraadsverkiezingen van 2006 en van lid van de raad voor gemeenteraadsverkiezingen van 2006 en van lid van de raad voor
maatschappelijk welzijn van de gemeente Oostkamp. Hij verklaart dat maatschappelijk welzijn van de gemeente Oostkamp. Hij verklaart dat
hij zich individueel of op een nog te creëren lijst kandidaat wil hij zich individueel of op een nog te creëren lijst kandidaat wil
stellen voor de komende gemeenteraadsverkiezingen. Hij betoogt dat de stellen voor de komende gemeenteraadsverkiezingen. Hij betoogt dat de
bestreden bepalingen hem raken doordat het « systeem Imperiali » de bestreden bepalingen hem raken doordat het « systeem Imperiali » de
kleine partijen of individuele kandidaten benadeelt bij die kleine partijen of individuele kandidaten benadeelt bij die
verkiezingen. verkiezingen.
B.4.2.2. De eerste verzoekende partij in de zaak nr. 5256 neemt als de B.4.2.2. De eerste verzoekende partij in de zaak nr. 5256 neemt als de
partij « Groen! » deel aan de verkiezingen. partij « Groen! » deel aan de verkiezingen.
De tweede tot en met de tiende verzoekende partij in die zaak beroepen De tweede tot en met de tiende verzoekende partij in die zaak beroepen
zich op hun hoedanigheid van kiezer en kandidaat bij de gemeente- en zich op hun hoedanigheid van kiezer en kandidaat bij de gemeente- en
provincieraadsverkiezingen. Zij stellen dat zij reeds kandidaat voor provincieraadsverkiezingen. Zij stellen dat zij reeds kandidaat voor
de partij « Groen! » waren voor de gemeente- of de partij « Groen! » waren voor de gemeente- of
provincieraadsverkiezingen, maar dat zij niet zijn verkozen vanwege de provincieraadsverkiezingen, maar dat zij niet zijn verkozen vanwege de
toepassing van het « systeem Imperiali ». De negende en de tiende toepassing van het « systeem Imperiali ». De negende en de tiende
verzoekende partij voegen eraan toe dat de kiesdrempel voor de verzoekende partij voegen eraan toe dat de kiesdrempel voor de
apparentering op het provinciale niveau hun kansen in het gedrang apparentering op het provinciale niveau hun kansen in het gedrang
brengt. brengt.
B.4.3. De Grondwet en de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het B.4.3. De Grondwet en de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het
Grondwettelijk Hof vereisen dat elke natuurlijke persoon of Grondwettelijk Hof vereisen dat elke natuurlijke persoon of
rechtspersoon die een beroep tot vernietiging instelt, doet blijken rechtspersoon die een beroep tot vernietiging instelt, doet blijken
van een belang. Van het vereiste belang doen slechts blijken de van een belang. Van het vereiste belang doen slechts blijken de
personen wier situatie door de bestreden norm rechtstreeks en personen wier situatie door de bestreden norm rechtstreeks en
ongunstig zou kunnen worden geraakt. ongunstig zou kunnen worden geraakt.
B.4.4. Het kiesrecht is het fundamentele politieke recht in de B.4.4. Het kiesrecht is het fundamentele politieke recht in de
representatieve democratie. Elke kiezer of kandidaat doet blijken van representatieve democratie. Elke kiezer of kandidaat doet blijken van
het vereiste belang om de vernietiging te vorderen van bepalingen die het vereiste belang om de vernietiging te vorderen van bepalingen die
zijn stem of zijn kandidatuur ongunstig kunnen beïnvloeden. zijn stem of zijn kandidatuur ongunstig kunnen beïnvloeden.
B.4.5. Het gegeven dat artikel 166, eerste lid, van het decreet van 8 B.4.5. Het gegeven dat artikel 166, eerste lid, van het decreet van 8
juli 2011 de regeling bevestigt van artikel 56 van de bij het juli 2011 de regeling bevestigt van artikel 56 van de bij het
koninklijk besluit van 4 augustus 1932 gecoördineerde gemeentekieswet, koninklijk besluit van 4 augustus 1932 gecoördineerde gemeentekieswet,
ontneemt de verzoekers niet hun belang, nu juist het behoud van die ontneemt de verzoekers niet hun belang, nu juist het behoud van die
regeling het voorwerp is van hun kritiek. regeling het voorwerp is van hun kritiek.
Hetzelfde geldt ten aanzien van het in de zaak nr. 5256 bovendien Hetzelfde geldt ten aanzien van het in de zaak nr. 5256 bovendien
bestreden quorum van artikel 181, § 2, derde lid, dat grotendeels de bestreden quorum van artikel 181, § 2, derde lid, dat grotendeels de
regeling bevestigt van artikel 20, § 2, derde lid, van de wet van 19 regeling bevestigt van artikel 20, § 2, derde lid, van de wet van 19
oktober 1921 tot regeling van de provincieraadsverkiezingen, zoals oktober 1921 tot regeling van de provincieraadsverkiezingen, zoals
vervangen bij artikel 267 van de gewone wet van 16 juli 1993 tot vervangen bij artikel 267 van de gewone wet van 16 juli 1993 tot
vervollediging van de federale staatsstructuur. vervollediging van de federale staatsstructuur.
Het is bovendien niet vereist dat een eventuele vernietiging de Het is bovendien niet vereist dat een eventuele vernietiging de
verzoekende partijen een onmiddellijk voordeel zou opleveren. De verzoekende partijen een onmiddellijk voordeel zou opleveren. De
omstandigheid dat zij, als gevolg van de vernietiging van de bestreden omstandigheid dat zij, als gevolg van de vernietiging van de bestreden
bepalingen opnieuw een kans zouden krijgen dat hun situatie in een bepalingen opnieuw een kans zouden krijgen dat hun situatie in een
gunstigere zin wordt geregeld, volstaat om hun belang bij het gunstigere zin wordt geregeld, volstaat om hun belang bij het
bestrijden van die bepalingen te verantwoorden. bestrijden van die bepalingen te verantwoorden.
Ten slotte kan het enkele gegeven dat de verzoekende partijen in het Ten slotte kan het enkele gegeven dat de verzoekende partijen in het
verleden niet of slechts ten dele tegen analoge bepalingen als die van verleden niet of slechts ten dele tegen analoge bepalingen als die van
het thans bestreden decreet zijn opgekomen, hun niet het belang het thans bestreden decreet zijn opgekomen, hun niet het belang
ontnemen bij hun huidige beroep. ontnemen bij hun huidige beroep.
B.4.6. De exceptie wordt verworpen. B.4.6. De exceptie wordt verworpen.
Ten aanzien van de middelen met betrekking tot het « systeem Imperiali Ten aanzien van de middelen met betrekking tot het « systeem Imperiali
» (eerste, tweede en derde middel in de zaak nr. 5228 en eerste middel » (eerste, tweede en derde middel in de zaak nr. 5228 en eerste middel
in de zaak nr. 5256) in de zaak nr. 5256)
B.5.1. De verzoeker in de zaak nr. 5228 voert in een eerste middel aan B.5.1. De verzoeker in de zaak nr. 5228 voert in een eerste middel aan
dat de bestreden bepalingen de artikelen 10 en 11 van de Grondwet dat de bestreden bepalingen de artikelen 10 en 11 van de Grondwet
schenden doordat het « systeem Imperiali » voor de schenden doordat het « systeem Imperiali » voor de
gemeenteraadsverkiezingen de grote partijen bevoordeelt. gemeenteraadsverkiezingen de grote partijen bevoordeelt.
Volgens hem zou het beginsel van de evenredige vertegenwoordiging zijn Volgens hem zou het beginsel van de evenredige vertegenwoordiging zijn
geschonden. Het verschil in berekeningsmethode voor de verdeling van geschonden. Het verschil in berekeningsmethode voor de verdeling van
de gemeenteraadszetels en die van andere bestuursniveaus zou geen de gemeenteraadszetels en die van andere bestuursniveaus zou geen
wettig doel nastreven en zou niet berusten op objectieve criteria. wettig doel nastreven en zou niet berusten op objectieve criteria.
Bovendien zou een aanzienlijk deel van de kiezers door het gehanteerde Bovendien zou een aanzienlijk deel van de kiezers door het gehanteerde
stelsel niet zijn vertegenwoordigd in de gemeenteraad. stelsel niet zijn vertegenwoordigd in de gemeenteraad.
B.5.2. Volgens de verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 bestaat er B.5.2. Volgens de verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 bestaat er
geen objectief criterium, noch enige redelijke verantwoording voor het geen objectief criterium, noch enige redelijke verantwoording voor het
gebruik, enerzijds, van het « systeem Imperiali » voor de gebruik, enerzijds, van het « systeem Imperiali » voor de
gemeenteraadsverkiezingen en, anderzijds, van het « systeem D'Hondt » gemeenteraadsverkiezingen en, anderzijds, van het « systeem D'Hondt »
voor de provincie- en districtsraadsverkiezingen. voor de provincie- en districtsraadsverkiezingen.
B.6.1. In tegenstelling tot wat geldt voor de verkiezingen van de B.6.1. In tegenstelling tot wat geldt voor de verkiezingen van de
Kamer van volksvertegenwoordigers en de Senaat (artikelen 62, tweede Kamer van volksvertegenwoordigers en de Senaat (artikelen 62, tweede
lid, en 68, § 1, van de Grondwet) is voor de verkiezingen van de lid, en 68, § 1, van de Grondwet) is voor de verkiezingen van de
provincie- en gemeenteraden niet grondwettelijk bepaald dat zij provincie- en gemeenteraden niet grondwettelijk bepaald dat zij
volgens het stelsel van de evenredige vertegenwoordiging geschieden. volgens het stelsel van de evenredige vertegenwoordiging geschieden.
De keuze voor dat stelsel, dat inhoudt dat de mandaten over de De keuze voor dat stelsel, dat inhoudt dat de mandaten over de
kandidatenlijsten en kandidaten worden verdeeld in verhouding tot het kandidatenlijsten en kandidaten worden verdeeld in verhouding tot het
aantal stemmen dat ze behaalden, vloeit voort uit de artikelen 19 en aantal stemmen dat ze behaalden, vloeit voort uit de artikelen 19 en
20 van de provinciekieswet van 19 oktober 1921 en uit de artikelen 56 20 van de provinciekieswet van 19 oktober 1921 en uit de artikelen 56
en volgende van de bij het koninklijk besluit van 4 augustus 1932 en volgende van de bij het koninklijk besluit van 4 augustus 1932
gecoördineerde gemeentekieswet, waarop ook het decreet van 8 juli 2011 gecoördineerde gemeentekieswet, waarop ook het decreet van 8 juli 2011
is geïnspireerd. is geïnspireerd.
Het beginsel van de toepassing van de evenredige vertegenwoordiging Het beginsel van de toepassing van de evenredige vertegenwoordiging
bij de provincie- en gemeenteraadsverkiezingen werd overigens bij de provincie- en gemeenteraadsverkiezingen werd overigens
bevestigd door artikel 6, § 1, VIII, eerste lid, 4°, c), van de bevestigd door artikel 6, § 1, VIII, eerste lid, 4°, c), van de
bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen,
naar luid waarvan een tweederdemeerderheid vereist is wanneer de naar luid waarvan een tweederdemeerderheid vereist is wanneer de
gewesten de regelgeving ter zake in minder evenredige zin zouden gewesten de regelgeving ter zake in minder evenredige zin zouden
wensen te wijzigen. wensen te wijzigen.
B.6.2. Bij de regeling van de kiesverrichtingen op basis van het B.6.2. Bij de regeling van de kiesverrichtingen op basis van het
beginsel van de evenredige vertegenwoordiging heeft de decreetgever beginsel van de evenredige vertegenwoordiging heeft de decreetgever
niet willen raken aan de historische optie om de beschikbare plaatsen niet willen raken aan de historische optie om de beschikbare plaatsen
te verdelen over de stemmen die de partijen en lijsten hebben behaald te verdelen over de stemmen die de partijen en lijsten hebben behaald
aan de hand van respectievelijk het « systeem Imperiali » voor de aan de hand van respectievelijk het « systeem Imperiali » voor de
gemeenteraadsverkiezingen en het « systeem D'Hondt » voor de gemeenteraadsverkiezingen en het « systeem D'Hondt » voor de
provincieraadsverkiezingen en, meer recent, voor de verkiezing van de provincieraadsverkiezingen en, meer recent, voor de verkiezing van de
districtsraden. districtsraden.
In beide systemen wordt gebruik gemaakt van een reeks delers waarbij In beide systemen wordt gebruik gemaakt van een reeks delers waarbij
voor elke partij of lijst het stemcijfer (dit is het totaal van de voor elke partij of lijst het stemcijfer (dit is het totaal van de
geldige stemmen voor die partij of lijst) telkens wordt gedeeld door geldige stemmen voor die partij of lijst) telkens wordt gedeeld door
een oplopende noemer. In het « systeem D'Hondt » wordt een delerreeks een oplopende noemer. In het « systeem D'Hondt » wordt een delerreeks
gehanteerd met als opeenvolgende noemers 1, 2, 3, 4, enz. In het « gehanteerd met als opeenvolgende noemers 1, 2, 3, 4, enz. In het «
systeem Imperiali » wordt een delerreeks gehanteerd met als systeem Imperiali » wordt een delerreeks gehanteerd met als
opeenvolgende noemers 1; 1 1/2; 2; 2 1/2; 3; 3 1/2; 4; 4 1/2, enz. In opeenvolgende noemers 1; 1 1/2; 2; 2 1/2; 3; 3 1/2; 4; 4 1/2, enz. In
beide systemen gaat de eerste zetel naar de partij of lijst die het beide systemen gaat de eerste zetel naar de partij of lijst die het
hoogste quotiënt heeft behaald en de volgende zetels - zoveel als er hoogste quotiënt heeft behaald en de volgende zetels - zoveel als er
te verdelen zijn - komen vervolgens toe aan de partij of lijst met het te verdelen zijn - komen vervolgens toe aan de partij of lijst met het
daaropvolgende quotiënt gerangschikt in een aflopende orde. daaropvolgende quotiënt gerangschikt in een aflopende orde.
Het door de verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 benadrukte Het door de verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 benadrukte
gegeven dat de doelstelling van de decreetgever erin bestond de gegeven dat de doelstelling van de decreetgever erin bestond de
regelgeving voor de lokale verkiezingen te vereenvoudigen met de regelgeving voor de lokale verkiezingen te vereenvoudigen met de
regeling van de gemeenteraadsverkiezingen als uitgangspunt, staat er regeling van de gemeenteraadsverkiezingen als uitgangspunt, staat er
niet aan in de weg dat de decreetgever - die overigens verscheidene niet aan in de weg dat de decreetgever - die overigens verscheidene
doelstellingen had zoals vermeld in B.2.2.1 - wat de delerreeksen doelstellingen had zoals vermeld in B.2.2.1 - wat de delerreeksen
betreft ervoor kon opteren de bestaande regelgeving over te nemen. betreft ervoor kon opteren de bestaande regelgeving over te nemen.
B.6.3. Zelfs indien de verkiezingen volgens een stelsel van volstrekt B.6.3. Zelfs indien de verkiezingen volgens een stelsel van volstrekt
evenredige vertegenwoordiging plaatsvinden, kan het verschijnsel van evenredige vertegenwoordiging plaatsvinden, kan het verschijnsel van
de « verloren stemmen » niet worden vermeden. Daaruit volgt dat niet de « verloren stemmen » niet worden vermeden. Daaruit volgt dat niet
elke stem hetzelfde gewicht heeft in de zeteltoewijzing en dat niet elke stem hetzelfde gewicht heeft in de zeteltoewijzing en dat niet
iedere kandidaat dezelfde kans heeft om te worden verkozen. iedere kandidaat dezelfde kans heeft om te worden verkozen.
Bovendien staat geen enkele bepaling van internationaal recht of van Bovendien staat geen enkele bepaling van internationaal recht of van
intern recht eraan in de weg dat de wetgever die voor een stelsel van intern recht eraan in de weg dat de wetgever die voor een stelsel van
evenredige vertegenwoordiging heeft gekozen, daarop redelijke evenredige vertegenwoordiging heeft gekozen, daarop redelijke
beperkingen aanbrengt, teneinde de goede werking van de democratische beperkingen aanbrengt, teneinde de goede werking van de democratische
instellingen te waarborgen. instellingen te waarborgen.
B.6.4. Wat betreft de keuze van de regels die het gewicht bepalen van B.6.4. Wat betreft de keuze van de regels die het gewicht bepalen van
de uitgebrachte stemmen in de uitslag van de verkiezingen, beschikt de uitgebrachte stemmen in de uitslag van de verkiezingen, beschikt
het Hof niet over de beoordelingsruimte van de decreetgever. het Hof niet over de beoordelingsruimte van de decreetgever.
Het onderzoek door het Hof van de verenigbaarheid met het beginsel van Het onderzoek door het Hof van de verenigbaarheid met het beginsel van
gelijkheid en niet-discriminatie van de bestreden bepaling moet gelijkheid en niet-discriminatie van de bestreden bepaling moet
derhalve worden beperkt tot het nagaan of de decreetgever al dan niet derhalve worden beperkt tot het nagaan of de decreetgever al dan niet
een maatregel heeft genomen die in redelijkheid kan worden een maatregel heeft genomen die in redelijkheid kan worden
verantwoord. verantwoord.
B.6.5. Ook indien - zoals de verzoekers aanvoeren en de Vlaamse B.6.5. Ook indien - zoals de verzoekers aanvoeren en de Vlaamse
Regering niet tegenspreekt - kan worden aangenomen dat het « systeem Regering niet tegenspreekt - kan worden aangenomen dat het « systeem
Imperiali » een relatief voordeel toekent aan de « grotere partijen », Imperiali » een relatief voordeel toekent aan de « grotere partijen »,
dient in eerste instantie te worden opgemerkt dat naar aanleiding van dient in eerste instantie te worden opgemerkt dat naar aanleiding van
de verkiezing zelf blijkt welke partijen of lijsten de « grotere » de verkiezing zelf blijkt welke partijen of lijsten de « grotere »
zijn en dat de verhoudingen bij elke nieuwe verkiezing kunnen zijn en dat de verhoudingen bij elke nieuwe verkiezing kunnen
veranderen. veranderen.
Bovendien worden de proportionele verhoudingen tussen de lijsten niet Bovendien worden de proportionele verhoudingen tussen de lijsten niet
enkel bepaald door de wiskundige formule van het « systeem Imperiali enkel bepaald door de wiskundige formule van het « systeem Imperiali
», respectievelijk die van het « systeem D'Hondt », maar ook door een », respectievelijk die van het « systeem D'Hondt », maar ook door een
reeks andere factoren zoals het aantal te begeven mandaten binnen elke reeks andere factoren zoals het aantal te begeven mandaten binnen elke
kieskring, het aantal deelnemende lijsten en de onderlinge verhouding kieskring, het aantal deelnemende lijsten en de onderlinge verhouding
tussen de stemcijfers van de diverse lijsten. tussen de stemcijfers van de diverse lijsten.
B.6.6. De wil om een stelsel van evenredige vertegenwoordiging in te B.6.6. De wil om een stelsel van evenredige vertegenwoordiging in te
voeren of te behouden, verhindert niet dat ook rekening wordt gehouden voeren of te behouden, verhindert niet dat ook rekening wordt gehouden
met de voordelen van een voldoende stabiel en duidelijk beleid tijdens met de voordelen van een voldoende stabiel en duidelijk beleid tijdens
de zittingsperiode. de zittingsperiode.
In het kader van zijn ruime beleidsvrijheid wat betreft de wijze In het kader van zijn ruime beleidsvrijheid wat betreft de wijze
waarop de evenredige vertegenwoordiging wordt georganiseerd, vermag de waarop de evenredige vertegenwoordiging wordt georganiseerd, vermag de
decreetgever maatregelen te nemen om een versnippering van het decreetgever maatregelen te nemen om een versnippering van het
politieke landschap te voorkomen, door binnen de vertegenwoordigende politieke landschap te voorkomen, door binnen de vertegenwoordigende
organen de vorming van voldoende coherente politieke groepen te organen de vorming van voldoende coherente politieke groepen te
bevorderen. bevorderen.
Overigens houdt het « systeem Imperiali » een vorm van natuurlijke Overigens houdt het « systeem Imperiali » een vorm van natuurlijke
kiesdrempel in, die is afgestemd op de onderlinge verhoudingen binnen kiesdrempel in, die is afgestemd op de onderlinge verhoudingen binnen
elke kieskring, en die in dat opzicht dus meer flexibel is dan de elke kieskring, en die in dat opzicht dus meer flexibel is dan de
absolute kiesdrempel van 5 pct. die geldt voor de federale en absolute kiesdrempel van 5 pct. die geldt voor de federale en
regionale verkiezingen en, overeenkomstig het bijzonder decreet van 8 regionale verkiezingen en, overeenkomstig het bijzonder decreet van 8
juli 2011, ook voor de provincieraadsverkiezingen in het Vlaamse juli 2011, ook voor de provincieraadsverkiezingen in het Vlaamse
Gewest. Gewest.
B.6.7. Voorts vermocht de decreetgever redelijkerwijze aan te nemen B.6.7. Voorts vermocht de decreetgever redelijkerwijze aan te nemen
dat de evenredige vertegenwoordiging zoals voorheen geschiedt dat de evenredige vertegenwoordiging zoals voorheen geschiedt
overeenkomstig het « systeem Imperiali » voor de overeenkomstig het « systeem Imperiali » voor de
gemeenteraadsverkiezingen, terwijl op de andere beleidsniveaus het « gemeenteraadsverkiezingen, terwijl op de andere beleidsniveaus het «
systeem D'Hondt » wordt gehanteerd. systeem D'Hondt » wordt gehanteerd.
Het gelijkheidsbeginsel gebiedt niet dat de verdeling van de toe te Het gelijkheidsbeginsel gebiedt niet dat de verdeling van de toe te
wijzen zetels tussen de deelnemende partijen of lijsten op de diverse wijzen zetels tussen de deelnemende partijen of lijsten op de diverse
beleidsniveaus zou geschieden volgens dezelfde modaliteiten. beleidsniveaus zou geschieden volgens dezelfde modaliteiten.
De decreetgever is er redelijkerwijze van kunnen uitgaan dat vooral De decreetgever is er redelijkerwijze van kunnen uitgaan dat vooral
voor de verkiezingen voor de gemeenten, waar de kandidaten dichter bij voor de verkiezingen voor de gemeenten, waar de kandidaten dichter bij
de bevolking staan, en waar de wil om zich kandidaat te stellen de bevolking staan, en waar de wil om zich kandidaat te stellen
doorgaans groter is, de risico's op versnippering en, derhalve, op een doorgaans groter is, de risico's op versnippering en, derhalve, op een
minder stabiel beleid groter zijn. minder stabiel beleid groter zijn.
Hoewel eenzelfde systeem had kunnen worden gehanteerd voor de Hoewel eenzelfde systeem had kunnen worden gehanteerd voor de
verkiezingen van de districtsraden, die binnengemeentelijke verkiezingen van de districtsraden, die binnengemeentelijke
territoriale organen zijn, is de decreetgever niet teruggekomen van de territoriale organen zijn, is de decreetgever niet teruggekomen van de
daarvoor reeds geldende toepassing van het « systeem D'Hondt ». Maar daarvoor reeds geldende toepassing van het « systeem D'Hondt ». Maar
binnen het kader van zijn beleidsvrijheid is het niet kennelijk binnen het kader van zijn beleidsvrijheid is het niet kennelijk
onredelijk dat de decreetgever ervan is uitgegaan dat de inrichting in onredelijk dat de decreetgever ervan is uitgegaan dat de inrichting in
districten van verstedelijkte gebieden met gemeenten van meer dan 100 districten van verstedelijkte gebieden met gemeenten van meer dan 100
000 inwoners is bedoeld om een betere betrokkenheid van de kiezers bij 000 inwoners is bedoeld om een betere betrokkenheid van de kiezers bij
het binnengemeentelijke beleid mogelijk te maken en niet om de het binnengemeentelijke beleid mogelijk te maken en niet om de
risico's van een versnippering tegen te gaan (Parl. St., Senaat, risico's van een versnippering tegen te gaan (Parl. St., Senaat,
1997-1998, nr. 1-907/1, p. 9; ibid., nr. 1-907/7, p. 2). 1997-1998, nr. 1-907/1, p. 9; ibid., nr. 1-907/7, p. 2).
B.6.8. Het eerste middel in de zaak nr. 5228 en het eerste middel in B.6.8. Het eerste middel in de zaak nr. 5228 en het eerste middel in
de zaak nr. 5256 zijn niet gegrond. de zaak nr. 5256 zijn niet gegrond.
B.7. De verzoeker in de zaak nr. 5228 voert in een tweede middel ook B.7. De verzoeker in de zaak nr. 5228 voert in een tweede middel ook
de schending aan van artikel 14 van het Europees Verdrag voor de de schending aan van artikel 14 van het Europees Verdrag voor de
rechten van de mens en van artikel 3 van het Eerste Aanvullend rechten van de mens en van artikel 3 van het Eerste Aanvullend
Protocol bij dat Verdrag. Protocol bij dat Verdrag.
B.8. Zelfs indien wordt aangenomen dat de schending van die B.8. Zelfs indien wordt aangenomen dat de schending van die
verdragsbepalingen wordt aangevoerd in samenhang gelezen met de verdragsbepalingen wordt aangevoerd in samenhang gelezen met de
artikelen 10 en 11 van de Grondwet, dan nog is het middel niet artikelen 10 en 11 van de Grondwet, dan nog is het middel niet
gegrond. gegrond.
Artikel 3 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het Europees Verdrag Artikel 3 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het Europees Verdrag
voor de rechten van de mens is te dezen immers niet van toepassing, nu voor de rechten van de mens is te dezen immers niet van toepassing, nu
de gemeenteraadsverkiezingen geen betrekking hebben op « het kiezen de gemeenteraadsverkiezingen geen betrekking hebben op « het kiezen
van de wetgevende macht » in de zin van die bepaling. Ook artikel 14 van de wetgevende macht » in de zin van die bepaling. Ook artikel 14
van dat Verdrag is niet van toepassing, nu dat enkel kan worden van dat Verdrag is niet van toepassing, nu dat enkel kan worden
aangevoerd in samenhang met een van de bij dat Verdrag gewaarborgde aangevoerd in samenhang met een van de bij dat Verdrag gewaarborgde
rechten en vrijheden. rechten en vrijheden.
B.9.1. De verzoeker in de zaak nr. 5228 voert in een derde middel nog B.9.1. De verzoeker in de zaak nr. 5228 voert in een derde middel nog
de schending aan van artikel 25 van het Internationaal Verdrag inzake de schending aan van artikel 25 van het Internationaal Verdrag inzake
burgerrechten en politieke rechten in zoverre de zetelverdeling op burgerrechten en politieke rechten in zoverre de zetelverdeling op
grond van de bestreden bepalingen niet voorziet in een gelijkwaardig grond van de bestreden bepalingen niet voorziet in een gelijkwaardig
kiesrecht voor alle kiezers. kiesrecht voor alle kiezers.
B.9.2. Artikel 25 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten B.9.2. Artikel 25 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten
en politieke rechten bepaalt : en politieke rechten bepaalt :
« Elke burger heeft het recht en dient in de gelegenheid te worden « Elke burger heeft het recht en dient in de gelegenheid te worden
gesteld, zonder dat het onderscheid bedoeld in artikel 2 wordt gemaakt gesteld, zonder dat het onderscheid bedoeld in artikel 2 wordt gemaakt
en zonder onredelijke beperkingen : en zonder onredelijke beperkingen :
a) deel te nemen aan de behandeling van openbare aangelegenheden, a) deel te nemen aan de behandeling van openbare aangelegenheden,
hetzij rechtstreeks of door middel van vrijelijk gekozen hetzij rechtstreeks of door middel van vrijelijk gekozen
vertegenwoordigers; vertegenwoordigers;
b) te stemmen en gekozen te worden door middel van betrouwbare b) te stemmen en gekozen te worden door middel van betrouwbare
periodieke verkiezingen die gehouden worden krachtens algemeen en periodieke verkiezingen die gehouden worden krachtens algemeen en
gelijkwaardig kiesrecht en bij geheime stemming, waardoor het gelijkwaardig kiesrecht en bij geheime stemming, waardoor het
vrijelijk tot uitdrukking brengen van de wil van de kiezers wordt vrijelijk tot uitdrukking brengen van de wil van de kiezers wordt
verzekerd; verzekerd;
c) op algemene voet van gelijkheid te worden toegelaten tot de c) op algemene voet van gelijkheid te worden toegelaten tot de
overheidsdiensten van zijn land ». overheidsdiensten van zijn land ».
B.10. Zelfs indien wordt aangenomen dat de schending van die B.10. Zelfs indien wordt aangenomen dat de schending van die
verdragsbepaling wordt aangevoerd in samenhang gelezen met de verdragsbepaling wordt aangevoerd in samenhang gelezen met de
artikelen 10 en 11 van de Grondwet, dan nog is het middel niet artikelen 10 en 11 van de Grondwet, dan nog is het middel niet
gegrond. gegrond.
De grief van de verzoeker dat afbreuk wordt gedaan aan de waarborg van De grief van de verzoeker dat afbreuk wordt gedaan aan de waarborg van
een « gelijkwaardig kiesrecht » zoals bepaald in artikel 25 van het een « gelijkwaardig kiesrecht » zoals bepaald in artikel 25 van het
Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten valt Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten valt
samen met de grief over de ongelijke behandeling van kiezers en samen met de grief over de ongelijke behandeling van kiezers en
kandidaten die hij reeds naar aanleiding van het eerste middel heeft kandidaten die hij reeds naar aanleiding van het eerste middel heeft
uiteengezet. uiteengezet.
Ten aanzien van het middel met betrekking tot de indeling in Ten aanzien van het middel met betrekking tot de indeling in
kiesdistricten voor de provincieraadsverkiezingen en het quorum voor kiesdistricten voor de provincieraadsverkiezingen en het quorum voor
de verbinding tussen de lijsten voor die districten (tweede middel in de verbinding tussen de lijsten voor die districten (tweede middel in
de zaak nr. 5256) de zaak nr. 5256)
B.11.1. De verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 voeren in een B.11.1. De verzoekende partijen in de zaak nr. 5256 voeren in een
tweede middel de schending aan van de artikelen 10 en 11 van de tweede middel de schending aan van de artikelen 10 en 11 van de
Grondwet door artikel 7, § 1, tweede lid, en artikel 181, § 2, eerste Grondwet door artikel 7, § 1, tweede lid, en artikel 181, § 2, eerste
tot derde lid, van het decreet van 8 juli 2011, doordat de als bijlage tot derde lid, van het decreet van 8 juli 2011, doordat de als bijlage
bij het decreet gevoegde indeling in kieskringen voor de bij het decreet gevoegde indeling in kieskringen voor de
provincieraadsverkiezingen waarnaar artikel 7, § 1, tweede lid, van provincieraadsverkiezingen waarnaar artikel 7, § 1, tweede lid, van
het decreet van 8 juli 2011 verwijst, leidt tot grote verschillen op het decreet van 8 juli 2011 verwijst, leidt tot grote verschillen op
het vlak van de natuurlijke kiesdrempel, waardoor er verschillen in het vlak van de natuurlijke kiesdrempel, waardoor er verschillen in
behandeling ontstaan tussen kiezers, kandidaten en politieke partijen behandeling ontstaan tussen kiezers, kandidaten en politieke partijen
naar gelang van de provincie, het administratief arrondissement en het naar gelang van de provincie, het administratief arrondissement en het
kiesdistrict en doordat krachtens artikel 181, § 2, derde lid, enkel kiesdistrict en doordat krachtens artikel 181, § 2, derde lid, enkel
die lijstenverbindingen worden toegelaten tot de aanvullende verdeling die lijstenverbindingen worden toegelaten tot de aanvullende verdeling
die in minstens één kieskring van de provincie een verkiezingscijfer die in minstens één kieskring van de provincie een verkiezingscijfer
van 66 pct. of meer van de kiesdeler - dit is het zogenaamde quorum - van 66 pct. of meer van de kiesdeler - dit is het zogenaamde quorum -
hebben behaald. In combinatie met de vaststelling van de provinciale hebben behaald. In combinatie met de vaststelling van de provinciale
kiesarrondissementen en kiesdistricten, zou dat leiden tot een kiesarrondissementen en kiesdistricten, zou dat leiden tot een
onevenredige en ongelijke verdeling van de aanvullende zetels, in het onevenredige en ongelijke verdeling van de aanvullende zetels, in het
nadeel van de kleinere partijen en hun kandidaten. nadeel van de kleinere partijen en hun kandidaten.
In een eerste onderdeel van dat middel wordt de vergelijking gemaakt In een eerste onderdeel van dat middel wordt de vergelijking gemaakt
met het quorum voor de verkiezingen voor het Vlaams Parlement en voor met het quorum voor de verkiezingen voor het Vlaams Parlement en voor
de Kamer van volksvertegenwoordigers. de Kamer van volksvertegenwoordigers.
In een tweede onderdeel wordt de vergelijking gemaakt binnen het In een tweede onderdeel wordt de vergelijking gemaakt binnen het
Vlaamse Gewest en binnen eenzelfde provincie, waar de natuurlijke Vlaamse Gewest en binnen eenzelfde provincie, waar de natuurlijke
kiesdrempel zou variëren tussen 3,14 pct. en 11 pct. kiesdrempel zou variëren tussen 3,14 pct. en 11 pct.
B.11.2. In tegenstelling tot wat de Vlaamse Regering volhoudt, is dat B.11.2. In tegenstelling tot wat de Vlaamse Regering volhoudt, is dat
middel voldoende duidelijk, ook in zoverre het is gericht tegen middel voldoende duidelijk, ook in zoverre het is gericht tegen
artikel 7, § 1, tweede lid, en het de verschillen inzake de artikel 7, § 1, tweede lid, en het de verschillen inzake de
natuurlijke kiesdrempel tussen de districten voor de natuurlijke kiesdrempel tussen de districten voor de
provincieraadsverkiezingen aanklaagt. provincieraadsverkiezingen aanklaagt.
B.12.1. Het komt in beginsel de decreetgever toe te beoordelen of het B.12.1. Het komt in beginsel de decreetgever toe te beoordelen of het
wenselijk is de provincieraadsverkiezingen te organiseren op grond van wenselijk is de provincieraadsverkiezingen te organiseren op grond van
één of meer kieskringen. één of meer kieskringen.
Wanneer hij opteert voor een op meerdere kieskringen gebaseerd Wanneer hij opteert voor een op meerdere kieskringen gebaseerd
kiessysteem, dient hij evenwel rekening ermee te houden dat het kiessysteem, dient hij evenwel rekening ermee te houden dat het
bevolkingscijfer van een kieskring de natuurlijke kiesdrempel bepaalt bevolkingscijfer van een kieskring de natuurlijke kiesdrempel bepaalt
die moet worden bereikt om een zetel te behalen. die moet worden bereikt om een zetel te behalen.
De natuurlijke drempel is intrinsiek verbonden met het aantal in een De natuurlijke drempel is intrinsiek verbonden met het aantal in een
kieskring te begeven zetels en het bevolkingscijfer van die kieskring. kieskring te begeven zetels en het bevolkingscijfer van die kieskring.
De hoogte van de natuurlijke drempel is omgekeerd evenredig met het De hoogte van de natuurlijke drempel is omgekeerd evenredig met het
aantal te begeven zetels en met het bevolkingscijfer van de kieskring. aantal te begeven zetels en met het bevolkingscijfer van de kieskring.
B.12.2. Uit de parlementaire voorbereiding van het decreet van 8 juli B.12.2. Uit de parlementaire voorbereiding van het decreet van 8 juli
2011 blijkt dat de decreetgever gevolg heeft willen geven aan het 2011 blijkt dat de decreetgever gevolg heeft willen geven aan het
arrest nr. 149/2007 van 5 december 2007, waarbij het Hof de bijlage arrest nr. 149/2007 van 5 december 2007, waarbij het Hof de bijlage
bij het decreet van 2 juni 2006 tot wijziging van het provinciedecreet bij het decreet van 2 juni 2006 tot wijziging van het provinciedecreet
van 9 december 2005 heeft vernietigd (Parl. St., Vlaams Parlement, van 9 december 2005 heeft vernietigd (Parl. St., Vlaams Parlement,
2010-2011, nr. 1084/1, pp. 4 en 9, nr. 1084/8, pp. 5-6, en Hand., 2010-2011, nr. 1084/1, pp. 4 en 9, nr. 1084/8, pp. 5-6, en Hand.,
Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 109 en 132). Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 109 en 132).
In dat arrest oordeelde het Hof : In dat arrest oordeelde het Hof :
« B.24.7. Ofschoon kan worden aanvaard dat een kiesdistrict waar vier « B.24.7. Ofschoon kan worden aanvaard dat een kiesdistrict waar vier
mandaten zijn te verdelen verenigbaar is met het bij de mandaten zijn te verdelen verenigbaar is met het bij de
provincieraadsverkiezingen gehanteerde stelsel van de ' evenredige provincieraadsverkiezingen gehanteerde stelsel van de ' evenredige
vertegenwoordiging ', is dit niet het geval voor districten waar vertegenwoordiging ', is dit niet het geval voor districten waar
slechts twee of drie mandaten zijn te verdelen en waar de natuurlijke slechts twee of drie mandaten zijn te verdelen en waar de natuurlijke
kiesdrempel om die reden onredelijk hoog is ». kiesdrempel om die reden onredelijk hoog is ».
Volgens de parlementaire voorbereiding van het decreet van 8 juli 2011 Volgens de parlementaire voorbereiding van het decreet van 8 juli 2011
beoogt de nieuwe regeling te waarborgen dat er in de nieuwe indeling beoogt de nieuwe regeling te waarborgen dat er in de nieuwe indeling
in kiesdistricten minstens zes zetels per district te verdelen zijn in kiesdistricten minstens zes zetels per district te verdelen zijn
(Parl. St., Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 1084/1, pp. 4, 9 en 10; (Parl. St., Vlaams Parlement, 2010-2011, nr. 1084/1, pp. 4, 9 en 10;
ibid., nr. 1084/8, pp. 6, 8, 11, 14, 17, 22, 26 en 51; Hand., Vlaams ibid., nr. 1084/8, pp. 6, 8, 11, 14, 17, 22, 26 en 51; Hand., Vlaams
Parlement, 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 113 en 131). Parlement, 2010-2011, nr. 43, 29 juni 2011, pp. 113 en 131).
B.12.3. Door op die wijze gevolg te geven aan het voormelde arrest nr. B.12.3. Door op die wijze gevolg te geven aan het voormelde arrest nr.
149/2007, heeft de decreetgever gewaarborgd dat de verschillen die 149/2007, heeft de decreetgever gewaarborgd dat de verschillen die
tussen de kandidaten van de verschillende provinciedistricten tussen de kandidaten van de verschillende provinciedistricten
voortvloeien uit de natuurlijke kiesdrempel binnen redelijke grenzen voortvloeien uit de natuurlijke kiesdrempel binnen redelijke grenzen
blijven en verenigbaar zijn met het op de provincieraden toepasselijke blijven en verenigbaar zijn met het op de provincieraden toepasselijke
stelsel van evenredige vertegenwoordiging. stelsel van evenredige vertegenwoordiging.
B.12.4. In zoverre het middel is gericht tegen artikel 7, § 1, tweede B.12.4. In zoverre het middel is gericht tegen artikel 7, § 1, tweede
lid, van het decreet van 8 juli 2011 en de bijlage waarnaar dat lid lid, van het decreet van 8 juli 2011 en de bijlage waarnaar dat lid
verwijst, is het niet gegrond. verwijst, is het niet gegrond.
B.13.1. Het middel is voor het overige gericht tegen de bepaling van B.13.1. Het middel is voor het overige gericht tegen de bepaling van
artikel 181, § 2, derde lid, die tot gevolg heeft dat enkel die artikel 181, § 2, derde lid, die tot gevolg heeft dat enkel die
lijstenverbindingen worden toegelaten tot de aanvullende lijstenverbindingen worden toegelaten tot de aanvullende
zetelverdeling die in minstens één provinciaal kiesdistrict van het zetelverdeling die in minstens één provinciaal kiesdistrict van het
betrokken provinciaal kiesarrondissement het quorum van 66 pct. van de betrokken provinciaal kiesarrondissement het quorum van 66 pct. van de
kiesdeler hebben behaald. kiesdeler hebben behaald.
B.13.2. Artikel 101 van het decreet van 8 juli 2011 biedt de B.13.2. Artikel 101 van het decreet van 8 juli 2011 biedt de
kandidaten van een lijst de mogelijkheid om - mits de instemming van kandidaten van een lijst de mogelijkheid om - mits de instemming van
de kiezers of de aftredende provincieraadsleden die hen hebben de kiezers of de aftredende provincieraadsleden die hen hebben
voorgedragen - te verklaren dat zij zich verbinden met : voorgedragen - te verklaren dat zij zich verbinden met :
« 1° [...]; « 1° [...];
2° de bij name aan te wijzen kandidaten van lijsten met dezelfde 2° de bij name aan te wijzen kandidaten van lijsten met dezelfde
benaming die in andere provinciedistricten van hetzelfde provinciale benaming die in andere provinciedistricten van hetzelfde provinciale
kiesarrondissement zijn voorgedragen met het oog op de aanvullende kiesarrondissement zijn voorgedragen met het oog op de aanvullende
zetelverdeling, bedoeld in artikel 181, § 2 tot en met § 4 ». zetelverdeling, bedoeld in artikel 181, § 2 tot en met § 4 ».
Wanneer geen gebruik is gemaakt van die mogelijkheid, geschiedt de Wanneer geen gebruik is gemaakt van die mogelijkheid, geschiedt de
verdeling van de zetels overeenkomstig de artikelen 179 en 180 van het verdeling van de zetels overeenkomstig de artikelen 179 en 180 van het
decreet van 8 juli 2011. decreet van 8 juli 2011.
Artikel 181 van het decreet van 8 juli 2011, waarvan de bestreden Artikel 181 van het decreet van 8 juli 2011, waarvan de bestreden
bepaling deel uitmaakt, regelt de zetelverdeling wanneer wel gebruik bepaling deel uitmaakt, regelt de zetelverdeling wanneer wel gebruik
is gemaakt van de mogelijkheid tot zogenaamde apparentering van is gemaakt van de mogelijkheid tot zogenaamde apparentering van
lijsten. lijsten.
Die regeling is geïnspireerd op die van artikel 20 van de wet van 19 Die regeling is geïnspireerd op die van artikel 20 van de wet van 19
oktober 1921 tot regeling van de provincieraadsverkiezingen, zoals oktober 1921 tot regeling van de provincieraadsverkiezingen, zoals
vervangen bij artikel 267 van de gewone wet van 16 juli 1993 tot vervangen bij artikel 267 van de gewone wet van 16 juli 1993 tot
vervollediging van de federale staatsstructuur. vervollediging van de federale staatsstructuur.
Bij de eerste verdeling wordt de kiesdeler bepaald door het algemeen Bij de eerste verdeling wordt de kiesdeler bepaald door het algemeen
totaal van de geldige stemmen te delen door het getal van de in het totaal van de geldige stemmen te delen door het getal van de in het
provinciedistrict toe te kennen zetels. Vervolgens wordt voor ieder provinciedistrict toe te kennen zetels. Vervolgens wordt voor ieder
provinciedistrict het stemcijfer van elke lijst gedeeld door die provinciedistrict het stemcijfer van elke lijst gedeeld door die
kiesdeler. Het op een geheel getal vastgestelde quotiënt bepaalt het kiesdeler. Het op een geheel getal vastgestelde quotiënt bepaalt het
aantal zetels dat reeds kan worden toegekend. Voor elke lijst wordt aantal zetels dat reeds kan worden toegekend. Voor elke lijst wordt
het aantal nog niet gebruikte stemmen bijgehouden (artikel 181, § 1, het aantal nog niet gebruikte stemmen bijgehouden (artikel 181, § 1,
van het decreet van 8 juli 2011). van het decreet van 8 juli 2011).
Voor de verdeling van de aanvullende zetels wordt het stemcijfer van Voor de verdeling van de aanvullende zetels wordt het stemcijfer van
iedere lijstengroep vastgesteld door een optelling van de stemcijfers iedere lijstengroep vastgesteld door een optelling van de stemcijfers
van de lijsten die er deel van uitmaken. De andere lijsten behouden van de lijsten die er deel van uitmaken. De andere lijsten behouden
hun stemcijfers. Per provinciaal kiesarrondissement wordt door hun stemcijfers. Per provinciaal kiesarrondissement wordt door
samentelling van de eenheden van de eerder vastgestelde quotiënten samentelling van de eenheden van de eerder vastgestelde quotiënten
bepaald hoeveel zetels de verschillende lijstengroepen en de bepaald hoeveel zetels de verschillende lijstengroepen en de
alleenstaande lijsten voor het gehele provinciale kiesarrondissement alleenstaande lijsten voor het gehele provinciale kiesarrondissement
reeds hebben verkregen en hoeveel zetels aanvullend te verdelen zijn reeds hebben verkregen en hoeveel zetels aanvullend te verdelen zijn
(artikel 181, § 2, van het decreet van 8 juli 2011). (artikel 181, § 2, van het decreet van 8 juli 2011).
Ten slotte wordt aan de hand van de stemcijfers, bedoeld in de vorige Ten slotte wordt aan de hand van de stemcijfers, bedoeld in de vorige
alinea, bepaald in welke volgorde de opeenvolgende zetels aan de alinea, bepaald in welke volgorde de opeenvolgende zetels aan de
lijsten toekomen en in welk provinciedistrict de aanvullende zetel of lijsten toekomen en in welk provinciedistrict de aanvullende zetel of
zetels aan verbonden lijsten kunnen worden toegekend (artikel 181, § zetels aan verbonden lijsten kunnen worden toegekend (artikel 181, §
2, in fine, en § 3, van het decreet van 8 juli 2011). 2, in fine, en § 3, van het decreet van 8 juli 2011).
B.13.3. Naar aanleiding van het eerste middel is reeds opgemerkt B.13.3. Naar aanleiding van het eerste middel is reeds opgemerkt
(B.6.3) dat zelfs in een stelsel van volstrekt evenredige (B.6.3) dat zelfs in een stelsel van volstrekt evenredige
vertegenwoordiging, het verschijnsel van de « verloren stemmen » niet vertegenwoordiging, het verschijnsel van de « verloren stemmen » niet
kan worden vermeden en dat de wetgever die voor een stelsel van kan worden vermeden en dat de wetgever die voor een stelsel van
evenredige vertegenwoordiging heeft gekozen, daarop redelijke evenredige vertegenwoordiging heeft gekozen, daarop redelijke
beperkingen vermag aan te brengen om de goede werking van de beperkingen vermag aan te brengen om de goede werking van de
democratische instellingen te waarborgen. democratische instellingen te waarborgen.
Zoals eveneens is opgemerkt naar aanleiding van het eerste middel Zoals eveneens is opgemerkt naar aanleiding van het eerste middel
(B.6.4), beschikt het Hof niet over de beoordelingsruimte van de (B.6.4), beschikt het Hof niet over de beoordelingsruimte van de
decreetgever wat betreft de keuze van de regels die het gewicht van de decreetgever wat betreft de keuze van de regels die het gewicht van de
uitgebrachte stemmen in de uitslag van de verkiezingen bepalen. uitgebrachte stemmen in de uitslag van de verkiezingen bepalen.
B.13.4. Het decreet van 8 juli 2011 vormt een coördinatie van de B.13.4. Het decreet van 8 juli 2011 vormt een coördinatie van de
regelgeving voor de verkiezingen voor de niveaus waarvoor het Vlaamse regelgeving voor de verkiezingen voor de niveaus waarvoor het Vlaamse
Gewest bevoegd is geworden. Niettemin zijn met name voor de Gewest bevoegd is geworden. Niettemin zijn met name voor de
provincieraadsverkiezingen een reeks aanpassingen doorgevoerd. Zo provincieraadsverkiezingen een reeks aanpassingen doorgevoerd. Zo
wordt aan de ene kant het aantal provincieraadsleden verminderd, en wordt aan de ene kant het aantal provincieraadsleden verminderd, en
wordt aan de andere kant gewaarborgd dat per provinciedistrict wordt aan de andere kant gewaarborgd dat per provinciedistrict
minstens zes zetels te verdelen zijn. minstens zes zetels te verdelen zijn.
Wat de verbinding van lijsten op het provinciale niveau betreft, heeft Wat de verbinding van lijsten op het provinciale niveau betreft, heeft
de decreetgever grotendeels de bestaande regeling overgenomen. de decreetgever grotendeels de bestaande regeling overgenomen.
Daarbij heeft hij, enerzijds, de mogelijkheid behouden voor kandidaten Daarbij heeft hij, enerzijds, de mogelijkheid behouden voor kandidaten
van verschillende lijsten om hun kansen te verhogen door gebruik te van verschillende lijsten om hun kansen te verhogen door gebruik te
maken van de mogelijkheid om lijsten die met een zelfde benaming in maken van de mogelijkheid om lijsten die met een zelfde benaming in
verscheidene provinciedistricten opkomen, te verbinden. Door die verscheidene provinciedistricten opkomen, te verbinden. Door die
zogenaamde apparentering kunnen immers de reststemmen van de diverse zogenaamde apparentering kunnen immers de reststemmen van de diverse
provinciedistricten worden samengeteld en benut. provinciedistricten worden samengeteld en benut.
Anderzijds, heeft hij die mogelijkheid tot op zekere hoogte beperkt - Anderzijds, heeft hij die mogelijkheid tot op zekere hoogte beperkt -
zoals ook voorheen het geval was - door in de bestreden bepaling voor zoals ook voorheen het geval was - door in de bestreden bepaling voor
te schrijven dat enkel de alleenstaande of verbonden lijsten die te schrijven dat enkel de alleenstaande of verbonden lijsten die
daadwerkelijk 66 pct. van de kiesdeler hebben behaald, in aanmerking daadwerkelijk 66 pct. van de kiesdeler hebben behaald, in aanmerking
worden genomen bij de toewijzing van de aanvullende zetels. Terwijl worden genomen bij de toewijzing van de aanvullende zetels. Terwijl
dat quorum voorheen moest worden behaald in één van de districten dat quorum voorheen moest worden behaald in één van de districten
binnen de betrokken provincie, moet dat voortaan worden behaald binnen binnen de betrokken provincie, moet dat voortaan worden behaald binnen
eenzelfde provinciaal kiesarrondissement. eenzelfde provinciaal kiesarrondissement.
B.13.5. Geconfronteerd met een veelheid van soms tegenstrijdige B.13.5. Geconfronteerd met een veelheid van soms tegenstrijdige
factoren, heeft de decreetgever zowel rekening gehouden met de factoren, heeft de decreetgever zowel rekening gehouden met de
bestaande mogelijkheid van een meer evenredige vertegenwoordiging op bestaande mogelijkheid van een meer evenredige vertegenwoordiging op
het niveau van de provincieraden door middel van de apparentering, als het niveau van de provincieraden door middel van de apparentering, als
met de even legitieme wens om de versnippering van het politieke met de even legitieme wens om de versnippering van het politieke
landschap te voorkomen. Er blijkt niet dat hij daarbij keuzes heeft landschap te voorkomen. Er blijkt niet dat hij daarbij keuzes heeft
gemaakt die zijn beleidsvrijheid te buiten gaan. gemaakt die zijn beleidsvrijheid te buiten gaan.
B.13.6. De verzoekende partijen in zaak nr. 5256 doen opmerken dat het B.13.6. De verzoekende partijen in zaak nr. 5256 doen opmerken dat het
quorum voor de apparentering voor de verkiezing van de leden van de quorum voor de apparentering voor de verkiezing van de leden van de
Kamer van volksvertegenwoordigers 33 pct. bedraagt in plaats van 66 Kamer van volksvertegenwoordigers 33 pct. bedraagt in plaats van 66
pct. te dezen, en dat het quorum voor de apparentering voor de pct. te dezen, en dat het quorum voor de apparentering voor de
verkiezing van het Vlaams Parlement weliswaar 66 pct. is, maar dan verkiezing van het Vlaams Parlement weliswaar 66 pct. is, maar dan
toegepast op de gehele provincie. toegepast op de gehele provincie.
Zoals reeds gesteld naar aanleiding van het eerste middel (B.6.7), Zoals reeds gesteld naar aanleiding van het eerste middel (B.6.7),
gebiedt het gelijkheidsbeginsel niet dat de verkiezingen op de diverse gebiedt het gelijkheidsbeginsel niet dat de verkiezingen op de diverse
beleidsniveaus zouden geschieden volgens dezelfde modaliteiten wat de beleidsniveaus zouden geschieden volgens dezelfde modaliteiten wat de
verdeling van de toe te wijzen zetels onder de deelnemende partijen of verdeling van de toe te wijzen zetels onder de deelnemende partijen of
lijsten betreft. lijsten betreft.
Wat de vergelijking met het stelsel van de apparentering voor de Kamer Wat de vergelijking met het stelsel van de apparentering voor de Kamer
van volksvertegenwoordigers betreft, moet daaraan worden toegevoegd van volksvertegenwoordigers betreft, moet daaraan worden toegevoegd
dat een zodanig verschil, dat het gevolg is van de autonome dat een zodanig verschil, dat het gevolg is van de autonome
uitoefening van de eigen bevoegdheden van het Gewest, alleen daarom uitoefening van de eigen bevoegdheden van het Gewest, alleen daarom
nog niet in strijd is met het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel. nog niet in strijd is met het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel.
B.13.7. Er blijkt niet dat de decreetgever met artikel 181, § 2, derde B.13.7. Er blijkt niet dat de decreetgever met artikel 181, § 2, derde
lid, een kennelijk onredelijke maatregel heeft genomen. lid, een kennelijk onredelijke maatregel heeft genomen.
In zoverre het is gericht tegen die bepaling is het middel niet In zoverre het is gericht tegen die bepaling is het middel niet
gegrond. gegrond.
Om die redenen, Om die redenen,
het Hof het Hof
verwerpt de beroepen. verwerpt de beroepen.
Aldus uitgesproken in het Nederlands, het Frans en het Duits, Aldus uitgesproken in het Nederlands, het Frans en het Duits,
overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op
het Grondwettelijk Hof, op de openbare terechtzitting van 28 juni het Grondwettelijk Hof, op de openbare terechtzitting van 28 juni
2012. 2012.
De griffier, De griffier,
F. Meersschaut F. Meersschaut
De voorzitter, De voorzitter,
M. Bossuyt M. Bossuyt
^