Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 102/2007 van 12 juli 2007 Rolnummer 4067 In zake : de prejudiciële vraag over artikel 9, § 1, van het decreet van het Waalse Gewest van 5 december 1996 betreffende de Waalse intercommunales, gesteld door de Ra Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters P(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 102/2007 van 12 juli 2007 Rolnummer 4067 In zake : de prejudiciële vraag over artikel 9, § 1, van het decreet van het Waalse Gewest van 5 december 1996 betreffende de Waalse intercommunales, gesteld door de Ra Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters P(...) Uittreksel uit arrest nr. 102/2007 van 12 juli 2007 Rolnummer 4067 In zake : de prejudiciële vraag over artikel 9, § 1, van het decreet van het Waalse Gewest van 5 december 1996 betreffende de Waalse intercommunales, gesteld door de Ra Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters P(...)
GRONDWETTELIJK HOF GRONDWETTELIJK HOF
Uittreksel uit arrest nr. 102/2007 van 12 juli 2007 Uittreksel uit arrest nr. 102/2007 van 12 juli 2007
Rolnummer 4067 Rolnummer 4067
In zake : de prejudiciële vraag over artikel 9, § 1, van het decreet In zake : de prejudiciële vraag over artikel 9, § 1, van het decreet
van het Waalse Gewest van 5 december 1996 betreffende de Waalse van het Waalse Gewest van 5 december 1996 betreffende de Waalse
intercommunales, gesteld door de Raad van State. intercommunales, gesteld door de Raad van State.
Het Grondwettelijk Hof, Het Grondwettelijk Hof,
samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters
P. Martens, R. Henneuse, M. Bossuyt, E. De Groot, L. Lavrysen, A. P. Martens, R. Henneuse, M. Bossuyt, E. De Groot, L. Lavrysen, A.
Alen, J.-P. Snappe, J.-P. Moerman, E. Derycke en J. Spreutels, Alen, J.-P. Snappe, J.-P. Moerman, E. Derycke en J. Spreutels,
bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van
voorzitter M. Melchior, voorzitter M. Melchior,
wijst na beraad het volgende arrest : wijst na beraad het volgende arrest :
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging
Bij arrest nr. 164.275 van 30 oktober 2006 in zake de « Association Bij arrest nr. 164.275 van 30 oktober 2006 in zake de « Association
intercommunale de traitement des déchets liégeois » (Intradel) tegen intercommunale de traitement des déchets liégeois » (Intradel) tegen
het Waalse Gewest, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is het Waalse Gewest, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is
ingekomen op 9 november 2006, heeft de Raad van State de volgende ingekomen op 9 november 2006, heeft de Raad van State de volgende
prejudiciële vraag gesteld : prejudiciële vraag gesteld :
« Schendt artikel 9, § 1, van het decreet van 5 december 1996 « Schendt artikel 9, § 1, van het decreet van 5 december 1996
betreffende de Waalse intercommunales, geïnterpreteerd in die zin dat betreffende de Waalse intercommunales, geïnterpreteerd in die zin dat
het een intercommunale verbiedt om in haar statuten te voorzien in de het een intercommunale verbiedt om in haar statuten te voorzien in de
mogelijkheid voor een andere vennoot dan een gemeente om uit de mogelijkheid voor een andere vennoot dan een gemeente om uit de
intercommunale te treden vóór het verstrijken van haar duur, de intercommunale te treden vóór het verstrijken van haar duur, de
artikelen 10 en 11 van de Grondwet ? ». artikelen 10 en 11 van de Grondwet ? ».
(...) (...)
III. In rechte III. In rechte
(...) (...)
B.1. De prejudiciële vraag heeft betrekking op artikel 9, § 1, van het B.1. De prejudiciële vraag heeft betrekking op artikel 9, § 1, van het
decreet van 5 december 1996 betreffende de Waalse intercommunales decreet van 5 december 1996 betreffende de Waalse intercommunales
(hierna : het Waalse decreet van 5 december 1996). (hierna : het Waalse decreet van 5 december 1996).
Artikel 9 van het Waalse decreet van 5 december 1996 bepaalt : Artikel 9 van het Waalse decreet van 5 december 1996 bepaalt :
« § 1. De statuten kunnen voorzien in de mogelijkheid voor een « § 1. De statuten kunnen voorzien in de mogelijkheid voor een
gemeente om uit de intercommunale te treden vóór het verstrijken van gemeente om uit de intercommunale te treden vóór het verstrijken van
haar duur. haar duur.
§ 2. Elke vennoot mag hoe dan ook onder de volgende voorwaarden uit de § 2. Elke vennoot mag hoe dan ook onder de volgende voorwaarden uit de
intercommunale treden : intercommunale treden :
1. na vijftien jaar te rekenen, volgens het geval, vanaf het begin van 1. na vijftien jaar te rekenen, volgens het geval, vanaf het begin van
de lopende statutaire termijn of vanaf zijn aansluiting met de de lopende statutaire termijn of vanaf zijn aansluiting met de
instemming van tweederde van de stemmen van de andere vennoten, voor instemming van tweederde van de stemmen van de andere vennoten, voor
zover de positieve stemmen de meerderheid omvatten van de stemmen zover de positieve stemmen de meerderheid omvatten van de stemmen
uitgebracht door de vertegenwoordigers van de aangesloten gemeenten, uitgebracht door de vertegenwoordigers van de aangesloten gemeenten,
en onder voorbehoud dat degene die uittreedt de schade vergoedt die en onder voorbehoud dat degene die uittreedt de schade vergoedt die
zijn uittreding, naar schatting van deskundigen, aan de intercommunale zijn uittreding, naar schatting van deskundigen, aan de intercommunale
en aan de andere vennoten berokkent; en aan de andere vennoten berokkent;
2. indien dezelfde activiteit van gemeentelijk belang in de zin van 2. indien dezelfde activiteit van gemeentelijk belang in de zin van
artikel 2, in dezelfde gemeente aan verschillende intercommunales, artikel 2, in dezelfde gemeente aan verschillende intercommunales,
regies of instellingen van openbaar nut wordt toevertrouwd, mag de regies of instellingen van openbaar nut wordt toevertrouwd, mag de
gemeente beslissen die activiteit, voor haar gehele grondgebied, toe gemeente beslissen die activiteit, voor haar gehele grondgebied, toe
te vertrouwen aan één enkele intercommunale of aan één enkele te vertrouwen aan één enkele intercommunale of aan één enkele
belanghebbende gewestelijke instelling van openbaar nut. Indien de in belanghebbende gewestelijke instelling van openbaar nut. Indien de in
het vorige lid bedoelde gevallen zich niettegenstaande iedere het vorige lid bedoelde gevallen zich niettegenstaande iedere
andersluidende statutaire bepaling voordoen, is de stemming niet andersluidende statutaire bepaling voordoen, is de stemming niet
vereist. Alleen de onder punt 1° bedoelde voorwaarden betreffende de vereist. Alleen de onder punt 1° bedoelde voorwaarden betreffende de
vergoeding van de eventuele schade zijn van toepassing; vergoeding van de eventuele schade zijn van toepassing;
3. eenzijdig, wanneer de intercommunale haar maatschappelijk doel 3. eenzijdig, wanneer de intercommunale haar maatschappelijk doel
verzuimt te verwezenlijken binnen een termijn van drie jaar te rekenen verzuimt te verwezenlijken binnen een termijn van drie jaar te rekenen
vanaf haar oprichting ». vanaf haar oprichting ».
B.2. De verwijzende rechter stelt het Hof een vraag over de B.2. De verwijzende rechter stelt het Hof een vraag over de
bestaanbaarheid, met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, van bestaanbaarheid, met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, van
artikel 9, § 1, van het Waalse decreet van 5 december 1996, in de artikel 9, § 1, van het Waalse decreet van 5 december 1996, in de
interpretatie volgens welke die bepaling een intercommunale verbiedt interpretatie volgens welke die bepaling een intercommunale verbiedt
om in haar statuten te voorzien in de mogelijkheid voor een andere om in haar statuten te voorzien in de mogelijkheid voor een andere
vennoot dan een gemeente om uit de intercommunale te treden vóór het vennoot dan een gemeente om uit de intercommunale te treden vóór het
verstrijken van haar duur. verstrijken van haar duur.
In die interpretatie zou de in het geding zijnde bepaling aanleiding In die interpretatie zou de in het geding zijnde bepaling aanleiding
kunnen geven tot discriminatie, wat betreft de mogelijkheden tot kunnen geven tot discriminatie, wat betreft de mogelijkheden tot
statutaire uittreding vóór het verstrijken van de duur van de statutaire uittreding vóór het verstrijken van de duur van de
intercommunale, onder de vennoten van de intercommunale naargelang het intercommunale, onder de vennoten van de intercommunale naargelang het
al dan niet gaat om gemeenten. al dan niet gaat om gemeenten.
B.3. Uit de memories en uit de feiten van de zaak volgt dat het B.3. Uit de memories en uit de feiten van de zaak volgt dat het
geschil dat voor de verwijzende rechter hangende is, betrekking heeft geschil dat voor de verwijzende rechter hangende is, betrekking heeft
op de mogelijkheid, voor een intercommunale, om in haar statuten te op de mogelijkheid, voor een intercommunale, om in haar statuten te
voorzien in de vroegtijdige uittreding van een aangesloten voorzien in de vroegtijdige uittreding van een aangesloten
intercommunale. intercommunale.
Het Hof beperkt zijn onderzoek tot dat geval. Het Hof beperkt zijn onderzoek tot dat geval.
B.4.1. Artikel 9, § 1, van het Waalse decreet van 5 december 1996 B.4.1. Artikel 9, § 1, van het Waalse decreet van 5 december 1996
neemt de - onveranderd gebleven - tekst over van de eerste zin van neemt de - onveranderd gebleven - tekst over van de eerste zin van
artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986 betreffende de artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986 betreffende de
intercommunales (hierna : de wet van 22 december 1986). intercommunales (hierna : de wet van 22 december 1986).
B.4.2. De wet van 1 maart 1922 omtrent de vereniging van gemeenten tot B.4.2. De wet van 1 maart 1922 omtrent de vereniging van gemeenten tot
nut van 't algemeen, die werd vervangen door de wet van 22 december nut van 't algemeen, die werd vervangen door de wet van 22 december
1986, voorzag niet in de voorwaarden voor uittreding van de vennoten 1986, voorzag niet in de voorwaarden voor uittreding van de vennoten
uit een intercommunale. uit een intercommunale.
De wet van 22 december 1986 had tot doel die wetgeving aan te passen, De wet van 22 december 1986 had tot doel die wetgeving aan te passen,
meer bepaald om de problemen op te lossen die zich voordeden « wanneer meer bepaald om de problemen op te lossen die zich voordeden « wanneer
er op het grondgebied van eenzelfde gemeente verschillende er op het grondgebied van eenzelfde gemeente verschillende
intercommunales zijn, zoals het geval is bijvoorbeeld ingevolge fusie intercommunales zijn, zoals het geval is bijvoorbeeld ingevolge fusie
of aanhechting van gemeenten of bij wijziging van hun grenzen » (Parl. of aanhechting van gemeenten of bij wijziging van hun grenzen » (Parl.
St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/1, p. 1). St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/1, p. 1).
B.4.3. De wet van 22 december 1986 heeft dus de voorwaarden vastgelegd B.4.3. De wet van 22 december 1986 heeft dus de voorwaarden vastgelegd
voor de uittreding van de vennoten uit een intercommunale. voor de uittreding van de vennoten uit een intercommunale.
Zo werd bij artikel 8 van de wet van 22 december 1986 « een totaal Zo werd bij artikel 8 van de wet van 22 december 1986 « een totaal
nieuwe bepaling [ingevoerd] die de uittreding van de deelgenoten nieuwe bepaling [ingevoerd] die de uittreding van de deelgenoten
reglementeert » (Parl. St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/2, p. 62). reglementeert » (Parl. St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/2, p. 62).
Artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986, bepaalde : Artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986, bepaalde :
« De statuten kunnen voorzien in de mogelijkheid voor een gemeente om « De statuten kunnen voorzien in de mogelijkheid voor een gemeente om
uit de intercommunale te treden vóór het verstrijken van de duur van uit de intercommunale te treden vóór het verstrijken van de duur van
de intercommunale. In alle geval mag iedere vennoot uit de de intercommunale. In alle geval mag iedere vennoot uit de
intercommunale treden na vijftien jaar te rekenen, volgens het geval, intercommunale treden na vijftien jaar te rekenen, volgens het geval,
vanaf de oprichting van de intercommunale of vanaf zijn aansluiting vanaf de oprichting van de intercommunale of vanaf zijn aansluiting
met de instemming van twee derde van de stemmen van de andere in de met de instemming van twee derde van de stemmen van de andere in de
algemene vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden, voor zover algemene vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden, voor zover
de positieve stemmen de meerderheid omvatten van de stemmen de positieve stemmen de meerderheid omvatten van de stemmen
uitgebracht door de vertegenwoordigers van de aangesloten gemeenten, uitgebracht door de vertegenwoordigers van de aangesloten gemeenten,
en onder voorbehoud dat degene die uittreedt de schade vergoedt die en onder voorbehoud dat degene die uittreedt de schade vergoedt die
zijn uittreding, naar schatting van deskundigen, aan de intercommunale zijn uittreding, naar schatting van deskundigen, aan de intercommunale
en aan de andere vennoten berokkent ». en aan de andere vennoten berokkent ».
B.4.4. In die context bepaalde artikel 4, 10°, van dezelfde wet dat de B.4.4. In die context bepaalde artikel 4, 10°, van dezelfde wet dat de
statuten « de wijze van uittreden van een vennoot » moesten vermelden. statuten « de wijze van uittreden van een vennoot » moesten vermelden.
Overigens bepaalde artikel 23, tweede lid, van dezelfde wet : Overigens bepaalde artikel 23, tweede lid, van dezelfde wet :
« De gemeente die uittreedt, is, niettegenstaande iedere « De gemeente die uittreedt, is, niettegenstaande iedere
andersluidende statutaire bepaling, gerechtigd haar aandeel in de andersluidende statutaire bepaling, gerechtigd haar aandeel in de
vereniging te ontvangen, zoals het blijkt uit de balans van het vereniging te ontvangen, zoals het blijkt uit de balans van het
maatschappelijk jaar waarin de uittreding zich werkelijk voordoet ». maatschappelijk jaar waarin de uittreding zich werkelijk voordoet ».
De tekst van de artikelen 4, 10°, en 23, tweede lid, van de wet van 22 De tekst van de artikelen 4, 10°, en 23, tweede lid, van de wet van 22
december 1986 werd respectievelijk overgenomen in de artikelen 6.13 en december 1986 werd respectievelijk overgenomen in de artikelen 6.13 en
30, tweede lid, van het Waalse decreet van 5 december 1996. 30, tweede lid, van het Waalse decreet van 5 december 1996.
B.5.1. In de parlementaire voorbereiding werd artikel 8 van de wet van B.5.1. In de parlementaire voorbereiding werd artikel 8 van de wet van
22 december 1986 als volgt toegelicht : 22 december 1986 als volgt toegelicht :
« Het eerste lid van artikel 9 [artikel 8 van de wet van 22 december « Het eerste lid van artikel 9 [artikel 8 van de wet van 22 december
1986 geworden] huldigt het principe dat iedere deelgenoot uit de 1986 geworden] huldigt het principe dat iedere deelgenoot uit de
intercommunale mag treden onder de volgende voorwaarden : intercommunale mag treden onder de volgende voorwaarden :
- 15 jaar lidmaatschap; - 15 jaar lidmaatschap;
- de instemming van twee derde van de andere leden; - de instemming van twee derde van de andere leden;
- de vergoeding van de schade die zijn uittreding berokkent » (Parl. - de vergoeding van de schade die zijn uittreding berokkent » (Parl.
St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/2, pp. 62-63). St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/2, pp. 62-63).
De tekst van artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986 De tekst van artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986
was het resultaat van een amendement dat door de Regering werd was het resultaat van een amendement dat door de Regering werd
ingediend (ibid., pp. 77 en 84). ingediend (ibid., pp. 77 en 84).
B.5.2. Wat betreft de verplichting, waarin artikel 4 voorziet, dat de B.5.2. Wat betreft de verplichting, waarin artikel 4 voorziet, dat de
statuten de wijze van uittreden van een vennoot vermelden, werd statuten de wijze van uittreden van een vennoot vermelden, werd
overigens in de memorie van toelichting het volgende gepreciseerd : overigens in de memorie van toelichting het volgende gepreciseerd :
« Artikel 4 somt de elementen op die in de statuten van de « Artikel 4 somt de elementen op die in de statuten van de
intercommunale noodzakelijk moeten worden opgenomen : intercommunale noodzakelijk moeten worden opgenomen :
[...] [...]
- modaliteiten van uittreding voor een deelgenoot, die de uitoefening - modaliteiten van uittreding voor een deelgenoot, die de uitoefening
van dit recht mogelijk moeten maken; daartoe wordt voor de uitoefening van dit recht mogelijk moeten maken; daartoe wordt voor de uitoefening
van dit uittredingsrecht een voorafgaandelijke minimum van dit uittredingsrecht een voorafgaandelijke minimum
aansluitingsperiode voorzien van hoogstens 15 jaar en is de instemming aansluitingsperiode voorzien van hoogstens 15 jaar en is de instemming
van twee derden van de deelgenoten vereist, met dien verstande dat de van twee derden van de deelgenoten vereist, met dien verstande dat de
twee derden een gewone meerderheid van stemmen van de twee derden een gewone meerderheid van stemmen van de
vertegenwoordigers van de aangesloten gemeenten moeten bevatten. Ten vertegenwoordigers van de aangesloten gemeenten moeten bevatten. Ten
slotte past het dat de schade, die uit de vervroegde uittreding van de slotte past het dat de schade, die uit de vervroegde uittreding van de
deelgenoot voortvloeit, door deze laatste zou worden vergoed (zie deelgenoot voortvloeit, door deze laatste zou worden vergoed (zie
artikel 9) » (Parl. St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/1, p. 4). artikel 9) » (Parl. St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/1, p. 4).
B.6.1. Door in artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986 B.6.1. Door in artikel 8, eerste lid, van de wet van 22 december 1986
de mogelijkheden te regelen voor uittreding van de vennoten, heeft de de mogelijkheden te regelen voor uittreding van de vennoten, heeft de
wetgever dus de voorwaarden willen vastleggen voor de uittreding van wetgever dus de voorwaarden willen vastleggen voor de uittreding van
vennoten uit een intercommunale, zonder echter een absoluut vennoten uit een intercommunale, zonder echter een absoluut
uittredingsrecht in te voeren : enerzijds, heeft hij het mogelijk uittredingsrecht in te voeren : enerzijds, heeft hij het mogelijk
gemaakt om statutair te voorzien in de vroegtijdige uittreding van de gemaakt om statutair te voorzien in de vroegtijdige uittreding van de
gemeenten; anderzijds, heeft hij voor iedere vennoot een gemeenten; anderzijds, heeft hij voor iedere vennoot een
uittredingsrecht gecreëerd dat echter, hoe dan ook, enkel mag worden uittredingsrecht gecreëerd dat echter, hoe dan ook, enkel mag worden
uitgeoefend na een bepaalde termijn en onder strikte voorwaarden. uitgeoefend na een bepaalde termijn en onder strikte voorwaarden.
B.6.2. De strikte omkadering van de uittreding van vennoten uit B.6.2. De strikte omkadering van de uittreding van vennoten uit
intercommunales was het noodzakelijke gevolg van de bekommernis om « intercommunales was het noodzakelijke gevolg van de bekommernis om «
een nodige stabiliteit van de intercommunales [te] waarborgen » (Parl. een nodige stabiliteit van de intercommunales [te] waarborgen » (Parl.
St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11, p. 4), rekening houdend met de St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11, p. 4), rekening houdend met de
opdrachten van openbare dienstverlening waarvoor die opdrachten van openbare dienstverlening waarvoor die
publiekrechtelijke rechtspersonen instaan, en met de bekommernis om de publiekrechtelijke rechtspersonen instaan, en met de bekommernis om de
intercommunale in staat te stellen minimaal een bepaalde termijn te intercommunale in staat te stellen minimaal een bepaalde termijn te
kunnen functioneren teneinde de investeringen af te schrijven (ibid., kunnen functioneren teneinde de investeringen af te schrijven (ibid.,
p. 60). p. 60).
In die optiek worden de mogelijkheden tot vroegtijdige uittreding door In die optiek worden de mogelijkheden tot vroegtijdige uittreding door
de wetgever als « uitzonderlijk » beschouwd (ibid., pp. 4 en 17). de wetgever als « uitzonderlijk » beschouwd (ibid., pp. 4 en 17).
B.7.1. Om de stabiliteit van de intercommunales te waarborgen, heeft B.7.1. Om de stabiliteit van de intercommunales te waarborgen, heeft
de wetgever de andere vennoten dan de gemeenten dus niet de de wetgever de andere vennoten dan de gemeenten dus niet de
mogelijkheid willen bieden om statutair te voorzien in hun mogelijkheid willen bieden om statutair te voorzien in hun
vroegtijdige uittreding onder minder strikte voorwaarden dan die vroegtijdige uittreding onder minder strikte voorwaarden dan die
waarin de wet voorziet en om redenen die zij niet in aanmerking neemt, waarin de wet voorziet en om redenen die zij niet in aanmerking neemt,
meer bepaald vóór het verstrijken van een termijn van vijftien jaar meer bepaald vóór het verstrijken van een termijn van vijftien jaar
aansluiting. aansluiting.
B.7.2. Door die mogelijkheid van statutaire vroegtijdige uittreding B.7.2. Door die mogelijkheid van statutaire vroegtijdige uittreding
aan de gemeenten voor te behouden, lag artikel 8, eerste lid, in de aan de gemeenten voor te behouden, lag artikel 8, eerste lid, in de
lijn van een van de fundamentele oogmerken van de wet van 22 december lijn van een van de fundamentele oogmerken van de wet van 22 december
1986, namelijk een versterking van de gemeentelijke bevoegdheid binnen 1986, namelijk een versterking van de gemeentelijke bevoegdheid binnen
de intercommunales (Parl. St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/1, p. 2). de intercommunales (Parl. St., Senaat, 1982-1983, nr. 529/1, p. 2).
De wil om het overwicht van de aangesloten gemeenten te waarborgen De wil om het overwicht van de aangesloten gemeenten te waarborgen
binnen de intercommunales ging aldus uit van de idee dat een binnen de intercommunales ging aldus uit van de idee dat een
intercommunale « uiteraard een vereniging van gemeenten is » (Parl. intercommunale « uiteraard een vereniging van gemeenten is » (Parl.
St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11, p. 3) en dat een versterking van de St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11, p. 3) en dat een versterking van de
rol van de gemeenten bij de besluitvorming zou bijdragen tot de rol van de gemeenten bij de besluitvorming zou bijdragen tot de
naleving van de gemeentelijke autonomie die door de Grondwet wordt naleving van de gemeentelijke autonomie die door de Grondwet wordt
gewaarborgd (ibid., pp. 16 en 34). gewaarborgd (ibid., pp. 16 en 34).
B.7.3. Op dat overwicht van de gemeenten binnen de intercommunales B.7.3. Op dat overwicht van de gemeenten binnen de intercommunales
werd overigens gewezen in de parlementaire voorbereiding van de wet werd overigens gewezen in de parlementaire voorbereiding van de wet
van 22 december 1986, toen het feit werd aangehaald dat een van 22 december 1986, toen het feit werd aangehaald dat een
intercommunale vennoot kan zijn in een andere intercommunale. intercommunale vennoot kan zijn in een andere intercommunale.
De Minister van Binnenlandse Zaken preciseerde in dat verband : De Minister van Binnenlandse Zaken preciseerde in dat verband :
« De gemeentelijke autonomie dient evenwel te worden gevrijwaard en « De gemeentelijke autonomie dient evenwel te worden gevrijwaard en
bovendien moet het overwicht van de gemeenten in de intercommunale bovendien moet het overwicht van de gemeenten in de intercommunale
worden verzekerd. Hieruit volgt : worden verzekerd. Hieruit volgt :
- dat de gemeenten zich vrij mogen verenigen; [...] - dat de gemeenten zich vrij mogen verenigen; [...]
- dat in geval van een intercommunale waaraan wordt deelgenomen door - dat in geval van een intercommunale waaraan wordt deelgenomen door
andere intercommunales, de gemeenten (minstens twee) steeds het andere intercommunales, de gemeenten (minstens twee) steeds het
overwicht in de organen van die intercommunale zullen moeten behouden. overwicht in de organen van die intercommunale zullen moeten behouden.
[...] [...]
- dat de gemeenten in generlei mate mogen worden gedwongen toe te - dat de gemeenten in generlei mate mogen worden gedwongen toe te
treden tot intercommunales waarin gemeenten zitting hebben met wie ze treden tot intercommunales waarin gemeenten zitting hebben met wie ze
zich niet willen verenigen » (Parl. St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11, zich niet willen verenigen » (Parl. St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11,
p. 43). p. 43).
B.8.1. In zoverre het de tekst van de eerste zin van artikel 8 van de B.8.1. In zoverre het de tekst van de eerste zin van artikel 8 van de
wet van 22 december 1986 overneemt, bevestigt artikel 9, § 1, van het wet van 22 december 1986 overneemt, bevestigt artikel 9, § 1, van het
Waalse decreet van 5 december 1996 dat de gemeenten, in de opvatting Waalse decreet van 5 december 1996 dat de gemeenten, in de opvatting
van de Waalse decreetgever, nog steeds een predominante rol moeten van de Waalse decreetgever, nog steeds een predominante rol moeten
spelen binnen de intercommunales en dat dit statuut rechtvaardigt dat spelen binnen de intercommunales en dat dit statuut rechtvaardigt dat
hun, teneinde hun autonomie te waarborgen, de mogelijkheid wordt hun, teneinde hun autonomie te waarborgen, de mogelijkheid wordt
geboden tot een statutaire vroegtijdige uittreding, mogelijkheid die geboden tot een statutaire vroegtijdige uittreding, mogelijkheid die
niet bestaat voor de andere vennoten, met inbegrip van de niet bestaat voor de andere vennoten, met inbegrip van de
intercommunales die uitsluitend uit gemeenten zijn samengesteld. intercommunales die uitsluitend uit gemeenten zijn samengesteld.
De tekst van de in het geding zijnde bepaling werd overigens De tekst van de in het geding zijnde bepaling werd overigens
overgenomen in artikel L1523-5 van het Wetboek van de plaatselijke overgenomen in artikel L1523-5 van het Wetboek van de plaatselijke
democratie en de decentralisatie, zoals het werd vervangen bij het democratie en de decentralisatie, zoals het werd vervangen bij het
Waalse decreet van 19 juli 2006 « tot wijziging van Boek V van het Waalse decreet van 19 juli 2006 « tot wijziging van Boek V van het
eerste deel van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de eerste deel van het Wetboek van de plaatselijke democratie en de
decentralisatie en betreffende de wijzen van samenwerking tussen decentralisatie en betreffende de wijzen van samenwerking tussen
gemeenten ». gemeenten ».
B.8.2. Bovendien is de in het geding zijnde bepaling niet onevenredig, B.8.2. Bovendien is de in het geding zijnde bepaling niet onevenredig,
omdat zij enkel de mogelijkheid biedt dat voor de gemeenten statutair omdat zij enkel de mogelijkheid biedt dat voor de gemeenten statutair
wordt voorzien in modaliteiten voor een vroegtijdige uittreding, wordt voorzien in modaliteiten voor een vroegtijdige uittreding,
zonder dat zij ertoe verplicht in die vroegtijdige uittreding te zonder dat zij ertoe verplicht in die vroegtijdige uittreding te
voorzien, en doordat zij de vrijheid laat om die uittreding aan voorzien, en doordat zij de vrijheid laat om die uittreding aan
verschillende voorwaarden te koppelen, onder andere door het eventuele verschillende voorwaarden te koppelen, onder andere door het eventuele
opleggen van een termijn vóór die uittreding. opleggen van een termijn vóór die uittreding.
In de parlementaire voorbereiding van de wet van 22 december 1986 werd In de parlementaire voorbereiding van de wet van 22 december 1986 werd
overigens het volgende onderstreept : overigens het volgende onderstreept :
« Het gemeenschappelijk belang van de gemeenten kan in bepaalde « Het gemeenschappelijk belang van de gemeenten kan in bepaalde
gevallen ook belangrijker zijn dan het eigenbelang van een gemeente. gevallen ook belangrijker zijn dan het eigenbelang van een gemeente.
Zo dienen bepaalde regels te worden nageleefd i.v.m. de uittreding uit Zo dienen bepaalde regels te worden nageleefd i.v.m. de uittreding uit
een intercommunale » (Parl. St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11, p. 44). een intercommunale » (Parl. St., Kamer, 1985-1986, nr. 125/11, p. 44).
B.8.3. De in het geding zijnde maatregel is dus redelijk verantwoord B.8.3. De in het geding zijnde maatregel is dus redelijk verantwoord
door de bekommernis om het overwicht van de gemeenten in de door de bekommernis om het overwicht van de gemeenten in de
intercommunale en de gemeentelijke autonomie te verzoenen met de intercommunale en de gemeentelijke autonomie te verzoenen met de
stabiliteit van de intercommunale, die nodig is om haar in staat te stabiliteit van de intercommunale, die nodig is om haar in staat te
stellen haar rol te vervullen. stellen haar rol te vervullen.
B.9. De prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord. B.9. De prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord.
Om die redenen, Om die redenen,
het Hof het Hof
zegt voor recht : zegt voor recht :
Artikel 9, § 1, van het decreet van het Waalse Gewest van 5 december Artikel 9, § 1, van het decreet van het Waalse Gewest van 5 december
1996 betreffende de Waalse intercommunales schendt de artikelen 10 en 1996 betreffende de Waalse intercommunales schendt de artikelen 10 en
11 van de Grondwet niet. 11 van de Grondwet niet.
Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989, op de openbare artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989, op de openbare
terechtzitting van 12 juli 2007. terechtzitting van 12 juli 2007.
De griffier, De griffier,
P.-Y. Dutilleux. P.-Y. Dutilleux.
De voorzitter, De voorzitter,
M. Melchior. M. Melchior.
^