Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van 18/06/2020
← Terug naar "Besluit nr. 2020/036 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de tijdelijke uitbreiding van het in het kader van de organisatie van de elektriciteits- en gasmarkten in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ingevoerde statuut van beschermde afnemer "
Besluit nr. 2020/036 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de tijdelijke uitbreiding van het in het kader van de organisatie van de elektriciteits- en gasmarkten in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ingevoerde statuut van beschermde afnemer Besluit nr. 2020/036 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de tijdelijke uitbreiding van het in het kader van de organisatie van de elektriciteits- en gasmarkten in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ingevoerde statuut van beschermde afnemer
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
18 JUNI 2020. - Besluit nr. 2020/036 van de Brusselse Hoofdstedelijke 18 JUNI 2020. - Besluit nr. 2020/036 van de Brusselse Hoofdstedelijke
Regering betreffende de tijdelijke uitbreiding van het in het kader Regering betreffende de tijdelijke uitbreiding van het in het kader
van de organisatie van de elektriciteits- en gasmarkten in het van de organisatie van de elektriciteits- en gasmarkten in het
Brussels Hoofdstedelijk Gewest ingevoerde statuut van beschermde Brussels Hoofdstedelijk Gewest ingevoerde statuut van beschermde
afnemer afnemer
De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
Gelet op de ordonnantie van 19 maart 2020 om bijzondere machten toe te Gelet op de ordonnantie van 19 maart 2020 om bijzondere machten toe te
kennen aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering in het kader van de kennen aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering in het kader van de
gezondheidscrisis COVID-19, artikel 2; gezondheidscrisis COVID-19, artikel 2;
Gelet op de ordonnantie van 4 oktober 2018 tot invoering van de Gelet op de ordonnantie van 4 oktober 2018 tot invoering van de
gelijkekansentest, artikel 2, § 3, 5° ; gelijkekansentest, artikel 2, § 3, 5° ;
Gelet op de dringende noodzakelijkheid; Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
Gelet op advies 67.467/3 van de Raad van State, gegeven op 3 juni 2020 Gelet op advies 67.467/3 van de Raad van State, gegeven op 3 juni 2020
met toepassing van artikel 84, § 1, 3° van de wetten op de Raad van met toepassing van artikel 84, § 1, 3° van de wetten op de Raad van
State, gecoördineerd op 12 januari 1973; State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Overwegende dat de dringende noodzakelijkheid wordt ingegeven door de Overwegende dat de dringende noodzakelijkheid wordt ingegeven door de
volgende elementen: volgende elementen:
- Elektriciteit en gas zijn basisbehoeften en derhalve is het - Elektriciteit en gas zijn basisbehoeften en derhalve is het
noodzakelijk om er in voldoende kwantiteit en kwaliteit toegang toe te noodzakelijk om er in voldoende kwantiteit en kwaliteit toegang toe te
hebben om een waardig leven te kunnen leiden; hebben om een waardig leven te kunnen leiden;
- De elektriciteits- en gasmarkten zijn geliberaliseerd zodat het niet - De elektriciteits- en gasmarkten zijn geliberaliseerd zodat het niet
betalen van facturen leidt tot de uitvoering van een procedure tot de betalen van facturen leidt tot de uitvoering van een procedure tot de
afsluiting, na aanmaning, ingebrekestelling en verschijning voor de afsluiting, na aanmaning, ingebrekestelling en verschijning voor de
vrederechter; vrederechter;
- De Brusselse wetgeving voorziet in een statuut dat het mogelijk - De Brusselse wetgeving voorziet in een statuut dat het mogelijk
maakt om - voor kwetsbare gezinnen - deze afsluitingsprocedure op te maakt om - voor kwetsbare gezinnen - deze afsluitingsprocedure op te
schorten met behoud van de toegang tot energie; schorten met behoud van de toegang tot energie;
- In de huidige economische crisissituatie in verband met COVID-19, is - In de huidige economische crisissituatie in verband met COVID-19, is
het noodzakelijk dat dit beschermingsmechanisme - beter bekend als de het noodzakelijk dat dit beschermingsmechanisme - beter bekend als de
"beschermde afnemer" - wordt aanpast zodat dit ook toegankelijk is "beschermde afnemer" - wordt aanpast zodat dit ook toegankelijk is
voor nieuwe categorieën van gezinnen die door deze crisis kwetsbaar voor nieuwe categorieën van gezinnen die door deze crisis kwetsbaar
zijn geworden; zijn geworden;
- Het statuut van "beschermde afnemer" maakt het bovendien mogelijk de - Het statuut van "beschermde afnemer" maakt het bovendien mogelijk de
schuldenlast bij de commerciële leverancier te beperken door het schuldenlast bij de commerciële leverancier te beperken door het
commercieel contract op te schorten ten gunste van de levering door de commercieel contract op te schorten ten gunste van de levering door de
noodleverancier aan een gunstig tarief; deze opschorting beschermt dus noodleverancier aan een gunstig tarief; deze opschorting beschermt dus
ook de commerciële leverancier tegen een oplopende schuldenlast; de ook de commerciële leverancier tegen een oplopende schuldenlast; de
energieleveranciers worden immers in grote mate getroffen door de energieleveranciers worden immers in grote mate getroffen door de
huidige crisis; huidige crisis;
- Op basis van de schattingen door view.brussel/BISA en de UCM, zouden - Op basis van de schattingen door view.brussel/BISA en de UCM, zouden
145.000 werknemers en zelfstandigen in Brussel een tijdelijke 145.000 werknemers en zelfstandigen in Brussel een tijdelijke
werkloosheidsuitkering of een overbruggingsrecht genieten; werkloosheidsuitkering of een overbruggingsrecht genieten;
- Volgens Brugel zouden de aan de energieleveranciers verschuldigde - Volgens Brugel zouden de aan de energieleveranciers verschuldigde
bedragen 2,5 keer hoger liggen voor residentiële afnemers en 4 keer bedragen 2,5 keer hoger liggen voor residentiële afnemers en 4 keer
hoger voor het professioneel segment; hoger voor het professioneel segment;
- Sibelga dat haar afsluitingsactiviteiten heeft opgeschort, met name - Sibelga dat haar afsluitingsactiviteiten heeft opgeschort, met name
in uitvoering van het koninklijk besluit nr. 15 van 24 april 2020 in uitvoering van het koninklijk besluit nr. 15 van 24 april 2020
betreffende de tijdelijke opschorting (tot 17 mei 2020 verlengd tot 17 betreffende de tijdelijke opschorting (tot 17 mei 2020 verlengd tot 17
juni 2020 bij het besluit van 13 mei 2020) ten voordele van juni 2020 bij het besluit van 13 mei 2020) ten voordele van
ondernemingen van uitvoeringsmaatregelen en andere maatregelen ondernemingen van uitvoeringsmaatregelen en andere maatregelen
gedurende de COVID-19-crisis, zal zeer binnenkort haar gedurende de COVID-19-crisis, zal zeer binnenkort haar
afsluitingsactiviteiten hervatten (vanaf 1 juli 2020 voor residentiële afsluitingsactiviteiten hervatten (vanaf 1 juli 2020 voor residentiële
afnemers en in de loop van de maand mei 2020 voor professionele afnemers en in de loop van de maand mei 2020 voor professionele
afnemers). Het doelpubliek dat onder de uitbreiding van het statuut afnemers). Het doelpubliek dat onder de uitbreiding van het statuut
van beschermde afnemer valt, moet ondertussen dus worden beschermd; van beschermde afnemer valt, moet ondertussen dus worden beschermd;
- Een raadplegingsperiode van de Raad van State binnen dertig - Een raadplegingsperiode van de Raad van State binnen dertig
werkdagen zou helaas het doel van het ontwerpbesluit in gevaar kunnen werkdagen zou helaas het doel van het ontwerpbesluit in gevaar kunnen
brengen; brengen;
Overwegende dat in toepassing van artikel 2, § 4 van de ordonnantie Overwegende dat in toepassing van artikel 2, § 4 van de ordonnantie
van 19 maart 2020 om bijzondere machten toe te kennen aan de Brusselse van 19 maart 2020 om bijzondere machten toe te kennen aan de Brusselse
Hoofdstedelijke Regering in het kader van de gezondheidscrisis Hoofdstedelijke Regering in het kader van de gezondheidscrisis
COVID-19, het advies van de Economische en Sociale Raad voor het COVID-19, het advies van de Economische en Sociale Raad voor het
Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet vereist is; Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet vereist is;
Overwegende dat krachtens artikel 4 van de ordonnantie van 19 maart Overwegende dat krachtens artikel 4 van de ordonnantie van 19 maart
2020 om bijzondere machten toe te kennen aan de Brusselse 2020 om bijzondere machten toe te kennen aan de Brusselse
Hoofdstedelijke Regering in het kader van de gezondheidscrisis Hoofdstedelijke Regering in het kader van de gezondheidscrisis
COVID-19, dit besluit moet worden bekrachtigd door het Brussels COVID-19, dit besluit moet worden bekrachtigd door het Brussels
Hoofdstedelijk Parlement; Hoofdstedelijk Parlement;
Op voordracht van de Minister van Energie, Op voordracht van de Minister van Energie,
Na beraadslaging, Na beraadslaging,
Besluit : Besluit :

Artikel 1.Voor de uitvoering van dit besluit, wordt verstaan onder:

Artikel 1.Voor de uitvoering van dit besluit, wordt verstaan onder:

1° "de Elektriciteitsordonnantie": de ordonnantie van 19 juli 2001 1° "de Elektriciteitsordonnantie": de ordonnantie van 19 juli 2001
betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest; Hoofdstedelijk Gewest;
2° "de Gasordonnantie": de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de 2° "de Gasordonnantie": de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de
organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,
betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende
wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de
organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk
Gewest; Gewest;
3° "het besluit van 4 oktober 2007": het besluit van de Brusselse 3° "het besluit van 4 oktober 2007": het besluit van de Brusselse
Hoofdstedelijk Regering van 4 oktober 2007 houdende de nadere bepaling Hoofdstedelijk Regering van 4 oktober 2007 houdende de nadere bepaling
van de specifieke criteria en de procedure betreffende de toekenning van de specifieke criteria en de procedure betreffende de toekenning
van het statuut van beschermde afnemer door de Reguleringscommissie van het statuut van beschermde afnemer door de Reguleringscommissie
voor energie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest; voor energie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
4° "het koninklijk besluit van 30 maart 2020": het koninklijk besluit 4° "het koninklijk besluit van 30 maart 2020": het koninklijk besluit
van 30 maart 2020 tot aanpassing van de procedures in het kader van van 30 maart 2020 tot aanpassing van de procedures in het kader van
tijdelijke werkloosheid omwille van het COVID-19-virus en tot tijdelijke werkloosheid omwille van het COVID-19-virus en tot
wijziging van artikel 10 van het koninklijk besluit van 6 mei 2019 tot wijziging van artikel 10 van het koninklijk besluit van 6 mei 2019 tot
wijziging van de artikelen 27, 51, 52bis, 58, 58/3 en 63 van het wijziging van de artikelen 27, 51, 52bis, 58, 58/3 en 63 van het
koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de
werkloosheidsreglementering en tot invoeging van de artikelen werkloosheidsreglementering en tot invoeging van de artikelen
36sexies, 63bis en 124bis in hetzelfde besluit; 36sexies, 63bis en 124bis in hetzelfde besluit;
5° "het statuut van beschermd afnemer": het bij de artikelen 25septies 5° "het statuut van beschermd afnemer": het bij de artikelen 25septies
van de Elektriciteitsordonnantie en 20quinquies van de Gasordonnantie van de Elektriciteitsordonnantie en 20quinquies van de Gasordonnantie
geregeld statuut; geregeld statuut;
6° "het gezin": het gezin in de zin van artikel 2, 30° van de 6° "het gezin": het gezin in de zin van artikel 2, 30° van de
Elektriciteitsordonnantie en artikel 3, 27° van de Gasordonnantie. Elektriciteitsordonnantie en artikel 3, 27° van de Gasordonnantie.

Art. 2.§ 1. De bepalingen van de Elektriciteitsordonnantie en van de

Art. 2.§ 1. De bepalingen van de Elektriciteitsordonnantie en van de

Gasordonnantie die van toepassing zijn op gezinnen die het statuut van Gasordonnantie die van toepassing zijn op gezinnen die het statuut van
beschermde afnemer genieten krachtens artikel 25septies, § 1 tot § 3 beschermde afnemer genieten krachtens artikel 25septies, § 1 tot § 3
van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies, § 1 tot § 3 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies, § 1 tot § 3
van de Gasordonnantie, zijn van toepassing op de in artikel 3 bedoelde van de Gasordonnantie, zijn van toepassing op de in artikel 3 bedoelde
gezinnen en eindafnemers voor zover de artikelen van dit besluit daar gezinnen en eindafnemers voor zover de artikelen van dit besluit daar
niet van afwijken. niet van afwijken.
§ 2. De bepalingen van artikel 25sexies van de § 2. De bepalingen van artikel 25sexies van de
Elektriciteitsordonnantie en van artikel 20quater van de Elektriciteitsordonnantie en van artikel 20quater van de
Gasordonnantie inzake het afbetalingsplan, zijn eveneens van Gasordonnantie inzake het afbetalingsplan, zijn eveneens van
toepassing op de in artikel 3 bedoelde gezinnen en eindafnemers. toepassing op de in artikel 3 bedoelde gezinnen en eindafnemers.

Art. 3.Vanaf de in artikel 25sexies, § 1 van de

Art. 3.Vanaf de in artikel 25sexies, § 1 van de

Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quater, § 1 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quater, § 1 van de
Gasordonnantie bedoelde ingebrekestelling, kent Brugel het statuut van Gasordonnantie bedoelde ingebrekestelling, kent Brugel het statuut van
beschermde afnemer toe voor de levering van gas en/of elektriciteit: beschermde afnemer toe voor de levering van gas en/of elektriciteit:
1° aan het gezin dat het vraagt en waarvan een van de leden tussen 1 1° aan het gezin dat het vraagt en waarvan een van de leden tussen 1
februari 2020 en 31 december 2020 tijdelijke werkloosheidsuitkeringen februari 2020 en 31 december 2020 tijdelijke werkloosheidsuitkeringen
wegens overmacht ingevolge COVID-19 of om economische redenen, wegens overmacht ingevolge COVID-19 of om economische redenen,
overeenkomstig het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de overeenkomstig het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de
werkloosheidsreglementering en het koninklijk besluit van 30 maart werkloosheidsreglementering en het koninklijk besluit van 30 maart
2020, heeft genoten, indien deze uitkeringen betrekking hebben op 2020, heeft genoten, indien deze uitkeringen betrekking hebben op
minstens 14 dagen tijdelijke werkloosheid; minstens 14 dagen tijdelijke werkloosheid;
2° aan het gezin dat het vraagt en waarvan een van de leden een 2° aan het gezin dat het vraagt en waarvan een van de leden een
zelfstandige, een helper of een meewerkende echtgenoot is in de zin zelfstandige, een helper of een meewerkende echtgenoot is in de zin
van de artikelen 3, 5quater, 6 en 7bis van het koninklijk besluit nr. van de artikelen 3, 5quater, 6 en 7bis van het koninklijk besluit nr.
38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der
zelfstandigen, die in 2020 een financiële uitkering heeft genoten zelfstandigen, die in 2020 een financiële uitkering heeft genoten
ingevolge een - gehele of gedeeltelijke - gedwongen onderbreking van ingevolge een - gehele of gedeeltelijke - gedwongen onderbreking van
zijn of haar zelfstandige activiteit die is tussengekomen ingevolge zijn of haar zelfstandige activiteit die is tussengekomen ingevolge
COVID-19, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 23 maart 2020 COVID-19, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 23 maart 2020
tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van
een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en tot invoering een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en tot invoering
van tijdelijke maatregelen in het kader van COVID-19 ten gunste van van tijdelijke maatregelen in het kader van COVID-19 ten gunste van
zelfstandigen, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit nr. 13 van zelfstandigen, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit nr. 13 van
27 april 2020; 27 april 2020;
3° aan de op het net aangesloten eindafnemer in de zin van artikel 2, 3° aan de op het net aangesloten eindafnemer in de zin van artikel 2,
18° van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 3, 17° van de 18° van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 3, 17° van de
Gasordonnantie, natuurlijke persoon, die het vraagt en die Gasordonnantie, natuurlijke persoon, die het vraagt en die
elektriciteit en/of gas aankoopt voor een leveringspunt dat zijn of elektriciteit en/of gas aankoopt voor een leveringspunt dat zijn of
haar hoofdverblijfplaats voorziet of voor een hoofdzakelijk haar hoofdverblijfplaats voorziet of voor een hoofdzakelijk
huishoudelijk gebruik, indien hij of zij in 2020 als zelfstandige, huishoudelijk gebruik, indien hij of zij in 2020 als zelfstandige,
helper of meewerkende echtgenoot in de zin van de artikelen 3, helper of meewerkende echtgenoot in de zin van de artikelen 3,
5quater, 6 en 7bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 5quater, 6 en 7bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967
houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, een houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, een
financiële uitkering heeft genoten ingevolge een - gehele of financiële uitkering heeft genoten ingevolge een - gehele of
gedeeltelijke - gedwongen onderbreking van zijn of haar zelfstandige gedeeltelijke - gedwongen onderbreking van zijn of haar zelfstandige
activiteit die is tussengekomen ingevolge COVID-19, overeenkomstig de activiteit die is tussengekomen ingevolge COVID-19, overeenkomstig de
bepalingen van de wet van 23 maart 2020 tot wijziging van de wet van bepalingen van de wet van 23 maart 2020 tot wijziging van de wet van
22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten 22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten
gunste van zelfstandigen en tot invoering van tijdelijke maatregelen gunste van zelfstandigen en tot invoering van tijdelijke maatregelen
in het kader van COVID-19 ten gunste van zelfstandigen, zoals in het kader van COVID-19 ten gunste van zelfstandigen, zoals
gewijzigd bij het koninklijk besluit nr. 13 van 27 april 2020; in dit gewijzigd bij het koninklijk besluit nr. 13 van 27 april 2020; in dit
geval, wordt hem of haar uitsluitend voor dit leveringspunt het geval, wordt hem of haar uitsluitend voor dit leveringspunt het
statuut van beschermde afnemer toegekend. statuut van beschermde afnemer toegekend.
4° aan de op het net aangesloten eindafnemer in de zin van artikel 2, 4° aan de op het net aangesloten eindafnemer in de zin van artikel 2,
18° van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 3, 17° van de 18° van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 3, 17° van de
Gasordonnantie, rechtspersoon, die het vraagt en die elektriciteit Gasordonnantie, rechtspersoon, die het vraagt en die elektriciteit
en/of gas aankoopt voor een leveringspunt dat de hoofdverblijfplaats en/of gas aankoopt voor een leveringspunt dat de hoofdverblijfplaats
voorziet of voor een hoofdzakelijk huishoudelijk gebruik van een voorziet of voor een hoofdzakelijk huishoudelijk gebruik van een
natuurlijke persoon die in 2020 als zelfstandige, helper of natuurlijke persoon die in 2020 als zelfstandige, helper of
meewerkende echtgenoot in de zin van de artikelen 3, 5quater, 6 en meewerkende echtgenoot in de zin van de artikelen 3, 5quater, 6 en
7bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende 7bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende
inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, een financiële inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, een financiële
uitkering heeft genoten ingevolge een - gehele of gedeeltelijke - uitkering heeft genoten ingevolge een - gehele of gedeeltelijke -
gedwongen onderbreking van de beroepsactiviteit die hij uitoefent voor gedwongen onderbreking van de beroepsactiviteit die hij uitoefent voor
rekening en/of naam van de eindafnemer - die is tussengekomen rekening en/of naam van de eindafnemer - die is tussengekomen
ingevolge COVID-19, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 23 ingevolge COVID-19, overeenkomstig de bepalingen van de wet van 23
maart 2020 tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende maart 2020 tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende
invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en
tot invoering van tijdelijke maatregelen in het kader van COVID-19 ten tot invoering van tijdelijke maatregelen in het kader van COVID-19 ten
gunste van zelfstandigen, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit gunste van zelfstandigen, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit
nr. 13 van 27 april 2020; in dit geval, wordt het statuut van nr. 13 van 27 april 2020; in dit geval, wordt het statuut van
beschermde afnemer uitsluitend voor dit leveringspunt toegekend. beschermde afnemer uitsluitend voor dit leveringspunt toegekend.

Art. 4.§ 1. De in artikel 3 bedoelde gezinnen en afnemers kunnen

Art. 4.§ 1. De in artikel 3 bedoelde gezinnen en afnemers kunnen

vanaf de ingebrekestelling bij Brugel een aanvraag indienen voor het vanaf de ingebrekestelling bij Brugel een aanvraag indienen voor het
verkrijgen van het statuut via het hiervoor bestemde formulier. Dit verkrijgen van het statuut via het hiervoor bestemde formulier. Dit
wordt door Brugel opgesteld en op haar website gepubliceerd. De wordt door Brugel opgesteld en op haar website gepubliceerd. De
leverancier overhandigt hen een exemplaar van dit formulier. leverancier overhandigt hen een exemplaar van dit formulier.
§ 2. Dit formulier vermeldt het verblijfsadres van het gezin of het in § 2. Dit formulier vermeldt het verblijfsadres van het gezin of het in
de aanvraag bedoelde leveringspunt; het bevat een beschrijving van de de aanvraag bedoelde leveringspunt; het bevat een beschrijving van de
aard van het verbruik ervan. De aanvraag wordt voor echt verklaard en aard van het verbruik ervan. De aanvraag wordt voor echt verklaard en
ondertekend: ondertekend:
Voor de in de artikel 3, 1° en 2° bedoelde gevallen, door de Voor de in de artikel 3, 1° en 2° bedoelde gevallen, door de
residentiële afnemer van het gezin en door het gezinslid dat aan de residentiële afnemer van het gezin en door het gezinslid dat aan de
daarin bedoelde voorwaarden voldoet; daarin bedoelde voorwaarden voldoet;
voor het in artikel 3, 3° en 4° bedoelde geval, door de eindafnemer. voor het in artikel 3, 3° en 4° bedoelde geval, door de eindafnemer.
De aanvraag wordt uiterlijk op 31 maart 2021 verstuurd naar het adres De aanvraag wordt uiterlijk op 31 maart 2021 verstuurd naar het adres
van BRUGEL; ze zal uitwerking hebben ofwel op de dag van de ontvangst, van BRUGEL; ze zal uitwerking hebben ofwel op de dag van de ontvangst,
door BRUGEL of haar gemachtigde, van de gewone brief, ofwel op de door BRUGEL of haar gemachtigde, van de gewone brief, ofwel op de
derde werkdag die volgt op dag van neerlegging bij de postoperator, derde werkdag die volgt op dag van neerlegging bij de postoperator,
door het kandidaat-gezin of de kandidaat-eindafnemer, van de door het kandidaat-gezin of de kandidaat-eindafnemer, van de
gecertificeerde of aangetekende zending die het formulier bevat. De gecertificeerde of aangetekende zending die het formulier bevat. De
aanvraag kan ook elektronisch worden ingevuld en via de website van aanvraag kan ook elektronisch worden ingevuld en via de website van
Brugel worden ingediend; in dat geval, wordt een automatische Brugel worden ingediend; in dat geval, wordt een automatische
ontvangstbevestiging van de aanvraag elektronisch naar de aanvrager ontvangstbevestiging van de aanvraag elektronisch naar de aanvrager
verzonden en zal de aanvraag uitwerking hebben vanaf deze verzending. verzonden en zal de aanvraag uitwerking hebben vanaf deze verzending.
§ 3. Op de zetel van BRUGEL wordt een chronologisch register § 3. Op de zetel van BRUGEL wordt een chronologisch register
bijgehouden van de ontvangen aanvragen. bijgehouden van de ontvangen aanvragen.

Art. 5.§ 1. Het in artikel 3, 1° bedoelde kandidaat-gezin dient bij

Art. 5.§ 1. Het in artikel 3, 1° bedoelde kandidaat-gezin dient bij

het formulier van indiening van zijn aanvraag steeds de volgende het formulier van indiening van zijn aanvraag steeds de volgende
documenten te voegen: documenten te voegen:
1° het afschrift van de ingebrekestellingen, voorzien in artikel 1° het afschrift van de ingebrekestellingen, voorzien in artikel
25sexies, § 1 van de Elektriciteitsordonnantie of 20quater, § 1 van de 25sexies, § 1 van de Elektriciteitsordonnantie of 20quater, § 1 van de
Gasordonnantie; Gasordonnantie;
2° een attest van de Hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen of van 2° een attest van de Hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen of van
enige andere uitbetalingsinstelling van werkloosheidsuitkeringen enige andere uitbetalingsinstelling van werkloosheidsuitkeringen
inzake de tijdelijke werkloosheid dat aantoont dat het kandidaat-gezin inzake de tijdelijke werkloosheid dat aantoont dat het kandidaat-gezin
voldoet aan de noodzakelijke voorwaarden om het statuut van beschermde voldoet aan de noodzakelijke voorwaarden om het statuut van beschermde
afnemer te genieten; afnemer te genieten;
3° indien het contract voor de levering van elektriciteit en/of gas is 3° indien het contract voor de levering van elektriciteit en/of gas is
opgesteld op naam van een ander gezinslid dan het in artikel 3, 1° opgesteld op naam van een ander gezinslid dan het in artikel 3, 1°
bedoelde gezinslid: een certificaat van gezinssamenstelling afgeleverd bedoelde gezinslid: een certificaat van gezinssamenstelling afgeleverd
door het gemeentebestuur van de woonplaats van de residentiële afnemer door het gemeentebestuur van de woonplaats van de residentiële afnemer
op wiens naam het formulier is opgesteld. op wiens naam het formulier is opgesteld.
§ 2. Het in artikel 3, 2° bedoelde kandidaat-gezin dient bij het § 2. Het in artikel 3, 2° bedoelde kandidaat-gezin dient bij het
formulier van indiening van zijn aanvraag steeds de volgende formulier van indiening van zijn aanvraag steeds de volgende
documenten te voegen: documenten te voegen:
1° het afschrift van de ingebrekestellingen, voorzien in artikel 1° het afschrift van de ingebrekestellingen, voorzien in artikel
25sexies, § 1 van de Elektriciteitsordonnantie of 20quater, § 1 van de 25sexies, § 1 van de Elektriciteitsordonnantie of 20quater, § 1 van de
Gasordonnantie; Gasordonnantie;
2° een attest van een sociaal verzekeringsfonds inzake de financiële 2° een attest van een sociaal verzekeringsfonds inzake de financiële
uitkeringen die werden toegekend in het kader van het in artikel 3 van uitkeringen die werden toegekend in het kader van het in artikel 3 van
de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een
overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen vastgesteld overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen vastgesteld
overbruggingsrecht dat aantoont dat het kandidaat-gezin voldoet aan de overbruggingsrecht dat aantoont dat het kandidaat-gezin voldoet aan de
noodzakelijke voorwaarden om het statuut van beschermde afnemer te noodzakelijke voorwaarden om het statuut van beschermde afnemer te
genieten; genieten;
3° indien het contract voor de levering van elektriciteit en/of gas is 3° indien het contract voor de levering van elektriciteit en/of gas is
opgesteld op naam van een ander gezinslid dan het in artikel 3, 2° opgesteld op naam van een ander gezinslid dan het in artikel 3, 2°
bedoelde gezinslid: een certificaat van gezinssamenstelling afgeleverd bedoelde gezinslid: een certificaat van gezinssamenstelling afgeleverd
door het gemeentebestuur van de woonplaats van de residentiële afnemer door het gemeentebestuur van de woonplaats van de residentiële afnemer
op wiens naam het formulier is opgesteld. op wiens naam het formulier is opgesteld.
§ 3. De in artikel 3, 3° en 4° bedoelde kandidaat-eindafnemer dient § 3. De in artikel 3, 3° en 4° bedoelde kandidaat-eindafnemer dient
bij het formulier van indiening van zijn aanvraag steeds de volgende bij het formulier van indiening van zijn aanvraag steeds de volgende
documenten te voegen: documenten te voegen:
1° het afschrift van de ingebrekestellingen, voorzien in artikel 1° het afschrift van de ingebrekestellingen, voorzien in artikel
25sexies, § 1 van de Elektriciteitsordonnantie of 20quater, § 1 van de 25sexies, § 1 van de Elektriciteitsordonnantie of 20quater, § 1 van de
Gasordonnantie; Gasordonnantie;
2° een attest van een sociaal verzekeringsfonds inzake de financiële 2° een attest van een sociaal verzekeringsfonds inzake de financiële
uitkeringen die werden toegekend in het kader van het in artikel 3 van uitkeringen die werden toegekend in het kader van het in artikel 3 van
de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een
overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen vastgesteld overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen vastgesteld
overbruggingsrecht dat aantoont dat de kandidaat-eindafnemer voldoet overbruggingsrecht dat aantoont dat de kandidaat-eindafnemer voldoet
aan de noodzakelijke voorwaarden om het statuut van beschermde afnemer aan de noodzakelijke voorwaarden om het statuut van beschermde afnemer
te genieten. te genieten.

Art. 6.De bepalingen van de hoofdstukken 4 en 5 van het besluit van 4

Art. 6.De bepalingen van de hoofdstukken 4 en 5 van het besluit van 4

oktober 2007 zijn van toepassing op de door Brugel te volgen procedure oktober 2007 zijn van toepassing op de door Brugel te volgen procedure
voor de toekenning van het statuut van beschermde afnemer aan de in voor de toekenning van het statuut van beschermde afnemer aan de in
artikel 3 bedoelde gezinnen en eindafnemers. Zodra dit hen wordt artikel 3 bedoelde gezinnen en eindafnemers. Zodra dit hen wordt
toegekend, brengt Brugel de noodleverancier hiervan op de hoogte en toegekend, brengt Brugel de noodleverancier hiervan op de hoogte en
worden zij door deze laatste beleverd. worden zij door deze laatste beleverd.

Art. 7.Zodra de in artikel 3 bedoelde begunstigde van het statuut van

Art. 7.Zodra de in artikel 3 bedoelde begunstigde van het statuut van

beschermde afnemer zijn schulden bij zijn commerciële leverancier beschermde afnemer zijn schulden bij zijn commerciële leverancier
volledig heeft aangezuiverd, brengt deze laatste de noodleverancier volledig heeft aangezuiverd, brengt deze laatste de noodleverancier
hiervan op de hoogte. hiervan op de hoogte.

Art. 8.§ 1. Het in uitvoering van dit besluit toegekende statuut van

Art. 8.§ 1. Het in uitvoering van dit besluit toegekende statuut van

beschermde afnemer, vervalt ambtshalve na het verstrijken van een beschermde afnemer, vervalt ambtshalve na het verstrijken van een
termijn van twaalf maanden, te rekenen vanaf de datum van toekenning termijn van twaalf maanden, te rekenen vanaf de datum van toekenning
ervan, tenzij het is vervallen voorafgaand aan de aanvraag van de ervan, tenzij het is vervallen voorafgaand aan de aanvraag van de
betrokken begunstigde of in toepassing van artikel 25septies, § 6, lid betrokken begunstigde of in toepassing van artikel 25septies, § 6, lid
1 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies, § 6, lid 1 1 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies, § 6, lid 1
van de Gasordonnantie. van de Gasordonnantie.
De in het eerste lid bedoelde termijn gaat in op de eerste dag van de De in het eerste lid bedoelde termijn gaat in op de eerste dag van de
levering aan de beschermde afnemer door de noodleverancier. levering aan de beschermde afnemer door de noodleverancier.
Na het verstrijken van deze termijn van twaalf maanden, vervalt de in Na het verstrijken van deze termijn van twaalf maanden, vervalt de in
artikel 25septies, § 4 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel artikel 25septies, § 4 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel
20quinquies, § 4 van de Gasordonnantie bedoelde opschorting en heeft 20quinquies, § 4 van de Gasordonnantie bedoelde opschorting en heeft
het contract tussen de leverancier en de afnemer opnieuw uitwerking, het contract tussen de leverancier en de afnemer opnieuw uitwerking,
tenzij de afnemer, overeenkomstig de paragrafen 1, 2 of 3 van artikel tenzij de afnemer, overeenkomstig de paragrafen 1, 2 of 3 van artikel
25septies van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies van 25septies van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies van
de Gasordonnantie, inmiddels als beschermde afnemer werd erkend en de Gasordonnantie, inmiddels als beschermde afnemer werd erkend en
hiervan het bewijs levert aan de noodleverancier, uiterlijk vijftien hiervan het bewijs levert aan de noodleverancier, uiterlijk vijftien
dagen vóór de vervaldatum van het statuut van beschermde afnemer dat dagen vóór de vervaldatum van het statuut van beschermde afnemer dat
hem in toepassing van dit besluit werd toegekend. In dit geval, hem in toepassing van dit besluit werd toegekend. In dit geval,
vervalt zijn statuut van beschermde afnemer overeenkomstig artikel vervalt zijn statuut van beschermde afnemer overeenkomstig artikel
25septies, § 6 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 25septies, § 6 van de Elektriciteitsordonnantie en artikel
20quinquies, § 6 van de Gasordonnantie. 20quinquies, § 6 van de Gasordonnantie.
§ 2. Uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van de in § 1 § 2. Uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van de in § 1
bedoelde termijn van twaalf maanden, stuurt de noodleverancier een bedoelde termijn van twaalf maanden, stuurt de noodleverancier een
brief naar de betrokken beschermde afnemer om hem te herinneren aan de brief naar de betrokken beschermde afnemer om hem te herinneren aan de
vervaldatum van zijn statuut en aan de mogelijkheden om na die vervaldatum van zijn statuut en aan de mogelijkheden om na die
vervaldatum als beschermde afnemer te worden erkend, overeenkomstig de vervaldatum als beschermde afnemer te worden erkend, overeenkomstig de
paragrafen 1, 2 of 3 van artikel 25septies van de paragrafen 1, 2 of 3 van artikel 25septies van de
Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies van de Elektriciteitsordonnantie en artikel 20quinquies van de
Gasordonnantie. Van deze brief wordt aan de beschermde afnemer Gasordonnantie. Van deze brief wordt aan de beschermde afnemer
kennisgegeven op het e-mailadres dat voorafgaand door deze laatste kennisgegeven op het e-mailadres dat voorafgaand door deze laatste
werd meegedeeld of dat op zijn in artikel 4 bedoelde aanvraag vermeld werd meegedeeld of dat op zijn in artikel 4 bedoelde aanvraag vermeld
staat. In andere gevallen, wordt hiervan aan hem of haar kennis staat. In andere gevallen, wordt hiervan aan hem of haar kennis
gegeven per ter post aangetekend schrijven. gegeven per ter post aangetekend schrijven.

Art. 9.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het

Art. 9.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het

Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 10.De Minister voor Energie is belast met de uitvoering van dit

Art. 10.De Minister voor Energie is belast met de uitvoering van dit

besluit. besluit.
Brussel, 18 juni 2020. Brussel, 18 juni 2020.
De Minister-President De Minister-President
van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
R. VERVOORT R. VERVOORT
De Minister van Mobiliteit, De Minister van Mobiliteit,
Openbare Werken en Verkeersveiligheid, Openbare Werken en Verkeersveiligheid,
E. VAN DEN BRANDT E. VAN DEN BRANDT
De Minister van Klimaattransitie, De Minister van Klimaattransitie,
Leefmilieu, Energie en Participatieve Democratie, Leefmilieu, Energie en Participatieve Democratie,
A. MARON A. MARON
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met
Financiën, Begroting, Openbaar Ambt, de Promotie van Meertaligheid en Financiën, Begroting, Openbaar Ambt, de Promotie van Meertaligheid en
van het Imago van Brussel, van het Imago van Brussel,
S. GATZ S. GATZ
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Werk De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Werk
en Beroepsopleiding, Digitalisering, Plaatselijke Besturen en en Beroepsopleiding, Digitalisering, Plaatselijke Besturen en
Dierenwelzijn, Dierenwelzijn,
B. CLERFAYT B. CLERFAYT
^