Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest Van Het Grondwettelijk Hof van --
← Terug naar "Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 12 mei 2021, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 25 mei 2021, heeft het Hof van Beroep te Brussel de volgende prejudiciële vr 1. « Schenden de artikelen 2.6.4.,2 en 2.6.10 (in het bijzonder de paragrafen 1 en 2), 2.6.4.11, 2.(...)"
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 12 mei 2021, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 25 mei 2021, heeft het Hof van Beroep te Brussel de volgende prejudiciële vr 1. « Schenden de artikelen 2.6.4.,2 en 2.6.10 (in het bijzonder de paragrafen 1 en 2), 2.6.4.11, 2.(...) Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 12 mei 2021, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 25 mei 2021, heeft het Hof van Beroep te Brussel de volgende prejudiciële vr 1. « Schenden de artikelen 2.6.4.,2 en 2.6.10 (in het bijzonder de paragrafen 1 en 2), 2.6.4.11, 2.(...)
GRONDWETTELIJK HOF GRONDWETTELIJK HOF
Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6
januari 1989 januari 1989
Bij arrest van 12 mei 2021, waarvan de expeditie ter griffie van het Bij arrest van 12 mei 2021, waarvan de expeditie ter griffie van het
Hof is ingekomen op 25 mei 2021, heeft het Hof van Beroep te Brussel Hof is ingekomen op 25 mei 2021, heeft het Hof van Beroep te Brussel
de volgende prejudiciële vragen gesteld : de volgende prejudiciële vragen gesteld :
1. « Schenden de artikelen 2.6.4.,2 en 2.6.10 (in het bijzonder de 1. « Schenden de artikelen 2.6.4.,2 en 2.6.10 (in het bijzonder de
paragrafen 1 en 2), 2.6.4.11, 2.6.4.14 en 2.6.4.15 van de Vlaamse paragrafen 1 en 2), 2.6.4.11, 2.6.4.14 en 2.6.4.15 van de Vlaamse
Codex Ruimtelijke Ordening de artikelen 10, 11 en 172 van de Grondwet Codex Ruimtelijke Ordening de artikelen 10, 11 en 172 van de Grondwet
en het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel, doordat voor alle en het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel, doordat voor alle
belastingplichtigen in de daarin voorziene planbatenheffing bij de belastingplichtigen in de daarin voorziene planbatenheffing bij de
berekening van de belastbare grondslag eenzelfde vermoede meerwaarde berekening van de belastbare grondslag eenzelfde vermoede meerwaarde
wordt gehanteerd bij een bestemmingswijziging van het belastbaar wordt gehanteerd bij een bestemmingswijziging van het belastbaar
perceel van ' landbouw ' naar ' wonen ', terwijl belastingplichtigen perceel van ' landbouw ' naar ' wonen ', terwijl belastingplichtigen
die behoren tot een categorie van belastingplichtigen voor wie het die behoren tot een categorie van belastingplichtigen voor wie het
belastbaar perceel na de bestemmingswijziging grote en ernstige belastbaar perceel na de bestemmingswijziging grote en ernstige
beperkingen inzake mogelijke bouwwerken gelden, zoals bij een beperkingen inzake mogelijke bouwwerken gelden, zoals bij een
wijziging van bestemming van ' Landbouw ' naar ' wonen ', doch in een wijziging van bestemming van ' Landbouw ' naar ' wonen ', doch in een
wijze van wonen als zijnde bij wege van ' Kleinschalig wonen in wijze van wonen als zijnde bij wege van ' Kleinschalig wonen in
verplaatsbare constructies ', in werkelijkheid een veel kleinere verplaatsbare constructies ', in werkelijkheid een veel kleinere
meerwaarde genieten door de belastbare bestemmingswijziging dan meerwaarde genieten door de belastbare bestemmingswijziging dan
belastingplichtigen voor wie na de bestemmingswijziging geen belastingplichtigen voor wie na de bestemmingswijziging geen
dergelijke grote en ernstige beperkingen in mogelijke bouwwerken dergelijke grote en ernstige beperkingen in mogelijke bouwwerken
bestemd tot wonen gelden ? »; bestemd tot wonen gelden ? »;
2. « Schendt artikel 2.6.4. en 2.6.10 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke 2. « Schendt artikel 2.6.4. en 2.6.10 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke
Ordening artikel 10 (en 11 en 172) van de Grondwet, gelezen in Ordening artikel 10 (en 11 en 172) van de Grondwet, gelezen in
samenhang met artikel 16 GW en artikel 1 Eerste Protocol van het samenhang met artikel 16 GW en artikel 1 Eerste Protocol van het
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele
vrijheden doordat eigenaars van een perceel waarvoor een volgens de vrijheden doordat eigenaars van een perceel waarvoor een volgens de
heffingsplichtige incorrecte planbatenheffing verschuldigd is, in een heffingsplichtige incorrecte planbatenheffing verschuldigd is, in een
onteigeningsprocedure niet op gelijke wijze hun rechten kunnen onteigeningsprocedure niet op gelijke wijze hun rechten kunnen
uitoefenen als eigenaars die geen (of een correcte) planbatenheffing uitoefenen als eigenaars die geen (of een correcte) planbatenheffing
verschuldigd zijn en eveneens in een onteigeningsprocedure betrokken verschuldigd zijn en eveneens in een onteigeningsprocedure betrokken
zijn ? »; zijn ? »;
3. « Schendt artikel 2.6.15 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening 3. « Schendt artikel 2.6.15 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening
artikel 10 (en 11 en 172) van de Grondwet, doordat de artikel 10 (en 11 en 172) van de Grondwet, doordat de
belastingplichtige die niet in een (dreiging tot) onteigening zit het belastingplichtige die niet in een (dreiging tot) onteigening zit het
voordeel van de bonificatieregeling kan genieten terwijl de voordeel van de bonificatieregeling kan genieten terwijl de
belastingplichtige die wel in een (dreiging tot) onteigening zit dit belastingplichtige die wel in een (dreiging tot) onteigening zit dit
de facto niet kan ? ». de facto niet kan ? ».
Die zaak is ingeschreven onder nummer 7582 van de rol van het Hof. Die zaak is ingeschreven onder nummer 7582 van de rol van het Hof.
De griffier, De griffier,
F. Meersschaut F. Meersschaut
^