← Terug naar "Arrest nr. 5/98 van 21 januari 1998 Rolnummers 1028, 1029, 1054 en 1055 In zake :
de prejudiciële vragen betreffende artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882. Het
Arbitragehof, samengesteld uit de voorzitters M. Me wijst na beraad het volgende
arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vragen a) Bij vonnisse(...)"
Arrest nr. 5/98 van 21 januari 1998 Rolnummers 1028, 1029, 1054 en 1055 In zake : de prejudiciële vragen betreffende artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882. Het Arbitragehof, samengesteld uit de voorzitters M. Me wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vragen a) Bij vonnisse(...) | Arrest nr. 5/98 van 21 januari 1998 Rolnummers 1028, 1029, 1054 en 1055 In zake : de prejudiciële vragen betreffende artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882. Het Arbitragehof, samengesteld uit de voorzitters M. Me wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vragen a) Bij vonnisse(...) |
---|---|
ARBITRAGEHOF | ARBITRAGEHOF |
Arrest nr. 5/98 van 21 januari 1998 | Arrest nr. 5/98 van 21 januari 1998 |
Rolnummers 1028, 1029, 1054 en 1055 | Rolnummers 1028, 1029, 1054 en 1055 |
In zake : de prejudiciële vragen betreffende artikel 7bis, eerste lid, | In zake : de prejudiciële vragen betreffende artikel 7bis, eerste lid, |
van de jachtwet van 28 februari 1882. | van de jachtwet van 28 februari 1882. |
Het Arbitragehof, | Het Arbitragehof, |
samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en L. De Grève, en de | samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en L. De Grève, en de |
rechters H. Boel, L. François, G. De Baets, R. Henneuse en M. Bossuyt, | rechters H. Boel, L. François, G. De Baets, R. Henneuse en M. Bossuyt, |
bijgestaan door referendaris R. Moerenhout, waarnemend griffier, onder | bijgestaan door referendaris R. Moerenhout, waarnemend griffier, onder |
voorzitterschap van voorzitter M. Melchior, | voorzitterschap van voorzitter M. Melchior, |
wijst na beraad het volgende arrest : | wijst na beraad het volgende arrest : |
I. Onderwerp van de prejudiciële vragen | I. Onderwerp van de prejudiciële vragen |
a) Bij vonnissen van 11 december 1996 in zake G. Gillot, P. Plasman, | a) Bij vonnissen van 11 december 1996 in zake G. Gillot, P. Plasman, |
J.-M. Vynckier en C. Gillot tegen J. Beeken en in zake C. Bouffioulx | J.-M. Vynckier en C. Gillot tegen J. Beeken en in zake C. Bouffioulx |
en B. Dewitte tegen J.-L. Lombaerts, waarvan de expedities ter griffie | en B. Dewitte tegen J.-L. Lombaerts, waarvan de expedities ter griffie |
van het Hof zijn ingekomen op 30 december 1996, heeft de vrederechter | van het Hof zijn ingekomen op 30 december 1996, heeft de vrederechter |
van het kanton Nijvel in elk van beide zaken de volgende prejudiciële | van het kanton Nijvel in elk van beide zaken de volgende prejudiciële |
vraag gesteld : | vraag gesteld : |
« Is artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882, | « Is artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882, |
gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, doordat het bepaalt dat de | gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, doordat het bepaalt dat de |
vergoeding voor schade, door konijnen aan vruchten en gewassen | vergoeding voor schade, door konijnen aan vruchten en gewassen |
veroorzaakt, het dubbele van de schade bedraagt, bestaanbaar met de | veroorzaakt, het dubbele van de schade bedraagt, bestaanbaar met de |
artikelen 10 en 11 van de Grondwet terwijl degenen die enigerlei fout | artikelen 10 en 11 van de Grondwet terwijl degenen die enigerlei fout |
hebben begaan en de jagers die de schade moeten vergoeden die door | hebben begaan en de jagers die de schade moeten vergoeden die door |
ander wild wordt veroorzaakt, gewoon de schade moeten vergoeden ? » | ander wild wordt veroorzaakt, gewoon de schade moeten vergoeden ? » |
Die zaken zijn ingeschreven onder de nummers 1028 en 1029 van de rol | Die zaken zijn ingeschreven onder de nummers 1028 en 1029 van de rol |
van het Hof. | van het Hof. |
b) Bij vonnissen van 10 februari 1997 in zake M. Letihon, enerzijds, | b) Bij vonnissen van 10 februari 1997 in zake M. Letihon, enerzijds, |
en E. Jodogne en J. Jodogne, anderzijds, tegen de v.z.w. Belgische | en E. Jodogne en J. Jodogne, anderzijds, tegen de v.z.w. Belgische |
Natuur- en Vogelreservaten en het Waalse Gewest, waarvan de expedities | Natuur- en Vogelreservaten en het Waalse Gewest, waarvan de expedities |
ter griffie van het Hof zijn ingekomen op 21 februari 1997, heeft de | ter griffie van het Hof zijn ingekomen op 21 februari 1997, heeft de |
vrederechter van het kanton Fexhe-Slins in elk van beide zaken de | vrederechter van het kanton Fexhe-Slins in elk van beide zaken de |
volgende prejudiciële vraag gesteld : | volgende prejudiciële vraag gesteld : |
« Schendt artikel 7bis van de jachtwet van 28 februari 1882, gewijzigd | « Schendt artikel 7bis van de jachtwet van 28 februari 1882, gewijzigd |
bij de wet van 4 april 1900, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, | bij de wet van 4 april 1900, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, |
doordat het aan de partij die benadeeld is door schade die door | doordat het aan de partij die benadeeld is door schade die door |
konijnen aan de gewassen is veroorzaakt, een vergoeding toekent die | konijnen aan de gewassen is veroorzaakt, een vergoeding toekent die |
gelijk is aan het dubbele van de werkelijk geleden schade ? » | gelijk is aan het dubbele van de werkelijk geleden schade ? » |
Die zaken zijn ingeschreven onder de nummers 1054 en 1055 van de rol | Die zaken zijn ingeschreven onder de nummers 1054 en 1055 van de rol |
van het Hof. | van het Hof. |
II. De feiten en de rechtspleging in het bodemgeschil | II. De feiten en de rechtspleging in het bodemgeschil |
Naar aanleiding van procedures ingeleid voor de vrederechters van de | Naar aanleiding van procedures ingeleid voor de vrederechters van de |
kantons Nijvel en Fexhe-Slins om de vergoeding te verkrijgen van | kantons Nijvel en Fexhe-Slins om de vergoeding te verkrijgen van |
schade die door konijnen is veroorzaakt aan vruchten en gewassen, werd | schade die door konijnen is veroorzaakt aan vruchten en gewassen, werd |
de vraag gesteld naar de overeenstemming met de artikelen 10 en 11 van | de vraag gesteld naar de overeenstemming met de artikelen 10 en 11 van |
de Grondwet van artikel 7 bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 | de Grondwet van artikel 7 bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 |
februari 1882, ten gevolge waarvan de voormelde prejudiciële vragen | februari 1882, ten gevolge waarvan de voormelde prejudiciële vragen |
werden gesteld. | werden gesteld. |
III. De rechtspleging voor het Hof | III. De rechtspleging voor het Hof |
a) De zaken met rolnummers 1028 en 1029 | a) De zaken met rolnummers 1028 en 1029 |
Bij beschikkingen van 30 december 1996 heeft de voorzitter in functie | Bij beschikkingen van 30 december 1996 heeft de voorzitter in functie |
de rechters van de zetels aangewezen overeenkomstig de artikelen 58 en | de rechters van de zetels aangewezen overeenkomstig de artikelen 58 en |
59 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof. | 59 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof. |
De rechters-verslaggevers hebben geoordeeld dat er geen aanleiding was | De rechters-verslaggevers hebben geoordeeld dat er geen aanleiding was |
om artikel 71 of 72 van de organieke wet toe te passen. | om artikel 71 of 72 van de organieke wet toe te passen. |
Bij beschikking van 16 januari 1997 heeft het Hof de zaken | Bij beschikking van 16 januari 1997 heeft het Hof de zaken |
samengevoegd. | samengevoegd. |
Van de verwijzingsbeslissingen is kennisgegeven overeenkomstig artikel | Van de verwijzingsbeslissingen is kennisgegeven overeenkomstig artikel |
77 van de organieke wet bij op 22 januari 1997 ter post aangetekende | 77 van de organieke wet bij op 22 januari 1997 ter post aangetekende |
brieven; bij dezelfde brieven is kennisgegeven van de beschikking tot | brieven; bij dezelfde brieven is kennisgegeven van de beschikking tot |
samenvoeging. | samenvoeging. |
Het bij artikel 74 van de organieke wet voorgeschreven bericht is | Het bij artikel 74 van de organieke wet voorgeschreven bericht is |
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 5 februari 1997. | bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 5 februari 1997. |
b) De zaken met rolnummers 1054 en 1055 | b) De zaken met rolnummers 1054 en 1055 |
Bij beschikkingen van 21 februari 1997 heeft de voorzitter in functie | Bij beschikkingen van 21 februari 1997 heeft de voorzitter in functie |
de rechters van de zetels aangewezen overeenkomstig de artikelen 58 en | de rechters van de zetels aangewezen overeenkomstig de artikelen 58 en |
59 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof. | 59 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof. |
De rechters-verslaggevers hebben geoordeeld dat er geen aanleiding was | De rechters-verslaggevers hebben geoordeeld dat er geen aanleiding was |
om artikel 71 of 72 van de organieke wet toe te passen. | om artikel 71 of 72 van de organieke wet toe te passen. |
Bij beschikking van 26 februari 1997 heeft het Hof die zaken | Bij beschikking van 26 februari 1997 heeft het Hof die zaken |
samengevoegd met de reeds samengevoegde zaken met rolnummers 1028 en | samengevoegd met de reeds samengevoegde zaken met rolnummers 1028 en |
1029. | 1029. |
Bij beschikking van 26 februari 1997 heeft de voorzitter de termijn | Bij beschikking van 26 februari 1997 heeft de voorzitter de termijn |
voor het indienen van een memorie tot vijftien dagen verkort, gelet op | voor het indienen van een memorie tot vijftien dagen verkort, gelet op |
de samenvoeging met de zaken met rolnummers 1028 en 1029. | de samenvoeging met de zaken met rolnummers 1028 en 1029. |
Van de verwijzingsbeslissingen is kennisgegeven overeenkomstig artikel | Van de verwijzingsbeslissingen is kennisgegeven overeenkomstig artikel |
77 van de organieke wet bij op 28 februari 1997 ter post aangetekende | 77 van de organieke wet bij op 28 februari 1997 ter post aangetekende |
brieven; bij dezelfde brieven is kennisgegeven van de beschikking van | brieven; bij dezelfde brieven is kennisgegeven van de beschikking van |
termijnverkorting en van de beschikking tot samenvoeging. | termijnverkorting en van de beschikking tot samenvoeging. |
Het bij artikel 74 van de organieke wet voorgeschreven bericht is | Het bij artikel 74 van de organieke wet voorgeschreven bericht is |
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 13 maart 1997. | bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 13 maart 1997. |
c) De zaken met rolnummers 1028, 1029, 1054 en 1055 | c) De zaken met rolnummers 1028, 1029, 1054 en 1055 |
Memories zijn ingediend door : | Memories zijn ingediend door : |
- G. Gillot en zijn echtgenote P. Plasman, samen wonende te 1470 | - G. Gillot en zijn echtgenote P. Plasman, samen wonende te 1470 |
Baisy-Thy, Ferme Bon Gré, en J.-M. Vynckier en zijn echtgenote C. | Baisy-Thy, Ferme Bon Gré, en J.-M. Vynckier en zijn echtgenote C. |
Gillot, samenwonende te 1470 Baisy-Thy, rue Banterlez 10, bij op 6 | Gillot, samenwonende te 1470 Baisy-Thy, rue Banterlez 10, bij op 6 |
maart 1997 ter post aangetekende brief; | maart 1997 ter post aangetekende brief; |
- J. Beeken, wonende te 1300 Waver, avenue Notre-Dame 37, bij op 7 | - J. Beeken, wonende te 1300 Waver, avenue Notre-Dame 37, bij op 7 |
maart 1997 ter post aangetekende brief; | maart 1997 ter post aangetekende brief; |
- de Waalse Regering, rue Mazy 25-27, 5100 Namen, bij op 7 maart 1997 | - de Waalse Regering, rue Mazy 25-27, 5100 Namen, bij op 7 maart 1997 |
ter post aangetekende brief; | ter post aangetekende brief; |
- de v.z.w. Belgische Natuur- en Vogelreservaten, waarvan de | - de v.z.w. Belgische Natuur- en Vogelreservaten, waarvan de |
maatschappelijke zetel is gevestigd te 1030 Brussel, Koninklijke | maatschappelijke zetel is gevestigd te 1030 Brussel, Koninklijke |
Sinte-Mariastraat 105, bij op 14 maart 1997 ter post aangetekende | Sinte-Mariastraat 105, bij op 14 maart 1997 ter post aangetekende |
brief. | brief. |
Van die memories is kennisgegeven overeenkomstig artikel 89 van de | Van die memories is kennisgegeven overeenkomstig artikel 89 van de |
organieke wet bij op 8 april 1997 ter post aangetekende brieven. | organieke wet bij op 8 april 1997 ter post aangetekende brieven. |
Memories van antwoord zijn ingediend door : | Memories van antwoord zijn ingediend door : |
- J. Beeken, bij op 7 en 8 mei 1997 ter post aangetekende brieven; | - J. Beeken, bij op 7 en 8 mei 1997 ter post aangetekende brieven; |
- de Waalse Regering, bij op 9 mei 1997 ter post aangetekende brief. | - de Waalse Regering, bij op 9 mei 1997 ter post aangetekende brief. |
Bij beschikkingen van 29 mei 1997 en 25 november 1997 heeft het Hof de | Bij beschikkingen van 29 mei 1997 en 25 november 1997 heeft het Hof de |
termijn waarbinnen het arrest moet worden gewezen, verlengd tot | termijn waarbinnen het arrest moet worden gewezen, verlengd tot |
respectievelijk 30 december 1997 en 30 juni 1998. | respectievelijk 30 december 1997 en 30 juni 1998. |
Bij beschikking van 25 november 1997 heeft het Hof de zaken in | Bij beschikking van 25 november 1997 heeft het Hof de zaken in |
gereedheid verklaard en de dag van de terechtzitting bepaald op 17 | gereedheid verklaard en de dag van de terechtzitting bepaald op 17 |
december 1997. | december 1997. |
Van die beschikking is kennisgegeven aan de partijen en hun advocaten | Van die beschikking is kennisgegeven aan de partijen en hun advocaten |
bij op 26 november 1997 ter post aangetekende brieven. | bij op 26 november 1997 ter post aangetekende brieven. |
Op de openbare terechtzitting van 17 december 1997 : | Op de openbare terechtzitting van 17 december 1997 : |
- zijn verschenen : | - zijn verschenen : |
- Mr. C. Baillied loco Mr. G. Goisse en Mr. C. Dupont, advocaten bij | - Mr. C. Baillied loco Mr. G. Goisse en Mr. C. Dupont, advocaten bij |
de balie te Namen, voor G. Gillot en anderen; | de balie te Namen, voor G. Gillot en anderen; |
- Mr. T. de Broqueville, advocaat bij de balie te Brussel, voor J. | - Mr. T. de Broqueville, advocaat bij de balie te Brussel, voor J. |
Beeken; | Beeken; |
- Mr. A. Lebrun, advocaat bij de balie te Luik, voor de v.z.w. | - Mr. A. Lebrun, advocaat bij de balie te Luik, voor de v.z.w. |
Belgische Natuur- en Vogelreservaten; | Belgische Natuur- en Vogelreservaten; |
- Mr. V. Thiry, advocaat bij de balie te Luik, voor de Waalse | - Mr. V. Thiry, advocaat bij de balie te Luik, voor de Waalse |
Regering; | Regering; |
- hebben de rechters-verslaggevers R. Henneuse en M. Bossuyt verslag | - hebben de rechters-verslaggevers R. Henneuse en M. Bossuyt verslag |
uitgebracht; | uitgebracht; |
- zijn de voornoemde advocaten gehoord; | - zijn de voornoemde advocaten gehoord; |
- zijn de zaken in beraad genomen. | - zijn de zaken in beraad genomen. |
De rechtspleging is gevoerd overeenkomstig de artikelen 62 en volgende | De rechtspleging is gevoerd overeenkomstig de artikelen 62 en volgende |
van de organieke wet, die betrekking hebben op het gebruik van de | van de organieke wet, die betrekking hebben op het gebruik van de |
talen voor het Hof. | talen voor het Hof. |
IV. In rechte | IV. In rechte |
- A - | - A - |
Memories neergelegd in het kader van de zaken met rolnummers 1028 en | Memories neergelegd in het kader van de zaken met rolnummers 1028 en |
1029 | 1029 |
Memorie van G. Gillot en anderen | Memorie van G. Gillot en anderen |
A.1. De in het geding zijnde bepaling is aangenomen om de landbouwers | A.1. De in het geding zijnde bepaling is aangenomen om de landbouwers |
te beschermen en meer in het bijzonder om via een financiële druk de | te beschermen en meer in het bijzonder om via een financiële druk de |
jagers ertoe te verplichten drastische maatregelen te nemen ten | jagers ertoe te verplichten drastische maatregelen te nemen ten |
aanzien van konijnen die schade aanbrachten aan de gewassen. | aanzien van konijnen die schade aanbrachten aan de gewassen. |
De omvang van de voortplanting en de eetlust van die zoogdieren zijn | De omvang van de voortplanting en de eetlust van die zoogdieren zijn |
dermate groot dat ze tot een dusdanige schade leiden dat het | dermate groot dat ze tot een dusdanige schade leiden dat het |
voortbestaan van een landbouwbedrijf en zelfs « de landbouweconomie | voortbestaan van een landbouwbedrijf en zelfs « de landbouweconomie |
van een hele streek » in gevaar kunnen worden gebracht. Het uitbreken | van een hele streek » in gevaar kunnen worden gebracht. Het uitbreken |
van de myxomatose in de loop van het jaar 1953 heeft geen radicale | van de myxomatose in de loop van het jaar 1953 heeft geen radicale |
verandering van die situatie teweeggebracht. Er zijn weliswaar minder | verandering van die situatie teweeggebracht. Er zijn weliswaar minder |
konijnen maar dat is toe te schrijven aan het behoud van de in het | konijnen maar dat is toe te schrijven aan het behoud van de in het |
geding zijnde bepaling, die nog steeds volkomen actueel en | geding zijnde bepaling, die nog steeds volkomen actueel en |
noodzakelijk is, wat overigens de reden is waarom zij door de Waalse | noodzakelijk is, wat overigens de reden is waarom zij door de Waalse |
wetgever is gehandhaafd. | wetgever is gehandhaafd. |
Memorie van J. Beeken | Memorie van J. Beeken |
A.2.1. Uit het onderzoek van de parlementaire voorbereiding van de | A.2.1. Uit het onderzoek van de parlementaire voorbereiding van de |
wetten van 26 februari 1846 en 28 februari 1882 alsmede uit de | wetten van 26 februari 1846 en 28 februari 1882 alsmede uit de |
wijzigingen ervan blijkt dat de motieven voor de invoering, en | wijzigingen ervan blijkt dat de motieven voor de invoering, en |
vervolgens de handhaving, van het dubbele schadebedrag als volgt zijn | vervolgens de handhaving, van het dubbele schadebedrag als volgt zijn |
geëvolueerd. | geëvolueerd. |
In het kader van de wet van 26 februari 1846 is er een tweevoudige | In het kader van de wet van 26 februari 1846 is er een tweevoudige |
bestaansreden voor de aanneming van het dubbele schadebedrag : het | bestaansreden voor de aanneming van het dubbele schadebedrag : het |
compenseert, enerzijds, het verbod dat de landbouwer wordt opgelegd om | compenseert, enerzijds, het verbod dat de landbouwer wordt opgelegd om |
konijnen op zijn veld te verdelgen en, anderzijds, de kosten van de | konijnen op zijn veld te verdelgen en, anderzijds, de kosten van de |
door de landbouwer ingestelde procedure. | door de landbouwer ingestelde procedure. |
Bij de aanneming van de wet van 28 februari 1882 was de fundamentele | Bij de aanneming van de wet van 28 februari 1882 was de fundamentele |
bestaansreden voor de in het geding zijnde bepaling nog steeds | bestaansreden voor de in het geding zijnde bepaling nog steeds |
aanwezig, namelijk de extreme overvloed van konijnen. Naast die reden | aanwezig, namelijk de extreme overvloed van konijnen. Naast die reden |
en benevens de handhaving van de idee van compensatie voor het verbod | en benevens de handhaving van de idee van compensatie voor het verbod |
op verdelging door de landbouwer, zijn twee motieven aangevoerd : | op verdelging door de landbouwer, zijn twee motieven aangevoerd : |
enerzijds, het compenseren van de speculatie door de eigenaar van het | enerzijds, het compenseren van de speculatie door de eigenaar van het |
bos die konijnen in stand houdt ten nadele van de landbouwer en, | bos die konijnen in stand houdt ten nadele van de landbouwer en, |
anderzijds, het instellen van een burgerrechtelijke straf voor de | anderzijds, het instellen van een burgerrechtelijke straf voor de |
jagers die de genoemde konijnen niet verdelgen. | jagers die de genoemde konijnen niet verdelgen. |
De wet van 4 april 1900 tot wijziging van de wet van 28 februari 1882 | De wet van 4 april 1900 tot wijziging van de wet van 28 februari 1882 |
voert met name twee nieuwigheden in; enerzijds, machtigt zij de | voert met name twee nieuwigheden in; enerzijds, machtigt zij de |
landbouwer ertoe konijnen op zijn gronden te verdelgen en, anderzijds, | landbouwer ertoe konijnen op zijn gronden te verdelgen en, anderzijds, |
vereenvoudigt zij in ruime mate de procedure van schadeloosstelling. | vereenvoudigt zij in ruime mate de procedure van schadeloosstelling. |
Voor het overige zijn dezelfde motieven aangevoerd als die welke in | Voor het overige zijn dezelfde motieven aangevoerd als die welke in |
het kader van de wet van 1882 waren aangehaald om de handhaving van | het kader van de wet van 1882 waren aangehaald om de handhaving van |
het dubbele schadebedrag te verantwoorden. | het dubbele schadebedrag te verantwoorden. |
A.2.2. De aanneming van de in het geding zijnde bepaling en de | A.2.2. De aanneming van de in het geding zijnde bepaling en de |
handhaving ervan tijdens de voormelde evolutie van de wetgeving waren | handhaving ervan tijdens de voormelde evolutie van de wetgeving waren |
weliswaar verantwoord ten aanzien van de vernielende overvloed van | weliswaar verantwoord ten aanzien van de vernielende overvloed van |
konijnen en de noodzaak om de jagers ertoe aan te zetten ze op hun | konijnen en de noodzaak om de jagers ertoe aan te zetten ze op hun |
gronden te verdelgen. Zulks is echter niet meer het geval sinds het | gronden te verdelgen. Zulks is echter niet meer het geval sinds het |
verschijnen van het myxomatosevirus, gelet op de epidemie die het | verschijnen van het myxomatosevirus, gelet op de epidemie die het |
onder de konijnen heeft veroorzaakt en de regulariserende rol ervan | onder de konijnen heeft veroorzaakt en de regulariserende rol ervan |
ten aanzien van de populatie van die zoogdieren. | ten aanzien van de populatie van die zoogdieren. |
Gelet op het aan de landbouwer toegekende verdelgingsrecht en de | Gelet op het aan de landbouwer toegekende verdelgingsrecht en de |
vereenvoudiging van de procedure ingevolge de wet van 1900, zijn de | vereenvoudiging van de procedure ingevolge de wet van 1900, zijn de |
motieven waarbij het dubbele schadebedrag wordt verantwoord door de | motieven waarbij het dubbele schadebedrag wordt verantwoord door de |
idee van een compensatie voor de ontstentenis van een verdelgingsrecht | idee van een compensatie voor de ontstentenis van een verdelgingsrecht |
en voor de procedurekosten overigens niet meer relevant; dat geldt des | en voor de procedurekosten overigens niet meer relevant; dat geldt des |
te meer wat de compensatie voor de procedurekosten betreft, daar de | te meer wat de compensatie voor de procedurekosten betreft, daar de |
wet voortaan voorziet in een rechtsplegingsvergoeding ten voordele van | wet voortaan voorziet in een rechtsplegingsvergoeding ten voordele van |
de rechtzoekende die het proces wint, dus ook van de landbouwer, zodat | de rechtzoekende die het proces wint, dus ook van de landbouwer, zodat |
een bijkomende schadeloosstelling van laatstgenoemde bijgevolg als een | een bijkomende schadeloosstelling van laatstgenoemde bijgevolg als een |
schending van het gelijkheidsbeginsel zou moeten worden beschouwd. | schending van het gelijkheidsbeginsel zou moeten worden beschouwd. |
Ten slotte wordt opgemerkt dat de Vlaamse wetgever, bij zijn decreet | Ten slotte wordt opgemerkt dat de Vlaamse wetgever, bij zijn decreet |
van 24 juli 1991, de in het geding zijnde bepaling heeft opgeheven. | van 24 juli 1991, de in het geding zijnde bepaling heeft opgeheven. |
Memorie van de Waalse Regering | Memorie van de Waalse Regering |
A.3. In die memorie gedraagt de Waalse Regering zich voorlopig naar de | A.3. In die memorie gedraagt de Waalse Regering zich voorlopig naar de |
wijsheid van het Hof. | wijsheid van het Hof. |
Memorie van antwoord van J. Beeken | Memorie van antwoord van J. Beeken |
A.4.1. De bewering van de partijen Gillot en Vynckier volgens welke de | A.4.1. De bewering van de partijen Gillot en Vynckier volgens welke de |
situatie nauwelijks zou zijn veranderd ten opzichte van die welke in | situatie nauwelijks zou zijn veranderd ten opzichte van die welke in |
1846, 1882 en 1900 bestond, is niet juist gelet op verscheidene | 1846, 1882 en 1900 bestond, is niet juist gelet op verscheidene |
factoren, waarvan het uitbreken van de myxomatoseziekte de | factoren, waarvan het uitbreken van de myxomatoseziekte de |
belangrijkste is. Naast de talrijke wetenschappelijke referenties die | belangrijkste is. Naast de talrijke wetenschappelijke referenties die |
reeds in de eerste memorie werden aangevoerd, wordt in de memorie van | reeds in de eerste memorie werden aangevoerd, wordt in de memorie van |
antwoord verwezen naar de mening van een deskundige, P. Miel, | antwoord verwezen naar de mening van een deskundige, P. Miel, |
landbouwkundig ingenieur waters en bossen, wiens verslag als bijlage | landbouwkundig ingenieur waters en bossen, wiens verslag als bijlage |
bij de memorie wordt gevoegd. Dat verslag betreffende de evolutie van | bij de memorie wordt gevoegd. Dat verslag betreffende de evolutie van |
de populaties van wilde konijnen bevestigt, enerzijds, de aanzienlijke | de populaties van wilde konijnen bevestigt, enerzijds, de aanzienlijke |
vermindering van het aantal konijnen - welke niet langer de plaag van | vermindering van het aantal konijnen - welke niet langer de plaag van |
weleer maar voortaan gewoon wild zouden zijn, in het bijzonder | weleer maar voortaan gewoon wild zouden zijn, in het bijzonder |
vergelijkbaar met de haas - en, anderzijds, het optreden van andere | vergelijkbaar met de haas - en, anderzijds, het optreden van andere |
ziektes dan myxomatose als verklaring voor die vermindering. | ziektes dan myxomatose als verklaring voor die vermindering. |
A.4.2. Wat de overeenstemming van het dubbele schadebedrag met het | A.4.2. Wat de overeenstemming van het dubbele schadebedrag met het |
gelijkheidsbeginsel betreft, wordt in de eerste plaats erop gewezen | gelijkheidsbeginsel betreft, wordt in de eerste plaats erop gewezen |
dat het destijds nagestreefde doel - het bestrijden van de plaag die | dat het destijds nagestreefde doel - het bestrijden van de plaag die |
de konijnen destijds betekenden - voortaan verstoken is van elke grond | de konijnen destijds betekenden - voortaan verstoken is van elke grond |
of voorwerp. Doordat de dubbele vergoeding wordt beschouwd als een | of voorwerp. Doordat de dubbele vergoeding wordt beschouwd als een |
middel om de voormelde plaag te bestrijden, zijn de overwegingen die | middel om de voormelde plaag te bestrijden, zijn de overwegingen die |
een dergelijke maatregel verantwoordden bovendien grotendeels | een dergelijke maatregel verantwoordden bovendien grotendeels |
verdwenen : het recht van verdelging is ingevoerd, de procedure van | verdwenen : het recht van verdelging is ingevoerd, de procedure van |
schadeloosstelling is vereenvoudigd en in het Gerechtelijk Wetboek is | schadeloosstelling is vereenvoudigd en in het Gerechtelijk Wetboek is |
de rechtsplegingsvergoeding ingevoerd. | de rechtsplegingsvergoeding ingevoerd. |
Zelfs in de veronderstelling dat de dubbele vergoeding destijds - quod | Zelfs in de veronderstelling dat de dubbele vergoeding destijds - quod |
non - een maatregel vormde die in overeenstemming was met het | non - een maatregel vormde die in overeenstemming was met het |
gelijkheidsbeginsel, is zulks echter thans niet meer het geval, gelet | gelijkheidsbeginsel, is zulks echter thans niet meer het geval, gelet |
op de in feite en in rechte gewijzigde omstandigheden waarin die | op de in feite en in rechte gewijzigde omstandigheden waarin die |
maatregel is gesitueerd. | maatregel is gesitueerd. |
Memorie van antwoord van de Waalse Regering | Memorie van antwoord van de Waalse Regering |
A.5. Het is verkeerd te beweren dat de oorspronkelijke bestaansreden | A.5. Het is verkeerd te beweren dat de oorspronkelijke bestaansreden |
voor de in het geding zijnde maatregel - de bestrijding van de | voor de in het geding zijnde maatregel - de bestrijding van de |
proliferatie van konijnen - voortaan verdwenen is. Enerzijds, wordt | proliferatie van konijnen - voortaan verdwenen is. Enerzijds, wordt |
het ras van de konijnen gekenmerkt door een buitengewoon | het ras van de konijnen gekenmerkt door een buitengewoon |
voortplantingstempo, dat veel hoger is dan - en dus onvergelijkbaar | voortplantingstempo, dat veel hoger is dan - en dus onvergelijkbaar |
met - het voortplantingstempo van het andere wild. Anderzijds, | met - het voortplantingstempo van het andere wild. Anderzijds, |
bevestigen de bepalingen waarbij de voorwaarden van de jacht op | bevestigen de bepalingen waarbij de voorwaarden van de jacht op |
konijnen worden gereglementeerd, en die haast onbeperkt zijn in | konijnen worden gereglementeerd, en die haast onbeperkt zijn in |
vergelijking met die welke van toepassing zijn op de jacht op | vergelijking met die welke van toepassing zijn op de jacht op |
everzwijnen, de actualiteit en de noodzaak van de in het geding zijnde | everzwijnen, de actualiteit en de noodzaak van de in het geding zijnde |
maatregel, ondanks het verschijnen van myxomatose, die ertoe strekt | maatregel, ondanks het verschijnen van myxomatose, die ertoe strekt |
het grote aantal konijnen op een peil te houden waarbij de naburige | het grote aantal konijnen op een peil te houden waarbij de naburige |
gewassen niet in gevaar worden gebracht. | gewassen niet in gevaar worden gebracht. |
Memorie neergelegd in het kader van de zaken met rolnummers 1054 en | Memorie neergelegd in het kader van de zaken met rolnummers 1054 en |
1055 | 1055 |
Memorie van de v.z.w. Belgische Natuur- en Vogelreservaten | Memorie van de v.z.w. Belgische Natuur- en Vogelreservaten |
A.6.1. Die bepaling heeft een tweevoudige bestaansreden. De eerste, | A.6.1. Die bepaling heeft een tweevoudige bestaansreden. De eerste, |
van openbaar belang, was het beschermen van de landbouw, als bron van | van openbaar belang, was het beschermen van de landbouw, als bron van |
overleving, tegen de door de konijnen veroorzaakte schade; de tweede, | overleving, tegen de door de konijnen veroorzaakte schade; de tweede, |
van private aard, strekte ertoe te vermijden dat de konijnen op kosten | van private aard, strekte ertoe te vermijden dat de konijnen op kosten |
van de landbouwers zouden worden gevoed, en de ontstentenis van het | van de landbouwers zouden worden gevoed, en de ontstentenis van het |
recht op verdelging ten voordele van laatstgenoemden alsmede de door | recht op verdelging ten voordele van laatstgenoemden alsmede de door |
hen te dragen proceskosten te compenseren. | hen te dragen proceskosten te compenseren. |
A.6.2. De eerstgenoemde verantwoording is vervallen : enerzijds, is er | A.6.2. De eerstgenoemde verantwoording is vervallen : enerzijds, is er |
thans overproductie en, anderzijds, is de konijnenpopulatie met het | thans overproductie en, anderzijds, is de konijnenpopulatie met het |
verschijnen van myxomatose uitgedund. Men kan overigens betwijfelen of | verschijnen van myxomatose uitgedund. Men kan overigens betwijfelen of |
die maatregel, zelfs aanvankelijk, evenredig was, aangezien geen enkel | die maatregel, zelfs aanvankelijk, evenredig was, aangezien geen enkel |
van de ons omringende landen een soortgelijk systeem heeft aangenomen. | van de ons omringende landen een soortgelijk systeem heeft aangenomen. |
A.6.3. De tweede groep verantwoordingen kan eveneens worden betwist. | A.6.3. De tweede groep verantwoordingen kan eveneens worden betwist. |
Enerzijds, kan abnormale burenhinder geen dubbele schadeloosstelling | Enerzijds, kan abnormale burenhinder geen dubbele schadeloosstelling |
verantwoorden. Anderzijds, is het weinig gemakkelijk uit te oefenen | verantwoorden. Anderzijds, is het weinig gemakkelijk uit te oefenen |
maar niettemin sinds 1846 wel degelijk reële recht van verdelging van | maar niettemin sinds 1846 wel degelijk reële recht van verdelging van |
de konijnen door de landbouwer ingevoerd. Ten slotte moeten de | de konijnen door de landbouwer ingevoerd. Ten slotte moeten de |
proceskosten voortaan worden gerelativeerd gelet op de invoering van | proceskosten voortaan worden gerelativeerd gelet op de invoering van |
de rechtsplegingsvergoeding, de verschillende vormen van verzekering | de rechtsplegingsvergoeding, de verschillende vormen van verzekering |
die dat risico kunnen dekken alsmede de vereenvoudiging van de | die dat risico kunnen dekken alsmede de vereenvoudiging van de |
procedure van schadeloosstelling. | procedure van schadeloosstelling. |
- B - | - B - |
De prejudiciële vragen en de in het geding zijnde bepaling | De prejudiciële vragen en de in het geding zijnde bepaling |
B.1. Bij vonnissen van 11 december 1996 stelt de vrederechter van het | B.1. Bij vonnissen van 11 december 1996 stelt de vrederechter van het |
kanton Nijvel twee prejudiciële vragen, op identieke wijze | kanton Nijvel twee prejudiciële vragen, op identieke wijze |
geformuleerd, die luiden : | geformuleerd, die luiden : |
« Is artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882, | « Is artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882, |
gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, doordat het bepaalt dat de | gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, doordat het bepaalt dat de |
vergoeding voor schade, door konijnen aan vruchten en gewassen | vergoeding voor schade, door konijnen aan vruchten en gewassen |
veroorzaakt, het dubbele van de schade bedraagt, bestaanbaar met de | veroorzaakt, het dubbele van de schade bedraagt, bestaanbaar met de |
artikelen 10 en 11 van de Grondwet terwijl degenen die enigerlei fout | artikelen 10 en 11 van de Grondwet terwijl degenen die enigerlei fout |
hebben begaan en de jagers die de schade moeten vergoeden die door | hebben begaan en de jagers die de schade moeten vergoeden die door |
ander wild wordt veroorzaakt, gewoon de schade moeten vergoeden ? » | ander wild wordt veroorzaakt, gewoon de schade moeten vergoeden ? » |
Bij vonnissen van 10 februari 1997 stelt de vrederechter van het | Bij vonnissen van 10 februari 1997 stelt de vrederechter van het |
kanton Fexhe-Slins aan het Hof, eveneens in identieke bewoordingen, | kanton Fexhe-Slins aan het Hof, eveneens in identieke bewoordingen, |
twee prejudiciële vragen die luiden : | twee prejudiciële vragen die luiden : |
« Schendt artikel 7bis van de jachtwet van 28 februari 1882, gewijzigd | « Schendt artikel 7bis van de jachtwet van 28 februari 1882, gewijzigd |
bij de wet van 4 april 1900, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, | bij de wet van 4 april 1900, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, |
doordat het aan de partij die benadeeld is door schade die door | doordat het aan de partij die benadeeld is door schade die door |
konijnen aan de gewassen is veroorzaakt, een vergoeding toekent die | konijnen aan de gewassen is veroorzaakt, een vergoeding toekent die |
gelijk is aan het dubbele van de werkelijk geleden schade ? » | gelijk is aan het dubbele van de werkelijk geleden schade ? » |
B.2. Het eerste lid van artikel 7bis van de jachtwet van 28 februari | B.2. Het eerste lid van artikel 7bis van de jachtwet van 28 februari |
1882, met name gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, bepaalt, wat het | 1882, met name gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, bepaalt, wat het |
Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest betreft : | Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest betreft : |
« De vergoeding voor schade, door konijnen aan vruchten en gewassen | « De vergoeding voor schade, door konijnen aan vruchten en gewassen |
veroorzaakt, bedraagt het dubbele van de schade. » | veroorzaakt, bedraagt het dubbele van de schade. » |
Ten gronde | Ten gronde |
B.3. Het aan het Hof voorgelegde verschil in behandeling betreft het | B.3. Het aan het Hof voorgelegde verschil in behandeling betreft het |
onderscheid gemaakt tussen diegenen die aansprakelijk zijn voor schade | onderscheid gemaakt tussen diegenen die aansprakelijk zijn voor schade |
veroorzaakt door konijnen aan de gewassen en de door die schade | veroorzaakt door konijnen aan de gewassen en de door die schade |
benadeelde personen, enerzijds, en diegenen die aansprakelijk zijn, | benadeelde personen, enerzijds, en diegenen die aansprakelijk zijn, |
alsmede diegenen die het slachtoffer zijn van andere schade, | alsmede diegenen die het slachtoffer zijn van andere schade, |
anderzijds : krachtens de in het geding zijnde bepaling, zijn | anderzijds : krachtens de in het geding zijnde bepaling, zijn |
eerstgenoemden immers gehouden tot de betaling van of genieten zij een | eerstgenoemden immers gehouden tot de betaling van of genieten zij een |
vergoeding die het dubbele bedraagt van die welke overeenstemt met de | vergoeding die het dubbele bedraagt van die welke overeenstemt met de |
schade, terwijl die vergoeding voor laatstgenoemden zonder meer | schade, terwijl die vergoeding voor laatstgenoemden zonder meer |
hieraan gelijk is. | hieraan gelijk is. |
B.4. De grondwettelijke regels van de gelijkheid en de | B.4. De grondwettelijke regels van de gelijkheid en de |
niet-discriminatie sluiten niet uit dat een verschil in behandeling | niet-discriminatie sluiten niet uit dat een verschil in behandeling |
tussen categorieën van personen wordt ingesteld, voor zover dat | tussen categorieën van personen wordt ingesteld, voor zover dat |
verschil op een objectief criterium berust en het redelijk verantwoord | verschil op een objectief criterium berust en het redelijk verantwoord |
is. | is. |
Het bestaan van een dergelijke verantwoording moet worden beoordeeld | Het bestaan van een dergelijke verantwoording moet worden beoordeeld |
rekening houdend met het doel en de gevolgen van de betwiste maatregel | rekening houdend met het doel en de gevolgen van de betwiste maatregel |
en met de aard van de ter zake geldende beginselen; het | en met de aard van de ter zake geldende beginselen; het |
gelijkheidsbeginsel is geschonden wanneer vaststaat dat er geen | gelijkheidsbeginsel is geschonden wanneer vaststaat dat er geen |
redelijk verband van evenredigheid bestaat tussen de aangewende | redelijk verband van evenredigheid bestaat tussen de aangewende |
middelen en het beoogde doel. | middelen en het beoogde doel. |
B.5. De in het geding zijnde bepaling vindt haar oorsprong in artikel | B.5. De in het geding zijnde bepaling vindt haar oorsprong in artikel |
3, vierde lid, van de wet van 28 februari 1846. Zij is, in dezelfde | 3, vierde lid, van de wet van 28 februari 1846. Zij is, in dezelfde |
bewoordingen, overgenomen in artikel 7, eerste lid, van de jachtwet | bewoordingen, overgenomen in artikel 7, eerste lid, van de jachtwet |
van 28 februari 1882, alsmede in artikel 2 van de wijzigingswet van 4 | van 28 februari 1882, alsmede in artikel 2 van de wijzigingswet van 4 |
april 1900, waarbij de voormelde bepaling van de wet van 1882 door het | april 1900, waarbij de voormelde bepaling van de wet van 1882 door het |
huidige artikel 7bis, eerste lid, is vervangen. | huidige artikel 7bis, eerste lid, is vervangen. |
B.6.1. Uit de parlementaire voorbereiding van die drie teksten blijkt | B.6.1. Uit de parlementaire voorbereiding van die drie teksten blijkt |
dat de aanneming, en vervolgens de handhaving, door de wetgever van de | dat de aanneming, en vervolgens de handhaving, door de wetgever van de |
dubbele schadeloosstelling voor schade veroorzaakt aan de gewassen | dubbele schadeloosstelling voor schade veroorzaakt aan de gewassen |
door konijnen ertoe strekte te reageren tegen de plaag die de konijnen | door konijnen ertoe strekte te reageren tegen de plaag die de konijnen |
destijds, wegens hun zeer snelle vermenigvuldiging, voor de landbouw | destijds, wegens hun zeer snelle vermenigvuldiging, voor de landbouw |
vormden. « Algemeen wordt aangenomen dat het konijn een dier is dat | vormden. « Algemeen wordt aangenomen dat het konijn een dier is dat |
veel schade aan de gewassen veroorzaakt. [...] maatregelen moeten | veel schade aan de gewassen veroorzaakt. [...] maatregelen moeten |
worden genomen om die schade te laten herstellen en zoveel mogelijk om | worden genomen om die schade te laten herstellen en zoveel mogelijk om |
een einde te maken aan de oorzaak ervan » (Hand., Kamer, 1845-1846, | een einde te maken aan de oorzaak ervan » (Hand., Kamer, 1845-1846, |
vergadering van 6 februari 1845, p. 588). Zo ook « vormt de overvloed | vergadering van 6 februari 1845, p. 588). Zo ook « vormt de overvloed |
van konijnen een algemene ramp waartegen krachtdadig moet worden | van konijnen een algemene ramp waartegen krachtdadig moet worden |
gereageerd » (Hand., Kamer, 1881-1882, vergadering van 8 december | gereageerd » (Hand., Kamer, 1881-1882, vergadering van 8 december |
1881, p. 215); « de konijnen zijn wellicht het enige wild waarvan de | 1881, p. 215); « de konijnen zijn wellicht het enige wild waarvan de |
vermenigvuldiging dermate gevaarlijk is gebleken dat die absoluut moet | vermenigvuldiging dermate gevaarlijk is gebleken dat die absoluut moet |
worden stopgezet » ibidem). | worden stopgezet » ibidem). |
B.6.2. Naast die algemene doelstelling, wordt in de parlementaire | B.6.2. Naast die algemene doelstelling, wordt in de parlementaire |
voorbereiding gesteld dat de wetgever, door een dubbele | voorbereiding gesteld dat de wetgever, door een dubbele |
schadeloosstelling in te voeren, enerzijds, de door de konijnen aan de | schadeloosstelling in te voeren, enerzijds, de door de konijnen aan de |
gewassen veroorzaakte schade wilde voorkomen en, anderzijds, de door | gewassen veroorzaakte schade wilde voorkomen en, anderzijds, de door |
de benadeelden geleden schade en lasten wilde compenseren. | de benadeelden geleden schade en lasten wilde compenseren. |
Met betrekking tot de preventieve rol van wat het dubbele schadebedrag | Met betrekking tot de preventieve rol van wat het dubbele schadebedrag |
wordt genoemd, werd opgemerkt dat dit laatste « door het natuurlijke | wordt genoemd, werd opgemerkt dat dit laatste « door het natuurlijke |
spel van het persoonlijk belang, de veelvuldigheid van de konijnen | spel van het persoonlijk belang, de veelvuldigheid van de konijnen |
binnen redelijke grenzen houdt. Het heeft niet zozeer tot doel de | binnen redelijke grenzen houdt. Het heeft niet zozeer tot doel de |
klager tevreden te stellen dan wel de motieven voor de klachten te | klager tevreden te stellen dan wel de motieven voor de klachten te |
voorkomen. Het dient en moet vooral dienen als preventief middel, en | voorkomen. Het dient en moet vooral dienen als preventief middel, en |
niemand zal betwisten dat dat middel minder doeltreffend is met het | niemand zal betwisten dat dat middel minder doeltreffend is met het |
enkele schadebedrag » (Gedr. St., Kamer, 1897-1898, nr. 175, pp. 22 en | enkele schadebedrag » (Gedr. St., Kamer, 1897-1898, nr. 175, pp. 22 en |
23). | 23). |
Wat de herstelfunctie van het dubbele schadebedrag betreft, werd | Wat de herstelfunctie van het dubbele schadebedrag betreft, werd |
onderstreept dat dit « niet alleen evenredig moest zijn met de door de | onderstreept dat dit « niet alleen evenredig moest zijn met de door de |
konijnen veroorzaakte schade, maar ook in verhouding moest staan tot | konijnen veroorzaakte schade, maar ook in verhouding moest staan tot |
de kosten die hij [de benadeelde] in voorkomend geval moet aangaan om | de kosten die hij [de benadeelde] in voorkomend geval moet aangaan om |
de burgerlijke rechtsvordering voor de rechtbanken in te stellen » | de burgerlijke rechtsvordering voor de rechtbanken in te stellen » |
(Hand., 1845-1846, vergadering van 7 februari 1846, p. 595). Naast die | (Hand., 1845-1846, vergadering van 7 februari 1846, p. 595). Naast die |
idee van compensatie van de proceskosten, verschijnt de idee om het | idee van compensatie van de proceskosten, verschijnt de idee om het |
feit te compenseren dat de landbouwer, onder het stelsel van de wetten | feit te compenseren dat de landbouwer, onder het stelsel van de wetten |
van 1846 en 1882, de konijnen die zijn gewassen vernielen, niet zelf | van 1846 en 1882, de konijnen die zijn gewassen vernielen, niet zelf |
mag vernietigen ibidem). | mag vernietigen ibidem). |
B.7. Hoewel de dubbele schadeloosstelling voor de door konijnen aan | B.7. Hoewel de dubbele schadeloosstelling voor de door konijnen aan |
vruchten en gewassen veroorzaakte schade een maatregel heeft kunnen | vruchten en gewassen veroorzaakte schade een maatregel heeft kunnen |
vormen die zowel relevant was als evenredig ten opzichte van de | vormen die zowel relevant was als evenredig ten opzichte van de |
destijds met de wetten van 1846, 1882 en 1900 nagestreefde | destijds met de wetten van 1846, 1882 en 1900 nagestreefde |
doelstellingen, dient te worden onderzocht of ze ten aanzien van de | doelstellingen, dient te worden onderzocht of ze ten aanzien van de |
beginselen van gelijkheid en niet-discriminatie verantwoord blijft in | beginselen van gelijkheid en niet-discriminatie verantwoord blijft in |
de huidige omstandigheden. | de huidige omstandigheden. |
B.8.1. Het Hof stelt vast dat niet is betwist dat in de feitelijke | B.8.1. Het Hof stelt vast dat niet is betwist dat in de feitelijke |
omstandigheden belangrijke wijzigingen zich hebben voorgedaan : de | omstandigheden belangrijke wijzigingen zich hebben voorgedaan : de |
vermenigvuldiging van de konijnen is sterk en op duurzame wijze | vermenigvuldiging van de konijnen is sterk en op duurzame wijze |
verminderd als gevolg van diverse ziekten waaronder myxomatose, zodat | verminderd als gevolg van diverse ziekten waaronder myxomatose, zodat |
zij thans nog bezwaarlijk als een plaag kan worden beschouwd die | zij thans nog bezwaarlijk als een plaag kan worden beschouwd die |
uitzonderlijke maatregelen zou verantwoorden. | uitzonderlijke maatregelen zou verantwoorden. |
Weliswaar zou een wet met een preventief karakter kunnen worden | Weliswaar zou een wet met een preventief karakter kunnen worden |
verantwoord op grond van de enkele zorg te voorkomen dat de kwaal die | verantwoord op grond van de enkele zorg te voorkomen dat de kwaal die |
met de aanneming van die wet werd bestreden, zich opnieuw zou | met de aanneming van die wet werd bestreden, zich opnieuw zou |
voordoen. Maar zelfs in dat geval zou de zorg voor preventie geen | voordoen. Maar zelfs in dat geval zou de zorg voor preventie geen |
maatregel kunnen verantwoorden die zeer sterk van de gemeenrechtelijke | maatregel kunnen verantwoorden die zeer sterk van de gemeenrechtelijke |
beginselen afwijkt dan indien het aanhoudende karakter van het | beginselen afwijkt dan indien het aanhoudende karakter van het |
uitzonderlijke gevaar zou zijn aangetoond. | uitzonderlijke gevaar zou zijn aangetoond. |
B.8.2. Uit wat voorafgaat blijkt dat de dubbele schadeloosstelling | B.8.2. Uit wat voorafgaat blijkt dat de dubbele schadeloosstelling |
voor de door konijnen aan vruchten en gewassen veroorzaakte schade | voor de door konijnen aan vruchten en gewassen veroorzaakte schade |
thans niet meer evenredig is ten opzichte van de doelstelling van de | thans niet meer evenredig is ten opzichte van de doelstelling van de |
wetgever. | wetgever. |
De prejudiciële vragen moeten bevestigend worden beantwoord. | De prejudiciële vragen moeten bevestigend worden beantwoord. |
Om die redenen, | Om die redenen, |
het Hof | het Hof |
zegt voor recht : | zegt voor recht : |
Artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882, | Artikel 7bis, eerste lid, van de jachtwet van 28 februari 1882, |
gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, schendt de artikelen 10 en 11 | gewijzigd bij de wet van 4 april 1900, schendt de artikelen 10 en 11 |
van de Grondwet. | van de Grondwet. |
Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig | Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig |
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het | artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het |
Arbitragehof, op de openbare terechtzitting van 21 januari 1998. | Arbitragehof, op de openbare terechtzitting van 21 januari 1998. |
De wnd. griffier, | De wnd. griffier, |
R. Moerenhout. | R. Moerenhout. |
De voorzitter, | De voorzitter, |
M. Melchior. | M. Melchior. |