Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 18 februari 2009
gepubliceerd op 19 maart 2009

Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 14 november 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht

bron
ministerie van landsverdediging
numac
2009007050
pub.
19/03/2009
prom.
18/02/2009
ELI
eli/besluit/2009/02/18/2009007050/staatsblad
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

18 FEBRUARI 2009. - Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 14 november 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht


De Minister van Landsverdediging, Gelet op de wet van 27 december 1961 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht, artikel 38 en artikel 39, tweede lid, gewijzigd bij de wet van 22 maart 2001;

Gelet op het koninklijk besluit van 25 oktober 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht, de artikelen 16, § 2, tweede lid, en 17, § 3, tweede lid, vervangen bij het koninklijk besluit van 20 augustus 2003;

Gelet op het ministerieel besluit van 14 november 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht;

Gelet op het protocol van onderhandelingen van het Onderhandelingscomité van het militair personeel, gesloten op 3 december 2008;

Gelet op advies 45.791/4 van de Raad van State, gegeven op 2 februari 2009, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, Besluit :

Artikel 1.In artikel 22, § 1, tweede lid, van het ministerieel besluit van 14 november 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht, vervangen bij het ministerieel besluit van 20 augustus 2003, worden de woorden "gelijkgesteld met de onderofficieren die uitstel hebben gekregen" vervangen door de woorden "geacht niet te voldoen aan de voorwaarde bedoeld in artikel 23, § 1, eerste lid, 1°".

Art. 2.In artikel 23 van hetzelfde besluit, hersteld bij het ministerieel besluit van 20 augustus 2003 worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, tweede lid, worden de woorden "van internationale samenwerkingsverdragen of" opgeheven;2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende : "Indien een gedeelte van de vorming in een buitenlandse of multinationale militaire instelling wordt gevolgd, wordt voor dit gedeelte rekening gehouden met het regime van die instelling wat betreft het verlenen van een vrijstelling of uitstel, wat betreft de beoordeling van de professionele hoedanigheden, wat betreft de organisatie en de werking van de deliberatiecommissie en wat betreft de door deze commissie te nemen maatregelen.De kandidaat wordt schriftelijk, voor de aanvang van dit gedeelte van de vorming en bij elke wijziging, geïnformeerd over dit regime, het programma, de cursussen en stages en de examens evenals over de voorwaarden om te slagen."; 3° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "of de nuttige vaststellingen met betrekking tot de niet-deelneming aan één of meerdere examens of te volgen cursussen en stages" ingevoegd tussen de woorden "zijn uitslagen" en de woorden "voorgelegd aan";4° in de Franse tekst van paragraaf 2, tweede lid, 1° en 4°, worden de woorden "l'institution militaire" vervangen door de woorden "l'établissement militaire";5° in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden "of vaststellingen" ingevoegd tussen de woorden "van uitslagen" en de woorden "die niet voldoen";6° in paragraaf 3, tweede lid, wordt het woord "vormingen" vervangen door de woorden "cursussen en stages";7° paragraaf 5, vierde lid, wordt vervangen als volgt : "Wanneer een kandidaat omwille van gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke redenen niet in staat is een examen van einde fase of module af te leggen, kan de deliberatiecommissie de kandidaat toelaten zijn examen op een later tijdstip af te leggen. Wanneer een gezondheidsreden of zwangerschap door de kandidaat wordt ingeroepen, bestaat de deliberatiecommissie eveneens uit de geneesheer bedoeld in § 2, tweede lid, 4°. Indien de kandidaat over geen geldige reden beschikt, wordt hij beschouwd als mislukt voor dit examen."; 8° in paragraaf 6, tweede lid, worden de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap of andere ernstige" vervangen door de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke."

Art. 3.In artikel 24, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het ministerieel besluit van 20 augustus 2003, worden de woorden "gelijkgesteld met de onderofficieren die uitstel hebben gekregen" vervangen door de woorden "geacht niet te voldoen aan de voorwaarde bedoeld in artikel 25, § 1, eerste lid, 1°".

Art. 4.In artikel 25 van hetzelfde besluit, hersteld bij het ministerieel besluit van 20 augustus 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, tweede lid, worden de woorden "van internationale samenwerkingsverdragen of" opgeheven;2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende : "Indien een gedeelte van de vorming in een buitenlandse of multinationale militaire instelling wordt gevolgd, wordt voor dit gedeelte rekening gehouden met het regime van die instelling wat betreft het verlenen van een vrijstelling of uitstel, wat betreft de beoordeling van de professionele hoedanigheden, wat betreft de organisatie en de werking van de deliberatiecommissie en wat betreft de door deze commissie te nemen maatregelen.De kandidaat wordt schriftelijk, voor de aanvang van dit gedeelte van de vorming en bij elke wijziging, geïnformeerd over dit regime, het programma, de cursussen en stages en de examens evenals over de voorwaarden om te slagen."; 3° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "of de nuttige vaststellingen met betrekking tot de niet deelneming aan één of meerdere examens of te volgen cursussen en stages" ingevoegd tussen de woorden "zijn uitslagen" en de woorden "voorgelegd aan";4° in de Franse tekst van paragraaf 2, tweede lid, 1° en 6°, worden de woorden "l'institution militaire" vervangen door de woorden "l'établissement militaire"; 5° paragraaf 2 wordt aangevuld met een lid, luidende : "Indien de kandidaat nog geen examen heeft afgelegd voor de examencommissie, zetelt de algemeen voorzitter van de examencommissies of een door hem aangewezen voorzitter van een examencommissie in de plaats van de personen bedoeld in het tweede lid, 3° en 5°."; 6° in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden "voorzitter van de examencommissie kennis heeft van uitslagen die niet voldoen aan de voorwaarden" vervangen door de woorden "algemeen voorzitter van de examencommissies kennis heeft van uitslagen of vaststellingen die niet voldoen aan de voorwaarden tot slagen";7° in paragraaf 3, tweede lid, wordt het woord "vormingen" vervangen door de woorden "cursussen en stages";8° paragraaf 5, vierde lid, wordt vervangen als volgt : "Wanneer een kandidaat omwille van gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke redenen niet in staat is een examen van einde fase of module af te leggen, kan de deliberatiecommissie de kandidaat toelaten zijn examen op een later tijdstip af te leggen. Wanneer een gezondheidsreden of zwangerschap door de kandidaat wordt ingeroepen, bestaat de deliberatiecommissie eveneens uit de geneesheer bedoeld in § 2, tweede lid, 6°. Indien de kandidaat over geen geldige reden beschikt, wordt hij beschouwd als mislukt voor dit examen."; 9° in paragraaf 6, tweede lid, worden de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap of andere ernstige" vervangen door de woorden "gezondheidsredenen, zwangerschap, ernstige of uitzonderlijke".

Art. 5.In hoofdstuk I, afdeling 4, van hetzelfde besluit wordt een artikel 25bis ingevoegd, luidende : "

Art. 25bis.De directeur-generaal human resources is de bevoegde overheid om aan de onderofficier het uitstel bedoeld in artikel 15, § 2ter, van het koninklijk besluit van 25 oktober 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht te verlenen."

Art. 6.De onderofficier die, op de datum van de inwerkingtreding van dit besluit, een opleidingscursus of stage bedoeld in, naargelang het geval artikel 22, § 1, eerste lid of artikel 24, § 1, eerste lid, van het ministerieel besluit van 14 november 1963 betreffende het statuut van de onderofficieren van het actief kader van de krijgsmacht, volgt, zet zijn opleidingscursus of stage verder volgens de bepalingen van kracht de dag vóór deze datum.

Art. 7.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 maart 2009.

Brussel, 18 februari 2009.

Voor de Minister van Landsverdediging, afwezig, S. VANACKERE Vice-Eerste Minister en Minister van Ambtenarenzaken, Overheidsbedrijven en Institutionele Hervormingen

^