gepubliceerd op 15 oktober 2026
Ministerieel besluit tot toekenning van verschillende kalendermafwijkingen voor uitzonderlijke weersomstandigheden in het kader van de uitvoering van het Programma Duurzaam Stikstofbeheer in de landbouw
11 SEPTEMBER 2026. - Ministerieel besluit tot toekenning van verschillende kalendermafwijkingen voor uitzonderlijke weersomstandigheden in het kader van de uitvoering van het Programma Duurzaam Stikstofbeheer in de landbouw
De Minister van Volksgezondheid, Leefmilieu, Solidariteit en Sociale Economie en de Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, belast met Bosbeleid, Natuur, Jacht en Visvangst, Gelet op Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, de artikelen D.177, R.203, § 2, R.222 en R.222bis, § 3;
Overwegende dat ons land sinds eind mei 2026 te kampen heeft met een uitzonderlijk langdurige droogte; dat de bodem bijzonder droog is als gevolg van deze aanhoudende droogte en de intense hitte, die het fenomeen van evapotranspiratie nog versterkt; dat de toestand van de bodems en het uitblijven van neerslag gedurende een zo lange periode de opkomst van de zaailingen die nodig zijn voor het inzaaien van tussentijdse nitraatvanggewassen (CIPAN) ernstig in het gedrang brengt;
Overwegende dat de voorspellingen van het KMI niettemin aangeven dat de droogte-index gunstig evolueert in deze tweede helft van augustus;
Gelet op de impact van het uitgesteld zaaien van een nitraatvanggewas (CIPAN) na peulvruchten van 1 tot 15 september op de ontwikkelingskinetiek ervan en op het vermogen om stikstofresiduen op te nemen die regelmatig hoger liggen dan 100 kg N-NO3-/ha; Overwegende dat de efficiëntie van het nitraatvanggewas sterk afneemt wanneer het na 15 september wordt gezaaid;
Gelet op de organisatorische moeilijkheden bij de veldwerkzaamheden tijdens de eerste helft van september wegens kalenderverplichtingen en de verschuiving van bepaalde landbouwwerkzaamheden;
Overwegende dat de artikelen R.203, § 3, en R.222 bis, § 3, van het plan voor duurzaam stikstofbeheer in de landbouw voorzien in de nodige delegatie om bijzondere voorwaarden vast te stellen voor winterbedekking in kwetsbare gebieden.
Besluiten :
Artikel 1.In kwetsbare gebieden moet het aanplanten van een nitraatvanggewas, na een oogst van peulvruchten die vóór 15 augustus 2026 wordt geoogst en gevolgd door een tarwegewas, uiterlijk op 15 september 2026 plaatsvinden.
Als het aanplanten van de bedekking vóór 1 september 2026 plaatsvindt, mag deze vanaf 1 oktober 2026 worden verwijderd.
Als het aanplanten van de bedekking tussen 1 en 15 september 2026 plaatsvindt, mag deze vanaf 16 november 2026 worden verwijderd.
Art. 2.Overal in Wallonië wordt het aanplanten van een nitraatvanggewas uitgevoerd tussen 15 en 30 september 2026, waarbij het aanplanten voor een minimale periode van twee maanden wordt behouden.
Deze afwijking vormt geen voldoende motivering ter ondersteuning van een beroep in geval van niet-naleving bij de controle op de potentieel uitspoelbare stikstof, zoals bedoeld in art. R.218 § 2, tweede lid.
Art. 3.De data voor het aanplanten en de vernietiging van het tussentijdse nitraatvanggewas worden ingeschreven in het veldboek.
Art. 4.Dit besluit heeft uitwerking met terugwerkende kracht vanaf 31 augustus 2026.
Namen, 11 september 2026.
De Minister van Leefmilieu, Y. COPPIETERS De Minister van Landbouw, A.-C. DALCQ