gepubliceerd op 14 oktober 2026
Koninklijk besluit houdende vierde verdeling van het provisioneel krediet ingeschreven in het programma 06-90-1 van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 en bestemd tot het dekken van gerechtskosten en schadevergoedingen en andere diverse uitgaven
1 OKTOBER 2026. - Koninklijk besluit houdende vierde verdeling van het provisioneel krediet ingeschreven in het programma 06-90-1 van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 en bestemd tot het dekken van gerechtskosten en schadevergoedingen en andere diverse uitgaven
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, artikel 2.06.2;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 28 september 2026;
Overwegende dat op het programma 06-90-1 van de van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, een provisioneel krediet van 722.862.000 euro in vastlegging en van 622.359.000 euro in vereffening zijn ingeschreven, bestemd tot het dekken van gerechtskosten en schadevergoedingen en andere diverse uitgaven;
Overwegende dat op de secties 12 - FOD Justitie ; 13 - FOD Binnenlandse Zaken ; 14 - FOD Buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking; 16 - Ministerie van Defensie; 18 - FOD Financiën; 19 - Regie der Gebouwen; 23 - FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg; 24 - FOD Sociale Zekerheid; 25 - FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu en 32 - FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, geen enkel krediet is uitgetrokken om de uitgaven te dekken in verband met schadevergoedingen en gerechtskosten voor het derde trimester 2026;
Overwegende dat de bovenvermelde FOD's schadevergoedingen en/of gerechtskosten moeten betalen en dat een laattijdige betaling nalatigheidsinteresten kan veroorzaken;
Overwegende dat op de sectie 01 - Dotaties en activiteiten van de koninklijke familie van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 onvoldoende krediet is uitgetrokken om de uitgaven te dekken in verband met de indexering van de toewijzingen opgenomen in organisatieafdeling 30 van sectie 01;
Overwegende de notificaties van de begrotingscontrole 2025 van de Ministerraad van 10 oktober 2025, gericht op het dekken van uitgaven in verband met de reorganisatie en centralisatie van het federale bestuurslandschap;
Overwegende de beslissing van de Ministerraad van 04 september 2026 om het historisch saldo van het Globaal Plan te financieren door een herverdeling vanuit de « ex-veiligheidsfonds » interdepartementale provisie;
Overwegende de notificaties van de begrotingscontrole 2026 van de Ministerraad van 03 april 2026, gericht op het dekken van uitgaven in verband met de regularisatie van de telewerktoeslag voor de rechterlijke macht en soortgelijke rechtsgebieden;
Overwegende de notificaties van de begrotingscontrole 2026 van de Ministerraad van 03 april 2026, gericht op het dekken van uitgaven in verband met de nieuwe overeenkomst Brussels Airport Company (BAC) betreffende de VIP lounge;
Overwegende dat op organisatieafdeling 18/01 - Beleidsorganen van de vice-eersteminister en minister van Financiën en Pensioenen - onvoldoende kredieten zijn voorzien voor de betaling van de facturen van gedetacheerd personeel, en dat een evenredig bedrag, in overeenstemming met het akkoord van de minister van begroting van 21 augustus 2026, geblokkeerd wordt op organisatieafdeling 16/01 - Beleidsorganen van de Minister van Defensie;
Overwegende de beslissing van de Ministerraad van 10 juli 2026 om de uitgaven van gerechtelijke procedures en procedures voorafgaand aan gerechtelijke procedures in verband met de financiële sancties van de Europese Unie te financieren;
Overwegende dat op de sectie 33 - FOD Mobiliteit en Vervoer van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 geen enkel krediet is uitgetrokken om de uitgaven te dekken in verband met een onbetaalde factuur van het voormalige kabinet van minister Gilkinet;
Overwegende de notificaties van de begrotingscontrole 2026 van de Ministerraad van 03 april 2026, gericht op het dekken van uitgaven in verband met de Belgische deelname aan het Europees ruimtevaartagentschap - ESA;
Overwegende dat op de sectie 46 - POD Wetenschapsbeleid van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 geen enkel krediet is uitgetrokken om de uitgaven te dekken in verband met het onderwater beeldvormingssysteem (KBIN);
Op de voordracht van de Minister van Begroting,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1.Een vastleggingskrediet van 97.098.903 euro en een vereffeningskrediet van 96.391.215 euro worden afgenomen van het provisioneel krediet, ingeschreven op het programma 06-90-1 (basisallocatie 90.10.01.00.01) van de wet van 23 maart 2026 houdende de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026, gewijzigd bij de wet van 28 juni 2026 houdende de eerste aanpassing van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 en worden verdeeld overeenkomstig de bijgevoegde tabel.
De in deze tabel vermelde bedragen worden gevoegd bij de kredieten die onder de betrokken programma's en basisallocaties zijn uitgetrokken voor het begrotingsjaar 2026.
Art. 2.Dit besluit treedt in werking op 7 oktober 2026.
Art. 3.De minister bevoegd voor Begroting is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 1 oktober 2026.
FILIP Van Koningswege : De Minister van Begroting, V. VAN PETEGHEM
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld