gepubliceerd op 01 oktober 2026
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 februari 2026, gesloten in het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap, betreffende de toekenning van een eindejaarspremie in de basiseducatie
7 SEPTEMBER 2026. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 februari 2026, gesloten in het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap, betreffende de toekenning van een eindejaarspremie in de basiseducatie (1)
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap;
Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 26 februari 2026, gesloten in het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap, betreffende de toekenning van een eindejaarspremie in de basiseducatie.
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 7 september 2026.
FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, D. CLARINVAL _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap Collectieve arbeidsovereenkomst van 26 februari 2026 Toekenning van een eindejaarspremie in de basiseducatie (Overeenkomst geregistreerd op 17 maart 2026 onder het nummer 198623/CO/329.01)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied
Artikel 1.Deze overeenkomst is van toepassing op de werkgevers en de werknemers van de sector Basiseducatie en de Ligo, Centra voor Basiseducatie die onder het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap ressorteren.
Onder "werknemer'' wordt verstaan : elke persoon, ongeacht geslacht, tewerkgesteld op basis van een arbeidsovereenkomst in de zin van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten.
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is niet van toepassing op : - de werknemers verbonden met een arbeidsovereenkomst voor tewerkstelling van studenten, die op basis van artikel 17bis van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/06/1969 pub. 24/01/2011 numac 2010000730 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders uitgesloten zijn uit het toepassingsgebied van de socialezekerheidsregeling voor werknemers; - niet aan RSZ onderworpen werknemers die occasioneel werk verrichten, die op basis van artikel 17 van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/06/1969 pub. 24/01/2011 numac 2010000730 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders uitgesloten zijn uit het toepassingsgebied van de socialezekerheidsregeling voor werknemers; - de werknemers verbonden met een arbeidsovereenkomst in het kader van flexi-jobs van wie het flexiloon en flexivakantiegeld op basis van artikel 14, § 3bis van de wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/06/1969 pub. 24/01/2011 numac 2010000730 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders en artikel 23 van de wet van 29 juni 1981 houdende algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers uitgesloten zijn uit het loonbegrip waarop socialezekerheidsbijdragen worden berekend.
HOOFDSTUK II. - Bepaling van het bedrag
Art. 3.§ 1. De eindejaarspremie bestaat uit een vast geïndexeerd gedeelte, een vast niet-geïndexeerd gedeelte en een procentueel gedeelte op het brutojaarloon van de werknemer. § 2. Het vast geïndexeerd gedeelte bedraagt 994,30 EUR voor het jaar 2025.
Dit bedrag wordt voor het jaar 2025 verhoogd met een percentage dat wordt bekomen door het indexcijfer van de afgevlakte gezondheidsindex dat van kracht is in de maand oktober van het jaar 2025 te delen door het indexcijfer dat van kracht is in de maand oktober van jaar 2025.
Het percentage wordt berekend tot op vier decimalen. § 3. Het bedrag van het totale vast geïndexeerd gedeelte van deze eindejaarspremie wordt jaarlijks vastgelegd en gepubliceerd in een aparte collectieve arbeidsovereenkomst.
Art. 4.Het vast niet-geïndexeerd gedeelte bedraagt 55,08 EUR.
Art. 5.§ 1. Het procentueel gedeelte bedraagt 3,52 pct. van het geïndexeerd brutojaarloon van de werknemer. § 2. Onder "geïndexeerd brutojaarloon" wordt verstaan : de vermenigvuldiging met twaalf van het geïndexeerd baremieke brutomaandloon van de maand oktober van het kalenderjaar, met inbegrip van de haard- of standplaatstoelage, maar met uitsluiting van de toeslagen.
HOOFDSTUK III. - Toekenning van de eindejaarspremie
Art. 6.Aan de werknemer wordt een eindejaarspremie uitbetaald overeenkomstig de gewerkte en gelijkgestelde periodes in de referentieperiode van 1 januari tot en met 30 september van het betrokken kalenderjaar.
Een volledig gewerkte of gelijkgestelde referentieperiode komt dus overeen met een volledige eindejaarspremie, een onvolledige referentieperiode met een onvolledige eindejaarspremie, in verhouding tot de gewerkte en gelijkgestelde dagen in de referentieperiode.
Worden gelijkgesteld met gewerkte of als dusdanig beschouwde dagen, de inactiviteitsperiodes, vastgelegd bij koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsbesluiten van de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie der loonarbeiders.
Onbetaald verlof, alle wettelijke vormen van tijdskrediet en thematische verloven worden niet gelijkgesteld met gewerkte periodes voor de toekenning van een eindejaarspremie, behoudens palliatief verlof en verlof voor verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid, die gelijkgesteld worden met gewerkte periodes voor een maximumperiode van drie kalendermaanden.
Art. 7.Voor deeltijdse werknemers wordt het bedrag van de eindejaarspremie berekend in verhouding tot de contractuele arbeidstijd in de referentieperiode.
Art. 8.De eindejaarspremie is niet verschuldigd aan om dringende reden ontslagen werknemers.
Art. 9.Wanneer een werknemer tijdens de referentieperiode in of uit dienst is getreden bij de organisatie, wordt de eindejaarspremie berekend en uitbetaald volgens de gewerkte en gelijkgestelde dagen in de referentieperiode.
Art. 10.Deze overeenkomst is niet van toepassing op werknemers die reeds een eindejaarspremie genieten die hiermee ten minste gelijkwaardig is.
HOOFDSTUK IV. - Berekeningswijze
Art. 11.Iedere gewerkte of daarmee gelijkgestelde maand, tijdens de referentieperiode, geeft recht op 1/9 van het bedrag van de eindejaarspremie, berekend overeenkomstig deze collectieve arbeidsovereenkomst.
Elke arbeidsovereenkomst, ingegaan vóór de dertiende dag van de maand, wordt, mits de werknemer in dienst blijft tot het einde van die maand, beschouwd als een tewerkstellingsperiode voor een volledige maand.
Art. 12.Wanneer een werknemer niet het normale loon heeft genoten voor de maand oktober van het betrokken jaar, neemt men voor de berekening van het veranderlijk gedeelte van de eindejaarspremie het geïndexeerd brutojaarloon op basis van het fictieve loon van die maand.
HOOFDSTUK V. - Betalingsmodaliteit
Art. 13.De eindejaarspremie is betaalbaar in de maand december van het jaar waarvoor hij wordt toegekend.
In geval van uitdiensttreding is de verschuldigde eindejaarspremie betaalbaar bij de eindafrekening.
Art. 14.§ 1. De eindejaarspremie zoals beschreven in artikelen 3, 4 en 5 kan geheel of gedeeltelijk omgezet worden in één enkel alternatief voordeel. Enkel een omzetting van de bruto eindejaarspremie met inbegrip van de patronale RSZ-bijdrage tot invoering van een fietsplan op ondernemingsniveau, conform de bepalingen en modaliteiten opgenomen in de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 februari 2026 ter ondersteuning van de fietsmobiliteit, is mogelijk. § 2. Het deel van de eindejaarspremie dat maximaal mag worden gebruikt als alternatief voordeel voor het fietsplan, wordt geplafonneerd. Dit grensbedrag wordt vastgesteld op het bedrag dat vereist is voor de totale kost voor het fietsplan van maximum 12 688,15 EUR voor de lease/gebruiksperiode van 3 jaar. Dit bedrag van 12 688,15 EUR wordt geproratiseerd in geval van een kortere duurtijd en wordt geïndexeerd door toepassing van een percentage dat afhangt van de evolutie van het indexcijfer van de consumptieprijzen. Dit percentage wordt bekomen door het indexcijfer dat van kracht is in oktober van het betrokken kalenderjaar van uitbetaling te delen door het indexcijfer dat van kracht was in oktober van het voorgaande kalenderjaar. Het percentage wordt berekend tot op vier decimalen en afgerond volgens de wiskundige regels.
HOOFDSTUK VI. - Slotbepalingen
Art. 15.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2026 en is gesloten voor onbepaalde tijd. Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 28 november 2006 (registratienummer 81514/CO/329.01).
Ze kan worden opgezegd door elk van de partijen met een opzeggingstermijn van zes maanden, gericht bij een ter post aangetekend schrijven aan de voorzitter van het Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap.
Ze wordt uitgevoerd op voorwaarde van een effectieve terbeschikkingstelling van de financiële middelen waarin krachtens het Vlaams Akkoord voor de non-profit/social profit van 6 juni 2005 is voorzien.
De bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst zijn slechts van toepassing op voorwaarde dat en zolang de werkgever beschikt over een geldige erkenning zoals opgesomd in het toepassingsgebied in artikel 1. Wanneer deze erkenning wegvalt of niet wordt hernieuwd, hou den de bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst op uitwerking te hebben en komt eveneens een einde aan hun doorwerking in de individuele arbeidsovereenkomsten, in afwijking van artikel 23 van de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités.
Overeenkomstig artikel 14 van de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités worden, voor wat betreft de ondertekening van deze collectieve arbeidsovereenkomst, de handtekeningen van de personen die deze aangaan namens de werknemersorganisaties enerzijds en namens de werkgeversorganisaties anderzijds, vervangen door de, door de leden goedgekeurde en door de voorzitter en de secretaris ondertekende, notulen van de vergadering.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 7 september 2026.
De Minister van Werk, D. CLARINVAL