Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 05 september 2001
gepubliceerd op 21 november 2001

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 15 december 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer, betreffende de toekenning van een anciënniteitspremie in de subsector voor verhuisondernemingen, de meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid
numac
2001012787
pub.
21/11/2001
prom.
05/09/2001
ELI
eli/besluit/2001/09/05/2001012787/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

5 SEPTEMBER 2001. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 15 december 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer, betreffende de toekenning van een anciënniteitspremie in de subsector voor verhuisondernemingen, de meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het vervoer;

Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 15 december 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer, betreffende de toekenning van een anciënniteitspremie in de subsector voor verhuisondernemingen, de meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten.

Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 5 september 2001.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor het vervoer Collectieve arbeidsovereenkomst van 15 december 1999 Toekenning van een anciënniteitspremie in de subsector voor verhuisondernemingen, de meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (Overeenkomst geregistreerd op 23 februari 2000 onder het nummer 54067/CO/140.05) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers die ressorteren onder het Paritair Comité voor het vervoer en behoren tot de subsector voor de verhuisondernemingen, de meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten alsook op hun werklieden. § 2. Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt bedoeld onder : « verhuizing » : elke overbrenging van installaties van de ene plaats naar de andere, onder meer : privé, kantoren, magazijnen, werkplaatsen, beurzen, fabrieken, tentoonstellingen, enz... met inbegrip van alle begeleidende werkzaamheden, zoals inpak, uitpak, monteren, demonteren zonder dat deze opsomming limitatief is; « meubelbewaring » : de opslagplaatsen voor meubelen en andere voorwerpen die dezelfde of gelijkaardige speciale bewaringsinstallaties vergen; « aanverwante activiteiten » : elk goederenvervoer dat het gebruik vereist van voertuigen die speciaal uitgerust zijn zoals voor het vervoer van meubelen en om de beschadiging tijdens het vervoer te voorkomen van diverse goederen zoals nieuwe meubelen, kunstvoorwerpen, elektrische huishoudapparaten, archieven, enz...; « voertuigen speciaal uitgerust voor het vervoer van meubelen » : elk voertuig met vast of beweegbaar koetswerk, niet buigzaam, waterdicht, binnenin voorzien van vastsnoeringsmateriaal, van een stuwinrichting, behoorlijk gebouwd voor het vervoer van verhuizingen en uitgerust met klein stuw- beschermingsmaterieel, zoals dekens, kisten, elk ander soortgelijk materieel, enz<6;221>... § 3. Onder "werklieden" wordt bedoeld de werklieden en werksters. HOOFDSTUK II. - Juridisch kader

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in uitvoering van het protocol van akkoord 1999-2000, met betrekking tot maatregelen ter verhoging van de koopkracht. HOOFDSTUK III. - Toekenning van een anciënniteitspremie

Art. 3.Een werknemer met 10 jaar ononderbroken anciënniteit binnen de sector heeft recht op een eenmalige brutopremie van 5 000 BEF. Een werknemer met 15 jaar ononderbroken anciënniteit binnen de sector heeft recht op een eenmalige brutopremie van 10 000 BEF. Een werknemer met 20 jaar ononderbroken anciënniteit binnen de sector heeft recht op een eenmalige brutopremie van 15 000 BEF. HOOFDSTUK IV. - Procedure

Art. 4.Het recht op een in artikel 3 voorziene anciënniteitspremie, wordt vastgesteld aan de hand van de gegevens waarover het Sociaal Fonds beschikt met betrekking tot de uitgereikte verhuizerskaarten P. Uiterlijk 6 weken vóór de dag waarop de werknemer de bedoelde anciënniteit zal verwerven, stuurt het Sociaal Fonds een "certificaat van anciënniteit" naar de betrokken werknemer.

Art. 5.De werknemer overhandigt dit certificaat aan zijn huidige werkgever, die hierdoor gehouden is de bedoelde premie te betalen op de dag dat de werknemer zijn anciënniteit verwerft, of ten laatste, op de eerstvolgende betaaldag.

Art. 6.Een werknemer die vanwege het Sociaal Fonds geen "certificaat van anciënniteit" heeft ontvangen, maar die meent toch in aanmerking te komen voor een in artikel 3 bedoelde anciënniteitspremie, kan zelf, of via zijn werknemersorganisatie of zijn werkgever, een gemotiveerde aanvraag, voorzien van de nodige bewijsstukken, indienen bij het Sociaal Fonds.

De Raad van Beheer van het Sociaal Fonds onderzoekt alle stukken van het dossier waarop de werknemer zich beroept om zijn anciënniteit binnen de sector te doen gelden. De werknemer die, na onderzoek, de voorwaarden voor toekenning zou vervullen, zal vanwege het Sociaal Fonds een "certificaat van anciënniteit" ontvangen.

De bepalingen van artikel 5 zijn dan onverkort van toepassing.

Art. 7.De werkgever kan, binnen een periode van 6 maanden na betaling van de anciënniteitspremie, het bedrag van 5 000, 10 000 of 15 000 BEF terugvorderen van het Sociaal Fonds, mits voorlegging van een geldig bewijs van betaling aan de werknemer, en een copie van het "certificaat van anciënniteit". HOOFDSTUK V. - Geldigheidsduur

Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 2000.

Zij is gesloten voor onbepaalde duur.

Zij kan door elk van de contracterende partijen worden opgezegd. Deze opzegging moet minstens drie maanden op voorhand geschieden bij een ter post aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het vervoer, die zonder verwijl de betrokken partijen in kennis zal stellen. De termijn van drie maanden begint te lopen vanaf de datum van verzending van bovengenoemde aangetekende brief.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 5 september 2001.

De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX

^