← Terug naar "Omzendbrief POL 37ter tot wijziging van de omzendbrief POL 37 van 28 januari 1993 betreffende het statuut van de hulpagent van politie. - Het dragen van een spuitbus met traangas of enig ander neutraliserend produkt "
Omzendbrief POL 37ter tot wijziging van de omzendbrief POL 37 van 28 januari 1993 betreffende het statuut van de hulpagent van politie. - Het dragen van een spuitbus met traangas of enig ander neutraliserend produkt | Circulaire POL 37ter modifiant la circulaire POL 37 du 28 janvier 1993 relative au statut de l'agent auxiliaire de police. - Port d'un spray au gaz lacrymogène ou de tout autre produit neutralisant |
---|---|
MINISTERIE VAN BINNENLANDSE ZAKEN 29 MEI 1998. - Omzendbrief POL 37ter tot wijziging van de omzendbrief POL 37 van 28 januari 1993 betreffende het statuut van de hulpagent van politie. - Het dragen van een spuitbus met traangas of enig ander neutraliserend produkt Aan Mevrouw en Heren Provinciegouverneurs Aan Mevrouw de Gouverneur van het administratief Arrondissement Brussel-Hoofdstad Ter informatie : Aan de Dames en Heren Bestendig afgevaardigden Aan de Dames en Heren Arrondissementscommissarissen Aan de Dames en Heren Burgemeesters en Schepenen Mevrouw de Gouverneur, Mijnheer de Gouverneur, | MINISTERE DE L'INTERIEUR 29 MAI 1998. - Circulaire POL 37ter modifiant la circulaire POL 37 du 28 janvier 1993 relative au statut de l'agent auxiliaire de police. - Port d'un spray au gaz lacrymogène ou de tout autre produit neutralisant A Madame et Messieurs les Gouverneurs de province A Madame le Gouverneur de l'arrondissement administratif de Bruxelles-Capitale Pour information : A Mesdames et Messieurs les Députés permanents A Mesdames et Messieurs les Commissaies d'arrondissement A Mesdames et Messieurs les Bourgmestres et Echevins Madame le Gouverneur, Monsieur le Gouverneur, |
Het koninklijk besluit van 23 april 1998 (Belgisch Staatsblad van 12 | L'arrêté royal d 23 avril 1998 (Moniteur belge du 12 mai 1998) a |
mei 1998) heeft enkele wijzigingen aangebracht aan het koninklijk | apporté quelques petites modifications à l'arrêté royal du 10 avril |
besluit van 10 april 1995 tot regeling van de bewapening van de | 1995 réglant l'armement de la police communale et ce, en vue de |
gemeentepolitie en dit, om aan de hulpagenten van politie toe te staan | permettre aux agents auxiliaires de police de disposer de sprays au |
over traangas of enig ander neutraliserend produkt te beschikken. | gaz lacrymogène ou tout autre produit incapacitant. |
Het is bijgevolg van belang het punt II betreffende het verbod van | Aussi, il importe d'adapter le point II concernant l'interdiction du |
wapendracht van de omzendbrief POL 37 van 28 januari 1993 betreffende | port d'armes de la circulaire POL 37 du 28 janvier 1993 relative au |
het statuut van de hulpagent aan te passen. | statut de l'agent auxiliaire de police. |
Dit punt wordt vervangen door de volgende tekst : | Ce point est donc remplacé par ce qui suit : |
« II. Verbod van wapendracht. | « II. Interdiction du port d'armes. |
Artikel 1 van het koninklijk besluit van 23 april 1998 tot wijziging | L'article 1er de l'arrêté royal du 23 avril 1998 modifiant l'arrêté |
van het koninklijk besluit van 10 april 1995 tot regeling van de | royal du 10 avril 1995 réglant l'armement de la police communale |
bewapening van de gemeentepolitie voorziet dat de hulpagenten van politie over traangas of enig ander neutraliserend produkt kunnen beschikken. De nadruk dient te worden gelegd op het feit dat het hier gaat over een mogelijkheid, en niet over een verplichting. De beslissing wordt bijgevolg overgelaten aan de beoordeling van de korpschef. Dit wapen is immers het enige dat eventueel door de hulpagenten van politie kan gedragen worden, op verantwoordelijkheid van de korpschef en dit na een voorafgaande theoretische en praktische opleiding . Die opleiding moet gelijk zijn aan de opleiding, gegeven aan de politieagenten, voor dit soort bewapening en zal in de vorm van een voortgezette opleiding worden georganiseerd door de politiescholen aan die hulpagenten van politie die zijn aangeduid door hun korpschef. | prévoit que les agents auxiliaires de police peuvent disposer de sprays au gaz ou tout autre produit incapacitant. Il convient de souligner qu'il s'agit d'une possibilité et non d'une obligation. La décision est par conséquent laissée à l'appréciation du chef de corps. Ce type d'arme est le seul à pouvoir être éventuellement porté par les agents auxiliaires de police, sous la responsabilité du chef de corps et ce, moyennant une formation théorique et pratique préalable. Cette formation, qui doit être équivalente à celle dispensée aux agents de police pour ce type d'armement, se fera sous la forme d'une formation continuée par les écoles de police aux agents auxiliaires de police désignés par leur chef de corps. |
Het ligt voor de hand dat de bepalingen van de omzendbrief POL 26bis | Il va de soi qu'il importe de respecter le prescrit de la circulaire |
van 3 mei 1995 betreffende de bewapening van de gemeentepolitie dienen te worden nageleefd. Het gaat meer bepaald over hoofdstuk II van die omzendbrief : De bewapening, punt E. Traangas en andere neutraliserende middelen en over hoofdstuk III : Basisopleiding en voortgezette opleiding, punt E. Opleiding, onderricht en training met traangas en andere neutraliserende middelen. Anderzijds acht ik het volstrekt noodzakelijk de hulpagent van politie uit te rusten met een draagbare radio. Eveneens wens ik de nadruk te leggen op het feit dat de mogelijkheid, aangeboden aan een hulpagent van politie om, met inachtneming van de hiervoor genoemde voorwaarden, een spuitbus met traangas of enig ander neutraliserend produkt te dragen, niet uitsluit dat er voortdurend aandacht moet worden besteed aan zijn veiligheid en dat de nodige maatregelen moeten worden getroffen om deze te waarborgen, en dit in functie van de hem toegewezen taken, van de plaats en/of de omstandigheden waarin hij deze uitoefent, en van de dienstnoodwendigheden. Zo kan het in sommige gevallen aangewezen zijn dat een hulpagent, zelfs in het bezit van een spuitbus, zijn opdrachten vervult samen met een collega-hulpagent, of dat hij om veiligheidsredenen op sommige plaatsen of tijdstippen niet ingezet wordt. De burgemeester is verantwoordelijk voor een strikte toepassing van wat voorafgaat. In voorkomend geval kan het inzetten van de hulpagenten voor taken waarvoor zij niet bevoegd zijn evenals de niet-naleving van de gebruiksvoorwaarden van traangas door de hulpagenten en van het verbod enige andere bewapening te dragen dan deze spuitbussen, ernstige gevolgen hebben op het vlak van de burgerlijke aansprakelijkheid van de gemeente. » Ik verzoek U, Mevrouw, Mijnheer de Gouverneur, om in het Bestuursmemoriaal de datum aan te geven waarop deze omzendbrief werd bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. De Minister, | POL 26bis du 3 mai 1995 relative à l'armement de la police communale, notamment le chapitre II : L'armement point E. Les gaz lacrymogènes et autres produits incapacitants et le chapitre III : Formation de base et formation continue, point E. Formation, instruction et entraînement aux gaz lacrymogènes et autres produits incapacitants. D'autre part, j'estime indispensable que l'agent auxiliaire de police soit équipé d'une radio portative. Je souhaite aussi insister sur le fait que la possibilité ainsi offerte à un agent auxiliaire de police de pouvoir, moyennant respect des conditions énumérées ci-avant, porter un spray lacrymogène ou tout autre produit incapacitant n'exclut pas qu'il convient d'être toujours attentif à sa sécurité et que les mesures nécessaires doivent être prises afin de la garantir et ce, en fonction des tâches qui lui sont confiées, des lieux et/ou des conditions dans lesquelles il les exerce et des besoins du service. Dans certains cas, il pourrait être indiqué qu'un agent auxiliaire de police même muni d'un spray, exerce ses missions accompagné d'un collègue auxiliaire de police ou que, pour des raisons de sécurité, il ne soit pas amené à les accomplir à certains endroits, ni à certains moments. Le bougmestre est responsable de la stricte application de ce qui précède. Le cas échéant, l'engagement d'agents auxiliaires de police à des tâches pour lesquelles ils ne sont pas compétents ainsi que le non-respect des conditions d'utilisation de sprays par les agents auxiliaires et de l'interdiction de porter un autre armement que ces sprays peuvent entraîner des conséquences graves dans le domaine de la responsabilité civile de la commune. » Je vous prie, Madame, Monsieur le Gouverneur, de bien vouloir mentionner au Mémorial administratif la date à laquelle cette circulaire a été publiée au Moniteur belge. Le Ministre, |
L. Tobback. | L. Tobback. |