← Terug naar "Koninklijk besluit houdende uitvoering van artikel 147, vierde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 voor het aanslagjaar 2025 "
Koninklijk besluit houdende uitvoering van artikel 147, vierde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 voor het aanslagjaar 2025 | Arrêté royal portant exécution de l'article 147, alinéa 4, du Code des impôts sur les revenus 1992 pour l'exercice d'imposition 2025 |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN | SERVICE PUBLIC FEDERAL FINANCES |
25 FEBRUARI 2024. - Koninklijk besluit houdende uitvoering van artikel | 25 FEVRIER 2024. - Arrêté royal portant exécution de l'article 147, |
147, vierde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 voor | alinéa 4, du Code des impôts sur les revenus 1992 pour l'exercice |
het aanslagjaar 2025 | d'imposition 2025 |
VERSLAG AAN DE KONING | RAPPORT AU ROI |
Sire, | Sire, |
Artikel 147, vierde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen | |
1992 (WIB 92) bepaalt dat wanneer voor een bepaald aanslagjaar de | L'article 147, alinéa 4, du Code des impôts sur les revenus 1992 (CIR |
belasting op pensioenen en andere vervangingsinkomsten of op | 92) dispose que, lorsque pour un exercice d'imposition déterminé, |
werkloosheidsuitkeringen na toepassing van de basisvermindering en de | l'impôt sur les pensions et autres revenus de remplacement ou sur les |
aanvullende vermindering voor pensioenen en vervangingsinkomsten of | allocations de chômage après application de la réduction de base et la |
voor werkloosheidsuitkeringen niet tot nul is teruggebracht voor een | réduction additionnelle pour pensions et revenus de remplacement ou |
belastingplichtige met een belastbaar inkomen dat gelijk is aan 10.160 | pour allocations de chômage n'est pas ramené à zéro pour un |
euro (basisbedrag) en uitsluitend bestaat uit pensioenen en andere | contribuable avec un revenu imposable égal à 10.160 euros (montant de |
vervangingsinkomsten of werkloosheidsuitkeringen, de Koning het bedrag | base) et composé exclusivement de pensions et autres revenus de |
van de aanvullende vermindering verhoogt tot het bedrag dat nodig is | remplacement ou d'allocations de chômage, le Roi augmente le montant |
om de belasting alsnog tot nul terug te brengen. | de la réduction additionnelle jusqu'au montant requis pour ramener cet impôt à zéro. |
Voor het aanslagjaar 2025 is het bedrag van de basisvermindering voor | Pour l'exercice d'imposition 2025, le montant de la réduction de base |
pensioenen en andere vervangingsinkomsten en van de basisvermindering | pour pensions et autres revenus de remplacement et de la réduction de |
voor werkloosheidsuitkeringen gelijk aan 2.151,72 euro (basisbedrag: | base pour allocations de chômage est égal à 2.151,72 euros (montant de |
1.148,93 euro) en het bedrag van de aanvullende vermindering gelijk | base : 1.148,93 euros) et le montant de la réduction additionnelle est |
aan 442,69 euro (basisbedrag: 236,38 euro). Het in artikel 147, vierde | égal à 442,69 euros (montant de base : 236,38 euros). Le montant du |
lid, WIB 92 vermelde bedrag van het belastbare inkomen is voor het | revenu imposable visé à l'article 147, alinéa 4, CIR 92, est égal à |
aanslagjaar 2025 gelijk aan 19.030 euro. De basisbelasting op dat | 19.030 euros pour l'exercice d'imposition 2025. L'impôt de base sur ce |
inkomen bedraagt (15.820 x 25 pct.) + ((19.030 - 15.820) x 40 pct.) of | revenu s'élève à (15.820 x 25 p.c.) + ((19.030 - 15.820) x 40 p.c.), |
3.955 + 1.284 = 5.239 euro. Voor aanslagjaar 2025 bedraagt het bedrag | soit 3.955 + 1.284 = 5.239 euros. Pour l'exercice d'imposition 2025, |
van de belastingvrije som 10.570 euro. De basisbelasting wordt zo | la quotité du revenu exemptée d'impôt s'élève à 10.570 euros. L'impôt |
verminderd met 2.642,50 euro (10.570 euro x 25 pct.) tot 2.596,50 euro | de base est ainsi réduit de 2.642,50 euros (10.570 x 25 p.c.) jusqu'à |
(om te slane belasting). De som van de basisvermindering en de | atteindre 2.596,50 euros (impôt à repartir). La somme de la réduction |
aanvullende vermindering voor pensioenen en andere | de base et de la réduction additionnelle pour pensions et autres |
vervangingsinkomsten of van de basisvermindering en de aanvullende | revenus de remplacement ou de la réduction de base et de la réduction |
vermindering voor werkloosheidsuitkeringen, i.c. 2.151,72 + 442,69 = | additionnelle pour allocations de chômage, à savoir 2.151,72 + 442,69 |
2.594,41 euro, volstaat net niet om het bedrag van de verschuldigde | = 2.594,41 euros, ne suffit pas encore à ramener à zéro l'impôt dû |
belasting na toepassing van de verminderingen voor pensioenen en | après application des réductions pour pensions et autres revenus de |
andere vervangingsinkomsten of voor werkloosheidsuitkeringen op nul te | remplacement ou pour allocations de chômage. Conformément à l'article |
brengen. Overeenkomstig artikel 147, vierde lid, WIB 92 moet het | 147, alinéa 4, CIR 92, le montant indexé de la réduction additionnelle |
geïndexeerde bedrag van de aanvullende vermindering voor pensioenen en | pour pensions et autres revenus de remplacement et de la réduction |
andere vervangingsinkomsten en van de aanvullende vermindering voor | additionnelle pour allocations de chômage doit par conséquent être |
werkloosheidsuitkeringen derhalve voor het aanslagjaar 2025 met 2,09 | majoré de 2,09 euros pour l'exercice d'imposition 2025, à 444,78 |
euro worden verhoogd tot 444,78 euro. Dit besluit geeft hieraan | euros. Le présent arrêté en donne exécution. |
uitvoering. Het in artikel 147, eerste lid, 1°, en 7°, WIB 92 vermelde basisbedrag | Le montant de base de la réduction additionnelle mentionné à l'article |
van de aanvullende vermindering wordt geïndexeerd aan de hand van de | 147, alinéa 1er, 1°, et 7°, CIR 92, est indexé à l'aide du coefficient |
coëfficiënt als bedoeld in artikel 178, § 3, derde lid, 2°, WIB 92 en | visé à l'article 178, § 3, alinéa 3, 2°, CIR 92, et arrondi, après |
na toepassing van de indexeringscoëfficiënt afgerond tot de hogere of | application du coefficient d'indexation, au cent supérieur ou |
lagere cent naargelang het cijfer van de duizendsten al dan niet 5 | inférieur selon que le chiffre des millièmes atteigne ou non 5 |
bereikt (artikel 178, § 2, derde lid, WIB 92). De in artikel 178, § 3, | (article 178, § 2, alinéa 3, CIR 92). Pour l'exercice d'imposition |
derde lid, 2°, WIB 92 bedoelde indexeringscoëfficiënt is voor het | 2025, le coefficient d'indexation visé à l'article 178, § 3, alinéa 3, |
aanslagjaar 2025 gelijk aan 1,7988. Om tot een geïndexeerd bedrag van | 2°, CIR 92, est égal à 1,7988. Afin d'arriver à un montant indexé de |
444,78 euro te komen, moet het basisbedrag van 236,38 euro worden | 444,78 euros, le montant de base doit être augmenté de 236,38 euros à |
verhoogd tot 237,495 euro. | 237,495 euros. |
Conformément à l'article 147, alinéa 4, dernière phrase, CIR 92, le | |
Het nieuwe basisbedrag van 237,495 euro geldt overeenkomstig artikel | nouveau montant de base de 237,495 euros ne vaut que pour l'exercice |
147, vierde lid, laatste zin, WIB 92 enkel voor het aanslagjaar 2025. | d'imposition 2025. |
Dit is, Sire, de draagwijdte van het besluit dat U wordt voorgelegd. | Telle est, Sire, la portée de l'arrêté qui Vous est soumis. |
Ik heb de eer te zijn, | J'ai l'honneur d'être, |
Sire, | Sire, |
Van Uwe Majesteit, | de Votre Majesté |
de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, | le très respectueux et très fidèle serviteur, |
De Minister van Financiën, | Le Ministre des Finances, |
V. VAN PETEGHEM | V. VAN PETEGHEM |
25 FEBRUARI 2024. - Koninklijk besluit houdende uitvoering van artikel | 25 FEVRIER 2024. - Arrêté royal portant exécution de l'article 147, |
147, vierde lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 voor | alinéa 4, du Code des impôts sur les revenus 1992 pour l'exercice |
het aanslagjaar 2025 | d'imposition 2025 |
FILIP, Koning der Belgen, | PHILIPPE, Roi des Belges, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | A tous, présents et à venir, Salut. |
Gelet op het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel 147, | Vu le Code des impôts sur les revenus 1992, l'article 147, alinéa 4, |
vierde lid, ingevoegd bij de wet van 23 maart 2019 en gewijzigd bij de | inséré par la loi du 23 mars 2019 et modifié par la loi du 17 mars |
wet van 17 maart 2022; | 2022 ; |
Gelet op het KB/WIB 92; | Vu l'AR/CIR 92 ; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 11 | Vu l'avis de l'Inspecteur des Finances, donné le 11 janvier 2024 ; |
januari 2024; Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, d.d. 13 februari 2024; | Vu l'accord de la Secrétaire d'Etat au Budget, donné le 13 février |
Gelet op de adviesaanvraag aan de Raad van State binnen een termijn | 2024 ; |
van 30 dagen, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van | Vu la demande d'avis au Conseil d'Etat dans un délai de 30 jours, en |
application de l'article 84, § 1er, alinéa 1er, 2°, des lois sur le | |
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | Conseil d'Etat, coordonnées le 12 janvier 1973 ; |
Overwegende dat de adviesaanvraag is ingeschreven op 14 februari 2024 | Considérant que la demande d'avis a été inscrite le 14 février 2024 au |
op de rol van de afdeling Wetgeving van de Raad van State onder het | rôle de la section de législation du Conseil d'Etat sous le numéro |
nummer 75.644/3; | 75.644/3 ; |
Gelet op de beslissing van de afdeling Wetgeving van 16 februari 2024 | Vu la décision de la section de législation du 16 février 2024 de ne |
om binnen de gevraagde termijn geen advies te verlenen, met toepassing | |
van artikel 84, § 5, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd | pas donner d'avis dans le délai demandé, en application de l'article |
op 12 januari 1973; | 84, § 5, des lois sur le Conseil d'Etat, coordonnées le 12 janvier |
Op voordracht van de minister van Financiën, | 1973 ; Sur proposition du ministre des Finances, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Nous avons arrêté et arrêtons : |
Artikel 1.Artikel 6318/18, enig lid, van het KB/WIB 92, ingevoegd bij |
Article 1er.L'article 6318/18, alinéa unique, de l'AR/CIR 92, inséré |
het koninklijk besluit van 28 juni 2019, vervangen bij het koninklijk | par l'arrêté royal du 28 juin 2019, remplacé par l'arrêté royal du 2 |
besluit van 2 mei 2021 en gewijzigd bij de koninklijk besluiten van 6 | mai 2021 et modifié par les arrêtés royaux des 6 juin 2022 et 25 avril |
juni 2022 en 25 april 2023, wordt aangevuld met een bepaling onder een | 2023, est complété par un cinquième tiret, rédigé comme suit : |
vijfde streepje, luidende: "- voor het aanslagjaar 2025: 237,495 euro.". | "- pour l'exercice d'imposition 2025: 237,495 euros.". |
Art. 2.Dit besluit is van toepassing vanaf aanslagjaar 2025. |
Art. 2.Le présent arrêté est applicable à partir de l'exercice |
d'imposition 2025. | |
Art. 3.De minister die bevoegd is voor Financiën, is belast met de |
Art. 3.Le ministre qui a les Finances dans ses attributions, est |
uitvoering van dit besluit. | chargé de l'exécution du présent arrêté. |
Gegeven te Brussel, 25 februari 2024. | Donné à Bruxelles, le 25 février 2024. |
FILIP | PHILIPPE |
Van Koningswege : | Par le Roi : |
De Minister van Financiën, | Le Ministre des Finances, |
V. VAN PETEGHEM | V. VAN PETEGHEM |