Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 13/10/2020
← Terug naar "Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 2020 van het bedrag van de repartitiebijdrage en tot vaststelling van het jaarlijks minimumbedrag van de repartitiebijdrage voor de jaren 2020, 2021 en 2022, zoals bedoeld in artikel 14, § 8, zestiende lid, van de wet van 11 april 2003 betreffende de voorzieningen aangelegd voor de ontmanteling van de kerncentrales en voor het beheer van splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales "
Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 2020 van het bedrag van de repartitiebijdrage en tot vaststelling van het jaarlijks minimumbedrag van de repartitiebijdrage voor de jaren 2020, 2021 en 2022, zoals bedoeld in artikel 14, § 8, zestiende lid, van de wet van 11 april 2003 betreffende de voorzieningen aangelegd voor de ontmanteling van de kerncentrales en voor het beheer van splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales Arrêté royal fixant pour l'année 2020 le montant de la contribution de répartition et fixant le montant minimal annuel pour les années 2020, 2021 et 2022 de la contribution de répartition, visé à l'article 14, § 8, alinéa 16, de la loi du 11 avril 2003 sur les provisions constituées pour le démantèlement des centrales nucléaires et pour la gestion des matières fissiles irradiées dans ces centrales
FEDERALE OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE SERVICE PUBLIC FEDERAL ECONOMIE, P.M.E., CLASSES MOYENNES ET ENERGIE
13 OKTOBER 2020. - Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 13 OCTOBRE 2020. - Arrêté royal fixant pour l'année 2020 le montant de
2020 van het bedrag van de repartitiebijdrage en tot vaststelling van la contribution de répartition et fixant le montant minimal annuel
het jaarlijks minimumbedrag van de repartitiebijdrage voor de jaren pour les années 2020, 2021 et 2022 de la contribution de répartition,
2020, 2021 en 2022, zoals bedoeld in artikel 14, § 8, zestiende lid,
van de wet van 11 april 2003 betreffende de voorzieningen aangelegd visé à l'article 14, § 8, alinéa 16, de la loi du 11 avril 2003 sur
voor de ontmanteling van de kerncentrales en voor het beheer van les provisions constituées pour le démantèlement des centrales
splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales nucléaires et pour la gestion des matières fissiles irradiées dans ces centrales
FILIP, Koning der Belgen, PHILIPPE, Roi des Belges,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. A tous, présents et à venir, Salut.
Gelet op de wet van 11 april 2003 betreffende de voorzieningen Vu la loi du 11 avril 2003 sur les provisions constituées pour le
aangelegd voor de ontmanteling van de kerncentrales en voor het beheer démantèlement des centrales nucléaires et pour la gestion des matières
van splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales, artikel 14, § 8, fissiles irradiées dans ces centrales, l'article 14, § 8, alinéa 30,
dertigste lid, ingevoegd bij de wet van 25 december 2016; inséré par la loi du 25 décembre 2016 ;
Gelet op de beslissing (B)2078 van de Commissie voor de Regulering van Vu la décision (B)2078 de la Commission de Régulation de l'Electricité
de Elektriciteit en het Gas meegedeeld aan de Algemene Directie et du Gaz communiquée à la Direction Générale de l'Energie du Service
Energie van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand Public Fédéral Economie, P.M.E., Classes Moyennes et Energie relative
en Energie betreffende de vastlegging van de vaste en variabele kosten
voor de centrales onderworpen aan de repartitiebijdrage (Doel 3, Doel à la fixation des coûts fixes et variables des centrales soumises à la
4, Tihange 2 en Tihange 3) toe te passen voor de jaren 2020, 2021 en contribution de répartition (Doel 3, Doel 4, Tihange 2 et Tihange 3) à
2022, gegeven op 25 juni 2020; appliquer pour les années 2020, 2021 et 2022, donné le 25 juin 2020 ;
Gelet op het advies (A)2083 van de Commissie voor de Regulering van de Vu l'avis (A)2083 de la Commission de Régulation de l'Electricité et
Elektriciteit en het Gas aan de Algemene Directie Energie van de du Gaz à la Direction Générale de l'Energie du Service Public Fédéral
Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie Economie, P.M.E., Classes Moyennes et Energie relatif à la marge de
betreffende de winstmarge van de industriële productie van profitabilité de la production industrielle d'électricité par fission
elektriciteit door splijting van kernbrandstoffen door de centrales de combustibles nucléaires par les centrales soumises à la
onderworpen aan de repartitiebijdrage (Doel 3, Doel 4, Tihange 2 en contribution de répartition (Doel 3, Doel 4, Tihange 2 et Tihange 3)
Tihange 3) voor het jaar 2019, gegeven op 25 juni 2020; pour l'année 2019, donné le 25 juin 2020 ;
Gelet op het advies (A)2109 van de Commissie voor de Regulering van de Vu l'avis (A)2109 de la Commission de Régulation de l'Electricité et
Elektriciteit en het Gas aan de Algemene Directie Energie van de du Gaz à la Direction Générale de l'Energie du Service Public Fédéral
Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie Economie, P.M.E., Classes Moyennes et Energie relatif à la
betreffende de bepaling van het jaarlijks minimumbedrag van de détermination du montant minimal annuel de la contribution de
repartitiebijdrage, van toepassing voor een periode van drie jaar, répartition, applicable pour une période de trois ans, soit les années
zijnde de jaren 2020, 2021 en 2022, gegeven op 17 juli 2020; 2020, 2021 et 2022, donné le 17 juillet 2020 ;
Gelet op het voorstel E2-N-2020-000950 van de Algemene Directie Vu la proposition E2-F-2020-000950 de la Direction Générale de
Energie van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand l'Energie du Service Public Fédéral Economie, P.M.E., Classes Moyennes
en Energie aan de minister bevoegd voor Energie teneinde de et Energie au ministre ayant l'Energie dans ses attributions afin de
vaststelling van de repartitiebijdrage voor het jaar 2020 mogelijk te permettre la détermination du montant de la contribution de
maken, van 31 augustus 2020; répartition pour l'année 2020, du 31 août 2020 ;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 10 september 2020; Vu l'avis de l'Inspecteur des finances, donné le 10 septembre 2020 ;
Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, Vu l'accord de la Secrétaire d'Etat au Budget, donné le 9 octobre 2020
d.d. 9 oktober 2020; Overwegende dat voor het jaar 2020 het driejaarlijks kredietmechanisme ; Considérant que, pour l'année 2020, le mécanisme de crédit triennal de
van de repartitiebijdrage voorzien in artikel 14, § 8, twintigste lid, contribution prévu à l'article 14, § 8, alinéa 20, de la loi du 11
van de wet van 11 april 2003 betreffende de voorzieningen aangelegd avril 2003 sur les provisions constituées pour le démantèlement des
voor de ontmanteling van de kerncentrales en voor het beheer van centrales nucléaires et pour la gestion des matières fissiles
splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales, niet van toepassing is; irradiées dans ces centrales n'est pas d'application ;
Overwegende dat het jaarlijks minimumbedrag voor de jaren 2020, 2021 Considérant que doit être fixé pour les années 2020, 2021 et 2022, le
en 2022 van de repartiebijdrage bedoeld in artikel 14, § 8, zestiende montant minimal annuel de la contribution de répartition visé à
lid, van de wet van 11 april 2003 betreffende de voorzieningen l'article 14, § 8, alinéa 16, de la loi du 11 avril 2003 sur les
aangelegd voor de ontmanteling van de kerncentrales en voor het beheer provisions constituées pour le démantèlement des centrales nucléaires
van splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales, moet vastgelegd et pour la gestion des matières fissiles irradiées dans ces centrales
worden; ;
Overwegende dat de winstmarge van de kerncentrales voor het jaar 2019, Considérant que la marge de profitabilité des centrales nucléaires
zoals bedoeld in artikel 14, § 8, zestiende lid, van de wet van 11 pour l'année 2019, telle que visée à l'article 14, § 8, alinéa 16, de
april 2003 betreffende de voorzieningen aangelegd voor de ontmanteling la loi du 11 avril 2003 sur les provisions constituées pour le
van de kerncentrales en voor het beheer van splijtstoffen bestraald in démantèlement des centrales nucléaires et pour la gestion des matières
fissiles irradiées dans ces centrales, telle qu'évaluée dans l'avis
deze kerncentrales, zoals beoordeeld in het Advies (A)2083 van de (A)2083 de la Commission de Régulation de l'Electricité et du Gaz du
Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas van 25 25 juin 2020, est fixée à 111.597.029,37 euros ;
juni 2020, wordt op 111.597.029,37 euro bepaald;
Overwegende dat het bedrag dat overeenstemt met 38% van de winstmarge Considérant que le montant correspondant à 38% de la marge de
van de kerncentrales voor het jaar 2019, zoals bedoeld in artikel 14, profitabilité des centrales nucléaires pour l'année 2019, tel que visé
§ 8, zestiende lid, van de wet van 11 april 2003 betreffende de à l'article 14, § 8, alinéa 16, de la loi du 11 avril 2003 sur les
voorzieningen aangelegd voor de ontmanteling van de kerncentrales en provisions constituées pour le démantèlement des centrales nucléaires
voor het beheer van splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales, et pour la gestion des matières fissiles irradiées dans ces centrales,
wordt op 42.406.871,16 euro bepaald; est de 42.406.871,16 euros ;
Overwegende dat de kerncentrales Doel 3, Doel 4, Tihange 2 en Tihange Considérant que les centrales nucléaires Doel 3, Doel 4, Tihange 2 et
3 in de loop van het jaar 2019 niet definitief of tijdelijk zijn Tihange 3 n'ont pas au cours de l'année 2019 fait l'objet d'un arrêt
stilgelegd op bevel van de overheid, zoals bedoeld in artikel 14, § 8, définitif ou temporaire imposé par les autorités publiques, tel que
negentiende lid, van de wet van 11 april 2003 betreffende de visé à l'article 14, § 8, alinéa 19, de la loi du 11 avril 2003 sur
voorzieningen aangelegd voor de ontmanteling van de kerncentrales en les provisions constituées pour le démantèlement des centrales
voor het beheer van splijtstoffen bestraald in deze kerncentrales; nucléaires et pour la gestion des matières fissiles irradiées dans ces
Overwegende dat de industriële elektriciteitsproductie door splijting centrales ; Considérant que la production d'électricité industrielle par fission
van kernbrandstoffen van de kerncentrales Doel 3, Doel 4, Tihange 2 en de combustible nucléaire à partir des centrales nucléaires Doel 3,
Tihange 3 voor het jaar 2019 in totaal 28.511.411,00 Megawattuur Doel 4, Tihange 2 et Tihange 3 pour l'année 2019 s'élève à un total de
bedraagt, verdeeld over: 28.511.411,00 Mégawattheure, réparti à concurrence de :
1° 25.605.242,88 Megawattuur voor de nv ELECTRABEL, met 1° 25.605.242,88 Mégawattheure pour la S.A. ELECTRABEL, dont le numéro
ondernemingsnummer 0403.170.701 en met maatschappelijke zetel d'entreprise est 0403.170.701 et le siège social est situé à Boulevard
gevestigd te Simon Bolivarlaan 34 te 1000 Brussel; Simon Bolivar 34, 1000 Bruxelles ;
2° 2.906.168,12 Megawattuur voor de nv Luminus, met ondernemingsnummer 2° 2.906.168,12 Mégawattheure pour la S.A. Luminus, dont le numéro
0471.811.661 en met maatschappelijke zetel gevestigd te Koning Albert d'entreprise est 0471.811.661 et le siège social est situé à Boulevard
II-laan 7 te 1210 Brussel; du Roi Albert II 7, 1210 Bruxelles ;
Overwegende dat de bedragen van de repartitiebijdrage verminderd Considérant que les montants de la contribution de répartition sont
worden door toepassing van het degressiviteitsmechanisme, met réduits par application du mécanisme de dégressivité, en application
toepassing van artikel 14, § 8, eenentwintigste lid, van de wet van 11 l'article 14, § 8, alinéa 21, de la loi du 11 avril 2003 sur les
april 2003 betreffende de voorzieningen aangelegd voor de ontmanteling provisions constituées pour le démantèlement des centrales nucléaires
van de kerncentrales en voor het beheer van splijtstoffen bestraald in et pour la gestion des matières fissiles irradiées dans ces centrales
deze kerncentrales; ;
Overwegende het advies 62.250/3 van de Raad van State, gegeven op 13 Considérant l'avis 62.250/3 du Conseil d'Etat, donné le 13 octobre
oktober 2017; 2017;
Overwegende dat dit besluit geacht wordt nooit uitwerking te hebben Considérant que le présent arrêté est réputé n'avoir jamais produit
gehad indien het niet door een wet bevestigd wordt binnen de 12 d'effets s'il n'est pas confirmé par une loi dans les 12 mois de son
maanden na de inwerkingtreding ervan; entrée en vigueur ;
Op de voordracht van de Minister van Energie, Sur la proposition de la Ministre de l'Energie,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Nous avons arrêté et arrêtons :

Artikel 1.Het minimumbedrag van toepassing in de periode 2020, 2021

Article 1er.Le montant minimal applicable pour la période 2020, 2021

en 2022 wordt vastgelegd op 84.787.986,00 euro. et 2022 est fixé à 84.787.986,00 euros.

Art. 2.Het bedrag van de repartitiebijdrage voor het jaar 2020 wordt

Art. 2.Le montant de la contribution de répartition pour l'année 2020

bepaald op 84.787.986 euro. est fixé à 84.787.986 euros.

Art. 3.Het bedrag van de individuele repartitiebijdrage voor het jaar

Art. 3.Le montant de la contribution de répartition individuelle pour

2020 ten laste van de nv ELECTRABEL, met ondernemingsnummer l'année 2020 à charge de la S.A. ELECTRABEL, dont le numéro
0403.170.701 en met maatschappelijke zetel gevestigd te Simon d'entreprise est 0403.170.701 et le siège social est situé à Boulevard
Bolivarlaan 34 te 1000 Brussel, wordt bepaald op 76.145.546,59 euro. Simon Bolivar 34, 1000 Bruxelles, est fixé à 76.145.546,59 euros.
De vermindering toegekend aan de nv ELECTRABEL, met ondernemingsnummer La réduction accordée à la société ELECTRABEL SA, numéro d'entreprise
0403.170.701 en met maatschappelijke zetel gevestigd te Simon 0403.170.701, siège social situé Boulevard Simon Bolivar 34, 1000
Bolivarlaan 34 te 1000 Brussel, uit hoofde van het Bruxelles, en vertu du mécanisme de dégressivité, est fixée à
degressiviteitsmechanisme, wordt bepaald op 8.054.858,67 euro. 8.054.858,67 euros. Le montant de la contribution de répartition individuelle pour l'année
Het bedrag van de individuele repartitiebijdrage voor het jaar 2020 2020 à charge de la société ELECTRABEL SA, numéro d'entreprise
ten laste van de nv ELECTRABEL, met ondernemingsnummer 0403.170.701 en
met maatschappelijke zetel gevestigd te Simon Bolivarlaan 34 te 1000 0403.170.701, siège social situé Boulevard Simon Bolivar 34, 1000
Brussel, na toepassing van het degressiviteitsmechanisme, wordt Bruxelles, après application du mécanisme de dégressivité, est fixé à
bepaald op 68.090.687,92 euro. 68.090.687,92 euros.

Art. 4.Het bedrag van de individuele repartitiebijdrage voor het jaar

Art. 4.Le montant de la contribution de répartition individuelle pour

2020 ten laste van de nv Luminus, met ondernemingsnummer 0471.811.661 l'année 2020 à charge de la S.A. Luminus, dont le numéro d'entreprise
en met maatschappelijke zetel gevestigd te Koning Albert II-laan 7, est 0471.811.661 et le siège social est situé à Boulevard Roi Albert
1210 Brussel, wordt bepaald op 8.642.439,41 euro. II 7, 1210 Bruxelles, est fixé à 8.642.439,41 euros.
De vermindering toegekend aan de nv Luminus, met ondernemingsnummer La réduction accordée à la S.A. Luminus, dont le numéro d'entreprise
0471.811.661 en met maatschappelijke zetel gevestigd te Koning Albert est 0471.811.661 et le siège social est situé à Boulevard Roi Albert
II-laan 7, 1210 Brussel, uit hoofde van het degressiviteitsmechanisme, II 7, 1210 Bruxelles, en vertu du mécanisme de dégressivité, est fixée
wordt bepaald op 4.704.249,42 euro. à 4.704.249,42 euros.
Le montant de la contribution de répartition individuelle pour l'année
Het bedrag van de individuele repartitiebijdrage voor het jaar 2020 2020 à charge de la S.A. Luminus, dont le numéro d'entreprise est
ten laste van de nv Luminus, met ondernemingsnummer 0471.811.661 en 0471.811.661 et le siège social est situé à Boulevard Roi Albert II 7,
met maatschappelijke zetel gevestigd te Koning Albert II-laan 7, 1210 1210 Bruxelles, après application du mécanisme de dégressivité, est
Brussel, na toepassing van het degressiviteitsmechanisme, wordt
bepaald op 3.938.189,99 euro. fixé à 3.938.189,99 euros.

Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 15 december 2020.

Art. 5.Le présent arrêté entre en vigueur le 15 décembre 2020.

Art. 6.De minister bevoegd voor Energie is belast met de uitvoering

Art. 6.Le ministre ayant l'Energie dans ses attributions est chargé

van dit besluit. de l'exécution du présent arrêté.
Gegeven te Brussel, 13 oktober 2020. Donné à Bruxelles, le 13 octobre 2020.
FILIP PHILIPPE
Van Koningswege : Par le Roi :
De Minister van Energie, La Ministre de l'Energie,
T. VAN DER STRAETEN T. VAN DER STRAETEN
^