Decreet betreffende de toekenning van een fiscaal voordeel voor de aankoop van de eigen woning : de "Chèque Habitat". - Errata | Décret relatif à l'octroi d'un avantage fiscal pour l'acquisition de l'habitation propre : le Chèque Habitat. - Errata |
---|---|
WAALSE OVERHEIDSDIENST 20 JULI 2016. - Decreet betreffende de toekenning van een fiscaal voordeel voor de aankoop van de eigen woning : de "Chèque Habitat". - Errata In de Nederlandse vertaling van bovenvermeld decreet, bekendgemaakt in | SERVICE PUBLIC DE WALLONIE 20 JUILLET 2016. - Décret relatif à l'octroi d'un avantage fiscal pour l'acquisition de l'habitation propre : le Chèque Habitat. - Errata Dans la traduction néerlandaise du décret susmentionné, publié au |
het Belgisch Staatsblad van 10 augustus 2016, dienen de artikelen 6, | Moniteur belge du 10 août 2016, les articles 6, 16, 17 et 18 doivent |
16, 17 en 18 vervangen te worden door onderstaande tekst : | être remplacés par le texte mentionné ci-dessous. |
« Art. 6.In artikel 145/46 van hetzelfde Wetboek worden de volgende |
« Art. 6.In artikel 145/46 van hetzelfde Wetboek worden de volgende |
wijzigingen aangebracht : | wijzigingen aangebracht : |
1° in paragraaf 1 wordt het eerste streepje vervangen door wat volgt : | 1° in paragraaf 1 wordt het eerste streepje vervangen door wat volgt : |
« - tussen 1 januari 2005 en 31 december 2013 een hypothecaire lening | « - tussen 1 januari 2005 en 31 december 2013 een hypothecaire lening |
heeft gesloten om een woning te verwerven of te behouden, terwijl er | heeft gesloten om een woning te verwerven of te behouden, terwijl er |
voor diezelfde woning nog een lening was die in aanmerking kwam voor | voor diezelfde woning nog een lening was die in aanmerking kwam voor |
de gewone aftrek van interesten, voor het bouwsparen of voor de aftrek | de gewone aftrek van interesten, voor het bouwsparen of voor de aftrek |
voor interesten van hypothecaire leningen bij toepassing van artikel | voor interesten van hypothecaire leningen bij toepassing van artikel |
526, § 1 en § 2, zoals het bestond voordat het werd gewijzigd door | 526, § 1 en § 2, zoals het bestond voordat het werd gewijzigd door |
artikel 101 van de wet van 8 mei 2014 en »; | artikel 101 van de wet van 8 mei 2014 en »; |
2° in paragraaf 2 wordt het eerste streepje vervangen door wat volgt : | 2° in paragraaf 2 wordt het eerste streepje vervangen door wat volgt : |
« - een hypothecaire lening sluit voor het verwerven of behouden van | « - een hypothecaire lening sluit voor het verwerven of behouden van |
een in artikel 145/38, § 1, eerste lid, 1°, vermelde woning, terwijl | een in artikel 145/38, § 1, eerste lid, 1°, vermelde woning, terwijl |
er voor diezelfde woning nog een lening is die in aanmerking komt voor | er voor diezelfde woning nog een lening is die in aanmerking komt voor |
de toepassing van de artikelen 145/41, § 1, tweede lid, 3°, 145/42, § | de toepassing van de artikelen 145/41, § 1, tweede lid, 3°, 145/42, § |
1, tweede lid, 2°, 145/43 of 145/45 of voor de vermindering voor het | 1, tweede lid, 2°, 145/43 of 145/45 of voor de vermindering voor het |
bouwsparen of de vermindering voor interesten van hypothecaire | bouwsparen of de vermindering voor interesten van hypothecaire |
leningen bij toepassing van artikel 526, en ». | leningen bij toepassing van artikel 526, en ». |
Art. 16.In artikel 14546bis van het Wetboek van Inkomstenbelastingen |
Art. 16.In artikel 14546bis van het Wetboek van Inkomstenbelastingen |
1992, ingevoegd bij het begrotingsdecreet van 17 december 2015, worden | 1992, ingevoegd bij het begrotingsdecreet van 17 december 2015, worden |
volgende wijzigingen ingevoerd : | volgende wijzigingen ingevoerd : |
1° het enig lid wordt vervangen als volgt : | 1° het enig lid wordt vervangen als volgt : |
« Elke handeling gesteld of gesloten vanaf 1 november 2015, die tot | « Elke handeling gesteld of gesloten vanaf 1 november 2015, die tot |
doel of tot gevolg heeft de verlenging van de duur waarin de | doel of tot gevolg heeft de verlenging van de duur waarin de |
belastingverminderingen of -kredieten bedoeld in de artikelen 145/37 | belastingverminderingen of -kredieten bedoeld in de artikelen 145/37 |
tot 145/46 zoals ze bestaan op 1 november 2015, kunnen verkregen | tot 145/46 zoals ze bestaan op 1 november 2015, kunnen verkregen |
worden in verhouding tot de contractueel voorziene duur voor het | worden in verhouding tot de contractueel voorziene duur voor het |
voordeel van deze verminderingen en belastingkredieten, zoals | voordeel van deze verminderingen en belastingkredieten, zoals |
opgesteld op 1 november 2015, wordt niet tegengeworpen aan het Bestuur | opgesteld op 1 november 2015, wordt niet tegengeworpen aan het Bestuur |
der directe belastingen voor zover deze handeling de bedoelde duur | der directe belastingen voor zover deze handeling de bedoelde duur |
verlengt. »; | verlengt. »; |
2° artikel 14546bis wordt aangevuld met een tweede lid luidend als | 2° artikel 14546bis wordt aangevuld met een tweede lid luidend als |
volgt: | volgt: |
« Onverminderd lid 1 kan elke handeling gesteld of gesloten vanaf 1 | « Onverminderd lid 1 kan elke handeling gesteld of gesloten vanaf 1 |
januari 2016, die tot doel of tot gevolg heeft de verlenging van de | januari 2016, die tot doel of tot gevolg heeft de verlenging van de |
duur waarin de belastingverminderingen of -kredieten bedoeld in de | duur waarin de belastingverminderingen of -kredieten bedoeld in de |
artikelen 145/37 tot 145/46 zoals ze bestaan op 1 januari 2016, kunnen | artikelen 145/37 tot 145/46 zoals ze bestaan op 1 januari 2016, kunnen |
verkregen worden in verhouding tot de contractuele voorziene duur voor | verkregen worden in verhouding tot de contractuele voorziene duur voor |
het voordeel van deze verminderingen en belastingkredieten, zoals | het voordeel van deze verminderingen en belastingkredieten, zoals |
opgesteld op 1 januari 2016, wordt niet tegengeworpen aan het Bestuur | opgesteld op 1 januari 2016, wordt niet tegengeworpen aan het Bestuur |
der directe belastingen voor zover deze handeling de bedoelde duur | der directe belastingen voor zover deze handeling de bedoelde duur |
verlengt. ». | verlengt. ». |
Art. 17.In titel II, Hoofdstuk III, afdeling 1, onderafdeling 2 |
Art. 17.In titel II, Hoofdstuk III, afdeling 1, onderafdeling 2 |
octodecies van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 14546ter | octodecies van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 14546ter |
ingevoegd, luidend als volgt : | ingevoegd, luidend als volgt : |
« Art. 14546ter.§ 1. Er wordt een forfaitaire en individuele |
« Art. 14546ter.§ 1. Er wordt een forfaitaire en individuele |
belastingvermindering toegekend, "Chèque Habitat" (Woonchèque) | belastingvermindering toegekend, "Chèque Habitat" (Woonchèque) |
genaamd, voor de volgende tijdens de belastbare periode betaalde | genaamd, voor de volgende tijdens de belastbare periode betaalde |
bestedingen : | bestedingen : |
1° de intresten en de betalingen aangewend voor de aflossing of de | 1° de intresten en de betalingen aangewend voor de aflossing of de |
wedersamenstelling van een hypothecaire lening die specifiek is | wedersamenstelling van een hypothecaire lening die specifiek is |
aangegaan om een enige woning te verwerven; | aangegaan om een enige woning te verwerven; |
2° de bijdragen voor een aanvullende verzekering tegen ouderdom en | 2° de bijdragen voor een aanvullende verzekering tegen ouderdom en |
vroegtijdig overlijden die de belastingplichtige definitief heeft | vroegtijdig overlijden die de belastingplichtige definitief heeft |
betaald om een rente of een kapitaal te vestigen bij leven of bij | betaald om een rente of een kapitaal te vestigen bij leven of bij |
overlijden ter uitvoering van een levensverzekeringscontract dat hij | overlijden ter uitvoering van een levensverzekeringscontract dat hij |
individueel gesloten heeft en dat uitsluitend dient voor de | individueel gesloten heeft en dat uitsluitend dient voor de |
wedersamenstelling of de waarborg van een dergelijke hypothecaire | wedersamenstelling of de waarborg van een dergelijke hypothecaire |
lening. | lening. |
De intresten, betalingen en bijdragen bedoeld in lid 1 komen enkel in | De intresten, betalingen en bijdragen bedoeld in lid 1 komen enkel in |
aanmerking voor de vermindering wanneer de woning waarvoor die | aanmerking voor de vermindering wanneer de woning waarvoor die |
bestedingen zijn verricht, de eigen woning van de belastingplichtige | bestedingen zijn verricht, de eigen woning van de belastingplichtige |
is op het ogenblik waarop die bestedingen zijn verricht. | is op het ogenblik waarop die bestedingen zijn verricht. |
§ 2. Het bedrag van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1 | § 2. Het bedrag van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1 |
wordt voor elke belastingplichtige en voor elk aanslagjaar als volgt | wordt voor elke belastingplichtige en voor elk aanslagjaar als volgt |
berekend: | berekend: |
1° wanneer het belastbaar inkomen van het belastbaar tijdperk 21.000 | 1° wanneer het belastbaar inkomen van het belastbaar tijdperk 21.000 |
euro niet overschrijdt, is de belastingvermindering gelijk aan 1.520 | euro niet overschrijdt, is de belastingvermindering gelijk aan 1.520 |
euro; | euro; |
2° wanneer het belastbaar inkomen van het belastbaar tijdperk hoger is | 2° wanneer het belastbaar inkomen van het belastbaar tijdperk hoger is |
dan 21.000 euro zonder 81.000 euro te overschrijden, is de | dan 21.000 euro zonder 81.000 euro te overschrijden, is de |
belastingvermindering gelijk aan 1.520 euro verminderd met een bedrag | belastingvermindering gelijk aan 1.520 euro verminderd met een bedrag |
gelijk aan het verschil tussen het belastbaar inkomen en 21.000 euro | gelijk aan het verschil tussen het belastbaar inkomen en 21.000 euro |
vermenigvuldigd met de coëfficiënt van 1,275 percent; | vermenigvuldigd met de coëfficiënt van 1,275 percent; |
3° wanneer het belastbaar inkomen van het belastbaar tijdperk 81.000 | 3° wanneer het belastbaar inkomen van het belastbaar tijdperk 81.000 |
euro overschrijdt, is de belastingvermindering gelijk aan 0 euro. | euro overschrijdt, is de belastingvermindering gelijk aan 0 euro. |
Het bedrag bedoeld in lid 1 wordt vermeerderd met 125 euro per kind | Het bedrag bedoeld in lid 1 wordt vermeerderd met 125 euro per kind |
ten laste op 1 januari van het aanslagjaar. | ten laste op 1 januari van het aanslagjaar. |
In geval van gemeenschappelijke aanslag kunnen de echtgenoten dat | In geval van gemeenschappelijke aanslag kunnen de echtgenoten dat |
enige bedrag van 125 euro per kind ten laste vrij verdelen. | enige bedrag van 125 euro per kind ten laste vrij verdelen. |
In geval van toepassing van artikel 132bis wordt het bedrag van 125 | In geval van toepassing van artikel 132bis wordt het bedrag van 125 |
euro per kind ten laste toegekend, voor de helft aan de | euro per kind ten laste toegekend, voor de helft aan de |
belastingplichtige die het kind ten laste heeft en voor de helft aan | belastingplichtige die het kind ten laste heeft en voor de helft aan |
de belastingplichtige aan wie de helft van de toeslagen van de | de belastingplichtige aan wie de helft van de toeslagen van de |
belastingvrije som bedoeld in artikel 132, lid 1, 1° tot 6°, wordt | belastingvrije som bedoeld in artikel 132, lid 1, 1° tot 6°, wordt |
toegekend. | toegekend. |
In afwijking van lid 2 is de vermeerdering met 125 euro per kind ten | In afwijking van lid 2 is de vermeerdering met 125 euro per kind ten |
laste niet van toepassing wanneer het belastbaar inkomen van het | laste niet van toepassing wanneer het belastbaar inkomen van het |
belastbaar tijdperk hoger is dan 81.000 euro. | belastbaar tijdperk hoger is dan 81.000 euro. |
Voor de toepassing van het tweede lid worden als gehandicapt | Voor de toepassing van het tweede lid worden als gehandicapt |
aangemerkte kinderen ten laste voor twee gerekend. | aangemerkte kinderen ten laste voor twee gerekend. |
Voor de toepassing van deze bepaling, evenals van de artikelen 14546quater | Voor de toepassing van deze bepaling, evenals van de artikelen 14546quater |
tot 14546sexies, dient het begrip "belastbaar inkomen" in de zin van | tot 14546sexies, dient het begrip "belastbaar inkomen" in de zin van |
artikel 6 van dit Wetboek verstaan te worden, onder uitsluiting van de | artikel 6 van dit Wetboek verstaan te worden, onder uitsluiting van de |
roerende inkomsten bedoeld in artikel 17, § 1, 1° en 2°, die geen | roerende inkomsten bedoeld in artikel 17, § 1, 1° en 2°, die geen |
beroepskarakter hebben. | beroepskarakter hebben. |
§ 3. Het bedrag van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1, | § 3. Het bedrag van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1, |
berekend overeenkomstig paragraaf 2, wordt met de helft verminderd | berekend overeenkomstig paragraaf 2, wordt met de helft verminderd |
vanaf het elfde belastbare tijdperk waarvoor de voorwaarden voor het | vanaf het elfde belastbare tijdperk waarvoor de voorwaarden voor het |
verkrijgen van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1 in | verkrijgen van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1 in |
hoofde van de belastingplichtige verenigd zijn. | hoofde van de belastingplichtige verenigd zijn. |
Tijdens de negen belastbare tijdperken die volgen op het eerste | Tijdens de negen belastbare tijdperken die volgen op het eerste |
belastbare tijdperk waarin de voorwaarden voor het verkrijgen van de | belastbare tijdperk waarin de voorwaarden voor het verkrijgen van de |
belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1 verenigd zijn geweest, | belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1 verenigd zijn geweest, |
wordt het bedrag van de belastingvermindering, berekend overeenkomstig | wordt het bedrag van de belastingvermindering, berekend overeenkomstig |
paragraaf 2, eveneens met de helft verminderd vanaf het belastbaar | paragraaf 2, eveneens met de helft verminderd vanaf het belastbaar |
tijdperk waarin de belastingplichtige volle eigenaar, naakte eigenaar, | tijdperk waarin de belastingplichtige volle eigenaar, naakte eigenaar, |
bezitter, erfpachter, opstalhouder of vruchtgebruiker van een tweede | bezitter, erfpachter, opstalhouder of vruchtgebruiker van een tweede |
woning wordt. De toestand wordt op 31 december van het belastbare | woning wordt. De toestand wordt op 31 december van het belastbare |
tijdperk beoordeeld. | tijdperk beoordeeld. |
Voor de toepassing van vorig lid wordt geen rekening gehouden met : | Voor de toepassing van vorig lid wordt geen rekening gehouden met : |
1° de andere woningen waarvan de belastingplichtige door erfenis of | 1° de andere woningen waarvan de belastingplichtige door erfenis of |
schenking mede-eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker is | schenking mede-eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker is |
geworden; | geworden; |
2° de andere woningen verhuurd via een sociaal vastgoedkantoor of een | 2° de andere woningen verhuurd via een sociaal vastgoedkantoor of een |
openbare huisvestingsmaatschappij. | openbare huisvestingsmaatschappij. |
§ 4. Het bedrag van de in paragraaf 1 bedoelde belastingvermindering, | § 4. Het bedrag van de in paragraaf 1 bedoelde belastingvermindering, |
berekend overeenkomstig de paragrafen 2 en 3, kan per | berekend overeenkomstig de paragrafen 2 en 3, kan per |
belastingplichtige en per belastbaar tijdperk het totale bedrag van de | belastingplichtige en per belastbaar tijdperk het totale bedrag van de |
intresten, betalingen en bijdragen bedoeld in paragraaf 1 die | intresten, betalingen en bijdragen bedoeld in paragraaf 1 die |
daadwerkelijk tijdens het belastbaar tijdperk zijn betaald, nooit | daadwerkelijk tijdens het belastbaar tijdperk zijn betaald, nooit |
overschrijden. | overschrijden. |
Wanneer meerdere belastingplichtigen hoofdelijk en onverdeeld een | Wanneer meerdere belastingplichtigen hoofdelijk en onverdeeld een |
hypothecaire lening bedoeld in paragraaf 1 hebben aangegaan, worden de | hypothecaire lening bedoeld in paragraaf 1 hebben aangegaan, worden de |
intresten en betalingen bedoeld in paragraaf 1 in verhouding tot het | intresten en betalingen bedoeld in paragraaf 1 in verhouding tot het |
eigendomsaandeel in de aangekochte woning, opgedeeld. | eigendomsaandeel in de aangekochte woning, opgedeeld. |
§ 5. Het deel van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1, | § 5. Het deel van de belastingvermindering bedoeld in paragraaf 1, |
zoals berekend overeenkomstig de paragrafen 2 tot 4, dat niet | zoals berekend overeenkomstig de paragrafen 2 tot 4, dat niet |
overeenkomstig artikel 178/1 berekend kan worden, wordt omgerekend tot | overeenkomstig artikel 178/1 berekend kan worden, wordt omgerekend tot |
een terugbetaalbaar gewestelijk belastingkrediet. | een terugbetaalbaar gewestelijk belastingkrediet. |
Lid 1 is niet van toepassing op de belastingplichtige die | Lid 1 is niet van toepassing op de belastingplichtige die |
beroepsinkomsten heeft die bij overeenkomst zijn vrijgesteld en die | beroepsinkomsten heeft die bij overeenkomst zijn vrijgesteld en die |
niet in aanmerking komen voor de berekening van de belasting op zijn | niet in aanmerking komen voor de berekening van de belasting op zijn |
andere inkomsten. » | andere inkomsten. » |
Art. 18.In titel II, Hoofdstuk III, afdeling 1, onderafdeling 2 |
Art. 18.In titel II, Hoofdstuk III, afdeling 1, onderafdeling 2 |
octodecies van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 14546quateringevoegd, | octodecies van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 14546quateringevoegd, |
luidend als volgt: | luidend als volgt: |
« Art. 14546quater.§ 1. De vermindering bedoeld in artikel 14546ter |
« Art. 14546quater.§ 1. De vermindering bedoeld in artikel 14546ter |
wordt tegen de volgende voorwaarden toegekend : | wordt tegen de volgende voorwaarden toegekend : |
1° de uitgaven bedoeld in artikel 14546ter, § 1, moeten gedaan zijn | 1° de uitgaven bedoeld in artikel 14546ter, § 1, moeten gedaan zijn |
voor de woning die op 31 december van het jaar waarin de | voor de woning die op 31 december van het jaar waarin de |
leningsovereenkomst is afgesloten, de enige woning is van de | leningsovereenkomst is afgesloten, de enige woning is van de |
belastingplichtige die hij zelf betrekt; | belastingplichtige die hij zelf betrekt; |
2° de hypothecaire lening en in voorkomend geval het | 2° de hypothecaire lening en in voorkomend geval het |
levensverzekeringscontract die zijn bedoeld in artikel 14546ter, § 1, | levensverzekeringscontract die zijn bedoeld in artikel 14546ter, § 1, |
zijn door de belastingplichtige aangegaan bij een instelling die in de | zijn door de belastingplichtige aangegaan bij een instelling die in de |
Europese Economische Ruimte is gevestigd om in een lidstaat van de | Europese Economische Ruimte is gevestigd om in een lidstaat van de |
Europese Economische Ruimte zijn eigen woning te verwerven; | Europese Economische Ruimte zijn eigen woning te verwerven; |
3° de hypothecaire lening is aangegaan vanaf 1 januari 2016 en heeft | 3° de hypothecaire lening is aangegaan vanaf 1 januari 2016 en heeft |
een looptijd van ten minste 10 jaar; | een looptijd van ten minste 10 jaar; |
4° het levensverzekeringscontract is in voorkomend geval aangegaan : | 4° het levensverzekeringscontract is in voorkomend geval aangegaan : |
a) door de belastingplichtige die daarbij alleen zichzelf heeft | a) door de belastingplichtige die daarbij alleen zichzelf heeft |
verzekerd; | verzekerd; |
b) vóór de leeftijd van 65 jaar; contracten die tot na de | b) vóór de leeftijd van 65 jaar; contracten die tot na de |
oorspronkelijk bepaalde termijn worden verlengd, opnieuw van kracht | oorspronkelijk bepaalde termijn worden verlengd, opnieuw van kracht |
gemaakt, gewijzigd of verhoogd wanneer de verzekerde de leeftijd van | gemaakt, gewijzigd of verhoogd wanneer de verzekerde de leeftijd van |
65 jaar heeft bereikt, worden geacht niet vóór die leeftijd te zijn | 65 jaar heeft bereikt, worden geacht niet vóór die leeftijd te zijn |
aangegaan; | aangegaan; |
c) voor een minimumlooptijd van 10 jaar wanneer het in voordelen bij | c) voor een minimumlooptijd van 10 jaar wanneer het in voordelen bij |
leven voorziet; | leven voorziet; |
5° de voordelen van het in 4° bedoelde contract zijn in voorkomend | 5° de voordelen van het in 4° bedoelde contract zijn in voorkomend |
geval bedongen : | geval bedongen : |
a) bij leven, ten gunste van de belastingplichtige vanaf de leeftijd | a) bij leven, ten gunste van de belastingplichtige vanaf de leeftijd |
van 65 jaar; | van 65 jaar; |
b) bij overlijden, ten gunste van de personen die ingevolge het | b) bij overlijden, ten gunste van de personen die ingevolge het |
overlijden van de verzekerde de volle eigendom of het vruchtgebruik | overlijden van de verzekerde de volle eigendom of het vruchtgebruik |
van die woning verwerven. | van die woning verwerven. |
Voor de toepassing van het eerste lid, 1°, wordt om te bepalen of de | Voor de toepassing van het eerste lid, 1°, wordt om te bepalen of de |
woning van de belastingplichtige op 31 december van het jaar waarin de | woning van de belastingplichtige op 31 december van het jaar waarin de |
leningsovereenkomst is gesloten, zijn enige woning is die hij zelf | leningsovereenkomst is gesloten, zijn enige woning is die hij zelf |
betrekt, geen rekening gehouden met : | betrekt, geen rekening gehouden met : |
1° de andere woningen waarvan de belastingplichtige ingevolge erfenis | 1° de andere woningen waarvan de belastingplichtige ingevolge erfenis |
of schenking mede-eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker is | of schenking mede-eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker is |
geworden; | geworden; |
2° een andere woning die op die datum op de vastgoedmarkt te koop is | 2° een andere woning die op die datum op de vastgoedmarkt te koop is |
aangeboden en die uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op | aangeboden en die uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op |
het jaar waarin de leningsovereenkomst is afgesloten, ook | het jaar waarin de leningsovereenkomst is afgesloten, ook |
daadwerkelijk is verkocht; | daadwerkelijk is verkocht; |
3° de andere woningen verhuurd via een sociaal vastgoedkantoor of een | 3° de andere woningen verhuurd via een sociaal vastgoedkantoor of een |
openbare huisvestingsmaatschappij; | openbare huisvestingsmaatschappij; |
4° het feit dat de belastingplichtige de woning niet zelf betrekt | 4° het feit dat de belastingplichtige de woning niet zelf betrekt |
wegens : | wegens : |
a) beroepsredenen of redenen van sociale aard; | a) beroepsredenen of redenen van sociale aard; |
b) wettelijke of contractuele belemmeringen die het de | b) wettelijke of contractuele belemmeringen die het de |
belastingplichtige onmogelijk maken de woning op die datum zelf te | belastingplichtige onmogelijk maken de woning op die datum zelf te |
betrekken; | betrekken; |
c) de stand van de bouwwerkzaamheden of van de | c) de stand van de bouwwerkzaamheden of van de |
verbouwingswerkzaamheden die het de belastingplichtige nog niet | verbouwingswerkzaamheden die het de belastingplichtige nog niet |
mogelijk maken de woning daadwerkelijk op diezelfde datum te | mogelijk maken de woning daadwerkelijk op diezelfde datum te |
betrekken. | betrekken. |
De belastingvermindering bedoeld in artikel 14546ter kan niet meer | De belastingvermindering bedoeld in artikel 14546ter kan niet meer |
worden verleend : | worden verleend : |
1° van het jaar volgend op het jaar waarin de leningsovereenkomst is | 1° van het jaar volgend op het jaar waarin de leningsovereenkomst is |
gesloten, indien op 31 december van dat jaar de in lid 2, 2°, bedoelde | gesloten, indien op 31 december van dat jaar de in lid 2, 2°, bedoelde |
andere woning niet daadwerkelijk is verkocht; | andere woning niet daadwerkelijk is verkocht; |
2° van het tweede jaar volgend op het jaar waarin de | 2° van het tweede jaar volgend op het jaar waarin de |
leningsovereenkomst is gesloten, indien de belastingplichtige de | leningsovereenkomst is gesloten, indien de belastingplichtige de |
woning waarvoor de lening werd aangegaan, op 31 december van dat jaar | woning waarvoor de lening werd aangegaan, op 31 december van dat jaar |
niet zelf betrekt tenzij hij die om beroepsredenen of redenen van | niet zelf betrekt tenzij hij die om beroepsredenen of redenen van |
sociale aard niet zelf betrekt. | sociale aard niet zelf betrekt. |
Wanneer de belastingvermindering bij toepassing van het derde lid, 2°, | Wanneer de belastingvermindering bij toepassing van het derde lid, 2°, |
gedurende één of meer belastbare tijdperken niet kon worden verleend | gedurende één of meer belastbare tijdperken niet kon worden verleend |
en de belastingplichtige de woning waarvoor de lening werd aangegaan, | en de belastingplichtige de woning waarvoor de lening werd aangegaan, |
zelf betrekt op 31 december van het belastbaar tijdperk waarin de in | zelf betrekt op 31 december van het belastbaar tijdperk waarin de in |
het tweede lid, 4°, b en c, bedoelde belemmeringen zijn weggevallen, | het tweede lid, 4°, b en c, bedoelde belemmeringen zijn weggevallen, |
kan de belastingvermindering, onverminderd artikel 14546quinquies, | kan de belastingvermindering, onverminderd artikel 14546quinquies, |
opnieuw worden verleend vanaf dit belastbaar tijdperk. | opnieuw worden verleend vanaf dit belastbaar tijdperk. |
§ 2. De in artikel 14546ter, § 1, vermelde leningen zijn specifiek | § 2. De in artikel 14546ter, § 1, vermelde leningen zijn specifiek |
gesloten om een woning te verwerven of te behouden wanneer ze zijn | gesloten om een woning te verwerven of te behouden wanneer ze zijn |
aangegaan om : | aangegaan om : |
1° een onroerend goed aan te kopen; | 1° een onroerend goed aan te kopen; |
2° een onroerend goed te bouwen; | 2° een onroerend goed te bouwen; |
3° de successierechten of schenkingsrechten met betrekking tot de in | 3° de successierechten of schenkingsrechten met betrekking tot de in |
artikel 14546ter, § 1, bedoelde woning te betalen met uitzondering van | artikel 14546ter, § 1, bedoelde woning te betalen met uitzondering van |
nalatigheidsinteresten verschuldigd bij laattijdige betaling; | nalatigheidsinteresten verschuldigd bij laattijdige betaling; |
4° een contract gesloten vanaf 1 januari 2016 en bedoeld in artikel | 4° een contract gesloten vanaf 1 januari 2016 en bedoeld in artikel |
14546ter, § 1, te herfinancieren. | 14546ter, § 1, te herfinancieren. |
Als lening die specifiek wordt aangegaan met het oog op de aankoop van | Als lening die specifiek wordt aangegaan met het oog op de aankoop van |
een woning geldt eveneens de overeenkomst waarbij een | een woning geldt eveneens de overeenkomst waarbij een |
belastingplichtige die in een onroerende onverdeeldheid stapt met | belastingplichtige die in een onroerende onverdeeldheid stapt met |
betrekking tot de eigendom van die woning met een andere | betrekking tot de eigendom van die woning met een andere |
belastingplichtige, waarbij laatstgenoemde reeds gebonden is door een | belastingplichtige, waarbij laatstgenoemde reeds gebonden is door een |
hypothecaire lening bedoeld in artikel 14546ter, § 1, hoofdelijke | hypothecaire lening bedoeld in artikel 14546ter, § 1, hoofdelijke |
medeschuldenaar wordt. | medeschuldenaar wordt. |
§ 3. De Waalse Regering legt in overleg met de federale Minister van | § 3. De Waalse Regering legt in overleg met de federale Minister van |
Financiën de bepalingen vast in verband met de bewijsstukken die | Financiën de bepalingen vast in verband met de bewijsstukken die |
voorgelegd dienen te worden in verband met de belastingvermindering | voorgelegd dienen te worden in verband met de belastingvermindering |
bedoeld in artikel 14546ter, § 1. » | bedoeld in artikel 14546ter, § 1. » |