← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 17/2020 van 6 februari 2020 Rolnummer 7191 In zake : de
prejudiciële vraag betreffende artikel 1047, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek, zoals gewijzigd
bij artikel 143 van de wet van 6 juli 2017 « houdende ver Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters A. Alen en F. Daoût,
en de rechters L. L(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 17/2020 van 6 februari 2020 Rolnummer 7191 In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 1047, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 143 van de wet van 6 juli 2017 « houdende ver Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters A. Alen en F. Daoût, en de rechters L. L(...) | Extrait de l'arrêt n° 17/2020 du 6 février 2020 Numéro du rôle : 7191 En cause : la question préjudicielle relative à l'article 1047, alinéa 1 er , du Code judiciaire, tel qu'il a été modifié par l'article 143 de la loi du 6 juillet La Cour constitutionnelle, composée des présidents A. Alen et F. Daoût, et des juges L. Lavrysen(...) |
---|---|
GRONDWETTELIJK HOF | COUR CONSTITUTIONNELLE |
Uittreksel uit arrest nr. 17/2020 van 6 februari 2020 | Extrait de l'arrêt n° 17/2020 du 6 février 2020 |
Rolnummer 7191 | Numéro du rôle : 7191 |
In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 1047, eerste lid, | En cause : la question préjudicielle relative à l'article 1047, alinéa |
van het Gerechtelijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 143 van de | 1er, du Code judiciaire, tel qu'il a été modifié par l'article 143 de |
wet van 6 juli 2017 « houdende vereenvoudiging, harmonisering, | la loi du 6 juillet 2017 « portant simplification, harmonisation, |
informatisering en modernisering van bepalingen van burgerlijke recht | informatisation et modernisation de dispositions de droit civil et de |
en van burgerlijk procesrecht alsook van het notariaat, en houdende | procédure civile ainsi que du notariat, et portant diverses mesures en |
diverse bepalingen inzake justitie », gesteld door de | matière de justice », posée par le Tribunal de l'entreprise de Gand, |
Ondernemingsrechtbank te Gent, afdeling Kortrijk. | division Courtrai. |
Het Grondwettelijk Hof, | La Cour constitutionnelle, |
samengesteld uit de voorzitters A. Alen en F. Daoût, en de rechters L. | composée des présidents A. Alen et F. Daoût, et des juges L. Lavrysen, |
Lavrysen, J.-P. Moerman, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul en J. Moerman, | J.-P. Moerman, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul et J. Moerman, assistée |
bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder voorzitterschap van voorzitter A. Alen, | du greffier F. Meersschaut, présidée par le président A. Alen, |
wijst na beraad het volgende arrest : | après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : |
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging | I. Objet de la question préjudicielle et procédure |
Bij vonnis van 25 april 2019, waarvan de expeditie ter griffie van het | Par jugement du 25 avril 2019, dont l'expédition est parvenue au |
Hof is ingekomen op 29 mei 2019, heeft de Ondernemingsrechtbank te | greffe de la Cour le 29 mai 2019, le Tribunal de l'entreprise de Gand, |
Gent, afdeling Kortrijk, de volgende prejudiciële vraag gesteld : | division Courtrai, a posé la question préjudicielle suivante : |
« Schendt art. 1047, eerste lid van het Gerechtelijk Wetboek, zoals | « L'article 1047, alinéa 1er, du Code judiciaire, tel qu'il a été |
gewijzigd door artikel 143 van de wet van 6 juli 2017 houdende | modifié par l'article 143 de la loi du 6 juillet 2017 portant |
vereenvoudiging, harmonisering, informatisering en modernisering van | simplification, harmonisation, informatisation et modernisation de |
bepalingen van burgerlijke recht en van burgerlijk procesrecht alsook | dispositions de droit civil et de procédure civile ainsi que du |
van het notariaat, en houdende diverse bepalingen inzake justitie, de | notariat, et portant diverses mesures en matière de justice, |
artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre de versteklatende | viole-t-il les articles 10 et 11 de la Constitution en ce que la |
partij in een puur burgerlijke procedure uitgesloten is van de | partie défaillante, dans une procédure purement civile, est privée de |
mogelijkheid om verzet te doen tenzij het gaat om verzet tegen een | la possibilité de faire opposition, sauf s'il s'agit de l'opposition à |
verstekvonnis dat in laatste aanleg gewezen is, terwijl een | un jugement par défaut rendu en dernier ressort, alors qu'une partie |
versteklatende partij in een strafrechtelijke procedure met een | défaillante, dans une procédure pénale présentant un aspect civil, |
burgerrechtelijk aspect, ook of zelfs enkel voor wat het | peut toujours former opposition, aussi - voire uniquement - en ce qui |
burgerrechtelijk aspect betreft, wel altijd verzet kan aantekenen | concerne l'aspect civil, quel que soit le montant de l'aspect civil |
ongeacht het bedrag van het burgerrechtelijk aspect en/of ongeacht of | et/ou indépendamment de la circonstance que la décision a été rendue |
de uitspraak in laatste aanleg is gewezen ? ». | en dernier ressort ? ». |
(...) | (...) |
III. In rechte | III. En droit |
(...) | (...) |
B.1. De prejudiciële vraag heeft betrekking op artikel 1047, eerste | B.1. La question préjudicielle porte sur l'article 1047, alinéa 1er, |
lid, van het Gerechtelijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 143 van | du Code judiciaire, tel qu'il a été modifié par l'article 143 de la |
de wet van 6 juli 2017 « houdende vereenvoudiging, harmonisering, informatisering en modernisering van bepalingen van burgerlijk recht en van burgerlijke procesrecht alsook van het notariaat, en houdende diverse bepalingen inzake justitie » (de « Potpourri V-wet » genoemd) : « Tegen ieder verstekvonnis dat in laatste aanleg is gewezen kan verzet worden gedaan, onverminderd de bij de wet bepaalde uitzonderingen ». Uit die wijziging volgt dat verstekvonnissen in burgerlijke zaken waartegen hoger beroep kan worden ingesteld, enkel nog met dat laatste | loi du 6 juillet 2017 « portant simplification, harmonisation, informatisation et modernisation de dispositions de droit civil et de procédure civile ainsi que du notariat, et portant diverses mesures en matière de justice » (dite « loi pot-pourri V ») : « Tout jugement par défaut rendu en dernier ressort peut être frappé d'opposition, sauf les exceptions prévues par la loi ». Il résulte de cette modification que les jugements qui sont rendus par défaut en matière civile et qui sont susceptibles d'appel ne peuvent plus être entrepris que par cette dernière voie de recours, |
rechtsmiddel kunnen worden bestreden, overeenkomstig artikel 1050 van | conformément à l'article 1050 du Code judiciaire, pour autant que la |
het Gerechtelijk Wetboek, tenzij de wet het anders bepaalt. | loi n'en dispose pas différemment. |
B.2. Het Hof wordt gevraagd of die bepaling bestaanbaar is met de | B.2. La Cour est interrogée sur la compatibilité de cette disposition |
artikelen 10 en 11 van de Grondwet, doordat de partij die verstek laat gaan in een burgerlijke procedure geen verzet kan aantekenen tegen een niet in laatste aanleg gewezen rechterlijke beslissing, terwijl een partij die verstek laat gaan in een strafrechtelijke procedure waarin tevens burgerrechtelijke vorderingen worden behandeld, wel verzet kan aantekenen tegen een niet in laatste aanleg gewezen rechterlijke beslissing, en dit ook wanneer het verzet uitsluitend de burgerrechtelijke veroordelingen betreft. B.3. Het verwijzende rechtscollege vergelijkt de in het geding zijnde bepaling met die welke van toepassing is op burgerrechtelijke veroordelingen die bij verstek worden uitgesproken door de strafrechter, die het voorwerp kunnen uitmaken van een verzet, zelfs wanneer ze niet in laatste aanleg zijn uitgesproken. B.4. Het recht van een in een strafrechtelijke procedure bij verstek | avec les articles 10 et 11 de la Constitution, en ce que la partie défaillante dans une procédure civile ne peut pas faire opposition à une décision judiciaire qui n'a pas été rendue en dernier ressort, alors qu'une partie défaillante dans une procédure pénale dans le cadre de laquelle sont également examinées des demandes de nature civile peut, quant à elle, faire opposition à une décision judiciaire qui n'a pas été rendue en dernier ressort, même lorsque l'opposition ne concerne que les condamnations au civil. B.3. Le juge a quo compare la disposition en cause à celle qui est applicable aux condamnations au civil prononcées par défaut par le juge pénal, lesquelles peuvent faire l'objet d'une opposition même si elles ne sont pas rendues en dernier ressort. B.4. Le droit d'une personne condamnée par défaut dans une procédure |
veroordeelde persoon om tegen de rechterlijke beslissing verzet aan te | pénale de faire opposition à la décision judiciaire est réglé par |
tekenen, wordt geregeld in artikel 187 van het Wetboek van | l'article 187 du Code d'instruction criminelle. Contrairement à la |
strafvordering. In tegenstelling tot de in het geding zijnde bepaling, maakt die bepaling het recht om verzet aan te tekenen niet afhankelijk van de vraag of de rechterlijke beslissing al dan niet in laatste aanleg werd gewezen. B.5. De burgerlijke procedure en de strafrechtelijke procedure beantwoorden aan onderscheiden doelstellingen en hebben fundamenteel verschillende voorwerpen. Terwijl, in eerstgenoemde procedure, voor de rechter bij wie het geschil is aanhangig gemaakt waarin particuliere belangen tegenover elkaar worden gesteld, die belangen met elkaar worden geconfronteerd, heeft de strafrechtelijke procedure, die wordt gekenmerkt door het voornamelijk inquisitoriale karakter ervan, in hoofdzaak betrekking op de vrijwaring van de maatschappelijke orde door toepassing van een in de wet bepaalde straf op de persoon die een strafbaar feit zou hebben gepleegd. B.6. Het verschil in behandeling tussen bepaalde categorieën van personen dat voortvloeit uit de toepassing van verschillende procedureregels in verschillende omstandigheden houdt op zich geen discriminatie in. Van discriminatie zou slechts sprake zijn indien het verschil in behandeling dat voortvloeit uit de toepassing van die procedureregels een onevenredige beperking van de rechten van de daarbij betrokken personen met zich zou meebrengen. B.7.1. Het wezen en de doelstelling zelf van het verzet bestaan erin de persoon die als gevolg van zijn niet-verschijnen mogelijkerwijze niet alle elementen van een zaak kent of zich daarover althans niet nader heeft kunnen verklaren, de mogelijkheid te bieden ten volle zijn rechten van verdediging uit te oefenen. | disposition en cause, cet article ne subordonne pas le droit de faire opposition à la question de savoir si la décision judiciaire a été rendue en dernier ressort ou non. B.5. La procédure civile et la procédure pénale répondent à des objectifs distincts et ont des objets fondamentalement différents. Tandis que la première confronte des intérêts particuliers devant le juge saisi du litige qui les oppose, la procédure pénale, qui se caractérise par son caractère essentiellement inquisitoire, concerne principalement la sauvegarde de l'ordre social par l'application d'une peine prévue par la loi à la personne qui aurait commis une infraction. B.6. La différence de traitement entre certaines catégories de personnes qui découle de l'application de règles procédurales différentes dans des circonstances différentes n'est pas discriminatoire en soi. Il ne pourrait être question de discrimination que si la différence de traitement qui découle de l'application de ces règles de procédure entraînait une limitation disproportionnée des droits des personnes concernées. B.7.1. L'essence et la finalité mêmes de l'opposition sont de permettre le plein exercice des droits de la défense par une personne qui pourrait, en raison de sa défaillance, ne pas avoir connaissance de tous les éléments d'une cause ou tout au moins ne pas avoir pu s'expliquer sur eux. |
B.7.2. Met de beperking, in burgerlijke zaken, van de | B.7.2. En limitant, en matière civile, la possibilité d'opposition aux |
verzetsmogelijkheid tot verstekvonnissen waartegen geen hoger beroep | jugements par défaut ne pouvant faire l'objet d'un appel, le |
mogelijk is, had de wetgever als doelstelling de finale | législateur a voulu promouvoir la solution définitive des litiges |
geschillenbeslechting te bevorderen (Parl. St., Kamer, 2016-2017, DOC | (Doc. parl., Chambre, 2016-2017, DOC 54-2259/001, pp. 117-118) et |
54-2259/001, pp. 117-118), en aldus toe te laten dat de gerechtelijke | ainsi permettre que la procédure judiciaire puisse se terminer dans un |
procedure overeenkomstig artikel 6, lid 1, van het Europees Verdrag | délai raisonnable, conformément à l'article 6, paragraphe 1, de la |
voor de rechten van de mens binnen een redelijke termijn kan worden | Convention européenne des droits de l'homme. |
beëindigd. Uit de parlementaire voorbereiding blijkt dat de keuze voor het al dan | Il ressort des travaux préparatoires que le fait que le jugement par |
niet appellabel karakter van het verstekvonnis als criterium van | défaut soit ou non susceptible d'appel a été choisi comme critère de |
onderscheid, gebaseerd is op een suggestie van de afdeling wetgeving | distinction sur la base d'une suggestion de la section de législation |
van de Raad van State : | du Conseil d'Etat : |
« Indien de bedoeling van de steller van het voorontwerp er | « Si le but de l'auteur de l'avant-projet est effectivement de réduire |
daadwerkelijk in bestaat de mogelijkheden om verzet aan te tekenen te | les possibilités de faire opposition, il apparaît que la suggestion |
beperken, blijkt de suggestie naar luid waarvan verstek niet aanvaard | selon laquelle le défaut ne serait pas admis en cas de possibilité |
wordt wanneer hoger beroep mogelijk is, daaraan op passende wijze te | d'un appel rencontrerait de manière adéquate le but poursuivi sans |
beantwoorden, zonder dat het recht om een gewoon rechtsmiddel aan te | restreindre de façon trop significative le droit d'introduire au moins |
wenden al te zeer wordt beperkt » (ibid., p. 378). | un recours ordinaire » (ibid., p. 378). |
De maatregel om niet te voorzien in de mogelijkheid van verzet tegen | La mesure qui consiste à ne pas prévoir la possibilité de faire |
een verstekvonnis waartegen hoger beroep mogelijk is, is pertinent in | opposition à un jugement par défaut susceptible d'appel est pertinente |
het licht van de door de wetgever nagestreefde doelstelling om de | à la lumière de l'objectif poursuivi par le législateur, qui est de ne |
procedure niet nodeloos te vertragen en om de redelijketermijnvereiste | pas ralentir inutilement la procédure et de respecter la condition du |
te eerbiedigen. | délai raisonnable. |
B.7.3. Het verzet is een gewoon rechtsmiddel dat openstaat voor de partij die bij verstek is veroordeeld teneinde vanwege het rechtscollege dat bij verstek heeft geoordeeld, een nieuwe beslissing na een contradictoir debat te verkrijgen. Een verstekvonnis dat niet in laatste aanleg werd gewezen, blijft echter vatbaar voor hoger beroep, wat de betrokken persoon de mogelijkheid biedt ten volle zijn rechten van verdediging uit te oefenen. Uit artikel 1047, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 143 van de voormelde wet van 6 juli 2017, vloeit voort dat het hoger beroep ingesteld door een oorspronkelijke verweerder die bij verstek in eerste aanleg is veroordeeld, voortaan dezelfde finaliteit heeft als het verzet door een oorspronkelijke | B.7.3. L'opposition est une voie de recours ordinaire ouverte à la partie qui a été condamnée par défaut, en vue d'obtenir de la juridiction qui a statué par défaut une nouvelle décision après un débat contradictoire. Cependant, un jugement par défaut qui n'a pas été rendu en dernier ressort demeure susceptible d'appel, ce qui permet à la personne concernée d'exercer pleinement ses droits de défense. Il résulte de l'article 1047, alinéa 1er, du Code judiciaire, tel qu'il a été modifié par l'article 43 de la loi du 6 juillet 2017 précitée, que l'appel introduit par un défendeur originaire condamné par défaut en premier ressort a dorénavant la même finalité que l'opposition formée par un défendeur originaire contre un jugement |
verweerder tegen een in laatste aanleg gewezen vonnis : namelijk de | rendu en dernier ressort : celle de rouvrir les débats qui se sont |
debatten heropenen die plaatshadden voor het rechtscollege waarvoor de | déroulés devant la juridiction antérieurement saisie, afin de procurer |
zaak eerder aanhangig was, teneinde de elementen van tegenspraak te bezorgen aan het rechtscollege in hoger beroep waarover de eerste rechter niet beschikte, en bijgevolg het rechtscollege in hoger beroep toe te laten een nieuw vonnis te wijzen. Het gaat aldus in beide hypothesen erom het beginsel van de tegenspraak en de rechten van verdediging te doen naleven. De in het geding zijnde bepaling leidt aldus niet tot een onevenredige beperking van de rechten van de in burgerlijke procedures betrokken partijen. B.8. De prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord. Om die redenen, het Hof | à la juridiction d'appel les éléments de contradiction qui manquaient au premier juge et dès lors de permettre à la juridiction d'appel de rendre un nouveau jugement. Ainsi, il s'agit dans les deux hypothèses de faire respecter le principe du contradictoire et les droits de la défense. La disposition en cause n'entraîne donc pas une limitation disproportionnée des droits des parties impliquées dans des procédures civiles. B.8. La question préjudicielle appelle une réponse négative. Par ces motifs, la Cour |
zegt voor recht : | dit pour droit : |
Artikel 1047, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek schendt de | L'article 1047, alinéa 1er, du Code judiciaire ne viole pas les |
artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet. | articles 10 et 11 de la Constitution. |
Aldus gewezen in het Nederlands en het Frans, overeenkomstig artikel | Ainsi rendu en langue néerlandaise et en langue française, |
65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, | conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur |
op 6 februari 2020. | la Cour constitutionnelle, le 6 février 2020. |
De griffier, | Le greffier, |
F. Meersschaut | F. Meersschaut |
4De voorzitter, | Le président, |
A. Alen | A. Alen |