Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 124/2003 van 24 september 2003 Rolnummer 2572 In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 211bis van het Wetboek van Strafvordering, gesteld door het Hof van Cassatie. Het Arbitragehof, samengesteld wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging"
Uittreksel uit arrest nr. 124/2003 van 24 september 2003 Rolnummer 2572 In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 211bis van het Wetboek van Strafvordering, gesteld door het Hof van Cassatie. Het Arbitragehof, samengesteld wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging Extrait de l'arrêt n° 124/2003 du 24 septembre 2003 Numéro du rôle : 2572 En cause : la question préjudicielle relative à l'article 211bis du Code d'instruction criminelle, posée par la Cour de cassation. La Cour d'arbitrage, composé après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : I. Objet de la question préjudicielle et procédu(...)
ARBITRAGEHOF COUR D'ARBITRAGE
Uittreksel uit arrest nr. 124/2003 van 24 september 2003 Extrait de l'arrêt n° 124/2003 du 24 septembre 2003
Rolnummer 2572 Numéro du rôle : 2572
In zake : de prejudiciële vraag betreffende artikel 211bis van het En cause : la question préjudicielle relative à l'article 211bis du
Wetboek van Strafvordering, gesteld door het Hof van Cassatie. Code d'instruction criminelle, posée par la Cour de cassation.
Het Arbitragehof, La Cour d'arbitrage,
samengesteld uit de voorzitters M. Melchior en A. Arts, en de rechters composée des présidents M. Melchior et A. Arts, et des juges L.
L. François, M. Bossuyt, E. De Groot, A. Alen en J.-P. Moerman, François, M. Bossuyt, E. De Groot, A. Alen et J.-P. Moerman, assistée
bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux, onder voorzitterschap van voorzitter M. Melchior, du greffier P.-Y. Dutilleux, présidée par le président M. Melchior,
wijst na beraad het volgende arrest : après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant :
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging I. Objet de la question préjudicielle et procédure
Bij arrest van 9 oktober 2002 in zake M. Thibeaux tegen N. Lambert en Par arrêt du 9 octobre 2002 en cause de M. Thibeaux contre N. Lambert
E. Pineux, waarvan de expeditie ter griffie van het Arbitragehof is et E. Pineux, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour
ingekomen op 18 november 2002, heeft het Hof van Cassatie de volgende d'arbitrage le 18 novembre 2002, la Cour de cassation a posé la
prejudiciële vraag gesteld : question préjudicielle suivante :
« Schendt artikel 211bis van het Wetboek van Strafvordering, in de « Dans l'interprétation suivant laquelle l'article 211bis du Code
interpretatie volgens welke het de appelrechters voor wie enkel het d'instruction criminelle impose aux juges d'appel saisis du seul appel
beroep van een burgerlijke partij aanhangig is gemaakt, verplicht d'une partie civile de statuer à l'unanimité lorsque, réformant la
uitspraak te doen met eenparigheid van stemmen wanneer zij, bij het décision du premier juge qui s'était déclaré incompétent pour
wijzigen van de beslissing van de eerste rechter die zich onbevoegd connaître de l'action de cette partie civile en raison de
had verklaard om kennis te nemen van de vordering van die burgerlijke
partij vanwege de vrijspraak van de beklaagde, die vordering geheel of l'acquittement du prévenu, ils déclarent cette action fondée en tout
gedeeltelijk gegrond verklaren, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, ou en partie, ledit article 211bis viole-t-il les articles 10 et 11 de
vermits, gelet op het feit dat het voor een slachtoffer erom gaat het
herstel van dezelfde schade voor de burgerlijke rechtbank te la Constitution dès lors que, s'agissant pour une victime de
verkrijgen, een dergelijke eenparigheid niet vereist is opdat dat poursuivre la réparation du même dommage devant la juridiction civile,
slachtoffer, dat in eerste aanleg werd afgewezen en hoger beroep heeft pareille unanimité n'est pas exigée pour que cette victime, déboutée
ingesteld, een wijziging verkrijgt waardoor het geheel of gedeeltelijk en premier ressort et ayant interjeté appel, obtienne une réformation
in het gelijk wordt gesteld ? » lui donnant gain de cause en tout ou en partie ? »
(...) (...)
III. In rechte III. En droit
(...) (...)
B.1. Artikel 211bis van het Wetboek van Strafvordering bepaalt : B.1. L'article 211bis du Code d'instruction criminelle dispose :
« Is er een vrijsprekend vonnis of een beschikking tot « S'il y a jugement d'acquittement ou ordonnance de non-lieu, la
buitenvervolgingstelling, dan kan het gerecht in hoger beroep geen veroordeling of verwijzing uitspreken dan met eenparige stemmen van zijn leden. Dezelfde eenstemmigheid is vereist voor het gerecht in hoger beroep om tegen beklaagde uitgesproken straffen te kunnen verzwaren. Dit geldt eveneens inzake voorlopige hechtenis om een voor de beklaagde gunstige beschikking te kunnen wijzigen. » B.2. In die zin geïnterpreteerd dat het tot gevolg heeft dat de eenstemmigheid van de leden van een gerecht in hoger beroep vereist is om de rechtsvordering van de burgerlijke partij gegrond te verklaren en, alleen op hoger beroep van deze laatste, de beslissing van de eerste rechter die de beklaagde heeft vrijgesproken en zich onbevoegd heeft verklaard om kennis te nemen van de rechtsvordering van de burgerlijke partij, te wijzigen, voert voormeld artikel 211bis een verschil in behandeling in tussen die burgerlijke partij en het slachtoffer dat voor een burgerlijke rechtbank een vordering tot vergoeding van een soortgelijke schade heeft ingesteld, in eerste aanleg is afgewezen en hoger beroep instelt, in zoverre de veroordeling voor de burgerlijke rechtbank in hoger beroep niet met eenparigheid van stemmen moet worden uitgesproken. B.3. In tegenstelling tot wat de Ministerraad beweert, behoren de betrokkenen tot categorieën van rechtzoekenden die zich in voldoende vergelijkbare situaties bevinden : zij stellen bij een appelrechter een vordering in tot vergoeding van schade die zij hebben geleden. juridiction d'appel ne peut prononcer la condamnation ou le renvoi qu'à l'unanimité de ses membres. La même unanimité est nécessaire pour que la juridiction d'appel puisse aggraver les peines prononcées contre l'inculpé. Il en est de même en matière de détention préventive, pour réformer une ordonnance favorable à l'inculpé. » B.2. Interprété comme ayant pour effet que l'unanimité des membres d'une juridiction d'appel est requise pour déclarer fondée l'action de la partie civile et réformer, sur le seul appel de celle-ci, la décision du premier juge qui a acquitté le prévenu et s'est déclaré incompétent pour connaître de l'action de la partie civile, l'article 211bis précité établit une différence de traitement entre cette partie civile et la victime qui, poursuivant la réparation d'un dommage de même nature devant une juridiction civile, est déboutée au premier degré et interjette appel, en ce que, devant la juridiction civile d'appel, la condamnation ne doit pas être prononcée à l'unanimité. B.3. Contrairement à ce que soutient le Conseil des ministres, les intéressés appartiennent à des catégories de justiciables qui se trouvent dans des situations suffisamment comparables : ils soumettent à un juge d'appel une demande tendant à faire réparer un dommage qu'ils ont subi.
B.4. Het verschil in behandeling tussen bepaalde categorieën van B.4. La différence de traitement entre certaines catégories de
personen dat voortvloeit uit de toepassing van verschillende personnes qui découle de l'application de règles procédurales
procedureregels in verschillende omstandigheden, houdt op zich geen différentes dans des circonstances différentes n'est pas
discriminatie in. Van discriminatie zou slechts sprake kunnen zijn discriminatoire en soi. Il ne pourrait être question de discrimination
indien het verschil in behandeling dat voortvloeit uit de toepassing que si la différence de traitement qui découle de l'application de ces
van die procedureregels, een onevenredige beperking van de rechten van règles de procédure entraînait une limitation disproportionnée des
de daarbij betrokken personen met zich zou meebrengen. droits des personnes concernées.
B.5. Artikel 211bis van het Wetboek van Strafvordering, ingevoegd bij B.5. L'article 211bis du Code d'instruction criminelle, inséré par la
de wet van 10 oktober 1967 (artikel 3), neemt artikel 140, tweede en loi du 10 octobre 1967 (article 3), reproduit l'article 140, alinéas 2
derde lid, van de wet van 18 juni 1869 op de rechterlijke organisatie et 3, de la loi du 18 juin 1869 sur l'organisation judiciaire, alinéas
over, bepalingen die zijn ingevoegd bij artikel 2 van de wet van 4 insérés par l'article 2 de la loi du 4 septembre 1891.
september 1891.
De parlementaire voorbereiding van de wet van 4 september 1891 geeft Les travaux préparatoires de la loi du 4 septembre 1891 indiquent que
aan dat de eenparigheid van stemmen, die ze voortaan oplegt om de in l'unanimité qu'elle impose désormais, pour aggraver la peine prononcée
eerste aanleg uitgesproken straf te verzwaren, bedoeld is als en première instance, visait à compenser la réduction, de cinq à
compensatie voor de vermindering, van vijf tot drie, van het aantal trois, du nombre des conseillers composant les chambres
raadsheren waaruit de correctionele kamers van de hoven van beroep correctionnelles des cours d'appel; ainsi a-t-il été relevé (Doc.
zijn samengesteld; aldus is opgemerkt (Parl. St. , Senaat, 1890-1891, parl. , Sénat, 1890-1891, rapport de la Commission de la justice, no
verslag van de Commissie voor de Justitie, nr. 97, pp. 3 en 4) : 97, pp. 3 et 4) que :
« Het wetsontwerp doet een nieuwe stap in dezelfde richting doordat « Le projet de loi fait un nouveau pas dans la même voie, en réduisant
het het aantal raadsheren die in correctionele zaken uitspraak moeten à trois le nombre des conseillers appelés à statuer en appel dans les
doen in hoger beroep en die de kamer van inbeschuldigingstelling affaires correctionnelles et à former la chambre des mises en
moeten vormen, vermindert tot drie. accusation.
Die vermindering lijkt ons volledig verantwoord. Cette réduction nous semble complètement justifiée.
[...] [...]
Na geanimeerde debatten heeft de Kamer zich uitgesproken voor die Après des débats animés, la Chambre s'est prononcée en faveur de cette
belangrijke hervorming en heeft zij ingestemd met een amendement van de Regering waarbij een nieuwe garantie wordt ingevoerd ten voordele van de verdediging van de beklaagde : ' Is er een vrijsprekend vonnis of een beschikking tot buitenvervolgingstelling gewezen door een rechtbank van eerste aanleg in strafzaken, zal het hof waarbij het hoger beroep aanhangig is gemaakt geen veroordeling of verwijzing kunnen uitspreken dan met eenparige stemmen van zijn leden . Dezelfde eenstemmigheid zal vereist zijn opdat het hof de tegen de verdachte uitgesproken straffen kan verzwaren. ' Die bepaling komt tegemoet aan het meest ernstige bezwaar dat is opgeworpen tegen de vermindering van het aantal raadsheren die zitting nemen in de correctionele kamer of in de kamer van inbeschuldigingstelling. » importante réforme, et elle s'est ralliée à un amendement du Gouvernement, établissant une garantie nouvelle en faveur de la défense du prévenu : ' S'il y a jugement d'acquittement ou ordonnance de non-lieu rendus par un tribunal de première instance en matière répressive, la Cour saisie de l'appel ne pourra prononcer la condamnation ou le renvoi qu'à l'unanimité de ses membres . La même unanimité sera exigée pour que la Cour puisse aggraver les peines prononcées contre l'inculpé. ' Cette disposition répond à l'objection la plus sérieuse élevée contre la réduction du nombre des conseillers siégeant à la chambre correctionnelle ou à la chambre des mises en accusation. »
B.6.1. Met toepassing van de artikelen 92, § 1, 3o, en 109bis , §§ 2 B.6.1. En application des articles 92, § 1er, 3o, et 109bis , §§ 2 et
en 3, van het Gerechtelijk Wetboek zijn de burgerlijke rechtscolleges 3, du Code judiciaire, les juridictions, civiles et pénales, se
en strafgerechten in hoger beroep samengesteld uit drie magistraten prononçant en appel sont composées de trois magistrats (du moins,
(althans wat de burgerlijke kamers van de hoven van beroep betreft die s'agissant des chambres civiles des cours d'appel qui connaissent des
kennis nemen van het hoger beroep tegen de beslissingen die in appels des décisions rendues en matière civile par une chambre du
burgerlijke zaken gewezen zijn door een kamer van de rechtbank van tribunal de première instance qui ne comprend qu'un juge et des appels
eerste aanleg met slechts één rechter, en van het hoger beroep tegen
de beslissingen die zijn gewezen door de voorzitter van de rechtbank des décisions rendues par le président du tribunal de première
van eerste aanleg of door de voorzitter van de rechtbank van instance ou par le président du tribunal de commerce, lorsque
koophandel, wanneer de appellant of de geïntimeerde daarom verzoekt l'appelant ou l'intimé en fait la demande selon les modalités prévues
volgens de in artikel 109bis , § 2, bepaalde voorwaarden). par l'article 109bis , § 2).
B.6.2. Het is geen vaste regel dat een tweede onderzoek slechts tot B.6.2. Il ne s'impose pas qu'un deuxième examen ne puisse conduire à
een veroordeling of tot een verzwaring van de straf kan leiden tegen une condamnation ou à une aggravation de peine qu'à des conditions
voorwaarden die strenger zijn dan die welke voor het eerste onderzoek plus strictes que celles qui étaient en vigueur au cours du premier.
golden. De regel van de eenparigheid in de hoven van beroep in La règle de l'unanimité dans les cours d'appel siégeant en matière
strafzaken steunt niet op een principeoverweging, doch wel op de pénale n'a pas été justifiée par une considération de principe, mais
bijzondere omstandigheid dat de wetgever, bij het terugbrengen van het bien par la circonstance particulière que le législateur souhaitait
aantal raadsheren van vijf tot drie, gemeend heeft een ongewenst réduire de cinq à trois le nombre des conseillers et qu'il a cru
gevolg van die wijziging te moeten compenseren. devoir compenser un effet redouté de ce changement.
B.6.3. Doordat het strafgerecht in hoger beroep, waarvoor alleen de B.6.3. Dès lors que la juridiction pénale d'appel, saisie par la seule
burgerlijke partij een zaak aanhangig heeft gemaakt, zich alleen partie civile, se prononce sur la seule action de celle-ci et ne peut
uitspreekt over de vordering van die partij en de vrijspraak van de remettre en cause l'acquittement du prévenu, l'instance perd la portée
beklaagde niet in het geding kan brengen, verliest het geding de répressive qui a motivé le législateur à exiger l'unanimité. Que la
repressieve draagwijdte die de wetgever ertoe heeft gebracht de demande en cause soit soumise à des exigences plus lourdes que celles
eenstemmigheid te eisen. Het feit dat de in het geding zijnde qui régissent l'examen des demandes relevant du juge civil ne saurait
vordering onderworpen is aan strengere vereisten dan die welke gelden voor het onderzoek van de vorderingen die vallen onder de bevoegdheid van de burgerlijke rechter, zou bovendien niet kunnen worden verantwoord door het gevaar voor een tegenstrijdigheid tussen de motieven van de door de burgerlijke rechter genomen beslissing en die van de vrijspraak, want dat gevaar is niet kleiner voor de burgerlijke rechter dan voor de strafrechter. Hoewel het voordeel van één enkele procedure voor eenzelfde rechtscollege, ongeacht de aard van de geschillen, onbetwistbaar is, is het niet dermate belangrijk dat een dergelijk organisatorisch beginsel zo ver zou moeten worden doorgedreven dat het zodanig verregaande gevolgen heeft als het betwiste verschil in behandeling tussen personen die een schadevergoeding eisen. B.7. De prejudiciële vraag dient bevestigend te worden beantwoord. Om die redenen, het Hof zegt voor recht : Artikel 211bis van het Wetboek van Strafvordering, in die zin geïnterpreteerd dat het de appelrechters voor wie enkel het beroep van een burgerlijke partij aanhangig is gemaakt, ertoe verplicht uitspraak te doen met eenparigheid van stemmen wanneer zij, bij het wijzigen van de beslissing van de eerste rechter die zich onbevoegd had verklaard davantage se justifier par le risque d'une contradiction entre les motifs de la décision prise au civil et ceux de l'acquittement car ce risque n'est pas moindre chez le juge civil que chez le juge pénal. Si l'avantage de l'unicité de procédure pour une même juridiction, quelle que soit la nature des litiges, est indéniable, il n'est pas à ce point important qu'un tel principe d'organisation doive être poussé en des conséquences aussi extrêmes que la différence de traitement critiquée entre demandeurs de réparation. B.7. La question préjudicielle appelle une réponse affirmative. Par ces motifs, la Cour dit pour droit : L'article 211bis du Code d'instruction criminelle viole les articles 10 et 11 de la Constitution interprété comme imposant aux juges d'appel saisis du seul appel d'une partie civile de statuer à
om kennis te nemen van de rechtsvordering van die burgerlijke partij l'unanimité lorsque, réformant la décision du premier juge qui s'était
vanwege de vrijspraak van de beklaagde, die vordering geheel of déclaré incompétent pour connaître de l'action de cette partie civile
gedeeltelijk gegrond verklaren, schendt de artikelen 10 en 11 van de en raison de l'acquittement du prévenu, ils déclarent cette action
Grondwet. fondée en tout ou en partie.
Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig Ainsi prononcé en langue française et en langue néerlandaise,
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur
Arbitragehof, op de openbare terechtzitting van 24 september 2003. la Cour d'arbitrage, à l'audience publique du 24 septembre 2003.
De griffier, Le greffier,
P.-Y. Dutilleux. P.-Y. Dutilleux.
De voorzitter, Le président,
M. Melchior. M. Melchior.
^