← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 55/2000 van 17 mei 2000 Rolnummer 1642 In zake : de prejudiciële
vraag betreffende de artikelen 583, eerste lid, en 870 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de
Arbeidsrechtbank te Dendermonde Het Arbitragehof, samengesteld
uit de voorzitters G. De Baets en M. Melchior, en de rechters P. (...)"
Uittreksel uit arrest nr. 55/2000 van 17 mei 2000 Rolnummer 1642 In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 583, eerste lid, en 870 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de Arbeidsrechtbank te Dendermonde Het Arbitragehof, samengesteld uit de voorzitters G. De Baets en M. Melchior, en de rechters P. (...) | Extrait de l'arrêt n° 55/2000 du 17 mai 2000 Numéro du rôle : 1642 En cause : la question préjudicielle relative aux articles 583, alinéa 1 er , et 870 du Code judiciaire, posée par le Tribunal du travail de Termonde La Cour d'arbitrage, composée des présidents G. De Baets et M. Melchior, et des juges P. Martens(...) |
---|---|
ARBITRAGEHOF | COUR D'ARBITRAGE |
Uittreksel uit arrest nr. 55/2000 van 17 mei 2000 | Extrait de l'arrêt n° 55/2000 du 17 mai 2000 |
Rolnummer 1642 | Numéro du rôle : 1642 |
In zake : de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 583, eerste | En cause : la question préjudicielle relative aux articles 583, alinéa |
lid, en 870 van het Gerechtelijk Wetboek, gesteld door de | 1er, et 870 du Code judiciaire, posée par le Tribunal du travail de |
Arbeidsrechtbank te Dendermonde (afdeling Sint-Niklaas). | Termonde (section de Saint-Nicolas). |
Het Arbitragehof, | La Cour d'arbitrage, |
samengesteld uit de voorzitters G. De Baets en M. Melchior, en de | composée des présidents G. De Baets et M. Melchior, et des juges P. |
rechters P. Martens, E. Cerexhe, A. Arts, M. Bossuyt en E. De Groot, | Martens, E. Cerexhe, A. Arts, M. Bossuyt et E. De Groot, assistée du |
bijgestaan door de griffier L. Potoms, onder voorzitterschap van voorzitter G. De Baets, | greffier L. Potoms, présidée par le président G. De Baets, |
wijst na beraad het volgende arrest : | après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant : |
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag | I. Objet de la question préjudicielle |
Bij vonnis van 10 maart 1999 in zake P. Marchand tegen de | Par jugement du 10 mars 1999 en cause de P. Marchand contre le |
directeur-generaal van de studiedienst van het Ministerie van | directeur général du service d'études du ministère de l'Emploi et du |
Tewerkstelling en Arbeid, waarvan de expeditie ter griffie van het | Travail, dont l'expédition est parvenue au greffe de la Cour |
Arbitragehof is ingekomen op 12 maart 1999, heeft de Arbeidsrechtbank | d'arbitrage le 12 mars 1999, le Tribunal du travail de Termonde a posé |
te Dendermonde de volgende prejudiciële vraag gesteld : | la question préjudicielle suivante : |
« Verzet het Grondwettelijk gelijkheids- en niet-discriminatiebeginsel | « Le principe constitutionnel d'égalité et de non-discrimination |
vervat in de artikelen 10 en 11 zich al dan niet tegen de toepassing | contenu aux articles 10 et 11 s'oppose-t-il à l'application des |
van de beginselen der burgerlijke bewijsvoering, zoals onder andere | principes de l'administration de la preuve en matière civile, |
uitgedrukt in artikel 870 van het Gerechtelijk Wetboek, bij de | figurant, entre autres, à l'article 870 du Code judiciaire, lors de |
behandeling door de arbeidsrechtbank van geschillen haar toebedeeld in | l'instruction par le tribunal du travail de contestations lui dévolues |
artikel 583, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek (administratieve | par l'article 583, alinéa 1er, du Code judiciaire (amendes |
geldboeten) ? » | administratives) ? » |
(...) | (...) |
IV. In rechte | IV. En droit |
(...) B.1. Het komt de verwijzende rechter toe de norm of normen vast te stellen die toepasselijk zijn op het hem voorgelegde geschil. B.2. Uit de vraag en uit de motivering van de verwijzingsbeslissing zoals zij aan het Hof is voorgelegd kan niet worden afgeleid of de verwijzende rechter van oordeel is dat, op de geschillen hem toegewezen in artikel 583, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek, waarbij de arbeidsrechtbank kennis neemt van de toepassing van de administratieve sancties, bepaald bij de wet van 30 juni 1971 betreffende de administratieve geldboeten toepasselijk in geval van inbreuk op sommige sociale wetten, de beginselen van burgerlijke | (...) B.1. C'est au juge a quo qu'il appartient de déterminer la ou les normes applicables au litige qui lui est soumis. B.2. La question, telle qu'elle est posée à la Cour, de même que les motifs de la décision de renvoi, ne permettent pas de conclure si le juge a quo considère que ce sont les principes régissant l'administration de la preuve en matière civile, tels qu'ils sont |
bewijsvoering, zoals onder andere uitgedrukt in artikel 870 van het | formulés notamment à l'article 870 du Code judiciaire, ou les règles |
Gerechtelijk Wetboek, van toepassing zijn dan wel of de regelen van de | qui régissent la charge de la preuve en matière répressive qui |
s'appliquent aux litiges dont il est saisi conformément à l'article | |
bewijslast in strafzaken gelden. | 583, alinéa 1er, du Code judiciaire, en vertu duquel le tribunal du |
Hoewel de vraag betrekking lijkt te hebben op de bepalingen van het | travail connaît de l'application des sanctions administratives prévues |
par la loi du 30 juin 1971 relative aux amendes administratives | |
applicables en cas d'infraction à certaines lois sociales. | |
Gerechtelijk Wetboek, wordt tevens verwezen naar het arrest nr. 72/92 | Bien que la question semble porter sur les dispositions du Code |
van 18 november 1992, waarin het Hof heeft geoordeeld : dat de | judiciaire, il est également fait référence à l'arrêt n° 72/92 du 18 |
waarborgen die voortvloeien uit de algemene beginselen van het | novembre 1992, dans lequel la Cour a jugé : que les garanties |
strafrecht gelden onafhankelijk van de kwalificatie strafrechtelijk of | résultant des principes généraux du droit pénal s'appliquent |
niet-strafrechtelijk die de wet zou kunnen geven aan de maatregelen | indépendamment de la qualification de pénales ou de non pénales que la |
die zij voorschrijft; dat de kwalificatie « administratief » die de | loi pourrait donner aux mesures qu'elle prescrit; que la qualification |
wet van 30 juni 1971 betreffende de administratieve geldboeten | d'administratives que la loi du 30 juin 1971 relative aux amendes |
toepasselijk in geval van inbreuk op sommige sociale wetten geeft aan | administratives applicables en cas d'infraction à certaines lois |
de geldboeten waarin zij voorziet derhalve geen miskenning van die | sociales donne aux amendes qu'elle prévoit ne saurait donc justifier |
principes kan verantwoorden; dat het aan de overheid die belast is met | une méconnaissance de ces principes; qu'il incombe à l'autorité |
de bestraffing van de inbreuken toekomt de aan de overtreder verweten | chargée de la répression des infractions d'établir les faits reprochés |
feiten te bewijzen, niet alleen wanneer zij beslist een boete op te | au contrevenant, non seulement lorsqu'elle décide d'infliger une |
leggen maar ook wanneer een beroep voor de rechter wordt ingediend en | amende mais également lorsqu'un recours est introduit devant le juge; |
dat de wetgever evenmin het beginsel van het vermoeden van onschuld | que le législateur n'a pas davantage voulu abandonner le principe de |
heeft willen laten varen. | la présomption d'innocence. |
B.3. Het Hof is niet bevoegd om een prejudiciële vraag te beantwoorden | B.3. La Cour n'est pas compétente pour répondre à une question |
waarin rechtsvragen worden opgeworpen die tot de bevoegdheid van de | préjudicielle soulevant des questions de droit qui relèvent de la |
verwijzende rechter zelf behoren. Dit is het geval wanneer het Hof, | compétence du juge a quo lui-même. Tel est le cas lorsque la Cour est, |
zoals te dezen, in werkelijkheid wordt ondervraagd over de kwestie | en réalité, interrogée, comme en l'espèce, sur la question de savoir |
welke rechtsregel met betrekking tot de bewijsvoering op het | quelle règle relative à l'administration de la preuve doit être |
bodemgeschil moet worden toegepast. | appliquée à l'instance principale. |
Om die redenen, | Par ces motifs, |
het Hof | la Cour |
verklaart zich onbevoegd om de gestelde prejudiciële vraag te | se déclare incompétente pour répondre à la question préjudicielle |
beantwoorden. | posée. |
Aldus uitgesproken in het Nederlands en het Frans, overeenkomstig | Ainsi prononcé en langue néerlandaise et en langue française, |
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het | conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur |
Arbitragehof, op de openbare terechtzitting van 17 mei 2000. | la Cour d'arbitrage, à l'audience publique du 17 mai 2000. |
De griffier, | Le greffier, |
L. Potoms. | L. Potoms. |
De voorzitter, | Le président, |
G. De Baets. | G. De Baets. |