Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest Van Het Grondwettelijk Hof van --
← Terug naar "Arrest nr. 117/2000 van 16 november 2000 Rolnummer 1773 In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 4, 8 en 9 van de wet van 23 maart 1999 betreffende de rechterlijke inrichting in fiscale zaken, ingesteld door B. Claus."
Arrest nr. 117/2000 van 16 november 2000 Rolnummer 1773 In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 4, 8 en 9 van de wet van 23 maart 1999 betreffende de rechterlijke inrichting in fiscale zaken, ingesteld door B. Claus. Arrêt n° 117/2000 du 16 novembre 2000 Numéro du rôle : 1773 En cause : le recours en annulation des articles 4, 8 et 9 de la loi du 23 mars 1999 relative à l'organisation judiciaire en matière fiscale, introduit par B. Claus. La (...) composée des présidents G. De Baets et M. Melchior, et des juges H. Boel, P. Martens, J. Delruelle,(...)
ARBITRAGEHOF COUR D'ARBITRAGE
Arrest nr. 117/2000 van 16 november 2000 Arrêt n° 117/2000 du 16 novembre 2000
Rolnummer 1773 Numéro du rôle : 1773
In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 4, 8 en 9 En cause : le recours en annulation des articles 4, 8 et 9 (partim) de
(partim) van de wet van 23 maart 1999 betreffende de rechterlijke la loi du 23 mars 1999 relative à l'organisation judiciaire en matière
inrichting in fiscale zaken, ingesteld door B. Claus. fiscale, introduit par B. Claus.
Het Arbitragehof, La Cour d'arbitrage,
samengesteld uit de voorzitters G. De Baets en M. Melchior, en de composée des présidents G. De Baets et M. Melchior, et des juges H.
rechters H. Boel, P. Martens, J. Delruelle, R. Henneuse en M. Bossuyt, Boel, P. Martens, J. Delruelle, R. Henneuse et M. Bossuyt, assistée du
bijgestaan door de griffier L. Potoms, onder voorzitterschap van voorzitter G. De Baets, greffier L. Potoms, présidée par le président G. De Baets,
wijst na beraad het volgende arrest : après en avoir délibéré, rend l'arrêt suivant :
I. Onderwerp van het beroep I. Objet du recours
Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 24 september Par requête adressée à la Cour par lettre recommandée à la poste le 24
1999 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 27 septembre 1999 et parvenue au greffe le 27 septembre 1999, un recours
september 1999, is beroep tot vernietiging ingesteld van de artikelen
4, 8 en 9 (partim) van de wet van 23 maart 1999 betreffende de en annulation des articles 4, 8 et 9 (partim) de la loi du 23 mars
rechterlijke inrichting in fiscale zaken (bekendgemaakt in het 1999 relative à l'organisation judiciaire en matière fiscale (publiée
Belgisch Staatsblad van 27 maart 1999) door B. Claus, wonende te 9880 au Moniteur belge du 27 mars 1999) a été introduit par B. Claus,
Aalter, Lentakkerstraat 6, bus C. demeurant à 9880 Aalter, Lentakkerstraat 6, boîte C.
II. De rechtspleging II. La procédure
Bij beschikking van 27 september 1999 heeft de voorzitter in functie Par ordonnance du 27 septembre 1999, le président en exercice a
de rechters van de zetel aangewezen overeenkomstig de artikelen 58 en désigné les juges du siège conformément aux articles 58 et 59 de la
59 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof. loi spéciale du 6 janvier 1989 sur la Cour d'arbitrage.
De rechters-verslaggevers hebben geoordeeld dat er geen aanleiding was Les juges-rapporteurs ont estimé n'y avoir lieu de faire application
om artikel 71 of 72 van de organieke wet toe te passen. des articles 71 ou 72 de la loi organique.
Van het beroep is kennisgegeven overeenkomstig artikel 76 van de Le recours a été notifié conformément à l'article 76 de la loi
organieke wet bij op 21 oktober 1999 ter post aangetekende brieven. organique, par lettres recommandées à la poste le 21 octobre 1999.
Het bij artikel 74 van de organieke wet voorgeschreven bericht is L'avis prescrit par l'article 74 de la loi organique a été publié au
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 4 november 1999. Moniteur belge du 4 novembre 1999.
De Ministerraad, Wetstraat 16, 1000 Brussel, heeft een memorie Le Conseil des ministres, rue de la Loi 16, 1000 Bruxelles, a
ingediend bij op 6 december 1999 ter post aangetekende brief. introduit un mémoire par lettre recommandée à la poste le 6 décembre
Van die memorie is kennisgegeven overeenkomstig artikel 89 op de 1999. Ce mémoire a été notifié conformément à l'article 89 de la loi
organieke wet bij op 3 februari 2000 ter post aangetekende brief. organique, par lettre recommandée à la poste le 3 février 2000.
De verzoekende partij heeft een memorie van antwoord ingediend bij op La partie requérante a introduit un mémoire en réponse par lettre
29 februari 2000 ter post aangetekende brief. recommandée à la poste le 29 février 2000.
Bij beschikkingen van 29 februari 2000 en 29 juni 2000 heeft het Hof Par ordonnances des 29 février 2000 et 29 juin 2000, la Cour a prorogé
de termijn waarbinnen het arrest moet worden gewezen, verlengd tot
respectievelijk 24 september 2000 en 27 maart 2001. respectivement jusqu'aux 24 septembre 2000 et 27 mars 2001 le délai
dans lequel l'arrêt doit être rendu.
Bij beschikking van 20 september 2000 heeft het Hof de zaak in Par ordonnance du 20 septembre 2000, la Cour a déclaré l'affaire en
gereedheid verklaard en de dag van de terechtzitting bepaald op 25 état et fixé l'audience au 25 octobre 2000.
oktober 2000. Van die beschikking is kennisgegeven aan de partijen en hun advocaten Cette ordonnance a été notifiée aux parties ainsi qu'à leurs avocats,
bij op 21 september 2000 ter post aangetekende brieven. par lettres recommandées à la poste le 21 septembre 2000.
Op de openbare terechtzitting van 25 oktober 2000 : A l'audience publique du 25 octobre 2000 :
- zijn verschenen : - ont comparu :
- B. Claus, uit eigen naam; - B. Claus, en son nom propre;
- Mr. T. Delahaye, advocaat bij het Hof van Cassatie, voor de - Me T. Delahaye, avocat à la Cour de cassation, pour le Conseil des
Ministerraad; ministres;
- hebben de rechters-verslaggevers M. Bossuyt en P. Martens verslag - les juges-rapporteurs M. Bossuyt et P. Martens ont fait rapport;
uitgebracht; - zijn de voornoemde partijen gehoord; - les parties précitées ont été entendues;
- is de zaak in beraad genomen. - l'affaire a été mise en délibéré.
De rechtspleging is gevoerd overeenkomstig de artikelen 62 en volgende La procédure s'est déroulée conformément aux articles 62 et suivants
van de organieke wet, die betrekking hebben op het gebruik van de talen voor het Hof. de la loi organique, relatifs à l'emploi des langues devant la Cour.
III. In rechte III. En droit
- A - - A -
Over de ontvankelijkheid van het beroep tot vernietiging Sur la recevabilité du recours en annulation
A.1.1. De verzoeker vordert de vernietiging van de artikelen 4, 8 en 9 A.1.1. Le requérant demande l'annulation des articles 4, 8 et 9
(partim) van de wet van 23 maart 1999 betreffende de rechterlijke inrichting in fiscale zaken. Tot staving van zijn belang voert de verzoeker aan dat hij als belastingplichtige meerdere malen bezwaar en beroep heeft aangetekend tegen de aanslag in de personenbelasting, waarvan sommige zaken nog hangende zijn. Elke belastingplichtige heeft volgens hem belang om de vernietiging te vorderen van de regels die de belasting beheersen waaraan hij is onderworpen. Daarnaast beroept de verzoeker zich op zijn hoedanigheid van raadgever in fiscale en sociale zaken om de vermelde bepalingen te betwisten. Hij meent dat de nieuwe procedure in meerdere opzichten zijn taak bemoeilijkt en verzwaart. A.1.2. Volgens de Ministerraad is het niet voldoende dat de verzoeker aantoont dat de aangevochten bepalingen op hem van toepassing zijn, doch dient hij ook aan te tonen dat hem een rechtstreeks en persoonlijk nadeel wordt berokkend, wat niet op overtuigende wijze is gebeurd. Over het eerste middel A.2.1. Op grond van het eerste middel vordert de verzoeker de (partim) de la loi du 23 mars 1999 relative à l'organisation judiciaire en matière fiscale. Pour justifier son intérêt au recours, il allègue avoir, en tant que contribuable, introduit à plusieurs reprises des réclamations et recours contre la cotisation à l'impôt des personnes physiques, dont certains sont encore pendants. Selon lui, tout contribuable a intérêt à demander l'annulation des règles régissant l'impôt auquel il est soumis. Le requérant invoque en outre sa qualité de consultant en matières fiscales et sociales, pour contester les dispositions précitées. Il estime que la nouvelle procédure complique et alourdit sa tâche à maints égards. A.1.2. Selon le Conseil des ministres, il ne suffit pas que le requérant démontre que les dispositions attaquées lui sont applicables, mais il doit prouver en outre qu'il subit un préjudice direct et personnel, ce qui n'a pas été fait de manière convaincante. Concernant le premier moyen A.2.1. Sur la base du premier moyen, le requérant demande l'annulation
vernietiging van artikel 4 van de wet van 23 maart 1999 betreffende de rechterlijke inrichting van fiscale zaken, waarbij geschillen betreffende de toepassing van een belastingwet voortaan aan de rechtbank van eerste aanleg worden toevertrouwd. De verzoeker voert aan dat het niet ondenkbaar is dat die rechtbanken niet bij machte zullen zijn binnen een redelijke termijn uitspraak te doen over de voorgelegde geschillen, wat tot een gerechtelijke achterstand zal leiden. Hij bekritiseert ook het feit dat de algemene bevoegdheid van de vrederechter wordt beperkt doordat de rechtbanken van eerste aanleg voortaan exclusief bevoegd zijn. Die rechtbank kennis laten nemen van een politiek recht als het ius tributi is volgens de verzoeker ook onevenredig met de door de wetgever nagestreefde doelstellingen. Ten slotte meent de verzoeker dat voor de de l'article 4 de la loi du 23 mars 1999 relative à l'organisation judiciaire en matière fiscale, qui confie désormais au tribunal de première instance le règlement des contestations relatives à l'application d'une loi d'impôt. Le requérant fait valoir qu'il n'est pas inimaginable que ces tribunaux ne soient pas en mesure de statuer dans un délai raisonnable sur les litiges dont ils seront saisis, ce qui conduira à la formation d'un arriéré judiciaire. Il critique également la limitation apportée à la compétence générale du juge de paix, les tribunaux de première instance étant désormais seuls compétents. Il estime en outre que permettre à ce tribunal de connaître d'un droit politique tel que le jus tributi n'est pas proportionné aux objectifs poursuivis par le
modale burger het recht op toegang tot de rechter wordt beperkt wegens législateur. Il considère enfin que le citoyen moyen voit limité son
de hoge erelonen die aan de advocaten zullen moeten worden betaald. Om droit d'accès au juge, à cause des honoraires élevés qu'il devra payer
al die redenen zijn volgens hem de artikelen 10 en 11 van de Grondwet geschonden. A.2.2. De Ministerraad voert in hoofdzaak aan dat de kritiek van de verzoeker berust op een niet bewezen, persoonlijke appreciatie van de verzoeker - waarvoor het Hof niet bevoegd is - aangaande de opportuniteit en de toepassing van de bestreden bepaling, waarbij de verzoeker nergens aantoont dat hij daardoor persoonlijk zou kunnen worden benadeeld. De Ministerraad wijst erop dat door de overdracht van de fiscale geschillen aan de rechterlijke macht de belastingplichtige de waarborg heeft dat zijn geschil wordt behandeld door een onpartijdige en onafhankelijke rechter en hij ziet geen enkele reden waarom de toewijzing aan de rechtbank van eerste aanleg niet verantwoord zou zijn. Evenmin kan staande worden gehouden dat de betwiste bevoegdheidstoewijzing een discriminatie zou uitmaken nu alle personen die zich in dezelfde toestand bevinden, namelijk een geschil hebben betreffende de toepassing van een belastingwet, volgens dezelfde regels worden berecht. Over het tweede middel aux avocats. C'est pour toutes ces raisons que les articles 10 et 11 de la Constitution sont, selon lui, violés. A.2.2. Le Conseil des ministres fait valoir principalement que la critique formulée par le requérant repose sur une appréciation personnelle non prouvée qui ne relève pas de la compétence de la Cour - concernant l'opportunité et l'application de la disposition attaquée, le requérant ne démontrant jamais qu'il pourrait être personnellement lésé par la mesure en cause. Le Conseil des ministres souligne que le transfert des contestations fiscales au pouvoir judiciaire donne au contribuable la garantie que sa cause sera examinée par un juge impartial et indépendant et il ne voit aucun motif pour lequel l'attribution de ces causes au tribunal de première instance ne serait pas justifiée. Il ne saurait davantage être soutenu que l'attribution de compétence contestée constitue une discrimination, puisque toutes les personnes qui se trouvent dans la même situation, à savoir de contester l'application d'une loi d'impôt, sont soumises aux mêmes règles. Concernant le second moyen
A.3.1. In het tweede middel voert de verzoeker aan dat artikel 8 van A.3.1. Dans le second moyen, le requérant soutient que l'article 8 de
de wet van 23 maart 1999 strijdig is met de artikelen 10 en 11 van de la loi du 23 mars 1999 viole les articles 10 et 11 de la Constitution.
Grondwet. Door dat artikel wordt in artikel 728 van het Gerechtelijk Cet article insère dans l'article 728 du Code judiciaire un paragraphe
Wetboek een paragraaf 2bis ingevoegd, waarbij het op uitdrukkelijk 2bis permettant d'entendre à l'audience, à la demande expresse du
verzoek van de belastingplichtige of zijn advocaat mogelijk is de door de belastingplichtige gekozen accountant, beroepsboekhouder of bedrijfsrevisor te horen in een toelichting ter terechtzitting, omtrent feiten of rechtsvragen die verband houden met de toepassing van het boekhoudrecht. Die bepaling is discriminerend indien zij tot gevolg heeft dat een beoefenaar van het fiscaal recht die heeft meegewerkt aan het opstellen van de belastingaangifte of die de belastingplichtige heeft bijgestaan in de administratieve bezwaarprocedure niet door de rechter zou kunnen worden gehoord bij geschillen betreffende de toepassing van een belastingwet. De verzoeker heeft ook kritiek op het onzorgvuldige gebruik van de benamingen accountant en beroepsboekhouder, die een maand later door contribuable ou de son avocat, les explications de l'expert-comptable, du comptable professionnel ou du réviseur d'entreprise choisi par le contribuable, concernant des éléments de fait ou des questions relatives à l'application du droit comptable. Cette disposition est discriminatoire si elle a pour effet qu'un praticien du droit fiscal qui a contribué à l'établissement de la déclaration fiscale ou qui a assisté le contribuable dans la procédure de réclamation administrative ne pourrait être entendu par le juge dans les contestations relatives à l'application d'une loi d'impôt. Le requérant critique également l'emploi incohérent des appellations d'expert-comptable et de comptable professionnel, qui ont été
de wet van 22 april 1999 betreffende de boekhoudkundige en fiscale modifiées un mois plus tard par la loi du 22 avril 1999 relative aux
beroepen zijn gewijzigd. Door in verschillende wetten verschillende professions comptables et fiscales. En insérant, dans diverses lois,
definities in te voeren voor éénzelfde begrip wordt de rechtszekerheid des définitions différentes pour une même notion, le législateur a
van de rechtsonderhorigen geschaad en het recht op behoorlijke porté atteinte à la sécurité juridique des justiciables et violé le
regelgeving geschonden. De verzoeker weidt in het middel ook uitvoerig droit à une bonne réglementation. Dans l'exposé du moyen, le requérant
uit over de al dan niet fiscale aftrekbaarheid van de kosten die een s'étend longuement aussi sur la déductibilité fiscale des frais
particulier maakt om zich te laten bijstaan bij het invullen van zijn exposés par un particulier en vue de se faire assister pour remplir sa
aangifte in de personenbelasting. déclaration à l'impôt des personnes physiques.
A.3.2. Volgens de Ministerraad heeft zowel de kritiek van de verzoeker A.3.2. Selon le Conseil des ministres, les critiques formulées par le
requérant, tant celles qui portent sur la déductibilité ou la
betreffende de aftrekbaarheid of niet-aftrekbaarheid van de vermelde non-déductibilité des frais précités que celles qui visent l'emploi
kosten als die betreffende het gebruik van de benaming accountant en des titres d'expert-comptable et de comptable professionnel, sont
beroepsboekhouder, niets uit te staan met de bestreden wet van 23 étrangères à la loi attaquée du 23 mars 1999. Le Conseil des ministres estime dès lors ne pas devoir répondre à ces
maart 1999. critiques.
De Ministerraad meent dan ook dat hij op die kritiek niet moet ingaan. Le Conseil des ministres considère par ailleurs que le requérant ne
Verder meent de Ministerraad dat de verzoeker niet preciseert in précise pas en quoi et à l'égard de qui la mesure législative serait
hoeverre en ten opzichte van wie de wettelijke maatregel discriminatoire. Dans la définition qu'elle donne de
discriminerend zou zijn. De bestreden bepaling sluit overigens in de l'expert-comptable, du comptable professionnel et du réviseur
definitie die zij geeft aan accountant, beroepsboekhouder of d'entreprise, la disposition attaquée n'exclut d'ailleurs nullement la
bedrijfsrevisor geenszins de door de verzoeker bedoelde categorie van possibilité, pour la catégorie de personnes visée par le requérant,
personen uit van de mogelijkheid om door de rechter te worden gehoord, d'être entendu par le juge, ce que font également apparaître les
wat ook blijkt uit de parlementaire voorbereiding. Het middel is dan travaux préparatoires. Le moyen n'est donc pas fondé.
ook niet gegrond.
Over het derde middel Quant au troisième moyen
A.4.1. In het derde middel vordert de verzoeker de vernietiging van A.4.1. Dans le troisième moyen, le requérant demande l'annulation de
artikel 9, zevende lid, van de wet van 23 maart 1999. Door die l'article 9, alinéa 7, de la loi du 23 mars 1999. Cette disposition
bepaling wordt een artikel 1385undecies ingevoegd in het Gerechtelijk insère dans le Code judiciaire un article 1385undecies dont l'alinéa 1er
Wetboek, waarbij in het eerste lid wordt bepaald dat tegen de
belastingadministratie de vordering inzake geschillen bedoeld in énonce que, contre l'administration fiscale, et dans les contestations
artikel 569, eerste lid, 32°, slechts wordt toegelaten indien de eiser visées à l'article 569, alinéa 1er, 32°, l'action n'est admise que si
voorafgaandelijk het door of krachtens de wet georganiseerd le demandeur a introduit préalablement le recours administratif
administratief beroep heeft ingesteld. organisé par ou en vertu de la loi.
De bezwaren van de verzoeker betreffen het feit dat Les griefs du requérant concernent le fait que les contribuables qui
belastingplichtigen die de mogelijkheid hebben om vóór de ont la possibilité de discuter de leur dette fiscale avant
belastingaanslag te discussiëren over hun belastingschuld bevoordeeld l'imposition sont avantagés par rapport aux contribuables qui doivent
worden ten opzichte van belastingplichtigen die moeten discussiëren na discuter après l'enrôlement, étant donné que, dans le premier cas, la
de inkohiering, nu in het eerste geval de bewijslast bij de fiscus charge de la preuve incombe au fisc alors que, dans le second cas, les
ligt, terwijl in het tweede geval de belastingplichtige de bewijslast contribuables doivent supporter cette charge.
draagt. A.4.2. De Ministerraad meent dat in zoverre een verschil in A.4.2. Le Conseil des ministres estime que, pour autant que l'on soit
behandeling zou voorliggen dat een ongeoorloofde discriminatie zou en présence d'une différence de traitement constituant une
uitmaken, deze niets uit te staan heeft met de bestreden norm. discrimination illicite, celle-ci est étrangère à la norme attaquée.
- B - - B -
B.1. De Ministerraad betwist de ontvankelijkheid van het beroep tot B.1. Le Conseil des ministres conteste la recevabilité du recours en
vernietiging, doordat de verzoeker niet zou doen blijken van het annulation parce que le requérant ne justifierait pas de l'intérêt
vereiste belang. requis.
B.2. Het beroep strekt tot de vernietiging van verschillende B.2. Le recours tend à l'annulation de diverses dispositions de la loi
bepalingen van de wet van 23 maart 1999 betreffende de rechterlijke du 23 mars 1999 relative à l'organisation judiciaire en matière
inrichting in fiscale zaken. Het bestreden artikel 4 draagt de fiscale. L'article 4 attaqué confie désormais le règlement des
geschillenregeling betreffende de toepassing van de belastingwet contestations relatives à l'application de la loi d'impôt aux
voortaan op aan de rechtbanken van eerste aanleg. Door artikel 8 wordt tribunaux de première instance. L'article 8 insère dans l'article 728
in artikel 728 van het Gerechtelijk Wetboek een paragraaf 2bis du Code judiciaire un paragraphe 2bis qui permet d'entendre, à la
ingevoegd, waarbij het op uitdrukkelijk verzoek van de
belastingplichtige of zijn advocaat mogelijk wordt gemaakt dat de door demande expresse du contribuable ou de son avocat, les explications à
de belastingplichtige gekozen accountant, beroepsboekhouder of l'audience de l'expert-comptable, du comptable professionnel ou du
bedrijfsrevisor wordt gehoord in een toelichting ter terechtzitting.
Door artikel 9 wordt een artikel 1385undecies ingevoegd in het réviseur d'entreprise choisi par le contribuable. L'article 9 insère
Gerechtelijk Wetboek, waarbij wordt bepaald dat de vordering gericht dans le Code judiciaire un article 1385undecies qui dispose que
tegen de belastingadministratie inzake geschillen bedoeld in artikel l'action dirigée contre l'administration fiscale dans les
569, eerste lid, 32°, slechts wordt toegelaten indien de eiser contestations visées à l'article 569, alinéa 1er, 32°, n'est admise
voorafgaandelijk het door of krachtens de wet georganiseerd que si le demandeur a introduit préalablement le recours administratif
administratief beroep heeft ingesteld. organisé par ou en vertu de la loi.
B.3. Tot staving van zijn belang voert de verzoeker aan dat hij als B.3. Pour justifier son intérêt au recours, le requérant allègue
belastingplichtige meermaals bezwaar heeft aangetekend tegen de avoir, en tant que contribuable, introduit à plusieurs reprises des
aanslag in de personenbelasting, waarvan sommige nog in behandeling réclamations contre la cotisation à l'impôt des personnes physiques,
zijn. Daarnaast beroept hij zich op zijn hoedanigheid van raadgever in dont certaines sont encore pendantes. Il invoque en outre sa qualité
fiscale zaken om de vermelde bepalingen te betwisten. de conseiller en matière fiscale pour contester les dispositions
B.4. De enkele hoedanigheid van belastingplichtige of raadgever in précitées. B.4. La simple qualité de contribuable ou de conseiller en matière
fiscale zaken volstaat niet om het belang op te leveren voor het fiscale ne suffit pas pour justifier de l'intérêt permettant
instellen van een beroep tot vernietiging tegen bepalingen betreffende d'introduire un recours en annulation contre des dispositions
de rechterlijke inrichting in fiscale zaken. Vereist is dat de relatives à l'organisation judiciaire en matière fiscale. Il faut que
verzoeker aantoont dat hij persoonlijk door de bestreden bepalingen le requérant démontre que les dispositions attaquées sont susceptibles
rechtstreeks en ongunstig zou kunnen worden geraakt. Het nadeel dat de verzoeker beweert te lijden doordat het toevertrouwen van de fiscale geschillenbeslechting aan de rechtbanken van eerste aanleg zou leiden tot een gerechtelijke achterstand en tot hogere proceskosten voor de belastingplichtigen steunt op het persoonlijk aanvoelen van de verzoeker en wordt met geen concrete argumenten gestaafd. De verzoeker toont evenmin aan hoe de bepaling van artikel 9 hem persoonlijk zou kunnen benadelen. Ten slotte is de kritiek van de verzoeker betreffende de fiscale aftrekbaarheid van kosten gemaakt om zich te laten bijstaan bij het invullen van de aangifte in de personenbelasting en betreffende de bewijslast in geschillen met de fiscus vreemd aan de bestreden bepalingen. De verzoeker doet derhalve niet blijken van het vereiste belang. Het beroep tot vernietiging is niet ontvankelijk. Om die redenen, het Hof verklaart het beroep niet ontvankelijk. Aldus uitgesproken in het Nederlands, het Frans en het Duits, overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof, op de openbare terechtzitting van 16 november 2000. De griffier, L. Potoms. De voorzitter, de l'affecter directement et défavorablement. Le préjudice que le requérant prétend subir parce que l'attribution des litiges fiscaux aux tribunaux de première instance générerait un arriéré judiciaire et des frais de justice plus élevés pour les contribuables est fondé sur le sentiment personnel du requérant et n'est appuyé par aucun argument concret. Le requérant ne démontre pas non plus en quoi la disposition del'article 9 pourrait le léser personnellement. Enfin, les critiques formulées par le requérant concernant la déductibilité fiscale des frais exposés en vue de se faire assister lors de l'établissement de la déclaration à l'impôt des personnes physiques et concernant la charge de la preuve dans les litiges avec le fisc sont étrangères aux dispositions attaquées. Le requérant ne justifie donc pas de l'intérêt requis. Le recours en annulation est irrecevable. Par ces motifs, la Cour déclare le recours irrecevable. Ainsi prononcé en langue néerlandaise, en langue française et en langue allemande, conformément à l'article 65 de la loi spéciale du 6 janvier 1989 sur la Cour d'arbitrage, à l'audience publique du 16 novembre 2000. Le greffier, L. Potoms. Le président,
G. De Baets. G. De Baets.
^