Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Regering Van De Duitstalige Gemeenschap van 16 januari 2006
gepubliceerd op 22 maart 2006

Besluit van de Regering tot wijziging van het besluit van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap van 19 december 2002 houdende inrichting van een pedagogische opleiding ter voorbereiding op het verkrijgen van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid

bron
ministerie van de duitstalige gemeenschap
numac
2006033023
pub.
22/03/2006
prom.
16/01/2006
ELI
eli/besluit/2006/01/16/2006033023/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

16 JANUARI 2006. - Besluit van de Regering tot wijziging van het besluit van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap van 19 december 2002 houdende inrichting van een pedagogische opleiding ter voorbereiding op het verkrijgen van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid


De Regering van de Duitstalige Gemeenschap, Gelet op de wet van 22 juni 1964 betreffende het statuut van de personeelsleden van het Rijksonderwijs, gewijzigd bij de wetten van 31 maart 1967, 6 juli 1970, 27 juli 1971, 11 juli 1973, 19 december 1974, 18 februari 1977, 2 juli 1981, bij de koninklijke besluiten nr. 296 van 31 maart 1984 en nr. 456 van 10 september 1986, en bij het decreet van 17 februari 1992;

Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming der instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap, zoals gewijzigd;

Gelet op het koninklijk besluit van 22 maart 1969 tot vaststelling van het statuut van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel, van het paramedisch personeel der inrichtingen voor kleuter-, lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaal onderwijs van de Staat alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen en van de leden van de inspectiedienst die belast is met het toezicht op deze inrichtingen, zoals gewijzigd;

Gelet op het koninklijk besluit van 22 april 1969 betreffende de bekwaamheidsbewijzen vereist van de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel, van het opvoedend hulppersoneel en van het paramedisch personeel der rijksinrichtingen voor kleuter-, lager, technisch, kunst- en normaalonderwijs, alsmede der internaten die van deze inrichtingen afhangen, inzonderheid op artikel 16;

Gelet op het besluit van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap van 19 december 2002 houdende inrichting van een pedagogische opleiding ter voorbereiding op het verkrijgen van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid;

Gelet op het protocol nr. S 8/2005 + OSUW 7/2005 van 16 november 2005 houdende de conclusies van de onderhandelingen gevoerd in een gemeenschappelijke zitting van het Sectorcomité XIX van de Duitstalige Gemeenschap en van het subcomité bepaald in artikel 17, § 2, 3°, van het koninklijk besluit van 28 september 1984;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 28 oktober 2005;

Gelet op het akkoord van de Minister-President, bevoegd inzake Begroting, gegeven op 30 mei 2005;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat de dringende noodzakelijkheid wordt gerechtvaardigd door het feit dat vanaf 2005 in een vergoeding wordt voorzien voor de pedagogische begeleiding van de personen die aan een pedagogische opleiding ter voorbereiding op het verkrijgen van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid deelnemen of van de personen die zich op de buiten schoolverband georganiseerde examens voor het verkrijgen van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid voorbereiden, dat deze vergoeding semestrieel moet worden uitbetaald en dat voorliggend besluit derhalve zonder uitstel moet worden aangenomen;

Op de voordracht van de Minister bevoegd inzake Onderwijs;

Na beraadslaging, Besluit : Wijziging

Artikel 1.Artikel 3 van het besluit van 19 december 2002 wordt vervangen door de volgende bepaling : «

Artikel 3.Stages vinden tijdens de pedagogische opleiding plaats. » Vergoeding

Art. 2.Na artikel 4 van het bovenvermeld besluit wordt een artikel 4bis ingevoegd, luidend als volgt : «

Artikel 4bis.De leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel van de gewone en buitengewone secundaire scholen van het door de Duitstalige Gemeenschap georganiseerd of gesubsidieerd onderwijs en van de Autonome Hogeschool verkrijgen een vergoeding voor de pedagogische begeleiding van de stagiairs. De stagiairs zijn de personen die aan een pedagogische opleiding ter voorbereiding op het verkrijgen van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid deelnemen en de personen die zich op de buiten schoolverband georganiseerde examens voor het verkrijgen van het getuigschrift van pedagogische bekwaamheid voorbereiden.

De vergoeding bedoeld in het eerste lid bedraagt euro 2,00 per uur stage. Dit bedrag wordt elk jaar in september naargelang het indexcijfer van de consumptieprijzen verhoogd of verminderd.

Inwerkingtreding

Art. 3.Dit besluit heeft uitwerking op 1 januari 2005.

Uitvoering

Art. 4.De Minister van Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek is belast met de uitvoering van dit besluit.

Eupen, 16 januari 2006.

Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap : De Minister-President, Minister van Lokale Besturen, K.-H. LAMBERTZ De Minister van Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek, O. PAASCH

^