gepubliceerd op 03 april 2025
Besluit 2024/2313 van het College van de Franse Gemeenschapscommissie tot bepaling van het huishoudelijk reglement van de evaluatiecommissie voor mandaathouders van Bruxelles Formation
27 MAART 2025. - Besluit 2024/2313 van het College van de Franse Gemeenschapscommissie tot bepaling van het huishoudelijk reglement van de evaluatiecommissie voor mandaathouders van Bruxelles Formation
Het College van de Franse Gemeenschapscommissie, Gelet op artikel 22, eerste lid, van het decreet van de Franse Gemeenschapscommissie van 17 maart 1994 houdende de oprichting van het Institut bruxellois francophone pour la Formation professionnelle, vervangen door het
decreet van 19 juli 2012Relevante gevonden documenten
type
decreet
prom.
19/07/2012
pub.
10/09/2012
numac
2012031602
bron
franse gemeenschapscommissie van het brussels hoofdstedelijk gewest
Decreet tot wijziging van het decreet van de Franse Gemeenschapscommissie van 17 maart 1994 houdende oprichting van het Franstalig Brussels Instituut voor Beroepsopleiding
sluiten;
Gelet op het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 4 mei 2016 tot bepaling van het huishoudelijk reglement van de evaluatiecommissie voor mandaathouders van het Institut bruxellois francophone pour la Formation professionnelle (IBFFP - Bruxelles Formation);
Gelet op het evaluatieverslag van de impact van dit besluit op de respectievelijke situatie van vrouwen en mannen van 9 december 2024;
Gelet op het evaluatieverslag van de impact van dit besluit op de situatie van personen met een handicap van 9 december 2024;
Gelet op het advies van het beheerscomité van het Institut bruxellois francophone pour la Formation professionnelle, gegeven op 24 januari 2025;
Gelet op protocol nr. 2025/02 van 23 januari 2025 van het Comité van Sector XV van de Franse Gemeenschapscommissie;
Gelet op het advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit, gegeven op 23 januari 2025;
Gelet op advies 77.451/2 van de Raad van State, gegeven op 27 februari 2025, in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op voordracht van het lid van het College belast met Beroepsopleiding;
Na beraadslaging, Besluit : HUISHOUDELIJK REGLEMENT VAN DE EVALUATIECOMMISSIE
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder: 1° Het statuut: het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 20 oktober 1994 houdende het statuut van de ambtenaren van de instellingen van openbaar nut van de Franse Gemeenschapscommissie;2° Het secretariaat: het secretariaat van de evaluatiecommissie.
Art. 2.§ 1. De termijnen bestaan uit alle weekdagen, met inbegrip van zaterdagen, zondagen, wettelijke feestdagen en de in artikel 149, § 1, van het statuut bedoelde dagen. Onder werkdag wordt verstaan: elke andere dag dan zaterdag, zondag, wettelijke feestdagen en de in artikel 149, § 1, van het statuut bedoelde dagen. § 2. Elke termijn wordt berekend, tenzij anders bepaald: - Wanneer de kennisgeving gebeurt per ter post aangetekende brief: vanaf de derde werkdag volgend op de verzending van het document, en deze dag is inbegrepen in de termijn; - Wanneer de kennisgeving gebeurt per elektronisch aangetekende zending: vanaf de dag volgend op de verzending van de elektronisch aangetekende post.
HOOFDSTUK II. - Evaluatiecommissie en secretariaat
Art. 3.De evaluatiecommissie opgericht bij artikel 16/4 van het statuut heeft haar zetel in de kantoren van Bruxelles Formation, Stallestraat 67 in 1180 Brussel.
Art. 4.Het secretariaat verzekert zich ervan dat elke kandidaat aangeduid om deel uit te maken van de evaluatiecommissie de deontologische code die bij dit huishoudelijke reglement gevoegd is, ondertekent.
Het secretariaat ziet toe op het goede verloop van de evaluatieprocedures en van hun gelijkvormigheid met de geldende besluiten. Het secretariaat kan niet verantwoordelijk worden gehouden voor de eventuele beslissingen van de evaluatiecommissie die in tegenspraak zijn met de geldende besluiten.
HOOFDSTUK III. - Aanhangigmaking bij de evaluatiecommissie en oproeping van de leden
Art. 5.Na afloop van elke evaluatieperiode nodigt het secretariaat de mandaathouder per elektronisch aangetekende zending naar zijn professioneel e-mailadres of per ter post aangetekende brief uit om binnen een termijn van vijftien dagen het in artikel 86/2, § 1, van het statuut bedoelde activiteitenverslag over te maken.
Vóór het evaluatiegesprek moeten de leden van de evaluatiecommissie beschikken over het activiteitenverslag, dat de mandaathouder per e-mail naar het secretariaat moet sturen.
Het secretariaat bevestigt de ontvangst van het verslag en stuurt het uiterlijk tien dagen voor het evaluatiegesprek per e-mail naar de leden van de evaluatiecommissie.
Art. 6.Het secretariaat wint het advies of de adviezen in zoals bepaald in artikel 86/2, § 2, van het statuut. Het secretariaat zendt dat advies/die adviezen ten minste vijf dagen voor het evaluatiegesprek toe aan de leden van de commissie.
Art. 7.Het secretariaat roept de evaluatiecommissie per e-mail bijeen. De oproepingsmail wordt ten minste tien dagen voor de zitting naar de effectieve leden gestuurd.
Art. 8.In geval van verhindering brengen de effectieve leden de voorzitter en het secretariaat hiervan op de hoogte zodat voor vervanging kan worden gezorgd en dat, behoudens uitzonderlijke en met redenen omklede omstandigheden, ten minste vijf dagen voor de zitting.
Art. 9.De documentatie betreffende elk dossier wordt als bijlage toegevoegd aan de oproepingsmail van de leden.
HOOFDSTUK IV. - Oproeping van de mandaathouders
Art. 10.Namens de voorzitter van de evaluatiecommissie nodigt het secretariaat de mandaathouders per elektronisch aangetekende zending of per ter post aangetekende brief uit voor een evaluatiegesprek, en dat ten minste tien dagen voor het gesprek.
Het voegt bij de oproeping het advies/de adviezen overeenkomstig artikel 86/2, § 3, van het statuut, evenals de lijst van de leden van de evaluatiecommissie.
HOOFDSTUK V. - Zitting en stemming
Art. 11.De voorzitter opent en sluit de zittingen. Hij leidt de debatten en waakt over het goede verloop van de zitting.
Hij gaat na of de samenstelling van de evaluatiecommissie in overeenstemming is met artikel 16/4 van het statuut.
Geen lid van de evaluatiecommissie mag zetelen wanneer het zich in een situatie bevindt die ertoe kan leiden dat zijn onpartijdigheid in gevaar wordt gebracht.
In geval van verhindering van de voorzitter worden zijn taken uitgeoefend door het oudste lid.
Art. 12.§ 1. De evaluatiecommissie beraadslaagt geldig, indien ten minste de meerderheid van de leden aanwezig is. § 2. De leden van de evaluatiecommissie zijn gebonden door geheimhouding omtrent de debatten en beraadslagingen en omtrent alle informatie waarvan zij kennis zouden hebben gekregen bij het uitvoeren van hun opdracht.
Elk lid van de evaluatiecommissie, met inbegrip van de voorzitter, is stemgerechtigd.
De evaluatievermelding wordt met meerderheid van stemmen toegekend. In geval van ex aequo heeft de voorzitter of diegene die zijn functie uitoefent, een doorslaggevende stem.
De secretarissen stellen de notulen van de zitting op, houden een aanwezigheidslijst bij en laten de deontologische code als bijlage bij dit besluit ondertekenen door de leden van de evaluatiecommissie vóór de eerste zitting.
Het door de evaluatiecommissie goedgekeurde evaluatieverslag wordt in de notulen opgenomen en ondertekend door de voorzitter en de secretarissen.
Het evaluatieverslag wordt per elektronisch aangetekende zending of per ter post aangetekende brief naar de geëvalueerde mandaathouder gestuurd en doorgestuurd naar de dienst "Gestion des rémunérations & des carrières" van Bruxelles Formation, via het lid van het College belast met Beroepsopleiding.
Art. 13.In geval van overmacht kan het evaluatiegesprek van de mandaathouders op digitale wijze worden georganiseerd. Daartoe ontvangt de mandaathouder bij zijn oproeping een link naar het onlineplatform.
Het maken van opnames van de test in elektronische vorm is verboden.
HOOFDSTUK VI. - Opheffingsbepaling
Art. 14.Het besluit van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 4 mei 2016 dat het huishoudelijk reglement van de evaluatiecommissie voor mandaathouders van het Institut bruxellois francophone pour la Formation professionnelle (IBFFP - Bruxelles Formation) vaststelt, wordt opgeheven.
HOOFDSTUK VII. - Eindbepalingen
Art. 15.Dit besluit treedt in werking op 1 mei 2025.
Art. 16.Het lid van het College bevoegd voor Beroepsopleiding wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 27 maart 2025.
De voorzitster van het College, B. TRACHTE Het lid van het College belast met Beroepsopleiding, B. CLERFAYT
BIJLAGE. Deontologische code De leden van de commissie verbinden zich ertoe: * te handelen met loyaliteit, integriteit, onafhankelijkheid, toewijding en bekwaamheid; * zowel de procedure als de kandidaten te respecteren, alsook de waarden van Bruxelles Formation; * hun onafhankelijkheid en onpartijdigheid te garanderen die onlosmakelijk verbonden zijn aan het uitoefenen van hun functie; * voor aanvang van de procedure elke omstandigheid bekend te maken die van invloed kan zijn op hun onafhankelijkheid of die aanleiding kan geven tot een belangenconflict, of die als zodanig kan worden beschouwd; * vertrouwelijk te handelen, in het bijzonder wat betreft de geheimhouding van ontvangen informatie en beraadslagingen; * objectiviteit en neutraliteit te tonen, en een eerlijke behandeling te garanderen voor alle kandidaten, zonder enige vorm van partijdigheid of discriminatie.
Indien een lid van de evaluatiecommissie afwijkt van deze deontologische code, kan hij/zij niet langer zetelen.
Datum: Naam en handtekening: Gezien om gevoegd te worden bij besluit 2024/2313 van het College van de Franse Gemeenschapscommissie tot bepaling van het huishoudelijk reglement van de evaluatiecommissie voor mandaathouders van Bruxelles Formation.
Namens het College : De voorzitster van het College, B. TRACHTE Het lid van het College belast met Beroepsopleiding, B. CLERFAYT