Etaamb.openjustice.be
Beschikking van 22 oktober 2026
gepubliceerd op 27 oktober 2026

Ordonnantie tot wijziging van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening teneinde de samenstelling en de werking van de Gewestelijke Ontwikkelingscommissie te wijzigen en bepaalde werkingsregels van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen te wijzigen

bron
brussels hoofdstedelijk gewest
numac
2026007778
pub.
27/10/2026
prom.
22/10/2026
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

22 OKTOBER 2026. - Ordonnantie tot wijziging van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO) teneinde de samenstelling en de werking van de Gewestelijke Ontwikkelingscommissie te wijzigen en bepaalde werkingsregels van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen te wijzigen


Het Brusselse Hoofdstedelijke Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen, hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.

Art. 2.In artikel 7 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO), gewijzigd bij de ordonnanties van 14 mei 2009 en van 30 november 2017, wordt tussen het tweede lid en het derde lid een lid ingevoegd, luidende: "Wanneer tussen 1 juli en 15 augustus om het advies van de Gewestelijke Commissie wordt verzocht, wordt de termijn waarbinnen dat advies moet worden uitgebracht, met 30 dagen verlengd.".

Art. 3.In hetzelfde artikel wordt het vierde lid vervangen als volgt: "Op verzoek van de Regering formuleert de Gewestelijke Commissie opmerkingen of doet zij suggesties met betrekking tot de uitvoering of aanpassing van de plannen en verordeningen waarvan zij kennis dient te nemen, en met betrekking tot elk ander ontwerp dat van belang is voor het gewest. Zij kan tevens op eigen initiatief opmerkingen formuleren of suggesties doen over dezelfde aangelegenheden.".

Art. 4.In het vroegere achtste lid, dat het negende lid wordt, van hetzelfde artikel worden de zinnen "De Gewestelijke Commissie is samengesteld uit achttien onafhankelijke experts, benoemd door de Regering, waarvan negen voorgedragen door het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. Deze experts vertegenwoordigen de volgende disciplines: stedenbouw en ruimtelijke ordening, mobiliteit, milieu, huisvesting, cultureel en natuurlijk erfgoed, economie en architectuur." vervangen door de zinnen "De Gewestelijke Commissie is samengesteld uit ten minste tien onafhankelijke experten, benoemd door de Regering. Zij is tevens samengesteld uit vertegenwoordigers van verschillende adviescommissies, waarvan de lijst door de Regering wordt bepaald.".

Art. 5.In hetzelfde lid worden de woorden "de regels voor de aanwijzing van deze experts en voor" vervangen door de woorden "de samenstelling en".

Art. 6.In hetzelfde artikel worden tussen het vroegere achtste lid, dat het negende lid wordt, en het vroegere negende lid twee leden ingevoegd, luidende: "De vertegenwoordigers van de adviescommissies worden door hun commissie gemachtigd om het standpunt van hun respectieve commissie binnen de Gewestelijke Commissie te verdedigen.

Zodra de Gewestelijke Commissie is aangesteld, deelt de Regering de samenstelling ervan mee aan het Brussels Hoofdstedelijk Parlement.".

Art. 7.In hetzelfde artikel wordt het vroegere tiende lid vervangen als volgt: "De onafhankelijke experten, die lid zijn van de Gewestelijke Commissie, worden benoemd voor een mandaat van zes jaar, dat kan worden verlengd volgens de door de Regering bepaalde regels. Ze worden om de drie jaar voor de helft vernieuwd.

De Regering kan beslissen om het mandaat van uittredende leden te vernieuwen zonder tot een nieuwe oproep tot kandidaatstelling over te gaan.

Ingeval de aanwijzing van de leden van de nieuwe commissie niet kan plaatsvinden, blijft de bestaande Gewestelijke Commissie in het zadel totdat de leden van de nieuwe Commissie effectief zijn aangewezen.".

Art. 8.Hetzelfde artikel wordt aangevuld met een lid, luidende: "Als overgangsmaatregel mogen de leden van de uittredende Gewestelijke Commissie de opdrachten van de Gewestelijke Commissie blijven uitoefenen totdat de aanwijzing van de nieuwe leden door de Regering in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt.".

Art. 9.In artikel 8 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de ordonnantie van 30 november 2017, wordt de bepaling onder 2° opgeheven.

Art. 10.Artikel 11, § 2, 4., van hetzelfde Wetboek wordt aangevuld met een lid, luidende: "Ingeval de aanwijzing van de nieuwe leden van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen niet kan plaatsvinden, blijft de bestaande Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen behouden totdat de nieuwe leden van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen effectief zijn aangewezen.".

Art. 11.In artikel 11, § 2, 5., eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de ordonnantie van 15 maart 2013 en gewijzigd bij de ordonnantie van 30 november 2017, worden de woorden "een advies uitbrengen indien minstens de meerderheid van de aangewezen leden aanwezig is. Zij kan slechts" ingevoegd tussen de woorden "kan slechts" en de woorden "een eensluidend advies".

Art. 12.In artikel 11, § 2, 5., tweede lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de ordonnantie van 15 maart 2013, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het woord "eensluidend" wordt opgeheven;2° de woorden "wordt het advies geacht positief te zijn" worden vervangen door de woorden "wordt de procedure voortgezet zonder dat enig advies dat na die termijn werd overgemaakt in aanmerking moet worden genomen".

Art. 13.Artikel 11, § 2, van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de ordonnantie van 30 november 2017, wordt aangevuld met de bepaling onder 6., luidende: "6. Wanneer tussen 1 juli en 15 augustus om het advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen wordt verzocht, wordt de termijn waarbinnen dat advies moet worden uitgebracht, met 30 dagen verlengd.".

Art. 14.In artikel 18 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de ordonnantie van 30 november 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 4, eerste lid, worden de woorden "in het tweede" vervangen door de woorden "in het tweede en derde"; 2° in paragraaf 4, tweede lid, wordt het eerste streepje vervangen als volgt: "- zestig dagen voor het Brussels Instituut voor Milieubeheer;". 3° in paragraaf 4 wordt tussen het tweede en het derde lid een lid ingevoegd, luidende: "De volgende door de Regering gevraagde adviezen worden aan de Gewestelijke Commissie overgemaakt binnen de hierna volgende termijn, bij ontstentenis waarvan de procedure wordt voortgezet zonder dat enig advies dat na die termijn werd overgemaakt in aanmerking moet worden genomen door de Gewestelijke Commissie: - zestig dagen voor de Economische en Sociale Raad, de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, de Raad voor het Leefmilieu, de Gewestelijke Mobiliteits-commissie, de Adviesraad voor Huisvesting en de andere adviesorganen waarvan de Regering de lijst kan opstellen;"; 4° in paragraaf 5, eerste lid, wordt de eerste zin vervangen als volgt: "Samen met het milieueffectenrapport, of, desgevallend, de in artikel 20, § 4, bedoelde documenten, adviezen en beslissingen, alsook met de adviezen, bezwaren en opmerkingen, wordt het ontwerpplan door de Regering voorgelegd aan de Gewestelijke Commissie, die een globaal advies uitbrengt waarin rekening wordt gehouden met de adviezen die haar in toepassing van paragraaf 4, derde lid, zijn toegezonden.".

Art. 15.In artikel 25 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de ordonnantie van 30 november 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 4, eerste lid, worden de woorden "in het tweede" vervangen door de woorden "in het tweede en derde"; 2° in paragraaf 4, tweede lid, wordt het eerste streepje vervangen als volgt: "- zestig dagen voor het Brussels Instituut voor Milieubeheer;"; 3° in paragraaf 4 wordt tussen het tweede en het derde lid een lid ingevoegd, luidende: "De volgende door de Regering gevraagde adviezen worden aan de Gewestelijke Commissie overgemaakt binnen de hierna volgende termijn, bij ontstentenis waarvan de procedure wordt voortgezet zonder dat enig advies dat na die termijn werd overgemaakt in aanmerking moet worden genomen door de Gewestelijke Commissie: - zestig dagen voor de Economische en Sociale Raad, de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, de Raad voor het Leefmilieu, de Gewestelijke Mobiliteits-commissie, de Adviesraad voor Huisvesting en de andere adviesorganen waarvan de Regering de lijst kan opstellen.; 4° in paragraaf 5 wordt de eerste zin vervangen als volgt: "Samen met het milieueffectenrapport, of, desgevallend, de in artikel 27, § 3, bedoelde documenten, adviezen en beslissingen, alsook met de bezwaren, opmerkingen en adviezen, wordt het ontwerpplan door de Regering voorgelegd aan de Gewestelijke Commissie, die een globaal advies uitbrengt waarin rekening wordt gehouden met de adviezen die haar in toepassing van paragraaf 4, derde lid, zijn toegezonden.".

Art. 16.In artikel 30/5, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de ordonnantie van 30 november 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "in het tweede" vervangen door de woorden "in het tweede en derde"; 2° in paragraaf 1, tweede lid, wordt het eerste streepje vervangen door wat volgt: "- dertig dagen voor het Brussels Instituut voor Milieubeheer;"; 3° in paragraaf 1 wordt een lid tussen het tweede en het derde lid ingevoegd, luidende: "De volgende door de Regering gevraagde adviezen worden aan de Gewestelijke Commissie overgemaakt binnen de hierna volgende termijn, bij ontstentenis waarvan de procedure wordt voortgezet zonder dat enig advies dat na die termijn werd overgemaakt in aanmerking moet worden genomen door de Gewestelijke Commissie: - zestig dagen voor de Economische en Sociale Raad, de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, de Raad voor het Leefmilieu, de Gewestelijke Mobiliteits-commissie, de Adviesraad voor Huisvesting en de andere adviesorganen waarvan de Regering de lijst kan opstellen; - die termijnen worden met dertig dagen verlengd indien zij tijdens de zomervakantie beginnen te lopen."; 4° in paragraaf 2 wordt het eerste lid vervangen als volgt: "Samen met het milieueffectenrapport, of, desgevallend, de in artikel 27, § 3, bedoelde documenten, adviezen en beslissingen, alsook met de bezwaren, opmerkingen en adviezen, wordt het ontwerpplan door de Regering voorgelegd aan de Gewestelijke Commissie, die een globaal advies uitbrengt waarin rekening wordt gehouden met de adviezen die haar in toepassing van paragraaf 1, derde lid, zijn toegezonden.".

Art. 17.In artikel 35 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de ordonnantie van 30 november 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: " § 1.Het college van burgemeester en schepenen legt, gelijktijdig met het onderzoek, het ontwerpplan en het milieueffectenrapport of, desgevallend, de in artikel 37, § 4, bedoelde documenten, adviezen en beslissingen voor advies voor aan het bestuur belast met territoriale planning en aan het Brussels Instituut voor Milieubeheer. De adviezen worden overgemaakt binnen dertig dagen na de aanvraag van het college van burgemeester en schepenen. Bij ontstentenis wordt de procedure voortgezet zonder dat enig advies dat na die termijn werd overgemaakt in aanmerking moet worden genomen.

Het college van burgemeester en schepenen legt, gelijktijdig met het onderzoek, het ontwerpplan en het milieueffectenrapport of, desgevallend, de in artikel 37, § 4, bedoelde documenten, adviezen en beslissingen voor advies voor aan de Economische en Sociale Raad, de Koninklijke Commissie van Monumenten en Landschappen, de Raad voor het Leefmilieu, de Gewestelijke Mobiliteitscommissie, de Adviesraad voor Huisvesting en aan de besturen en de instanties waarvan de Regering de lijst bepaalt. De adviezen worden overgemaakt aan de Gewestelijke Commissie binnen dertig dagen na de aanvraag van het college van burgemeester en schepenen. Bij ontstentenis wordt de procedure voortgezet zonder dat enig advies dat na die termijn werd overgemaakt in aanmerking moet worden genomen door de Gewestelijke Commissie."; 2° paragraaf 2, eerste lid, wordt aangevuld met de woorden ", die een globaal advies uitbrengt waarin rekening wordt gehouden met de adviezen die haar in toepassing van paragraaf 1, tweede lid, zijn toegezonden".

Art. 18.In artikel 48, § 3, van hetzelfde Wetboek wordt het tweede lid, ingevoegd bij de ordonnantie van 30 november 2017, aangevuld met de volgende zin: "Die adviezen worden gericht aan de Gewestelijke Ontwikkelingscommissie.".

In artikel 49, vierde lid, van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de ordonnantie van 30 november 2017, wordt de eerste zin aangevuld met de woorden ", die een globaal advies uitbrengt waarin rekening wordt gehouden met de adviezen die haar in toepassing van artikel 48, § 3, tweede lid, zijn toegezonden".

Art. 19.In artikel 89/3 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij de ordonnantie van 30 november 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden "in het tweede" vervangen door de woorden "in het tweede en derde"; 2° in paragraaf 1, tweede lid, wordt het eerste streepje vervangen door wat volgt: "- zestig dagen voor het Brussels Instituut voor Milieubeheer;"; 3° in paragraaf 1 wordt een lid tussen het tweede en het derde lid ingevoegd, luidende: "De volgende door de Regering gevraagde adviezen worden aan de Gewestelijke Commissie overgemaakt binnen de hierna volgende termijn, bij ontstentenis waarvan de procedure wordt voortgezet zonder dat enig advies dat na die termijn werd overgemaakt in aanmerking moet worden genomen door de Gewestelijke Commissie: - zestig dagen voor de Economische en Sociale Raad, de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, de Raad voor het Leefmilieu, de Gewestelijke Mobiliteits-commissie, de Adviesraad voor Huisvesting en de andere adviesorganen waarvan de Regering de lijst kan opstellen."; 4° In paragraaf 2 wordt het eerste lid vervangen als volgt: "De Regering legt het ontwerp van gewestelijke verordening en het milieueffectenrapport, of in voorkomend geval, de documenten, de adviezen en de beslissing bedoeld in artikel 89/2, samen met de adviezen en bezwaren en de opmerkingen bedoeld in paragraaf 1, voor aan de Gewestelijke Commissie, die een globaal advies uitbrengt waarin rekening wordt gehouden met de adviezen die haar in toepassing van paragraaf 1, derde lid, zijn toegezonden.".

Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 22 oktober 2026.

De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Wetenschappelijk Onderzoek, Toerisme, Externe Betrekkingen, Buitenlandse Handel en de Biculturele Aangelegenheden van Gewestelijk Belang, B. DILLIES De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Mobiliteit, Openbare Werken, Verkeersveiligheid en Dierenwelzijn, E. VAN DEN BRANDT De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Sociale Actie en Solidariteit, Plaatselijke Besturen, Gelijke Kansen en Schoolondersteuning, A. LAAOUEJ De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Financiën, Begroting, Ambtenarenzaken, Administratieve Vereenvoudiging en Digitalisering, D. DE SMEDT De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Economie, de Digitale Economie en Werk, L. HUBLET _______ Nota Documenten van het Parlement: Gewone zitting 2025-2026 A-306/1 Voorstel van ordonnantie A-306/2 Advies van de Raad van State Gewone zitting 2026-2027 A-306/3 Amendementen in commissie A-306/4 Verslag A-306/5 Tekst aangenomen door de commissie Integraal verslag: Bespreking en aanneming: vergadering van vrijdag 16 oktober 2026


^