Etaamb.openjustice.be
Bericht
gepubliceerd op 30 november 2005

Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij vonnis nr. 150.100 van 12 oktober 2005 in zake B. Kastrati en S. Kastrati tegen de Belgische Staat, waarvan de expeditie ter griffie van het « Worden de artikelen 10, 11 en 191 van de Grondwet geschonden door toepassing van de verbodsbepali(...)

bron
arbitragehof
numac
2005203217
pub.
30/11/2005
prom.
--
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

ARBITRAGEHOF


Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof Bij vonnis nr. 150.100 van 12 oktober 2005 in zake B. Kastrati en S. Kastrati tegen de Belgische Staat, waarvan de expeditie ter griffie van het Arbitragehof is ingekomen op 19 oktober 2005, heeft de Raad van State de volgende prejudiciële vraag gesteld : « Worden de artikelen 10, 11 en 191 van de Grondwet geschonden door toepassing van de verbodsbepaling opgenomen in artikel 16 van de Wet van 22 december 1999 betreffende de regularisatie van het verblijf van bepaalde categorieën van vreemdelingen verblijvende op het grondgebied van het Rijk, wanneer er na de regularisatieaanvraag een aanvraag strekkende tot het bekomen van een machtiging van verblijf wordt ingediend op grond van nieuwe feiten waarmee in de aanvraag tot regularisatie geen rekening werd gehouden of kon worden gehouden, die zich voordeden buiten de wil van de aanvrager om, na het aflopen van de aanvraag strekkende tot regularisatie en die buitengewone omstandigheden uitmaken zoals vereist door artikel 9, derde lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende [de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen], met name ernstige ziekte ? ».

Die zaak is ingeschreven onder nummer 3791 van de rol van het Hof.

De griffier, L. Potoms.

^