Arrêté royal déterminant les conditions de la gratuité du bénéfice de l'aide juridique de première ligne et de la gratuité partielle ou totale du bénéfice de l'aide juridique de deuxième ligne et de l'assistance judiciaire | Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden van de kosteloosheid van de juridische eerstelijnsbijstand en van de gedeeltelijke of volledige kosteloosheid van de juridische tweedelijnsbijstand en de rechtsbijstand |
---|---|
MINISTERE DE LA JUSTICE | MINISTERIE VAN JUSTITIE |
10 JUILLET 2001. - Arrêté royal déterminant les conditions de la | 10 JULI 2001. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden |
gratuité du bénéfice de l'aide juridique de première ligne et de la | van de kosteloosheid van de juridische eerstelijnsbijstand en van de |
gratuité partielle ou totale du bénéfice de l'aide juridique de | gedeeltelijke of volledige kosteloosheid van de juridische |
deuxième ligne et de l'assistance judiciaire | tweedelijnsbijstand en de rechtsbijstand |
ALBERT II, Roi des Belges, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
A tous, présents et à venir, Salut. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Vu l'article 23 de la Constitution; | Gelet op artikel 23 van de Grondwet; |
Vu le Code judiciaire, notamment les articles 508/5, § 2, alinéa 2, et | Gelet op het Gerechtelijk Wetboek, inzonderheid op de artikelen 508/5, |
508/13, alinéa 2, y insérés par la loi du 23 novembre 1998 relative à | § 2, tweede lid, en 508/13, tweede lid, ingevoegd bij de wet van 23 |
l'aide juridique, l'article 667 et l'article 676, modifié par la même | november 1998 betreffende de juridische bijstand, op artikel 667 en |
loi; | artikel 676, gewijzigd bij dezelfde wet; |
Vu l'article 9 de ladite loi du 23 novembre 1998; | Gelet op artikel 9 van voornoemde wet van 23 november 1998; |
Vu l'avis de l'Inspecteur des Finances, donné le 14 février 2001; | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 14 |
Vu l'urgence motivée par les circonstances suivantes : | februari 2001; Gelet op het verzoek om spoedbehandeling, gemotiveerd door de volgende omstandigheden : |
Considérant que l'accès au droit et à la justice est un droit | Overwegende dat de toegang tot het recht en tot de justitie een |
fondamental et inconditionnel, impératif dans toute société | fundamenteel en onvoorwaardelijk recht is, dat in iedere democratische |
démocratique; | samenleving van dwingende aard is; |
Considérant que l'article 23 de la Constitution garantit le droit à | Overwegende dat in artikel 23 van de Grondwet het recht op juridische |
l'aide juridique; | bijstand wordt gewaarborgd; |
Considérant que l'objectif fondamental des articles 508/5 et 508/13 du | Overwegende dat de fundamentele doelstelling van de artikelen 508/5 en |
Code judiciaire, y insérés par l'article 4 de la loi du 23 novembre | 508/13 van het Gerechtelijk Wetboek, ingevoegd bij artikel 4 van de |
1998, est de réaliser ce prescrit constitutionnel par l'uniformisation | wet van 23 november 1998 tot doel heeft dit grondwettelijk voorschrift |
des conditions d'accès des plus démunis à la justice et par | te verwezenlijken door de uniformisering van de voorwaarden van |
l'amélioration de la qualité et de l'organisation de l'aide juridique | toegang tot de justitie voor de minstbedeelden en door de verbetering |
de première et de deuxième ligne; | van de kwaliteit en van de organisatie van de juridische eerste- en |
tweedelijnsbijstand; | |
Considérant que ces dispositions donnent au Roi le pouvoir de | Overwegende dat deze bepalingen de Koning machtigen om de personen die |
déterminer les personnes pouvant bénéficier de la gratuité de l'aide | kunnen genieten van de kosteloosheid van de juridische |
juridique de première ligne, et de la gratuité partielle ou totale de | eerstelijnsbijstand en van de gedeeltelijke of volledige kosteloosheid |
l'aide juridique de deuxième ligne, ainsi que les pièces | van de juridische tweedelijnsbijstand, alsmede de over te leggen |
justificatives à présenter; | bewijsstukken vast te stellen; |
Considérant que l'arrêté royal du 20 décembre 1999 déterminant les | Overwegende dat het koninklijk besluit van 20 december 1999 tot |
conditions de la gratuité du bénéfice de l'aide juridique de première | vaststelling van de voorwaarden van de kosteloosheid van de juridische |
ligne et de la gratuité partielle ou totale du bénéfice de l'aide juridique de deuxième ligne et de l'assistance judiciaire n'a pas été soumis à l'avis du Conseil d'Etat, en raison de l'urgence; Considérant qu'un recours en annulation a été introduit devant laSection d'administration du Conseil d'Etat; Considérant que cette situation crée une insécurité juridique extrêmement dommageable pour tous les intervenants; Considérant qu'il est impératif que l'information et la défense juridiques des personnes économiquement faibles ne subissent aucune perturbation; Considérant qu'il convient, en outre, de clarifier certaines dispositions et de corriger rapidement des imperfections révélées par la pratique, afin que l'égalité devant la loi des citoyens en état d'indigence soit parfaitement assurée; Considérant qu'il est indispensable et urgent que le présent arrêté soit pris et publié dans les plus brefs délais, afin qu'il soit pleinement satisfait aux prescrits constitutionnel et légaux; | eerstelijnsbijstand en van de gedeeltelijke of volledige kosteloosheid van de juridische tweedelijnsbijstand en de rechtsbijstand niet voor advies werd voorgelegd aan de Raad van State, om reden van dringende noodzakelijkheid; Overwegende dat een beroep tot nietigverklaring werd ingesteld voor deAfdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat deze situatie een rechtsonzekerheid doet ontstaan die uiterst schadelijk is voor alle betrokkenen; Overwegende dat het geboden is dat de juridische informatie en verdediging van de economisch zwakke personen niet verstoord wordt; Overwegende dat het bovendien past een aantal bepalingen te verduidelijken en spoedig onvolmaaktheden weg te werken die uit de praktijk zijn gebleken, teneinde de gelijkheid voor de wet van de burgers die niet over voldoende middelen beschikken, volledig te waarborgen; Overwegende dat het onontbeerlijk en dringend is dat dit besluit wordt genomen en bekendgemaakt binnen de kortste termijnen zodat volledig wordt voldaan aan het grondwettelijk voorschrift en de wettelijke voorschriften; |
Vu l'avis du Conseil d'Etat, donné le 28 février 2001, en application | Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 28 februari |
de l'article 84, alinéa 1er, 2°, des lois coordonnées sur le Conseil | 2001, in toepassing van artikel 84, eerste lid, 2°, van de |
d'Etat; Sur la proposition de Notre Ministre de la Justice et de l'avis de Nos | gecoördineerde wetten op de Raad van State; |
Ministres qui en ont délibéré en Conseil, | Op de voordracht van Onze Minister van Justitie en op het advies van |
Onze in Raad vergaderde Ministers, | |
Nous avons arrêté et arrêtons : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
CHAPITRE Ier. - De la gratuité de l'aide juridique de première ligne | HOOFDSTUK I. - Kosteloosheid van de juridische eerstelijnsbijstand |
Article 1er.§ 1er. Au sens de l'article 508/5, § 2, alinéa 1er, du |
Artikel 1.§ 1. In de zin van artikel 508/5, § 2, eerste lid, van het |
Code judiciaire, y inséré par la loi du 23 novembre 1998 relative à | Gerechtelijk Wetboek, ingevoegd bij de wet van 23 november 1998, wordt |
l'aide juridique, on entend par personne dont les ressources sont | verstaan onder een persoon wiens inkomsten onvoldoende zijn en onder |
insuffisantes et par pièces justificatives : | bewijsstukken : |
1° la personne isolée qui justifie, par tout document à apprécier par | 1° de alleenstaande persoon die bewijst, door een document te |
l'avocat, que son revenu mensuel net est inférieur à 25 000 FB; | beoordelen door de advocaat, dat zijn maandelijks netto-inkomen lager is dan 25 000 BEF; |
2° la personne isolée avec personne à charge, ou la personne | 2° de alleenstaande persoon met iemand ten laste of de samenwonende |
met zijn echtgenoot of met iedere andere persoon met wie hij een | |
cohabitant avec un conjoint ou avec toute autre personne avec laquelle | feitelijk gezin vormt, indien hij bewijst aan de hand van om het even |
elle forme un ménage, si elle justifie par tout document à apprécier | welke document, door de advocaat te beoordelen, dat het gemiddeld |
par l'avocat que le revenu mensuel net du ménage est inférieur au | maandelijks netto-inkomen van het gezin lager is dan het niet voor |
montant du minimum insaisissable visé à l'article 1409, § 1er, alinéa | beslag vatbare minimumbedrag bepaald in artikel 1409, § 1, derde lid |
3 et § 1erbis, alinéa 3, du Code judiciaire; | en § 1bis, derde lid, van het Gerechtelijk Wetboek; |
3° le bénéficiaire de sommes payées à titre de minimum de moyens | 3° degene die bedragen geniet uitgekeerd als bestaansminimum of als |
d'existence ou à titre d'aide sociale, sur présentation de la décision | maatschappelijke bijstand, op voorlegging van de geldige beslissing |
valide du centre public d'aide sociale concerné; | van het betrokken openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn; |
4° le bénéficiaire de sommes payées à titre de revenu garanti aux | 4° degene die bedragen geniet uitgekeerd als gewaarborgd inkomen voor |
personnes âgées, sur présentation de l'attestation annuelle de | bejaarden, op voorlegging van het jaarlijks attest van de Rijksdienst |
l'Office national des Pensions; | voor Pensioenen; |
5° le bénéficiaire d'allocations de remplacement de revenus aux | 5° degene die een vervangingsinkomen voor gehandicapten zonder |
handicapés auquel il n'est pas accordé d'allocation d'intégration, sur | integratievergoeding geniet, op voorlegging van de beslissing van de |
présentation de la décision du ministre qui a la sécurité sociale dans | minister tot wiens bevoegdheid de sociale zekerheid behoort of van de |
ses attributions ou du fonctionnaire délégué par lui; | door hem afgevaardigde ambtenaar; |
6° la personne qui a à sa charge un enfant bénéficiant de prestations | 6° de persoon die een kind ten laste heeft dat gewaarborgde |
familiales garanties, sur présentation de l'attestation de l'Office | kinderbijslag geniet, op voorlegging van het attest van de Rijksdienst |
national d'Allocations familiales pour Travailleurs salariés; | voor Kinderbijslag voor Werknemers; |
7° le locataire social qui, dans les Régions flamande et de | 7° de huurder van een sociale woning die in het Vlaams Gewest en het |
Bruxelles-Capitale paie un loyer égal à la moitié du loyer de base ou, | Brussels Hoofdstedelijk Gewest een huur betaalt die overeenkomt met de |
qui en Région wallonne, paie un loyer minimum, sur présentation de la | helft van de basishuurprijs of die in het Waals Gewest een minimumhuur |
dernière fiche de calcul du loyer; | betaalt, op voorlegging van de laatste huurberekeningsfiche; |
8° le mineur, sur présentation de la carte d'identité; | 8° de minderjarige, op voorlegging van zijn identiteitskaart; |
9° l'étranger, pour l'introduction d'une demande de régularisation de | 9° de vreemdeling, voor wat betreft de indiening van het verzoek tot |
séjour ou d'un recours contre un ordre de quitter le territoire, sur | regularisering van verblijf, of van een beroep tegen een uitwijzing, |
présentation des documents probants; | op voorlegging van bewijsstukken; |
10° le demandeur d'asile ou la personne qui introduit une demande de | 10° de asielaanvrager of de persoon die een aanvraag indient van het |
statut de personne déplacée, sur présentation d'un document probant. | statuut van ontheemde, op voorlegging van een bewijsstuk. |
Pour la détermination du revenu visé au 2°, il est tenu compte d'une | Voor de vaststelling van de in 2° bedoelde inkomsten, wordt rekening |
déduction de 10 % du minimum de moyens d'existence par personne à | gehouden met een aftrek van 10 % van het bestaansminimum per persoon |
charge. | ten laste. |
Pour la détermination du revenu visé aux 1° et 2°, il est tenu compte des charges résultant d'un endettement exceptionnel ainsi que de tout autre moyen d'existence, à l'exclusion des allocations familiales. La cohabitation visée au 2° est le fait pour deux ou plusieurs personnes, de vivre ensemble sous le même toit et de régler principalement en commun les questions ménagères. La personne visée au 2° qui sollicite le bénéfice de l'aide juridique afin de défendre ses intérêts qui l'opposent à son conjoint ou au cohabitant est visée par le 1°. Le montant visé au 1° est adapté chaque année dans la même proportion | Voor de vaststelling van de in 1° en 2° bedoelde inkomsten, wordt eveneens rekening gehouden met de lasten die voortvloeien uit een buitengewone schuldenlast alsook met elk ander bestaansmiddel, doch met uitsluiting van de gezinsbijslagen. Onder de samenwoning bedoeld in het 2° wordt verstaan het feit dat twee of meerdere personen samen onder hetzelfde dak wonen en hoofdzakelijk huishoudelijke aangelegenheden regelen. De persoon bedoeld in 2° die de juridische bijstand vraagt teneinde zijn belangen te verdedigen valt onder toepassing van 1° voor zover die belangen strijdig zijn met deze van zijn echtgenoot of met deze van de persoon met wie hij samenwoont. Het in 1° bedoelde bedrag wordt elk jaar proportioneel in dezelfde |
que le montant visé à l'article 1409, § 1er, alinéa 3 et § 1erbis, | mate aangepast als het in artikel 1409, § 1, derde lid en § 1bis, |
alinéa 3, du Code judiciaire. | derde lid, van het Gerechtelijk Wetboek vermelde bedrag. |
§ 2. La personne en détention, le prévenu visé par la loi sur la | § 2. De gedetineerde, de beklaagde bedoeld in de wet betreffende de |
comparution immédiate ou la personne malade mentale ayant fait l'objet | onmiddellijke verschijning of de geesteszieke die het voorwerp heeft |
d'une mesure prévue par la loi du 26 juin 1990 sur la protection de la | uitgemaakt van een maatregel voorzien in de wet van 26 juni 1990 |
personne des malades mentaux est présumé, sauf preuve contraire, être | betreffende de bescherming van de persoon van de geesteszieke, wordt, |
une personne ne bénéficiant pas de ressources suffisantes. | behoudens tegenbewijs, beschouwd als een persoon wiens inkomsten |
CHAPITRE II. - De la gratuité partielle ou totale de l'aide juridique | onvoldoende zijn. HOOFDSTUK II. - Gedeeltelijke of volledige kosteloosheid van de |
de deuxième ligne et de l'assistance judiciaire | juridische tweedelijnsbijstand en de rechtsbijstand |
Art. 2.§ 1er. Benéficient de la gratuité totale, les personnes |
Art. 2.§ 1. Genieten de volledige kosteloosheid, de hierna vermelde |
énumérées ci-après, respectivement sur la base des pièces justificatives suivantes : | personen, respectievelijk op voorlegging van de volgende bewijsstukken |
1° la personne isolée qui justifie, par tout document à apprécier par | : 1° de alleenstaande persoon die bewijst, door een document te |
le bureau d'aide juridique ou, pour l'assistance judiciaire, selon le | beoordelen door het bureau voor juridische bijstand of, voor de |
cas, par le bureau d'assistance judiciaire ou par le juge, que son | rechtsbijstand, al naargelang het geval, door het bureau voor |
revenu mensuel net est inférieur à 25 000 FB; | rechtsbijstand of door de rechter, dat zijn maandelijks netto-inkomen lager is dan 25 000 BEF; |
2° la personne isolée avec personne à charge, ou la personne | 2° de alleenstaande persoon met iemand ten laste of de samenwonende |
cohabitant avec un conjoint ou avec tout autre personne avec laquelle | met zijn echtgenoot of met iedere andere persoon met wie hij een |
elle forme un ménage, si elle justifie par tout document à apprécier | feitelijk gezin vormt, indien hij bewijst aan de hand van om het even |
par le bureau d'aide juridique ou, pour l'assistance judiciaire, selon | welke document, te beoordelen door het bureau voor juridische bijstand |
le cas, par le bureau d'assistance judiciaire ou par le juge, que le | of, voor de rechtsbijstand, al naargelang het geval, door het bureau |
voor rechtsbijstand of door de rechter, dat het gemiddeld maandelijks | |
revenu mensuel net du ménage est inférieur au montant du minimum | netto-inkomen van het gezin lager is dan het niet voor beslag vatbare |
insaisissable visé à l'article 1409, § 1er, alinéa 3 et § 1erbis, | minimumbedrag bepaald in artikel 1409, § 1, derde lid en § 1bis, derde |
alinéa 3, du Code judiciaire; | lid, van het Gerechtelijk Wetboek; |
3° le bénéficiaire de sommes payées à titre de minimum de moyens | 3° degene die bedragen geniet uitgekeerd als bestaansminimum of als |
d'existence ou à titre d'aide sociale, sur présentation de la décision | maatschappelijke bijstand, op voorlegging van de geldige beslissing |
valide du centre public d'aide sociale concerné; | van het betrokken openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn; |
4° le bénéficiaire de sommes payées à titre de revenu garanti aux | 4° degene die bedragen geniet uitgekeerd als gewaarborgd inkomen voor |
personnes âgées, sur présentation de l'attestation annuelle de | bejaarden, op voorlegging van het jaarlijks attest van de Rijksdienst |
l'Office national des Pensions; | voor Pensioenen; |
5° le bénéficiaire d'allocations de remplacement de revenus aux | 5° degene die een vervangingsinkomen voor gehandicapten zonder |
handicapés auquel il n'est pas accordé d'allocation d'intégration, sur | integratievergoeding geniet, op voorlegging van de beslissing van de |
présentation de la décision du ministre qui a la sécurité sociale dans | minister tot wiens bevoegdheid de sociale zekerheid behoort of van de |
ses attributions ou du fonctionnaire délégué par lui; | door hem afgevaardigde ambtenaar; |
6° la personne qui a à sa charge un enfant bénéficiant de prestations | 6° de persoon die een kind ten laste heeft dat gewaarborgde |
familiales garanties, sur présentation de l'attestation de l'Office | kinderbijslag geniet, op voorlegging van het attest van de Rijksdienst |
national d'Allocations familiales pour Travailleurs salariés; | voor Kinderbijslag voor Werknemers; |
7° le locataire social qui, dans les Régions flamande et de | 7° de huurder van een sociale woning die in het Vlaams Gewest en het |
Bruxelles-Capitale paie un loyer égal à la moitié du loyer de base ou, | Brussels Hoofdstedelijk Gewest een huur betaalt die overeenkomt met de |
qui en Région wallonne, paie un loyer minimum, sur présentation de la | helft van de basishuurprijs of die in het Waals Gewest een minimumhuur |
dernière fiche de calcul du loyer; | betaalt, op voorlegging van de laatste huurberekeningsfiche; |
8° le mineur, sur présentation de la carte d'identité; | 8° de minderjarige, op voorlegging van zijn identiteitskaart; |
9° l'étranger, pour l'introduction d'une demande de régularisation de | 9° de vreemdeling, voor wat betreft de indiening van het verzoek tot |
séjour ou d'un recours contre un ordre de quitter le territoire, sur | regularisering van verblijf, of van een beroep tegen een uitwijzing, |
présentation des documents probants; | op voorlegging van bewijsstukken; |
10° le demandeur d'asile ou la personne qui introduit une demande de | 10° de asielaanvrager of de persoon die een aanvraag indient van het |
statut de personne déplacée, sur présentation d'un document probant. | statuut van ontheemde, op voorlegging van een bewijsstuk. |
Pour la détermination du revenu visé au 2°, il est tenu compte d'une | Voor de vaststelling van de in 2° bedoelde inkomsten, wordt rekening |
déduction de 10 % du minimum de moyens d'existence par personne à | gehouden met een aftrek van 10 % van het bestaansminimum per persoon |
charge. | ten laste. |
Pour la détermination du revenu visé aux 1° et 2°, il est tenu compte des charges résultant d'un endettement exceptionnel ainsi que de tout autre moyen d'existence, à l'exclusion des allocations familiales. La cohabitation visée au 2° est le fait pour deux ou plusieurs personnes, de vivre ensemble sous le même toit et de régler principalement en commun les questions ménagères. La personne visée au 2° qui sollicite le bénéfice de l'aide juridique ou de l'assistance judiciaire afin de défendre ses intérêts qui l'opposent à son conjoint ou au cohabitant est visée par le 1°. Le montant visé au 1° est adapté chaque année dans la même proportion | Voor de vaststelling van de in 1° en 2° bedoelde inkomsten, wordt eveneens rekening gehouden met de lasten die voortvloeien uit een buitengewone schuldenlast alsook met elk ander bestaansmiddel, doch met uitsluiting van de gezinsbijslagen. Onder de samenwoning bedoeld in het 2° wordt verstaan het feit dat twee of meerdere personen samen onder hetzelfde dak wonen en hoofdzakelijk huishoudelijke aangelegenheden regelen. De persoon bedoeld in 2° die de juridische bijstand of rechtsbijstand vraagt teneinde zijn belangen te verdedigen valt onder toepassing van 1° voor zover die belangen strijdig zijn met deze van zijn echtgenoot of met deze van de persoon met wie hij samenwoont. Het in 1° bedoelde bedrag wordt elk jaar proportioneel in dezelfde |
que le montant visé à l'article 1409, § 1er, alinéa 3 et § 1erbis, | mate aangepast als het in artikel 1409, § 1, derde lid en § 1bis, |
alinéa 3, du Code judiciaire. | derde lid, van het Gerechtelijk Wetboek vermelde bedrag. |
§ 2. La personne en détention, le prévenu visé par la loi sur la | § 2. De gedetineerde, de beklaagde bedoeld in de wet betreffende de |
comparution immédiate ou la personne malade mentale ayant fait l'objet | onmiddellijke verschijning of de geesteszieke die het voorwerp heeft |
d'une mesure prévue par la loi du 26 juin 1990 sur la protection de la | uitgemaakt van een maatregel voorzien in de wet van 26 juni 1990 |
personne des malades mentaux est présumé, sauf preuve contraire, être | betreffende de bescherming van de persoon van de geesteszieke, wordt, |
une personne ne bénéficiant pas de ressources suffisantes. | behoudens tegenbewijs, beschouwd als een persoon wiens inkomsten |
onvoldoende zijn. | |
Art. 3.Peut bénéficier de la gratuité partielle : |
Art. 3.Kan gedeeltelijke kosteloosheid genieten : |
1° la personne isolée qui justifie, par tout document à apprécier par | 1° de alleenstaande persoon die bewijst, door een document te |
le bureau d'aide juridique ou, pour l'assistance judiciaire, selon le | beoordelen door het bureau voor juridische bijstand of voor de |
cas, par le bureau d'assistance judiciaire ou par le juge, que son | rechtsbijstand, al naargelang het geval, door het bureau voor |
rechtsbijstand of door de rechter, dat zijn maandelijks netto-inkomen | |
revenu mensuel net se situe entre le montant visé à l'article 2, § 1er, | tussen het bedrag bepaald in artikel 2, § 1, 1°, en het niet voor |
1°, et le montant du minimum insaisissable visé à l'article 1409, § 1er, | beslag vatbare minimumbedrag bedoeld in artikel 1409, § 1, derde lid |
alinéa 3 et § 1erbis, alinéa 3, du Code judiciaire; | en § 1bis, derde lid, van het Gerechtelijk Wetboek ligt; |
2° la personne isolée avec personne à charge, ou la personne | 2° de alleenstaande persoon met iemand ten laste of de samenwonende |
met zijn echtgenoot of met iedere andere persoon met wie hij een | |
cohabitant avec un conjoint ou avec tout autre personne avec laquelle | feitelijk gezin vormt, indien hij bewijst aan de hand van om het even |
elle forme un ménage, si elle justifie par tout document à apprécier | welk document te beoordelen door het bureau voor juridische bijstand |
par le bureau d'aide juridique ou, pour l'assistance judiciaire, selon | of, voor de rechtsbijstand, al naargelang het geval, door het bureau |
le cas, par le bureau d'assistance judiciaire ou par le juge, que le | voor rechtsbijstand of door de rechter, dat het gemiddeld maandelijks |
revenu mensuel net du ménage se situe entre le montant du minimum | netto-inkomen van het gezin tussen het niet voor beslag vatbare |
insaisissable visé à l'article 1409, § 1er, alinéa 3 et § 1erbis, | minimumbedrag bepaald in artikel 1409, § 1, derde lid en § 1bis, derde |
alinéa 3, du Code judiciaire et ce même montant augmenté de 18 %. | lid, van het Gerechtelijk Wetboek en ditzelfde bedrag vermeerderd met 18 % ligt. |
Pour la détermination du revenu visé au 2°, il est tenu compte d'une | Voor de vaststelling van de inkomsten bedoeld in 2°, wordt rekening |
déduction de 10 % du minimum de moyens d'existence par personne à | gehouden met een aftrek van 10 % van het bestaansminimum per persoon |
charge. | ten laste. |
Pour la détermination du revenu visé aux 1° et 2°, il est tenu compte des charges résultant d'un endettement exceptionnel ainsi que de tout autre moyen d'existence, à l'exclusion des allocations familiales. La cohabitation visée au 2° est le fait pour deux ou plusieurs personnes, de vivre ensemble sous le même toit et de régler principalement en commun les questions ménagères. La personne visée au 2° qui sollicite le bénéfice de l'aide juridique ou de l'assistance judiciaire afin de défendre ses intérêts qui l'opposent à son conjoint ou au cohabitant est visée par le 1°. | Voor de vaststelling van de in 1° en 2° bedoelde inkomsten, wordt eveneens rekening gehouden met de lasten die voortvloeien uit een buitengewone schuldenlast alsook met elk ander bestaansmiddel, met uitsluiting van de gezinsbijslagen. Onder de samenwoning bedoeld in het 2° wordt verstaan het feit dat twee of meerdere personen samen onder hetzelfde dak wonen en hoofzakelijk huishoudelijke aangelegenheden regelen. De persoon bedoeld in 2°die de juridische bijstand of rechtsbijstand vraagt teneinde zijn belangen te verdedigen valt onder toepassing van 1° voor zover die belangen strijdig zijn met deze van zijn echtgenoot of met deze van de persoon met wie hij samenwoont. |
CHAPITRE III. - Dispositions finales | HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen |
Art. 4.L'arrêté royal du 20 décembre 1999 déterminant les conditions |
Art. 4.Het koninklijk besluit van 20 december 1999 tot vaststelling |
de la gratuité du bénéfice de l'aide juridique de première ligne et de | van de voorwaarden van de kosteloosheid van de juridische |
la gratuité partielle ou totale du bénéfice de l'aide juridique de | eerstelijnsbijstand en van de gedeeltelijke of volledige kosteloosheid |
deuxième ligne et de l'assistance judiciaire, est abrogé. | van de juridische tweedelijnsbijstand en de rechtsbijstand, wordt |
Art. 5.Entrent en vigueur le 1er septembre 2001 : |
opgeheven. Art. 5.Treden in werking op 1 september 2001 : |
1° les articles 6 et 9 de la loi du 23 novembre 1998 relative à l'aide | 1° de artikelen 6 en 9 van de wet van 23 november 1998 betreffende de |
juridique; | juridische bijstand; |
2° le présent arrêté. | 2° dit besluit. |
Art. 6.Notre Ministre de la Justice est chargé de l'exécution du |
Art. 6.Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit |
présent arrêté. | besluit. |
Donné à Bruxelles, le 10 juillet 2001. | Gegeven te Brussel, 10 juli 2001. |
ALBERT | ALBERT |
Par le Roi : | Van Koningswege : |
Le Ministre de la Justice | De Minister van Justitie, |
M. VERWILGHEN | M. VERWILGHEN |